Posts tonen met het label Macau. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Macau. Alle posts tonen

zondag 11 december 2011

Macau: Een symfonie van roggelaars

Macau (Sanva Hotel (205))

Elke ochtend in dit hostel is een nieuw avontuur! Vandaag slapen we uit, althans, we proberen uit te slapen! Als om half acht mijn iPhone het alarm laat afgaan ben ik er snel bij om het weer uit te zetten. Om acht uur doet het kleine machientje nog een poging en opnieuw ben ik er snel bij.
Mijn oordoppen dempen het geluid van bepaalde frequenties maar het rochelen van de Chinezen is zo’n gecompliceerd samengesteld geluid dat het 3M maar niet lukt om fatsoenlijke oordoppen te maken.
‘Er moet een hoog Chinezen gehalte zijn de afgelopen nacht!’
Alsof het om een wedstrijd gaat hoor ik een dozijn mannen en vrouwen hun kelen, zo diep mogelijk als de medische wetenschap het toelaat, te reinigen. Het klinkt als een symfonie van roggelaars
Lyka slaapt rustig door en ik bekijk de foto’s van gisteren nog maar een keer. De koffie staat in mijn babyroze beker op de rand van het nachtkastje. Mijn ogen gaan door de kamer die de afgelopen week ons thuis is geweest. Ik zal deze kamer niet snel vergeten, met haar ongemakken maar ook met haar bijzondere uitstraling.

Wanneer Lyka na tien uur ook haar ogen opent komt alles in een stroomversnelling. Binnen een kwartier zijn we klaar om weer de gouden bogen te bezoeken. De kou van de afgelopen twee dagen heeft er flink ingehakt! Ik heb trek als een paard en bestel twee broodjes voor mezelf en er gaan ook twee zakjes suiker in de koffie. Ik heb meer calorieën nodig om me warm te houden.
In de aangename warmte van het hamburger restaurant, de airconditioning staat op 21 graden, bespreken we wat we verder gaan doen. We hebben nog elf dagen te gaan in deze temperaturen en ik denk aan mijn base layer t-shirts in Holland. De laatste slok lauwe koffie verdwijnt in mijn keel en we gaan op pad naar de Colombia winkel om de hoek.
‘Nood breekt wet!’
‘En een goede investering is nooit weg!’
Binnen een kwartier kopen we voor Lyka het laatste op het gebied van een trekking t-shirt en voor mij hang er een mooi rood ademend regenjack in het rek. We trekken het meteen aan!
De VISA kaart doet de rest en ik denk bij mezelf, ‘Laat de wind maar komen!’
En zo is het ook. Gewapend tegen de kou gaan we tegen half twaalf op pad. Om de minuut kijken we elkaar aan en bevestigen dat het een uitstekend idee was om deze kledingstukken aan te schaffen.

Terwijl we op een bankje in de zon zitten te genieten van een biscuitje met hete thee raak ik in gesprek met een chinees die waarschijnlijk uit Singapore komt. Ik heb het hem niet gevraagd maar hij wijst ons op het “Mandarin House” net om de hoek. Een mooi oud authentiek chinees huis dat bewoond werd door een filosoof in de negentiende eeuw. Nadat ik hem bedankt heb en Lyka de laatste mandarijn heeft verorberd nemen we een kijkje in het oude huis.

Indrukwekkend! Het moet een schitterende en romantische tijd zijn geweest om zo te leven. Geen elektriciteit, radio, tv en auto’s die de omgeving verpesten. De vader van de filosoof had een 2e vrouw en een concubine. Wat dat precies inhoud weet ik ook niet maar het klinkt alsof hij nooit eenzaam was.

We sluipen verder door de smalle straten totdat we bij het Barra komen waar de aankomstplaats van een optocht is ingericht. Luide muziek af en toe overstemd door een overenthousiaste spreker schalt uit enorme luidsprekerboxen. Het is tegen het onverdraagbaar aan!
Grote groepen wandelaars arriveren in uniforme kleding die meestal bestaat uit trainingspakken ik alle kleuren van de regenboog, op de rug de logo’s of teksten van bedrijven of scholen die hun verbindt. Enkele felgekleurde draken of leeuwen begroeten de net aangekomen wandelaars als zij hun taak hebben volbracht.

Achter de aankomst lig een tempel, de oude “A-Ma tempel” ligt aan een bekend plein, de Barra. Twee stromen lichamen vloeien langzaam door elkaar. De bezoekers van de tempel schenken geen aandacht aan de wandelaars en de wandelaars op hun beurt hebben geen oog voor de bezoekers van de tempel.
In het “Mandarin House” was geen Chinese toerist te bekennen maar hier zie tientallen toergidsen met hun gevolg. Sommige vlaggetjes van de toergidsen zijn omgeruild voor kleurige symbolen. Ik zie een rode roos en een goud gekleurde ring op een stok. Groene jade en een halve maan.
Bij proberen zo snel mogelijk de tempel te bereiken om bij het lawaai weg te komen.

De “A-Ma tempel” is er voor de vissers en de zeelui. Natuurlijk is het weer allemaal rood en geel. Wierook en kaarsen, appels en olie, nep geld en andere offeranden. Maar toch blijft het intrigerend en indrukwekkend. De serieusheid waarmee de mystiek rond het geloof/filosofie wordt benaderd.

Twee vrouwen krijgen mij in het vizier en voordat ik het weet sta ik tien minuten met allerlei groepen Chinese huisvrouwen te poseren. Soms krijgen ze ruzie omdat ze alleen met me op de foto willen terwijl de andere bang is dat ik vertrek voordat zij een foto met me hebben. Ik lach ze toe en om eerlijk te zijn streelt het mijn ego om straks in een Chinese wissellijst aan een muur in het communistische land naast “Mao Zhedong” te belanden.
Lyka zit vanaf een afstandje te kijken moet er hard om lachen. Als ze eindelijk klaar zijn loop ik weer naar haar toe.
‘You brother of Brad Pitt?’, vraagt ze lachend.
‘Yes, Arm Pitt!’, roep ze luid en begint nog harder te lachen.
Ik heb beloofd dat dit de laatste tempel zou zijn en nu zit het er op! Tijd om te eten! Maar dat blijkt niet zo gemakkelijk als ik had verwacht. De wandelaars lopen na de finish meteen het dichtstbijzijnde restaurant binnen waar nog plaats is. Restaurant na restaurant zit propvol met de gekleurde trainingspakken.
Wanneer ik vanuit een ooghoek een leeg tafeltje ontdek en de prijzen in de etalage redelijk lijken trek ik Lyka met een ruk aan haar mouw één van die smalle eettentjes binnen. Door het Chinese geroezemoes schuifelen we naar het lege tafeltje.
De serveerster spreekt een paar woorden engels en ze is meer dan blij dat ze die dan ook maar blijft repeteren. Vanaf de plaatjes bestellen we de kip kerrie met rijst en de noedels met varkensvlees. Heel smakelijk, ook omdat het ons van binnen verwarmt.

Na de douche op het heetste moment van de dag, 16 graden Celsius, gaan we weer op pad om een laatste souvenir te kopen. Lyka had nog een sjaal gezien die ze graag zou willen hebben. Ik tel voor de zoveelste keer ons geld omdat ik met de Patacas die we nog hebben uit wil komen.
Het blijkt geen probleem en we lopen recht door al die slingerende straatjes op ons doel af. Mijn meisje is blij en de wandeling langs het water in de zon erg aangenaam. We kunnen terugkijken op een geslaagd verblijf in Macau.

Ondanks eerdere ontkenningen wil mijn meisje nu toch een casino bezoeken en waarom dan niet het “Grand Lisboa” van “Stanly Ho”, de grootvader van de casino business in Macau. Licht en goud, één van de grootste diamanten ter wereld. Russische danseressen en honderden speeltafels. Kerstmis in de hal, een kerstboom en een besneeuwd huis. Ja, die Chinezen hebben de Kitsch voor honderd procent zeker uitgevonden!

Nog een laatste biertje en een laatste maaltijd. Voor ons zit het er nu echt op!

Onder me in de winkelstraat hoor ik de stalen rolgordijnen één voor één naar beneden gaan en dat is voor mij het teken om ook te gaan slapen. Morgen staat de verplaatsing naar Hong Kong op het programma en het begin van een nieuw avontuur in een miljoenenstad.

zaterdag 10 december 2011

Macau: Een snijdende wind

Macau (Sanva Hotel (205))

Het is koud in de kamer als ik wakker wordt. Ik voel eerst aan de tip van mijn neus die ook koud aanvoelt. Als ik recht omhoog kijk naar de dakpannen, die vanuit mijn bed zichtbaar zijn, hoor ik de kamer naast me een Chinees koppel ruzie maken. Of zijn ze gewoon aan het praten? Het verschil is moeilijk te ontdekken. Mijn adem kan ik nog net niet zien maar ik weet zeker dat ik er niet ver vanaf ben. Lyka ligt opgerold als een slapende kat onder haar dekbed en alleen de fleece muts is zichtbaar. Dit is Macau in december!

Het aluminium van mij MacBook voelt ook onaangenaam koud. Ik denk terug aan twee jaar geleden toen ik in Nepal was. Er zijn veel overeenkomsten. Ik haal de schuif van de gammele deur en open de vluchtweg naar het balkon. In de smalle straat lopen mensen dik aangekleed en weggedoken in de kragen van hun jassen. Aan de lucht is geen wolkje te bekennen en ik ben blij dat het een mooie dag wordt.

Voor de vijfde keer op rij het bekende ontbijt bij de gouden bogen. Ik proef het broodje met ei niet eens meer. Langzaam laat ik de brandstof om me te verwarmen naar binnen glijden. Als ik om me heen kijk zie ik enkele bekende gezichten. Of verbeeld ik me alleen maar dat we niet de enigen zijn die hier elke ochtend een goedkoop begin aan de dag maken. Het is onze op één na laatste dag in deze oorspronkelijke Portugese kolonie. Een week is misschien teveel van het goede maar een dag of vier vijf heb je hier toch wel nodig om zo’n beetje alles te zien.
‘Cool cool!’, roept Lyka lachend vanuit haar drie lagen kleding.
Als ik haar vraag of we hier ooit nog een keer naar toe gaan antwoordt ze ontkennend, ‘No, one time is enough!’
Vandaag staat er niet veel op de agenda want we komen nu bij de laatste restjes aan. Een kerkhof, een tempel, een fort en een kapel. Hopelijk afgewisseld met een fatsoenlijke lunch.
Terwijl we op pad gaan naar het oude en grote katholieke kerkhof van de stad is de zon hoog genoeg geklommen om lange stralen verwarmend licht door de smalle straatjes te werpen. Steeds als we zo’n straal bereiken blijven we instinctief enkele momenten staan om ons op te warmen. Genietend van de zon vraag ik me af wat de temperatuur zou zijn. En ook de gevoelstemperatuur, want die zal nog wel heel wat graden lager liggen.
Aan de poort van het kerkhof staan de bekende bedelaars die er niet voor terugdeinzen om intimiderend tegen je aan te botsen. De dikke brillenglazen van de oude vrouw zien er uit alsof ze in geen dertig jaar zijn schoongemaakt. Opgehoopte randen vuil accentueren haar muizenogen terwijl ze een klein plastic bakje in de zijde van mijn ribbenkast drukt.
‘Wegwezen!’, roep ik luid in het Nederlands.
Emotieloos als een humanoïde robot kijkt ze me aan. Ik zie geen leven in haar donkere ogen. Terwijl we door de smeedijzeren poort het kerkhof betreden staan de bedelaars ons nog steeds verbaasd na te kijken.

Als we na ons rondje over de begraafplaats weer aan de poort verschijnen kijken de bedelaars meteen op. Ze nemen niet eens de moeite meer om op te staan. Ze weten dat er bij mij niets valt te halen.
‘Niemand wordt geboren als een bedelaar, maar ze worden bedelaar gemaakt door diegene die geven om hun schuldgevoel weg te nemen!’, is mijn mening.
Dat neemt niet weg dat ik nooit geef, maar het moet wel een speciale gebeurtenis zijn.
Over het weer hoeven we niet te klagen! De zon staat nu hoog genoeg dat we ons steeds vaker kunnen opwarmen. Links, rechts, links, rechts en nog een keer rechts en we staan op een groot plein. Ik probeer op de kaart te vinden waar we zijn maar ik geef al snel op. Want het maakt toch weinig uit, we zijn op een wilde tocht door de koude stad. Dit is een perfect moment om even te rusten. In alle stilte genieten we van de zon terwijl we de omgeving en de oude gebouwen in ons opnemen.

Op mijn GPS zie ik dat het volgende doel de “Kun Lam Tempel” is. Had is gisteren nog afgezworen dat ik nog zo’n ding zou bezoeken? Maar er is weinig anders meer te bezichtigen. De “Kun Lam Tempel Tempel” blijkt interessanter te zijn dan we hadden verwacht. Heerlijke plaatjes van een exotische wereld.

Vlak bij de ferry terminal herinnerde ik me een enorm winkelcentrum. Tijdens mijn laatste bezoek had ik daar mijn leesbril verloren. In dat winkelcentrum zou na alle waarschijnlijkheid ook een foodcourt zijn, en daar zouden we vandaag lunchen.
Zodra we de beschutting van de hoogbouw verlieten en aan de rand van het reservoir kwamen stak er een snijdende wind op die dwars door mijn fleece heen ging. Dit was extreem weer in een tropische bestemming dat ik me niet eens uit Nederland meer kon herinneren. Ik versnelde mijn pas om zo snel mogelijk deze koude zone te verlaten. Lyka klaagde vanuit haar warme windvanger dat ik niet zo snel moest lopen en of ik even mijn fleece muts aan haar beschikbaar wilde stellen. De rest van onze conversatie zal ik jullie onthouden!
Het winkelcentrum was niet te vinden en waarschijnlijk omgevormd tot een hotel/casino want dat waren de enige gebouwen die ik in de omgeving kon ontdekken. Ergens achteraf in een zijstraatje zagen we een goedkoop restaurant. Er waren wat employees van de casino’s aanwezig en het eten op de plaatjes zag er goed uit.

De noedels gaven me weer de benodigde warmte en energie om de koude zone over te steken op weg naar het “Guia Fort en Kapel”. Het was al bijna drie uur en de werkdag liep voor ons ten einde toen we boven aan de heuvel stonden. De witte gebouwen staken scherp af tegen de blauwe lucht.

Bruidsparen liepen af en aan om hier de mooiste dag van hun leven in enen en nullen te verenigen. Met weemoed dacht ik terug aan de 200 ASA kleurenfilm die ik tien jaar geleden nog gebruikte. Kris, mijn Vlaamse reisgenoot, zwoor bij Kodak Elite chroom Diafilm. In mijn gedachte hoorde ik een projector klikken in een verduisterde kamer, net als die oude super 8 films. De tijden veranderen! En gelukkig maar! Er is niets leuker dan je foto’s bekijken op het beeldscherm van je laptop.
Onderaan de heuvel naast de tuinen zagen we op een groot bord wat ik graag had willen weten. Vijftien graden Celsius en zonnig. Wat zou de gevoelstemperatuur zijn geweest?

Onze dag zat er om vijf uur dus op! Lyka voelde zich niet lekker en ook mijn voorhoofdsholte zat nu vast. Onder het dekbed dook ik in mijn iPad om met een kop hete thee in mijn hand een boek te lezen. Lyka sliep als een roosje.
Ik heb de kamer alleen nog verlaten om voor het avondeten twee Big Mac Meals en twee flessen Tsingtao bier te halen. Morgen een rustige dag, lekker uitslapen en als verrassing voor Lyka vier kerken en een laatste tempel.
Copyright/Disclaimer