zondag 31 januari 1999

Thailand, reisdag

Chiang Mai (Eagle Guest House 2)

We hadden besloten om de eerste bus van de dag, om 07:30, te nemen maar toen de wekker van zich liet horen bleven we toch maar liggen. We hadden per telefoon een kamer gereserveerd dus dat zou geen probleem zijn. "Een leugen voor goedwil" laten we het maar zo noemen. Sam, de ober moest er wel hartelijk om lachen dat we pas om half tien aan het ontbijt verschenen. Zeker na het uitgebreide afscheid van gisterenavond.
De eindrekening viel wel een beetje tegen ondanks het ontbijt en een zak vol schone was. Tijdens de korte rit naar het busstation dacht ik eens goed na over wat ik nu zo spendeerde per dag en of ik het misschien kon terug brengen. Zelf schommelde ik zo rond de 700 Baht (fl 44,-) per dag en dat was duidelijk meer dan de 500 Baht die ik me had voorgenomen. Natuurlijk begreep ik wel dat de uitgaven aan de alcohol veel te hoog is maar het is nu eenmaal heel gezellig met Marieke en en als we over een week of twee uit elkaar gaan zal dat wel weer teruglopen.
De Busreis was OK met twee hobbeltjes. De eerste was dat de eigenaar van het "Eagle Guest House 2" gewoon vijftig Baht vroeg voor het ritje naar het busstation terwijl we duidelijk hadden afgesproken dat het een service van het guesthouse was.
De tweede was minder! Marieke zat ineens te huilen, haar geklaag ging zelfs over het geluid van mijn Walkman heen. Ik had wel een idee waarover het ging en het leek me veel beter om het maar zo te laten en vanavond er over te praten.
In het "Eagle Guest House 2" was er een kamer op de eerste verdieping voor ons geserveerd met een tweepersoonsbed. En we hadden nog wel zo nadrukkelijk gevraagd om een kamer met twee eenpersoonsbedden. We keken elkaar aan en konden er samen om lachen. Alles was weer goed!
Voor het eten belandden we in het "American Restaurant", Marieke deed zich te goed aan een Italiaanse maaltijd terwijl ik zelf lokaal bleef met een groene curry. Tijdens de wandeling belandden we in het "Riverside Restaurant" waar we de avond gezellig afmaakte.

We praatten, dronken, dansten en zongen op de gezellige klanken van de band. Helaas dronken we zoveel dat ik volledig de weg kwijtraakte en Marieke over de reling van de galerij in het guesthouse moest overgeven. Maar het ergste was nog dat het zo donker was dat we het slot niet openkregen. Zo'n combinatieslot met rolletjes, een drama in het donker.
Gelukkig nam de eigenaar het allemaal luchtig op toen ik hem om één uur wakker maakte voor een aansteker. Dronken en ziek konden we eindelijk gaan liggen. Voordat ik in slaap viel nam ik me voor om nooit meer zoveel Mae Khong Rum te drinken.

zaterdag 30 januari 1999

Thailand, rondhangen in Chiang Rai

Chiang Rai (Pitamorn Guesthouse)

En zo was er dan na ruim twee weken in Azië/Thailand de eerste rustdag, echte rustdag.
De dag begon met eens flink uitslapen en het hergroeperen van de rugzak. De vuile was werd afgeleverd bij de wasserij en de kontakten met het thuisfront werden vernieuwd. Het dagboek en de Lonely Planet werden bijgewerkt. Even bellen naar Nederland en een lange e-mail sessie naar veel vrienden. Maar het belangrijkste van vandaag was ruimte! We waren allebei aan een dag alleen toe en na het ontbijt namen we afscheid.
Mijn dag bestond uit rondhangen in de stad. Eten en koffie drinken. Ik noem het geen verveling maar omdat je weinig anders te doen hebt ga je toch winkelen of in ieder geval kijken of je iets interessants kan vinden. Nieuwe muziekcassettes of een wereldontvanger, zo kon ik tenminste naar de Nederlandse Wereld Omroep luisteren in den verre. Niets van dat alles werd gevonden of gekocht en na een dag lummelen stapte ik aan het einde van de middag het guesthouse weer binnen waar mijn reisgenoot ook net was gearriveerd.
Het oude verhaal over de gezelligheid kwam weer boven water en dat betekende dat voor mij de gezelligheid meteen weer weg was. Ik gaf wat toe en we aten in een restaurant met een leuke tuin. Het was wel zaterdag vandaag en dat betekende dat er Engels voetbal op de TV was. Ik wilde dus iets sneller teug naar het “Pitamorn Guest House” dan normaal en tegen al mijn verwachtingen in was Marieke het daar mee eens. Ik haalde mijn wenkbrauwen op maar besteedde er verder geen aandacht aan.
Bij aankomst in het guesthouse kwam de aap uit de mouw. Ze had een flesje “Mae Kong Whisky” gekocht om samen gezellig met mij op de kamer te legen. Toen ik vertelde dat ik samen met een Engelsman naar het voetbal zou kijken was ze natuurlijk niet blij. Ze was eigenlijk heel kwaad.
Na afloop van de wedstrijd ben ik gaan slapen en het is toen allemaal fout gelopen. Ik vind het heel jammer want mijn reisgenoot zal nooit meer dezelfde zijn.
Na deze rustdag gaan we morgen verder naar “Chiang Mai” vanwaar Marieke een trekking gaat maken en ik alleen achterblijf om enkele van mijn dromen te vervullen.

vrijdag 29 januari 1999

Thailand, met de boot naar Chiang Rai

Chiang Rai (Pitamorn Guesthouse)

De boot zou pas na half één vertrekken en wij waren al heel vroeg uit de veren. Niet zo vreemd als je om kwart over tien al op bed ligt. Het gaf ons voldoende tijd om met de bus terug te gaan naar “Fang” om cheques in te wisselen en de tempel, die uitnodigend op een heuvel naast het dorp lag, te gaan bezichtigen.
Het werd tijd om wat van mijn travellercheques in te wisselen omdat het geld toch wel wat sneller mijn buidel verliet dan dat ik had verwacht. De bank bleek ergens in het midden tussen “Thaton” en “Fang” te staan, zomaar, midden in het niets. Het omwisselen van de cheques was een fluitje van een cent en nog geen dertig minuten later zaten we weer in de “Songtaew”, zo heet zo’n omgebouwde pick-up truck, op weg naar Ban Thaton.

Bij terugkomst in het dorp was de tempel aam de beurt. Vanaf een afstand zag alles er al anders uit dan dat ik tot nu toe gewend was. Hier waren veel meer Chinese invloeden. Het leek een beetje op “de Efteling” met al zijn zoete kleuren. De tempel was ook niet echt oud maar wel interessant om te zien.

Terwijl wij er rondliepen op een ontdekkingsreis in het Chinese Buddhisme hoorden wij in de verte zingen. Een monotoon gezang op het ritme van grote trommels. We volgen een pad dat richting het gezang liep en belanden op een binnenplaats tussen verschillende tempels en gebouwen waar de monniken verbleven. Een groep kleurig geklede mensen dansten in een cirkel en zongen in een taal die ik nog nooit had gehoord. Een korte uitleg van een monnik die ook stond te kijken vertelde dat het hier om mensen ging van de “Lahu” stam. Ze waren nieuwjaar aan het vieren en de bij hun horende kalender was gebaseerd op de stand van de maan, net als bij de Chinezen. Het was een indrukwekkend gezicht en als je zoiets wilt meemaken dan moet je gewoon dom geluk hebben. Of zou Buddha dit sturen?

De tijd was omgevlogen en het werd ondertussen ook tijd om richting de aanlegsteiger te gaan vanwaar de boot naar “Chiang Rai” zou vertrekken. We haalden onze spullen op in het guesthouse en slenterden langzaam, nog onder de indruk van wat we hadden gezien in de tempel, naar de steiger.

Het was een leuke boottocht maar hij had leuker kunnen zijn als er wat meer jonge mensen aan boord waren geweest. We hadden nu een groep oudere Amerikanen aan boord die de bootreis als dagtrip vanuit “Chiang Rai” hadden geboekt. We vaarden door vlakke gebieden, langs steile bergwanden en groene bamboebossen. Het ging allemaal erg langzaam waardoor we goed het leven langs een kleine rivier konden aanschouwen. Af en toe moesten de mannen de boot verlaten om de boot een stuk over zandbanken te duwen en op één plaats moesten we zelfs allemaal een vierhonderd meter lopen omdat de kapitein de stroomversnellingen niet vertrouwde. Uiteindelijk was ik zo door en door nat dat ik de krampen in mijn darmen kreeg van de kou.
Aan het einde van de boottocht is er echter een domper.

Ze hebben het weer zo met elkaar afgesproken dat de boot drie kilometer buiten de stad stopt bij een aanlegsteiger. Voor de Amerikanen staat er netjes een geairconditioneerde minibus klaar maar de onafhankelijke reizigers zijn het slachtoffer van de te dure “Songtaews” die staan te wachten. Maar eigenlijk heb je geen keuze. Je kan onmogelijk gaan lopen met je (te) zware bagage en het risico nemen dat je in het donker arriveert in “Chiang Rai”. We wilden niet toegeven aan deze toeristenval en gingen dus toch lopen. Uiteindelijk bleek dit een verkeerde keuze. Het was een zware wandeling van drie kwartier.
Ook het vinden van een guesthouse op dit tijdstip aan het einde van de middag is een groot probleem. We proberen een lijst vanuit de LP na te lopen maar elke keer is het antwoord, “Sorry, we zijn vol”. Steeds zagen we mensen die bij ons aan boord waren geweest al rustig aan tafel zitten eten. Als we na twintig minuten zeulen door de stad eindelijk een kamer hebben gevonden maken we ons er niet druk over dat er een tweepersoonsbed in staat. We zijn allang blij dat we na deze lange vermoeiende dag een slaapplaats hebben gevonden.
Over het eten ontstaat er weer een kleine woorden wisseling met als hoofdonderwerp, “Pizza”. Mijn reisgenoot wil graag Pizza eten maar ik heb daar geen trek in, ik heb liever rijst met de bijbehorende groenten en vlees. Volgens haar moet ik mij maar een keer aanpassen aan wat een ander wil. En zo begint het machtspel weer van voor af aan.
Het duurde niet lang voordat we allebei begrepen hoe dom we bezig waren. We moesten er dan ook hartelijk om lachen. Na het eten duurde het niet lang voordat we naar bed gingen en sliepen als een os. Ik ben geen één keer wakker geweest en morgen zou de eerste rustdag zijn in de “Tour de Thailandia”.
Copyright/Disclaimer