maandag 11 november 2013

Thailand: De duizend kilometer voorbij

Khong Chiam (Apple Guest House (7)

Het is nog geen half zeven wanneer het licht van de rijzende zon me wekt. Na drie hele leuke dagen met Jan wordt het nu weer echt tijd om verder te gaan met mijn tocht rond Thailand. Bezorgt kijk ik uit over de rijstvelden naar een lucht die betrokken is en maar weinig blauw laat zien.
In alle stilte pak ik mijn rugzak in en verplaats al mijn bagage naar de achterkant van de motor. Het elastieke net dat ik gisteren heb bedacht blijkt niet zo’n goed idee te zijn geweest. Veel te klein en teveel scherpe metalen haken. Later zal ik nog eens kijken of ik het op een andere manier kan gebruiken. Na enkele koppen koffie nemen Jan en ik afscheid van elkaar en vanaf dan is het weer de open en onbekende wegen van Thailand.
Het is inderdaad fris in de ochtend, net als gisteren. Het mag dan wel negentien graden zijn maar de rijwind maakt het toch frisjes. Tijdens de traditionele tosti’s en de liter hete thee bij de 7-11 haal ik uit voorzorg toch maar mijn jas tevoorschijn.
‘Beter te warm dan te koud’, is een oud gezegde onder de reizigers.
Nog geen tien kilometer verder gaat de jas voor het eerst op deze reis aan. Later in de bergen zal ongetwijfeld ook de fleece ‘s morgens aan gaan tegen de kou. De ruim tweehonderd kilometer voor vandaag gaan snel. Zo snel dat ik al binnen twee uur ruim binnen mijn schema zit. De wegen zijn zeer goed en de snelheid ligt hoger dan gewoonlijk.
Tijdens mijn tweede stop controleer ik hoever ik nog van de “Bierflessen Tempel” ben. Een van de redenen waarom ik in deze uithoek van Thailand ben. Tien kilometer geeft de GPS aan maar er is ook iets vreemds. NoordWest? En ik rijd richting ZuidOost? Dan ben ik er toch al voorbij?
En inderdaad, ik ben in al mijn opperste concentratie en enthousiasme langs de tempel gereden. Waarschijnlijk ook omdat de tempel vanaf de openbare weg moeilijk te zien is. De tien kilometer hemelsbreed zijn zestien kilometer over de weg! Tweeëndertig extra om een tempel te zien en enkele foto’s te maken? Natuurlijk draai ik om en rijdt terug. Ik heb het er wel eens met Henk over gehad wie deze tempel als eerste zou bezoeken en bij deze ben ik de waarschijnlijke winnaar.

De tempel is een mooi staaltje huisvlijt maar als je er goed, en diep, over nadenkt dan slaat het natuurlijk helemaal nergens op! Een religieuze plaats opgebouwd uit de flessen die het water van de duivel hebben vervoert. Misschien is dit wel een voorbeeld van wat de stilte en de eenzaamheid in de Isaan met je doet. De stilte heeft al velen gek gemaakt en de eenzaamheid zal ook zeker nog velen meer gek maken.

Naarmate de rit vordert, ik loop na het bezoek aan de flessen tempel wat achter op het schema, wordt het steeds drukker met politie en het leger. Ik passeer namelijk het tussen Cambodja en Thailand omstreden gebied waar de oude Khmer tempel “Khao Phra Wiharn” ligt. Vandaag is de uitspraak in Den Haag aan wie deze tempel nu eigenlijk toebehoort en volgens de politieke ingewijden kan deze uitspraak wel eens tot een uitbarsting van geweld leiden. Voor mij maakt het weinig uit want wanneer ik passeer ligt het overgrote gedeelte van Nederland nog op een oor.

En zo rijgen de kilometers een eindeloos snoer. Wanneer ik pauzeer probeer ik dat altijd te combineren met een bekende, of onbekende, of bijzondere bezienswaardigheid. Deze in Buntharik is ook een mooie!

Een monument opgericht voor de deelname aan het jaarlijkse wasfestival in Ubon Ratchatani.

Drie jaar geleden heb ik samen met Jack de voorbereidingen in de tempels van Ubon Ratchatani voor dit festival bezocht. En dat was zeer indrukwekkend. Wanneer je hier klikt: “Ze smelten de kaarsen”, kan je de foto’s bekijken en het verhaal lezen.
De reden waarom ik in deze uithoek van Thailand zit is een enorm stuwmeer. Al vanaf de eerste keer dat ik in Thailand was wilde ik een keer om dat meer heenreizen. Maar openbaar vervoer is schaars! Niemand gaat naar deze verlaten uithoek van Thailand zonder goede reden. En nu ik op de motor ben weerhoud me niets om deze rit te maken.

De wegen zijn opvallend goed, leeg en bijna verlaten. De kilometers gaan sneller dan verwacht en omstreeks half twee sta ik bij het resort dat ik had gekozen om de nacht door te brengen. Het resort is er en ziet er vanaf een afstandje beter uit dan ik had verwacht. Maar ik twijfel! Na een paar drukken op de knoppen van mijn GPS zie ik dat mijn volgende stop maar honderd achtendertig kilometer verder is, en die stop is een “must stop”. Die kilometers nemen ongeveer drie en een half uur in het zadel in beslag. Ik denk nog een keer diep na en besluit verder te rijden. Het moet geen probleem zijn om voor het donker in Khong Chiam te zijn! Wat moet ik hier doen zo alleen midden in jungle van de Isaan? Wanneer ik met Lyka was geweest dan waren we waarschijnlijk wel gestopt. En zo rijdt ik door op weg naar Khong Chiam waar ik ook de roots van mijn eerste reis probeer te zoeken. Maar niet voordat ik een blik heb geworpen op dit enorme stuwmeer.

In het kleine stadje Khong Chiam komt me weinig meer bekend voor. Alleen de tempel aan het einde van een weg roept nog wat herinneringen bij me op. Zelfs bij het Apple Guest House moet ik toch wel heel diep in mijn geheugen zoeken om aanknopingspunten te vinden. Ik was daar in 1999 ook heel erg ziek en had dus ook wel andere dingen aan mijn hoofd. Zodra ik boven aan de trap sta herken ik de kleine veranda waarop ik enkele dagen ziek heb zitten zijn.

Mijn reisdag is tot een goed einde gekomen en ik heb vandaag wel een hele lange etappe afgelegd!  347 Kilometer, dit was ècht niet mijn bedoeling maar het is er gewoon van gekomen. 1.344 kilometer heb ik afgelegd sinds ik ben vertrokken. De moraal is hoog en ik geniet nog van elk moment op de motor. Morgen heb ik in ieder geval een gemakkelijke dag voor de boeg. Maar eerst even relaxen om met een koude Leo de trillingen van mijn motor uit mijn armen te laten glijden.
Nu ik aan de Mekong rivier ben angekomen is de zoetwater vis uit de rivier overal een specialiteit. Ik heb trek als een paard en na een korte douche ga ik op pad voor voedsel en een koude Leo. Gebakken groenten en gefrituurde Mekong zoetwatervis in chilisaus.

Die laatste zijn wel heel bijzonder want na een paar minuten gepeuterd te hebben met de kleine visjes blijkt dat je ze helemaal met schubben, vinnen en kop moet verorberen. Ik moet wel even wennen aan deze gedachten maar wanneer ik er eenmaal aan ben begonnen valt het allemaal wel mee. De graat is knapperig gebakken in de hete olie en slechts af en toe moet ik een harde graat uit mijn mond halen. De saus is fantastisch met een vleug gember en kaffir lime.

Als ik zo naar mijn bordje kijk zijn alleen de koppen van de visjes blijven liggen! Hahaha! Die kreeg ik echt niet naar binnen. Vermoeid zoek ik al vroeg mijn bed op. Het was weer een hele mooie dag in het paradijs en ik hoop dat er nog veel voor me liggen.

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai - Surin - Si Saket - Khong Chiam 997 + 347 = 1.344 Km

zondag 10 november 2013

Thailand: Het is al fris in de ochtend

Si Saket (Bij Jan thuis)

Het is nog steeds vreemd weer wanneer ik om half acht op sta maar van de verwachtte regen, die het gevolg is van een tyfoon, is weinig te bekennen.

Het is wel wat frisjes wanneer ik me, met de koffie en de laptop, op de veranda voor het huis neervlij. Voor een moment denk ik nog om mijn fleece te gaan halen maar dat zou voor de buren van Jan toch wel een heel vreemd gezicht zijn! Gisteren was het een rustige en kleurloze dag. Heerlijk geluierd en afgesloten op de markt met een Thaise maaltijd en wat Thaise bieren en vandaag staat er ook niet zo heel veel op het programma. Ik wil nog even langs de Big C voor een waterdichte tas en ik moet op zoek naar een grote plastic zak voor in het geval dat ik toch veel regen te verwerken krijg.
Nog voordat we op weg gaan voor het eenvoudige ontbijt maak ik een plan over welke wegen ik ga rijden. De komende twaalf etappes zijn ruim 2400 Km bij elkaar. Een schitterend vooruitzicht wanneer het weer een beetje wil meewerken.

Groen is gereden, paars is de geplande route

Ik heb gevonden wat ik zoek bij de Big C en ook besloten dat ik morgen weer verder ga. Tenzij het echt met bakken uit de hemel komt. Ik heb een relatief gemakkelijke eerste route uitgezet die me voor twee uur in de middag weer bij een slaapplaats moet brengen. Mocht het onverhoopt toch gaan regenen dan stop ik gewoon bij de eerste gelegenheid die zich aanbied.
Ik hou de weerkaarten goed in de gaten en die worden steeds positiever voor me. De tyfoon geselt Hainan eiland in de zuid-Chinese zee en dat is ver genoeg weg. Hoewel de lucht er vandaag dreigend uit zag is er geen enkele druppel water gevallen en dat is een goed voorteken. Het avondeten is weer Europees want dat kan nu wel een paar avonden duren.

De varkenskarbonade smaakt me goed en voldaan gaan we naar huis waar we de zinderende finale van het MotoGP seizoen bekijken. Na een super spannende race wordt Marc Marquez gekroond tot de jongste wereldkampioen aller tijden in de koningsklasse van de motorsport. Verdient maar niet onbesproken! Ik kan haast niet wachten tot het seizoen 2014 weer begint!

En dan zoek ik mijn sofa op. Ik ben moe en wil ook fris zijn voor morgenochtend wanneer ik weer op de motor stap. Ik heb drie hele mooie en leuke dagen gehad bij Jan en ik moet weer verder. Er zijn plannen, maar daar kan ik op elk gewenst moment vanaf stappen.

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai - Surin - Si Saket 836+161= 997 Km

zaterdag 9 november 2013

Thailand: Eindelijk bericht

Si Saket (Bij Jan thuis)

De berichten en beelden uit de Filippijnen nemen steeds verschrikkelijker vormen aan. Van honderd naar twaalf honderd en nu al meer dan tienduizend doden in het getroffen gebied. Gelukkig heb ik vandaag bericht gekregen van Lyka dat alles met haar en haar familie in orde is. Het telefoon netwerk is weer ingeschakeld en er is weer contact mogelijk met de rest van de wereld. Hoewel ze met haar moeder enkele honderden kilometer van het oog van de tyfoon af waren hebben ze toch heel veel regen te verwerken gehad. Maar het belangrijkste is toch wel geen schade en iedereen is nog gezond.
Op het internet klinken andere geluiden van mijn vrienden met hun zwaardere getroffen familie. Gelukkig geen doden of gewonden tot nu toe maar de familie van enkele vrienden is hun hele hebben en houden kwijt geraakt, en dat was in veel gevallen al niet veel. Hun ongelofelijke sterke vertrouwen in god is de drijfveer tot wederopbouw.
Opgelucht werk ik me door deze rustige zaterdag heen en houdt angstvallig het weerbericht in de gaten. Zodra de tyfoon Haiyan in Vietnam aan land komt weten we meer. Wij zitten hier ook maar een vierhonderd kilometer van de Vietnamese kust!
De vooruitzichten zijn dat er veel regen naar noord-oost Thailand komt en dat zijn geen ideale vooruitzichten voor een reis op de motor. We hebben het vandaag in ieder geval nog droog gehouden en de tyfoon is veel noordelijker dan verwacht aan land gegaan. Dus dat is een meevaller!

We gaan lekker op de markt eten en geniet van Thaise gerechten die we wegspoelen met een heerlijk koud Leo biertje. Morgen nog aankijken en dan besluiten of ik maandag weer op pad ga of nog een dagje in Si Saket blijf hangen.


Waterbak in Thais toilet

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai - Surin - Si Saket 836+161= 997 Km

vrijdag 8 november 2013

Thailand: Wachten op de Tyfoon

Si Saket (Bij Jan thuis)

Vandaag donderde er een van sterkste tyfoon’s ooit gemeten over de Filippijnen. Nu niet meteen dat Lyka zich in het zwaarst getroffen gebied bevindt maar een paar honderd kilometer verder op kan het goed spoken. Ik kan me nog goed herinneren dat ik zelf voor een paar dagen, in juni 2011, in het geboortedorp van Lyka was toen er een tyfoon overtrok. Je verwacht dat elk moment het dak van het huis wordt gerukt. Maar het meest vreemde is toch het oog van de tyfoon! Na alle wind en regen wordt het rustig weer en de zon schijnt voor een paar uur waarna alle wind en regen weer van voor af aan begint. Maar ik hoor niets van Lyka en maak me wel een beetje zorgen. Ik weet dat het communicatie netwerk meteen wordt uitgeschakeld om zoveel mogelijk schade te voorkomen. Maar toch, ik hoop dat ik snel wat van haar hoor. Deze tyfoon stevent nu op Vietnam af en dat zou vanaf zondag heel veel slecht weer geven in de omgeving waar ik me bevindt en waar ik met de motor doorheen rijdt. Jan gaf al aan dat het beter is om een paar dagen te wachten. En dat doe ik dan ook. Ik ben van plan om nu op dinsdag te vertrekken mits het slechte weer voorbij is getrokken. Eigenlijk heb ik de hele vrijdag niets gedaan! Lekker schrijven en relaxen. Ik heb het hier prima naar me zin zo! Een mooi huis, een mooie kamer, een prima sofa om op te slapen, een goed boek om te lezen en goed gezelschap om me heen. Voor de afwisseling zijn we bij een Engelsman gaan eten. Fish en chips was prima. Een paar biertjes, een goed gesprek na het eten en ook deze mooie dag is weer ten einde.

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai - Surin - Si Saket 836+161= 997 Km

donderdag 7 november 2013

Thailand: De eerste druppels op mijn vizier

Si Saket (Jan's huis)

Voor het eerst op deze deze motortrip kijk ik ‘s morgens vanuit mijn slaapkamerraam naar een muisgrijze hemel waaraan dreigende donkere donderkoppen zichtbaar zijn. Nu heeft Thailand zo zijn eigen weersystemen en dat is er niet een die je gemakkelijk kan voorspellen. Ik heb wel eens meegemaakt dat je drie lagen bewolking kon zien die allemaal hun eigen richting op dreven en zonder dat er een druppel water uit viel!
Ik heb in ieder geval prima geslapen de afgelopen nacht en niets meer van de muziek gehoord die me gisterenavond enorm stoorde. Ik ben lui vandaag, extra lui, want ik heb een korte en relatief gemakkelijke rit voor de boeg. Met minder snelheid dan normaal pak ik mijn rugzak en nip van de hete zwarte koffie die op tafeltje naast mijn bed staat. Hoewel ik alleen ben heb ik het nog prima naar mijn zin. Zo’n gebaar als gisteren dat een wildvreemde je een eenvoudige maaltijd voor je betaald stemt me vrolijk. Er is dus nog hoop voor Thailand.

Ik eet mijn ontbijt uit het tosti ijzer van de 7-11 op bed en geniet van de rust om me heen. Wat heb ik toch veel geluk dat ik dit zomaar kan en mag doen.

‘Des te minder je hebt, des te minder zorgen je hebt!’, vloeide er gisteren uit mijn filosofische gedachte gedreven door drie flessen Leo bier.

Wanneer ik de trap af kom, met mijn hele bagage in de armen, zit dezelfde vrouw als mij de luidruchtige kamer heeft gegeven weer achter de receptie. Ik zie aan haar houding dat de hele zaak van gisterenavond al aan haar is uitgelegd. Het niet lijden van gezichtsverlies druipt er van af! Voor een moment twijfel ik nog om haar er op aan te spreken maar na enkele seconden zie ik er toch maar van af. Het zou zinloos zijn en gewoon de reinste tijds- en energieverspilling.
Nog voordat ik een benzine station heb gevonden voel ik de eerste druppels op mijn gezicht. Mijn kwetsbare gemoedstoestand reageert hier meteen op! Allerlei negatieve gedachten schieten door mijn hoofd en ik denk zelfs aan omdraaien en weer terug te gaan naar het hotel. Maar uiteindelijk wint toch mijn optimistische kant en ik rij gewoon door. Si Saket tegemoet.
De regen druppelt de eerste twintig kilometer zonder dat ik echt nat wordt. Dat is ook zo iets vreemds in Thailand. Het kan regenen zonder dat de straat nat wordt! Je moet het gezien hebben om het te kunnen geloven.
Ondertussen is mijn motor nog steeds niet zoals hij zou moeten zijn. Onderin bij lage toeren heb ik kracht genoeg maar bovenin de toeren houd hij in. Ik twijfel nu of het wel vuil in de benzine is, het zou gemakkelijk wat anders kunnen zijn. Een grote Honda werkplaats in combinatie met een rustpauze blijkt een prima idee.

De monteur gaat aan de slag en controleert enkele zaken en vindt tenslotte het euvel. Het blijkt dat er in de carburateur iets vast zit dat eigenlijk los zou moeten zitten. Wanneer het onderdeel eruit is kan je gelijk de schade aan het onderdeel zien. Nu is het niet zo dat deze enorme moderne dealers onderdelen op voorraad houden!
‘Come from Bangkok! Take one week!’, is het standaard antwoord.
En daar kan ik niet op wachten dus wordt alles weer in elkaar gezet en ik ga verder. Ze hebben voor anderhalve euro meer dan een uur aan mijn machine gesleuteld! De rijstvelden langs de weg maken plaats voor bossen en ik begrijp eigenlijk niet waarom ik zolang op die drukke doorgaande provinciale wegen moet blijven? Het verkeer raast er maar langs je heen, ik heb zelfs mijn helm nog op, zo gevaarlijk vindt ik deze situatie.

Tijdens een stop in een bushokje langs de weg vindt ik het probleem op mijn GPS. Ik ben met de verkeerde instelling op weg. Binnen enkele seconden is het aangepast. Bij de eerste zijweg verlaat ik de drukke verkeersader en slinger luid zingend over verlaten wegen door het landschap van de Isaan. Zwaaiend naar de mensen die met hun lange sikkels de rijst aan het oogsten zijn.
En dan is er echte regen! Ik voel mijn overhemd en broek nat worden. Zonder enige aarzeling duik ik onder het eerste de beste afdak dat ik zie om zo droog mogelijk te blijven. De straat verkleurd naar een donker zwart en je kan de regen ruiken. Verbaasde mensen langs de weg staren me aan! Witte gezichten zijn hier nog zeldzaam.
De regen verdwijnt weer net zo snel als ze is gekomen en wanneer ik ook maar denk dat ik verder kan rollen de kilometers weer onder me door. Binnen minuten is de weg weer droog en wordt het tijd om wat langs de weg te eten.

Noedelsoep doet het prima voor me. Daar ik vroeger geen liefhebber was van dit gerecht, wegens het ruime gebruik van MSG, denk ik daar nu maar niet meer aan. Ik eet het maar af en toe en het bevalt me beter dan het eten van gebakken gerechten. Die laatste zijn ook veel moeilijker te vinden langs de weg, die heb je bijna alleen nog in steden en stadjes waar voldoende restaurants aanwezig zijn.
We komen nu in de buurt van Si Saket en helaas kan ik Jan zijn huis niet meteen vinden. Ik rijdt een tijdje rond en zoek een referentiepunt dat hij zeker zal kennen. Na een telefoontje krijg ik van Jan aanwijzingen waar hij me zal komen ophalen. Ik hoef niet lang te wachten! Daar is hij op zijn zwarte brommer en er volgt een hartelijke ontmoeting.

We gaan niet meteen naar huis maar gaan eerst nog even naar een ontmoetingsplaats voor buitenlanders. Een gemengd gezelschap van nationaliteiten en talen zoals je in alle uithoeken van de wereld zal tegenkomen. De meesten doen zich te goed aan bier in de middag om zo de ellende van de alledaagse problemen te vergeten.
Ze moeten allemaal hartelijk lachen om mijn verhaal van de karaoke in het “Memorial Hotel” van gisteren!
‘M&M is het grootste bordeel van Surin!’, lacht de Duitse eigenaar van de bar me toe!
‘Het valt me nog mee dat ze geen meisje naar je kamer hebben gestuurd!’, gaat hij verder.
Nu begreep ik gisteren ook wel, na het zien van de dames in de karaoke, dat dit geen plaats was om alleen liedjes te zingen maar dat het om het grootste bordeel van Surin ging was me niet opgevallen! We gaan ons thuis verfrissen en dan op stap om lekker te eten.
Terwijl mijn ogen door de woonkamer van Jan gaan zie ik het boek “Saigon” van “Anthony Grey” staan, een boek waar ik eigenlijk naar op zoek was en ik Nederland, waar zelfs in pocket vorm, grof geld voor wordt betaald.
‘Meenemen en lezen!’, lacht Jan terwijl ik het uit de kast neem.
Jan voert me naar de avondmarkt die langs het treinstation van Si Saket ligt. Een treinstation dat ik ook enkele malen als passagier van die trein heb gezien! Herinneringen van bijna vijftien jaar geleden komen weer in me boven.

Er wordt vis en rijst besteld terwijl ik de kramen van de markt afschuim om wat groenten te vinden. Heerlijk varkensvlees met groene bonen gebakken in rode kerrie en gemengde groenten in oestersaus. En daar is de vis! En ik moet eerlijk bekennen dat hij nog beter smaakt dan dat hij er uit ziet.
We kletsen elkaar de oren van de kop want we hebben elkaar alweer enkele jaren niet persoonlijk gesproken. En dat is het mooie van een echte vriendschap! De vriendschap is gewoon gepauzeerd en gaat weer verder wanneer elkaar weer ontmoet terwijl de tijd onverminderd doortikt.

We maken een einde aan de avond in een leuke bar voor de Thai, we zijn vanzelfsprekend de enige witte gezichten en dat maakt ons meteen ook interessant. Iedereen wil een woordje met je wisselen en hoewel die soms storend is blijven we toch glimlachen.


Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai - Surin - Si Saket 836+161= 997 Km

woensdag 6 november 2013

Thailand: Karaoke in het Memorial Hotel

Surin (Memorial Hotel (207+214)

En zeg dat wel, dat “Memorial Hotel”! Dat zal nog lang in mijn geheugen gegrift staan. Net toen ik na het avondeten begon te relaxen klonken er vanuit het gebouw de eerste dreunen van een bas. Karaoke, en dat wordt zeker een probleem dat ik niet snel zal vergeten. Maar daar kom ik straks op terug!

Toen vanochtend om kwart over vier een roedel honden uit het dorp aansloeg realiseerde ik me meteen dat ik nu in de jungle van Thailand was. Vreemde nachtelijke geluiden! Vogels, insecten, reptielen en zoogdieren allen tegelijk creëren een nachtelijke symfonie die je alleen maar op het platteland van Thailand kan horen.
Voor mij was de nacht nog niet helemaal voorbij want ik kon na drie kwartier weer de slaap pakken. Om na een uurtje weer gewekt te worden door de stemmen van de dorpelingen die aanstalten maken om aan hun ongecompliceerde dag te beginnen. Gelukkig was er voor mij nog de luxe van een extra uurtje op het bed totdat de wekker om zeven uur zou aflopen.
Zover is het toch niet gekomen. De stemmen lokten me naar beneden waar de koffie op me wachtte. John, Allen en Yuun waren al beneden toen ik eindelijk mijn opwachting maakte. Wat is het leven toch eenvoudig zo op het platteland! Voor een moment zag ik mezelf al mijn oude dagen slijten op het platteland in de Filippijnen. In een kleine bungalow met een knusse slaapkamer en een kleine veranda op het westen. Sippen aan ijskoude San Miguel biertjes, met een goed boek in de andere hand, terwijl ik de zon achter de kokospalmen zie verdwijnen.

Het hele huis was dus al wakker en ik sloot me als laatste bij de koffie en thee aan. Eendeneieren werden gekookt, toast werd gegrild en zwarte koffie werd gezet. Zodra John en opa terug zijn van hun tocht naar de fuiken in de rijstvelden is het tijd voor het ontbijt. Heerlijk hardgekookte eieren en toast met mayonaise, een heerlijke combinatie.
Om half tien is het tijd om afscheid te nemen en weer verder te gaan. Ik had best nog wel een paar dagen langer willen en kunnen blijven maar de open wegen van Thailand roepen me. Misschien ga ik later dit jaar nog wel voor een paar dagen terug, ik ben hier tenslotte altijd welkom. Het eerste wat ik tijdens de rit om de hoek tegenkwam zal je in Nederland nooit tegenkomen!

Mijn dag is weer begonnen! Deze dag is eigenlijk een kopie van gisteren alleen in de omgekeerde richting! De wind blaast alsof hij niets te verliezen heeft, de eerste wolken staan al aan de hemel hoewel ze geen regen voorspellen en mijn motor rijdt weer als nieuw. Kilometer na kilometer eindeloze rijstvelden, een blikje ijskoffie, geen restaurants te vinden. Maar wel een nieuwe benzineslang. Al dat gemier deze ochtend was de oude poreuze slang teveel geworden en ik merkte dat er benzine op het hete motorblok lekte. En dat is niet zo heel veilig!
Bij de eerste de beste werkplaats begrepen ze meteen waar het probleem in zat en zonder enige twijfel werd de oude slang meteen vervangen door een nieuwe. Na die operatie van gisteren kan dit er ook nog wel bij! Weer een euro lichter! Trots als een pauw en blij als een kind zoef ik zonder helm door het Thaise landschap totdat ik onverwacht net na een onoverzichtelijke scherpe bocht zomaar in een politiefuik rijdt! Dat gaat geld kosten, denk ik bij mezelf.
De agenten Maken grappen met elkaar en na elke zin begint de rest van de agenten te schateren van het lachen. Ik voel me machteloos en weet dat ik rijp ben voor slachtofferhulp. Wat wel vreemd is is dat ze nog steeds niet naar mijn papieren hebben gevraagd. Ze kijken ombeurten naar mijn kentekenplaat en gaan dan weer verder met hun gesprek. Ik sta daar als Jan met de korte achternaam te wachten wat er komen gaat. Totdat er een, met een grote bruine pet op, zijn keel schraapt en in haast onverstaanbaar engels tegen me begint te praten.
Wat hij nu precies bedoeld ontgaat me maar ik ga gewoon verder met het geven van de gewoonlijke antwoorden. Half in het engels en half in het Thais. Ze kunnen hun oren niet geloven! Op een Honda Phantom van Chonburi, ik vermijd de naam Pattaya omdat de buitenlanders daar vandaan in de rest van Thailand niet zo’n beste naam hebben, op een toer door de Isaan! Daar hebben ze wel respect voor.
Ze stellen zich naast elkaar op als voor een elftalfoto en ik moet in het midden naast de man met de pet, de aanvoerder, gaan staan. Er wordt een half dozijn foto’s gemaakt, met evenveel mobiele telefoons, in steeds een andere samenstelling terwijl de grote politie controle wordt onderbroken om met die gekke buitenlander op de foto te gaan. Nog steeds geen enkele aanwijzing dat ze mijn papieren of rijbewijs willen zien.
Totdat de man met de pet, die duidelijk de baas is van al deze agenten, tegen me zegt: ‘Rijbewijs?’
Dat is de te verwachten gezichtsverlies clausule, hij moet even op zijn strepen gaan staan en laten zien wie er de baas is! Ik overhandig hem mijn Thaise rijbewijs en de hele groep knikt goedkeurend. Een buitenlander met een Thais rijbewijs hebben ze wel respect voor. Ik krijg mijn rijbewijs weer in mijn handen gedrukt en ik ben klaar. Ik kijk nog eens goed om me heen en knik vriendelijk tegen de overgebleven agent die alweer met hun bonnen boeken in de aanslag staan om nietsvermoedende weggebruikers op de bon te slingeren. Ik zet mijn mutsje weer op start de motor en verdwijn in het niets. Ik vraag me af of ze hebben gezien dat ik geen helm droeg.
Dit is me niet een keer maar wel vier keer overkomen gedurende de rit naar Surin. Het zand en de wind teisteren me opnieuw. Het is geen prettige dag om te rijden! Ik moet nu eenmaal door en hoop dat de oncomfortabele wind snel afneemt of verdwijnt. En daar is dan eindelijk Surin.
In Surin ga ik als eerste op zoek naar het guesthouse waar ik vijftien jaar geleden heb overnacht. Ik heb even moeten zoeken en ik heb het ook gevonden. Helaas was het gesloten en het leek zelfs onbewoond, met weemoed kijk ik naar het raam van het kamertje waar ik heb geslapen. Het eerste de beste hotel zal goed genoeg voor me zijn! Ik voel me vies en moe. En zo rij ik in het centrum tegen het “Memorial Hotel” aan.

Een groene betonnen kolos die zijn beste jaren zichtbaal al achter de rug heeft. Vlekken op de muren, gaten in het plafond maar de badkamer en het bed zijn acceptabel schoon voor de prijs van 380 baht. Nadat ik me heb geïnstalleerd is het de hoogste tijd voor de lunch want ik heb onderweg niets fatsoenlijks te eten kunnen vinden.

Vergeet de Tom Yam Kung? Pad Krapow Moo is voor mij de echte Thaise klassieker! En het smaakt me uitstekend. Ik beloon mezelf zelfs met een TopTen ijsje, en dat is al een hele tijd geleden! Na het eten slenter ik door de straten van Surin om te zien of ik me nog het een en ander kan herinneren. Nee dus! Wat wel een geluk is is dat ik eindelijk een ATM zie die op mijn kaart 20.000 baht wil verstrekken. Ondanks dat ik rustig aan met mijn geld probeer te doen is het geld in de eerste week van november uit mijn zak gevlogen! Allemaal extra kosten die nodig waren maar waar ik niet op heb gerekend.
Ik kan me dus helemaal niets meer herinneren van de binnenstad van Surin, maar dat is eigenlijk ook niet zo verwonderlijk. Surin is een typisch Thaise boomtown. De mooie houten huizen hebben al lang geleden plaats gemaakt voor de betonnen shophouses en dat maakt de stand nu niet echt vriendelijker. Wat me nu ook weer opvalt is het ontbreken van enig onderhoud aan de buitenkant van de winkelpanden. Binnen is het meestal wel allemaal in orde maar aan de buitenkant wordt er zelden iets meer aan gedaan. Wat me wel verbaasde is deze hele vreemde Boeddhistische tempel.

De avondmarkt die ik me van het vorige bezoek herinnerde is zo gevonden en het aantal brommers aan het begin van de markt verbaasd me. Het gaat goed in Thailand en iedereen leeft er maar op los. Bijna alles wordt gekocht op de pof! Dus is een paar brommers voor elk huishouden geen uitzondering meer. Wanneer er over een paar jaar de eerste golf personenauto’s op krediet kan worden gekocht dan zullen deze steden binnen enkele maanden geheel dichtslibben. Met parkeergelegenheid zijn ze hier nog niet bekend. Tel daar bij op dat ze te lui zijn om tien meter te lopen dan zal het al snel gebeuren dat ze met zijn allen eindeloos rondjes blijven rijden op zoek naar een parkeerplaats.
Op de markt heb ik al snel wat lekkers te eten gevonden. Uitstekend voedsel tegen haast weggeef prijzen. En hier zie je dan ook weer meteen het verschil tussen Pattaya en de rest van Thailand!

Het eten dat ik bestel zijn voor mij ook weer overheerlijke klassiekers. Natuurlijk zie ik heel af en toe nog wel eens wat nieuws op de schalen liggen maar de meeste gerechten zijn zo ondertussen wel bij me bekend. Maar deze vispastei vindt ik nog steeds heel bijzonder en zeker een aanrader wanneer je die ooit in Thailand zou tegenkomen.
Ik schuif aan tafel bij een jong stel dat tijdens ons korte gesprek verteld dat ze op weg naar Bangkok zijn. Ze studeren allebei in Bangkok en rijden een keer per maand van Bangkok naar hun geboortestad in een uithoek van de Isaan. Familie is heel belangrijk voor deze mensen en daarom zijn ze ook bereid om enorme afstanden en reistijden voor lief te nemen. Voorzichtig vragen ze of ze met me op de foto mogen. Een buitenlander die met de motor door Thailand reist zie je niet elke dag! Ik heb daar vanzelfsprekend geen problemen mee en groot is mijn verbazing wanneer ze bij het afrekenen ook mijn avondmaaltijd voor hun rekening nemen. Ik bedank ze dan ook uitgebreid en vraag of ze de foto van ons samen naar me kunnen emaillen. Nogmaals bedankt en goede reis!

Op de terugweg score ik nog twee flessen bier voor op de kamer omdat ik vanavond nog genoeg te doen heb. Er is gratis en snel internet en dan kan ik mooi in alle rust de foto’s verwerken en wat verhalen schrijven.
Omstreeks half negen beginnen er in het gebouw luidsprekers te bonken en het gedreun van de bas gaat door merg en been. Niet veel later begint er een vrouw te zingen en mijn advies aan haar zou zijn om haar dagbaan nog niet op te zeggen voor een carrière in de muziekbusiness!
De muziek klinkt keihard in mijn kamer en na een uur begint het me toch wel irriteren. Ik vorm een beeld in mijn gedachten van een oude eenzame vrouw die tot een uur of half elf in de lobby van het hotel alleen voor zichzelf liedjes staat te zingen en daarna vermoeid gaat slapen. Maar de muziek blijft maar dreunen en ik wil ondertussen toch ook wel gaan slapen.
Ik kleed me maar weer aan om op onderzoek uit te gaan en tref meer ontevreden hotelgasten op de gang aan. Ze blijken in gesprek met de nachtreceptioniste van het hotel die wel heel vriendelijk lacht en met haar handen zwaait maar geen woord engels spreekt of verstaat. Gelukkig krijg ik hulp in de vorm van twee jongens, die waarschijnlijk rondtrekkende vertegenwoordigers zijn, die wel de engelse taal een beetje machtig zijn.
‘Hoe laat stopt die muziek?’
Een van de jongens keert zich naar de receptioniste en stelt de vraag in het Thais of het lokale dialect.
‘Twee uur!’, vertaald hij tegen me.
‘Twee uur?’, vraag ik verbaasd in de veronderstelling dat mijn eerste vraag niet goed is doorgekomen of het antwoord misschien niet juist is vertaald.
Ik herhaal mijn vraag nog een keer en opnieuw krijg ik dat verschrikkelijke en onverwachte antwoord. De kleine woordenwisseling die er uit voort vloed zal ik maar niet publiceren! Kwaad loop in naar beneden om nog twee flessen bier te halen om de tijd totdat de muziek zwijgt te doden.
De bron van al het lawaai blijkt een karaoke club recht onder mijn kamer. Ik steek nieuwsgierig mijn hoofd door de deur en zie meteen dat het hier om een ouderwets Thais bordeel gaat. Nou, daar ben ik dan mooi klaar mee!
Wanneer ik weer terug in de lobby van het hotel ben heb ik besloten om het er niet bij te laten. Ik probeer zachtjes en met tact, in duidelijk engels, uit te leggen dat dit onacceptabel is en dat ik een andere kamer wil. Na even aandringen krijg ik voor elkaar wat de twee vertegenwoordigers waarschijnlijk niet is gelukt. Ik kan verhuizen naar een niet zo mooie kamer volgens de nachtreceptioniste!

Nou, die kamer is prima! De eenpersoonsbedden zijn goed en het lawaai is niet meer te horen. Het internet signaal is sterker, ik kan nog wat downloaden, en ik kan eindelijk gaan slapen.
In het donker denk ik nog eens na waarom ze mij die ongelofelijke slechte kamer hebben gegeven. Er komt maar een antwoord in me op: Man alleen, boven bordeel betekend “Boom Boom”, en dan heb ik het niet over het gedreun van de bas.

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai - Surin 651+185= 836 Km

dinsdag 5 november 2013

Thailand: Een nieuwe motor?

Bua Yai (John en Yuun’s huis)

Om acht uur staat de zon al aan een stralend blauwe hemel, er is geen wolkje te zien en wanneer ik mijn kennis over het weer in Thailand moet geloven zal dat ook hopelijk zo blijven de komende maanden.
Zodra ik buiten de bebouwde kom ben steekt de harde, onaangename, wind weer de kop op. Met de snelheden die ik op de motor haal valt het nog wel mee, zo tussen de zestig en zeventig Kilometer per uur, maar wanneer je op een snellere motor zou reizen dan is het haast wel oncomfortabel. De vrachtwagens en hoog beladen pick-up trucks voor me op de weg slingeren gevaarlijk bij elke windstoot. Verhoogde concentratie in deze gevaarlijke en verraderlijke situaties.

Bij een wel heel vreemde dikke Boeddha hou ik mijn eerste stop van de dag. Terwijl de nog koude cola me prima smaakt denk ik voor een moment aan de kilometers die er al achter me liggen en de onbekende wegen die nog voor me liggen. Ik vraag de dikke vreemde Boeddha in mijn gedachten, terwijl ik mijn amuletten in mijn handen hou, om me te beschermen en me te begeleiden. Geen antwoord maar ik ben ervan overtuigd dat het wel goed zal komen.
En dan breekt het saaie landschap van de Isaan aan! Honderdduizenden vierkante kilometer rijst doorsneden met asfalt. Er is maar heel weinig te zien of te beleven. Gewoon rijden en de kilometers maken. Ik heb last van de wind en het zand. Er waait zoveel zand over de weg, de rijstoogst is begonnen, dat ik het tussen mijn tanden hoor knarsen. En ik snap maar niet waarom ik steeds over van die hoofdwegen moet rijden. Er zouden toch zeker wel enkele wegen binnendoor moeten zijn! Maar tijd om te experimenteren heb ik niet, ik moet daar later vandaag maar eens naar kijken.

Gelukkig is er wel het eten!

Kip op rijst, simpel en toch complex van smaak. Heerlijk met de pittige saus en dat voor een euro. De laatste kilometers zandweg langs een reservoir herken ik en ik weet dat ik op de goede weg ben. John en Yuun zijn blij verbaasd me te zien en met een enthousiaste gastvrijheid is het vanzelfsprekend dat ik een nacht blijf slapen.
Na een koffie, er is een ander vriend van John genaamd Nick, gaan we op pad naar de motorwinkel om te kijken naar een brandstoffilter en misschien een nieuwe voorband.

Van het een komt het ander! Nieuwe voorband + nieuwe achterband + nieuwe tandwielen en nieuwe ketting + nieuwe remblokken voor en achter + een brandstoffilter. Honderd en tien euro voor de hele operatie en mijn motor is haast weer als nieuw! Soms moet je hier wel geld aan uitgeven!

Ondertussen heeft Alan zich ook bij ons gevoegd en hij blijft ook slapen. Het wordt een hele gezellige avond en John schotel ons heerlijk varkensvlees op engelse wijze voor. Nu is de engelse keuken niet een van de beste maar voor de kenners zeker niet zo slecht als ze ons willen laten geloven.

Het is een hele gezellige avond met oude en nieuwe vrienden. Een paar biertjes en dan naar bed!

Wat kan het leven toch simpel en mooi tegelijk zijn op het platteland van Thailand!

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon - Buriram - Bua Yai 459+192= 651 Km

Copyright/Disclaimer