dinsdag 26 januari 2010

Nieuw Zeeland, leven in de brouwerij

Dunedin (Chalet Backpackers), 26 januari 2010

Toen ik vanochtend wakker werd had ik weinig zin om ook maar iets te gaan doen! Een bestemming als Nieuw Zeeland maakt me nog luier dan ik al ben. (Voordat één van jullie dat opmerkt!) Er is gewoon heel weinig te doen. Althans voor een persoon zoals ik in elkaar zit.

Het belangrijkste voor vandaag was een paar ogen op de band van mijn tas laten maken, zodat ik mijn GPS daar kon ophangen. John Wessels, met Hollands bloed in de aderen, hielp me perfect en toen ik naar de prijs informeerde kreeg ik alleen maar een brede glimlach te zien.
“Bedankt John!”

De dag was lang maar beperkt! Ten eerste was het oude treinstation mooier dan de trein en de prijs van de trein was te hoog om nog een ritje met die trein te maken. Ten tweede heb ik nu echt genoeg van Maori ontmoetingshuizen en oorlogskano’s en ten derde de tentoonstelling over dinosaurus eieren was erg interessant maar viel ook een klein beetje tegen.


Het hoogtepunt van de dag was een bezoek aan de Speights Brouwerij in Dunedin. Natuurlijk heb ik het allemaal al een keer gezien. Maar al het oude koper en de enthousiaste gids, Jason, maakte het alleen maar beter. En bij het proeven aan het einde van de tour was er geen limiet aan de gedronken biertjes. Er was een mooie verzameling verschillende biertjes, ales, op tap. Natuurlijk heb ik de meeste geprobeerd en de donkere ale was de lekkerste.

En zo kwam mijn dag aan een einde met een lamskerrie en een fles witte wijn. Het leven is hard maar mooi!
Morgen ga ik echt de wildernis in. Stille dorpen aan het water omringt door bergen. Lekker eten en uitrusten.

maandag 25 januari 2010

Nieuw Zeeland, eenzaamheid?

Dunedin (Chalet Backpackers), 25 januari 2010

We gaan weer verder en vandaag heb ik maar net iets meer dan honderd kilometer te overbruggen. Met een speciaal gevoel neem ik afscheid van de Empire Hotel Backpackers, ik zal deze plaats niet snel vergeten!
Rustig, heel rustig rij ik richting Dunedin. Ik probeer de weg zo veel mogelijk te verlengen met een mooiere route links en recht van de hoofdweg nummer één, en soms lukt dat ook. Nu komen ook de kleine gebreken van de gratis kaarten voor mijn GPS naar boven. Veel wegen staan er nog niet op. Misschien moet ik morgen toch maar een goede kaart van Nieuw Zeeland kopen?
Alleen in de auto is net als alleen op de motor! Het is niet leuk om te stoppen en alleen naar plaatsen te kijken. Langzaam doorrijden lijkt een betere oplossing. Ik voel me niet eenzaam maar het zou leuker zijn als er iemand bij was geweest.
Als ik om vier uur de Chalet Backpackers binnenstap weet ik meteen dat ik weer op een goede plaats ben. De Zwitserse eigenaar “Heinzie” lacht onafgebroken. Een handdoek is zo geregeld. Een mooi hostel zoals ik dat later samen met mijn gezin nog eens hoop te beheren.

Nieuw Zeeland is puur natuur en dus heb ik weer weinig te melden, de foto’s spreken voor zich.
Ik heb nog geen idee wat ik morgen moet gaan doen.

zondag 24 januari 2010

Nieuw Zeeland, een eindje rijden

Oamaru (Empire Hotel Backpackers), 24 januari 2010

Ik stond vanochtend gelukkig weer met een goed gevoel op. De slechte ervaring in Swaggers Backpackers was helemaal weggewerkt door de uiterst vriendelijke ontvangst in de Empire Hotel Backpackers.
In dit kleine dorp is zo weinig te doen dat ik maar met de auto op pad ging. In de Lonely Planet had ik een kleine route uitgetekend en die zou ik vandaag gaan rijden. Je moet toch wat tenslotte! Het viel een lichte miezerde regen toen ik het slaperige Oamaru verliet. Het eerste dat op de lijst stond was de auto voltanken, ik was benieuwd naar het verbruik van deze kleine auto bij lage snelheden.
Nadat ik de tank had afgevuld was ik nog blijer, 1 liter benzine op 15 kilometer. Bij de benzineprijs van nz$ 1,71 kwam dat neer op ongeveer zes Eurocent per gereden kilometer. Mooi meegenomen dus!

Het landschap veranderde elk kwartier en met het landschap veranderde ook het weer. Het was ongelofelijk vreemd om van de regen in nog geen half uur naar de zon te gaan. Ik bezocht eerst de Moeraki Boulders aan de kust en ging toen het binnenland in. Het is moeilijk te beschrijven dus laat ik de foto’s maar het woord doen.

Na bijna acht uur en een kleine vijfhonderd kilometer kookte ik zelf mijn avondeten. Ik voelde me goed en wat er gisteren was gebeurd was verleden tijd.
Maar het meest vreemde aan deze zaak was eigenlijk toch dat Agra, de manager van Swaggers Backpackers, naar mijn hostel had gebeld om te informeren of ik daar misschien was ingetrokken. En ja, nadat die vraag bevestigend was beantwoord had ze mijn geld teruggebracht. Er was een envelop onder de deur doorgeschoven met mijn naam er op! In de envelop zat een briefje van vijftig dollar, vier dollar meer dan ik had betaald! Misschien heeft ze begrepen dat het allemaal niet zo vriendelijk van haar was geweest of probeert ze negatieve reclame te vermijden? Voor mij maakt het niets uit, ik heb eerlijk geschreven wat er gebeurd is en hoe ik het heb ervaren.

Morgen gaan we weer verder en deze keer naar de laatste stad uit het rijtje van Nieuw Zeelandse steden, Dunedin.


zaterdag 23 januari 2010

Nieuw Zeeland, van het ene uiterste naar het andere uiterste

Oamaru (Empire Hotel Backpackers), 23 januari 2010

De regen ging deze ochtend rustig door, waarschijnlijk had het de hele nacht onafgebroken geregend. Het was een vreemde regen! Een natte, vochtige, wind die soms de straten niet eens nat maakte. Op andere momenten kwam het met bakken uit de hemel zoals we dat in Nederland gewend zijn.
Na het ontbijt en met een lunchpakket op de stoel van de bijrijder begon ik voorzichtig aan het tweede hoofdstuk van mijn reis. De auto zal nu tot het einde van mijn reis door Nieuw Zeeland bij me blijven. Ik was niet bang maar wel zenuwachtig, op een paar rustige buitenwegen wilde ik eerst wennen aan de kleine witte Nissan, het was een model dat we in Nederland niet kennen maar hier in Azië/Oceanië overal te vinden is.
“Autorijden is net als fietsen!”
“Je verleerd het nooit!”
Na een half uur zat ik al met de hits van de jaren zeventig en tachtig radio mee te zingen en voelde me op mijn gemak in de kleine auto. Nu ging ik dus echt op weg naar Oamaru, mijn eerste slaapplaats van deze reis.
De regen bleef maar neerdalen en dat maakte dat het geen enkele zin had om foto’s te schieten. Het landschap was oer Nederlands. Zo vlak als een pannenkoek met hier en daar een paar koeien of schapen. Alleen de sloten in de weilanden ontbraken om het neerdalende regenwater af te voeren.
Na een paar uur veranderde het landschap en het ging via een licht glooiend West-Brabant naar de Limburgse heuvels. Het vlakke gedeelte rond Christchurch is een zeer vruchtbare vlakte waar veel landbouw wordt uitgeoefend maar het is niet één van de meest opwindende landschappen.
En zo reed ik rond vier uur de nederzetting van Oamaru binnen. Een slaperig klein stadje met veel dicht gekalkte winkelramen met schreeuwerige borden “For Rent” er achter. De recessie heeft ook hier in Nieuw Zeeland veel slachtoffers gemaakt.

Het hostel, “Swaggers Backpackers, 25 Wansbeck St, Oamaru”, was snel gevonden maar dat was geen leuke ervaring! Eerst was er niemand aanwezig en je moest zelf maar je weg vinden. Voor een moment dacht ik aan mijn leuke verblijf in Gerringong (Australië) bijna twaalf jaar geleden. Ik kan het zelf moeilijk geloven dat het alweer zo lang geleden is! De eerste ontmoeting met de vrouw des huizes, Agra genaamd, was geen aangename. De eerste opmerking van haar ging over mijn auto op de oprit en de tweede was direct gericht op mijn persoon. En dat terwijl ik me niet kan herinneren dat ik haar ooit heb ontmoeten.
“ik kan zo’n oude man niet bij jonge meisjes op de kamer plaatsen!”, sprak ze vol overtuiging.
En dat terwijl ik zelf dacht dat ze nog veel ouder dan ik was. Haar geblondeerde haar en diepe rimpels deden haar leeftijd in ieder geval geen goed. Misschien had ze wel een zwaar leven achter de rug? Bij het inchecken overhandigde ik haar een kaartje en maakte haar gedrag alleen maar erger! Nu was ik niet alleen meer een oude vieze man maar de vermelding van “Couchsurfing” en “Facebook” gaf haar ook nog, voor de één of andere onduidelijke reden, de indruk dat ik alles voor niets wilde! Ik werd afgesnauwd als een klein kind.
Voorzichtig vroeg ik, “Is er misschien ook draadloos internet aanwezig?”
Kortaf antwoordde ze, “Tien dollar!”
Er werd niet vermeld voor hoe lang.
Mijn volgende vraag, “heeft u misschien een handdoek?”, nog niet eens zo’n vreemde vraag, werd beantwoord met een levensles!
“Niets is het leven is voor niets!”
“Als je goedkoop en gratis onderweg wil zijn dan ben je hier aan het verkeerde adres!”
“Wij zijn één van de goedkoopste hostels, “Swaggers Backpackers”, en voor alles wat je extra wil moet je betalen!”
Ik schrok hier zelfs een beetje van want zo grof en onbeschoft heb ik het in tien jaar reizen nog nooit meegemaakt. Ik dacht zelfs voor een moment dat ik voor het koken nog extra moet betalen. Eenmaal voorzichtig laten doorschemeren dat ik best voor een handdoek wilde betalen veranderde de zaak.
Binnen dertig seconden lag er een schone handdoek op de bank vergezeld met de koele zakelijke mededeling, “Two Dollar.”
Dat is een heel normale prijs die ik graag betaal. Ik heb er nu eenmaal een hekel aan om met een stinkende vochtige handdoek in mijn rugzak rond te reizen. Ik herinner me nog goed dat Kris met zo’n ding rondreisde die rook als een hond na een lange wandeling in de regen.
“De soep wordt niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend”, zal ik maar denken.
Voor mij maakt het weinig uit want morgen ben ik toch het grootste gedeelte van de dag onderweg en misschien draait ze nog wel een beetje bij? Maar het is steekt toch wel schril af tegen mijn fantastische drie dagen in het “Jailhouse” in Christchurch.

(Vergeet niet dat mijn ervaring maar een momentopname is! Ik zal nooit bewust en/of opzettelijk negatieve reclame publiceren over een restaurant, hotel of hostel. Maar het is mijn eigen, persoonlijke, ervaring die ik zo goed en eerlijk mogelijk heb beschreven.)

Tijdens de wandeling door het stadje bleef het maar in mijn kop spoken. Het voelde niet goed aan en mijn eetlust was meteen ook verdwenen. Ik had niet eens zin om een wijntje te drinken. Mijn dag was helemaal verpest.

Terwijl ik door de straten dwaalde zag ik een ander hostel dat er ook vanbinnen heel vriendelijk uitzag. Nadat ik had geïnformeerd naar de kamer kon het me ook geen lor meer schelen. Er was een kamer voor twee nachten.

Overtuigd van mijn gelijk ging ik mijn spullen ophalen in de “Swaggers Backpackers”. Het Duitse meisje dat gelijk met mij was binnen gekomen was er ook nog stil van. Ze bevestigde het onbeschaafde gedrag van de oude dame, ze kon het ook niet begrijpen waarom ze zo tegen mij had gedaan. In stilte verliet ik me mijn rugzak de “Swaggers Backpackers”, ik wilde niet eens mijn geld terugvragen omdat ik toch het idee had dat het voor niets zou zijn.
Even later parkeerde ik mijn auto op de parkeerplaats achter mijn nieuwe slaapplaats. Er was een enorme last van me afgevallen en met een enorme trek werkte ik de kerrie met rijst naar binnen, natuurlijk met een glaasje wijn in de hand. Ik kan er wel om lachen nu, het kost een paar centen maar het is wel weer een unieke ervaring.

Later op de avond hoorde ik nog van andere rugzaktoeristen dat ze zulke verhalen over de “Swaggers Backpackers” al meer hadden gehoord.



vrijdag 22 januari 2010

Nieuw Zeeland, drie nachten in de gevangenis!

Christchurch (Jailhouse), 22 januari 2010

Ja, het klinkt raar maar ik heb mijn vijftigste verjaardag in de gevangenis doorgebracht. Samen met Stefan en Anita is het een dag om nooit meer te vergeten!
“Hoe ben ik in hemelsnaam in de gevangenis beland?”
Het antwoord is eenvoudig! “Gewoon geboekt bij “Hostelbookers”.

Dit is met zekerheid het meest vreemde hostel waar ik ooit heb geslapen, een omgebouwde gevangenis! Ik heb me ook een beetje vertroeteld op mijn verjaardag door de duurdere éénpersoonskamer te boeken. En dat bleek de juiste keuze.
Gisteren regende het zo’n beetje de hele dag en verder dan een bezoek aan de supermarkt ben ik niet gekomen. Ik heb heerlijk uitgerust maar ik vindt zelf dat ik dat ook had verdient!

Vandaag was het opnieuw een natte dag! Ik kan me nog goed herinneren wanneer ik slecht weer heb gehad op mijn reizen. Hong Kong in april 2008 en twee dagen regen vorig jaar mei/juni in Japan samen met Tettje van Malsen. Dus ik heb niet echt een reden tot klagen en een paar dagen is heerlijk om uit te rusten zonder een excuus. Vandaag leek het er op dat het droog zou worden dus ging in op pad om het centrum van Christchurch te ontdekken. Ik wilde niet dat deze stad een grijze plek op mijn kaart van Nieuw Zeeland zou zijn. Er was bar weinig te zien! Het enige dat ik dus heb zijn de foto’s van de bajes en het centrum van Christchurch.

Oh ja, ik heb mijn huurauto ook al opgehaald, een kleine Nissan Sentra van “Alternative Rental Cars” in Auckland. Maar het is ook mogelijk om een auto op te halen in Christchurch en het is zeker een goedkope autoverhuur in Nieuw Zeeland. Als ik samen met mijn maat Tettje hier naar toe ga dan huren we de “Shagza”. Een MX5 gespoten in de “Austin Powers” kleuren, “Yeah Baby!”

Morgen dus het begin van de “Roadtrip”!

donderdag 21 januari 2010

Nieuw Zeeland, de eerste helft?

Christchurch (Jailhouse), 21 januari 2010

Soms heel langzaam en af en toe heel snel, maar meestal onzichtbaar is het dichterbij geslopen. De vijftig!! Toen ik vanochtend opstond was het bijna vijftig jaar geleden dat ik ben geboren. Volgens de verhalen ben ik op een vrijdagavond rond half zes geboren, aan de tijd kan ik niet tornen maar volgens de geschiedenis was 21 januari 1960 op een donderdag, dus ergens onderweg moet de beleving van mijn arriveren zijn verdraaid. Voor mij als persoon maakt dat natuurlijk heel weinig uit.
Wat ik wel besef is de kwetsbaarheid van het leven. Zelfs in het relatieve korte tijdspan van vijftig jaar heb ik afscheid moeten nemen van familie, vrienden en kennissen die het nummer vijftig zelf nooit hebben kunnen aanschouwen. Ik krijg nu ook kleine kwaaltjes die de kwaliteit van het leven nog niet echt hebben aangetast maar ik moet er natuurlijk wel meer op letten dat ik bewust en gezond leef. De hartklachten van een paar weken geleden spelen nog steeds door mijn hoofd. Ik kan alleen maar hopen dat de statistieken op me worden losgelaten en dat ik nog achtentwintig jaar te gaan heb.
Als ik nu terugkijk naar de laatste vijftig jaar dan kan ik oprecht zeggen dat ik de meeste doelen die ik me gesteld heb ook daadwerkelijk heb bereikt. Het enige wat het lot me heeft onthouden is een vrouw en een gezin, maar daar is, volgens mij, nog voldoende tijd voor. Creatief gezien zit er ook nog voldoende in me maar ik moet nu eindelijk eens iets gaan afmaken.
Petra zei altijd, “Je begint overal heel gemakkelijk aan maar je maakt nooit wat af!”
En dat is helemaal waar. Dus wat neem ik me voor voor de komende vijftig jaar? Ik ga nu een hoop zaken afronden en tot een goed einde brengen. Ik heb nog een berg mooie projecten op stapel staan die ik allemaal tot een goed einde wil brengen.
Ik vier mijn verjaardag zo ver als het mogelijk is van mijn familie, echte vrienden en bekenden. Maar dat is geen probleem! Mijn reizen hebben me zo veel goeds en plezier gebracht dat ik er helemaal geen probleem mee heb. In April doen we het in Nederland nog wel dunnetjes over.
Eerst ga ik deze reis tot een goed einde brengen en via Australië, Thailand en Maleisië komt ik dan weer op 8 april aan in mijn geliefde Zaltbommel. Een biertje hier en een biertje daar, ik hoop jullie allemaal weer in goede gezondheid aan te treffen op de bekende plaatsen.

woensdag 20 januari 2010

Nieuw Zeeland, op de boot en in de trein, of net andersom?

Christchurch (Jailhouse), 20 januari 2010

Mijn bovenbuurman, Stuart, schudde heftig met het stapelbed om me uit mijn slaap te krijgen. Ik had oordoppen in en hoorde het alarm van mijn iPhone niet. Gedesoriënteerd zocht ik in de halfdonkere kamer naar mijn spullen. Ik had voor de tweede nacht heel slecht geslapen. De bedden waren te kort en de matrassen te dun! Nee, ik zou “Downtown Backpackers” zeker niet aanbevelen! Er was maar één uitzondering, als het voor één nacht was en je een vroege afvaart had met “BlueBridge Ferries”. De terminal is namelijk aan de overkant van de straat.
Om half zeven had ik al ingechecked en na een kop koffie en een sandwich uit de supermarkt aan de overkant van de straat konden we om half acht aan boord. Het was niet één van de meest moderne veerboten maar achterop het dek was het toch goed vertoeven. Voor het eerst ervoer ik het wispelturige weer van Nieuw Zeeland waarover ik al zoveel had gehoord. De zon verdween en een mist stak op. Tegen de tijd dat we de kust van het Zuid-Eiland bereikten brak de nevel open en ik zag voor de eerste keer het ruige landschap waar ik naar op zoek was.

Omdat de BlueBridge Ferry eerder arriveert dan de InterIslander Ferry kon mijn verzoek voor een plaatsje aan de linkerkant van de wagon worden gehonoreerd. Dat is namelijk de beste kant omdat je dan naar de kustlijn kijkt. Blij en opgelucht ging ik op zoek naar de lunch, en die werd gevonden in de vorm van heerlijke Fish and Chips.

De treinreis was mooi maar ook meteen eentonig. Ik denk dat ik een overdosis treinen in Nieuw Zeeland heb gehad. Om het nog compleet te maken begon het op weg naar het hostel ook nog te regenen. Nat en vochtig zocht ik mijn kamer op.
Door een opdrogend Cristchurch liep ik naar de supermarkt, die zeker twee kilometer verderop was. Een éénpansgerecht en een fles witte wijn waren een koningsmaal na deze vermoeiende dag.
Copyright/Disclaimer