dinsdag 12 april 2011

Canada: Voor het eerst in Noord Amerika

Toronto (Canadiana Backpackers Inn (485))

Gisterenavond was het toch nog later geworden dan ik had gepland. De twee uurtjes die ik in de middag had geslapen kwamen me dus goed van pas. Opvallend beter dan bij andere vooravonden van vertrekkende vluchten had ik vannacht geslapen en ik had dus ook weinig van de regen gemerkt. Het weer veranderd in Zaltbommel nu ik op reis ga!
Het is druk in de trein en de mensen zijn stil. Tegenover me zit een meisje haar gezicht te spiegelen in een iPhone en kleurt haar wenkbrauwen met mascara. Het is een vreemde kille stille wereld in de trein van 07:10 naar Utrecht CS.
De intercity naar Schiphol heeft een paar minuten vertraging en dat is net genoeg om een bekertje Douwe Egberts koffie op het perron te kopen. In de trein naar Schiphol zijn er wel gedempte stemmen in de verte maar het is nog geen feest. Tachtig procent van de passagiers, jong en oud, zitten weggedoken in een gratis krant naar een mp3 speler te luisteren. Sociaal gedrag is ver te zoeken en de angst voor het onbekende overwint.
Op Schiphol gaat het allemaal heel erg gemakkelijk en ik print de twee boardingpassen uit aan een kiosk. Een geweldige snelle en simpele oplossing! Op het internet inchecken en op Schiphol snel gewoon uitprinten. Er komt geen sjagerijnig mens meer aan te pas. Drie uur voordat mijn vliegtuig volgens het schema moet vertrekken sta ik ik de enorme vertrekhal waar een nog grotere verbouwing aan de gang is.
Internet is nu gratis op Schiphol! Iedereen mag twee keer een half uur inloggen maar daarna wil moeder KPN geld zien. Een half uurtje onder het genot van een kop koffie is voor mij voldoende. Ik denk eens diep na en droom over de zaken die ik nu weer te zien krijg op dit nieuwe avontuur.
De koffie is een genot maar de bediening is van de oeronvriendelijke kwaliteit zoals ik dat nu op Schiphol gewend ben. Het is erg jammer dat Cees de Snor er niet is want anders had ik daar natuurlijk een bakkie gedaan. Ik weet zeker dat een hoop vaste passagiers Cees zijn humor en vriendelijkheid zullen missen.
Aan boord van de Airbus A321 van British Airways gaat alles als een razende Roeland! Er is maar heel weinig tijd tussen het opstijgen en het landen en om eerlijk te zijn begint het vliegtuig al weer snelheid te verliezen als ik nog niet eens halverwege ben in het zakje zoutjes. Vanaf ruim 7000 meter hoogte zie ik het kanaal en realiseer me dat er niet eens zoveel water tussen Engeland en Nederland ligt.

Op Heathrow zijn de controles nog het strengste van alle vliegvelden waar ik ooit ben geweest. Binnen tien minuten gaan mijn spullen twee keer door de scanner, worden de vloeistoffen op hun brandbaarheid gecontroleerd en worden mijn gezicht en boardingpas vergeleken met mijn paspoort. Een broodje Chorizo met paprika en een flesje Coke Zero zijn de lunch.

Internet is helaas niet vrij en ik vind € 14,- voor twee uurtjes een beetje aan de prijs. Rustig wacht ik totdat het licht “BOARDING” van vlucht BA0099 naar Toronto begint te knipperen. De tweede etappe staat op het punt te beginnen.
De niet meer zo jonge Boeing 777 moet me naar de andere kant van de grote plas brengen. Het is voor mij de eerste keer dat ik de Atlantische oceaan oversteek en natuurlijk een mijlpaal, net zoals ik voor de eerste keer de evenaar passeerde.

Meer dan zeven lange lange uren met een stoel aan het raam. Ik wil nu eenmaal graag aan het raam zitten omdat ik dan mij GPS in de gaten kan houden. En die films zijn toch allemaal ingekort en gewijzigd zodat zelfs orthodoxe Joden ze kunnen bekijken.

Slapende oudjes aan de ene kant en een grijs wolkendek aan de andere kant, het had niet eentoniger kunnen zijn. Dus kneep ik mijn oogjes maar dicht en probeerde wat te slapen. Ik werd gewekt door een purser voor een snack en een drankje en ik wil van deze gelegenheid meteen gebruik maken om te melden dat de service aan boord uitstekend was. Ik heb wel eens andere verhalen gehoord over British Airways. Het wolkendek verdween langzaam en het schouwspel bood mij een lappendeken van meren en plassen omringt door beboste heuvels. Het ruige Canada van de avonturenverhalen.

De zon stond al laag aan de hemel toen we eindelijk op Pearson International Airport landden. De reis zat er nu bijna op en ik moest alleen nog in de stad zien te komen. En dat was weer een heel ander verhaal. Volgens de instructies van het hostel was een shuttle bus voor € 18,- een goede optie! Nou, ik slap niet in een hostel om een busmaatschappij te spekken dus ging ik op zoek naar een alternatief.
Een kort gesprek met een medereiziger was voldoende om mijn weg te zoeken naar de “TTC Rocket”, een gewone lijndienst die je voor C$ 3,- naar het centrum van de stad brengt. Het duurt wel 45 minuten langer maar dat vond ik in dit geval geen enkel probleem. Eerst met bus 192 naar Kipling Station en dan met de trein/ondergrondse naar St Andrew. Ook onderweg werd ik door medereizigers goed opgevangen en geholpen. Het ziet er allemaal uit als een vriendelijke wereld.

Het “Canadiana Backpackers Inn” was precies wat ik me er van had voorgesteld. De hele ervaring deed me toch al aan Australië en Nieuw Zeeland denken. Een hostel voor de feestende jeugd maar waar toch rekening wordt gehouden met de wat oudere reiziger. Mijn bedje was snel opgemaakt in een drie beds-dorm en na een laatste Coke zocht ik mijn bed op. Ik was weer 6275 Km verder gereisd in mijn zoektocht naar mijn Shangri-La.
Ik hoop niet dat de vijf uur tijdverschil, elf uur in een week, me problemen geeft!
Copyright/Disclaimer