woensdag 29 oktober 2014

Nederland: De winter is onderweg

Zaltbommel

Het is enorm lang geleden dat ik eind oktober nog in Nederland verkeerde! Maar deze keer blijven we de winter hier omdat mijn vrouw graag sneeuw wil zien. Niet dat er in Azië geen sneeuw te vinden is maar ze moet ook doorgaan met haar cursus inburgering zodat we straks een Nederlands paspoort voor haar kunnen aanvragen.
Het leven in Nederland is een stuk saaier dan in het verre oosten! Dat weet iedereen die daar is geweest. Vandaag was het om half zes al donker maar dat maakt niet het grote verschil. Er is niemand meer op straat en dat is hèt grote verschil. Ik mis dat even er uit lopen om wat te eten of een biertje te drinken in de zwoele avondlucht. Nu kan die avondlucht in december/januari in Thailand ook wel fris zijn! Zelfs in het midden van Thailand, Pattaya, kan de temperatuur ’s nachts wel een graad of veertien dalen.Verder naar het noorden, richting de bergen van Chiang Mai, is vorst echt geen uitzondering!
Wat wel een enorm verschil is met Thailand is het aanbod op tv. Normaal blijft die op zwart met met dit weer en deze omgeving is het een geschenk uit de hemel. Wat me wel opgevallen is dat er in Nederland elke avond wel voetbal op tv is. Voetbal? Elke dag? Daar raak je helemaal afgestompt van?
Dus wat kunnen we verder doen? Op het internet zoeken naar wat leuks. Deze keer kwam de serie “Fat Tony & Co” langs. Een misdaadserie van het Australische Channel Nine.



Het is een prima verhaal, met iets teveel overbodige seks. Dat zal wel extra goed verkopen!

Dit is geen verhaal zoals jullie van mij gewend zijn maar dat komt later wel. Ik heb de weg naar mijn toetsenbord weer gevonden en terwijl meer mensen problemen krijgen met de vroege en lange duisternis lijk ik als een vampier uit mijn schulp te kruipen.

vrijdag 24 oktober 2014

Nederland: Lekker thuis

Zaltbommel

De zomer loopt weer op haar einde en heel Nederland is weer lekker aan het werk. Zo voelt dat voor veel werkende mensen. Lekker thuis bij de kachel zitten blijkt achteraf helemaal niet zo lekker!
Na enkele weken met het gezin, familie, vrienden in de kroeg en nieuwe vrienden op een camping in Kroatië missen veel mensen de veilige omgeving van hun collega’s en hun werkplek. Hun werk is tenslotte de plaats waar ze de meeste tijd doorbrengen, meer tijd dan bijvoorbeeld in hun eigen bed. De collega’s van het werk zijn vaak ook de belangrijkste sociale contacten. Er wordt met een oog jaloers naar de thuisblijvers gekeken wanneer de werkenden weer in hun kleine auto’s stappen of op hun fietsen naar hun werk gaan. Kerstmis is de volgende vakantie waar ze weer enkele maanden naar kunnen hunkeren.
Vanachter de andere kant van het glas ziet een thuisblijver met leede ogen aan hoe de begenadigden uit de buurt naar hun werk gaan of al lang vertrokken zijn. Terwijl hij van zijn tweede beker goedkope koffie nipt, er moet toch ergens worden bezuinigd, denkt hij met weemoed aan de tijd dat hijzelf ook nog collega’s had. De eerste weken waren best leuk thuis. Een paar keer uitslapen of met moeder de vrouw naar de stad of supermarkt, een dagje op bezoek bij familie of vrienden. Er lag ook een enorme lijst klusjes die hij nog moest/kon doen. Maar toen die lijst eenmaal was afgewerkt en de financiën opgedroogd kwam de onverwachte verveling.
Thuis is nu alles anders, hij wordt nagekeken en gaat over de tong in de buurt. Hij loopt namelijk al meer dan een jaar thuis. Werkeloos? Ziektewet? WAO, of nog erger een bijstandsuitkering? Het maakt niet uit. De twee vaststaande feiten zijn dat er over hem wordt gepraat en dat hij tegen zijn zin in thuis zit en zich dood verveeld.

Met lood in zijn schoenen stapt hij de deur uit. Een fel blauwe tas, met een wit logo van Nederlands meest bekende grootgrutter op de zijkant, in de hand. In het borstzakje van zijn haast versleten overhemd brandt het boodschappenlijstje en zijn PIN-pas.
Bij elke stap voelt hij de ogen, die hem vanachter de gordijnen volgen, in zijn rug. Het dagelijkse boodschappen doen is allang geen wandeling van plezier meer! Een gratis bekertje koffie drinken, een praatje met een medeslachtoffer die ook de drukkende sfeer tussen hem en zijn vrouw is ontsnapt, en de haast lege kar die je voor je uit duwt maken je depressief.
Een half wit casino brood, een zakje spruiten, een bakje met twee saucijzen, de cassière kijkt verbaasd van de weinige boodschappen naar mijn emotieloze gezicht. Ook zij ziet me haast elke dag voorbij komen aan de andere kant van de lopende band. Het liefst zou ik het uitschreeuwen dat ik buiten mijn schuld in de bijstand terecht ben gekomen! Na de vier cijfers verschijnt het woord “geslaagd” op het kleine beeldscherm van de PIN terminal.
‘Kassabon?’, vraagt het jonge meisje verplicht.
‘Ja graag!’, antwoordt ik met een dagelijks automatisme.
Ik neem ongeïnteresseerd de kassabon aan, ik had het eindbedrag al in mijn hoofd uitgerekend, en laat de dagelijkse boodschappen in de enorme grote blauwe tas verdwijnen. Morgen is het gelukkig weer vrijdag! Dan koop ik mijn twee halve literblikken Heineken voor het weekend. Daar hebben we thuis over onderhandeld, een mens mag toch wel wat plezier in zijn leven hebben?
In een slakkengang ga ik richting thuis en dan bekruipt me dat gevoel weer! Het gevoel dat ik het niet meer zie zitten. Het gevoel dat vreemde gedachten in mijn hoofd brengt. Een sprong van die brug in het ijskoude water van de rivier zou voor mij en de maatschappij alle problemen oplossen! Maar dat zou ook mijn geliefden zeer treurig stemmen en juist die gedachte weerhoud me van de verlossende sprong.
In de eindeloze kille leegte van de keuken leg ik het vlees en de spruiten in de haast lege koelkast. Toen ik nog werk had was dat wel anders, ik moest zoeken naar een plaatsje voor de wekelijkse boodschappen! Frisdrank en vruchtensappen hebben we al lang niet meer over onze tongen laten rollen, een fles koude thee moet nu de verdwenen dorst lessen.
In de woonkamer zit mijn vrouw geïnteresseerd de gratis wekelijkse streekkrant te lezen. Het lang gewaardeerde dagblad was het eerste dat we van de lijst schrapten. Ik voel een traan wellen wanneer ik weer aan die moeilijke dagen denk. Een paar maanden geleden kwam de huishoudcoach van de sociale dienst langs om eens te zien wat we aan ons uitgave patroon konden veranderen.
Eindeloze, ellenlange lijsten werden gemaakt, ons uitgavenpatroon, zoals dat zo mooi heet, professioneel geanalyseerd. Een vreemde aan de overkant van de keukentafel beslist wat je absoluut niet nodig hebt en waar je best zonder kan!
Als allereerste ging het internet/tv abonnement er aan. Net nu we meer tijd voor de tv hebben wordt het aanbod afgekneld tot een handjevol commerciële zenders met suffe herhalingen. In de hoek van de kamer staat ook nog de nu haast ongebruikte computer. Een computer zonder internet is als een auto zonder benzine, nutteloos!
Alles wat ons samen nog rest is het eindeloos, in een gepaste stilte, wachten op betere tijden, mochten die ooit nog terug komen. De realiteit is hard en de politiek heeft geen enkel idee wat er zich onder de lijn afspeelt!
Ik ben te oud en te duur. Ik ben een profiteur en doe niet mijn best om weer zo snel mogelijk aan het werk te komen. De mensen die over je praten zijn kortzichtig en roddelen over je onder het genot van een kartonnen beker koffie bij Starbucks die meer kost dan wij vandaag aan onze maaltijden kunnen besteden.

Hoe heeft het in Nederland in hemelsnaam zo ver kunnen komen?

Waar zijn de dromen en ideeën van de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw toch gebleven? In mijn jeugd werkte vader, zorgde moeder voor het huishouden, er was altijd iemand voor je wanneer je van school thuis kwam of je ze nodig had, en we waren gelukkig!
In de moderne tijd werken pa en ma, moet je gedwongen op school overblijven omdat je alleen niet in huis mag zijn en moet je hopen dat ze niet allebei in de file staan op weg naar huis want dan moet je bij de buren wachten tot je eindelijk naar je eigen kamer mag. En altijd die problemen over geld, nee, we zijn niet echt gelukkig meer.
En dat is allemaal de schuld van de staat en de banken die al die jaren hebben geprofiteerd van de rente op leningen voor nog grotere huizen en nog zuinigere auto’s die we niet nodig hadden en die we eigenlijk ook niet konden betalen. En nu moet de steeds sneller groeiende onderlaag van de bevolking het gelach betalen terwijl de ex-bestuurders en ex-bankiers van de top in ongepaste weelde baden. Witte boordencriminaliteit heeft te lang geloond.
In lang vervlogen tijden zat je als laaggeschoolde nooit thuis! Je belde even rond en de kans was groot dat je de volgende dag weer kon beginnen. Vrije tijd, dat was een luxe! Een privilege voor de rijken en de hogere lagen van de bevolking. Alles wat zij bezitten, en voor de arbeidersklasse onbereikbaar lijkt, is een doorn in het oog van de socialistische en communistische elite. Dus kwamen de vakbonden in actie! Eerst werd de zaterdag als werkdag afgeschaft, toen kwam de 40 urige werkweek gevolgd door een 36 urige werkweek en part-time banen. Zo moest de overdadige vrije tijd voor iedereen toegankelijk zijn.
Het door de vakbonden gelauwerde vrije weekend werd als een grootse overwinning op het uitbuitende kapitaal van de industriëlen gevierd terwijl het in de vele huiskamers heel anders werd ontvangen. Veel mensen wisten zich geen raad met die vrije tijd! Jaren lang was het vaste ritme: zes dagen werken en op zondagochtend naar de kerk, direct uit de kerk naar het café om er een paar te drinken en om uit te kijken naar de maandag. De maandagmorgen, dat je eindelijk weer aan het werk kon. Die heerlijke week bezig zijn met als beloning aan het einde van een lange zware werkdag een bord vol warm eten.
Dat vrije tijd leuk moet zijn is een sprookje verzonnen door de verkopers van overtollige consumptie. Vrije tijd is leuk wanneer je een goedgevulde portemonnee op zak hebt. De onvrijwillige vrije tijd van de werkeloze is juist het tegenovergestelde! Het is een zware verstikkende depressieve deken die over jouw en je gezin is getrokken. In een virtuele duisternis slijt je de dagen in de nooit tegensputterende hoop dat het morgen allemaal voorbij kan zijn. Hoop doet nu eenmaal leven.

Veel mensen met teveel vrije tijd worden depressief, en daarmee is voor mij aangetoond dat depressiviteit een welvaartsziekte is!


Nawoord:

Het is best grappig om na een periode van depressiviteit je zwaarmoedige gedachten te lezen. Dit stuk vind zijn oorsprong in begin juli van dit jaar en is steeds op mijn werkblad gebleven. Nu heb ik het dan toch maar afgemaakt. Het is alweer bijna drie maanden geleden dat ik heb gepubliceerd. Ik kan geen beterschap beloven want nu de donkere dagen voor kerstmis aanbreken gaat het meestal nog slechter. Maar ik doe mijn best.

maandag 4 augustus 2014

Nederland: Plezier aan de rivier

Zaltbommel (aan de Waal)

Het is ongelofelijk maar waar, de Ford Rimor camper staat alweer ruim een jaar op mijn naam! Niet dat we erg veel met de camper op pad zijn geweest want vorig jaar, voor onze vakantie, was het meer onderzoeken en testen. De proefrit die we vorig jaar hebben gemaakt smaakte wel naar meer.
En zo belandden we voor een lange vakantie in zuid-oost Azië. Dat was wel een vreemde periode! De wetenschap dat er in Nederland een oude camper in de stalling op ons stond te wachten maakte deze belevenis een beetje anders, minder intens en meer met een verlangen naar het einde om weer naar huis te gaan.
Bij thuiskomst hebben we meteen de camper van stal gehaald en begon er ook direct een periode van kleine en grotere (financieële) tegenslagen. Oké, ik besef dat een vier en twintig jaar oude camper gebreken kan hebben, en waarschijnlijk ook in de toekomst nog voldoende zal krijgen, maar de hoeveelheid kleine gebreken en de grootte van de kosten viel ons toch wel enorm tegen. So what? Gewoon laten repareren en betalen.Het is niet dat we klagen, daarvoor heb ik tijdens mijn reizen teveel ellende gezien.
Klagende mensen vindt ik zelfs heel eng. Dat zijn in mijn ogen mensen die niet tevreden zijn met wat ze hebben maar tegelijkertijd niet beseffen hoe slecht anderen het misschien wel hebben. Wel is de aaneenschakeling van tegenslagen niet heel erg welkom. Maar waar je niet tegen kan vechten moet je maar dragen!
We hadden ons dus zeer verheugd om in het voorjaar met de camper op stap te gaan in Nederland en België maar helaas heeft de APK daar een stokje voor gestoken. Een camper is een veredelde automobiel met veel mechaniek. Dat vergt onderhoud voor je eigen veiligheid en voor de veiligheid van anderen. En een rekening van de garage valt altijd tegen!
Garage de Bruyn is Zaltbommel heeft prima werk geleverd voor een eerlijke prijs. De camper is nu weer voor een jaar goedgekeurd en ik heb de verzekering van Ron gekregen dat het werk wat ze hebben gedaan de komende jaren niet meer zal terugkomen. Hij is bijna weer net zo goed dan wanneer de camper de fabriek verliet.
Zonder reclame te maken wil ik garage de Bruyn toch bedanken. Wat mij het meest bevalt is dat er goed overleg wordt gepleegd. Wanneer er meer dan een optie was om het probleem te verhelpen werd ik gebeld wat ik nu eigenlijk wilde, inclusief de verschillende prijskaartjes zodat ik nog beter een besluit kon nemen. Onze reserves hebben nog niet de mogelijkheid gekregen om weer aan te sterken en de volgende tegenslag stond voor de deur!
Terwijl we van de kosten van de garage bijkwamen ben ik eens kritisch naar de camper gaan kijken en naar de zaken die we misschien wel konden gebruiken. Na eindeloze uren lezen en onderzoeken ben ik tot de meest onwaarschijnlijke eindconclusie gekomen.
Voorlopig doen we nog niets! Niks geen nieuwe warm water boiler, geen zonnepaneel, geen 2e accu, nee, geen extra onderdelen die onderweg kapot kunnen gaan en die we waarschijnlijk toch niet zoveel gebruiken!

Technisch en motorisch is de camper weer in orde en staat ook nog eens op vier nieuwe banden, het enige dat ons nog rest voordat we richting het zuiden gaan om te overwinteren is een nieuwe distributieriem, de kachel schoonmaken en de koelkast nakijken. Dat gaat eind deze maand gebeuren.
Plezier met de camper hebben we toch wel, en niet eens zo ver van huis! Gewoon aan de Waal, de rivier waaraan ik ben geboren. Lekker zonnen, barbecuen en koud bier drinken. Een paradijs niet ver van de drempel van ons huis.

Het is nog geen half tien wanneer ik op vrijdagochtend op de parkeerplaats aan de Waal verschijn. De verste parkeerplaatsen zijn nog steeds leeg en ik parkeer meteen op de, in mijn ogen, beste plaats dicht bij het strand en het water met een mooi uitzicht op de brug over de Waal.
De zon probeert door een dunne wolkendeken te breken en ik heb alle vertrouwen dat hij daarin gaat slagen. Het is buiten al twee en twintig graden en een heerlijk verfrissende bries blaast over het koele water van de rivier. De overdadige regen van de afgelopen dagen heeft het peil van de rivier doen stijgen en de kribben liggen net niet onder water. Vakantie voor de deur.

Een bakkie koffie en de balans opmaken! In de haast om hier zo snel mogelijk te komen ben ik veel vergeten! Maar wanneer je nog niet eens 500 meter hemelsbreed van je huis bent valt dat wel mee. Ik ga straks toch nog even naar huis. Met een mok koffie binnen handbereik begin ik aan de laatste bladzijden van 1q84 (boek 2) van Haruki Murakami, een raar verhaal dat vreemd genoeg toch blijft boeien.

Deze eerste dag komen we gemakkelijk door, wat boodschappen doen, wat lezen en veel nadenken. De eerste conclusie van de deze dag is eigenlijk een voor de hand liggende. We zullen vaak wild gaan staan - een term om zo maar ergens je camper te parkeren en hopen dat de dienaren van de wet niet langs komen - dus moeten elektriciteitsvreters zoveel mogelijk worden vermeden.
De magnetron verdwijnt na het weekend uit de camper! Naast het feit dat we hem alleen kunnen gebruiken wanneer we aan de paal staan neemt hij ook veel plaats in. En dat is ruimte die we goed voor andere dingen kunnen gebruiken.
Na het voortreffelijke avondeten, kip kerrie met rijst, weet ik ook dat de kleine keuken in de camper geen probleem zal zijn. We kunnen koffie zetten, eenvoudige lunchgerechten opwarmen en de grotere stukken vlees gaan op de Cadac Safari Chef. Omdat we veel rijst en pasta  eten en aardappelen bijna volledig van ons menu zullen verdwijnen zal dat ook een lager gasverbruik opleveren.
Om acht uur gaat de tv aan en een vorige test heeft uitgewezen dat we ongeveer voor 10 uur tv in de accu hebben zitten voordat die leeg leeg is. Mijn MacBook kan helaas niet via de omvormer worden opgeladen! En dat is jammer. Ik had er wel iets over gelezen dat sommige gevoelige elektrische apparatuur niet zou kunnen werken via een omvormer maar dat het mijn MacBook lader is is wel een tegenvaller. Er blijven nu maar twee mogelijkheden over. Laden wanneer er 220/240 Volt aanwezig is of een 12V lader kopen. Ik neig naar de laatste oplossing.
Wanneer om half een de omvormer begint te piepen dat de accu bijna leeg is kijken we elkaar verbaasd aan. ”Dial M for Murder” is net begonnen en die lege accu gooit roet in het eten. Dan maar naar bed! Terwijl ik de laatste slokjes van mijn witte wijn drink denk ik na over de oorzaken en de mogelijke oplossingen.
Op zaterdagochtend ben ik om half zes alweer klaarwakker! Vreemde geluiden op een vreemd moment op een vreemde plaats. Vanachter de veiligheid van een verduisteringsgordijn zie ik vier vreemde snuiters die nogal zenuwachtig een in plastic gewikkeld pakje van hand tot hand laten gaan. Als je het mij vraagt is het een drugsoverdracht. Hoewel de spleet onder het verduisteringsgordijn nog geen halve centimeter breed is heb ik toch het oncomfortabele gevoel dat ze me kunnen zien. Beelden uit de film “De cliënt”, naar het boek van John Grisham, verschijnen voor mijn ogen.
De vier stappen weer in hun voertuigen en verdwijnen van de parkeerplaats aan de Waal. Het is zaterdagochtend, de zon zoekt net zoals gisteren weer haar plaats omhoog aan de blauwe hemel. Terwijl Lyka nog in dromenland verkeerd ga ik verder met mijn boek. Er zijn nu nog maar enkele bladzijden te gaan en “Boek 3 van de trilogie 1q84” komt in zicht.
Nog voordat ik de plaatselijke Albert Heijn heb bezocht voor de dagelijkse boodschappen ontvang ik bezoek in de vorm van de medewerkers van de “Handhaving”, een mengeling van burgerwacht en politie. Een vriendelijk gesprek waarin mij kenbaar wordt gemaakt dat ik hier niet in de camper mag overnachten. Dat doen we ook niet! Mijn vrouw gaat naar huis en ik bewaak de camper.
‘Slaapt u ’s nachts in de camper?’
‘Nee, ik slaap overdag, wanneer mijn vrouw weer terug is.’
Twee verbaasde gezichten staren mij aan en vertrekken, zonder nog een woord te hebben gezegd, niet veel later. Na het winkelen en het ontbijt ruim ik nog wat rotzooi op de parkeerplaats op, dat zwerfvuil, achter gelaten door de recreanten, is ook voor ons geen gezicht.
De donkerrode vlekken op de buienradar voorspellen weinig goeds voor de middag. Hoewel de zon nog volop schijnt komt het noodweer langzaam dichterbij. We kunnen het slechte weer hier uitzitten of toch maar terug naar huis rijden. We kiezen voor het laatste.
Ondanks dat het weekend veel korter is geweest dan we hadden verwacht hebben we weer voldoende geleerd. Oefening baart kunst! En dat oefenen zullen we nog wel veel doen, ook wanneer we definitief op weg zijn.
Copyright/Disclaimer