Posts tonen met het label Filipijnen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Filipijnen. Alle posts tonen

zaterdag 20 juni 2026

Filipijnen: Van overvloed naar basic

Honda TMX 125 Alpha

San Antonio (Mamsi Residence) VIP1), zaterdag 6 juni 2026

Nu de beslissing is genomen om ons mobiel te maken in de Filipijnen kunnen we ons gaan voorbereiden op de aankoop van de eerste motorfiets voor de familie Reverente in San Antonio de Padua. Zoals gewoonlijk wekken de hanen en de honden mij rond kwart over vijf. De rest van de familie slaapt gewoon door!
Dit is een heel andere wereld dan het moderne Korea waar ik in terecht ben gekomen. Het is voor mij persoonlijk geen probleem want reizigers passen zich snel aan en stellen geen al hoge eisen aan hun bed, de eenvoudige maaltijden en hun beleving van de nieuwe omgeving.
Dat eerste, het matras dat ik drieënhalf jaar heb gekocht, blijkt nu ik veertien kilo ben afgevallen nog steeds een winnaar. Het matras lijkt zelfs dikker en steviger geworden. De beleving van de nieuwe omgeving geeft mij nog enige twijfels. Ik voel mij niet echt op mijn plaats in een vissersdorp op het platteland van de Filipijnen. Maar ik heb er ook geen hekel aan om hier in de provincie te zijn met Lyka en mijn schoonmoeder. Zolang ik niet volledig wordt genegeerd en fatsoenlijke maaltijden kan nuttigen.
Dood blad verbranden Na het eenvoudige ontbijt van enkele boterhammen met kaas en spam ontsnap ik aan de drukte van het kleine huisje en ga wandelen. De bekende 2.200 meter over een bijna rechte weg naar de brug over de Ogod rivier genaamd Dawitan.
Zoals gewoonlijk verbranden de gemeentewerkers de afgebroken takken, dorre bladeren en het in de berm klaar gelegde huisvuil van de weinige bewoners, langs de weg. Fijnstof en stikstof zijn hier nog onbekend omdat armoede van de eenvoudige arbeiders belangrijker is dan de lange lijdt onzinnige belastingen op van alles en nog wat om de oneindig uitdijende besturende elite te voeden.
Op mijn vaste stekkie op de rand van de muur in de schaduw van een kokospalm open ik mijn moderne communicator in deze basic wereld. Ik zit hier al meer dan tien jaar op dezelfde plaats om verbinding te kunnen maken met het LTE netwerk van Globe. Niks 5G, hier is het nog gewoon de oude 4G standaard van mobiele telefonie, met twee streepjes als sterkst haalbare signaal.
De aangeboden diensten van Globe en Smart zijn flink uitgekleed om het batterijleven van de eenvoudige mobiele telefoons te sparen. Ik zoek in mijn gedachten naar argumenten om mijn keuze voor een andere motor te rechtvaardigen. Is duurder altijd beter? Ik denk het niet. Er is ook de grote onzekerheid hoe de motor er over een jaar uit zal zien. Wie krijgt de sleutels en wie niet?
Nog twee kilometer naar huis Ik heb nog wat papiergeld, eigenlijk zijn het polymeerbiljetten gemaakt van een dunne flexibele kunststof (polypropeen), in mijn koffer, in mijn portemonnee en mijn broekzak. Ik heb op mijn iPhone gezien dat de boekhouding een positief resultaat geeft en dat wanneer ik vandaag naar Donsol ga om ₱ 50.000 uit de ATM te halen we vanmiddag de motor kunnen gaan kopen.
Wandelend over de verlaten wegen terug naar San Antonio (Sapa) geeft mij een goed gevoel. Motor klinkt zwaar maar eigenlijk gaat het om een eenvoudig voertuig dat we in de jaren zestig en zeventig in Nederland gewoon een brommer noemden. De motor is in afmetingen niet veel groter dan de ons bekende Zündapp of Kreidler 50cc.
Terug in het kleine huisje in het dorp zijn Lyka en ik het er snel over eens. We charteren na de lunch een motortaxi die ons samen, via een omweg door Donsol, naar de motorwinkel in Pilar brengt.
Direct na onze afspraak heb ik er al spijt van. Kan ik die mensen wel vertrouwen? Ik neem straks het totaal van vier maandsalarissen uit de ATM en we rijden door een onbekend landschap achterop een motor. Hoe goed kunnen we die motortaxi chauffeur vertrouwen? Welke zekerheid hebben we dat we niet in een hinderlaag worden gereden? Zie ik overal beren op ons pad?
Lyka voelt dat ik het niet vertrouw en ze weet dat ze mijn wantrouwen snel moet wegnemen omdat anders de aankoop vandaag niet doorgaat.
‘Ik ga kijken of mijn neef vrij is om ons te rijden!’
‘Het is een lange rit met een wachttijd halverwege, en juist die ritten willen de reguliere motortaxi’s niet zo graag, of ze vragen absurde prijzen’, vervolgt ze.
Tien minuten later is ze terug met een motortaxi die een neef is van haar moeder en die het hele gezin begroet als een vriend en een bekende. Enkele minuten later zijn we met z’n drieën onderweg naar Donsol om ₱ 50.000, het maximum per dag, uit de ATM te halen.
Gelukkig ontbreekt het kartonnen bord dat de ATM niet werkt! Met Lyka strak tegen me aan begin ik aan de handelingen om de eerste ₱ 25.000 uit de ATM te halen. De ons bekende vragen verschijnen een voor een op het beeldscherm. Ik beantwoord de vragen en vraag met af waarom de vertrouwde wereld waarin ik ben opgegroeid is verdwenen. We leven in een moderne wereld van wantrouwen en zonder vertrouwen. Zijn de mensen onbetrouwbaarder geworden of is de Orweliaanse overheid het probleem?
Het mechanisme in de ATM begint te ratelen en te trillen. Op het beeldscherm verschijnt de mededeling dat ik eerst mijn VISA-Debit Kaart uit de ATM moet nemen. Enkele seconden later verschijnt het eerste stapeltje bankbiljetten en het bonnetje met de gegevens van de opname.
Ik weet uit ervaring dat de nieuwe plastic bankbiljetten van ₱ 1.000 kunnen dubbelvouwen tijdens de uitgifte. Goed voelen dat de volledige bundel in mijn handen ligt. Lyka neemt het geld en het bonnetje aan en stopt het meteen diep weg in haar kleine zwarte leren handtasje.
Nog voordat ik de handelingen voor de tweede opname heb afgemaakt klinkt er een melding van mijn iPhone in mijn borstzak dat er geld is opgenomen. Nadat ook het tweede bundeltje van ₱ 25.000 in Lyka’s handtasje is verdwenen kijk ik schichtig om ons heen om te bezien of er geen verdachte personen rondhangen. Het is op de Filipijnen net zo onveilig als in Hamasstan wanneer het op geld aankomt.
De chauffeur van de motortaxi heeft ons al die tijd gadegeslagen en goed in de gaten gehouden. Hij wenkt ons dat de kust veilig is en hij klaar is om naar Pilar te gaan. Hij start zijn Rusi motor. Ik voel mijn wantrouwen met elke minuut uit mijn gedachten wegvloeien. In Santa Fé zijn we op bekend terrein en daar verlies ik het laatste greintje wantrouwen.
Op de parkeerplaats voor de Honda Dealer staan de nieuwe, en gebruikte, motoren uitgestald. De verkoopster die ons gisteren heeft geholpen loopt rechtstreeks naar de rood/witte Honda XRM125 MOTARD waar ik gisteren veel interesse voor had. Ze kijkt mij aan en is zichtbaar verbaasd dat ik nee schud. Ik hoef haar op dit moment de reden niet te geven waarom mijn keuze is gewijzigd.
Naast de Honda TMX125 Alpha wijs ik naar het lange zwarte zadel van de motorfiets. Het is een klassiek model dat uiteindelijk ook ruim ₱ 20.000 goedkoper is dan de meer luxere motor. Het belangrijkste verschil is dat dit werkpaard is uitgerust met een koppeling en versnellingen die je met je voet bedient. Niet zo’n automatische grasmaaier waar iedereen op, en met, wil rijden.
Honda TMX 125 Alpha Onze nieuwe motor wordt door de monteur in de werkplaats gereden voor een laatste inspectie en om in gereedheid te worden gebracht om er mee weg te rijden.
Binnen handelen wij het papierwerk af en dat gaat moeilijker dan verwacht. In de Filipijnen krijg je een “Certificaat van Eigendom”. Een A4'tje waarop de gegevens staan van de eigenaar van de motorfiets. Die gegevens worden ingevoerd in het landelijke systeem voor motorvoertuigen van het “The Land Transportation Office”, maar dat systeem lijkt niet helemaal naar behoren te werken.
Wanneer het uiteindelijk allemaal gelukt is krijg ik een mooie rode helm als cadeau en Lyka ontvangt een doorzichtig plastic envelop met alle benodigde papieren. Er volgt voor de tweede keer een opsomming wat er van ons als eigenaar van een nieuwe motorfiets wordt verwacht.

1. We mogen slechts 24 huur na het tijdstempel op het “Certificaat van Eigendom” zonder kentekenplaat rondrijden om thuis te komen.
2. We moeten binnen een redelijke termijn in Legazpi een kentekenplaat gaan aanvragen.
3. Die aanvraag kan pas worden afgewikkeld wanneer we een goedgekeurd en betaald bewijs van verzekering kunnen overleggen.
4. Binnen twee weken kun je dan de kentekenplaat ophalen en laten monteren.

Het is ons helemaal duidelijk! Er zit maar een liter benzine in de tank dus als eerste moeten we naar een benzine station een stukje verder in de straat. Een liter benzine kost in de Filipijnen € 1,10 dus dat zullen de kosten niet zijn. Ik laat maar voor ₱ 300 in de tank gooien. Ik moet eerst maar eens zien wanneer ik naar reserve van de benzinetank moet overschakelen voordat ik weer ga tanken.
Niet veel later rijden Lyka en ik zo vrij als een vogel door het tropische landschap van de Filipijnen. Motorrijden zit mij in het bloed en op een lichte machine als deze wordt het alleen maar gemakkelijker. Er zijn enkele kleine problemen waar ik aan moet wennen. Het versnellingspedaal is niet gemaakt voor maat 45 schoenen. Het is wat te kort en de versnelling gaan allemaal naar beneden. Terugschakelen met de hak is ook weer even wennen.
Lyka vindt het allemaal geweldig en wil met een omweg terugrijden naar San Antonio (Sapa). Waarom eigenlijk niet, ik wil ook kilometers maken om gewend te raken aan onze nieuwe tweewieler. Zelfs Mamsi is trots als een pauw wanneer ik de motor voor de eerste keer naast de veranda parkeer.
’s Middags gaan we ook nog even boodschappen doen in Donsol. Waarom ook niet, er rijden hier meer mensen rond zonder een kentekenplaat! Het gemak van een eigen vervoermiddel is meteen duidelijk. Je hoeft niet meer te wachten, te onderhandelen over de prijs en te betalen voor de rit.
Het nieuws over de nieuwe motor bij Marit Reverente gaat als een lopend vuurtje door het (vissers)dorp, veel familie en vrienden komen de nieuwe motor bekijken.
Party PartyAdobo en Sisig pork Voor Lyka is deze eerste zaterdag in San Antonio (Sapa) een avond uit met haar nichtje en een oude vriendin. We zijn hier om plezier te hebben dus ben ik blij voor haar dat ze uit kan gaan. Filipijns eten en Filipijns bier komen uitgebreid op tafel.
Ik heb daar niets te zoeken. Ik spreek de taal niet, ik drink dat bier haast niet en van het eten kan ik ook niet echt genieten.
Honda TMX 125 Alpha Ik blijf alleen achter in het huisje en geniet van de ijskoude San Miguel Pilsen biertjes op de veranda. Een licht muziekje op de achtergrond en mijn e-book en mijn MacBook voor mij op tafel. De koelte van de avond stroomt langzaam over het hete beton van de straat.
Het is ’s avonds ook veel rustiger dan ik mij kan herinneren. Geen enkele geluidsinstallatie dreunt de zware bas door het slaperige dorp. Ik kijk nog maar eens naar onze laatste aanwinst. Een goede investering voor de toekomst? We gaan het zien.

dinsdag 16 juni 2026

Filipijnen: Het gevecht met de kilo’s

Kip met rijst Philippine Airlines

Manilla (Ninoy Aquino International Airport), woensdag 3 juni 2026

Een verplaatsing, of het nu met de bus, de trein of het vliegtuig is, brengt altijd stress met zich mee. Dat begint al op de avond voor het vertrek met het onvermijdelijke gesprek over de kilo’s. Dan heb ik het natuurlijk niet over ons lichaamsgewicht en de mogelijke diëten maar over de bagage in onze koffers.
Mijn vrouw heeft altijd het idee, hoeveel souvenirs ze ook koopt, dat het gewicht van haar koffer niet toeneemt. Wanneer de verpakking zegt dat er 1000 gram in zit dan kan ik toch aannemen dat de koffer een kilo zwaarder wordt? Helaas gaat dat er bij de andere sekse moeilijk in.
Zoals gewoonlijk heb ik de afgelopen nacht weer eens slecht geslapen. Alle demonen zijn op bezoek geweest. De onbetrouwbare overheid en de slechte buren waren ook weer allemaal nadrukkelijk aanwezig. Zweten, onregelmatige hartslag en hartkloppingen als gevolg.
De wekker van zeven uur heb ik genegeerd en net voordat acht uur het waarschuwingssignaal voor het innemen van mijn medicatie moet afgaan sta ik in het felle zonlicht dat door het open raam tussen de gordijnen in de hotelkamer valt. Het is een vreemd gevoel dat we gisteren bijna de hele dag op bed in de kamer hebben doorgebracht. Ik heb op deze ochtend het gevoel dat ik in een ziekenhuis ben opgenomen. Twee dagen dezelfde muren en gordijnen, zonder enige wisseling van het uitzicht, is me vreemd.
We hebben in totaal nog zeven uur de tijd voordat we de hotelkamer verlaten en op weg gaan naar de Gimhae luchthaven van Busan. Er hangt een onnodige paniek in de lucht en we lopen als kippen zonder kop om elkaar door de kamer heen. Koffers worden in paniek gewogen en bagage verhuisd. Ik kijk het zonder enig begrip aan.
Het is voor mij persoonlijk niet zo ingewikkeld! Gewoon eerst alles in de koffers laden met uitzondering van de kleding die je draagt. Het totaal van de vier koffers, twee grote en twee kleintjes, bij elkaar optellen en dan alles zo goed mogelijk verdelen. Was het maar zo eenvoudig in het hoofd van een vrouw?
Eerst maar een beker koffie, een sandwich en een hard gekookt ei van de GS 25, als ontbijt om deze hele lange dag met voldoende energie te beginnen. We kijken tegen een reistijd van iets meer dan vierentwintig uur aan! Mijn gedachten gaan terug naar de lange reis van Bangkok naar Busan. De reis van Busan naar San Antonio duurt zeker net zo lang. Wat moet, dat moet!
Met het spreadsheet op het beeldscherm voor me maak ik een voorzichtige eerste balans op wat ons verblijf in Korea heeft gekost. De dagelijkse uitgaven, zoals eten, drinken, souvenirs en toiletartikelen komen op ongeveer € 65,- voor ons tweeën per dag. Ik durf te stellen dat dit mij honderd procent meevalt omdat we erg vaak heel lekker en goed hebben gegeten.
De hotels in Korea zijn wat duurder dan we gewend zijn in Azië. Alle dagelijkse kosten inclusief ons verblijf, exclusief vliegtickets, komen op € 105,- voor ons tweeën per dag. Gezien de kwaliteit van ons verblijf en onze volle agenda de afgelopen zevenentwintig dagen valt ook dat reuze mee. Wie wil er niet met z’n tweeën drie weken op vakantie in Zuidoost-Azië voor € 3.500,-?
Inpakken Ons thuis van de afgelopen vier weken, ik ga het missen. Alle belangrijke, en minder belangrijke, zaken hebben hun eigen plekje in deze tijdelijke omgeving gekregen of gevonden. Wanneer je plezier hebt vliegt de tijd en deze vier weken in Busan, of Pusan, zijn omgevlogen. Ik ben er nog niet helemaal uit met mezelf hoe ik straks moet omgaan met ons verblijf in de Filipijnen.
Natuurlijk doe ik het voor Lyka want ze heeft haar moeder drieënhalf jaar niet gezien. Voor mij is het probleem dat ik met beperkte ingrediënten een nieuw culinair universum voor mezelf moet proberen te creëren. De Filipijnse keuken is zeker niet een van de beste keukens in Azië. Hebben jullie ooit van een Filipijns restaurant gehoord?
De reden hiervoor is eenvoudiger dan verwacht. De Arabische en Indiase handelaren die de kust vanaf de Perzische golf afvoeren kwamen niet verder dan de Indonesische archipel. Ook de Hollandse handelaren vonden alles wat ze nodig hadden op de specerijeneilanden.
De Specerijeneilanden, historisch bekend als de Molukken (Indonesië), een eilandengroep in het oosten van Indonesië, gelegen tussen Celebes en Nieuw-Guinea, waren eeuwenlang de enige plek ter wereld waar kostbare specerijen groeiden. Ze waren het epicentrum van de wereldwijde specerijenhandel, wat leidde tot bloedige koloniale oorlogen en monopolievorming door Europeanen.

Een groot deel van plaatselijke bevolking werd in 1621 bij de bezetting van de eilanden onder Jan Pieterszoon Coen door de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) uitgemoord. Ze werd vervangen door slaven uit Madagaskar en Indiërs.
Rond 600 Bandanezen migreerden reeds voor de komst van Coen naar Oost-Seram en de Kei-eilanden, waar tot op heden nog nazaten van hen wonen. De Hollanders beschermden hun positie op Banda tegen concurrenten door het bouwen van versterkingen. Fort Belgica op Banda Neira, een van de forten die er door de VOC werden gebouwd, is het grootste Europese fort in Indonesië.

Mijn schoonfamilie in San Antonio een uitgesproken voorkeur voor de voor hun bekende gerechten. Specerijen worden slechts met mondjesmaat gebruikt. In de laatste twee eeuwen zijn er veel invloeden uit de Chinese keuken aan de Filipijnse keuken toegevoegd.
Een van de nationale gerechten, Adobo, zou een Chinese stoofschotel met varkensvlees kunnen zijn. Het gerecht doet mij altijd denken aan een wat zurige en minder kruidige versie van de Indonesische Babi Kecap. Ik eet wel eens mee met mijn schoonfamilie maar niet elke maaltijd.
De koffers staan klaar Het ritueel van het inpakken en wegen van onze bagage heb ik hierboven al uitgebreid besproken. Om tien voor twee zijn we klaar en de airconditioning houd de temperatuur in de hotelkamer nog steeds op een stabiele zevenentwintig graden. Nu wordt het tijd om naar de vierentwintig graden te schakelen en op te laden voor de rit met de metro naar de Gimhae Luchthaven.
We nemen uitgebreid afscheid van de baliemedewerker van het So Yu Hotel. Hij vindt het jammer dat we vertrekken en hij verteld ons nog maar een keer dat het niet vaak gebeurt dat gasten langer dan een week in het hotel blijven logeren. We voelen ons gewaardeerd en beloven zeker nog een keer terug te komen naar Busan. De veerboot van Japan naar Busan lijkt ons beiden een bijzondere ervaring. Wie weet, het ligt in de handen van de Boeddha.
Lyka trekt de twee kleine koffertjes richting de metro en ik sleur een kleine vijftig kilo in de twee grote koffers achter mij aan. Het is buiten warmer dan ik had verwacht en ik zweet meer dan ik had gehoopt. Roltrappen zijn voor mij geen optie, je wil niet met twee koffers van vijfentwintig kilo per stuk van de roltrap af rollen.
Met de lift zakken we langzaam onder de grond en komen in een nieuwe wereld terecht. Ik heb ₩ 4.200 op beide T-Money kaartjes gelaten en dat moet ruim voldoen zijn voor de ₩ 7.200 die we samen moeten betalen voor de metro en de trein naar de Gimhae luchthaven van Busan.
Lyka attendeert mij erop dat we beter de ingang van het metro treinstel kunnen nemen die is ingericht voor een rolstoel. Dat is een heel goed idee! Dan hebben we ook nog het geluk dat wij al op de juiste plaats op het perron staan waar de deuren verschijnen voor de toegang van een rolstoel.
Wij zijn niet de enige met die gedachte. Koreanen zijn minder gedisciplineerd en beleefd dan Japanners. Ellebogenwerk wordt in Korea nog wel gebruikt hoewel het wel menig wenkbrauw doet optrekken bij passagiers. Een man van een jaar of vijftig gaat precies staan op de plaats die gereserveerd is voor een rolstoel. Het is ook duidelijk aangegeven op de vloer van de trein.
Het wordt nog vreemder wanneer ik de man er op wijs dat er achter mij nog een zitplaats vrij is en of ik misschien de twee grote koffers op de plaats mag zetten waar hij staat. Het is niet mogelijk om verbaal te communiceren dus alles gaat in gebarentaal. Er is geen enkele reactie. Ik kijk in zijn ogen, het licht is aan maar er is niemand thuis. Op zijn marmeren gezicht vertrekt er geen spier en er is geen enkele emotie zichtbaar.
De trein trekt met een schok op en de twee zware koffers komen in beweging. Ik moet alle zeilen bijzetten om de rollende bakken bagage onder controle te krijgen. Een halve minuut later staan de koffers weer naast me en ik denk na over een oude wet uit de mechanica. Bij het optrekken schuift een gewicht in in het voertuig naar achteren. Bij het remmen schuift een gewicht in het voertuig naar voren.
Mijn wraak zal zoet zijn! Ik positioneer de twee koffers op een plaats zodat de trein haar werk kan doen. Nu is het wachten tot de trein remt. Dat kan nooit lang duren omdat de metrostations niet meer dan twee kilometer uit elkaar liggen. Met een schok zet de machinist aan tot het tijdig tot stilstand brengen van de trein. De twee koffers komen in beweging en speel als een begenadigd acteur dat ik de koffers wil stoppen. De man komt klem te zitten tussen de wand en de twee koffers. Ik kijk hem verontschuldigend aan met een voorzichtige cynische glimlach.
De twee oude dames op de stoelen achter mij die het hele bedrijf van mijn toneelspel hebben gevolgd moeten hard lachen. De man voelt dat hij wordt uitgelachen. Zijn eer lijkt gekrengd en hij vertrekt in alle stilte naar een andere wagon. Ik zet de koffers op de plaats die nu vrij is gekomen en lach de twee dames vriendelijk toe. Een steekt met een brede glimlach een duim op als teken dat ik dat netjes heb opgelost.
Overstappen is niet gemakkelijk maar wanneer je er de tijd voor neemt valt het allemaal wel mee. Er is wel wat Engels op de richtingsborden, en de stickers op de vloer, van het metrostation maar het grootste gedeelte is toch nog in het Koreaans. In zo’n geval moet je slim zijn en wachten tot je een Koreaan ziet met een grote koffer die ongetwijfeld ook op weg is naar de luchthaven.
En zo geschied het ook. We volgen op korte afstand een Koreaanse vrouw met een koffer die net als onze verpakt is in een beschermhoes. Zelf volg ik de vrouw en op een kleine afstand volgt Lyka mij. We gaan op het station Seomyeon overstappen van de rode naar de groene lijn. Dat is geen hogere wiskunde! Alles loopt op de rolletjes van de koffers en nadat we opnieuw, en deze keer zonder problemen, onze koffers op de gereserveerde rolstoelplaats hebben gezet. Nu is het wachten tot we op station Sasang overstappen op de paarse lijn naar de Gimhae luchthaven van Busan.
Op de luchthaven gaan we door de open poortjes en we zijn beiden erg verbaasd. De hele rit met de metro en de trein heeft geen ₩ 7.200 gekost voor ons samen maar slechts de helft, ₩ 3.600! Dat kan maar een ding betekenen. Voor losse kaartjes betaal je het dubbele. Dus ons advies aan iedereen die in Korea arriveert, zoek zo snel als mogelijk een kleine winkel en koop voor iedereen zijn eigen T-Money kaart! Die kaart kun je overal in Korea voor het openbaar vervoer, soms ook in de taxi, en de kleine winkeltjes gebruiken.
We zijn ruim op tijd en dat is geen probleem. Onze vlucht naar Manilla vertrekt over vier en een half uur. Ik heb het al genoeg geschreven maar het blijft een de beste adviezen die ik een reiziger kan geven: ‘Het is veiliger om op de luchthaven te wachten dan op je hotelkamer!’ Je hebt dan alles zelf in hand!
We zoeken voor Lyka een zitplaats met een oog op onze volledige bagage zodat ik even op onderzoek uit kan. Binnen tien minuten ben ik weer terug en ik ben bekend met de situatie en weet ook waar we moeten inchecken voor onze vlucht naar Manilla.
We zijn klaar voor ons vertrek We hebben rust en Lyka kan genieten van een chocolademelk met slagroom. Daar heeft ze lang naar uitgekeken. Ze is opgewonden dat ze morgen eindelijk weer haar moeder in haar armen kan houden. Ik denk na over onze avonturen, belevenissen en ervaringen van de afgelopen vier weken in Korea. Het is een heerlijk land om te verblijven en te bereizen. We komen hier zeker weer terug!
Zuid-Korea heeft een belasting over de toegevoegde waarde (btw) die bekend staat als bugase. Het standaardtarief is 10%, dat wordt toegepast op de meeste goederen en diensten. In tegenstelling tot veel landen heeft Korea een vast tarief zonder verlaagde niveaus, hoewel sommige specifieke items (zoals onbewerkte landbouwproducten en medische diensten) volledig zijn vrijgesteld.
Ik kom tot de eenvoudige conclusie: De hoogte van de btw geeft aan wat de kwaliteit is van de regering van een land. Het verhogen van de btw is de eenvoudigste manier voor de overheid om hun geldhonger te stillen!
Dan zijn de bewoners van Hamasstan en de Verenigde Europese Emiraten veel slechter af. Klagen heeft geen enkele zin dus is het beste voor ons is om in de toekomst zo weinig mogelijk tijd door te brengen tussen de Middellandse Zee, de Atlantische Oceaan en de Oostzee.
We vliegen vandaag met Philippine Airlines, niet voor de eerste keer, maar keer is er iets vreemds na het boeken gebeurd. Ik weet 100% zeker dat ik tickets heb gekocht van Busan naar Manilla met drieëntwintig kilo bagage per persoon. Ergens tussen het boeken en het vliegen is de hoeveelheid bagage teruggebracht naar twintig kilo per persoon. Het is geen paniekmoment maar ik heb wel voor € 86,37 extra aan bagage gewicht moeten inkopen. Ik had er liever koud bier van gedronken.
Het inchecken gaat goed omdat we net onder het maximum gewicht van vijfentwintig kilo zitten. We worden gecontroleerd of we in het bezit zijn van geldige tickets om de Filipijnen weer binnen de gestelde visa termijn te verlaten. Geen probleem, die hebben we. We krijgen sowieso een visum voor een jaar omdat Lyka Filipijnse is van geboorte en ik haar wettige echtgenoot.
Dan gebeurt er wat vreemds en onverwachts. Iets dat ik nog maar weinig heb meegemaakt. Lyka en ik moeten samen met twee Filipijnse mannen apart gaan staan aan een andere incheckbalie.
Waarom?
Er komt een jonge medewerken met een colbert met het logo van Philippine Airlines op zijn borstzak die ons verteld dat we moeten wachten tot onze ingecheckte bagage is gecontroleerd en goedgekeurd.
We zijn alle vier verbaasd en bekijken elkaar aandachtig om te zien of er misschien overeenkomsten zijn waarom we apart worden gezet. Seconden en minuten verstrijken en na ruim een kwartier voor Jan met de korte achternaam hebben staan te wachten stap ik op dezelfde medewerker af die gebukt achter de balie zit. Hij schrikt van mijn verschijning en probeert snel zijn smartphone weg te moffelen waarmee hij zat te spelen.
‘Hoe lang moeten we nog wachten?’, vraag ik met een licht geïrriteerde stem. Zijn blik verraadt schaamte en angst.
‘Ehh, u staat nog te wachten?’, vraagt hij onderuitgezakt zonder dat hij zichzelf een houding kan geven.
‘Nee!’, zeg ik wat luider omdat ik zijn bloed ruik.
‘We staan nog met z’n vieren te wachten!’, terwijl ik met mijn vinger naar Lyka en onze twee medereizigers wijs.
Kan een Koreaan verkleuren door schaamte? Ik heb sowieso nooit de gele huidskleur in Aziaten kunnen ontdekken maar het lijkt er nu wel op dat zijn gezicht rood aanloopt.
Hij loopt door zijn mogelijkheden en zegt zachtjes: ‘Na vijf minuten wachten is alles goed en kunt u naar de immigratie.’
Zijn trouwe hondenogen maken me week en ik geef hem nog een laatste advies. Ik wijs naar zijn Samsung Galaxy S26 en zeg: ‘Beter niet tijdens het werk, na het werk is een beter idee!’
Hij knikt als een schuldige misdadiger in de rechtbank en steekt zijn duim naar mij op. Ik lach hem toe en wens hem een fijne avond.
De immigratie in Korea is, zoals gewoonlijk, zeer efficiënt. Binnen een kwartier zitten we bij de gate vanwaar onze vlucht om 21:00 zal vertrekken. Er zit een jonge Filipijnse vrouw op de stoelen die zijn gereserveerd voor de senioren, hulpbehoevenden en de zwangeren. Ik vraag haar beschaafd of ze plaats wil maken voor iemand die kwalificeert voor die groep. Ze kijkt mij minachtend aan en schuift een plaats op. Haar Louis Vuitton tas blijft op een van de gereserveerde stoelen staan. Ze is op een confrontatie uit die ze niet zal krijgen.
Lyka zit aan de andere kant van haar dus gaat onze conversatie veel luider dan gewoonlijk. Zodra ik zie dat ons gesprek de Louis Vuitton tas irriteert ga ik nog harder praten. Mijn gesprek in het Nederlands gaat nu over onzinnige onderwerpen zoals het wettelijke minimum gewicht voor een gehaktbal.
Ze zet geïrriteerd het geluid van haar mobiele telefoon harder. Nu hoor ik dat een van die onzinnige drie op een rij spelletjes voor hoog opgeleiden op haar telefoon zit te spelen. Ze blijft demonstratief zitten en geeft geen krimp. Een typisch voorbeeld van “Kijk mij eens!’ Een omhoog gevallen meisje uit een arm gezin op het platteland van de Filipijnen.
We moeten aan boord van de enige vlucht vanuit Busan naar Manilla. Dan kun je er vergif op innemen dat deze vlucht lang van tevoren elke dag is uitverkocht. Natuurlijk gebruik ik mijn bejaarde charmes om met voorrang aan boord van het vliegtuig te kunnen gaan.
Een medewerkster van Philippine Airlines wenkt mij zodra we in de rij moeten gaan staan om aan boord te gaan. Ik roep Lyka in het Engels dat we naast de rij voor de businessclass kunnen gaan staan. De Louis Vuitton tas staat ook op en volgt ons. Ik ben benieuwd wat er nu gaat gebeuren!
Eerst gaat er een Koreaanse man in een rolstoel aan boord, vergezeld door vijf begeleiders. Dan mogen de businessclass passagiers aan boord. Daarna mogen Lyka en ik tussen de businessclass passagiers aan boord. Ik hoor dat achter mij de Louis Vuitton tas wordt gestopt door de vriendelijke medewerkster van Philippine Airlines. Ze wordt gesommeerd om achteraan te sluiting in de rij voor de economyclass.
De Louis Vuitton tas protesteert in een niet mis te verstane toon. De Koreaanse medewerkster van Philippine Airlines veranderd ook haar toon en verteld de Louis Vuitton tas in niet mis te verstane woorden dat ze niet wordt toegelaten aan boord van het vliegtuig en dat ze achter in de nu veel langere rij voor de economyclass moet aansluiten. Er rest de Louis Vuitton tas niets anders dan in te binden en achter in de lange rij aan te sluiten.
Ik heb dit allemaal meegekregen zonder om te kijken, alleen op mijn gehoor en mijn gevoel. Een schunnig dure tas van een Frans modehuis geeft je geen privileges om eerder aan boord van een vliegtuig te gaan! Die extravagant dure tas wekt in een realistische wereld geen respect maar afkeer op.
Zeker twintig minuten later passeert de Louis Vuitton tas ons en als blikken konden doden had ik dit verhaal niet meer kunnen schrijven.
Mijn buurman is een Filipijnse zeeman die na negen maanden weer naar huis gaat. Hij heeft ruim twee maanden verlof en kijkt er naar uit om zijn kinderen en zijn vrouw weer te kunnen omarmen. Zien is tegenwoordig gemakkelijk omdat hij ze wekelijks met een video oproep kan zien. Snel internet midden op de oceaan is geen uitzondering meer. Wie had dat twintig jaar geleden kunnen indenken?
Kip met rijst Philippine Airlines De maaltijd wordt geserveerd en die valt mij eerlijk gezegd wat tegen. Wat gestoofde witte kool met gestoofde blokjes kip in een met tapioca gebonden saus zonder enige smaak. Het kleine bakje kimchi is nog het beste van deze maaltijd aan boord van vlucht PR463.
Ik maak nog een grapje met mijn buurman over de scheldnaam voor deze vlucht naar Manilla. De “Chocolate Express”! Omdat alle zeelui enorme hoeveelheden chocolade mee naar huis nemen. Dat is een ongeschreven Filipijnse regel.
Een hazenslaapje en het licht gaat aan in de cabine. We gaan landen en wij zijn op de helft. Het is net voor middernacht en we hebben nog een lange nacht voor ons voordat onze aansluitende vlucht vertrekt.

vrijdag 5 juni 2026

Filipijnen: Een bevende grond

Het einde van een lange dag

San Antonio (Mamsi Residence) VIP1), vrijdag 5 juni 2026

Goedemorgen San Antonio de Padua, vandaar de afkorting Sapa!
Het is tien over half zes wanneer ik door het eerste voorzichtige zonlicht door de dunne overgordijnen wordt gewekt. Naast mij ligt Lyka nog als een roosje te slapen want Filippini's kunnen ook slapen onder brandende studio verlichting.
Het is op dit vroege tijdstip nog rustig in huis en de relatieve koelte van de nacht is door de altijd openstaande ramen naar binnen gestroomd. Nog voordat ik de waterkoker heb gevuld en aangezet staat Mamsi onverwacht achter mij.
‘Good morning. Make me one coffee too!’, Tagalog klinkt van nature als een onvriendelijke taal, net als het Vietnamees. Zelfs fluisteren klinkt als twee mensen die ruzie maken!
Mijn handelingen om het inklapbare koffiefilter en de papieren koffiefilters in gereedheid te brengen om het kokende water te ontvangen worden door Mamsi nauwkeurig gevolgd. Het is pure interesse overgoten met wat nieuwsgierigheid hoe wij aan de andere kant van de wereld onze dag beginnen.
Bij de tweede schep snelfiltermaling krijg ik de vraag: ‘Is dat niet teveel koffie?’
Ik kijk verbaasd over mijn schouder. Dit is een vraag van een persoon die misschien drie keer in haar hele leven verse gemalen koffiebonen ziet. Eigenlijk moet ik er om lachen want de opmerking komt van iemand die gedwongen haar hele leven in zuinigheid heeft moeten doorbrengen.
Zodra mijn beker vol is breng ik het water opnieuw aan de kook. Het gebruik van een nieuw koffiefilter wordt door Mamsi niet op prijs gesteld. Het gebruikte koffiefilter wordt leeg- en schoongespoeld onder de kraan en gebruikt voor een tweede ronde. Daar ben ik dan weer wel blij mee want volgens het schema in mijn hoofd heb ik waarschijnlijk maar net genoeg koffiefilters tot aan ons vertrek naar de Verenigde Europese Emiraten.
Over het internet heb ik niets te klagen. Het bereikt geen hoge snelheden maar het is stabiel genoeg om zelfs te bankieren, Plex en IPTV te bekijken. Met dit internet kan ik hier zonder problemen wel enige maanden doorbrengen. Dat in tegenstelling tot mijn gebruikelijke verklaringen na een bezoek aan de Filipijnen dat het nu absoluut ècht de laatste keer is dat ik hier ben geweest!
Optocht in San Antonio (Sapa)Optocht in San Antonio (Sapa)Optocht in San Antonio (Sapa) Terwijl ik rustig op de veranda zit met mijn MacBook Air en mijn verse koffie bouwt er langzaam een menigte op onder de boog met “Welkom in Sapa” erop. Er zijn nog maar weinig zaken die mij kunnen verbazen op het platteland van de Filipijnen. Ten overvloede wordt mij, omringt met enige geheimzinnigheid, toevertrouwd dat er vanochtend een parade georganiseerd is van de boog naar het stadhuis dat ten onrechte de mooie naam “Barangay Hall” draagt. Het is mijn inziens niet meer dan een verbouwde garage met wat stoelen, een bureau en airconditioning er in.
Mijn eerste ontbijt bij Mamsi Rond half negen serveert Lyka mijn eerste ontbijt in Sapa. Het is niet met zekerheid te zeggen of ik dat morgen weer krijg. Organiseren en vooruitkijken zijn niet de sterkste punten van de bevolking op het platteland van de Filipijnen. Het is altijd afwachten, want dat is een van de weinige dingen waar ze wel goed in zijn.
Ik heb de vrouwen gelukkig ervan kunnen overtuigen dat het slimmer is om de eieren, ondanks de een a twee peso die ze meer kosten, in het winkeltje van Magna te kopen. Eieren in kleinere hoeveelheden worden hier verpakt in een plastic zakje en daar schuilt het gevaar. Achterop de motortaxi of in de Tri-Cycle is het zakje met de eieren door het schokken en schudden erg kwetsbaar. Een gebroken ei is een verloren ei.
In verband met Salmonella, de poepbacterie, zal ik nooit de inhoud van een gebroken ei in de Filipijnen nog gebruiken. Mensen van mijn leeftijd hebben zo hun zwakheden en het tijdelijke voor het eeuwige verwisselen voor een ei van vijftien cent gaat mij echt te ver!
De brekende eieren voorkom je zeker door te voet naar de winkel van Magna te gaan en het aantal eieren te kopen die je op dat moment nodig hebt. De omzetsnelheid van eieren ligt bij Magna ook hoog en daardoor ben je er bijna van verzekerd dat de eieren vers zijn.
Die dikke knakworsten zijn een wonder van de natuur en de industrie. Ik kan me alleen niet voorstellen dat ze in Nederland door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) zouden worden toegelaten. Iedereen eet ze in de Filipijnen en zover ik weet gaat er nooit iemand dood aan. Met veel tomatenketchup zijn ze best wel te pruimen hoewel mijn voorkeur uitgaat naar dikke plakken gebakken spam.
Tijdens mijn ochtendwandeling door het heerlijk rustige, maar ongewoon warme, landschap van Bicol hebben de dames bedacht dat ze na de lunch zichzelf gaan verwennen bij de kapper/schoonheidssalon. Of ik meewil naar Pilar? Wat denken ze nu zelf, dat ik liever zoals de andere gezinsleden als een hersendode telefoon zombie in de airconditioning van onze slaapkamer lig? Alles wat je doet in de Filipijnen is een avontuur, zelfs met de dames naar de kapper in Pilar!
Met de Tri-Cycle naar Pilar Een Tri-Cycle wordt gehuurd en met de dames in de zijspan, en mijzelf achter de chauffeur, gaan we over de heuvelachtige en bochtige weg naar Pilar. De 150cc viertakt huilt als een raceauto om ons over de soms toch wel steile heuvels te trekken.
Milezza PilarHouten shophouse Met enige blijdschap, en pijn in mijn kont, stap ik in de hoofdstraat, Milezza, van Pilar van de driewieler. Ik neem deze omgeving nog maar eens goed in mij op. Hier staan er nog van die schitterende oude teakhouten Chinese Shophouses. Ook dit antieke gebouw zal in de toekomst het slachtoffer van de sloopkogel worden. De vooruitgang in de armere Aziatische landen is niet te stoppen! Het is alleen jammer dat de overheid er vaak te laat achterkomt dat er veel van hun erfgoed verloren gaat door het gebruik van die sloopkogel.
Tijdens ons verblijf in Korea hebben Lyka en ik het plan opgepakt om een motor in de Filipijnen te kopen. Ik ben nog wat huiverig van het idee maar de relatief kleine investering geeft mij wel elke dag wat te doen de komende twee jaar tijdens ons bezoek aan de Filipijnen. Het is gewoon een kwestie van alle voor- en nadelen tegen elkaar af te wegen en de aanschafprijs minus de restwaarde af te schrijven.
Mamsi heeft voor onze aankomst geïnformeerd bij verschillende motordealers voor de aankoop van een nieuwe motor maar jammer genoeg is ze net zo onkundig als de ambtenaren die de “Fyra Hogesnelheidstrein” hebben aangekocht.
De antwoorden zijn onbevredigend en soms zelfs onbegrijpelijk. Ik heb tegenstrijdige levertijden en registratie tijden gekregen.
Het voelt voor mij als: ‘Laat ik maar wat zeggen, dan lijd ik in ieder geval geen gezichtsverlies!’
Er rest mij niets anders dan zelf met de manager van “Motortrade” te gaan praten. De Honda motorfiets van 125cc die ik op het oog heb blijkt leverbaar maar moet uit Manilla komen. De levertijd is tussen de vier en zes weken. Ik trek een wenkbrauw op voor dit niet aannemelijk verhaal. Wie denken ze dan wel voor de gek te houden? Ik kijk de dames aan en zij slikken zijn antwoord voor zoete koek?
Ik ben duidelijk kritisch tegen de manager dus komt er uit het niets een tweede optie op tafel. De manager kan rondbellen naar andere filialen van Motortrade om te informeren of model Honda dat ik voor ogen heb, in de juiste kleurstelling, op voorraad is. Dat is een goede geste, afwachten dus!
Vreemd genoeg is het bij het eerste de beste filiaal van Motortrade meteen raak. Helaas wordt ik blij gemaakt met een dode mus. Ik moet diep in gevaarlijk Islamitisch gebied in een stadje genaamd Bulan zelf de motor ophalen en zonder verzekering en kentekenplaat de motor naar Pilar rijden. Daar zal de manager de motor overnemen en zorg dragen voor de registratie en de verzekering. Dat laatste kan tussen de drie en vier weken duren. Mag ik dat een gebrekkige service noemen?
Ik vertel de manager dat ik het zal overwegen maar dat het waarschijnlijk niet doorgaat. Op zijn gezicht kan ik aflezen dat hij blij is om van dit probleem verlost te zijn. Hij leidt mij naar de uitgestalde nieuwe motoren voor de winkel. Elke tweewieler die hij aanbeveelt is duurder dan het model dat ik voor ogen heb. Voor een moment zie ik dollartekens in zijn ogen.
De veerboot is gearriveerd De dames worden ongeduldig en vertrekken naar de kapper/schoonheidssalon. Ik weet ongeveer waar ze zitten. Ondertussen ken ik Pilar goed genoeg om in dit provinciestadje niet meer te verdwalen.
Ik ga via de natte markt, waar verse vis, kip en varkensvlees wordt verkocht, naar de haven waar de veerboten naar Masbate vertrekken. Hoe vaak heb ik hier niet staan kijken en plannen gemaakt om die overtocht met de veerboot een keer te maken. Natuurlijk wel overdag en wanneer er absoluut geen slecht weer op komst is.
De onbetrouwbare vloot veerboten op de Filipijnen zijn drijvende doodskisten die jaarlijks honderden slachtoffers eisen. Steeds kom ik weer terug op het punt dat ik niet van een brandende veerboot in het zoute zeewater wil springen in de wetenschap dat de vleesetende haaien bloed op meer dan een kilometer afstand kunnen ruiken en hun prooi lokaliseren. Laat dus maar!
Eerst maar terug naar de dames en vragen of ik wat voor ze kan doen. Bij de SexyBeBe salon aangekomen zit Lyka midden in een mani- en pedicure. Mamsi krijgt een nieuwe haarkleur die Lyka haar al lang geleden beloofd heeft. Een flesje drinkwater kunnen ze wel gebruiken dus sukkel ik naar de LCC om de hoek om drie flesjes koud drinkwater te halen. ₱ 27 (€ 0,38) voor drie flesjes is nog te doen.
Het kan nog wel een paar uur duren totdat de dames klaar zijn dus ga ik weer wat wandelen en bekijken of ik een van mijn andere openstaande opdrachten kan afhandelen. Er is mij verteld dat er een stukje verder in deze straat nog een Honda dealer zit. En laat die dealer nu ongeveer het model Honda motorfiets, dat ik voor ogen heb, in voorraad heeft. De kleurstelling is wat anders en de lichtmetalen velgen zijn gewone gespaakte wielen. Ook ontbreken de schijfremmen en de trommelremmen geven mij toch enige twijfel. Het is tenslotte een stap terug in de tijd! Vijftig jaar geleden had mijn Yamaha FS1 in 1976 al een schijfrem in het voorwiel.
Ik leer ook weer wat nieuws! Het verschil in afhandeling van de benodigde documenten tussen Cash of Afbetaling is een verschil tussen dag en nacht. Cash is afrekenen en een uurtje later rij je op de gekochte motorfiets zonder verzekering en kentekenplaat naar huis. Je mag zelfs wettelijk vierentwintig uur met het certificaat van eigendom rijden. Er staat ook een tijdstip op wanneer de verkoop is afgehandeld.
Ook nu is de registratie en de verzekering een grijs gebied. Het is niet echt duidelijk wat zij voor mij kunnen betekenen of dat het beter is dat wij het zelf doen. De vriendelijke dame komt zelf uit Sapa en kent Lyka’s moeder goed. Ze kent Lyka ook van vroeger toen ze nog in Pilar naar school ging. Dat schept direct een band van vertrouwen. Toch maar even overleggen.
Door de brandende zon ga ik weer terug naar de dames in de schoonheidssalon om het goede nieuws te brengen. Tijdens de korte wandeling vormt zich een dun laagje zweet en olie op mijn huid. Dat voelt vreemd aan. Het voelt net alsof ik me met zonnebrandolie heb ingesmeerd. De reden voor de oliefilm op mijn huid ken ik. Op de Filipijnen wordt bijna alles bereid en gebakken in “Canola Oil”. Van oudsher een twijfelachtige plantaardige olie die industrieel intensief wordt verwerkt tot een gezond en goedkoop alternatief voor andere plantaardige oliën en vetten. Over dat gezond zijn er serieuze twijfels. Maar wat moet je anders wanneer je in armoede leeft?
De dames zijn ondertussen van zitplaats gewisseld, Lyka krijgt nu een kleurspoeling terwijl Mamsi een pedicure ondergaat. De ongeveer tienjarige veel te dikke jongen naast haar, hij krijgt ook een pedicure, roept bij mij enkele vraagtekens op. Te dik zijn in de Filipijnen is vaak een teken van rijkdom. Dunne mensen zijn arm en hebben te weinig te eten. Het zal je cultuur maar zijn!
Mijn verhaal over de motorzaak die ik heb bezocht wordt door de dames goed ontvangen. Ik kan het nu laten inzinken en gaan nadenken hoe we hiermee verder gaan.
Lyka’s, en mijn, iPhone hebben nog steeds geen Filipijnse simkaart dus het is een goed idee om daar naar op zoek te gaan. Bijna recht tegenover de schoonheidssalon is een piepklein winkeltje waar telefoons en accessoires liggen uitgestald in de vitrines.
Ik wordt met open armen ontvangen en vriendelijk toegesproken. Een e-sim voor het Globe netwerk is (nog) niet verkrijgbaar in de Filipijnen. Het wordt dus een ouderwets kaartje dat in de iPhone moet worden geschoven. Het sim-kaartje kost ₱ 125, een week data met een maximum van 10 Gb kost ₱ 100. Het hele pakket inclusief aanmelden en instellen kost ₱ 235 (€ 3,35). Dat is dan alleen voor de eerste week. Volgende week kost het ₱ 100 (€ 1,45) voor een hele week internet. Ik wil haar een kleine fooi geven maar ze blijft die pertinent afwijzen. Hoe sterk ik ook aandring, ze blijft het briefgeld naar mij terug schuiven.
Ik haal Lyka’s telefoon op om hetzelfde pakket te laten plaatsen en te laten installeren. Ook deze keer weigert ze een kleine fooi aan te nemen. Het is haar werk en het geven van service en kwaliteit behoort tot haar belangrijkste taken. Een dezer dagen breng ik wel een ijsje of chocolade, dat wordt zeker op prijs gesteld.
Een biertje op de stoeprandEen Tri-cycle voor de terugweg Mijn dag zit er op! Ik zoek een plekje op een stoeprand om te genieten van een koud flesje San Miguel Beer. Ik koop ze aan de andere kant van de straat voor ₱ 56. Ze smaken me uitstekend na deze lange vruchtbare dag. We hebben afgesproken dat de dames mij komen ophalen zodra ze klaar zijn. Er volgt een tweede en derde flesje. Bekijks trek ik genoeg! Een blanke die op een stoeprand bier zit te drinken zie je hier niet vaak.
Hele verhalen en kruisverhoren met Filippini's die moeilijk te volgen zijn door de hoge taalbarrière. Er stopt een Tri-Cycle naast me en na het laatste slokje bier uit de fles te hebben geknepen gaan we terug naar Sapa.
De dozen uit Chicago zijn gearriveerd Terug in “Mamsi Residence” staat er een grote verrassing op ons te wachten. De lang verwachtte dozen uit Chicago zijn gearriveerd! Vijf enorme dozen gevuld met kleding, schoenen, huishoud gereedschap, zeep en shampoo, cadeau’s voor iedereen, etenswaren, snoep en chocolade, heel veel chocolade.
Het lijkt kerstmis in juni wanneer de dozen door de aanwezige leden van het gezin worden uitgepakt. Alle artikelen die op een of andere manier gemerkt zijn worden op de juiste stapel voor de genoemde persoon gelegd. Met uitzondering van de chocolade, die gaat bij elkaar in een doos. Die doos verhuisd meteen naar de slaapkamer waar de airconditioning op 24 graden Celsius staat te blazen. Die chocolade heeft minimaal 72 uur in de zon en/of een hete vrachtwagen gestaan. Ik hoef niet uit te leggen hoe die chocolade aanvoelt en eruit ziet.
Ik ben blij als de blijdschap en het enthousiasme van de anderen weer is geluwd en gaan liggen. Gaat er iemand eten voor mij neerzetten op tafel of is het vanavond ieder voor zich?
Pancit Marit met Ssamyang Nadat de dozen weer zijn ingepakt wordt het eenvoudige avondeten geserveerd. In armoedige landen wordt begrijpelijk niet veel voedsel verspild. Dat gebeurt in de rijke landen waar de mensen op de verpakking lezen dat steenzout van een miljoen jaar oud nog een maand houdbaar is. Waanzin ten top terwijl je omringt wordt door hoogopgeleide salon socialisten die graag andermans vermogen onder de minderbedeelden willen verdelen.
De kippennekken zijn vandaag al verwijderd. Deze keer probeer ik de Pancit Marit wat extra smaak te geven met de Ssamyang die ik uit Korea heb meegebracht. Het eten is warm en het heeft smaak. Dus gaat het naar binnen. Ik mis een gebakken ei maar het winkeltje op de hoek is al gesloten.
Ik zoek mijn plekje op de veranda en drink in alle rust mijn koude biertjes. Binnen is het net een kippenhok met al dat gekakel en de tv net iets te luid. Ik kom al snel tot de conclusie dat ik iets moet doen om aan voedsel te komen voor de komende vier weken. Na wat gepruts en gestuntel heb ik de website van Lazada weer geopend en alles is nog precies zo zoals ik het drieënhalf jaar geleden heb afgesloten.
Ik hoef niet lang na te denken omdat we net zijn gearriveerd vanuit Korea. Ik bestel gelijk twintig pakjes Nongshim Shin Spicy Ramen en een speciale kom om de Ramen in te bereiden. Zo, nu is het wachten totdat de bestelde artikelen arriveren!
Daarna bestel ik nog vijf blikken Hansung Luncheon Meat. Altijd lekker op brood, gebakken bij het ontbijt en in de Ramyeon/ Ramyun Ramen. Natuurlijk komt er vanuit de familie kritiek op mijn kostbare bestelling. Niemand begrijpt dat het op Lazada bijna de helft kost dan in de provinciale supermarkten.
Mijn gedachten beginnen zich te ordenen zich en ik vraag mezelf nu al af of ik hier in het dorp, in alle rust, een langere tijd zou kunnen doorbrengen. Zonder een eigen motorfiets in ieder geval niet. Er zijn enkele financiële hobbels op onze weg gekomen met als resultaat dat we iets voorzichtiger met ons budget moeten omgaan. We slaan ons er wel doorheen!
Het einde van een lange dagEen aardbeving In de verte rommelt een onweer aan de horizon. Is er regen op komst? Na een paar biertjes beeft plotseling de grond, een aardbeving! 5.4 op de schaal van Richter en geen gasputten om vol te storten met beton om de aardbevingen te stoppen. Alarm berichten verschijnen op alle mobiele telefoons in een straal van een paar honderd kilometer.
Het leven gaat gewoon verder op de Ring van Vuur. Ondertussen ben ik er voor mezelf uit. Ik ga een zondag een motor kopen, eerst moet ik geld uit de ATM halen. Het wordt niet de motor die ik op het oog had maar de eenvoudigste Honda motorfiets die ze in het assortiment hebben. En nog beter, ze hebben dit model bij elke dealer op voorraad omdat het een van de meest verkochte modellen is.
Morgen zal wel weer een nieuw avontuur in de Filipijnen worden!

donderdag 4 juni 2026

Filipijnen: Een wereld van verschil

Stappen op het beton

San Antonio (Mamsi Residence) VIP1), donderdag 4 juni 2026

Een klein half uurtje eerder dan het vliegschema heeft voorzien zet de Airbus A321-200 van Philippines Airlines haar dikke zwarte rubberen banden op de landingsbaan van de uit haar voegen gebarsten luchthaven Ninoy Aquino International Airport. Hoe vaak ben ik hier in het verleden geland en vertrokken? Meer dan twee handen vol!
Er is opluchting want de eerste etappe van Busan naar Manilla is zonder problemen verlopen. We zijn alleen heel erg moe, meer vermoeid dan dat we kunnen dragen. Helaas hebben we geen keuze. We moeten door! Dit zijn de troubles uit de titel van mijn blog!
Over iets meer dan vier uur zitten we opnieuw in een Airbus A321-200 maar deze keer van Cebu Pacific. De Airbus A32X in welke uitvoering dan ook is het werkpaard van de kleinere (budget)luchtvaartmaatschappijen en Cebu Pacific is de (budget)luchtvaartmaatschappij die de duizenden eilanden binnen de Filipijnse archipel, en de aangrenzende landen, met elkaar verbind.
De immigratiedienst, op welke luchthaven dan ook, geeft mij nog steeds de kriebels. Gelukkig wordt die immigratiedienst ook steeds efficiënter en het internet, in samenwerking met de smartphone, creëert een naadloze hoogst betrouwbare bron van informatie waar goedwillende reizigers geen tegenwerking van ondervinden.
Lyka gaat als eerste slachtoffer met haar Nederlandse paspoort. De officier van de immigratiedienst bekijkt alle gegevens en heeft geen oog voor het verplichte Filipijnse E-Travel document op haar telefoon. De rode stempel komt neer met een klap op een lege pagina in haar paspoort. Er wordt met een balpen nog wat bijgeschreven en dan ben ik aan de beurt.
Ik trek de hendel van mijn kleine rolkoffer omhoog en plaats mijn hoed daarop. De ietwat te zware ambtenaar volgt mijn handelingen met een verhoogde interesse. Ik overhandig hem mijn paspoort met de instapkaart van Busan.
De stilte tussen ons wordt niet onderbroken! Zijn ogen bewegen, zijn hoofd staat griezelig stil, tussen mijn gezicht, zijn beeldscherm en mijn paspoort heen en weer.
Dan komt de rode stempel met een klap neer op een lege pagina in mijn paspoort. Er wordt met een balpen nog wat bijgeschreven.
‘Balikbayan?’
‘Yes sir! Mabuhay!’
De koffers zijn al rondjes aan het draaien op de bagageband dus na zonder enig probleem de douane te zijn gepasseerd worden we ongevraagd de weg gewezen naar de gratis shuttlebus naar Terminal 3. Ik kan mijn oren en ogen niet geloven hoe goed we worden geholpen en begeleid na onze aankomst midden in de nacht op een luchthaven in de Filipijnen.
NAIA terminal 3 De shuttlebus brengt ons in minder dan dertig minuten naar Terminal 3 waar we een geheel onbekende wereld aantreffen. Hier wordt niet gerenoveerd! Hier wordt een geheel nieuwe ervaring gerealiseerd.
Het inchecken gaat snel en de anderhalve kilo die Lyka’s koffer aan overgewicht heeft wordt door de vingers gezien. Gelukkig maar want we hebben al acht kilo extra bagage aangekocht. Deze keer is het een binnenlandse vlucht dus geen immigratiedienst. Alleen de bekende controle van je bagage die je meeneemt in de cabine van het vliegtuig.
Slecht weer op komstAlarm over de Mayon vulkaan Het lange wachten begint! De weersvooruitzichten voor de komende week zijn niet al te best maar ik weet uit ervaring dat 80% regen in San Antonio (Sapa) kan betekenen dat er om vier uur een hevige bui overtrekt die dertig minuten duurt. De rest van de dag is het half bewolkt, droog, moordend heet en een luchtvochtigheid die moeilijk is te beschrijven.
Een plekje op een harde stoel aan een tafel bij Dunkin Donuts, gratis internet dat niet al te snel is, een warme chocolade melk die mierzoet is en een paar donuts om de trek te stillen, vechten tegen de vermoeidheid en de slaap. Lyka is de eerste die sneuvelt, een gewillig slachtoffer! Haar oogleden worden waar, ze vallen dicht en niet veel later ligt ze met haar hoofd op haar armen op de tafel te slapen.
Ik moet eerlijk toegeven dat ik me door deze uren heen moet slepen. Het is een oneerlijk gevecht. Het is Samson tegen de eenogige cycloop! Wanneer ik denk dat ik de strijd ga verliezen wek ik Lyka. Ze kijkt verbaasd en verdwaald om zich heen. Na enige momenten weet ze weer waar we zijn.
Even wandelen, je bloed weer door je vermoeide lichaam laten pompen, een plekje zoeken waar je je niet voorover kan leunen om te gaan slapen. De eerste verdieping van Terminal 3 is op dit moment in de vroege nacht volgepakt met de passagiers die de goedkoopste vluchten van Cebu Pacific hebben opgekocht.
Doorgewinterde reizigers als we zijn weten op zo’n moment instinctief welke kant ze op moeten gaan. De verdieping lager is een omweg met een stevige trap die je moet beklimmen om weer in de vertrekruimte op de eerste verdieping te komen. Mijn instincten hebben het aan het rechte eind. Hier bij de vertrek gates 131, 132 en 133 is voldoende ruimte om te zitten en het is er ook wat koeler dan een verdieping boven ons.
We nemen plaats naast een islamitisch echtpaar dat is teruggekeerd van de Hadj. De man heeft geen kaas gegeten van het reizen met vliegtuigen! Zodra hij tegen mij begint over Gate 131 vanwaar ze gaan vertrekken heb ik mijn twijfels. Daar klopt helemaal niets van. Het tijdschema laat volgens mij geen twee vertrekkende vluchten toe. Ik ga zonder een moment te twijfelende deze twee lieve islamitische oudjes op het juiste spoor zetten om veilig thuis te komen.
Ik bespeur argwaan in zijn ogen, en zijn houding, zodra ik de licht bebaarde man in zijn witte jurk aanbied om te helpen. Is deze argwaan hem aangeleerd in de moskee of vertrouwd hij geen blanke mensen van nature? Ik laat me niet ontmoedigen en adviseer hem om het aan de vrouwelijke vertegenwoordiger van Cebu Pacific te vragen. Ik zie meteen in zijn ogen dat deze man een minderwaardig persoon als een vrouw in een strakke korte donkerblauwe rok nooit om advies zal vragen!
Wat nu? Ik voel nog steeds enige piëteit voor deze oude man. Maar wil hij wel geholpen worden? Ik lees stiekem vanuit mijn ooghoek op zijn instapkaart als Gate TBA. Daar hoef is niet lang over na te denken, “To Be Announceded”. Dat staat ook op onze instapkaarten en dat betekend dat we zelf verantwoordelijk zijn om aan boord van het juiste vliegtuig te gaan. We moeten de beeldschermen zelf goed in de gaten houden voor de Gate vanwaar we naar het vliegtuig gaan.
De oude man naast me staart zwijgend als een marmeren beeld, met zijn vrouw in een gezicht bedekkende jurk als een onderdeel van het beeldhoudwerk, voor zich uit. Ik waag nog een laatste poging om mijn geweten te sussen.
‘Op dat beeldscherm achter ons staan de vluchten, de Gate en de tijden om aan boord te gaan’, hij kijkt mij verbaasd aan.
Hij staat op terwijl zijn vrouw als een stuk bagage op haar stoel blijft zitten. Hij beent richting het enorme beeldscherm om zijn mogelijkheden te onderzoeken. Niet veel later komt hij terug, hij kijkt mij recht in de ogen en met een lichte buiging vol respect zegt hij: ‘Thank you sir!’
Wat moet ik hiermee? Die vraag galmt door mijn hoofd. Ik weet met grote zekerheid dat zijn gedrag niet wordt getolereerd op een vrijdag in de moskee. Of heeft zijn bezoek aan de heilige stad in Saudi Arabië zijn mening veranderd? Tijdens mijn reizen heb ik Islamieten ontmoet van beide zijden van het brede spectrum. Maar ook uit het midden, en dat midden zit op een heel andere plaats dan je zou verwachten. Net als centrum links, dat bestaat ook niet, er is maar een links en dat wordt gepraktiseerd in China, Rusland en Noord-Korea. Zo is het ook met de islam! Of geloofd er nog iemand in een vegetarische leeuw?
Ik blijf openstaan voor het respect voor anders denkende en praktiserende. Ik geef hem een hand en wens hem een goede reis. Wellicht heb ik iets in zijn gedachtewereld kunnen veranderen. Hij kijkt, terwijl hij in de menigte verdwijnt, nog een keer over zijn schouder. Er verschijnt een glimlach op zijn mond. Het geeft mij een goed gevoel. Ik weet nu weer dat de grens tussen goed en kwaad op een plaats kan liggen waar je het niet verwacht.
Ik ga zelf op het beeldscherm kijken en onze vlucht vertrekt van Gate 131. Ik moet in mezelf lachen en een warm gevoel verspreid zich door mijn lichaam. Lyka en ik zitten te wachten bij Gate 131. Noem het geluk, noem het karma, ik bedank de boeddha voor haar begeleiden van twee eenvoudige stervelingen.
Het aan boord gaan met voorrang voor mensen op leeftijd is geen probleem in een land waar de gemiddelde levensverwachting onder de 70 jaar ligt. We slaapwandelen naar onze stoelen en worden wakker gemaakt voor de snacks die ik in januari tijdens het boeken heb besteld en betaald. De tijd is elastisch geworden. Mijn bewustzijn kan de 55 minuten van de vlucht niet meer in een vorm gieten die mijn geest begrijpt. We zijn in (reis)zombies getransformeerd en hunkeren naar een bed, slapen en een douche.
Zelfs mijn altijd alerte geest om foto’s te maken is nu tot stilstand gekomen. Ik denk er gewoon niet meer aan om onze avonturen voor de eeuwigheid digitaal vast te leggen. De tijd en ruimte spiraal zoals de theorie door Einstein bedacht bestaat voor ons niet meer. We weten nog wel in welke ruimte we zijn maar niet meer in welke tijd.
Na de landing op de Daraga International Airport raak ik snel geïrriteerd omdat mijn zintuigen het grootste gedeelte van hun intensiteit verloren hebben. Ik herken mijn schoonmoeder niets eens meer op afstand. De gemeentebus met de chauffeur staat klaar om ons naar San Antonio (Sapa) te brengen. De dames gaan achterin om met elkaar te kunnen praten zonder te worden afgeluisterd.
De bijna tandloze chauffeur naast mij spreekt geen woord Engels en ik reageer alleen nog wanneer de bus een plotselinge beweging moet maken in het onvoorspelbare en levensgevaarlijke verkeer in de Filipijnen. Ik heb slechtere chauffeurs meegemaakt maar ik kan niet ontkennen dat ik blij ben om op de plaats van bestemming te zijn.
De airconditioning gaat aan in onze kamer voor de komende vijf weken die we liefkozend altijd VIP1 noemen. Ik drink een halve liter koud water en de vermoeidheid lijkt weggespoeld. Ik passeer het punt dat ik 24 uur wakker ben sinds in Busan de wekker ging. Enkele hazenslaapjes hebben me door de lange nacht gesleept.
Het is nog geen negen uur in de ochtend en ik heb nog een hele dag voor me. Slapen is voor mij geen goed idee want oude(re) mensen zijn gebaad bij een goed ingedeeld dagelijks ritme waar je je strak aan moet houden. De paar duizend Filipijnse peso die ik nog in mijn portemonnee had zijn sneller uitgegeven dan verwacht. Het goede nieuws is dat er nu een filiaal van een Filipijnse bank in Donsol is die internationale kaarten accepteert. Het is een stevige wandeling van een kleine veertien kilometer maar ik heb verder toch niets anders te doen.
Stappen op het betonRustige wegen In de drieënhalf jaar dat we weg zijn geweest is er natuurlijk het een en ander veranderd. Langs de weg natuurlijk want de weg ligt nog steeds op dezelfde plaats. Het is nog steeds een genot om in alle rust door het tropische landschap van Luzon te wandelen. Elke passerende motorrijder en hun passagiers groeten je. Iedereen in het dorp weet na ruim vijftien jaar wel wie ik ben!
Rustige wegenLastige jeugd? De weg van Dawitan naar Ogod is gerenoveerd en verbreed. Het verbaasd me en om eerlijk te zijn begrijp ik niet waarom. Deze weg wordt alleen gebruikt door de lokale bevolking op tweewielers.
Problemen met de opgeschoten rebellerende jeugd lijkt op het platteland van de Filipijnen ook te bestaan! De burgemeester, Barangay Captain, zoals zijn mooie titel officieel klinkt, heeft de absolute macht in het dorp en wordt door iedere inwoner gerespecteerd.
De ingestelde avondklok staat op een muur tegenover de lagere school geschilderd. De straffen staan eronder en zijn voor iedereen duidelijk. De boete van ₱ 500 lijkt niet veel maar het is wel het minimum dagloon dat hier wordt verdient in de provincie. Wordt er ook gehandhaafd? Reken daar maar op! Regels zonder handhaving zijn voor de zwakkelingen en de dromers. Geen enkele Barangay Captain in de Filipijnen behoort tot die groep!
Beschadigde graven Al sinds de eerste keer dat ik de oude katholieke begraafplaats van Donsol passeerde geeft dit beeld mij koude rillingen en roept vragen op. Het is in ieder geval het armste gedeelte van de inwoners die hier op elkaar liggen te rusten. Ik zoek naar woorden want hier ligt niemand onder de zoden. Het is in feite geen begraafplaats want er is geen schop de vulkanische grond in gegaan. Het zijn gemetselde tombes die zonder enig verband op elkaar zijn gebouwd.
Ik kan mijn ogen niet uit de opengebroken tombe’s houden. Ligger er nog menselijke resten? Wie hebben die tombes open gebroken? Zijn het grafrovers die tijdens de nachtelijke uren op zoek naar goud de rust van de overledenen hebben verstoort? Waren het familieleden die de tombe hebben opengebroken om de stoffelijke resten naar een andere, meer gerespecteerde, rustplaats te verhuizen?
Misschien dat ik ooit antwoorden krijg op deze vragen. Voor nu, ik heb nog een kleine twintig minuten te gaan totdat ik voor een ATM sta om Filipijns geld op te nemen. En wat denk je? Na 6 kilometer en 750 meter sta ik voor een ATM met een kartonnen bord erop.
“Out of Service!”, staat er met een dikke zwarte viltstift opgeschreven.
Dan zakt de moed je toch in de schoenen? Een beveiliger met een geladen jachtgeweer aan zijn schouder opent de glazen deur om wat te zeggen. In zijn kielzog volgt een vriendelijke medewerkster van de bank die haar oprechte excuses aanbied voor de ATM die niet werkt. Mijn opmerking dat ik te voet uit San Antonio ben gekomen verbaasd haar. Ze verteld me dat er hoop is dat de ATM om half drie weer werkt, de monteurs zijn onderweg. Ze bied meteen aan mij te bellen wanneer de ATM is gerepareerd.
Helaas kan ik daar niets mee want we hebben nog geen Filipijnse simkaarten. Het oude kaartje dat in mijn iPhone zit werkt gewoon niet meer na drieënhalf jaar. Ze heeft begrip dat ik het morgen weer kom proberen omdat ik haar geloof en dat ik goede hoop heb dat de ATM vanmiddag wordt gerepareerd. Vriendelijkheid en service, wat mis ik die oude tijd dat je nog netjes te woord werd gestaan in Hollandistan.
Na twee halve liters ijskoud drinkwater voor ₱ 23 (€ 0,35) is het tijd om rustig terug te lopen. Ik passeer een aangename verrassing die ik op de heenweg heb gemist. Een nieuwe supermarkt, genaamd O’ Save, is geopend. Een eerste blik over de kassa’s, en de afrekenende klanten, naar binnen voorspeld veel goeds. Daar gaan we morgen zeker even binnen kijken!
De weg terug is zwaarder dan de weg heen. De temperatuur is gedurende de ochtend opgelopen en de luchtvochtigheid perst de liter koud water, in de vorm van vettig zweet, uit mijn lichaam. Het gebrek aan lichaamsvloeistoffen heeft waarschijnlijk een negatieve invloed op mijn gewrichten in mijn benen. Mijn enkels en knieën beginnen pijn te doen terwijl ik ze toch niet echt zwaar belast.
De laatste anderhalve kilometer leg ik af achter op de motor van een vriendelijke jongen die vroeg of ik misschien een lift wilde naar Sapa. Ik voel me met zesenzestig nog niet oud maar ik begin de beperkingen toch wel te voelen. Mijn geest wil steeds vaker iets doen dat mijn lichaam niet meer wil doen. Wat nu? Gelukkig ben ik een realist.
De eerste Filipijnse lunchMamsi Residence - VIP1 De warmte zorgt er voor dat ik minder trek heb. Ik weet dat ik moet eten zoals ik ook weet dat ik voldoende moet drinken. In de tropen is drie liter water zo’n beetje het minimum. De dames hebben al gegeten en in mijn gedachten zie ik de borden met de grote bergen gekookte rijst voor me.
Er is Adobo met varkensvlees over en in combinatie met spaghetti is het een prima lunch voor mij. De knijpflacon Ssamyang die we hebben meegebracht uit Korea komt tevoorschijn en deze eerste maaltijd in de Filipijnen is zo slecht nog niet.
Heilige Drie-eenheidFilipijnse bami Het bed in de relatieve koelte van de slaapkamer is erg uitnodigend maar ik weet dat het geen goed idee is. De veranda is een betere plaats om de middag door te brengen. Aan het einde van de middag een eerste ijskoude San Miguel Pilsen terwijl ik een boek van Appie Baantjer uitlees.
Onze eerste dag bij Lyka’s moeder wordt afgesloten met de altijd lekkere Panchit Marit, zoals wij het noemen. De Filipijnse bami zal geen culinaire prijzen winnen maar het is voor ons voldoende. Vandaag zitten er stukken kippennek in voor de smaak en het vlees. In de Filipijnen wordt er echt niets weggegooid!
Er zal niet veel vlees aan die nek zitten zijn dus schuif ik de strengen nekwervels van het gevogelte naar de rand van het bord. Het smaakt zoals verwacht en om half tien sluit ik mijn ogen na de eerste dag in de Filipijnen. We hebben nog wat plannen maar later meer daarover.

vrijdag 12 januari 2024

Thailand: Op weg naar Thailand

2024-01-12_094219headblogw
Pattaya (Nakorn Siam Boutique Hotel) 314), vrijdag 12 januari 2024

Zoals gewoonlijk sta ik alweer vroeg naast mijn bed en schiet als eerste de foto die als basis dient voor de kop van dit verhaal. Ik voel opluchting en moet in mezelf lachen om de bovenstaande foto. Het zijn die lege flessen van de biertjes die we gisterenavond samen als afscheid van de Filipijnen hebben gedronken.
Ik probeer nog wat te schrijven met de nadruk op “Probeer”, want het lukt me van geen kanten. Er zijn dikke knopen doorgehakt en besluiten genomen die niet meer kunnen worden teruggedraaid. We moeten nu afwachten wat er aanspoelt op onze stranden, of we voldoende bij elkaar kunnen jutten om een nieuwe toekomst mee op te bouwen, figuurlijk natuurlijk.
Ontbijt Bayview Park Hotel Helaas is het assortiment voor het ontbijt op deze ochtend wat minder interessant en ook mogen we niet naar de lounge. We hebben gelukkig al een keer van de luxe geproefd en het zou misstaan om misbruik van de situatie te maken. Genoeg is genoeg! Eten wat de pot schaft en de volgende maaltijd zal waarschijnlijk in het vliegtuig naar Bangkok worden genuttigd.
Na het ontbijt begint het twee uur wachten. We hebben alles ingepakt en rond de twee grote koffers een flinke band duct tape gerold. Deze keer is het de zwarte tape, de volgende keer wordt het de grijze! Daar zitten we dan. Ik kijk over Manilla Bay uit en laat mijn gedachten meevoeren op de stroom verwachtingen voor de twee maanden die nog voor ons liggen terwijl ik van mijn vers gezette koffie nip. Gelukkig heb ik afgelopen nacht opvallend goed geslapen nu er een paar hoofdbrekers in Nederland zijn opgelost. Er zijn wel wat nieuwe problemen voor in de plaats gekomen maar die kan ik verdelen in drie verschillende scenario’s. Een zeer goede, een goede en een minder goede. Meer daarover later. We zijn in ieder geval op vooruit gegaan.
Tien voor elf wordt er op de deur geklopt en de bell-boy staat klaar om onze vier koffers naar beneden te brengen. We kijken nog een keer goed rond of we niets zijn vergeten en om deze bijzonder mooie kamer voor de laatste keer in mijn herinneringen op te nemen. Dat was het “Bayview Park Hotel” voor deze keer. Mochten we ooit nog in Manilla overnachten dan zal dit hotel zeker opnieuw onze keuze zijn!
In de lobby handel ik bij de balie de laatste zaken af en de 1.000 Peso borg voor de sleutelkaart is voldoende voor de taxi van het hotel naar het “Ninoy Aquino International Airport”, terminal 1 om precies te zijn. Voor enkele euro’s meer zit je in een goede taxi met een betrouwbare chauffeur die werkt voor het hotel, deze keer zelfs een mooie minibus. Dan geeft een handvol minder problemen en je hoeft niet naar zielige verhalen te luisteren over kinderen zonder schoenen met hongerige buiken! Een paar goed besteedde euro's.
Bij Terminal 1 zijn de bagagescanners voor de toegang naar de terminal uitgevallen. Er is stress omdat iedereen die naar binnen wil uitvoerig moet worden gecontroleerd. Die bagagescanners staan er maar om een reden: Het hele land is in hoogste staat van paraatheid om aanslagen door “Abu Sayyaf” te voorkomen. En jullie begrijpen het al, ook hier in de Filipijnen is een groep extremisten/terroristen in naam van de “religie van de liefde” de onschuldige lokale bevolking aan het afslachten. Zij streven een streng islamitische staat na onder de sharia en zijn daarom van plan om met 7 miljoen Islamieten de 92 miljoen Christenen van het leven te beroven. Van enige intelligentie of realistisch denken kan er bij deze baarden dus geen sprake zijn?
Check-In balies 45-51 in Terminal 1 zijn al open voor onze vlucht naar Bangkok. In de lange rij wachtende voor ons staan de hersenloze zombies in stilte geconcentreerd met hun telefoon te spelen. Een wachtende man wordt er zo ziek van dat het de gezette dame voor hem een flinke duw geeft als teken dat ze moet opletten en doorlopen. Het kamerolifantje wiebelt heen en weer als een kermisattractie en heeft duidelijk moeite om haar evenwicht te bewaren. Een stevig verbaal geschil in het Tagalog ontwikkeld zich waarbij de hele rij wachtende passagiers keihard om de tragedie begint te lachen. De dikke dame in kwestie is “Not Amused” en zou het liefst onder de granieten vloer van de vertrekhal kruipen.
Gisterenmiddag heb ik al op het internet ingecheckt dus onze stoelen zijn bekend. De koffers wegen 17 en 19 kilogram en zijn dus ruim beneden de toegestane 30 kilo! De immigratie is maar een formaliteit en het scannen van de cabine bagage een futiliteit. Elke scanner met haar bemanning lijkt op deze luchthaven andere regels te hanteren. Ik zie al snel dat we de meest linkse scanner moeten hebben omdat we daar de schoenen niet uit hoeven te doen. Ik maak mijn zakken leeg in een kleine plastic tas die ik in mijn schoudertas stop. De MacBook uit de kleine koffer en gewoon doorlopen.
Het rode ledlicht om het poortje licht op een een zoemer gaat af. Ik haal mijn amuletten onder mijn overhemd vandaan en laat ze zien aan de beambte. Een handscanner gaat achter en voor me langs op zoek naar metaal. Alles is groen, de beambte knikt bevestigend en ik sla de rand van mijn hoed aan als dank. Het open pak koffie in mijn koffer is verdacht maar zodra ik de koffer open rits om mijn MacBook er weer in te doen komt de geur van de gemalen koffie je al tegemoet. De veiligheidsofficier knikt vriendelijk als teken dat het in orde is en wij gaan richting Gate 2.
NAIA Terminal 1NAIA Terminal 1 Natuurlijk zijn we ruim op tijd aan de gate aanwezig en zodra het eerste personeel zich aanbied vraag ik beschaafd en haast fluisterend of ik in het vak voor ouderen en hulpbehoevenden mag plaatsnemen. Dat is voor het vriendelijke meisje vanzelfsprekend en we krijgen een zitplaats toegewezen vooraan bij de laatste incheck controle.
Mijn e-reader, met deze keer het boek “De Stad” van “Dean Koontz”, sleept me door de wachttijd. Zodra de passagiers met kinderen, de ouderen en hulpbehoevenden worden geroepen om aan boord te gaan verschijnt er ook een groep mannen met baarden in lange witte jurken. Zij worden terecht teruggewezen maar daar zijn de baarden het niet mee eens. Terug worden gewezen is nog daaraan toe, maar terug worden gewezen door een vrouw kan een echte baard nooit accepteren! Zij zijn van een begenadigde groep die ten alle tijde voorrang heeft voor de rest van de bevolking van deze aardkloot aan de beurt is! Er verschijnt nog meer cabine personeel en een portofoon voor de mond van een oudere dame in een keurig uniform van Philippines Airlines brengt de boel tot bedaren, zei het met enige verbale tegenzin van de baarden. Waarom zouden de mensen toch steeds meer hekel krijgen aan die baarden?
Wij gaan als een van eersten aan boord en de Airbus A321 stroomt langzaam vol. 168 passagiers zoeken hun plaats en proberen hun cabine bagage boven hun hoofden kwijt te raken. Er is teveel cabine bagage of te weinig bagageruimte? Alles loopt op rolletjes en we vertrekken precies op tijd. Dat is dan weer een van de voordelen van een kleinere internationale luchthaven.
Beef and Noodles Philippines AirlinesKip met rijst Philippines Airlines We hebben rustige en beschaafde passagiers om ons heen en we zitten ook met de rug tegen het toilet. Dat is op een korte vlucht een enorm voordeel omdat je dan niet de knieën van een twee meter lange man in je rug voelt prikken. Dat is een van die zaken die ze nog zouden kunnen veranderen om een lange vlucht voor iedere passagier in economie-class comfortabel te maken.
De maaltijd is een keuze tussen runderrollade met pasta of kip met rijst. Wij nemen ze beiden, ieder een van de beschikbare variatie, dan kunnen we altijd nog ruilen wanneer Lyka haar maaltijd niet lekker vind. Ze smaken beiden goed alleen de kleine broodjes zijn zo hard dat ze eigenlijk binnen de wapenwet zouden moeten vallen.
Na het eten vraag ik nog om een extra biertje en dat is geen probleem! Er is ook een derde en een vierde biertje waarbij de stewardessen hard moeten lachen! ‘Is het al Happy Hour’, giert een van de gewiekste stewardessen. ‘Ik heb gewoon dorst!’, lach ik terug.
Met een koud blikje “Asahi Extra Dry Beer” in de hand loop ik weg van het giechelende cabine personeel. We zijn al boven land dus het kan nooit lang meer duren voordat we de landing inzetten.
Briefje cabine personeel Er wordt van achteren op mijn schouder getikt en een vrouwenstem fluistert in mijn oor: ‘Excuseert u mij meneer? Zou u zo vriendelijk willen zijn om een email naar onze werkgever te sturen?’
Ik kijk om en staar recht in het gezicht van de gewiekste stewardess, ‘Natuurlijk!’, zeg ik. ‘Jullie hebben aan mij een uitstekende service verleend tijdens deze vlucht!’
‘Een momentje’, en ze beent weg.
Even later komt ze terug met een handgeschreven briefje met daarop alle namen van het cabine personeel vergezeld van drie chocolaatjes en twee zakjes gezouten cashewnoten die alleen in de business class worden geserveerd. Ze bedankt me uitgebreid en de kapitein deelt ons via de intercom mee dat de landing is ingezet en dat het toestel in gereedheid moet worden gebracht voor de landing.
Op weg naar BangkokTaxi kaart Bangkok
Na een prima landing komt het moment dat voor iedere vliegtuigpassagier het meeste stress tijdens de vliegreis oplevert!
‘Komen onze koffers op de bagageband of niet?’, staat iedereen om ons heen zichzelf in stilte af te vragen.
Daar staan we dan bij bagageband 11 te kijken of onze halfvolle koffers tevoorschijn komen of niet. Gelukkig duurt het niet al te lang voordat we ze omhoog zien komen en wij zijn erg blij dat we bij de douane zo kunnen doorlopen. Het kan aan mij liggen maar ik heb niet echt het idee dat de douane in Bangkok nog veel toeristen controleert.
De mensen van de geboekte taxi van “Instyle Travel and Service” naar Pattaya staan op de afgesproken plaats met een kaart met onze naam erop te wachten. Binnen tien minuten zitten we in de luxe Toyota SUV. Bij het servicestation langs de tolweg haal ik nog 20.000 baht uit een ATM zodat ik voldoende geld op zak heb om de hotelkamer te betalen. Ik heb een onderbuik gevoel dat ons nog een probleem te wachten staat.
Nakorn Siam Boutique Hotel 314Nakorn Siam Boutique Hotel 314 En ja hoor, we staan om kwart over acht aan de balie en er is geen kamer voor ons beschikbaar. Het maakt niets uit hoe lang van tevoren je hebt geboekt en/of betaald in Thailand de beschikbaarheid van je kamer is afhankelijk van het moment dat je in het hotel arriveert, of dat er iemand onverwacht een extra nacht heeft geboekt. Daar staan we dan met vier koffers om ons heen!
Ik dwing mezelf om rustig te blijven omdat we een kleine drie weken in dit hotel verblijven en dat ik later dit jaar ook al voor drie weken heb geboekt en betaald! Nu ruzie maken zou niet slim zijn omdat zij de macht hebben je verblijf zo aangenaam als mogelijk te maken. Dan komt de aap uit de mouw. Er is nog wel een kamer beschikbaar maar dan moet ik 200 baht extra betalen voor deze nacht. Voor die vijf en een halve euro ga ik absoluut geen problemen maken. Ik reken af, betaal de borg, en wij gaan snel naar de derde verdieping. Ik ben moe, ik heb honger en dorst. De kamer is groter dan we gewend zijn en heeft zelfs een eigen zitgedeelte. Dat kan leuk zijn maar het voegt voor ons niets extra’s toe.
Na twee Thaise magnetron maaltijden en een koude grote fles Leo bier zoeken we het bed op. De hoofdkussens ruiken naar mensen en het matras heeft zijn beste tijd gehad. Morgenvroeg verhuizen naar een andere en hopelijk betere kamer.
Copyright/Disclaimer