dinsdag 14 november 2017

Filippijnen: Groene vingers

San Antonio (Pilar) Mamsi House, dinsdag 14 november 2017

De grootste tegenstander die een westers mens in de tropen vindt is de verveling. Overwin de verveling, overwin de onrust in je innerste zelf en het leven in een ver vreemd land zal van een golvende kolkende oceaan veranderen in een kalme zee.
Persoonlijk ken ik mensen die tijdens een verblijf van enkele jaren in verre warme landen honderden duizenden euros hebben verspeeld om de doodeenvoudige reden dat ze zich kapot verveelden. Mooi weer en het witte tropische strand hebben maar een verdomd dun laagje chroom! Niets verveeld sneller dan het eindeloos staren naar een lege blauwe zee.
Het aller vreemdste is toch wel dat deze grote verliezers elkaar, ook weer uit pure verveling, opzoeken en tijdens het drinken van veel bier tegen elkaar gaan zitten klagen hoeveel geld ze wel niet hebben verloren. Alsof het een wedstrijd betreft wie de domste is en wie het meeste geld heeft verspeeld. Een groepje oude, en ook enkele jongere, verbitterde mannen die de hele wereld en iedereen waar ze ooit mee te maken hebben gehad de schuld geven van hun kapitale verlies. Ze zijn zo verblind door zelfmedelijden dat ze alle gevoel voor de werkelijkheid hebben verloren. Hun verveling en pure hebzucht zijn de twee belangrijkste redenen voor hun tegenspoed, maar zij zijn de laatste die dat zullen bekennen!
Ik zal zeker niet ontkennen dat ik in het verleden tijdens mijn verblijf in de tropen geen geld heb verspild. De verveling en eenzaamheid heeft ook mij tijdens enkele periodes met huid en haar opgevreten! Domme impulsieve aankopen en overmatig drankgebruik als gevolg. Het enige verschil is dat ik niemand anders de schuld geef of ooit heb gegeven, ik heb het allemaal zelf gedaan en ik ben de enige die daar schuldig aan is, wat de drijfveer of het doel ook mocht zijn.
Waar ik wel enige spijt van heb is dat ik in het verleden mensen op sleeptouw heb genomen om met mij Azië te ontdekken. Enkele zijn me nog steeds dankbaar en we bespreken nog regelmatig onze gezamenlijke avonturen. Japan en Taiwan waren zeker hoogtepunten waar ik nog veel aan terugdenk.
Anderen zijn kwaad!
Kwaad omdat ik ze op sleeptouw heb genomen?
Kwaad omdat ze geld hebben uitgegeven aan andere zaken dan waarvoor ze waren gekomen?
Kwaad omdat ze zelf nooit zo ver hadden kunnen komen?
Kwaad omdat een ander alles voor ze heeft geregeld?
Ik heb duizenden euros van mijn eigen geld uitgegeven om het iemand anders, die niet op eigen houtje op ontdekkingsreis kon, naar zijn zin te maken. Alles plannen, alles boeken en voorschieten, luisteren naar zijn klagen, de verhalen op mijn weblog afzwakken zodat hij niet voor gek staat en aan het einde krijg je stank voor dank.
Het is tenslotte allemaal mijn schuld!
Ik kan het niet begrijpen dat iemand zo vol met boosheid kan zitten over zijn eigen gedrag!

Dit verhaal begint eigenlijk al een week of drie geleden wanneer ik ook sterke sporen van verveling bespeur. Mijn bier gebruik liep op en er ontstond een onrust in mijn geest die ik meteen herkende. Wandelen helpt, maar rond het middaguur is het veel te warm dus dan zocht ik in de wind van de ventilator op het internet een doel om de dagen door te komen.
Het internet is zeer slecht en tergend langzaam! Het directe gevolg is dat je zo een paar uur bezig bent waar je in Nederland aan een kwartiertje genoeg zou hebben. Het zonnepanelen project loopt nog maar het project van een kleine groentetuin is vandaag gestart.
Een groentetuin brengt me terug naar mijn jeugd aan de Nonnenstraat in Zaltbommel. Mijn grootvader besteedde veel tijd en liefde aan “het land” zoals de enorme tuin achter mijn ouderlijk huis werd genoemd. Wij hadden altijd verse groente op tafel die zelden bij de groenteboer vandaan kwam. Groente kost in de Filippijnen meer dan in Nederland! Groente is in de Filippijnen een luxe die maar weinig mensen buiten de stad zich kunnen veroorloven. Zelfs in de restaurants kan je het merken. Ze zijn gul met kip- en varkensvlees maar de portie groenten op je bord is meestal minimaal.
Na wat heen en weer te hebben geklikt, en vier koppen koffie verder, kwam ik uit bij “Zaadhandel Roozen” in Haarlem. Daar verkopen ze zaden waar ik wel interesse in had. Mijn lijstje was snel gemaakt, de enige beperking die ik had was het gewicht. Ik moest namelijk onder de 250 gram blijven om in het gunstige posttarief van een envelop te vallen.
Mijn email werd nog op dezelfde dag beantwoord waarna ik direct een bestelling plaatste. Snijbonen, slabonen, paprika, courgette en Spaanse pepers zouden het in het Filippijnse klimaat zonder problemen goed moeten doen. Het is hier warm genoeg, er valt hier regen genoeg en er is hier zon genoeg.
Untitled
Nog dezelfde dag volgde mijn betaling en ging de envelop in Nederland op de post. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de post in derde wereld landen niet geheel vertrouw. Er zal hier en daar best een poststuk verdwijnen dat niet is aangetekend.
Precies drie weken na het eerste email contact arriveerde de envelop uit Nederland. We moesten die wel zelf in het dorp, tien kilometer verderop, gaan ophalen in het postkantoor omdat er in de nederzetting waar we verblijven geen postbezorging plaatsvind! Trots als een pauw kwam mamsi met de envelop uit Nederland, waar haar naam op stond, thuis. Vanzelfsprekend ging de envelop direct open en werden de zakjes kwaliteitszaad door iedereen bekeken.
Maar we konden nog niet aan de slag! Eerst moest er nog een vrachtwagen met grond worden besteld om de voortuin op te hogen. Wegens de grote drukte kon die pas in het weekend worden bezorgd. Dat ging wel op zijn Filipijns! Op vrijdag geen vrachtwagen, op zaterdag ook niet, op zondag wordt er niet gewerkt en op dinsdag ging mamsi maar eens vragen wanneer we de vrachtwagen grond konden verwachtten. Wanneer we vandaag zouden betalen dan zou de grond op woensdag worden geleverd.
‘Woensdag?’
Dat is de dag van ons vertrek naar Angeles City! Het zaaigoed zal dus twee weken langer moeten wachten voordat het in de grond kan.

dinsdag 17 oktober 2017

Filippijnen: 300.000 keer bezocht!

300.000 bezoekers

maandag 16 oktober 2017

Filippijnen: Een ongeluk zit in een klein hoekje

San Antonio (Pilar) Mamsi House, maandag 16 oktober 2017

En wanneer je na twee en een halve week helemaal geïnstalleerd bent. Weer aan (haast) alles gewend bent. De simpele maaltijden waardeert en ’s nachts slaapt als een roosje slaat geheel onverwacht het noodlot toe!

Het was vandaag een dag als alle anderen dagen van de week die eindigen op een “Gee”. s’ Morgens ben ik samen met mamsi naar de markt geweest om boodschappen te doen. En ook tot de conclusie gekomen dat het niet uitmaakt op welke dag je boodschappen gaat doen, er is altijd wel iets uitverkocht in de supermarkt. Vandaag was er geen kip en op een andere dag is er weer geen varkensgehakt. Dan sla je dat maar gewoon een paar dagen over! Vegetarisch eten voor een paar dagen kan tenslotte ook geen kwaad.
Ik voelde me bij terugkeer in San Antonio al niet helemaal lekker waardoor ik de middagmaaltijd maar oversloeg. Gewoon geen trek terwijl de speklappen in mungbonensoep (kleine groene boontjes die wij ontkiemt kennen als taugé) toch heerlijk rook. Misschien had de wandeling door de “Steeg des Dood” er wat mee te maken?
Om de (mid)dag wat in te korten heb ik besloten om voortaan elke dag zo rond vier uur naar de nieuwe brug in Ogod te wandelen. Een mooie rechte weg en een afstand van ongeveer vijf kilometer heen en weer. Een klein uurtje inclusief de korte pauze op het midden van de brug. Een beetje beweging kan sowieso geen kwaad. Ik ben hier tenslotte om wat gewicht te verliezen. De afgelopen maanden heb ik alleen maar op mijn krent gezeten en zijn de kilo’s er aan gevlogen.
Lezen voor Mamsi house
Bij terugkomst, zo rond vijf uur, kan ik dan meteen op het trapje voor het kleine huisje gaan zitten om van de eerste koude literfles San Miguel Beer te genieten. Ook hier liep alles zoals gewoonlijk. Ik kreeg een stevige trek van het koude gerstenat en de heerlijke geuren die uit het huisje naar buiten dreven.
Kwart voor zes klinken de eerste tonen van de tv-serie: “The Wildflower”. De Filippijnse tegenhanger van “Goede tijden, slechte tijden”, de soap serie die iedereen, van jong tot stokoud, hier kijkt! Dus ik ook. Ik moet er wel een beetje om lachen want ik kan meer dan de helft niet verstaan maar de beelden spreken voor zich en zijn vaak ook hilarisch. Van kung-fu tot slapstick, er is van alles wat.
Mijn tweede fles bier is ondertussen geserveerd en wanneer ik tijdens een reclame onderbreking naar de keuken loop springt de hoogzwangere huiskat voor mijn voeten. Mijn natuurlijke reactie is om het opgezwollen dier te ontwijken en de combinatie van weinig eten, twee literflessen “San Miguel” geven opgeteld een vreemde beweging waarbij ik mijn grote teen stoot aan de stalen geleider van de schuifdeur.
Verward blijf ik staan terwijl het hele gezin naar de tv kijkt. Ik zie het in slow motion gebeuren! Mijn grote teen barst open als een overrijpe tomaat en het bloed begint te stromen met een hoeveelheid waar een ambulancebroeder misselijk van kan worden. Ik voel geen enkele pijn en vraag me voor een moment af of ik niet droom. Het bloed blijft maar stromen en ik voel helemaal niets!
Omdat het opvalt dat ik lang op dezelfde plaats blijf staan groeperen mijn huisgenoten zich om de plas bloed die zich ondertussen op de ruwe cementvloer heeft gevormd. Met vereende handen wordt ik voorzichtig naar mijn zitplaats gevoerd terwijl de zwangere kat van de plas bloed begint te drinken. Haar kleine ruwe tong schiet als een bliksem door het felrode vocht.
Eenmaal in mijn stoel neem ik, waarschijnlijk nog steeds van de schrik, een flinke slok koud bier. De drie anderen kijken mij verbaasd aan en beginnen in het Bicol, het plaatselijke dialect, te overleggen wat ze met me gaan doen. Gelukkig heb ik direct bij aankomt negen rollen wc-papier gekocht die nu heel goed van pas komen. Rol na rol wordt gebruikt om het overtollige bloed te verwijderen en de beschadigde teen droog te deppen.
Mamsi komt omhoog en haalt in de keuken de pot Nescafé oploskoffie, een beproefd middel tegen infecties in de Filippijnen. Ik kijk het allemaal maar aan en laat ze begaan. Ik heb het gevoel, en de wetenschap, dat de mening van het slachtoffer niet telt en daarmee dus ook onbelangrijk is. En geloof het of niet? Na twee flinke scheppen  oploskoffie op mijn grote teen lijkt het bloeden minder te worden.
Mamsi gaat ook meteen op pad naar Magna, de vrouw van het kleine winkeltje op de hoek, om verbandartikelen te kopen. Met een rolletje gaas, een rolletje plakband en een klein flesje Betadine is ze enkele minuten later weer terug.
Ik ben nog steeds versuft en verbaasd over wat er met me is gebeurd. Ik realiseer me zeker niet dat een klein ongeluk hele grote gevolgen kan hebben. De medische hulp is in deze landen, en met nadruk in deze afgelegen dorpen, niet wat wij gewend zijn. In meer dan de helft van de gevallen wanneer er een ambulance te hulp wordt geroepen overlijd de patiënt op weg naar het ziekenhuis. Wat voor piepkleine ziekmakers leven hier in en om het huis waar het een komen is van zwerfkatten en zwerfhonden?
Ik neem nog maar een slok bier voor de schrik en kijk naar mijn verbonden teen. Een grote witte bol van watten, Betadine en verbandgaas op de plaats waar ik normaal mijn grote teen zou moeten zien. Het vreemde is en blijft dat ik helemaal niets voel. Geen prikje, geen pijntjes en geen kloppende teen.
De film kan me ook niet meer boeien en zodra mijn fles bier leeg is zoek ik mijn bed op. In de gematigde avondstilte kijk ik naar het in het maanlicht badende dak van de buren. Er schieten veel vragen door mijn hoofd. Geen antwoorden. Ik kan nu alleen maar afwachten hoe dit zich weer zal gaan ontwikkelen. Morgen zien we wel verder.

woensdag 11 oktober 2017

Filippijnen: Het geschreeuw van een ten dode opgeschreven

San Antonio (Pilar) Mamsi House, woensdag 11 oktober 2017

Later dan gewoonlijk ben ik deze ochtend opgestaan. Een frisse wind speelt door onze kleine slaapkamer. De wind is gedraaid maar ik heb nog steeds geen gevoel voor de kompasroos. De zon zou in het oosten moeten opkomen maar voor mijn gevoel komt ze op in het zuiden. Niet dat het hier erg belangrijk is, zolang de zon maar elke ochtend opkomt.
Met een kopje koffie in de hand posteer ik me op het kleine bordes voor de nieuwe voordeur van het kleine huisje en kijk door de bamboe tralies naar de ontwakende buitenwereld. Ik kan wel zeggen dat ik, na twee weken op reis te zijn, het gevoel voor Azië, en met nadruk voor de Filippijnen, alweer aardig over me heen heb.
Ik heb honger, de hele dag zit dat gevoel in mijn lichaam. Het vreemde is dat na een kleine lichte maaltijd dat gevoel voor een half uur verdwijnt waarna het weer langzaam terug komt. Ik probeer dat gevoel te onderdrukken, ik wil niet teveel eten om verscheidende redenen. Ik moet afvallen, om mijn diabetes terug te dringen, en mijn kleren zitten gewoon te strak van al die maanden op mijn krent zitten.
Ik kan zonder problemen elke dag wel een koelkast vol eten kopen maar mijn huisgenoten zullen dat dan ook elke dag proberen op te eten. Om de simpele reden dat een gevulde koelkast voor deze mensen niet vanzelfsprekend is. Ondertussen heb ik wel opgegeven om ze steeds te vragen welke groente ze willen eten. Ze eten geen groenten en daarmee is de kous af.
Eieren met spek en kaas
Ik hou het maar op een paar gebakken eieren als ontbijt. Zolang deze me blijven smaken zal ik de ochtend wel doorkomen. Mijn tafelgenoten doen zich te goed aan kleine zoete broodjes van de plaatselijke bakker. Bij voorkeur met een soort sandwich spread met een bacon smaak. De zoete broodjes zijn erg compact en liggen zwaar op de maag, van de sandwich spread wordt ik al misselijk wanneer ze de pot openmaken.
“Na opening in de koelkast bewaren!”, staat er duidelijk op het etiket. Het is de weerstand tegen de gevestigde orde in ze die ze juist het tegenovergestelde influistert. Dat ze eigenwijs zijn was me al bekend, dat ze juist steeds het tegenover gestelde van het gegeven advies uitvoeren is ook nieuw voor mij.
Mamsi huis - Slaapkamer VIP One
Ik ga weer lekker op de planken van ons bed liggen en ga verder met “Tunnelrat” van Michael Connolly. Het is al mijn vierde boek tijdens deze reis! Er is hier in het dorp dan ook heel weinig te doen. Ergens rond pagina vijf en negentig van deze moord en doodslag thriller klinkt buiten ‘Het geschreeuw van een ten dode opgeschreven’! Ik twijfel geen moment en spring op van het bed. Door de open ramen kan ik niets ontdekken terwijl het volume van het geschreeuw alleen maar aanzwelt.
Wachten op de dood
Ik grijp mijn camera, die altijd geladen èn opgeladen binnen handbereik ligt, en storm naar buiten. Tegenover het kleine huisje, aan de andere kant van de weg, is een kleine oploop van mensen zichtbaar. Ik zie twee oude mannen die bovenop een varken zitten en met vereende kracht proberen de poten aan elkaar te binden. Een oud vrouwtje staat een stapeltje bankbiljetten te tellen. Mamsi heeft het al drie keer uitgerekend op haar mobiele telefoon, het totaalbedrag voor het varken, dat per kilo wordt verkocht, moet Php 5.130 zijn. Het stapeltje bankbiljetten wisselt van hand en een volgende goedlachse oude dame begint het geld na te tellen. Partners in crime.
De twee mannen zijn ondertussen klaar en het varken blijft maar schreeuwen alsof het weet wat haar te wachten staat. De mannen wassen de modder van zich af en hebben het grootste plezier met elkaar. De klus is geklaard en het is nu wachten op het vervoer naar de steeg des doods in Pilar. Het is ook vandaag weer “Fiesta" in het dorp en dat betekend een oploop van bezoekers van heinde en ver. De barbecue zal vanavond branden en het varken zal morgen bij zijn schepper zijn.
Mamsi huis - Woonkamer
Ik meld me weer in het huisje voor een kop koffie wanneer mamsi opmerkt dat de helft van de kip, die op de keukentafel stond te ontdooien, is verdwenen. Paniek wil ik het niet noemen maar het zit er toch verdomt dicht tegenaan! En dan krijg ik de schuld! Waarom?
Nou, ik had bij de ontdooiende kip op de tafel moeten blijven. Ik herinner me dat die kip al verdwenen was toen ik met de camera naar buiten liep. Tegenspraak wordt niet geduld en ook de dochter van mansi, mijn Lyka, bemoeid zich ermee en sluit zich zonder een seconde er over na te denken automatisch bij haar moeder aan. Daar sta ik dan in mijn eentje terwijl de twee onder de tafel, de kasten en al het andere oude meubilair zoeken of de diepvries kip misschien nog in het huis is.
Ik kan er alleen maar om lachen! Die kip was toch al afgeschreven en vandaag zouden we weer boodschappen gaan doen in Pilar. Het eerder vermelde “Fiesta” heeft roet in het eten gegooid dus gaan we morgen boodschappen doen. Terwijl de twee naar de schat zoeken probeer ik nog maar eens om contact met het internet te maken. En tot mijn grote verbazing lukt het nu wel. Ik heb geen idee wat ze hier aan het doen zijn maar vandaag heb ik eindelijk weer een verhaal kunnen publiceren.
Ongemakkelijke reis Klaar voor het feest
Een ratelende tricycle verschijnt aan de overkant van de straat en dat is voor mij het signaal om afscheid te gaan nemen. De chauffeur, in een jolige bui, bindt het varken achterop het voertuig. Waarom? Simpel, omdat er nog een handjevol mensen meegaat naar de “steeg des doods” om de slacht te zien en die moeten nu eenmaal ìn de zijspan. Hoewel er nooit over wordt gesproken weet ik uit andere bronnen dat ze de toekomst voorspellen uit de val van de ingewanden op de vloer van de slachtplaats. Oud bijgeloof dat terug gaat naar de tijd toen de Polynesiërs en Chinezen zich op deze uitgestrekte eilandengroep vermengden. In een blauwe mist van onverbrande motorolie verdwijnen de tricycle en het schreeuwende varken uit het zicht. Een voorbestemde toekomst tegemoet.
Rijst, boontjes met kerriesaus
Mamsi heeft ondertussen al de lunch voor ons gekookt. Ze is heel blij met het Surinaamse kerriepoeder dat ik uit Nederland voor haar heb meegebracht. De “Rijst, boontjes met kerriesaus” komt op tafel en voor deze keer laat ik het vlees maar in de pan, of aan de drie wolven aan tafel. Niet om emotionele of principiële redenen maar gewoon omdat ik er even geen zin in heb. Een keertje vlees op je bord overslaan kan helemaal geen kwaad.

vrijdag 6 oktober 2017

Filippijnen: Warmte

San Antonio (Pilar) Mamsi House, vrijdag 6 oktober 2017

Na ruim een week in de warmte krijg je langzaam het gevoel dat je aan het tropische weer gewend bent. Je lichaam beseft nu dat je geen koorts hebt, dat de snelheid van je vloeistofwisseling moet worden opgevoerd en dat je minder voedsel als brandstof nodig hebt om je lichaam te verwarmen. Mijn voedsel inname is geminimaliseerd en mijn korte broek zit niet meer zo strak als bij ons vertrek.
Toch blijf je als Europeaan instinctief dicht in de buurt van een langzaam heen en weer zwaaiende ventilator! Mijn neus is al verstopt en ik wordt ’s nacht regelmatig wakker van de kou. Het is en blijft heel verraderlijk om ook met de ventilator aan te gaan slapen!
Om half vijf wordt ik alweer wakker. De hemel achter het raam boven het gegalvaniseerde golfplatendak van de buren veranderd langzaam van zwart naar staalblauw en de zon komt straks weer boven de horizon om de lucht op te warmen. Deze eerste vroege uren is het genieten van de koelte van de nacht. Drie en twintig graden Celsius volgens het weerbericht.
Buiten het huis komt het dorp ondanks het vroege tijdstip tot leven. Tricycles, brommers en fietsen rijden af en aan. Leeg heen naar het strand en met volle manden vis terug naar de dorpen in de omgeving. Een beproefde manier van overleven. Een eerste audio versterker laat zich gelden in het dorp, of je het leuk vindt of niet maar je wordt verplicht mee te luisteren naar de zoete klanken van Amerikaanse evergreens.
Ontbijtje
Een eerste en een tweede beker zwarte koffie voordat het ontbijt wordt geserveerd. Gebakken eieren met knakworsten van een kwaliteit die in Nederland voor eeuwig in de winkel zouden blijven liggen. Ik klaag niet, ik roei met de riemen die ik heb en honger maakt rauwe bonen zoet. Ik maak me op voor een hele lange dag van lezen en schrijven, nooit ver weg van de verkoelende ventilator.
Op de achtergrond speelt de, tijdens de vorige reis meegebrachte, transistorradio het radiostation MOR 93.9 Legaspi ook zoete muziek met hier en daar al een kerstplaatje. “Rudolph the red nose raindeer" en “I wish you a merry, merry Christmas” zijn ook dit jaar alweer vroeg populair.
En dan klinkt onverwacht uit het niets, een schreeuw als in een doodstrijd, van de discjockey. De transistorradio zwijgt en de ventilator naast met bed valt stil. Dat de stroom hier uitvalt heb ik wel vaker meegemaakt maar die schreeuw op de radio is nieuw voor me! Lyka komt naar onze kamer, “VIP One”, en legt uit wat er aan de hand is. Voor een moment speelt in mijn hoofd het atoomoorlog scenario tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten van Amerika. Gelukkig blijkt het minder erg!
De discjockey kon nog net op tijd aan de luisteraars doorgeven dat de radiozender op elk moment uit de lucht kon gaan in verband met werkzaamheden aan het interprovinciale elektriciteitsnetwerk. De hele provincie zou tot vanavond zes uur zonder elektriciteit zitten!
Verbaasd staar ik nog steeds naar de stilgevallen ventilator, mijn beste vriend in de warme tropen van Azië. Het is nog geen tien uur in de ochtend en het lijkt nu wel een heel lange dag te worden. Alles wat mijn dag onder normale omstandigheden enigszins draagbaar maakt wordt gevoed door elektriciteit. Mijn Kobo ereader, mijn MacBook en mijn ventilator. Ik realiseer me hoe afhankelijk we zijn geworden van onnatuurlijke bronnen van energie. Hoe onze samenleving verslaafd wordt gemaakt aan zaken waar we best buiten kunnen. Energiebesparing? Verbied dan die miljoenen mobiele telefoons die allemaal moeten worden opgeladen! Vijftien jaar geleden konden we toch ook zonder? En wat dacht je van twee dagen met temperaturen van boven de dertig graden? Heel Nederland gaat op zoek naar mobiele airconditioners, of ze nu werken of niet. Het is tenslotte de suggestie die het volk afkoelt en de zakken vult van de fabrikanten en energie leveranciers.
In het dorp is er geen enkel spoor van paniek te bekennen, hun wereld draait gewoon door, ook zonder elektriciteit. Niet langzamer of sneller, gewoon anders, maar hun wereld draait gewoon om het overleven van weer een door god geschonken dag. Dunne slierten rook trekken door de stilstaande lucht in de straten. Er worden tientallen kleine houtskool vuurtjes opgestookt om rijst te koken nu de elektrische rijstkokers onbruikbaar zijn geworden. Er is geen zuchtje wind. Het lijkt dat ook de winden boven zee door elektriciteit worden aangewakkerd zijn gaan liggen.
Ik ga weer rustig op het bed liggen. Met mijn ogen open kijk ik recht omhoog naar het plaatstalen dak. Ik voel de warmte in de vorm van infrarood straling op mijn huid, die nu nat is. Geen zweetparels maal egaal bezweet alsof in ben ingesmeerd met een dun laagje zweet. Het zweet kleeft, het water verdampt en de lichaamsoliën en zouten blijven achter op mijn huid. De concentraties nemen toe met elke seconde die verstrijkt en elke druppel water die verdampt.
Een koude douche zou welkom zijn!
Helaas werken de grote drukpompen van de watermaatschappij ook op elektriciteit. Daarmee is ook de kans op een verkoelende douche voor me verkeken. Met een ruk kom ik omhoog. Ik ben alleen, de andere drie zijn de warmte in het huisje ontvlucht en zoeken elders verkoeling. Koffie dan maar, ik heb wel eens gelezen dat een warme drank ook verkoelend werkt in de tropen.
Terwijl ik een Albert Heijn Perla koffiepad tevoorschijn haal uit de doorzichtige plastic voorraadbus kijk ik naar de koelkast waarop de koffiebus staat. Daarbinnen is het nog koel. Ik ben te groot òf de koelkast is te klein. Dit ongemak zal ook daar niet worden opgelost. Een ander ongemak kan wel ontstaan! Het ontdooien van het weinige opgeslagen vlees in het vriesvak. Mijn bacon in het bijzonder baart me zorgen.
Zodra ik de koelkast open zie ik het water al uit het vriesvak druppelen. Het druppelt langzaam in de kleine trechter aan de achterzijde van het interieur. Twee keer per week het vriesvak ontdooien is het advies van de fabrikant. Ik sta er nooit meer bij stil maar de luchtvochtigheid is in de tropen zo groot dat er ècht na drie/vier dagen al een dikke laag ijs in het vriesvak is gevormd. Mijn bier is nog goed op temperatuur dus sluit ik weer snel de deur.
De warmte begint steeds zwaarder te drukken en het besef dat er geen ontsnappen mogelijk is knabbelt aan mijn geestelijke vermogens. Mijn oog valt op een rieten waaier, zo een die je voor € 0,99 bij de Xenos koopt, naast de houtskoolbrander en ik hoef er niet lang over na te denken. Het zou mogelijk mijn ontsnapping uit deze warmte kunnen zijn.
Ik ga weer op het bed liggen en met mijn rechter arm, met behulp van de zojuist gevonden waaier, fabriceer ik een kunstmatige wind. Heerlijk verkoelend! Zo kom ik de dag wel door! Tenminste, dat dacht ik! Na een kleine vijf minuten verhuisd de waaier naar mijn andere hand. De kunst is: voldoende wind maken om verkoelend te werken met zo min mogelijk inspanning om het niet warm te krijgen. Mijn rustende arm doet pijn. Niet gewend aan deze repeterende beweging. Na enkele minuten wissel ik weer van hand en kom tot de conclusie dat deze oplossing ook niet zaligmakend is. Nu zijn mijn beide armen verzuurd en liggen verlamd naast me op het matras.
Ik staar naar het plafond dat er niet is, in het niets, terwijl mijn oververhitte hersenen tevergeefs zoeken naar een verkoelende oplossing. Een zonnesteek moet je niet onderschatten. Als een geschenk uit de hemel ploffen er grote waterdruppels op het plaatstalen dak. Als het geroffel op een kleine trommel klinken de druppels als de slagen van de drumsticks op het strakke vel. Een blik naar rechts laat me ook de grote druppels zien! Snel mijn zijden boxershort aan en naar buiten om optimaal gebruik te maken van de verkoelende regen.
De weg is verlaten en ik ben de enige levende ziel die in de verre omtrek zichtbaar is. De lucht is blauw en er is geen wolk aan de lucht. Toch regent het! “Een Chinese bruiloft”, noemen ze dat verschijnsel hier in de Filippijnen. De weg wordt niet eens nat van de regen, zo warm is het beton, het water is al verdampt voordat de volgende druppel op dezelfde plaats neervalt. De weinige waterdruppels die mijn lichaam raken zijn ook warm. Een warme regen zonder enige verkoelende werking. Het bladerdak van de enorme mangobomen is bewegingsloos als op een schilderij. Het tikken van de waterdruppels op het dak verstomd, de wind blijft weg en mijn lichaamstemperatuur loopt snel op in de brandende zon.
Het bed lijkt me toch maar weer de beste oplossing. De rieten waaier ligt nog op het matras en ik onderneem een nieuwe poging. Ver kom ik niet. Met een onbeschrijfbaar geluid, ergens tussen een plof en een klik, begint de ventilator aan het voeteinde van het bed te draaien. Buiten komen ook de geluidsversterkers met hun grote speaker boxen weer tot leven.
“Yes Sir, I can Boogie, Boogie Woogie, If you play a different Song”
Ervaring heeft me geleerd niet te vroeg te juichen. Wanneer na enkele minuten de ventilator nog steeds draait lijkt het er op dat ik deze uren in de wurgende hitte ook weer heb overleeft. “It’s more Fan in the Philippines!”

zaterdag 30 september 2017

Filippijnen: Lege planken

San Antonio (Pilar) Mamsi House, zaterdag 30 september 2017

Dan weet je dus dat je lichaam helemaal van slag is! Terwijl de sporen alcohol nog nagalmen in mijn lichaam ben ik om kwart voor vijf klaarwakker. Buiten is er een wedstrijd hanen kraaien aan de gang die het eerste zonlicht verwelkomt. Zaterdag, de eerste èchte dag van ons familiebezoek aan de Filippijnen! Naast me ligt Lyka ook ongemakkelijk te draaien op de gestoffeerde planken die ze matras noemen. Zij heeft geen slok bier gedronken maar gaat ook gebukt onder een jetlag.
Pancit Canton als ontbijt
De eerste, zelf uit Nederland meegebrachte, kop koffie wordt gezet en het ontbijt wordt voor me bereid. Pittige Pancit Canton met twee gekookte eieren. Er is maar heel weinig in huis en daar moeten we het voor nu maar mee doen! Het advies van Dokter Barek om tijdens mijn verblijf in de Filippijnen een kilo of tien af te vallen zal op deze manier zeker geen probleem zijn!
Samen met mamsi en Lyka maken we een boodschappenlijst waar je zelfs in Nederland bang van zou worden. Haar huisje heeft alleen maar lege planken op het moment dat wij arriveren. Niet dat dat een probleem is maar de dagelijkse boodschappen kosten hier net zoveel, en soms wel meer, dan in Nederland. Ja, jullie lezen het goed! Ik denk zelfs dat de dagelijkse boodschappen in het algemeen in Nederland nog wel eens wat goedkoper zouden kunnen zijn. Elke keer wanneer ons wat te binnen schiet zeggen we het hardop waarna Lyka het op de boodschappenlijst zet. Gemengd in het Nederlands, Engels en Tagalog (Filippijns), in de winkel kijk ik wel wat we voorlopig even over moeten slaan. Het bier voor de belangrijkste bezoeker staat vanzelfsprekend helemaal bovenaan!
‘Zorg ervoor dat je meester het goed heeft dan krijg je het zelf vanzelfsprekend ook goed.’
Tricycle
Al voor acht uur zitten mamsi en ik, samen met drie anderen, in een tricycle op weg naar de markt en winkels in Pilar. Oude mensen in het zijspan, kinderen op het dak en de lange buitenlander achterop de buddyseat bij de chauffeur. Ze proberen het als “de beste plaats” aan me te verkopen maar ik weet wel beter. Opgevouwen onder het veel te lage dakje kijk ik de zestien kilometer naar het beton van de steeds slechter wordende weg. De aankomst is een verlossing voor deze passagier!
Ook in Pilar lijkt het alsof de tijd hier heeft stilgestaan. De tandloze dorpsgek rent nog steeds rond door de hoofdstraat en vraagt iedereen om geld dat hij vanzelfsprekend van niemand krijgt. De straten zijn aan weerszijden behangen met werkeloze Filipinos die het druk hebben met het niets doen. Een geliefde nationale bezigheid.
Opportunisme is hier het motto. Snel een onverwacht klusje en een kilo rijst is weer binnen. De lokale economie in deze kleine havenstad, of beter gezegd “havendorp”, is zo klein dat het geld maar rond blijft gaan totdat het is het helemaal in het niets is opgelost. Hier op het platteland zie je ook de muntjes van “Php 5 cent”! Dat zegt jullie waarschijnlijk weinig dus reken ik het maar even om, een muntje van € 0,0009. Ik moet er ook even goed naar kijken maar er gaan meer dan 1.000 muntjes in een Euro!
Op weg naar de markt loop ik met mamsi door de steeg van de dood. Ik weet de echte naam niet maar je kan de doordringende geur van de dood gewoon proeven. Links en rechts van me worden dagelijks varkens geslacht op een manier die in Nederland het nieuws zou halen en een week later in de tweede kamer zou worden besproken.
Dichter bij de zee wordt dagelijks de vers aangevoerde vis gesorteerd, gewogen en in piepschuimen boxen verpakt voor de beter bedeelden in de steden. Een kleine ijsfabriek zorgt voor het geschilferde ijs dat de verse vis goed moet houden tijdens het transport. Tientallen katten en schurftige honden wachten op hun kans. Een smakelijk toegeworpen stukje slachtafval of een gestolen stukje vlees of vis wanneer de inpakkers niet goed opletten.
Als eerste gaan we de groenten kopen. Ook een onvergetelijke ervaring! Mamsi heeft overal haar eigen leveranciers, vaak een verre neef of een nicht, en daar stormt ze zonder verder om zich heen te kijken naar toe. Onderweg staren honderden ogen de blanke man na. Die komen hier namelijk niet zo vaak. Hier in Pilar is niets te zien èn niets te doen, er is niet eens een hotel of een andere instelling waar een toerist veilig zou kunnen overnachten. De veerboot naar het volgende eiland in de Filippijnse archipel is het enige dat een buitenlandse toerist zou kunnen aantrekken.
Het aanbod van de groenteman is niet erg breed maar dat kan je ook niet verwachten, een kilo diepvrieskip is hier goedkoper dan een kilo groenten of fruit! De paksoi en Chinese kool vallen bij mij altijd in de smaak dus die worden gekocht in de eenheden van “one fourth”, 250 gram of ouderwets gezegd: ‘een half pond’.
Terwijl wij staan te kopen sluiten een tiental gebruinde mensen aan bij de kraam. De armoede is duidelijk zichtbaar. Goedkope teenslippers, veel te grote korte broeken en kapotte t-shirts met opvallende spelfouten. Ik herinner me het shirt nog van “David Backham”, nummer 7! Er wordt breeduit naar me gelachen en een gaaf gebit is net zo zeldzaam als een echte Rembrandt op het Waterlooplein.
De “Empire Bakery” heeft in de afgelopen twee jaar wel een metamorfose ondergaan. De tegenhanger van de landelijke supermarktketen kan nog steeds op veel plaatselijke klandizie rekenen. Er heeft een uitbreiding aan de achterkant van de winkel plaatsgevonden en de paden tussen de stellingen zijn nu ook op een breedte dat ik me geen zorgen meer maak dat ik er een omverstoot en daarmee een dominosteen effect in de winkel veroorzaak. Ik vraag me af of het assortiment is uitgebreid, ik denk het niet.
Logistiek is hier op het platteland van de Filippijnen het grote toverwoord. Het komt vaak genoeg voor dat de opslagloodsen in Manilla en Sorsogon vol liggen met goederen maar dat ze het niet voor elkaar krijgen om het naar de winkels van bestemming te sturen. Enkele weken zonder basis producten is in deze uithoek van de Filippijnen echt geen uitzondering! En dat terwijl de 7-11 nooit zonder zit, die hebben het wel allemaal goed geregeld.
We lopen samen de boodschappenlijst af en de boodschappenmand vult zich gestaag met boodschappen die de rest van het jaar maar heel sporadisch kunnen worden gekocht. Het is alweer ruim een maand geleden dat ik de laatste ondersteuning voor mijn schoonfamilie met Western Union naar mamsi heb gestuurd. Het beeld van de lege planken in het kleine huisje verschijnt in mijn hoofd.
Nadat we hebben afgerekend verlaten we de “Empire Bakery” en gaan we verder naar de tweede supermarkt, “LCC Market Savers”. Hier verkopen ze weer boodschappen die de “Empire Bakery” niet kan bemachtigen of veel duurder in de schappen legt. Opnieuw vullen we een mand met boodschappen.
Zodra we klaar zijn met het winkelen voor vandaag trommelt mamsi een tricycle op die we helemaal alleen voor ons charteren. De twee kratten bier gaan op het dak, de jerrycans met drinkwater achterop en mamsi wurmt zich met de volle doos van “Empire Bakery” en twee volle boodschappentassen, een van de Albert Heijn en de ander van de HEMA, in de zijspan.
Ik klim weer achter de motorrijder op de buddyseat en schokkend en stotend gaan we gebukt onder de zware last van de gekochte boodschappen weer op huis aan. Deze tricycle chauffeur is wat ruwer dan de vorige! Hij heeft duidelijk meer haast en ik moet dat bekopen met een pijnlijk hoofd. Door de abrupte stuurbewegingen en de slechte weg slaat mijn hoofd om de tien seconden tegen het stalen dak of een onderdeel daarvan. Ik voel de bulten met mijn vrije hand opkomen. Maar niet voor lang, het is veiliger om me met twee handen vast te houden.
Het einde van de rit voelt als een verlossing. De motorrijder sjouwt de boodschappen naar binnen en ik overhandig hem de afgesproken Php 120, zeg maar twee euro, voor zijn verleende diensten. Dat mag voor jullie dan wel niet veel lijken maar voor het gezin van de chauffeur betekend het drie kilo rijst of een kilo vlees. Het is in ieder geval een budget om een gezin van vier à vijf personen en dag van eten te voorzien.
De lege planken van mamsi worden weer gevuld, het is nog geen negen uur in de ochtend en we hebben er al, voor mijn gevoel tenminste, een hele dag opzitten. Ik trek wat luchtige kleding aan terwijl Lyka een kopje koffie voor me zet. Mamsi probeert in haar hoofd uit te rekenen hoeveel we vandaag hebben uitgegeven. Mij maakt het weinig uit, in Nederland moeten we ook eten. Woensdag gaan we weer want verse zaken zoals vlees en groenten zijn in deze hitte, ook in de koelkast, niet lang goed te houden.
Speklap met paksoi
’s Avonds kookt mamsi voor ons een speciale welkoms maaltijd. Speklappen met Hollandse “Karbonade kruiden” (Verstegen) met heerlijke paksoi en rijst. Het is een feestmaal en iedereen aan tafel zit met een brede glimlach te genieten. Helaas zijn we het beloofde mango ijs vergeten! Dat stond niet op de boodschappenlijst dus ik was mijn handen in onschuld. Volgende week dan maar. Een koffie en twee kleine biertjes om de maaltijd af te ronden en nog voor negen uur liggen we allemaal op bed. Het is een lange dag geweest.
Teentjes knoflook per stuk
Teentjes knoflook per stuk verpakt en verkocht, gewoonweg omdat een heel bolletje knoflook voor deze arme mensen teveel kost!

vrijdag 29 september 2017

Filippijnen: Op de plaats van bestemming

San Antonio (Pilar) Mamsi House, vrijdag 29 september 2017

Om kwart voor zes schuift Lyka de gordijnen van onze hotelkamer open als teken dat de nacht er op zit. Zo werkt dat nu eenmaal wanneer je getrouwd bent! Niet dat ik nog in diepe slaap verkeerde maar een half uurtje langer had me best kunnen bekoren. We hebben tenslotte geen haast. Met een beschaafde drang wordt ik uit bed gejaagd en met de opdracht voor een ontbijt naar de gouden bogen gestuurd. Wat kan ik er aan doen? Jetlag 2.0 bij mijn vrouw terwijl ik me al redelijk aangepast voel aan de fIlippijnse biologische klok.
Bij MacDonald’s slaat de vlam in pan wanneer ik me om iets over zes uur aan de counter meld voor een bestelling! Bij de jonge keukenbrigade slaat de angst op het hart en ze duiken weg als kleiduiven op een schietwedstrijd. Een manager herkend het probleem en jaagt zijn personeel terug naar de rij computer gestuurde kassa’s op de counter.
Om de meisjes gerust te stellen maak ik eerst een grapje, bestel daarna in het meest zuivere engels dat ik op dit vroege tijdstip kan uitspreken een ontbijt voor twee en besluit met een nieuw grapje over de onzekerheid bij de binnenkomst van een blanke. Iedereen achter de kassa gniffelt omdat ze de waarheid in mijn woorden herkennen.
De broodjes met ei en een platgeslagen worstje smaken uitstekend, ook de in Nederland wat minder bekende hashbrown’s gaan er goed in! Maar het belangrijkste op deze eerste ochtend in de Filippijnen is de prima koffie die MacDonald’s tegenwoordig in heel Azië serveert! Starbuck’s mag dan wel de bekendste, en de duurste, zijn maar de koffie van Ronald MacDonald doet er tegenwoordig niets voor onder.
De eerste trek van mijn vrouw is gestild en daarna wordt vanzelfsprekend de hogere god van het Facebook aangesproken. Zodra haar lichaam en haar geest zijn verzadigt heb ik weer tijd voor mezelf. Ik duik op het verhaal van onze vertrekdag en het verbaasd me dat het zo gemakkelijk uit mijn geest tevoorschijn komt.
Slok na slok verdwijnt de koffie en zodra mijn beker leeg is wordt het tijd om de gratis beker koffie in het restaurant te gaan gaan halen. Ik schaam me daar helemaal niet voor en ik heb het ook niet bedacht. Zonder enige schaamte presenteer ik het bonnetje aan de manager die zelf zonder enige twijfel twee nieuwe bekers koffie inschenkt. Zo gemakkelijk kan het hier dus gaan. Een gratis tweede beker koffie voor de oudere generatie! De klok tikt langzaam de seconden weg en mijn verhaal neemt langzaam haar definitieve vorm aan.
Zodra ik klaar ben met de eerste ruwe versie heeft het weinig nut meer om nog op de kamer te blijven. Het is iets over negen en ook mijn echtgenoot is klaar voor de derde, en laatste, etappe naar haar geboortegrond. Met onze drie drie koffers, twee rugzakken en wat kleinere handbagage dalen we af naar de receptie.
De bekende handelingen voor het uitchecken worden verricht en niet veel later staan we met onze bagage op de stoep van het hotel langs de straat. Gehuurde taxi’s rijden voorbij en de eerste lege stopt direct zodra hij mijn handsignaal heeft opgemerkt.
‘Terminal 3?’
Het is geen probleem. Lyka zit al in de airconditioning terwijl ik het laden van onze bagage in de taxi overzie. De Filippijnen is nog een arm en ruw, en soms ook onbetrouwbaar, land dat haar sporen in de vakantie industrie nog moet verdienen. Het blijft opletten! De Php 47 wordt ruimschoots aangevuld naar Php 120, twee euro, voor de korte rit van het hotel naar de luchthaven en daar staan we al naast de vertrekhal.
Ook hier leren ze snel om de passagiers en bagagestromen in goed geoliede en logestieke banen te leiden! We kunnen direct inchecken aan een moderne computergestuurde zuil en met weinig oponthoud zijn we ook van onze drie koffers verlost. Omdat het een binnenlandse vlucht betreft lopen we na de röntgen controle van onze handbagage zo naar de terminal voor binnenlandse vluchten. Op deze manier besteden de passagiers meer geld in de terminal dan dat ze lang moeten wachten in de vertrekhal èn tegelijker tijd op hun bagage moeten letten!
In de terminal lijkt het alsof de airconditioning is uitgezet òf defect is. Het ligt zeker niet aan ons want ik hoor in vele Europese talen om eens heen klagen over de drukkende vochtige warmte. We maken ook maar direct gebruik van de mogelijkheid om sim-kaarten voor ons verblijf aan te schaffen. We weten dat het mobiele internet buiten de steden erg slecht is maar een mogelijkheid om te testen hebben we niet.
De afwezigheid van de “Globe” verkoper werpt ons direct in de armen van de “SMART” verkoopster! Een meisje zo klein en iel dat ik een stoot adrenaline door mijn lichaam voel gaan wanneer ze me aankijkt. Rond de een meter vijftig en een kilo of vijfendertig schat ik! Met een klantvriendelijkheid die in Nederland al heel lang niet meer vanzelfsprekend is beantwoord ze al mijn vragen. Het is me allemaal duidelijk en bij terugkomst in het koffiehuis geef ik Lyka de opdracht om onze telefoons van nieuwe sim-kaarten te gaan voorzien. Zij spreekt een beetje Tagalog, de lokale taal, en dat zou eventuele misverstanden gelijk uit de wereld helpen.
Een klein kwartier later zitten we simultaan te testen of de 3G verbinding ons geeft wat SMART heeft beloofd. Vijf en twintig euro mag dan wel geen enorm bedrag zijn voor twee maanden internet op je telefoon maar je bent toch ook blij wanneer ze doen wat ze beloven.
Om Lyka bij het reizen te betrekken, en ook om haar wat te leren, is ze in het bezit van onze instapkaarten. Ik laat het gewoon aan haar over en zie wel waar we stranden. We zoeken een plaatsje bij Gate 117 en wachten op wat er gaat gebeuren. Facebook neemt over en van enig sociaal contact tussen ons is geen sprake meer. De klok loopt naar het tijdstip dat we toch ècht aan boord van het vliegtuig zouden moeten gaan en er staat nog steeds een rij passagiers te wachten voor een andere bestemming.
Ik ontwaak haar uit haar Facebook trance en vraag of we hier wel goed zitten. Ze knikt bevestigend, ik vraag me af of ze mijn vraag wel heeft gehoord, en ze gaat verder met haar communicatie op Facebook. Over mijn schouder zie ik dat de slurf van Gate 117 nog steeds slap naar beneden hangt. En snelle blik op mijn horloge en het angstzweet breekt me bijna uit. Zonder dat Lyka het opmerkt ga ik toch zelf maar eens vragen wat er aan de hand is.
‘Legaspi?’, vraag ik.
‘Ja, die zijn al aan het boarden aan gate 134A!’, antwoord ze vriendelijk.
Als een razende Roeland loop ik zo snel als mijn manke enkels me kunnen dragen terug naar de Facebook verslaafde. Verbaasd kijkt ze op. Nadat ze heeft begrepen wat er aan de hand is gaan we op zoek naar Gate 134A, en die ligt vanzelfsprekend niet naast Gate 117!
Twintig minuten voor het geplande vertrek van het vliegtuig naar Legaspi overhandigd ze onze instapkaarten in een leeg aquarium, zoals ik de glazen wachtruimte op vliegvelden altijd pleeg te noemen, aan een verbaasde medewerkster van Cebu Pacific. Met een bezweet en rood aangelopen hoofd kijk ik naar de kleine monitor waar een rood kruis op verschijnt wanneer een van onze instapkaarten wordt gescand.
Het zweet van de inspanning wordt vermengd met het zweet van de angst. De andere instapkaart wordt langs de scanner gehaald en opnieuw verschijnt er een groot rood kruis. Precies op het moment dat ik mijn pleidooi, doorspekt met duizend smoesjes en verontschuldigingen, wil beginnen schakelt het meisje over op het toetsenbord van de terminal en tot mijn grote opluchting verschijnt er een groene V, als in aangevinkt, op het scherm. Ik kan zonder mijn bril niet lezen wie er is goedgekeurd maar ik ga er toch wel van uit dat ze ons beide aan boord laat. Niet veel later verschijnt er ook een tweede grote groene V op de monitor en het meisje maakt een galant armgebaar, met een lichte buiging, dat we door kunnen lopen naar de gereedstaande bus.
Als laatste betreden we de Airbus A310 met als bestemming Legaspi. De spanning is alweer verdwenen want ook dit probleem hebben we weer overleefd. We zijn nu ongeveer 42 uur onderweg en we kijken uit naar het einde van deze vermoeiende heenreis. Gelukkig hebben we straks in de Filippijnse jungle voldoende tijd om uit te rusten!
De vlucht van slechts 65 minuten begint aan haar tweede segment, de daling naar het vliegveld van Legaspi, voordat we realiseren dat de eerste al is begonnen. Het is zwaar bewolkt en dat komt niet als een verrassing. De weerberichten zijn niet al te best. Zware onweersbuien afgewisseld met regen. Donkergrijze wolken, afgewisseld door haast zwarte wolken met hier en daar een pluk maagdelijk wit, schuiven gehaast langs de ramen van het kleine vliegtuig. Er valt weinig te zien en de Mayon vulkaan heeft geen zin om ons te begroeten. Dat is erg jammer want het beeld van die eenzame vulkaan aan de horizon is een indrukwekkende ervaring.
Mamsi staat al te zwaaien wanneer wij nog aan de lopende band staan om onze bagage op te vangen. Onze koffers lijken ook deze laatste geseling goed te hebben doorstaan! Het welkom is vriendelijk en ik ontdek veel emotie in de ontmoeting tussen mijn vrouw en haar moeder. Stel je maar eens voor om steeds bijna twee jaar van huis te zijn?
Op de terugweg kopen we de grote geschenken waarvoor we samen lang voor hebben gespaard. Het is nu eenmaal beter om iets te kopen waar ze echt wat aan hebben dan zomaar geld te sturen of een koffer vol met rotzooi uit Nederland mee te slepen. Goedkope Chinese rotzooi hebben ze hier ook in overvloed!
De koelkast en platte TV zijn aardig wat goedkoper dan hun soortgenoten in Nederland! Het zijn de bekende Koreaanse merken LG en Samsung. Het prijsverschil noemen we in Nederland belasting en verwijderingsbijdrage! Het idee achter belasting vindt ik nog steeds niet onaardig maar de uitvoering in Nederland is me wel wat te ver doorgeschoten!
De twee grote huishoudelijke apparaten krijgen een plaatsje in de gehuurde minibus en daarna gaan we linea directa naar een restaurant. Het broodje ei en worst van acht uur geleden is nog maar een vage herinnering en we kunnen alle vier wel een hapje gebruiken! Het lijkt dat het geserveerde eten in de afgelopen twee jaar veel is verbeterd. Het kan natuurlijk ook aan mij liggen nu ik voor de afwisseling weer eens haast stress vrij Nederland heb kunnen verlaten.
Op weg naar het vissersdorp waar mijn vrouw is geboren vecht ik tegen de opkomende slaap. De heerlijke noedelsoep met rundvlees heeft me rozig gemaakt en knikkebollend probeer ik zoveel als mogelijk van de laatste etappe van deze lange reis in me op te nemen. De enige weg, een zeer drukke tweebaansweg, naar het zuiden slingert als een slang door de groene jungle van Luzon. De armoede van de bewoners kruipt stroperig de weg op. Het is geen prettig gezicht maar het is de realiteit. De mensen nemen het gelaten zoals het komt en geloven vast in de liefde van Jezus Christus.
De weg naar San AntoinioDe weg naar San Antoinio
Bij aankomst ligt het dorp er nog even vredig bij zoals we het ruim achttien maanden geleden verlieten. Er heerst rust, er is weinig verkeer en een stukje verderop speelt een groep jongens basketbal op de weg. Beelden uit een ver verleden voor Nederlandse begrippen. In Nederland heeft het internet, videospelletjes, de mobiele communicatie en de oneindig saaie tv de interesses van de jeugd over genomen. Het is er volgens mij niet beter op geworden.
Als eerste worden er een paar flesjes bier voor mij gehaald en bij gebrek aan koud bier in de lokale winkel wordt er ook een zakje bevroren water gekocht. Ouderwets, op koloniale wijze sip ik aan het kleine glas bier waarin twee stukken ijs drijven. Thailand, alweer bijna twintig jaar geleden, herinneringen komen langzaam boven in het hoofd van deze oude romantische gek.
De vermoeidheid glijd weer van me af en de nieuwe tv moet ook worden aangesloten en getest. Na wat Filippijnse beelden, in een taal waar ik geen touw aan kan vastknopen, houdt Lyka het voor gezien. Ze is aan het einde van haar latijn en zoekt ons harde bed op. Samen met mamsi kijk ik in stilte de eerste aflevering van “Westworld”. Een SF-serie lichtjes gebaseerd op een boek van Michael Crighton. Dan slaat de vermoeidheid ook bij mamsi toe en verontschuldigend zoekt ze ook haar matras op.
Dat matras ligt op de grond want het bed is aan ons afgestaan. Zodra ik alleen ben schakel ik naar een ander tv-programma op mijn USB-stick. “De stille kracht”, de bekende tv-serie uit 1974, met Pleunie Touw. Buiten is het stil maar er scharrelt iets dat wij in de moderne wereld niet meer kunnen horen. Een gekko klikt, een hond huilt en een gekwelde geest zweeft over de met dun vloeibaar maanlicht overgoten rijstvelden. Hier in de Filippijnse jungle, op het platteland van Luzon, tikt de eeuwenoude klok van de cultuur, langzaam opgewonden door de geesten van de natuur.
Bij hoge wijze van uitzondering schenk ik op deze eerste avond een borrel uit de maagdelijke fles Jameson Ierse Whiskey. Hoewel mijn neus op de eerste dag verstopt is door de lange vlucht ruik ik het bouquet, ‘Bucket’, in het engels, van de godendrank. Mijn vingers dansen over het toetsenbord en mijn gedachten staan in overdrive. Wat kan het simpele leven toch mooi zijn!
Copyright/Disclaimer

Gratis eboek downloaden/lezen?