maandag 13 juni 2011

Indonesië: Uitzicht op de Candi Borobudur

Borobudur(Lotus 1 Guesthouse (01))

Iets later dan gewoonlijk maar toch nog redelijk vroeg stonden we op voor de korte verplaatsing naar het hoogtepunt, voor Lyka tenminste, van deze reis. De Borobudur behoeft geen introductie en staat bekend als één de bezienswaardigheden die je zeker niet mag missen wanneer je op Java bent.
Bij de eerste kop koffie dwaalden mijn gedachten af naar drie jaar geleden toen ik hier met Tettje was. Zoveel zaken gezien en nu weer zoveel nieuwe zaken die we niet hadden bezocht. Het was voor mij de bevestiging dat je nooit alles kan zien en dat je gemakkelijk twee keer terug kan gaan naar dezelfde plaats.
De vorige keer hadden we de Borobudur bezocht tijdens een excursie vanuit Yogyakarta en in plaats van terug te gaan nar de stad waren we verder getrokken. Deze keer zouden we een nachtje, misschien wel twee, in het dorpje “Borobudur” slapen. We liepen al zo ver voor op het schema dat ik plaatsen moest gaan tussenvoegen om niet verveeld te raken.
Nog een kop koffie en de laatste boterham met corned beef als en ontbijt en wij waren klaar om verder te gaan. Het busstation van Ambarawa was tegenover ons hotel maar de meeste bussen namen niet eens de moeite om naar binnen te rijden. Ze stopten gewoon naast de inrit waarna een legertje passagiers die richting Yogyakarta moesten als geiten op een haverkist sprongen. En wij dus ook!
Voor Rp. 6.000 (€ 0,49) per persoon zouden we een stad verder worden afgezet waar we bus naar Borobudur zouden nemen.

Alles liep gesmeerd en ook deze keer was de aansluiting goed. Maar niet zo snel dat ik geen foto’s van enkele zeer mooi versierde bussen kon schieten. De fantasie van de mens kent geen grenzen.

Aangekomen op het kleine busstation van Borobudur werden we meteen overvallen door een leger van touts, becak bestuurders en kerels die een paard en wagen tot hun beschikking hadden. Ik had de afgelopen dagen zoveel gezeten dat ik het heerlijk vond om met mijn rugzak door de hitten en onder een brandende zon te lopen. Lyka dacht daar anders over maar soms moet je jezelf aanpassen. De ijskoude cola smaakte beter door de hitte en waren nu al halverwege.
Dat wil zeggen halverwege de weg naar de tweesprong waar we de keuze moesten maken waar we zouden slapen. Ook hier was er geen enkel wit gezicht te zien! Het is vreemd om te zeggen maar het lijkt dat er in het geheel geen toeristen zijn in Indonesië. En waarom? De angst voor de islam en de rechtszaak tegen Abu Bakar Bashir, de “Bali Bomber”.
Bij aankomst bij het Lotus 1 Guesthouse stond de jongen van de receptie al buiten voordat ik had kunnen besluiten of we hier zouden slapen. Een kamer voor de nacht was niet moeilijk want wij waren de tweede gasten in het guest house. De kamers begonnen bij Rp. 70.000 maar na de goedkope overnachtingen in Ambarawa konden we wel een hete douche gebruiken. Dus na de Rp. 90.000, Rp. 110.000 kwamen we bij de Rp. 160.000 (€ 13,04) uit. Een enorme kamer met twee bedden, een warme douche en een uitzicht op de Candi Borobudur.

Een koopje en het was toch maar voor één nacht. Ik had een beetje medelijden met de jongen want tijdens zijn rondleiding was het wel duidelijk geworden dat het hier niet druk meer was. Onze voetstappen waren duidelijk zichtbaar in het dunne laagje fijne stof dat op de vloer lag. Ruim een half jaartje geleden was de Gunung Merapi uitgebarsten en het gebied rond de Borobudur werd bedekt onder een dikke laag vulkanische as. Na ruim een half jaar kun je dat nog steeds merken.
Nadat we onze rugzakken in de kamer hadden gezet kon ik nog maar aan één ding denken. Eten! Een korte blik op de versleten geplastificeerde menukaart was voldoende. De gewone en bekende Indonesische gerechten in een vrije vertaling waren voorhanden. Om het niet al te ingewikkeld te maken kozen we voor de gewone Nasi Goreng.

En die was niet te versmaden! Het was nog vroeg in de middag en met een zonovergoten dakterras was het tijd voor de tweede was in bijna drie weken. We hebben voldoende kleine zakjes waspoeder ingeslagen om deze vier weken in Indonesië mee door te komen.
Voorwas, een kwartiertje weken, de hoofdwas en twee keer spoelen. Het waswater was waarschijnlijk chemisch afval geworden want het was aardig donker gekleurd. Terwijl Lyka snel een douche nam hing ik de was in de zon om te drogen.

En dan weer op pad om deze middag met een tempelbezoek te vullen. De vorige keer samen met Tettje waren we daar ook niet aan toe gekomen. In de “Candi Mendut” staat, of beter gezegd zit, één van de mooiste Boeddha’s van Indonesië.
De twee en een halve kilometer wandeling ging voor Lyka gemakkelijker dan ik had verwacht. Er werd geen enkele keer geklaagd of gevraagd hoe ver het nog was. Een wandeling door het echte Indonesië zet je altijd voor verrassingen en deze keer was het een zelfgebouwde extra lage scooter.

En daar was de tempel. Zeker niet één van de meest indrukwekkende aan de buitenkant maar na een korte wandeling er om heen zagen we de pareltjes die binnenstonden. De Boeddha zit in een vreemde positie. Niet in de Lotuszit maar met beide benen recht naar beneden alsof hij op een keukenstoel zit.

Nadat we enkele minuten de Boeddha en zijn/haar, de Boeddha is onzijdig, twee beschermers, Lokesvara en Vairapana, hadden bekeken gingen we aan de buitenzijde de reliëfs bekijken. En die zijn altijd bijzonder! Verhalen uit een ver verleden over zaken die echt zijn gebeurd of uit de mythologie komen.

Nu nog dezelfde afstand terug lopen en genieten van een maaltijd en een paar biertjes. De speciale scooter had nu gezelschap gekregen van een prachtige Vespa scooter. Lichtblauw en met het reservewiel voorop. Een schoonheid die elke liefhebber van oude voertuigen zijn hart sneller laat kloppen.

We hadden een enorme trek en ik bestelde maar in het wilde weg. Dat maakt hier toch weinig uit want het eten kost maar een paar Euro voor een complete maaltijd. Gado gado en een Nasi Pecel voor mij en voor Lyka de Mee Goreng. Opnieuw was het overheerlijk en met een koud biertje erbij smaakte het nog beter.

Ik raakte ook nog aan de praat met een Engelsman die ook zijn intrek in het guesthouse had genomen. Adrian kwam net uit Japan, Tokyo, waar hij zijn hele leven had opgegeven en opgezegd in verband met de gevolgen van de tsunami en het ongeluk in Fukushima.
Volgens zijn woorden beseft de wereld niet echt wat daar is gebeurd en wat er verder nog kan gebeuren. Hij was duidelijk aangeslagen en angstig voor zijn eigen gezondheid. En dat is te begrijpen. Na een paar biertjes en een goed gesprek zocht ik mijn bed op waar Lyka al lag te slapen. Morgen om vijf uur op om voor dag en dauw bij de toegangspoort naar de Candi Borobudur te gaan. We willen als eerste naar binnen!
Copyright/Disclaimer