vrijdag 22 januari 1999

Thailand: Samen op de motor

Mae Sariang (See View Guesthouse), 22 januari 1999

Hoe mensen op het idee zijn gekomen om voor dag en dauw op te staan om de laaghangende mist tussen de bergen in Noord-Thailand te bekijken is me een compleet raadsel! Met een tong als leer en een smaak in mijn mond of ik een Chinees openbaar toilet heb uitgelikt sta ik om kwart voor zes ’s morgens naast Marieke in de nog donkere verte te staren. De witte slierten gecondenseerde waterdamp blijken zich ook nog eens moeilijk te laten fotograferen! Dus eigenlijk ben ik voor niets opgestaan. Dit was in ieder geval de eerste èn de laatste keer!
Op dit vroege uur wordt ik ook met mijn neus hard op een ander feit gedrukt! Ik ben nu bijna twee weken in Thailand en ik ben elke avond met een flinke slok op in mijn bed gekropen. Daar moet dus ook verandering in komen want anders blijft mijn lever in Thailand achter wanneer ik over een maand of negen weer naar huis ga. Nu nog even terug naar bed en dan gaan we ons voorbereiden op een dag motorrijden.
Na het nimmer veranderende, en tot nu toe ook niet vervelende, ontbijt van gebakken eieren met toast en instant koffie gaan we op weg. Het is al zeker tien jaar geleden dat ik op een motor heb gereden. Ik denk dat het wel zo is als met fietsen, je verleerd het nooit. We besluiten om de valhelmen maar bij Geoff en Carroll te laten! Ten eerste zijn het leenhelmen waar je nooit van weet wie de helm op zijn hoofd heeft gehad en als ik af moet gaan op de optische verschijning lijkt het me zelfs veiliger om ze niet te dragen.
Geoff geeft met de laatste, overbodige, instructies over de motorfiets en dan rollen we met zijn tweeën het avontuur tegemoet. Marieke is toch wel een beetje bang en houd mij stevig vast. Van een kater voel ik weinig meer en op zo’n zandweg zullen we toch wel geen hoge snelheden halen!
We komen langzaam op gang en na enkele minuten voel ik me weer één met de Japanse machine onder me. Motorrijden verleer je dus nooit! Marieke zit stil achterop en houd me stevig vast, misschien wel een beetje tè stevig. Ik voel haar lichaamsrondingen op mijn rug heen en weer rollen.
Groene rijstvelden
We rijden over de enige weg richting de grens naar Mae Sam Laep. Een grensplaatsje aan de Salawin rivier. Van verdwalen kan er dus geen geen sprake zijn, je kan alleen maar rechtdoor! Het valt ook meteen op hoe weinig verkeer hier is. We zijn echt in de jungle, ver van de bewoonde wereld. De zeer rustige weg voert ons over bergen en door dalen en valleien. Langs mooie gifgroene rijstvelden en ritselende bossen die helemaal uit bamboe bestaan.
Ik moet me wel dwingen om wat vaker stoppen. Anders zou me hetzelfde overkomen als in Australië, je komt er dan thuis achter dat je van veel indrukken geen foto’s hebt gemaakt. Simpelweg omdat je op dat moment niet het gevoel had dat het een speciaal moment was. Met een teleurstelling als gevolg. Op de momenten dat we langs de weg stil staan, om te genieten van het uitzicht, en elkaar, is het onheilspellend stil. Het vallen van de grote bladeren van de teak bomen klinken als trommelslagen. Onbewust ben ik steeds op mijn hoede voor ander verkeer. Mijn instincten zijn niet uit te schakelen hoewel je in deze uithoek geen verkeer hoeft te verwachten, een lokale bus is het enige voertuig dat je mogelijk tegenkomt.
Bergdorp aan de grens met BurmaBergdorp aan de grens met Burma
In het dorpje waar de weg eindigt kijken wij vanaf een bergwand uit over de smalle rivier die zich in duizenden jaren een weg door het steen heeft geslepen. Aan de overkant van het water ligt Burma, een gesloten en onderdrukt land dat wordt geregeerd door kwaadaardige generaals. Generaals hebben de macht grepen toen de uitslag van de democratische verkiezingen niet helemaal naar hun wensen was.
De bergvolken zijn een bijzonder gezicht. Hun kleding, uitstraling en gezichtskenmerken gaan helemaal naar de Indiase kant. Mooie donkere vrouwen met lang dik zwart haar gehuld in kleurrijke gewaden. Ik voel me te ongemakkelijk om foto’s van ze te maken. Ik voel me een indringer in hun gesloten wereld. Een wereld zonder stromend water en weinig elektriciteit. Ik kan het deze keer niet laten en ik heb hier dan ook mijn eerste souvenir van deze reis gekocht. Een lendendoek in de kleuren van deze bergstam. Ik weet nog niet goed wat ik er mee moet maar hij kan thuis altijd als tafelkleed dienen.
Tijdens de pauzes praten we veel over ons verleden, onze verbroken relaties en wat we van de toekomst verwachten. Ik heb er allemaal een goed gevoel bij maar ik ben zeker niet verliefd. We zijn meer opgelucht dat we samen over de dingen kunnen praten die ons in de weg staan. Je hart uitstorten bij een vreemde is nu eenmaal gemakkelijker dan bij een bekende. Ik voel dat er een band ontstaat die iets verder reikt dan vriendschap, zelfs verder dan hechte vriendschap. Maar we weten ook dat we het niet te ver willen laten gaan. Dat onze vriendschap alleen maar in de weg staan!
Jielus op de motor
Op de weg terug, wanneer we weer op het asfalt zijn aangekomen, maakt Marieke nog een foto van mij op de motor als souvenir aan deze mooie dag samen.
We zijn doodop na een lange dag op de motor en zoeken na deze intense dag samen onze eigen leefruimte en privacy op. Ik geniet van een ijskoude fles Thais bier en luister naar het cassettebandje dat ik gisteren van Marieke voor mijn verjaardag heb gekregen. Ik staar in het niets over de droge velden richting de toekomst. Wat zal deze reis me nog allemaal brengen? Als het maar niet slechter wordt dan wat ik tot nu toe heb gezien en meegemaakt, dan zit het wel goed.
De avondmaaltijd komt deze keer uit de keuken van het guesthouse. Een gebakken rijst met wat kip voor een appel en een ei wordt weggespoeld met de zoveelste fles ijskoud Thais bier. Het is voor ons voldoende. Na een mooie dag gaan we moe maar voldaan slapen. Morgenvroeg trekken we weer verder naar Mae Hong Son, een slaperig stadje waar Marieke ook nog nooit is geweest. Onze nieuwe Braziliaanse vrienden laten we hier achter omdat Bryan nog wat foto’s van bergstammen wil maken. We zullen elkaar waarschijnlijk nog wel een keer ergens onderweg ontmoeten!

donderdag 21 januari 1999

Thailand: De jungletocht

Mae Sariang (See View Guesthouse), 21 januari 1999

Afgelopen nacht was een waar drama. Ik had gisterenavond natuurlijk wel de nodige drankjes genuttigd en het was ook weer veel later geworden dan gepland.
Vannacht werd ik dus wakker van een kloppende volle blaas. In een mengelmoes van desoriëntatie en slaap zocht ik naar een deur die me naar een toilet zou leiden. Het duurde aardig wat tijd voordat ik me realiseerde dat we in een kamer zonder badkamer sliepen. De sanitaire voorzieningen zijn op de begane grond tegen de achterkant van het houten huis gebouwd. Douches en toiletten zijn nog niet vanzelfsprekend in Thailand.
Dus er zat niets anders op dan beneden, door het donker, naar het toilet te gaan! Zodra ik de deur met een griezelig gepiep open kijk ik in een inktzwarte donkere gang vanwaar uit de verte een onzichtbaar angstaanjagend gegrom me tegemoet komt. Stephen King zou hier zeker inspiratie uit hebben gehaald!
Tussen mij en het toilet liggen dus een donkere trap en een grommende hond. De donkere trap kan ik nog wel mee leven, maar die hond, heb ik het niet op! Langzaam sluit ik de piepende deur voordat de hond me te pakken heeft. De adrenaline bereikt mijn hersenen die een versnelling omhoog schakelen. Ondertussen zijn mijn ogen gewend aan de duisternis in de kamer en in het weinige licht van een eenzame lantaarnpaal dat onze kamer binnendringt begin ik vertrouwde silhouetten te herkennen. Marieke slaapt als een roos in de hoek van de kamer. Onze rugzakken staan binnen handbereik naast onze matrassen. Net als de onafscheidelijke flessen drinkwater.
Ik loop snel door mijn mogelijkheden en kom tot de conclusie dat er niets anders opzit dan de bovenkant van een lege plastic waterfles af te snijden en die vol te pissen. Een fles van ongeveer 750ml en een gemiddelde blaas van een volwassen man die 500 ml kan bevatten, althans, ik denk mij dat te herinneren van de biologielessen op school. Marieke slaapt gewoon door en merkt helemaal niets van mijn geschuifel door de schemerige kamer. Ik haal een zachte lege fles uit de kleine prullenbak en vind snel mijn zakmes in de zak aan de zijkant van mijn rugzak. Het geluid van de ritssluiting snijd door de stilte van de Thaise nacht, beneden hoor ik de hond weer zachtjes grommen. Hoewel het schemerig is kan ik zonder problemen de bovenkant van de zachte plastic fles verwijderen. Alles gaat precies zoals ik het mij had voorgesteld. Ik ben verlost van die kloppende blaas en zoek snel mijn bed weer op. Weer een probleem opgelost!
De problemen ontstaan pas ècht wanneer ik vanochtend vroeg met mijn slaperige hoofd de fles omstoot! De geur en kleurloze urine stroomt over de donkerbruine teakhouten vloer en zoekt zich een weg tussen de naden van de vloer door richting de begane grond. De aantrekkingskracht van de aarde is vandaag voor even niet mijn vriend. Door de schrik sta ik verstijfd te kijken naar wat ik heb aangericht. Ik heb niets om het te stoppen of het op te nemen. Marieke staat beneden onder de douche en in stilte zie ik de plas steeds kleiner worden. Binnen enkele minuten is al de vloeistof verdwenen. Alleen een paar vochtige naden tussen de geboende teakhouten vloerdelen zijn aanwijzingen naar de ramp die zich hier heeft voltrokken. Ik zet mijn rugzak er op zodat Marieke in ieder geval niet kan vragen wat er is gebeurt.
Klaar voor het vertrek en beneden aangekomen nemen we in de schemer van de gemeenschappelijke woonkamer afscheid van onze gastvrouw. In mijn hoofd raast er maar een gedachte: niet naar het plafond te kijken! We zeggen voor een laatste keer gedag en verlaten het guest house. Een laatste blik over mijn schouder en ik zie een grote natte plek aan het plafond waar honderden druppels aan hangen te glanzen in het ochtendlicht. De hond likt de plavuizen op de vloer!
Klaar om te vertrekken
We slenteren in stilte naar de vertrekplaats van de bus. Zoals in Ayuthaya en Sukhothai is een plein omringt met shop houses en een kleine markt ook meteen het busstation. We hoeven niet lang te zoeken naar onze bus want Brian en Simone roepen ons al van verre. Zij hebben de bus al gevonden en ook de kaartjes voor ons vieren geregeld. We betalen de schade voor de vervoersbewijzen terug en gaan meteen op zoek naar eten voor onderweg. Jan vertelde ons nog met nadruk om voldoende eten mee te nemen. Je weet namelijk nooit wat je onderweg zal aantreffen!
Het is vandaag mijn verjaardag en we gaan met z’n vieren deze trip naar het noorden van Thailand maken. Een rit van ruim zes uur in de bak van een kleine vrachtwagen. Gelukkig heeft de laadbak van de kleine vrachtwagen wel banken aan de zijkant zodat je toch nog wat comfort hebt.
National Highway 105
Nieuw wegdek
De buschauffeur De rit over de Nationale “Highway 105” is van betoverende schoonheid en laat ons beelden zien die in een steeds sneller dichterbij komende toekomst zullen verder leven als een herinnering. Waarom ben ik niet eerder gaan reizen?, is een vraag die steeds vaker in me op komt. We absorberen het ruige landschap met echte bergen die dor en droog de horizon vullen. Na een flink stuk asfalt komen we op een minder comfortabele verharde zandweg terecht. Tijdens het rijden valt dat nog wel mee maar bij elke halte om iemand aan boort te nemen of iemand te laten uitstappen worden we door de dikke rode stofwolk die ons achtervolgt opgeslokt. Het rode stof zit uiteindelijk overal!
National Highway 105Vluchtelingen kampen
We passeren dorpen, of misschien beter gezegd, officieuze steden, met meer dan 50.000 inwoners die niet op de kaart van Thailand worden vermeld. Het zijn namelijk nederzettingen opgetrokken uit hout en bamboe van bergvolkeren die gevlucht zijn voor het onderdrukkende regime in Myanmar. Deze mensen worden hier in Thailand als slaven gebruikt om voor een paar dubbeltjes per dag onder de altijd brandende zon op de oneindige knoflook en rode pepervelden te werken. Het schijnt hier ook nog gevaarlijk te zijn en regelmatig zijn er schermutselingen tussen de legers van Thailand en Myanmar. Wij hebben hier niets van gezien of gemerkt en genieten van het spektakel dat ons word geboden.
Vreemde vogelsUntitledBergvolk
Bergvolk
Vooral de verschillende bergvolkeren zijn heel bijzonder, zij zijn nog niet bekend met het fenomeen “toerisme”. Ze stapten op de meest verlaten plaatsen in en uit de laadbak gekleed in hun kleurrijke kostuums, kinderen en ouderen. Ze kijken naar ons alsof we van een andere planeet zijn! Voor velen is dit hun eerste kennismaking met een blanke. Dit maakt de lange vermoeiende reis tot een heel pure ervaring.
Bij de aankomst in Mae Sariang staat de eigenaar van het “See View Guest House” al bij de bushalte te wachten. Hij heeft dan toch wel vaker gasten die deze trip hebben gemaakt. Een grote glimmende Amerikaanse 4X4 pick-up truck brengt ons naar zijn guest house.
UntitledMarieke aan het schrijven
Het guest house ligt net buiten het dorp aan een kabbelend riviertje. Het rustig slapende dorpje ligt voor ons in de verte, daarachter zie je de contouren van de bergen in de ondergaande zon. Ja, hier heb ik het meteen naar mijn zin en hier zouden we een kleine rustpauze moeten inlassen. Marieke is het gelukkig met me eens en de eerste geplande rustdag is een feit. Laos zal een dag langer op haar moeten wachten!
Vandaag ben ik ook aan een kleine ramp ontsnapt! Ik was mijn Lonely Planet in de haast vergeten in het restaurant van ons guest house. Gelukkig lag hij er een half uur later nog en kon ik hem ongeschonden oppikken. Pffff, daar moet ik beter voor opletten. Haast is een slechte compagnon wanneer je op reis bent.
Mijn verjaardag met Brian en Simone
’s Avonds bezorgen mijn reisgenoten mij een onvergetelijk en bijzonder verjaardagsfeest. Compleet met taartjes en kaarsjes, èn het “Happy Birthday to you”, zelfs de mensen in het aangrenzende restaurant zingen uit volle borst mee. Nadat de alcohol rijkelijk gevloeid heeft en het restaurant eindelijk wil sluiten lopen we door de zwoele nacht terug naar ons guest house. Vanzelfsprekend wil ik nog niet naar bed en vind het een goed moment om nog “one for the road” te drinken. Tijdens het bestellen in het restaurant van het guesthouse komen er nog wat mensen op de verlichting af waarmee we in gesprek raken. Het maakt de eigenaar van het guest house niets uit. Het is voor hem omzet en we zijn in het midden van niets niemand tot last.
De aangevlogen groep blijkt een verzameling vreemde vogels te zijn. Een Engels stelletje dat de meest onsamenhangende verhalen verteld over drugs en dat ze haast miljonairs zijn. Twee Duitsers met grote kunststof koffers rondreizen die alleen maar over cannabis, magic mushrooms, opium roken en andere geestverruimende middelen praten.
Een joint gaat dus al snel van hand naar hand en ik luister geïnteresseerd naar wat ze zoal te vertellen hebben. Niet veel spannends dus! Ze begrijpen er in ieder geval helemaal niets van dat een Hollander geen cannabis gebruikt. Het is een groot raadsel voor ze dat ik zelfs helemaal geen drugs gebruik! Dat bier drinken vinden zij dan weer helemaal niets! Alcohol is ongezonder dan cannabis roken! Daar zijn ze het al snel over eens. Dat is voor hun de manier om hun verslaving te rechtvaardigen. Ze roken joint na joint en drinken goedkoop drinkwater. Ik zal maar niet over de politie beginnen die in deze landen drugs heel anders aanpakt dan de politie in Europa.
De Engelsman in het bonte gezelschap, Geoff, laat een van zijn ogen op mijn T-shirt vallen, de andere kijkt door de dikke rookwolken zeker in niet in dezelfde richting. Voor deze reis heb ik T-shirts laten maken met een Bart Simpson opdruk. Zijn bijnaam in Engeland blijkt dus Bart Simpson te zijn. Die bijnaam heeft hij verdient met het oneindig nadoen van de stem van Bart Simpson! Een demonstratie kunnen we niet ontwijken. Hij wil graag een T-shirt van mij kopen. En dat is nu juist de clou, ik geef die T-shirts gratis weg aan mensen die wat bijzonders voor mij hebben gedaan of waar ik goede herinneringen aan heb. Mijn T-shirts zijn dus niet te koop!
Hij neemt met mijn uitleg en voorwaarden geen genoegen en hij blijft volhouden dat hij er graag een wil hebben. Dus komt de onvermijdelijke vraag wat ik als tegenprestatie van hem zou kunnen accepteren.
Bij aankomst in het guesthouse had ik een 250 cc motorfiets voor een van de kamers zien staan. En laat die nu van hem zijn! Nou ja, hij heeft die motor voor een paar weken gehuurd om samen met Carroll door het noorden van Thailand te reizen. Zij hebben er voorlopig genoeg van en de bips doet zo veel pijn dat ze wel een rustdag kunnen gebruiken. Hij bied me dus zijn motorfiets aan voor een dag.
Niet nadenken, gewoon doen! Dat is mijn eerste ingeving. Het lijkt mij fantastisch om samen met Marieke voor een dag op de motor de omgeving te verkennen. Marieke is het weer met me eens!
Voor het slapen gaan krijg ik nog een klein cadeau voor mijn verjaardag van Marieke. Ze heeft er zolang mee gewacht omdat ze graag alleen met me was geweest op de avond van mijn verjaardag. Het is een muziekcassette van Bird, een Thais popidool. En daar ben ik heel blij mee!

woensdag 20 januari 1999

Thailand: De binnenlanden in

Mae Sot (Nr. 4 Guesthouse), 20 januari 1999

Ik slaap ’s nachts als een os, waarschijnlijk door het Thaise vuurwater, dus daar zal het in ieder geval deze reis niet aan liggen! Vandaag gaan we met de bus op weg naar Tak. Of we daar ook werkelijk aankomen is nog een verrassing. Dat weet je namelijk nooit van tevoren! Gisteren hebben we te horen gekregen dat er een bus rond negen uur zal vertrekken voor de spectaculaire prijs van 32 baht (twee gulden).
Bryan en Simone staan al op ons te wachten met hun rugzakken tegen een muurtje. Alle verhalen over diefstal en berovingen moeten haast wel bedacht zijn. Ik heb me nog geen moment bedreigt gevoelt hoewel je natuurlijk wel altijd een beetje moet opletten. Je moet ze ook geen mogelijkheid geven om er met je rugzak vandoor te gaan. Armoede lijkt troef maar ze lijken de armoede ook zonder probleem te aanvaarden. Het boeddhisme is erg sterk onder de arme bevolking. Een vergelijking met het katholicisme probeer ik te verdringen. Ik heb namelijk weinig met het christelijke geloof.
De reis naar Mae Sot was niet echt spectaculair. We reden over het Thaise platteland en ik vorm mij met elke kilometer een beter beeld van het echte Thailand. Grote dorre donkerrode stoffige velden waarover een paar maanden waarschijnlijk de groene rijst op zal staan. De gammele Thaise bussen brachten ons via Tak, volgens Jan een echte takkestad, waar we moesten overstappen op een kleinere bus naar Mae Sot.
Simone vindt het overduidelijk heel gezellig met z’n vieren en dringt er zelfs bij Bryan op aan om in hetzelfde hotel/guesthouse als ons te slapen. Nu heeft Bryan waarschijnlijk een groter budget en houd hij van wat luxere hotels. Dus gaat gaat tot grote spijt van Simone niet door. Marieke en ik zijn nog op een budget, ikzelf zeker aan het begin van deze reis. Een paar weken, of zelfs maanden, eerder terug naar huis omdat mijn geld op is zou een groot persoonlijk drama zijn!
Tijdens de gebruikelijke zoektocht naar een geschikte kamer voor een nacht val ik van de ene verbazing in de andere. Van matrassen op de vloer die dienen als binnenveld voor een racebaan vol met kakkerlakken tot een afgeleefd Chinees hotel met meer bloed en stront aan de muur dan een gemiddeld slachthuis. Nee, op het platteland gaat de kwaliteit en de geaccepteerde standaard van de hotels/guesthouses met rappe schreden achteruit.
Thaise doodskisten
Toch hebben we vandaag een beetje geluk, na een zoektocht van zeker twee uur vinden we het “Nr. 4 guesthouse”. Een schitterend teak houten huis met een warme douche, en die kan ik zeker gebruiken na de doucheloze dagen in ons guest house in New Sukhothai. Het “Nr. 4 guesthouse” heeft een goedkope dorm (een grote kamer met enkele stapelbedden die veelal door mannen en vrouwen gemeenschappelijk wordt gebruikt) op de begane grond en twee privé kamers, zonder badkamer, op de eerste etage. De eigenaars òf misschien de beheerders slapen zelf in een klein bijgebouw achter het guesthouse. Hoewel de dorm helemaal leeg is wil Marieke toch een privé kamer. financieel maakt het voor mij niet zoveel uit. Voor slechts twee gulden meer hoef ik niet naar het snurken van een kamergenoot te luisteren.
Zodra mijn rugzak de teakhouten vloer van de kamer heeft geraakt ren ik de trap af naar de douche. Ik verbaas me enkele momenten over de warmwater voorziening. De kleine elektrische boiler boezemt me ook wat angst in. De elektrische installaties in Thailand zijn namelijk van een dubieuze kwaliteit en van een aardlekschakelaar hebben ze hier nog nooit gehoord. Na een half uur verschijn ik gewassen en geschoren in onze kamer. Marieke ligt op een matras en vertrouwt haar gevoelens aan haar dagboek toe. Gevoelens. Gevoelens kunnen in de weg staan van goed functioneren. Gevoelens kunnen je voor je voeten gaan lopen en je reis verpesten. Er komt namelijk, zonder enige twijfel, een moment dat je weer uit elkaar gaat. Ik heb dat in Australië al geleerd. Afscheid nemen met gevoelens doet meer pijn dan afscheid nemen zonder gevoelens!
Mae Sot blijkt een onaantrekkelijk nieuw grensstadje te zijn. Dat hebben we tijdens de zoektocht naar een kamer al gezien. Een van de weinige trekpleisters van het stadje zijn de grensovergang met Myanmar, het vroegere Birma, bij het plaatsje Myawaddy en het vertrekpunt van de jungle road naar het noorden.
Belastingvrije sigaretten
De Moei rivierGrensoverschrijdende handel Het is me nog veel te vroeg om de rest van de dag op de kamer te blijven liggen dus besluiten we om de brug over de Moei rivier te gaan bezoeken. Zodra we te voet de hoofdweg met nummer 12 bereiken duurt het niet lang voordat er een Songthaew naast ons stopt. Even later zijn we met een handjevol mensen op weg naar de brug. Dertig cent voor een ritje van ruim vijf kilometer!
Nu kan een brug best wel interessant zijn maar deze brug is hoogstwaarschijnlijk geen architectonisch hoogstandje. Rond, en onder de brug die de beide landen verbind is aan de Thaise kant een markt waar veel goederen uit Myanmar worden verhandeld.
De smokkelaars en kopers komen van heinde en ver om hun waar te slijten en om een voordeeltje the halen. De smokkelaars waden afgeladen met goedkope Chinese goederen gewoon door de rivier naar de overkant onder het toezicht van de soldaten. Ze zullen wel met thee geld (tea money) betaald worden om een oogje dicht te knijpen. Dat “tea money” is trouwens volgens de Thaise bevolking geen omkoping of een vorm van corruptie! Je moet het meer zien als een directe belasting om het inkomen van de slecht betaalde ambtenaren op te vijzelen.
Zoetwater krabben
Zoetwater krabben
Op de markt ligt er niets van mijn gading, mijn rugzak is al zwaar genoeg! Het lokale voedsel vind ik wel interessant. Hoewel ze hier heel arm zijn en er niet veel culinaire bijzonderheden worden verhandeld. Veel mensen hebben zelf een stukje land en een vijver waar ze groenten in verbouwen en vis kweken.
En de brug natuurlijk. De brug is gefinancierd met geld uit het westen, het oorspronkelijke idee is geboren in de jaren vijftig om een autoweg van Istanboel naar Singapore aan te leggen. Een nobel streven als je bedenkt dat de landen langs deze route zowel links als rechts rijden. In Myanmar wordt er rechts gereden en in Thailand links. Ik ben benieuwd hoe ze dit hebben opgelost.
Het antwoord is even simpel als doeltreffend. Een groot bord op het midden van de brug maakte de verkeersdeelnemer duidelijk dat hij van rijhelft moet veranderen. Eigenlijk is er gewoon een kruising op het midden van de brug. Het werkt perfect want in de tijd die ik op de brug was heb ik namelijk geen enkel verkeer gezien.
Het verhaal achter het van weghelft verwisselen midden op deze brug is dat de Thaise en Birmese regeringen het niet met elkaar eens konden worden op welk grondgebied de voertuigen van weghelft moeten wisselen. (Volgens de Lonely Planet) In Thailand rijden ze links en in Myanmar rechts. Wat in principe ook weer vreemd is want Birma is een Britse kolonie geweest. Dus kwam er een oplossing is de vorm van midden op de brug, precies op de grens tussen de twee landen boven het midden van de rivier wisselen de voertuigen van weghelft. Gelukkig rijden ze hier zo voorzichtig dat het geen tot zeer weinig ongelukken oplevert.
Op de terugweg worden we overvallen door de duisternis. Langs de hoofdwegen wemelt het van de kleine restaurantjes die vaak ook maar een hele kleine menukaart hebben. In het overvolle restaurant dat we betreden is er alleen een menukaart in het Thais beschikbaar. Dat maakt het een stuk moeilijker om wat te bestellen! Gelukkig is er man aanwezig die ons in gebrekkig Engels aanspreekt en voor ons wil bestellen. Ik heb die woorden meteen, zoals ik ze hoorde, opgeschreven in mijn notitieboekje zodat ik waarschijnlijk nu zelf eten kan bestellen in de binnenlanden van Thailand.
Na de overheerlijke gebakken rijst, Thaise nasi goreng, gaan we als afsluiting van deze vermoeiende dag nog een biertje drinken in de “Crocodile Tears Bar”, enkele deuren verder van ons guesthouse. Een levendige Thaise band speelt populaire lokale deuntjes en de medebezoekers van de bar dansen er vrolijk op los. In de wetenschap dat we morgen weer vroeg op moeten blijven we toch hangen. Rond twaalf uur speelt de band “Happy Birthday” voor mij. Ik ben nu dus jarig en omringd door velen vreemden en Marieke die zingen en hun glazen heffen op een lang en gezond leven. Negenendertig jaar alweer, de tijd vliegt als je plezier hebt!
We blijven maar één nacht in Mae Sot want opnieuw is er haast geboden. Marieke moet namelijk voor een bepaalde datum in Laos zijn. Morgen trekken we weer verder. Opnieuw vroeg op, en ik vraag me in een mist van Thaise whisky af of dit niet een beetje teveel van het goede is, ik ben tenslotte ook een beetje op vakantie.
Onze rugzakken

Maar als je reist moet je lijden, dat is een wijsheid als een grijze trottoirtegel.
Copyright/Disclaimer