donderdag 9 februari 2012

Maleisië: Kellie's Castle

Ipoh, Shangg Hotel (201)

Het was vandaag zowel een vreemde als een opwindende dag vandaag. Om zeven uur draaide ik me nog een keer om maar om acht uur kwam ik dus wel in beweging. De geur van de koffie maakte Lyka ook wakker en zowaar om iets voor half negen zaten we met een kop koffie en een krentenboterham met kaas achter de laptop om ieder zijn interesses te bevredigen.
Er was nog steeds geen antwoord van de ambassade over Lyka's visum en Lyka controleerde het wel en wee van haar Facebook vrienden. Hoewel we niets hadden afgesproken stapten we fris onder de douche vandaan in de warme ochtendlucht van Ipoh. De zon brandde aan een stralend blauwe lucht.
Ik had wel een beetje een idee wat we vandaag zouden kunnen doen en dat was zeker niet erg opwindend. We zouden via de Taj Mahal van Ipoh, het enorme indrukwekkende treinstation, naar het Perak Museum kunnen gaan. Lyka vond het prima en sprintte opnieuw van schaduw naar schaduw om zo min mogelijk zon op te vangen. Maar wel zonder te klagen deze keer!
Bij aankomst bij het treinstation was er meteen een tegenvaller. Het plein voor het station, en dat was volgens mijn herinneringen vroeger een lelijke parkeerplaats, was geheel opgebroken en afgezet met kobaltblauwe staalplaten. Niet zo'n heel fraai gezicht! Ik probeerde voor de goede orde toch maar een plaatje te schieten.

Binnen in de vertrekhal was het redelijk druk. Tegenwoordig rijden er sneltreinen tussen KL Sentral en Ipoh. Hoewel de prijs aardig wat hoger ligt dan een buskaartje schijnt de trein toch een succes te zijn. Ik keek op het bord met de vertrektijden omdat wij er ook nog niet helemaal zeker van zijn wat onze volgende bestemming is. Ik haalde de iPad tevoorschijn, ik heb hier nu de Lonely Planet op staan in PDF-formaat, en keek naar de informatie om verder vanuit Ipoh te reizen.
Mijn oog viel op een stukje tekst over "Kellie's Castle", een imposant bouwwerk dat nooit is afmaakt. Het was de droom van een rijke rubberplantage eigenaar "William Kellie Smith". Omdat het redelijk moeilijk te bereiken is met het openbaar vervoer slaan veel toeristen zonder eigen vervoer deze ruïne, als ik het zo oneerbiedig mag noemen, over.
Lyka stemde meteen met mijn plan in om naar deze bijzondere plaats te gaan. Het lokale busstation met goede verbindingen naar bijvoorbeeld "de Cameron Highlands", Taiping en Kuala Kangsar ligt binnen loopafstand van ons hotel. En dat is natuurlijk een pluspunt!
De busreis is op zich al een avontuur. Gekleurde mannen en vrouwen komen aan boord van de bus met manden en tassen vol met groenten en andere zaken. De markt is hier nog steeds veel belangrijker dan de winkels. In een plaatsje genaamd "Batu Gajah" werden we door de donkere Tamil chauffeur de bus uit gestuurd.

'Wait here for bus to Kellie's Castle!', een brede glimlach liet een rij witte tanden onder zijn zwarte borstelige snor zien. In een dikke zwarte roetwolk van onverbrande diesel verdween de bus weer in het verkeer. We gingen op een betegelde bank zitten in de schaduw van het wachthuisje. Lang hoefden we niet te wachten! Een andere oude krakkemikkige bus verscheen en ook deze werd bestuurd door een man vanwaar zijn afkomt in een ver vreemd land lag.
Hij keek ons vreemd aan toen ik riep, 'Kellie's Castle?'
Met een gracieuze handbeweging, als van een dirigent, wuifde hij naar ons om aan boord van de bus te komen. We zaten nog niet op onze plaatsen of een Chinees met dikke jampot brillenglazen stond bij ons om de kaartjes af te rekenen. RM 3,60 voor deze rit en RM 4,80 voor de eerste etappe. RM 8,40 (€ 2,11) voor twee personen enkele reis, een koopje.
Kellie's Castle ligt zoals verwacht in het midden van niets. Maar ze zijn hier slim genoeg om tegenover de ingang naar het landgoed een bushalte te maken. Terwijl we uitstapten riep de chauffeur ons de vertrektijden voor de terugweg na.
'Ten past one, ten past two, ….', en de rest hoorde ik niet meer omdat ik dat wel kon raden.

Kellie's Castle is al vanaf een afstand indrukwekkend. Een enorm landhuis in Indiase Mogul stijl dat op een heuvel is gebouwd. Terwijl ik de foto's nam dacht ik na over de rijkdommen die hier in het verleden zijn vergaard maar ook weer verspeeld. De macht van de witte Raj en verkapte slavernij van de lokale bevolking. Britse Imperialisme op zijn best. Helaas heeft "William Kellie Smith" zijn kasteel nooit voltooid! Hij bezweek in 1926 aan een longontsteking in Lissabon toen hij op weg was naar Engeland om een kooilift op te halen voor zijn kasteel. Het zou de eerste personenlift in Maleisië, en misschien wel in Zuid-oost Azië zijn geweest.
Achter het kasteel staan nog overblijfselen van het eerste huis van "William Kellie Smith". Helaas is dit tijdens de 2e wereldoorlog zwaar beschadigt. De Japanners namen tijdens hun bezet van Maleisië bijna elk groot en imposant gebouw in beslag en waren dus meteen een doelwit voor de verslagen Britten en hun verzetsmensen. Veel meer kan ik over het kasteel niet vertellen dus ik laat de foto's maar voor zich spreken.

Nadat we onafgebouwde kasteel hadden bezichtigd gingen we te voet naar een Hindoe tempel die een vijfhonderd meter verderop langs de weg ligt. "William Kellie Smith" heeft deze tempel voor zijn Indiase bouwvakkers laten bouwen toen een mysterieuze ziekte het legertje bouwvakkers flink uitdunde. Er is hier weinig te zien dus vanaf de weg keken we enkele luttele seconden totdat we de luchtremmen van een zwaar voertuig achter ons hoorden sissen.
Ik keek verschrikt om en keek recht in de ogen van dezelfde chauffeur die ons ruim een uur geleden hier had afgezet. Hij keek triomfantelijk en lachte ons tegemoet. Ik weet zeker dat hij vanavond bij het avondeten wel wat aan zijn tafelgenoten te vertellen heeft.
We stapten bij hetzelfde kleine busstationnetje uit en een korte blik op mijn horloge vertelde me dat het tijd was om wat te eten. En erg ver hoefden we niet te lopen. Direct naast de bushalte was een overkapping met daaronder een stuk of acht restaurants. Het gebruikelijke assortiment Maleisische gerechten stond er uitgestald en het duurde niet lang of we zaten achter een bord met rijst, kip, groenten en een stuk vis. Het klinkt misschien vreemd in de oren maar alles wat je hier op je bord krijgt is koud. Nou ja lauw, als je bij vierendertig graden Celsius over koud kan praten. Ik weet ook niet waarom dat nu is maar ik denk dat het met het schiften van de kokosmelk heeft te maken. Als de tijd rijp is en ik heb het minder druk dan zal ik dat eens nader gaan onderzoeken.

Na het eten moesten we dus weer naar Ipoh en dat was moeilijker dan we hadden verwacht. We werden steeds van het kastje naar de muur gestuurd en na vier verschillende aanwijzingen van vier verschillende mensen wisten wij het dus ook niet meer. Maar bij die laatste aanwijzing was toch wat logica aanwezig! Ik keek in de richting waar de jonge Maleisiër wees en er stonden al een paar mensen te wachten. Mijn korte vraag werd bevestigend beantwoord. We waren dus op de juiste plaats.
Er was vanavond financiële ruimte om eens serieus te gaan eten.

Oh ja, ik was vergeten te vertellen dat mijn bankpas niet meer werkt. Zo plotseling uit het niets. Net als toen we drie maanden geleden in Maleisië waren. Een heel vreemde en zeker vervelende situatie! En ik maar denken hoe dat nu kon. Na lang nadenken kwam ik tot de conclusie dat de magnetische kaart van de hotelkamer die ik naast de bankpas in mijn notitieboekje bewaar wel eens de boosdoener zou kunnen zijn. Het was een prima antwoord op mijn probleem maar een email naar de Rabobank in Zaltbommel gaf een simpeler antwoord. De pas was vervallen omdat er drie maanden geleden een nieuwe pas was aangevraagd. En die pas had ik natuurlijk niet in mijn bezit! Na een paar keer heen en weer te hebben gemaild wordt er nu een nieuwe pas naar mijn hotel in Malacca gestuurd die daar moet liggen wanneer wij er over twee weken aankomen. En in die twee weken moeten we het dus doen met het weinige geld dat ik bij me heb.
En wel bij een wereldberoemd, in Maleisië dan, restaurant. Bij het "Onn Kee Restaurant" kan je de beste Taugé Ajam van Ipoh eten. Een lokale lekkernij met natuurlijk een geheim recept.

En het was heerijk! We spoelden de kip, taugé, rijst en rijstnoedels weg met twee grote flessen Carlsbergh bier. Er blies een verfrissend windtje over het openlucht terras. Het was een prachtige afsluiting van een heerlijke dag voor RM 46,50 (€ 11,66).

woensdag 8 februari 2012

Maleisië: Een dag op de kamer

Ipoh, Shangg Hotel (201)

En hoe kan een mooie dag dan toch zo slecht eindigen? Het is me een raadsel en ik vraag me hardop af of ik de vrouwen ooit zal kunnen begrijpen. Een ruzie geheel uit het niets over vroeg opstaan, nu vindt ik zelf acht uur niet écht vroeg, en over het slechte eten dat ze tenslotte zelf heeft besteld.
Wanneer de wekker om acht uur afloopt zet ik eerst een bakje koffie en daarna haal ik mijn MacBook tevoorschijn. Verhalen schrijven en foto's verwerken, het hoort er allemaal bij en ik doe het met plezier. Naast me ligt Lyka te ronken en is zich van de hele wereld niets bewust.
Ik eet een paar boterhammen en een tweede en derde kopje koffie gaan naar binnen. De foto's gaan goed maar Picasa speelt me parten. Op de fotodienst Picasa staan mijn foto's die ik op mijn weblog plaats. En nu werkt het één en ander niet meer en het lijkt er verdacht veel op dat ze de interface weer eens hebben veranderd.
Dan wacht ik wel tot vanavond en kijk of ze misschien een fout hebben gemaakt. Lyka wordt om half twaalf ook wakker en gaat meteen fanatiek de avonturen van haar vriendinnen op Facebook controleren en hier en daar twee woorden of een "I Like" toevoegen. De iPad komt ook weer tevoorschijn om een paar episode's van "Kingdom Rush" te spelen en na een uurtje of twee begint het haar toch ook wel te vervelen.
Wat er zich in de twee tussenliggende uren afspeelt wil ik jullie liever onthouden.
Om vier uur verlaten we in een demonstratief zwijgen de kamer om te gaan lunchen. De trek heeft het toch gewonnen van de trots. Een uur later zijn we weer terug bij af en Facebook neemt over.

Ik voel me zinloos en wil er vanavond toch wel uit om foto's te schieten. Met of zonder Lyka, dat maakt me nu niets meer uit! Zodra ik me aankleed begint er gelukkig weer een gesprek en ze wil toch wel mee. Zo lang op de kamer is toch wel erg saai. En zo vertrekken we voor de tweede avond richting de oude stad waar er opnieuw Taipusam op het programma staat.
Begrijp me niet verkeerd? Het is echt allemaal heel leuk maar drie keer in vier dagen begint me toch wel een beetje te vervelen. Gelukkig kan ik nog wat leuke foto's schieten. De lucht lijkt tussen ons weer een beetje opgeklaard dus kunnen we morgen weer met een schone lei beginnen.

Picasa doet nog steeds moeilijk en uit wanhoop maak ik een Flickr account aan. Het kost me veel moeite en tijd om alles op de rails te krijgen maar de aanhouder wint. Morgen dus de foto's invoegen.

dinsdag 7 februari 2012

Maleisië: Meer Taipusam

Ipoh, Shangg Hotel (201)

We waren in ieder geval wel fris toen we om acht uur opstonden. De eerste verplaatsing van deze reis! Ik had de wekker van zeven uur maar gelaten voor wat het was. Er veel haast hadden we niet want een verplaatsing is een verplaatsing en dan komt er meestal weinig tijd meer voor andere dingen.
De bussen naar Ipoh vertrekken nog steeds vanuit het Pudu Sentral, zoals het Puduraya Bas Stesen tegenwoordig heet. Het grote busstation in het centrum is grondig gerenoveerd om aan de eisen van deze tijd te voldoen. Mooie grote tv schermen laten de vertrekkende bussen zien gesorteerd op vertrektijd en busmaatschappij. Je hoeft nu gelukkig geen busroulette meer te spelen en dan maar afwachten waar en hoe laat de bus vertrekt.
Na een snelle blik op het scherm koos ik voor Sri Maju. RM 17,80 (€ 4,52) voor de ruim 200 Km van Kuala Lumpur naar Ipoh. Deze keuze bleek een schot in de roos!
Na een kleine twee en een half uur stopte de bus bij het Ipoh intercity busstation dat aan de hoofdweg 1 ligt. Het viel me meteen op dat niet iedereen de bus verliet dus moest ik maar eens navragen. Ik kon me van de vorige keer herinneren dat ik vanaf dat station met een gammele stadsbus naar het centrum was gereden. Een Chinese medepassagier, op de terugweg van het nieuwjaar, vertelde me dat we gewoon konden blijven zitten. Deze bus ging naar de Sri Maju busterminal aan de rand van de binnenstad. Ik hield mijn GPS goed in de gaten en ik herkende zelfs een paar plaatsen toen we er langs reden. Eenmaal gestopt gaf mijn GPS nog 537 mtr naar het hotel aan.
De korte wandeling onder de brandende zon was na de lange zit zelfs aangenaam te noemen. Het "Hotel Shangg" was snel gevonden en een overvriendelijk man werkte de bekende zaken snel af. We konden kiezen uit twee verschillende kamers en Lyka koos de mooie kamer met het tweepersoonsbed aan de voorkant.

Natuurlijk namen we eerst bezit van de kamer en stalden onze spullen uit. En dan werd het tijd om te gaan eten. Ik had al gezien dat er voldoende restaurants met genoeg variatie in de omgeving van het hotel zijn. Maar de eerste die we zagen zou meteen voldoen. Een Maleis moslim restaurant met de bekende semi Indiase gerechten. Heerlijke Sambal Ajam, een gekookt ei en een stuk vis. Maleisië op zijn best!

Voor de lunch had de vriendelijke eigenaar achter de receptie ons verteld van de Taipusam vieringen in een tempel vlakbij een berg. Daar zouden we vanavond dus naar toe gaan. Maar eerst nog even tijd voor Facebook en "Kingdom Rush". Ja, Lyka geniet met volle teugen van haar elektronische hulpmiddelen.
Er was ondertussen een nieuw gezicht achter de receptie verschenen die ons in een moeilijk te begrijpen half engels uitlegde waar we de tempel konden vinden. Het belangrijkste dat ik begreep was dat de tempel tegen of in een berg moest liggen. En dat komt wel vaker voor in deze omgeving. Het was nog geen vijf uur en we waren alweer op weg om op zoek te gaan naar de Hindoe tempel die het toneel zou zijn voor de Taipusam viering.

We volgden de aanwijzingen zo goed als mogelijk en her en der opgebouwde feestkramen gaven aan dat we in de goede richting liepen. Onderweg werd er eten en drinken uitgedeeld wat we verlegen afsloegen. Ons doel was de tempel om toch nog wat van het Taipusam te zien nu we de optocht in Kuala Lumpur hadden gemist. Met behulp van een paar wandelaars die ons weer op het juiste pad zetten kwamen we na een uur aan bij de tempel.
Het eerste wat je niet kon missen was de oorverdovende muziek of religieuze liederen die uit de enorme luidsprekers schalde. Mijn oordoppen kwamen tevoorschijn en die zijn ook niet meer uit mijn oren geweest.
Na een korte wandeling over het terrein van de tempel zochten we een plaatsje in de schaduw om het hele spektakel in ons op te nemen. Terwijl we daar zo zaten te observeren schoot ik natuurlijk wat plaatjes met mijn telelens. Één van de andere redenen waarom ik deze lens heb aangeschaft is dat hij naar 300mm kan en me zo de mogelijkheid geeft om aan "straatfotografie" te doen. Zeg maar foto's schieten van mensen in een natuurlijke situatie die het zelf niet zo in de gaten hebben. En dat was genieten!

Ik kreeg de indruk dat de stoet mensen in de tempel op iets stonden te wachten. Er zou wat gaan gebeuren maar we hadden geen idee wat en hoe laat. Natuurlijk had ik wel een idee dat het bij zonsondergang zou gaan gebeuren.
'Waarom?'
Heel eenvoudig, omdat deze oude religies met de natuur verweven zijn. Maanstanden, de stand van de sterren, de opkomst en de ondergang van de zon zijn allemaal belangrijk bij hun rituelen. Als dat inderdaad zo was dan hadden we nog voldoende tijd om wat rond te wandelen en wat te eten als we wat konden vinden! En dat is niet zo moeilijk in Maleisië.
Het restaurant was wel geopend maar serveerde slechts één gerecht dat op de menukaart stond, de Mee Goreng. Gezien de omvang van het terras en de berg noedels achter het glas van de vitrine verwachtte de eigenaar een flinke toeloop vanavond. Met z'n tweeën aten we maar één bord noedels. Tijdens het bereiden had ik al gezien dat Lyka hier niet zo erg veel van zou eten.
En ik had gelijk, met lange tanden zat ze van het polystyreen schaaltje te eten. Ik kan ook niet zeggen dat de maaltijd van hoge kwaliteit was maar hij was warm en hij stilde de grootste trek. En daar moet je het soms mee doen als je op reis bent.
Op de terugweg naar de tempel werd onze aandacht getrokken door luid getrommel en een groep in het geel gestoken dansers. Mijn ogen laten me nu ook al in de steek want de gele dansende mannen waren ook de muziekanten! Achter de groep liep een man die een zware Kavadi droeg. Of beter gezegd waarmee hij in het rond danste. De dans symboliseert de hulp aan Murugan tijdens zijn gevecht met de slechte demon Soorapadam. Er zit een heel verhaal achter maar als je dat wil weten dan is er altijd nog Google.

Het is indrukwekkend om te zien hoe ze metalen spiesen door hun wangen hebben gestoken en er allerlei attributen aan vishaken die in hun huid zijn gestoken hangen. Een rilling gaat over mijn rug en ik heb respect voor de doorzettingskracht en uithoudingsvermogen van deze vrome gelovigen.
Het wordt donkerder en wij zoeken weer een plaatsje op bij de tempel. En we hebben geluk! Net als we aan komen lopen staan er twee mensen op van hun plastic stoelen en wij kunnen zo neervallen op de nog warme zittingen. En we zitten ook meteen op de eerste rang!

Helaas worden we door de regen overvallen. Het neerdalend hemelwater kan de gelovigen niet van de wijs brengen maar is voor ons als slechts onpartijdige toeschouwers minder prettig. We zitten eigenlijk gevangen onder het dak van de kleine party tent. We moeten blijven kijken totdat het droog genoeg is om weer terug naar het hotel te gaan.

En eindelijk gebeurt er wat! De muziek verandert en gaat over in een meer klagerig deuntje met een hogere vrouwenstem. Het moeten spirituele liederen zijn! De stoet die staat te wachten komt langzaam in beweging en voor het altaar gebeurt er iets met de schaal waarin de kokosnoot, de bananen en de wierook liggen. De volgelingen komen met een een schaal waarin iets brand weer tevoorschijn. De dansende vlam werpt een spookachtig beeld over de drager. Gefascineerd volg ik haar terug naar de plaats waar haar gezin op haar wacht. Het gezin kijkt blij op terwijl de vrouw bij jong en oud een stip op hun voorhoofd aanbrengt.

En dit is ook meteen het teken voor ons om terug naar het hotel te gaan. De regen is overgegaan in een druppel hier en een druppel daar en we hebben ook weer een beetje trek gekregen. Bij het restaurant tegenover het hotel bestellen we nog een bakje nasi goreng om op de kamer te nuttigen. En zo komt deze mooie dag ook weer tot een goed eind.
Copyright/Disclaimer