Het aantal pagina's dat is bezocht op mijn weblog sinds 20 november 2006

woensdag 12 januari 2011

India: “Vrede begint met een glimlach” deel 1

2011-01-12_082253headblog
Kolkata (The best Inn), woensdag 12 januari 2011

Ik denk dat deze uitspraak van Moeder Teresa één van de beste is die ik ooit heb gehoord.

Vandaag is het dus onze eerste echte dag in Calcutta. Laat ik het vanaf dit moment maar Calcutta noemen omdat de eigen bewoners van deze miljoenenstad haar ook zo noemen.
Met pijn in de heupen en anderhalf uur vroeger dan gepland, ik heb de tijd van mijn iPhone niet aangepast, word ik in een koude kamer wakker. Het is buiten nog donker en ik begrijp meteen wat er mis is. Binnen een minuut wijzig ik de tijd op mijn iPhone en doe het licht weer uit. De volgende anderhalf uur slaap zijn een welkome extra aanvulling na de lange dag van gisteren. 
Klein ontbijt
Bij het tweede alarm van mijn mobiele telefoon gaat het licht aan en als eerste word er koffie en thee gezet. Wat is zo’n dompelaar dan toch een heerlijk attribuut om in je rugzak te hebben. Het is een beetje onwennig om met iemand anders, zeg maar vriend, wakker te worden in dezelfde kamer. Ik reis graag alleen en deel af en toe wel eens een kamer maar privacy wordt steeds belangrijker voor me. Maar tijdens deze twee weken wordt het dus een kamer delen. Vijf minuten eerder dan afgesproken arriveert ons ontbijt en dat valt niet mee of tegen. Alleen de kruidige thee, Masala Chai, is te zoet en die krijg ik dus echt niet weg. Mijn twee sneetjes geroosterd brood met omelet gaan wel goed naar binnen. Het vult me niet volledig maar het is voldoende om de dag mee te starten.
Tijdens het ontbijt gaat een van de Indiase broers op mijn bed zitten om over de aanstaande fooi voor hun te onderhandelen. Jack en ik kijken elkaar vreemd aan! Het is onze tweede dag, eigenlijk de eerste echte dag, en ze willen het over een fooi hebben? Begrijpen ze dan niet dat ze een fooi moeten verdienen door goede service te verlenen? Misschien zijn er een paar Amerikanen op bezoek geweest die ze zo maar een weeksalaris fooi hebben gegeven? Ik werk ze vriendelijk glimlachend de deur uit. Zodra die in het slot is gevallen moeten Jack en ik hard lachen. We hebben veel mee gemaakt tijdens onze reizen maar dit slaat werkelijk alles! 
The Best Inn
Vandaag is dus Calcutta aan de beurt om ontdekt te worden. Iets over acht uur storten we ons in deze vreemde wereldstad. We lopen vandaag wild, met een beetje richtingsgevoel en geholpen door mijn Garmin 400t, naar het noorden waar onze doelen voor vandaag liggen. Wat ons als eerste opvalt is dat het in de stad heel erg fris is zo vroeg in de ochtend. De mutsen gaan op en ook de Indiërs gaan vaak getooid in een wollen muts. De koude wind uit de Himalaya’s stroomt in januari over de laaglanden richting de golf van Bengalen.    
Oude gevelsOude gevelsOude gevelsRoyal Enfield
Het is muisstil in onze straat. Mijn camera klikt en ik kan alleen maar hopen dat Jack niet denkt dat mijn fotograferen hem ophoud. Elk raam, elke poort, elke deur en elke gevel verteld een verhaal aan iedereen die wil luisteren. Zelfs een opgeknapte Royal Enfield schreeuwd om gefotografeerd te worden.
We gaan een paar keer een hoek om en komen zo op de “Ashutosh Mukherjee Road”. Een hoofdstraat, een verkeersader, en hier is het wel heel erg druk! Dit is iets wat ik moeilijk kan verwerken, Ik heb nog nooit zoveel indrukken tegelijk moeten verwerken in Azië en heb het gevoel dat mijn hoofd straks uit elkaar zal spatten of imploderen, dat is ook nog een mogelijkheid. Snel weer een zijstraat in waar het minder druk is!    
Leven op straatLeven op straatLeven op straatEen zware lading
We zien het leven in een wereldstad van arme mensen die zich rijk voelen! Van enige afgunst is in India geen sprake. Mensen leven op de straat omdat het “karma" is. Ze accepteren hun bestaan zonder vragen te stellen. Het is nu eenmaal zo.Ik heb geen idee of we door een rijke of een arme buurt wandelen. Een ding weten we wel, we voelen ons niet onveilig in deze wereldstad. Stap voor stap komen we dichterbij het “South Park Street Cemetery”, ons eerste doel voor vandaag.  
Een zware ladingEen flink ongeluk
De slierten rook van de honderden houtvuurtjes waarboven wordt gekookt blijft tussen de oude koloniale gebouwen hangen. Vermengt met de geur van kruiden en specerijen kan ik niet zeggen dat het stinkt in Calcutta.
Een verongelukte taxi staat langs de weg geparkeerd en wij vragen ons af hoe hard deze klap wel niet moet zijn geweest om het dikke oude staal van de Engelse auto zo op te vouwen?    
Heilige boomHeilige boomVuilnisVuilnis
Bij elke “bodhiboom” (banyan tree) langs de straat is een altaar ingericht. Indiase vrouwen met een rode of mannen met een witte stip op hun voorhoofd laten ons merken dat spiritualiteit in India nooit ver weg is. Tachtig procent van de Indiërs is Hindoe! Dan begrijp je wel dat het Hindoeïsme nooit ver weg kan zijn. De “Bindi” is een krachtig symbool in het Hindoeïsme.
Een miljoenenstad als Calcutta produceert natuurlijk ook een enorme berg afval. Het afval wordt door een groot leger vuilnismannen met behulp van een vloot oude vrachtwagens naar buiten de stad vervoerd. Maar dat “verse” afval stinkt niet en alles dat kan worden hergebruikt wordt er tussenuit gevist!
Net voordat we het “South Park Street Cemetery” bereiken vinden we het tijd voor een kopje koffie en een snack. Natuurlijk zijn we nog steeds een beetje angstig voor het echte straatvoedsel maar bij dit kleine professionele café ziet alles er zo goed uit dat we ons maar aan een samosa wagen. Het smaakt me zelfs zo goed dat ik tegen beter weten in nog een tweede eet. 
South Park Street Cemetery
Het “South Park Street Cemetery” is de hoofdbegraafplaats van de Engelse Oost-India Company en daarmee een verzameling van rijkelijk versierde graven van de ambtenaren, rijken en nobele uit een ver verleden. 
South Park Street Cemetery
Je mag het luguber vinden maar in Azië is er niets luguber aan oude begraafplaatsen. De kolonisator heeft bijna altijd mooie en uitbundige grafmonumenten achter gelaten voor de zielen die “het thuisland" nooit meer zouden zien. Hele gezinnen zijn hier bijgezet in graftombes die ook nu, na meer dan honderd jaar, nog mooier en beter zijn dan de woningen voor veel Indiërs aan de andere kant van de hoge muren.    
South Park Street CemeterySouth Park Street CemeterySouth Park Street CemeterySouth Park Street Cemetery
Alle bouwwerken op deze begraafplaats stralen rijkdom en autoriteit uit. De slecht onderhouden tuin en bomen geven de omgeving een buitenaards gevoel. Ik vraag me in stilte af wat Jack van ons bezoek aan deze begraafplaats vind. Ik denk niet dat hij een cultuurbarbaar is maar of dit zijn ding is? 
South Park Street Cemetery
Voor de armen en lagere bestuurders en lagere ambtenaren rest niets anders dan een plaquette in een muur gemetseld. Alles genummerd en gecatalogiseerd net als honderd jaar geleden toen de Britten hier de scepter zwaaiden.     
South Park Street CemeterySouth Park Street CemeterySouth Park Street Cemetery
South Park Street Cemetery
Deze plaquette herdenkt “Augustus Clevland”. Hij verwisselde op negentien jarige leeftijd het tijdelijk voor het eeuwige aan boord van een schip genaamd “Atlas” dat hem naar Kaap de Goede Hoop, Kaapstad, vervoerde om zijn gezondheid te herstellen. Na zijn dood werd zijn lichaam in een vat met brandewijn bewaard om het te conserveren. Later is zijn lichaam met de loodsboot aan land gebracht in de Kaapkolonie. Hij zal daar hoogstwaarschijnlijk ter plaatse begraven zijn en dit is het monument ter herdenking van deze jonge gewaardeerde ambtenaar van het Britse keizerrijk.
Buiten de poort van de begraafplaats heb ik even tijd nodig om alles te laten bezinken. Een blikje cola verfrist me en geeft me de benodigde energie om weer verder te gaan. Voor mij is het eigenlijk al genoeg voor vandaag maar we hebben slechts twee weken de tijd in India dus heb ik me voorgenomen om zoveel mogelijk te doen wanneer het nog mogelijk is.

Op dit moment tijdens het beschrijven besluit ik om deze eerste dag in Calcutta op te delen in twee delen. Anders wordt het verhaal over vandaag wel heel erg lang!

dinsdag 11 januari 2011

India: Niet zo slecht als ik dacht

Gedroogde koeienvlaai als brandstof
India: Niet zo slecht als ik dacht 
Kolkata (The best Inn), dinsdag 11 januari 2011

Zoals gewoonlijk heb ik vannacht weer heel slecht geslapen. Ook nu ik twee wekkers heb gezet en Lyka ook een oogje in het zeil zou houden. Om kwart voor vijf sta ik al naast mijn bed om de laatste spullen in mijn rugzak te gooien en alles nog een keer na te kijken.
Het is een emotioneel afscheid, want het is toch wel een beetje vreemd om na acht weken samen voor twee weken afscheid te nemen. Ik ben zo van slag dat ik me pas na vijf minuten wachten op de minibus realiseer dat ik mijn fleece jack ben vergeten. Snel terug! 
Bye bye Bangkok
In de bus op weg naar de luchthaven krijg ik alsnog wat van mijn welverdiende slaap en na een korte wachttijd op de Survanabhumi luchthaven kunnen Jack en ik aan boort van de AirAsia Airbus 210 naar Kolkata (Calcutta in de oude dagen). Op de parkeerplaats staat een Airbus van Mahan Air uit Iran. Er zijn nog steeds Nederlanders die met deze maatschappij voor een klein reisje van Düsseldorf naar Bangkok vliegen. De overnachting in Teheran schijnt niet zo slecht te zijn.
Eenmaal aan boord van de Airbus 210 weet ik wel wat ik van AirAsia kan verwachten. Ik heb de laatste jaren tientallen keren met deze maatschappij gevlogen. Prima vliegtuigen met een uitstekende service maar het verdienmodel van deze Low Budget luchtvaartmaatschappijen is gebaseerd om zoveel mogelijk aan boord te verkopen tegen een relatief hoge prijs. Dus eenmaal aan boord is het op een houtje bijten tenzij je een goed gevulde portemonnee bij je hebt. Iets over half elf kiest de kist het luchtruim. Jack was het er niet mee eens maar ik heb zelf gekozen voor een maaltijd die ik gelijk met de boeking heb betaald. Dat scheelt 40% van de prijs! We zijn al enkele uren onderweg sinds ons vertrek uit Pattaya en ik kan op dit moment wel wat vast voedsel gebruiken. 
Nasi Lemak
De opgewarmde maaltijd wordt aan de hand van mijn stoelnummer geserveerd, de vriendelijke stewardess probeert mijn achternaam uit te spreken en kneust haar tong. Verontschuldigende glimlachjes worden uitgewisseld. Mijn instapkaart wordt gecontroleerd en voorzien van een vinkje en het aluminium schaaltje met een Maleisische Nasi Lemak land met een zachte tik op mijn opklaptafeltje voor mijn neus. Jack schud nee met een afkeurende blik op zijn gezicht zodra ik de aluminium deksel verwijder. Ik vraag me af wat hij van het eten in India zal vinden. Dat zal best wel spannend worden!
De maaltijd smaakte zoals verwacht. Geen groente maar het is wel een traditioneel ontbijt in Maleisië, ik ben er niet echt gek op maar een mens moet nu eenmaal eten. Ik kijk op mijn horloge, dat ik al op de tijdzone van Kolkata heb ingesteld. Het eten heeft me rozig gemaakt en ik heb nog voldoende de tijd om mijn ogen ter sluiten voor een hazeslaapje.
Drie kwartier voor de landing kom ik weer bij en ik ben erg opgewonden over wat ik nu weer zal aantreffen op deze nieuwe bestemming. In de terminal komen er oude beelden en ervaringen boven in de wereld die Kolkata India heet. Mijn eerste beelden en gevoelens zijn een mix van Colombo en Katmandhu. Ik  moet het eerst allemaal op zijn plaats proberen te zetten.   
Indiase Roepie 50Hello KolkataHello Kolkata
De eerste dollars, die ik over heb van een andere reis en al jaren in mijn portemonnee zitten, worden tegen een slechte koers gewisseld zodat we in ieder geval wat kleingeld in onze zaken hebben. Correctie: Een stevige bundel smoezelige bankbiljetten in kleine coupures in onze zakken hebben. Natuurlijk hadden we het slachtoffer van een hele horde gele taxi bestuurders kunnen worden maar wij lopen rustig, met één oog op de GPS, richting het centrum van de stad.
Het is zo’n vijf kilometer lopen naar het Dumdum Metrostation. Onze eerste kilometers in deze metropool, met bij na vijftien miljoen inwoners, gaan we lopen om de benen te strekken en wat eerste indrukken van deze wereldstad op te doen. Vijftien miljoen! Dat is bijna net zoveel als heel Nederland!
‘En?’
Nou, het stinkt niet zo erg als ik had verwacht.
De mensen ruiken ook niet naar oud zweet.
En de stad geeft me meteen een goed en vriendelijk gevoel.  
Oude trishaw'sDe eerste bedelaar
De camera klikt eer vrolijk op los en ik kijk mijn ogen uit. India staat voor de meeste westerlingen gelijk aan armoede! Het kan dan ook niet lang duren voordat de twee blanken met rugzakken worden belaagd door de eerste soldaten van het leger der bedelaars. Een lastige en opdringerige vrouw die met haar vlakke hand uitgestrekt in een onbegrijpelijke taal ons verantwoordelijk houdt voor haar armoede. De volharding is bewonderenswaardig maar wij hebben nu eenmaal geen klein muntgeld en een daggeld is nu eenmaal niet de bedoeling. Een bos bankbiljetten tevoorschijn trekken lijkt me op dit moment en op deze plaats ook geen goed idee. Onze volharding wint van de hare en de omstanders bekijken het schouwspel met lede ogen aan. De toon voor ons bezoek aan India lijkt gezet. 
Gedroogde koeienvlaai als brandstof
Een vreemde muur van enkele tientallen meters lang trekt onze aandacht. We overleggen samen wat het zou kunnen zijn. Later die dag horen we dat het koeienvlaaien zijn die van de straat zijn opgeraapt en in de zon worden gedroogd om als brandstof te dienen. Iedereen plakt en iedereen neemt wat ze nodig hebben. Een coöperatie in de meest eenvoudige en puurste vorm. Hier in dit arme land wordt dus echt weinig verspild.  
Gele MorrisReparatie op de stoep
In Vietnam heb ik dit ook al eens gezien maar het blijft een vreemd schouwspel. Op een stuk land naast een drukke straat is er een reparatiebedrijf voor taxi’s. Hoeveel taxi’s zouden er wel niet in Kolkata rijden? Hoeveel van die oude taxi’s zouden per dag een botsing hebben of mechanische pech? Astronomische getallen, dat is zeker. En hier zitten ze gewoon in de open lucht op de grond motoren te repareren en worden de taxi’s uitgedeukt en van een nieuwe gele verflaag voorzien. Van het milieu hebben ze nog nooit gehoord. De verlopen motorolie stroomt rijkelijk en de verf en haar oplosmiddelen worden ter plaatse verbrand. Haast iedereen in dit land staat hier nog in de stand “Overleven” en droomt van een rijk en zorgeloos leven! 
Tata bus
Zodra we besloten hebben dat de begroeting van Kolkata genoeg is geweest springen we op een overvolle bus richting het Metrostation. We komen ogen te kort om onze rugzakken te beschermen. De verhalen van de scheermesjes die worden gebruikt om hele rugzakken in een flits van een seconde te ontleden schieten door mijn hoofd.
Ik zet mijn rugzak tussen mijn benen op de grond. De dief in afwachting van zijn prooi zal nu in de overvolle bus moeten bukken of op zijn knieën gaan zitten. Dat is haast onmogelijk in deze drukte en zal meteen opvallen! Jack volgt mijn voorbeeld en we houden elkaars ruggen, zoals in het vliegtuig afgesproken, in de gaten. Iedereen om ons heen heeft tenslotte twee handen. Voor zes Roepies worden we een eindje van het station op de Dumdum Road uit de bus gegooid. We hadden het metrostation nooit gevonden als we geen hulp van een vriendelijke jongen hadden gekregen. We volgen hem gedwee naar de trappen die onder de grond verdwijnen. 
Vreemde regels
De regels voor het verblijf op het terrein en in de gebouwen van de metro zijn duidelijk:
Verboden te roken
Verboden te spugen
Verboden te vervuilen
Verboden om overlast te geven
En het is verboden om te roddelen op de trappen en stoelen op de perrons
Daar moeten we dus samen heel hard om lachen! Een nieuwe wereld met nieuwe regels.
Voor nog eens acht Roepie rijden we naar het Netaji Bhavan Station waar het hotel niet ver vandaan is. 
The Best Inn
Het “The Best Inn” hotel is beter dan ik had verwacht maar het is ook stevig aan de prijs als ik het vergelijk met wat ik de laatste maanden voor een slaapplaats heb betaald. Maar dit is voor mij een korte vakantie van twee weken dus moet ik maar een keertje niet zo zuinig zijn.
Na een korte onderhandeling krijg ik korting op de internet aansluiting en dat is voor mij al voldoende om onze kennismaking tot een succes te maken. De drie mannen van het hotel spreken redelijk Engels en zijn erg vriendelijk. Het zijn twee broers en een heef, familie is belangrijk in India. Waarschijnlijk drie arme stakkers van het platte land die voor een habbekrats de woning van een rijke Indiër onderhouden en een illegaal hotel voor hem runnen. Maar wat is beter dan niets!
Wat wel problemen geeft op deze eerste dag is het wisselen van contante Euro’s. We kunnen deze middag gewoon geen bank vinden die het geld wilde wisselen. Geen enkele bank te vinden en ook het vragen naar een bank geeft alleen opgetrokken schouders als antwoord.
Teleurgesteld gaan we terug naar het hotel om een eerste aanbetaling van twee dagen te doen en om het probleem uit te leggen. Gelukkig hebben ze begrip voor ons probleem en we spreken af dat we vanavond bij terugkeer in het hotel het openstaande bedrag te voldoen. 
De kapper
Het was geen probleem ze en opgelucht storten we onszelf in de krioelende straten van Kolkata. Overal wordt eten bereid en verkocht maar om eerlijk te zijn voel ik me op dit moment niet zo aangetrokken tot de kleine bordjes met lokale heerlijkheden. Één blik naar de afwasbak en het vuil op de grond om de mobiele keuken is voldoende om verder te zoeken naar een plaats waar we wat kunnen eten. 
Mijn eerste Thali
We werden al wanhopig want in een half uur komen we geen enkel restaurant tegen waar we wilden eten. En plotseling duikt uit het niets een Indiaas fastfood restaurant op! Het “Haldiram Restaurant” stelt ons meteen gerust. Er heerst binnen een onvoorstelbare drukte en het eten in de grote schalen ziet er aantrekkelijk uit. Voorzichtig kopen we coupons aan de centrale kassa en proberen de eenvoudige en goedkope thali van de dag. Die is al snel goedgekeurd en met twee samosa’s worden de restjes van de dahl en de mierzoete curry naar binnen gewerkt.
En nu dus met de Metro naar Sudder Street want daar gebeurt het allemaal voor de backpackers. In het donker ziet de wereld er veel anders uit. Sommige grote steden worden vriendelijker in het kunstlicht maar anderen, bij gebrek aan dat kunstlicht, grimmiger. Onze lange schaduwen door de schaarse verlichting geven me een ongemakkelijk gevoel als in een “Film Noir” van voor de tweede wereldoorlog. Kolkata is een mengeling van die twee. Niet dat ik me onveilig voel, we zijn tenslotte met z’n tweeën, maar ik ben ook niet helemaal op mijn gemak.
In Sudder Street hangt voor elk tweede huis een bord “Money Changer” aan de gevel. In de ramen staat veelal een klein bordje waarop de omwissel koersen van de dag worden vermeld. Opvallend veel van die koersen zijn gelijk wat meteen aantoont dat het beter is om samen de prijs te bepalen dan elkaar de straat uit te concurreren.
Een buitenlander spreekt ons uit het niets aan en verteld ons dat ze bij het “Hilson Hotel” zonder enige twijfel de beste omwissel koersen hanteren. Hij groet en lost meteen weer op in de mensenmassa. En inderdaad bij het “Hilson Hotel” worden de euro’s zonder problemen gewisseld. Wat nog het fijnste was bij het omwisselen is dat er niet tien nieuwsgierige Indiërs over je schouders mee staan te kijken hoeveel geld “de buitenlander” nu eigenlijk wisselt. Ik draag altijd mijn hele financiële hebben en houden bij me omdat ik de hotels en guesthouses veel te gevaarlijk vindt. Zelfs de gratis kluisjes worden wel eens op mysterieuze wijze geleegd.
Onze belangrijke taken voor vandaag zitten er op! 
Fairlawn Hotel
Op één ding na dan! Een paar koude biertjes bij het “FairLawn Hotel” waar we een Duitser zouden ontmoeten die ons onderweg naar de Garmin had gevraagd. We hebben een onderhoudende avond, in het Engels om Jack niet uit te sluiten, en het bier vloeide rijkelijk. Een grote fles “Kingfisher” bier kost meer dan je in een arm land als India zou verwachten. Voor mij maakt het weinig uit maar Jack houd het bij een fles. Of dat om de prijs van het bier gaat is me niet helemaal duidelijk. Hij is sowieso niet zo’n drinker. Het was een heerlijke afsluiting van een mooie eerste ontmoeting met het “Incrediable India”.   
Eenzame trishawEen goed idee!Niet parkeren
Op weg naar het “The Best Inn” hotel vanaf het Metro station zie ik nog enkele tafereeltjes die ik jullie niet wil onthouden.
We bonken op de stalen deur om te worden binnen gelaten. De drie musketiers verschijnen slaperig en laten ons in ongezouten engels weten dat we toch wel heel erg laat thuis zijn gekomen. Het is nog geen tien uur! Ik maak ze in ongezouten engels duidelijk dat het morgen nog wel later kan worden. Ze rollen onschuldig lachend als een boer met kiespijn met hun hoofden. Onze eerste dag zit er op en we hebben een goed gevoel! India is fotogeniek, dat is 100% zeker!

donderdag 6 januari 2011

Thailand: En eindelijk rust?

Pattaya (Boxing Roo (8))

‘Nee, en dat is maar goed ook!’
‘Mijn leven is erg mooi maar ook heel vermoeiend, ik zoek nog steeds naar uitdagingen en nieuwe projecten!’

Over vijf dagen ga ik voor het eerst naar India. Door velen geliefd en door velen verguisd. Deze korte trip, slechts veertien dagen, is een test en een opwarming voor volgend jaar wanneer ik voor een maand of langer door zuid India wil gaan reizen en voor de winter van 2012/13 wanneer we een Royal Enfield willen kopen en vijf maanden door het enorme land willen gaan rijden, alleen of met Lyka.

We landen op dinsdag 11 januari in Kolkata (Calcutta) en de eerst week zullen we daar ook verblijven. Er is genoeg te zien en genoeg te doen om de eerste indrukken van dit enorme land op ons te laten inwerken.

Dan gaan we met de trein, en dat moet op zich al een hele ervaring zijn, naar Bhubaneswar vanwaar we na één overnachting meteen doorreizen naar Konark waar we de Sun Temple gaan bezoeken.

Op donderdagochtend gaan we weer terug naar Bhubaneswar waar we ‘s middags ook nog war andere tempels gaan bezoeken.

Op vrijdag is het weer met de trein terug naar Kolkata voor de laatste drie dagen en op 25 januari gaan we weer naar Bangkok.

Het klinkt een beetje kort en dat is het voor mijn gevoel ook. Laten we hopen dat het eten goed is en dat we niet ziek worden. Ik neem in ieder geval genoeg anti-poeppillen mee om een heel leger te beschermen.
Copyright/Disclaimer