woensdag 1 april 2009

Maleisië, te weinig tijd

Kuala Lumpur, 1 april 2009

Een slap excuus? Misschien? Maar het is echt zo, te weinig tijd! Te weinig tijd om te schrijven.
Na de heel gezellige avond gisteren liep ik met minder scherp zicht als normaal weer richting de “Heeren Inn”. De nachtwaker van het hotel was in het geheel niet verbaasd dat ik weer midden in de nacht voor de deur stond.
Gelukkig was ik wel fit vanochtend en ik ging iets later dan ik gewend ben richting het busstation. Op de hoek naast het brandweer stapte ik op een lokale bus die me voor RM 1,00 naar het busstation, Melaka Sentral, bracht. Zo midden in de week valt de drukte rustig mee en ik had veertig minuten de tijd om rustig mijn ontbijt naar binnen te werken. Het kaartje met KKKL kostte me deze keer RM 12,20 (€ 2,70). Een koopje voor een busreis van van bijna twee uur.
Wat ik nog het meeste miste tijdens de korte reis was de muziek op mijn iPhone! Onderweg zat ik te prakkeseren hoe ik dit probleem in de toekomst kon vermijden. Het aantal mogelijkheden werd steeds kleiner en een oplossing zou zich deze week nog wel aanbieden. Dat moet ook wel want voordat ik weer terug naar Nederland ga heb ik maar twee dagen in Pattaya.
Gelukkig kon ik onderweg bij een station van de monorail uit de bus stappen en het laatste stukje met dit bijzondere stukje openbaar vervoer maken. Zonder een natte rug stapte ik uit op het Bukit Bintang Station en stond ik net na één uur in de middag voor de receptie in het Fortuna hotel. Eerst moest ik de helft van het aanwezige personeel de hand schudden en ik had een mooie rustige kamer aan de achterkant. Ik controleerde snel of ik een Wifi netwerk kon oppikken. En ja, ik had een signaal van het WirelessKL. “Later!”, dacht ik en ging meteen weer op pad
Veel tijd had ik niet want ik zat op hete kolen om de toegangskaarten voor de Grote Prijs van Maleisië op het circuit van Sepang te kopen en ik wilde eten.. De gang naar het Sentral Stesen was iets moeilijker dan ik tot nu toe gewend was. Ook in Kuala Lumpur wordt er in een hoog tempo gebouwd. Er moest dus een flink stuk worden omgelopen voordat ik eindelijk voor de counter stond waar de kaarten voor de race werden verkocht. RM 100 per stuk, ruim € 20,- dus voor een onvergetelijk spektakel.

Met de kaarten in mijn zak nam ik de trein naar de KLCC waar het tijd was voor de lunch. Man, wat smaakte die kebab van 100% lamsvlees weer fantastisch. Ik kijk er altijd echt naar uit om zo’n heerlijk rolletje met vlees en groente naar binnen te werken. Helaas was de verkoop van Coke Light hier gestaakt. En het vreemde is dat Coke Zero hier nog niet eens is geïntroduceerd.
De rust was in me teruggekeerd en het bakkie koffie bij de Starbucks ging ook weer gemakkelijk naar binnen. Zo gemakkelijk dat ik de tijd vergat en het controleren van mijn email veel meer tijd in beslag nam dan ik gewend ben. Het had zelfs zo lang geduurd dat ik geen zin meer had om naar mijn hotel te gaan om te douchen en te scheren. Nee, ik zou meteen naar de kelder van “The Pavilion” gaan om daar mijn avondmaaltijd te nuttigen.
Nadat ik twee keer langs alle restaurantjes was gelopen had ik nog geen keuze kunnen maken. Ik was geneigd om weer Koreaans te eten, maar uiteindelijk koos ik voor een gerecht met noedels uit Taiwan. Ook een bestemming waar ik één dezer dagen nog naar toe wil. De “Spicy Noodles” waren dus duivels heet en met tranen in mijn ogen werkte ik de vaste delen uit de bouillon naar binnen. Heel af en toe nam ik ook een volle lepel van het drakenvocht. Dat bracht dan weer vlammen in mijn mond en een stroom nieuwe tranen in mijn ogen.

Om acht uur was ik alweer terug op mijn kamer. De plannen om wat bier in Chinatown te gaan drinken werden resoluut aan de kant geschoven. Er was nog tijd genoeg om bier te drinken! Morgen zou Arno arriveren en op vrijdagochtend zou Jeff zich dan ook nog bij ons voegen. Ik werkte in bed nog een uurtje aan mijn boek dat nu toch wel heel serieuze vormen begint aan te nemen.
Morgen lekker vroeg op!

dinsdag 31 maart 2009

Maleisië, lamme dagen in Melaka (Malacca)

Melaka, 31 maart 2009

Vakantie? Ja, dit voor mij echt vakantie! Lamme luie dagen in een klein toeristisch stadje. Er is hier wel genoeg te doen maar ik wil eigenlijk niets anders meer doen dan een beetje eten en rusten. Hoe vreemd is het eigenlijk dat ik hier altijd tot rust kom?
Natuurlijk ging ik zaterdagavond op stap na eerst een paar biertjes in het Discovery Café te hebben gedronken. Het werd gelukkig niet te laat. Al voor half twee lag ik alweer in mijn bed. Tien aaneengesloten uren was ik in diepe slaap! “Ik zal het wel nodig hebben gehad!”
De zondag was natuurlijk de dag van de seizoensopener voor het nieuwe Formule 1 seizoen. Een spectaculaire race met een verassende uitslag. Brawn GP wist voor het eerst sinds 1977 als een debuterend Formule 1 team de race te winnen. De rest van de middagdag bracht ik door met een korte wandeling. Na een Koreaanse Bulgogi Bi Bim Bap maaltijd zocht ik mijn kamer op. Ik had geen zin meer om te drinken. Lekker op bed liggen en een beetje TV kijken.
De laatste twee dagen waren bijzonder rustig omdat ik wat gerommel in mijn darmen voelde.
“Het zal wel van de koffie zijn”, ik drink namelijk heel wat koffie op het moment.
Een andere bijzondere zaak was dat ik nu al twee keer Koreaans ben wezen eten. Het smaakt me bijzonder goed en de Kimchi is natuurlijk rijkelijk aanwezig.

Morgen ga ik dus op pad naar Kuala Lumpur. Maar eerst gaan we uitgebreid afscheid nemen van mijn vrienden in het Discovery Café.

vrijdag 27 maart 2009

Maleisië, op weg naar de Formule 1 in Sepang

Melaka, 27 maart 2009

Gisteren was alweer mijn laatste dag in het altijd zo plezierige Singapore. Er was een wandeling gepland in het natuurpark van Bukit Timah. De zon scheen door de wolken toen ik om een uur of negen mijn hostel verliet op weg om een ontbijttje te pikken. Ook na het ontbijt zag het weer er nog goed uit. Ik daalde af in de catacomben van het City Hall MRT Station om de trein te nemen naar Jurong East MRT Station.
Eenmaal weer boven de grond begon de lucht te betrekken en na een korte rit op lijn 66 naar de ingang van het park werd de lucht grijzer en grijzer totdat hij de kleur had van een postduif. Net na mijn eerste stap buiten de bus zag ik de grote donkere natte vlekken op het asfalt van de weg verschijnen. Én dat was dus meteen het einde van de wandeling! Op de voorkant van de volgende bus die voor me verscheen stond met grote letters “ORCHARD ROAD”. Ik twijfelde geen moment en stapte in.
“Het zou nu eens tijd worden om wat meer buslijnen te leren kennen”, dacht ik bij mezelf.
De trein heeft namelijk geen geheimen meer voor en ik kan goed mijn weg vinden in Singapore. Maar ik weet ook dat ik regelmatig de langere route neem als ik ergens naar toe wil.
De meeste mensen denken dat Singapore gewoon een grote stad is. Helaas moet ik die groep teleur stellen want Singapore is een flink eiland. Hoe groot? Dat moet ik ook eens even opzoeken: Wikipedia Singapore. Maar hoe groot in praktisch denken? Bij aankomst in Orchard Road stond de zon alweer aan de hemel en was er van regen en onweer niets meer te bekennen.
Meer dan het ontdekken van de Japanse keuken heb ik eigenlijk deze middag niet gedaan. Een lekker bakkie koffie met een stroopwafel bij de Starbucks en een beetje rondlummelen. Bukit Timah is er de volgende keer ook nog wel!
Mijn avond was natuurlijk weer bij 99 cents en ook vanaf hier ging ik nu eens met de bus naar het hostel terug. Lijn 2 of 51 was me verteld. Precies op de hoek van mijn hostel stapte ik uit de bus. Dat zou me in de toekomst een flinke wandeling schelen, en de bus gaat ook nog iets later op de avond.

Wat waren mijn kamergenoten drie lastige klootzakken gebleken! Om half één waren ze naar bed gegaan en dan ook nog even pakken voor het slapen gaan. Het licht aan en tijdens een luid gesprek met veel gelach werden de rugzakken gepakt. Ik hoorde er één zeggen dat zes uur slaap wel voldoende was. Helaas, pindakaas! Ik zette de wekker om vijf uur zodat ze in ieder geval een gebroken slaap hadden, net als ik.
Toen om vijf uur de wekker afliep en ik naar het toilet ging waren ze in ieder geval niet erg gecharmeerd van het lawaai dat mijn iPhone had uitgekraamd. In de woonkamer zaten al twee meisjes aangekleed te wachten totdat de manager zou verschijnen. Voor zover ik het begreep moesten ze dezelfde vlucht naar Sydney halen als de drie in mijn kamer. Ik wees ze snel waar het brood en de thee stond zodat ze alvast aan het ontbijt konden beginnen.
Om zeven uur stonden de drie klagend op en verdwenen zonder zich te douchen en afscheid te nemen. Zo, dat probleem was ook weer opgelost. Ik draaide me nog een keer om en wist dat de wekker om half negen mij het signaal zou geven om op pad naar Melaka (Mallacca) te gaan.
Na een heerlijke douche nam ik afscheid en bedankte de manager voor haar gastvrijheid. Om in de toekomst problemen met het reserveren te vermijden kreeg ik nu haar persoonlijke telefoonnummer zodat ik alleen nog maar het haar te doen had.
Het zonnetje stond al hoog aan de hemel toen ik gepakt en gezakt met mijn nieuwe schoenen naar buiten stapte. Ik keek nog eens naar beneden en was in mijn nopjes met de grijze bergschoenen die al bijna vier dagen oud waren maar ook al een kilometertje of vijftig op de klok hadden staan. Ze voelden al natuurlijk en ingelopen aan en ik wist dat het inlopen al bijna achter de rug lag. Straks gaan ze nog mee naar Nederland/Schotland en dan moeten ze kilometers genoeg hebben gelopen voor de grote test in Japan. (Zorg dat je schoenen in orde zijn Tett!)
De rituelen van het ontbijt zijn jullie nu wel bekend en een klein uurtje later stapte ik de gele bus van de Causeway Link in die net op het punt stond om te vertrekken.
“Doorlopen!”, maande de chauffeur die het geld voor de kaartjes later zou innen.
Eenmaal plaatsgenomen haalde ik het muntgeld uit mijn broekzak te voorschijn en ik was er van overtuigd dat ik zeker SGD 2,40 aan kleingeld had. Bij het tellen bleek het maar SGD 2,20 te zijn. Nu heb ik een hekel om veel van dat muntgeld de grens mee over te slepen omdat die kleine bedragen het eigenijk niet waard zijn. Ik keek eens om me heen en zag dat mijn buurman mijn verrichtingen aandachtig gade sloeg.
“Heeft U misschien twintig cent voor me?”, vroeg ik hem.
Zonder te twijfelen haalde de man zijn portemonnee uit zijn broekzak en overhandigde me een muntje. Het probleem was niet die twintig cent maar het “gepast betalen”. De chauffeur geeft namelijk geen wisselgeld terug, en dat wordt zo’n ritje wel heel erg duur.
Terwijl ik mijn handvol kleingeld in de roestvast stalen doos wierp vroeg ik me af of de chauffeur het opgemerkt zou hebben als ik maar SGD 2,20 in het apparaat had geworpen. De kleine Indiër overhandigde me het kaartje, dat je goed moet bewaren omdat je soms in een andere bus terecht komt, terwijl hij naar het rode verkeerslicht keek. Ik was dus nu echt op pad naar Melaka.
In principe had ik nu nog maar één probleem! Ik had namelijk per ongeluk alle muziek van mijn iPhone gewist. De drie uur in de bus zou ik dus in gepaste stilte doorbrengen. Eindeloze palmolie plantages raasden voorbij terwijl bijna iedereen in de bus in diepe slaap was. Mijn gedachten dwaalden af naar Japan en Nepal. De twee grote bestemmingen voor de rest van dit jaar.
Bij aankomst in de stadsbus ontmoette ik een Nederlands meisje, Nicole, die ook alleen op pad was. Ik wees haar de weg naar Ringo’s Foyer en we maakten een afspraak om vanavond samen wat te drinken. Kamer 207 in het Heeren Inn Hotel was al voor me in gereedheid gebracht en de rest van de dag was vakantie! Een heerlijke maaltijd en een paar biertjes bij Ringo Classic. Ik lag net na twaalf uur onder de dekens, ik had echt wat slaap in te halen na die vier slechte nachten in Singapore.
Copyright/Disclaimer