Foto's verhuizen en herschrijven

Enkele jaren geleden heeft Google de stekker uit Picasa getrokken en tot nu toe ondervind mijn blog daar nog steeds problemen van. Omdat ik voorlopig toch niet meer op reis ga ben ik de verhalen uit 1999 aan het herschrijven en de foto's aan het verhuizen naar Flickr. Veel leesplezier met mijn avonturen van alweer ruim 18 jaar geleden!

zondag 30 juli 2017

Thailand: Samen op de motor

Mae Sariang (See View Guesthouse), 22 januari 1999

Hoe mensen op het idee zijn gekomen om voor dag en dauw op te staan om de laaghangende mist tussen de bergen in Noord-Thailand te bekijken is me een compleet raadsel! Met een tong als leer en een smaak in mijn mond of ik een Chinees openbaar toilet heb uitgelikt sta ik om kwart voor zes ’s morgens naast Marieke in de nog donkere verte te staren. De witte slierten gecondenseerde waterdamp blijken zich ook nog eens moeilijk te laten fotograferen! Dus eigenlijk ben ik voor niets opgestaan. Dit was in ieder geval de eerste èn de laatste keer!
Op dit vroege uur wordt ik ook met mijn neus hard op een ander feit gedrukt! Ik ben nu bijna twee weken in Thailand en ik ben elke avond met een flinke slok op in mijn bed gekropen. Daar moet dus ook verandering in komen want anders blijft mijn lever in Thailand achter wanneer ik over een maand of negen weer naar huis ga. Nu nog even terug naar bed en dan gaan we ons voorbereiden op een dag motorrijden.
Na het nimmer veranderende, en tot nu toe ook niet vervelende, ontbijt van gebakken eieren met toast en instant koffie gaan we op weg. Het is al zeker tien jaar geleden dat ik op een motor heb gereden. Ik denk dat het wel zo is als met fietsen, je verleerd het nooit. We besluiten om de valhelmen maar bij Geoff en Carroll te laten! Ten eerste zijn het leenhelmen waar je nooit van weet wie de helm op zijn hoofd heeft gehad en als ik af moet gaan op de optische verschijning lijkt het me zelfs veiliger om ze niet te dragen.
Geoff geeft met de laatste, overbodige, instructies over de motorfiets en dan rollen we met zijn tweeën het avontuur tegemoet. Marieke is toch wel een beetje bang en houd mij stevig vast. Van een kater voel ik weinig meer en op zo’n zandweg zullen we toch wel geen hoge snelheden halen!
We komen langzaam op gang en na enkele minuten voel ik me weer één met de Japanse machine onder me. Motorrijden verleer je dus nooit! Marieke zit stil achterop en houd me stevig vast, misschien wel een beetje tè stevig. Ik voel haar lichaamsrondingen op mijn rug heen en weer rollen.
Groene rijstvelden
We rijden over de enige weg richting de grens naar Mae Sam Laep. Een grensplaatsje aan de Salawin rivier. Van verdwalen kan er dus geen geen sprake zijn, je kan alleen maar rechtdoor! Het valt ook meteen op hoe weinig verkeer hier is. We zijn echt in de jungle, ver van de bewoonde wereld. De zeer rustige weg voert ons over bergen en door dalen en valleien. Langs mooie gifgroene rijstvelden en ritselende bossen die helemaal uit bamboe bestaan.
Ik moet me wel dwingen om wat vaker stoppen. Anders zou me hetzelfde overkomen als in Australië, je komt er dan thuis achter dat je van veel indrukken geen foto’s hebt gemaakt. Simpelweg omdat je op dat moment niet het gevoel had dat het een speciaal moment was. Met een teleurstelling als gevolg. Op de momenten dat we langs de weg stil staan, om te genieten van het uitzicht, en elkaar, is het onheilspellend stil. Het vallen van de grote bladeren van de teak bomen klinken als trommelslagen. Onbewust ben ik steeds op mijn hoede voor ander verkeer. Mijn instincten zijn niet uit te schakelen hoewel je in deze uithoek geen verkeer hoeft te verwachten, een lokale bus is het enige voertuig dat je mogelijk tegenkomt.
Bergdorp aan de grens met BurmaBergdorp aan de grens met Burma
In het dorpje waar de weg eindigt kijken wij vanaf een bergwand uit over de smalle rivier die zich in duizenden jaren een weg door het steen heeft geslepen. Aan de overkant van het water ligt Burma, een gesloten en onderdrukt land dat wordt geregeerd door kwaadaardige generaals. Generaals hebben de macht grepen toen de uitslag van de democratische verkiezingen niet helemaal naar hun wensen was.
De bergvolken zijn een bijzonder gezicht. Hun kleding, uitstraling en gezichtskenmerken gaan helemaal naar de Indiase kant. Mooie donkere vrouwen met lang dik zwart haar gehuld in kleurrijke gewaden. Ik voel me te ongemakkelijk om foto’s van ze te maken. Ik voel me een indringer in hun gesloten wereld. Een wereld zonder stromend water en weinig elektriciteit. Ik kan het deze keer niet laten en ik heb hier dan ook mijn eerste souvenir van deze reis gekocht. Een lendendoek in de kleuren van deze bergstam. Ik weet nog niet goed wat ik er mee moet maar hij kan thuis altijd als tafelkleed dienen.
Tijdens de pauzes praten we veel over ons verleden, onze verbroken relaties en wat we van de toekomst verwachten. Ik heb er allemaal een goed gevoel bij maar ik ben zeker niet verliefd. We zijn meer opgelucht dat we samen over de dingen kunnen praten die ons in de weg staan. Je hart uitstorten bij een vreemde is nu eenmaal gemakkelijker dan bij een bekende. Ik voel dat er een band ontstaat die iets verder reikt dan vriendschap, zelfs verder dan hechte vriendschap. Maar we weten ook dat we het niet te ver willen laten gaan. Dat onze vriendschap alleen maar in de weg staan!
Jielus op de motor
Op de weg terug, wanneer we weer op het asfalt zijn aangekomen, maakt Marieke nog een foto van mij op de motor als souvenir aan deze mooie dag samen.
We zijn doodop na een lange dag op de motor en zoeken na deze intense dag samen onze eigen leefruimte en privacy op. Ik geniet van een ijskoude fles Thais bier en luister naar het cassettebandje dat ik gisteren van Marieke voor mijn verjaardag heb gekregen. Ik staar in het niets over de droge velden richting de toekomst. Wat zal deze reis me nog allemaal brengen? Als het maar niet slechter wordt dan wat ik tot nu toe heb gezien en meegemaakt, dan zit het wel goed.
De avondmaaltijd komt deze keer uit de keuken van het guesthouse. Een gebakken rijst met wat kip voor een appel en een ei wordt weggespoeld met de zoveelste fles ijskoud Thais bier. Het is voor ons voldoende. Na een mooie dag gaan we moe maar voldaan slapen. Morgenvroeg trekken we weer verder naar Mae Hong Son, een slaperig stadje waar Marieke ook nog nooit is geweest. Onze nieuwe Braziliaanse vrienden laten we hier achter omdat Bryan nog wat foto’s van bergstammen wil maken. We zullen elkaar waarschijnlijk nog wel een keer ergens onderweg ontmoeten!

woensdag 26 juli 2017

Thailand: De jungletocht

Mae Sariang (See View Guesthouse), 21 januari 1999

Afgelopen nacht was een waar drama. Ik had gisterenavond natuurlijk wel de nodige drankjes genuttigd en het was ook weer veel later geworden dan gepland.
Vannacht werd ik dus wakker van een kloppende volle blaas. In een mengelmoes van desoriëntatie en slaap zocht ik naar een deur die me naar een toilet zou leiden. Het duurde aardig wat tijd voordat ik me realiseerde dat we in een kamer zonder badkamer sliepen. De sanitaire voorzieningen zijn op de begane grond tegen de achterkant van het houten huis gebouwd. Douches en toiletten zijn nog niet vanzelfsprekend in Thailand.
Dus er zat niets anders op dan beneden, door het donker, naar het toilet te gaan! Zodra ik de deur met een griezelig gepiep open kijk ik in een inktzwarte donkere gang vanwaar uit de verte een onzichtbaar angstaanjagend gegrom me tegemoet komt. Stephen King zou hier zeker inspiratie uit hebben gehaald!
Tussen mij en het toilet liggen dus een donkere trap en een grommende hond. De donkere trap kan ik nog wel mee leven, maar die hond, heb ik het niet op! Langzaam sluit ik de piepende deur voordat de hond me te pakken heeft. De adrenaline bereikt mijn hersenen die een versnelling omhoog schakelen. Ondertussen zijn mijn ogen gewend aan de duisternis in de kamer en in het weinige licht van een eenzame lantaarnpaal dat onze kamer binnendringt begin ik vertrouwde silhouetten te herkennen. Marieke slaapt als een roos in de hoek van de kamer. Onze rugzakken staan binnen handbereik naast onze matrassen. Net als de onafscheidelijke flessen drinkwater.
Ik loop snel door mijn mogelijkheden en kom tot de conclusie dat er niets anders opzit dan de bovenkant van een lege plastic waterfles af te snijden en die vol te pissen. Een fles van ongeveer 750ml en een gemiddelde blaas van een volwassen man die 500 ml kan bevatten, althans, ik denk mij dat te herinneren van de biologielessen op school. Marieke slaapt gewoon door en merkt helemaal niets van mijn geschuifel door de schemerige kamer. Ik haal een zachte lege fles uit de kleine prullenbak en vind snel mijn zakmes in de zak aan de zijkant van mijn rugzak. Het geluid van de ritssluiting snijd door de stilte van de Thaise nacht, beneden hoor ik de hond weer zachtjes grommen. Hoewel het schemerig is kan ik zonder problemen de bovenkant van de zachte plastic fles verwijderen. Alles gaat precies zoals ik het mij had voorgesteld. Ik ben verlost van die kloppende blaas en zoek snel mijn bed weer op. Weer een probleem opgelost!
De problemen ontstaan pas ècht wanneer ik vanochtend vroeg met mijn slaperige hoofd de fles omstoot! De geur en kleurloze urine stroomt over de donkerbruine teakhouten vloer en zoekt zich een weg tussen de naden van de vloer door richting de begane grond. De aantrekkingskracht van de aarde is vandaag voor even niet mijn vriend. Door de schrik sta ik verstijfd te kijken naar wat ik heb aangericht. Ik heb niets om het te stoppen of het op te nemen. Marieke staat beneden onder de douche en in stilte zie ik de plas steeds kleiner worden. Binnen enkele minuten is al de vloeistof verdwenen. Alleen een paar vochtige naden tussen de geboende teakhouten vloerdelen zijn aanwijzingen naar de ramp die zich hier heeft voltrokken. Ik zet mijn rugzak er op zodat Marieke in ieder geval niet kan vragen wat er is gebeurt.
Klaar voor het vertrek en beneden aangekomen nemen we in de schemer van de gemeenschappelijke woonkamer afscheid van onze gastvrouw. In mijn hoofd raast er maar een gedachte: niet naar het plafond te kijken! We zeggen voor een laatste keer gedag en verlaten het guest house. Een laatste blik over mijn schouder en ik zie een grote natte plek aan het plafond waar honderden druppels aan hangen te glanzen in het ochtendlicht. De hond likt de plavuizen op de vloer!
Klaar om te vertrekken
We slenteren in stilte naar de vertrekplaats van de bus. Zoals in Ayuthaya en Sukhothai is een plein omringt met shop houses en een kleine markt ook meteen het busstation. We hoeven niet lang te zoeken naar onze bus want Brian en Simone roepen ons al van verre. Zij hebben de bus al gevonden en ook de kaartjes voor ons vieren geregeld. We betalen de schade voor de vervoersbewijzen terug en gaan meteen op zoek naar eten voor onderweg. Jan vertelde ons nog met nadruk om voldoende eten mee te nemen. Je weet namelijk nooit wat je onderweg zal aantreffen!
Het is vandaag mijn verjaardag en we gaan met z’n vieren deze trip naar het noorden van Thailand maken. Een rit van ruim zes uur in de bak van een kleine vrachtwagen. Gelukkig heeft de laadbak van de kleine vrachtwagen wel banken aan de zijkant zodat je toch nog wat comfort hebt.
National Highway 105
Nieuw wegdek
De buschauffeur De rit over de Nationale “Highway 105” is van betoverende schoonheid en laat ons beelden zien die in een steeds sneller dichterbij komende toekomst zullen verder leven als een herinnering. Waarom ben ik niet eerder gaan reizen?, is een vraag die steeds vaker in me op komt. We absorberen het ruige landschap met echte bergen die dor en droog de horizon vullen. Na een flink stuk asfalt komen we op een minder comfortabele verharde zandweg terecht. Tijdens het rijden valt dat nog wel mee maar bij elke halte om iemand aan boort te nemen of iemand te laten uitstappen worden we door de dikke rode stofwolk die ons achtervolgt opgeslokt. Het rode stof zit uiteindelijk overal!
National Highway 105Vluchtelingen kampen
We passeren dorpen, of misschien beter gezegd, officieuze steden, met meer dan 50.000 inwoners die niet op de kaart van Thailand worden vermeld. Het zijn namelijk nederzettingen opgetrokken uit hout en bamboe van bergvolkeren die gevlucht zijn voor het onderdrukkende regime in Myanmar. Deze mensen worden hier in Thailand als slaven gebruikt om voor een paar dubbeltjes per dag onder de altijd brandende zon op de oneindige knoflook en rode pepervelden te werken. Het schijnt hier ook nog gevaarlijk te zijn en regelmatig zijn er schermutselingen tussen de legers van Thailand en Myanmar. Wij hebben hier niets van gezien of gemerkt en genieten van het spektakel dat ons word geboden.
Vreemde vogelsUntitledBergvolk
Bergvolk
Vooral de verschillende bergvolkeren zijn heel bijzonder, zij zijn nog niet bekend met het fenomeen “toerisme”. Ze stapten op de meest verlaten plaatsen in en uit de laadbak gekleed in hun kleurrijke kostuums, kinderen en ouderen. Ze kijken naar ons alsof we van een andere planeet zijn! Voor velen is dit hun eerste kennismaking met een blanke. Dit maakt de lange vermoeiende reis tot een heel pure ervaring.
Bij de aankomst in Mae Sariang staat de eigenaar van het “See View Guest House” al bij de bushalte te wachten. Hij heeft dan toch wel vaker gasten die deze trip hebben gemaakt. Een grote glimmende Amerikaanse 4X4 pick-up truck brengt ons naar zijn guest house.
UntitledMarieke aan het schrijven
Het guest house ligt net buiten het dorp aan een kabbelend riviertje. Het rustig slapende dorpje ligt voor ons in de verte, daarachter zie je de contouren van de bergen in de ondergaande zon. Ja, hier heb ik het meteen naar mijn zin en hier zouden we een kleine rustpauze moeten inlassen. Marieke is het gelukkig met me eens en de eerste geplande rustdag is een feit. Laos zal een dag langer op haar moeten wachten!
Vandaag ben ik ook aan een kleine ramp ontsnapt! Ik was mijn Lonely Planet in de haast vergeten in het restaurant van ons guest house. Gelukkig lag hij er een half uur later nog en kon ik hem ongeschonden oppikken. Pffff, daar moet ik beter voor opletten. Haast is een slechte compagnon wanneer je op reis bent.
Mijn verjaardag met Brian en Simone
’s Avonds bezorgen mijn reisgenoten mij een onvergetelijk en bijzonder verjaardagsfeest. Compleet met taartjes en kaarsjes, èn het “Happy Birthday to you”, zelfs de mensen in het aangrenzende restaurant zingen uit volle borst mee. Nadat de alcohol rijkelijk gevloeid heeft en het restaurant eindelijk wil sluiten lopen we door de zwoele nacht terug naar ons guest house. Vanzelfsprekend wil ik nog niet naar bed en vind het een goed moment om nog “one for the road” te drinken. Tijdens het bestellen in het restaurant van het guesthouse komen er nog wat mensen op de verlichting af waarmee we in gesprek raken. Het maakt de eigenaar van het guest house niets uit. Het is voor hem omzet en we zijn in het midden van niets niemand tot last.
De aangevlogen groep blijkt een verzameling vreemde vogels te zijn. Een Engels stelletje dat de meest onsamenhangende verhalen verteld over drugs en dat ze haast miljonairs zijn. Twee Duitsers met grote kunststof koffers rondreizen die alleen maar over cannabis, magic mushrooms, opium roken en andere geestverruimende middelen praten.
Een joint gaat dus al snel van hand naar hand en ik luister geïnteresseerd naar wat ze zoal te vertellen hebben. Niet veel spannends dus! Ze begrijpen er in ieder geval helemaal niets van dat een Hollander geen cannabis gebruikt. Het is een groot raadsel voor ze dat ik zelfs helemaal geen drugs gebruik! Dat bier drinken vinden zij dan weer helemaal niets! Alcohol is ongezonder dan cannabis roken! Daar zijn ze het al snel over eens. Dat is voor hun de manier om hun verslaving te rechtvaardigen. Ze roken joint na joint en drinken goedkoop drinkwater. Ik zal maar niet over de politie beginnen die in deze landen drugs heel anders aanpakt dan de politie in Europa.
De Engelsman in het bonte gezelschap, Geoff, laat een van zijn ogen op mijn T-shirt vallen, de andere kijkt door de dikke rookwolken zeker in niet in dezelfde richting. Voor deze reis heb ik T-shirts laten maken met een Bart Simpson opdruk. Zijn bijnaam in Engeland blijkt dus Bart Simpson te zijn. Die bijnaam heeft hij verdient met het oneindig nadoen van de stem van Bart Simpson! Een demonstratie kunnen we niet ontwijken. Hij wil graag een T-shirt van mij kopen. En dat is nu juist de clou, ik geef die T-shirts gratis weg aan mensen die wat bijzonders voor mij hebben gedaan of waar ik goede herinneringen aan heb. Mijn T-shirts zijn dus niet te koop!
Hij neemt met mijn uitleg en voorwaarden geen genoegen en hij blijft volhouden dat hij er graag een wil hebben. Dus komt de onvermijdelijke vraag wat ik als tegenprestatie van hem zou kunnen accepteren.
Bij aankomst in het guesthouse had ik een 250 cc motorfiets voor een van de kamers zien staan. En laat die nu van hem zijn! Nou ja, hij heeft die motor voor een paar weken gehuurd om samen met Carroll door het noorden van Thailand te reizen. Zij hebben er voorlopig genoeg van en de bips doet zo veel pijn dat ze wel een rustdag kunnen gebruiken. Hij bied me dus zijn motorfiets aan voor een dag.
Niet nadenken, gewoon doen! Dat is mijn eerste ingeving. Het lijkt mij fantastisch om samen met Marieke voor een dag op de motor de omgeving te verkennen. Marieke is het weer met me eens!
Voor het slapen gaan krijg ik nog een klein cadeau voor mijn verjaardag van Marieke. Ze heeft er zolang mee gewacht omdat ze graag alleen met me was geweest op de avond van mijn verjaardag. Het is een muziekcassette van Bird, een Thais popidool. En daar ben ik heel blij mee!

zondag 23 juli 2017

Thailand: De binnenlanden in

Mae Sot (Nr. 4 Guesthouse), 20 januari 1999

Ik slaap ’s nachts als een os, waarschijnlijk door het Thaise vuurwater, dus daar zal het in ieder geval deze reis niet aan liggen! Vandaag gaan we met de bus op weg naar Tak. Of we daar ook werkelijk aankomen is nog een verrassing. Dat weet je namelijk nooit van tevoren! Gisteren hebben we te horen gekregen dat er een bus rond negen uur zal vertrekken voor de spectaculaire prijs van 32 baht (twee gulden).
Bryan en Simone staan al op ons te wachten met hun rugzakken tegen een muurtje. Alle verhalen over diefstal en berovingen moeten haast wel bedacht zijn. Ik heb me nog geen moment bedreigt gevoelt hoewel je natuurlijk wel altijd een beetje moet opletten. Je moet ze ook geen mogelijkheid geven om er met je rugzak vandoor te gaan. Armoede lijkt troef maar ze lijken de armoede ook zonder probleem te aanvaarden. Het boeddhisme is erg sterk onder de arme bevolking. Een vergelijking met het katholicisme probeer ik te verdringen. Ik heb namelijk weinig met het christelijke geloof.
De reis naar Mae Sot was niet echt spectaculair. We reden over het Thaise platteland en ik vorm mij met elke kilometer een beter beeld van het echte Thailand. Grote dorre donkerrode stoffige velden waarover een paar maanden waarschijnlijk de groene rijst op zal staan. De gammele Thaise bussen brachten ons via Tak, volgens Jan een echte takkestad, waar we moesten overstappen op een kleinere bus naar Mae Sot.
Simone vindt het overduidelijk heel gezellig met z’n vieren en dringt er zelfs bij Bryan op aan om in hetzelfde hotel/guesthouse als ons te slapen. Nu heeft Bryan waarschijnlijk een groter budget en houd hij van wat luxere hotels. Dus gaat gaat tot grote spijt van Simone niet door. Marieke en ik zijn nog op een budget, ikzelf zeker aan het begin van deze reis. Een paar weken, of zelfs maanden, eerder terug naar huis omdat mijn geld op is zou een groot persoonlijk drama zijn!
Tijdens de gebruikelijke zoektocht naar een geschikte kamer voor een nacht val ik van de ene verbazing in de andere. Van matrassen op de vloer die dienen als binnenveld voor een racebaan vol met kakkerlakken tot een afgeleefd Chinees hotel met meer bloed en stront aan de muur dan een gemiddeld slachthuis. Nee, op het platteland gaat de kwaliteit en de geaccepteerde standaard van de hotels/guesthouses met rappe schreden achteruit.
Thaise doodskisten
Toch hebben we vandaag een beetje geluk, na een zoektocht van zeker twee uur vinden we het “Nr. 4 guesthouse”. Een schitterend teak houten huis met een warme douche, en die kan ik zeker gebruiken na de doucheloze dagen in ons guest house in New Sukhothai. Het “Nr. 4 guesthouse” heeft een goedkope dorm (een grote kamer met enkele stapelbedden die veelal door mannen en vrouwen gemeenschappelijk wordt gebruikt) op de begane grond en twee privé kamers, zonder badkamer, op de eerste etage. De eigenaars òf misschien de beheerders slapen zelf in een klein bijgebouw achter het guesthouse. Hoewel de dorm helemaal leeg is wil Marieke toch een privé kamer. financieel maakt het voor mij niet zoveel uit. Voor slechts twee gulden meer hoef ik niet naar het snurken van een kamergenoot te luisteren.
Zodra mijn rugzak de teakhouten vloer van de kamer heeft geraakt ren ik de trap af naar de douche. Ik verbaas me enkele momenten over de warmwater voorziening. De kleine elektrische boiler boezemt me ook wat angst in. De elektrische installaties in Thailand zijn namelijk van een dubieuze kwaliteit en van een aardlekschakelaar hebben ze hier nog nooit gehoord. Na een half uur verschijn ik gewassen en geschoren in onze kamer. Marieke ligt op een matras en vertrouwt haar gevoelens aan haar dagboek toe. Gevoelens. Gevoelens kunnen in de weg staan van goed functioneren. Gevoelens kunnen je voor je voeten gaan lopen en je reis verpesten. Er komt namelijk, zonder enige twijfel, een moment dat je weer uit elkaar gaat. Ik heb dat in Australië al geleerd. Afscheid nemen met gevoelens doet meer pijn dan afscheid nemen zonder gevoelens!
Mae Sot blijkt een onaantrekkelijk nieuw grensstadje te zijn. Dat hebben we tijdens de zoektocht naar een kamer al gezien. Een van de weinige trekpleisters van het stadje zijn de grensovergang met Myanmar, het vroegere Birma, bij het plaatsje Myawaddy en het vertrekpunt van de jungle road naar het noorden.
Belastingvrije sigaretten
De Moei rivierGrensoverschrijdende handel Het is me nog veel te vroeg om de rest van de dag op de kamer te blijven liggen dus besluiten we om de brug over de Moei rivier te gaan bezoeken. Zodra we te voet de hoofdweg met nummer 12 bereiken duurt het niet lang voordat er een Songthaew naast ons stopt. Even later zijn we met een handjevol mensen op weg naar de brug. Dertig cent voor een ritje van ruim vijf kilometer!
Nu kan een brug best wel interessant zijn maar deze brug is hoogstwaarschijnlijk geen architectonisch hoogstandje. Rond, en onder de brug die de beide landen verbind is aan de Thaise kant een markt waar veel goederen uit Myanmar worden verhandeld.
De smokkelaars en kopers komen van heinde en ver om hun waar te slijten en om een voordeeltje the halen. De smokkelaars waden afgeladen met goedkope Chinese goederen gewoon door de rivier naar de overkant onder het toezicht van de soldaten. Ze zullen wel met thee geld (tea money) betaald worden om een oogje dicht te knijpen. Dat “tea money” is trouwens volgens de Thaise bevolking geen omkoping of een vorm van corruptie! Je moet het meer zien als een directe belasting om het inkomen van de slecht betaalde ambtenaren op te vijzelen.
Zoetwater krabben
Zoetwater krabben
Op de markt ligt er niets van mijn gading, mijn rugzak is al zwaar genoeg! Het lokale voedsel vind ik wel interessant. Hoewel ze hier heel arm zijn en er niet veel culinaire bijzonderheden worden verhandeld. Veel mensen hebben zelf een stukje land en een vijver waar ze groenten in verbouwen en vis kweken.
En de brug natuurlijk. De brug is gefinancierd met geld uit het westen, het oorspronkelijke idee is geboren in de jaren vijftig om een autoweg van Istanboel naar Singapore aan te leggen. Een nobel streven als je bedenkt dat de landen langs deze route zowel links als rechts rijden. In Myanmar wordt er rechts gereden en in Thailand links. Ik ben benieuwd hoe ze dit hebben opgelost.
Het antwoord is even simpel als doeltreffend. Een groot bord op het midden van de brug maakte de verkeersdeelnemer duidelijk dat hij van rijhelft moet veranderen. Eigenlijk is er gewoon een kruising op het midden van de brug. Het werkt perfect want in de tijd die ik op de brug was heb ik namelijk geen enkel verkeer gezien.
Het verhaal achter het van weghelft verwisselen midden op deze brug is dat de Thaise en Birmese regeringen het niet met elkaar eens konden worden op welk grondgebied de voertuigen van weghelft moeten wisselen. (Volgens de Lonely Planet) In Thailand rijden ze links en in Myanmar rechts. Wat in principe ook weer vreemd is want Birma is een Britse kolonie geweest. Dus kwam er een oplossing is de vorm van midden op de brug, precies op de grens tussen de twee landen boven het midden van de rivier wisselen de voertuigen van weghelft. Gelukkig rijden ze hier zo voorzichtig dat het geen tot zeer weinig ongelukken oplevert.
Op de terugweg worden we overvallen door de duisternis. Langs de hoofdwegen wemelt het van de kleine restaurantjes die vaak ook maar een hele kleine menukaart hebben. In het overvolle restaurant dat we betreden is er alleen een menukaart in het Thais beschikbaar. Dat maakt het een stuk moeilijker om wat te bestellen! Gelukkig is er man aanwezig die ons in gebrekkig Engels aanspreekt en voor ons wil bestellen. Ik heb die woorden meteen, zoals ik ze hoorde, opgeschreven in mijn notitieboekje zodat ik waarschijnlijk nu zelf eten kan bestellen in de binnenlanden van Thailand.
Na de overheerlijke gebakken rijst, Thaise nasi goreng, gaan we als afsluiting van deze vermoeiende dag nog een biertje drinken in de “Crocodile Tears Bar”, enkele deuren verder van ons guesthouse. Een levendige Thaise band speelt populaire lokale deuntjes en de medebezoekers van de bar dansen er vrolijk op los. In de wetenschap dat we morgen weer vroeg op moeten blijven we toch hangen. Rond twaalf uur speelt de band “Happy Birthday” voor mij. Ik ben nu dus jarig en omringd door velen vreemden en Marieke die zingen en hun glazen heffen op een lang en gezond leven. Negenendertig jaar alweer, de tijd vliegt als je plezier hebt!
We blijven maar één nacht in Mae Sot want opnieuw is er haast geboden. Marieke moet namelijk voor een bepaalde datum in Laos zijn. Morgen trekken we weer verder. Opnieuw vroeg op, en ik vraag me in een mist van Thaise whisky af of dit niet een beetje teveel van het goede is, ik ben tenslotte ook een beetje op vakantie.
Onze rugzakken

Maar als je reist moet je lijden, dat is een wijsheid als een grijze trottoirtegel.

zondag 16 juli 2017

Thailand, nog meer tempels

New Sukhothai (Friend House), 19 januari 1999

Vandaag komen alweer vroeg uit de veren om zoveel mogelijk gebruik te kunnen maken van het daglicht en de koelte van de ochtend. Dus is het al om 05.45 appèl voor de bungalow. Even in de douche kijken. Dit is voor vandaag alweer voldoende! Ik sla wat licht oranje kraanwater op mijn gezicht. Snel aankleden en daarna richting het busstation. Marieke staat ook al klaar bij de poort van Friend House. De bus zal vertrekken tegenover de avondmarkt waar we gisteren ons avondmaal hebben genuttigd. Misschien zit er zelfs nog wel een ontbijtje voor ons in.
We staan er versteld van dat de bussen precies op tijd vertrekken. Daar gaat ons ontbijt dus. Het hulpje van de chauffeur hangt uit de deur van de bus en schreeuwt de plaatsnamen van zijn bestemmingen als een eindeloos islamitisch gebed uit. De bus zit gezien het tijdstip van de dag al redelijk vol met een bonte mengeling van passagiers. Wij zijn de enige westerlingen. Het hulpje verkoopt ons de kaartjes en begrijpt meteen waar we heen willen. Ik veronderstel dat alle blanken die hier instappen allemaal naar Si Satchanalai willen. De chauffeur luistert nauwlettend naar de akoestische signalen van zijn hulpje die af en toe zelfs op het dak moet klimmen om een grote tas of een grote zak met groenten vast te sjorren. Hij belooft ons een seintje geven wanneer we eruit moeten. Ruim een uur later kregen we het sein en stapten uit langs de weg.
Veel mensen zijn erg stil ’s ochtends, dit in tegenstelling tot mijn persoon. Maar ik heb wel geleerd dat ik beter mijn mond kan houden totdat ik zeker weet dat iedereen wakker is. De busreis verloopt dus in grote stilte mijnerzijds. Alleen het gevaarlijk grommen van de dieselmotor vulde de bus.
Ik geniet ook vandaag weer van het uitzicht dat me wordt geboden. Dit Thailand is een heel andere wereld dan dat ik ooit heb gezien. Fascinerend, indrukwekkend, ongelofelijk, een vreemde wereld vol met vreemde mensen en vreemde gewoonten. Buiten is het al erg druk en de bewoners van het platteland lopen als mieren door elkaar om bij de marktkramen die langs de weg staan hun inkopen voor vandaag te doen. Mede omdat de bus haast bij elke palmboom stopt krijg ik een goed beeld van het leven buiten de steden van Thailand. Ze zijn hier in ieder geval niet gewend om veel te lopen want iedereen stapt of recht voor de deur uit òf recht voor de deur in.
De bus komt sissend in een wolk van stof tot stilstand en de hulp van de chauffeur gebaart ons dat we er zijn. Daar staan we dan midden in Thailand. Ik heb geen idee waar we zijn of waar we naar toe moeten. Er is ook geen levende ziel in de buurt die ons op weg kan kan helpen.
Een verkeersbord in het Thais en Engels wijst ons de weg. We volgden een pad dat niet veel belopen wordt, het gras stond er enkelhoog, naar de ingang van het park. Onderweg passeren we een paar eettentjes en weten zeker dat we hier straks onze lunch zullen gebruiken. Door het missen van het ontbijt besluiten we direct om hier maar wat te eten. Het ontbijt voor vandaag bestaat uit lauwe witte rijst met een gebakken ei. Een mens moet eten, niet waar?
UntitledUntitled
Na het verlate ontbijt huren we aan de poorten van het park twee fietsen en vertrekken met de onafscheidelijke fles goedkoop drinkwater in de rugzak het park in. Dat water in flessen is iets waar ik zeker nog aan moet wennen. Thuis drink ik nooit water en dat is zeker een probleem hier. Je zweet heel veel dus moet je zeker ook veel vocht, en niet te vergeten zout, aanvullen. Koude cola en andere frisdranken zijn sowieso uit den boze. Te zoet en te duur om de hele dag naar binnen te gieten. Dus blijft drinkwater, in de dure merk of de goedkopere versie, over.
Een groter contrast had er niet kunnen bestaan tussen de twee parken, de rust in dit park is overweldigend. Ik heb het gevoel dat we alleen op de wereld zijn. Toch zijn alle bekende toeristische attracties hier ook aanwezig, er zijn hier alleen geen toeristen. Olifanten staan rustig in de schaduw van een grote boom te wachten op toeristen die een ritje op hun rug willen maken. Toeristen die waarschijnlijk niet zullen komen. We splitsten ons na een paar kilometer trappen op de pedalen in tweeën want vandaag hebben we de behoefte om alleen zijn. Ik geniet met volle teugen van het alleen en eenzaam door dit grote stille park te dwalen.
Untitled Slapende stoffige vlakte Untitled Wat Chang Lom
Nadat we elkaar per ongeluk weer hebben gevonden bij een tempel die op een heuvel is gebouwd eten we wat van de meegebrachte snack. Gebakken rijst met een ei! Dat was eigenlijk het enige dat op de menukaart stond dat daadwerkelijk ook op voorraad was samen met de lauwe witte rijst. Tijdens de eenzame toch is mijn gevoel dat er bijna nooit iemand hier komt alleen maar versterkt.
Tijdens de vijf minuten wachttijd op de volgende bus om weer terug naar New Sukhothai te gaan komen we het Braziliaanse stel weer tegen. Zij hebben het park ook bezocht. Tijdens het wachten gaat ons gesprek weer verder vanaf het punt waar we gisteren gestopt waren. We vertellen enthousiast over de reis per pickup-truck van Mae Sot naar Mae Sariang. Jan had ons in Bangkok met veel enthousiasme ingelicht over deze “mooier dan Star Trek” reis.
Ze zijn onder de indruk van ons verhaal en besluiten om samen met ons die reis te gaan maken. Ze hebben wel een ruim plan over de route die ze willen reizen maar openstaan voor nieuwe onbekende bestemmingen hoort ook bij het in vrijheid rondreizen met een rugzak. Het lijkt mij niet helemaal koek en ei tussen die twee? Ik heb zelfs het gevoel dat ze een beetje met me flirt om hem te pesten.
Zij vraagt om mijn Lonely Planet om een stukje te lezen en in de haast om de bus te halen is Bryan in de veronderstelling dat het hun Lonely Planet reisgids was. Hij had namelijk ook in de Lonely Planet zitten lezen en de reisgids naast haar neergelegd. Twintig kilometer verderop komen ze dus tot de ontdekking dat zij mijn boek in haar handen had gehad en ze nu hun Lonely Planet kwijt zijn en zo'n boek kost toch al gauw een gulden of vijftig.
Natuurlijk trek ik hier meteen ook een les uit: "Stop alles meteen terug in je rugzak of je broekzak, zo kan je ook niets vergeten in de haast!”
De busreis terug naar New Sukhothai is een ook een belangrijke les voor mij. Retour, hoezo retour. In Thailand kennen we alleen de enkele reis! Opnieuw betalen was het enige dat ons restte.
De buschauffeurs zijn hier zelfstandige ondernemers die de route van enkele keren tot eenmaal per dag afleggen. Dezelfde bus terug te pakken krijgen is bijna onmogelijk.
Al met al was het een zeer geslaagde dag en we zijn uiteindelijk erg blij dat we deze dag voor deze bestemming hebben gekozen. Na aankomst in Nieuw Sukhothai eten we snel wat op de avondmarkt en legen we een fles Thaise whisky voor de bungalow voordat we dronken naar bed gaan. Ik ben helemaal kapot na die drie dagen reizen en bezichtigen. Er komt zoveel op je af dat je moe wordt van het verwerken van je indrukken.
Marieke heeft tussen het openen van de fles Thaise whisky en het naar bed gaan besloten om toch maar met verder te trekken. Het zijn mijn “waterman dingen” geweest die haar van streek hadden gemaakt. Ze heeft het nu onder controle. Morgen reizen we naar Mae Sot vanwaar de jungletocht een dag later zal vertrekken.

vrijdag 14 juli 2017

Thailand: De tempels van Sukhothai

New Sukhothai (Friend House), 18 januari 1999

Ook deze ochtend sta ik weer erg vroeg op en ik weet nu al dat deze reis zeker geen vakantie word zoals ik die uit het verleden ken. We vertrekken al om acht uur op oude gammele fietsen, met de opkomende zon in de rug, richting de oude stad. “Oud Sukhothai” of “Sukhothai” in het kort is een toeristenattractie van de eerste orde.
Onze magen zijn bij gebrek aan wat beters gevuld met een banana-pancake overgoten met twee flinke scheppen bruine suiker en weggespoeld met een flinke mok Nescafé. De smaak van de oploskoffie begint te wennen, hoewel ik nog steeds de voorkeur geef aan een vers gezet bakkie!
Elke tourbus in Thailand gevuld met Europese toeristen maakt hier een stop, er heerst op de parkeerplaats van het historisch park dus een drukte van jewelste. Voor mijn gevoel is het zelfs drukker dan in de wereldstad Bangkok! Omdat we beiden graag goede foto’s maken komt het regelmatig voor dat we tientallen minuten moeten wachten om een foto zonder toeristen op de tempels te kunnen maken.
Untitled
Sukhothai is ook een oude hoofdstad en zelfs ouder dan Ayuthaya. Sukhothai is uit een tijd dat er nog geen Thailand, of Siam, in deze vorm bestond. Er waren meerdere koninkrijken die elkaar onafgebroken bevochten. De geschiedenis op dit schiereiland is een bloederige afgewisseld met lange periodes van culturele bloei. Daar ga ik later deze reis nog veel van zien!
Het park lijkt op het eerste gezicht op een Disney Boeddha land. Een stuk of twintig oude tempels in een enorm park van ongeveer 15 vierkante kilometer. Nadat we ons langs de lange rijen toeristen hebben gewerkt bemachtigen we eindelijk onze toegangsbewijzen. Wij zijn maar met z’n tweeën en daardoor een stuk minder belangrijk dan de passagiers van de tourbussen die met z’n dertigen of veertigen verschijnen! Misschien helpen de fooien/smeergelden die hier “Tea money” worden genoemd en in alle lagen van de samenleving heel normaal zijn en ook openlijk worden geaccepteerd. Corruptie bestaat hier gelukkig niet!
UntitledUntitled
Opgewekt fietsen we na een kilometer of tien het park in. Onze snelheid op de fiets blijkt vroeg in de ochtend een voordeel. De wandelaars aangevoerd door de tourbussen lopen niet zo heel ver van de ingang en bezoeken alleen de dichtstbijzijnde tempels. Wij fietsen gewoon wat verder waar we de tempels helemaal voor ons zelf hebben.
Untitled
Wat me na de tempels van Bangkok en de tempels van Ayuthaya opvalt is dat deze weer een hele stijl op zichzelf zijn. Vanavond moet ik in plaats van teveel alcohol maar eens een overdosis kennis over de verschillende stijlen van tempels en Boeddha’s tot me nemen. Kennis is macht en kennis maakt je indrukken ook intenser en interessanter.
Untitled
Dan is daar ook het onvermijdelijke moment waarop het eten langs de weg maar gewoon moet. Ik kijk hier al vanaf de eerste in Thailand dag tegen op. De keuringsdienst van waren heeft het niet voor niets zo druk in Nederland. Het restaurantje dat we binnen de muren van het park hebben gevonden is niet meer dan een compositie van ruwe houten palen en balken afgedekt met verroeste gegalvaniseerde golfplaten.
Aan de achterkant is een klein kamertje gemaakt waarin de mensen slapen. s’ Nachts en ook overdag! Slapen is de nationale hobby in Thailand. Geen enkele Thai zal een geschikt moment voorbij laten gaan om een dutje te doen. De keuken en het keukengereedschap zien er beide gezond uit en ook de manier waarop de diverse ingrediënten behandeld worden tonen grote zorg en liefde voor het voedsel. Het eten smaakt voortreffelijk en ik bestel zelfs een tweede gerecht. Je moet natuurlijk nog leren welke gerechten je smaak bevredigen en nog belangrijker, welke gerechten je tong en verhemelte niet verbranden. Het pittige eten in Thailand is namelijk zeer berucht!
Ta Pha DaengUntitled
Na een dagje rondfietsen, fiets gehuurd voor iets meer dan één gulden, besluiten we om de zonsondergang achter de vijver te fotograferen. Wij zijn niet de enige die op dit idee zijn gekomen. Terwijl we zitten te wachten tot de gouden bal onder de horizon verdwijnt voegt zich een ander stel bij ons. Na een eerste gesprek komen we te weten dat ze uit Brazilië komen en dat hij, Bryan, een fotograaf is en zij, Simone, een net afgestudeerde jurist. Ze dragen een uitgebreid assortiment camera’s en lenzen bij zich. Het zijn dus de professionals. Zij geeft de lenzen aan waar hij om vraagt en neemt de oude aan om ze snel terug te stoppen in de grote leren tassen. Daar zit ik dus met mijn compact camera, dit is het eerste moment dat ik spijt heb dat ik niet mijn spiegelreflex heb meegenomen. Marieke heeft hem verdomme wel meegebracht.
UntitledPhra Achana in Wat Si Chum
Phra Achana in Wat Si Chum
Ons gesprek ontwikkeld zich in de inmiddels vertrouwde patronen. De vraag: Hoelang ben jij al op reis?, zal ik nog ontelbare keren horen. Ik heb ondertussen ontdekt dat de vragen in 99% van alle oriënterende oppervlakkige gesprekken gelijk zijn. Een soort van interesse voor het bekende. Het vooral oppervlakkig blijven in je gesprek maar tegelijk toch proberen wat diepte te vinden. Ik kom hier later zeker nog wel eens op terug. Op het juiste moment klikken onze camera’s in koor. Ik wil graag wat nieuws proberen wanneer ik per ongeluk ontdek dat met mijn zonnebril op de zonsondergang mooier is. Ik gebruik de lens van mijn zonnebril als kleurenfilter.
1999-01-18_123107flickr
(Bij thuiskomst bleek dit een gouden idee. Op het moment van schrijven kon ik dat nooit weten want mijn film moest nog worden ontwikkeld en afgedrukt in Nederland.)
Zodra de zon is onder gegaan nemen we afscheid van onze nieuwe vrienden en gaan weer richting “Friend house”. We hebben gedurende ons korte samenzijn vandaag gemerkt dat we toch wel vaak dezelfde ideeën hebben.
We hebben goede gesprekken samen en die avond verteld Marieke me dat ze misschien toch wel een tijdje samen met me wil reizen. Ze zal daar later over beslissen. Ze vertrouwt op haar gevoel. Gelukkig komen we de avond zonder grote problemen door en ik heb me voorgenomen om niet meer te kussen. Hoe moeilijk dit ook zou zijn.
Ik heb voor het avondeten gelezen dat het minder bekende Si Satchanalai zeker zo mooi zou zijn als Sukhothai. In de roes van de Mekong besluiten om op onze laatste dag samen naar dit park te gaan voor een waardig afscheid.

donderdag 13 juli 2017

Thailand: Met de trein naar Phitsanulok

New Sukhothai (Friend House), 17 januari 1999

Vandaag vertrekken opnieuw vroeg in de ochtend, maar deze keer gaan we richting het station om met de trein naar Phitsanulok te reizen. Een korte wandeling naar een klein voetveer, overtocht zes cent, en we staan aan de andere kant van de rivier niet ver van het treinstation. Nu rijden er in Thailand voldoende treinen maar de regelmaat waarmee ze rijden is heel anders dan dat wij in Nederland gewend zijn. Eigenlijk zit er helemaal geen regelmaat in. Soms zitten er maar tien minuten tussen twee treinen en dan vertrekt de volgende weer drie uur later.
Ayuthaya-Pitsanulok
Marieke koopt voor ons de treinkaartjes en wanneer ik haar niet met gepast kan terug betalen voel ik die wrijving weer. Ik verontschuldig me en loop snel door mijn papiergeld en een handje vol met muntjes. Ik heb gewoon geen gepast geld! Mijn ervaring is na een dag buiten Bangkok dat een briefje van 100 baht, zeg maar vijf gulden, al groot geld is voor deze eenvoudige mensen op het platteland. Deze patstelling kan nooit lang goed gaan! Ik heb het gevoel dat mijn reisgenoot in een emotionele achtbaan zit. Misschien is het voor beiden beter wanneer we deze week uit elkaar gaan.
Wachten op de trein
Tijdens het wachten op de trein, die natuurlijk een half uur te laat is, loop ik wat rond en probeer de situatie zo goed mogelijk te beoordelen. Ik kan er geen touw aan vastknopen! In de trein zitten we apart! Een stuk uit elkaar. Marieke wijst me een zitplaats aan en loopt verder naar haar eigen plaats. Het mag in Thailand allemaal een beetje primitief zijn maar de zitplaatsen in de trein zijn genummerd en het nummer dat op jouw kaartje staat is jouw zitplaats.
Tijdens de vijf en half uur durende treinreis begon ik redelijk trek te krijgen. Het kleine westerse ontbijt in een van de tienduizenden guesthouses in Thailand is niet voldoende voor een gezonde Nederlandse man om de dag door te komen. Het is net genoeg om je tot de volgende voedselverkoper te brengen!
Voedselverkopers lopen in een lange optocht onafgebroken door de trein op en neer. Sommige verkopers verdwijnen en stappen over op een tegemoet komende trein om zo weer richting huis te gaan. Sommige verkopers worden onderweg bevoorraad en nieuwe verkopers komen op de trein. Het gaat allemaal even gemoedelijk en het heeft er helemaal van weg dat ze elkaar niet beconcurreren of in de weg lopen. De ene verkoper van geroosterde kipkluifjes wordt vervangen door de andere verkoper van dezelfde etenswaar.
Het eten van die ene verkoper ruikt nog beter dan de witte bakjes van de ander. Ik ben ook nog te bang om iets van een verkoper langs de weg, of in dit geval, in de trein, te eten en erg ziek te worden. De reisgidsen staan vol met adviezen over het niet eten van stalletjes langs de weg. Ons gestel zou daar niet op ingesteld zijn. Ik sla een zucht van verlichting wanneer ik de balletjes rijst van gisteren herken.
Ik bestel er nu maar twintig, ik weet tenslotte dat ze me goed zullen smaken en ik ben er gisteren niet ziek van geworden. Het ritueel is haast hetzelfde als dat van gisteren. De vrouw knipt de balletjes met een schaar los van de streng en laat ze behendig in een doorzichtig plastic zakje vallen, alleen deze keer ontbreekt de gember. Ook is de prijs wat hoger! Ik vraag me af of dat komt omdat ik een wit gezicht heb of dat we nu in de trein zitten. Ondertussen heeft Marieke zich bij me gevoegd omdat de trein steeds leger raakt. Ze vind het nog steeds niet zo’n goed idee om in de trein te eten. Dus eet ik alleen in stilte.
Klaar voor vertrek
De weg vinden naar je bestemming van de dag is op zich zelf al een avontuur. Het vragen naar de weg en de manier om daar zo snel mogelijk te komen. Iedere stad heeft namelijk enkele busstations. Je komt aan in busstation A en moet naar busstation B om je aansluiting te vinden. Tussen de busstations heerst een levendige handel van taxi’s, Tuk-Tuk’s, trishaw’s en stadsbussen. We horen van een voorbijgaande medereiziger dat er een stadsbus rond rijd en dat die bus angstvallig word verzwegen voor de toeristen, bus nummer 1 zou het moeten zijn.
Navraag aan een voorbijganger helpt niets en de groep toehoorders, nieuwsgierigen en taxichauffeurs groeit met elke minuut die verstrijkt. Het duurt niet lang of een witte bus met een groot bord “1” achter de voorruit verschijnt op de aangewezen plaats voor het station. We stappen snel in en laten een groep verbaasde taxichauffeurs achter.
Ik heb intussen ook al mijn eerste Thaise woorden geleerd. Satani rot meh, “busstation”. We verwisselen van bus, die zijn echt heel goedkoop, in het volgende busstation en gaan weer verder naar Nieuw-Sukhothai. Net voordat we aankomen in Nieuw Sukhothai verteld Marieke dat ze besloten heeft om alleen verder te gaan. Ze wil overmorgen alleen naar Chiang Mai vertrekken. Wat er tussen ons is gebeurd stoort haar emoties en staat haar gevoelens in de weg. Erg jammer, in de paar dagen dat we samen zijn geweest heb ik erg van ons samenzijn genoten.
Nieuw Sukhothai is geen aantrekkelijke stad. De betonnen blokkendozen, shophouses, die zo kenmerkend zijn voor dit werelddeel zijn ruim in de meerderheid. Met de Lonely Planet in de hand gaan we op zoek naar een guest house, er is maar weinig keuze. Of ze zijn vol, of smerig, of een combinatie van die twee. De keuze is aan Marieke, mij maakt het allemaal niet zoveel uit.
We nemen uiteindelijk onze intrek in het "Friend house”, net over de rivier aan de weg naar het “Oud Sukhothai”. Een rij vieze kamertjes in de Thaise bungalowstijl, die me het meest doet denken aan een rij schuurtjes in een volksbuurt, met insecten als kamergenoten en een restaurant waar je absoluut niet wil eten. Het is maar voor twee of hooguit drie nachten, wat maakt het dan ook uit? Heel veel, ik neem me meteen voor om nooit meer in zo’n primitieve plaats te slapen tenzij het ècht niet anders kan.
Tijdens het avondeten en het drinkgelag daarna, met veel zoete Mekong Whisky gemixt met cola, verbeterd de relatie tussen ons. We praten veel en openhartig over ons verleden en onze gevoelens.
Het is onbegrijpelijk gemakkelijk om bij een wildvreemde je hart uit te storten. Maar wanneer het tijd is om naar bed te gaan ben je toch weer alleen. Half aangeschoten door de Mekong Whisky zie ik een surrealistisch beeld van mijn kamer.
Jezus, wat is het smerig hier! Het door de Thaise aarde rood gekleurde leidingwater heeft lange rood/oranje strepen achtergelaten op de lichtgeel geverfde muur in de badkamer alsof iemand een fles tomatenketchup leeg heeft laten lopen. Ik kijk nog eens goed rond en ontdek dat de onderkant van de met zink beklede houten buitendeur vijf centimeter is weggerot. Ik besluit die avond terstond, voor de eerste keer deze reis, om het douchen maar een dagje over te slaan. Ik heb het idee dat ik er smeriger onderuit zou komen dan dat ik eronder zou stappen. Het klinkt misschien vreemd, lekker niet wassen! In de tropen zweet je heel veel maar het is een heel ander soort zweet. Je stinkt namelijk niet! Het is meer zoals sportzweet en niet werk/stresszweet.
Voor het slapen gaan ruim ik nog even wat spullen op die ik wil bewaren en schrijf de gebeurtenissen van vandaag in mijn dagboek. Wanneer ik het treinkaartje nog eens goed bekijk valt het me op dat we helemaal geen vaste genummerde zitplaatsen hadden. Het was vrij zitten! Dat valt me koud op mijn dak en ik kan niet geloven dat we na zo’n gezellige avond zo ver van elkaar staan. Ik verwacht dat ik morgen wel zal uitvinden hoe we er ècht voor staan.

Thailand: De eerste echte cultuur

Ayuthaya (Ayuthaya GH), 16 januari 1999

Veel later dan gepland kom ik van het slechte matras omhoog. Schud mijn hoofd en zoek automatisch naar de fles water die naast mijn bed moet staan. Boven mij draait een plafondventilator trouw zijn rondjes. Een slok lauw water, die slecht smaakt, en dan naar het toilet. Het koude water brand op mijn gezicht. De derde kater in de eerste week, dat moet dus ook veranderen.
Merry V Guest House
Mijn rond het bed uitgestalde spullen verdwijnen zonder enige vorm van orde of logica in mijn rugzakken. Ik trek de veters aan, druk de sluitingen, rits de ritssluitingen dicht en ben bijna klaar om op pad te gaan. Een laatste blik rond de kleine kamer is de belangrijkste handeling handeling van de dag. Zorg dragen dat je niets van je uitrusting achterlaat. Je zal verbaasd staan over wat mensen zoal vergeten door de haast om op tijd te vertrekken.
Beneden zit het restaurant al vol. Veel mensen maken zich klaar voor een dag Bangkok, een dag niets doen of een vertrek naar de volgende bestemming. Verbaasd kijk ik naar de vreemde kleren en haardrachten. Ook op de tafels staan allerlei vreemde gerechten die ik nooit had verwacht. Het lijkt dat je verblijf in een vreemde nieuwe omgeving ook je eetgewoonten veranderd. Yoghurt met een banaan in schijfjes voor ontbijt? Geef mij maar de twee gebakken eieren met een paar sneetjes toast. Het enige waar ik nog aan moet wennen is de Nescafé die hier in Thailand tot de god van de ochtend is gepromoveerd maar thuis in Nederland wordt verguisd.
Marieke zit in haar reisgids te lezen en is daar zo druk mee bezig dat ze me niet opmerkt wanneer ik van de trap kom. Pas wanneer ik de stoel verschuif om plaats aan tafel te nemen kijkt ze verbaasd en geërgerd op. Een vreemd gevoel bekruipt me, ik kan het niet plaatsen maar ik voel een spanningsveld tussen ons.
Na een comfortabele reis van een uurtje of twee in een minibus is onze eerste halte Ayuthaya. Ik heb nog steeds het gevoel dat er iets aan de hand is, de stilte tussen ons valt gewoon op. De bulderende lach van Marieke blijft stil.
Bij aankomst in Ayuthaya blijkt het busstation midden in de oude stad te liggen. Het is maar een korte wandeling naar het straatje waar zich de meeste guesthouses bevinden in de oude stad. Marieke heeft onderweg in de minibus al een guest house gekozen en dat gaan we als eerste proberen. Ik was veel te druk bezig met het naar buiten kijken en het in me opnemen van de nieuw te ontdekken wereld. Ik vind het wel lekker dat Marieke het initiatief neemt, het geeft mij de mogelijkheid om mijn energie aan al dit nieuws te besteden.
Het Ayuthaya GH is een mengsel van steen en teakhout gebouwd aan het einde van wat een doodlopende weg lijkt. Alles is voor mij weer even nieuw en ik geef toe dat ik zelfs een beetje verlegen ben in al die nieuwe situaties. Schoenen en sandalen buiten laten is een van de nieuwe regels waar ik aan moet wennen. Er is ook een eerste tegenslag, geen een-persoons kamers! De enige kamer die nog vrij is blijkt een prijzige super de luxe kamer met een privé badkamer en een groot tweepersoonsbed.
Hier beginnen zich de eerste problemen te openbaren. Hoe slaap je met een wildvreemde in één kamer? En nog moeilijker, hoe, in een tweepersoonsbed? De vragen over privacy gaan de boventoon voeren in deze situatie. We nemen uiteindelijk de kamer, min of meer omdat we geen andere keuze hebben, en de stilte hangt in de lucht als teken voor de zichzelf aankondigende problemen.
De rugzakken worden in stilte uitgepakt en de diverse persoonlijke onderdelen van de bagage duidelijk gescheiden uitgestald op de tafeltjes en stoelen in de kamer. De eerste dag samen is niet zoals ik me had voorgesteld. Marieke is een beetje te dominant en ik te bang om haar in deze vroege stage van mijn reis los te laten en alleen verder te gaan.
Na een snelle simpele lunch gaan we uit elkaar. We hebben even wat ruimte nodig. Ik huur een fiets bij het Ayuthaya GH en trek er, met een gekopieerd kaartje van de oude stad dat ik van de eigenaar van het guest house heb gekregen, alleen op uit.
Wat Lokayasutharam
Het wordt een onvergetelijke eerste ontmoeting met de eeuwenoude tempels van Thailand. Ayuthaya was de koninklijke hoofdstad van Siam van 1350 tot 1767. Voordat het de hoofdstad van Siam werd was het een Khmer grenspost. De oude naam “Ayodhya” is dan ook vanuit het Sanskriet gekomen en betekent, ontoegankelijk of onverslaanbaar. De Ayuthaya periode wordt vaak gezien als de gouden periode van Siam. Geschiedenis werd hier geschreven en de kunst en handel bloeiden hier als nooit tevoren.
Drieëndertig koningen heersten over Ayuthaya voordat het door de Burmezen werd veroverd. Op haar hoogtepunt was het een handelspost voor de Portugezen, Fransen, Engelsen, Chinezen, Japanners en Nederlanders. Aan het einde van de 17e eeuw was de bevolking van de stad gegroeid tot meer dan een miljoen en een ieder die de stad gezien had vertelde dat het de meest roemrijke stad was die ze ooit hadden gezien. Mooie oude tempels en Boeddha beelden, vele eeuwen oud en vaak bedoven onder bloemen en andere offers.
Wat Mahathat
Wat Chai WattanaramWat Mahathat Wat Yai Chai Mongkon
Wat Yai Chai Mongkon
Ik fiets rustig door het oude dorpje/stadje dat eigenlijk een groot museum is. Het links rijden blijkt niet zo moeilijk, het drukke verkeer dat van alle kanten op je af komt is soms wel een beetje angstaanjagend maar ze gedragen zich heel netjes.
Wat Chai Wattanaram
De rust van het Wat Chai Wattanaram, een park met een groen gazon en tientallen eeuwenoude monumenten, waar je kan wegdromen over wat zich hier honderden jaren geleden heeft afgespeeld. Wat Phanan Choeng, een tempel uit de 14e eeuw waar een 19 meter hoge Boeddha je vanuit de hoogte aankijkt. De tempel is een bedevaartsoord en wordt dagelijks door vele honderden mensen bezocht.
Wat Phananchoeng
In Wat Phanan Choeng gebeurt er iets wat ik heel vreemd vond en niet kan verklaren. In het begin van je reis kopen velen meteen aardig wat souvenirs, persoonlijk was ik meteen verknocht aan die kleine Boeddha amuletten die je in een medaillon kan laten plaatsen en aan een ketting draagt. Haast iedere Thai is behangen met die amuletten voor geluk en bescherming. Ik ben natuurlijk nog een leek op dit gebied. Maar schoonheid herken je meteen, het grijpt je en laat je niet meer los. Mijn oog viel op een klein amulet van klei.
Een monnik achter de vitrine vroeg me in opvallend goed Engels wat ik vond van het Boeddhisme. Ik heb me nog geen mening kunnen vormen en ik bezit ook niet de kennis om al een mening te hebben, maar ik zou die kennis zeker verwerven in de lange tijd die ik nog te gaan heb in Thailand.
Hij verteld me dat hij zich ervan bewust is dat ik al een hoge graad van verlichting heb bereikt! Hij heeft voor mij dan ook een speciaal amulet! Hij verlaat de kleine winkel en komt een paar minuten later terug met een mooi messing kleurig amulet. Geld wil hij er niet voor hebben, een offer voor de tempel word wel op prijs gesteld.
Een moeilijk punt voor een verse wereldreiziger uit Nederland. Is het een verkooptruc of oprechtheid? De westerling met zijn gezonde wantrouwen en vooroordelen is snel uit balans gebracht. Ik ben ondertussen op de hoogte van de prijs van die klei amuletten en beslis zonder een aanwijsbare reden dat het dubbele van de gewone verkoopprijs zeker op zijn plaats is. Mijn papiergeld verdwijnt geruisloos in een grote aardewerken vaas naast de vitrine en ik word door de monnik naar de tempel ingeleid.
Het is een enorm en indrukwekkend gebouw. Een explosie van van kleur omgeven door goud. Ècht goud! Bladgoud is overal! Nadat ik van mijn goedkope sandalen ben ontdaan wordt ik in stilte naar binnen geleid. In de enorme ruimte waar de grote Boeddha op een voetstuk zit leid de monnik mij naar een van de hoeken waar ik op mijn knieën voor een monnik in een oranje gewaad moet gaan zitten.
De oude monnik zit op een koffietafeltje en moet zeker één of andere hoge priester zijn. Na een kort gesprek in het Thais tussen de twee in oranje gehulde mannen knikt de oude monnik met een vriendelijke glimlach naar mij. Er word door de monnik voorgedaan hoe ik mijn handen moet vouwen en ook hoe ik moet buigen voordat ik het wist was ik gezegend door de hoge priester.
Tenminste, daar leek het op. Een kwast werd gedoopt in een bak met water waar van die gouden snippers in dreven. Een paar slagen met de natte kwast en het water reinigde mij van mijn weinige zonden. Ik was weer rein en puur! Een al met al indrukwekkende ceremonie. Het viel mij wel op dat in het halfuur dat ik in de tempel verbleef na de reiniging niemand anders het ritueel onderging. Misschien is het toch iets speciaals geweest.
Vermoeid en voldaan, ik heb zeker dertig kilometer gefietst onder een brandende tropenzon, vind ik vroeg in de avond de weg terug naar het guest house. Ik heb ondertussen een stevige trek maar ben ook bevreesd voor wat er allemaal langs de weg wordt verkocht. De geur van eten hangt overal in de lucht en trekt me met tientallen onzichtbare handen naar een van de kraampjes langs de weg. Bij een kraampje probeer ik één van de vele snacks die de Thais de hele dag eten. Het zijn balletjes zo groot als spruiten die als een enorm kralensnoer op een houtskoolvuur worden geroosterd.
De lokale venter met zijn fiets en zijspan doet goede zaken en dat geeft mij vertrouwen in de kwaliteit van het eten. Er staan zeker tien klanten te wachten om te worden geholpen. Wachtende op mijn beurt probeer ik uit te vinden hoe ik kan uit leggen wat ik wil en wat het kost. Ik spreek natuurlijk nog geen woord Thais, waaruit de balletjes bestaan blijft dan ook een verrassing. Ik open en sluit twee keer mijn rechter hand terwijl vele nieuwsgierige ogen mijn handelingen volgen.
Tien balletjes met de bijbehorende rauwe witte kool, wat ingelegde gember en veel spaanse pepers gaan in een plastic zakje. 20 Baht! Gewoonweg heerlijk! De eenvoud van een mengsel van rijst en vet varkensvlees. Een balletje, een stukje rauwe wittekool, een stukje ingelegde gember en voorzichtig met die hete pepers.
Wat Yai Chai Mongkon Deze eerste dag buiten Bangkok is uiteindelijk een heel bijzondere geweest, de eerste ontmoeting met “de echte Thaise bevolking”, die zo vriendelijk en trots zijn dat je van zo ver bent gekomen om hun land te zien. Ik heb in één dag al zoveel gezien dat ik denk dat ik in een “scenic overload” ben geschoten.  Hoeveel kilometer ik precies heb gefietst en hoeveel foto’s ik vandaag heb gemaakt is niet te schatten. Ik heb aan de lopende band foto’s gemaakt en denk bij mijzelf, ik bekijk het allemaal wel als ik weer thuis in Nederland ben!
Marieke blijkt een beetje gehaast, persoonlijk had ik nog wel een dagje langer in Ayuthaya willen blijven dan deze halve dag maar ik heb ook geen zin om alleen achter te blijven. Marieke is namelijk op weg naar Laos en heeft deze plaatsen allemaal al meer dan eens bezocht. Het kan ook nog wat van die gejaagdheid zijn geweest die ons in de westerse wereld wordt opgedrongen.
Het moet ook voor haar een beetje onwennig aanvoelen om met een vreemde kerel op pad te zijn en je tijd en privacy te delen. Dat terwijl je juist alleen op reis bent gegaan voor de rust en om met niemand rekening te hoeven houden. Maar ja, mensen zijn nu eenmaal kuddedieren! En steeds hangt die haast zichtbare spanning tussen ons in de lucht.
Copyright/Disclaimer

Gratis eboek downloaden/lezen?