dinsdag 26 juli 2011

Filipijnen: ‘When you walk trough a storm!’

Het heeft even geduurd maar hier is het verhaal dan:

San Antonio - Pilar (Mama Marita (VIP))

Ik had echt veel moeite om de slaap te pakken. Ik hoorde geen vreemde geluiden want mijn oordoppen namen 90% van het lawaai weg, maar toch was alles vreemd en sinister. We lagen met drie personen in een piepklein kamertje waar normaal de broer van Lyka slaapt. Lyka en ik lagen op een éénpersoonsbed and Henk op een klapbedje dat waarschijnlijk ook dienst had gedaan tijdens de laatste dagen van de tweede wereldoorlog. Met mijn rug tegen de dunne houten wand voelde ik de hele bamboe hut bewegen. Ik had nog steeds mijn kleren aan en de cameratas lag naast mijn hoofd op het kussen.
Ik vertrouwde het hier niet! De armoede die ik vandaag gezien had was zo schrijnend dat ik me voor het eerst sinds lange tijd ongemakkelijk voelde. Zelfs India is een welvarend land vergeleken bij deze uithoek van de Filipijnen! De lege hongerige bedelende ogen voor een briefje van 20 Peso (€ 0,33) zag ik nog steeds voor me. Dat was voldoende geld om de dag weer door te komen! Het nieuws van de twee witte gezichten in het dorp was als een lopend vuurtje van natte bamboehut naar natte bamboehut gegaan.
Roxanne had me goed gewaarschuwd om zeker niet alleen op pad te gaan. En een korte blik op het dorp en haar inwoners was voldoende geweest omdat te begrijpen. De complete economie van het dorp was kleiner dan die van een krantenbezorger in Nederland. Ik vroeg me af of er meer dan honderd Euro per dag van hand op hand ging. Al nadenkend viel ik in slaap.
Hoelang ik heb geslapen weet in niet maar ik werd weer wakker in een donkere onbekende wereld. Het was echt aardedonker en ik kon geen hand voor mijn ogen zien. Ik voelde om me heen en de camera lag nog naast mijn hoofd, Lyka lag nog naast me in bed en de rugzak met het kleine slot erop stond nog naast het bed. We hadden Henk zijn bed zo geplaatst dat de deur niet open kon. Maar voor het geïmproviseerde raam hing een triplex plaat zonder slot en dat hield me waakzaam.
Ik schakelde de kleine LED verlichting om mijn pols aan en keek recht omhoog naar het rieten dak. Een oordop uit en ik hoorde de wind om het kleine huisje gieren. Henk sliep als een os en de elektriciteit was ook weer uitgevallen. De nieuwe ventilator stond stil naar me te glanzen. Als ik omhoog keek zag ik soms het maanlicht, de tyfoon was zo sterk dat het de bladeren van het dak omhoog liet waaien. De hele constructie bewoog! Ik sloot mijn ogen weer en schakelde het kleine lichtje uit. Ik hoopte tegen beter weten in dat het morgen allemaal beter zou zijn. Nog één nachtje in deze hut met een oude schroevendraaier als nachtslot.
Het was nog steeds donker in de hut, door het ontbreken van elektriciteit, toen we om zeven uur wakker werden. De twee LED hoofdverlichting kwamen ons goed uit. Mama Marita stond te klunzen in de keuken om voor ons een ontbijt te maken. Ik gaf haar de verlichting van Lyka cadeau zodat ze weer twee handen vrij had. Vandaag zou het een hele lange dag worden!
Na het ontbijt gingen we allemaal om de beurt naar de openstaande deur om naar de ruige zee te kijken. De woeste grauwe zee met witte schuimkoppen. In de hut was het een komen en gaan van vrienden en bekenden van de hele familie Reverente. Er was ook steeds een man over de vloer die ik niet, en misschien wel heel onterecht, niet vertrouwde. Henk liet in al zijn onschuld alles over hem heen komen. Zelf had ik het moeilijker na de korte uitleg van Lyka.

Mama Marita is een afgevaardigde van een NGO uit de EU. Ze staat heel hoog aangeschreven in het dorp en iedere inwoner heeft veel respect voor haar. Afgelopen nacht had ze op een matrasje voor onze deur geslapen.
‘De reden hiervoor?’
Mocht er toch iemand op het idee zijn gekomen om ons midden in de nacht te bezoeken dan hadden ze eerst langs haar gemoeten. Deze uitleg speelde de hele tijd door mijn hoofd. Ik wist dat we deze dag en de komende nacht nog moesten doorkomen om de veiligheid en de anonimiteit van de grote stad op te zoeken.
De mensen zijn hier enorm vriendelijk maar de armoede wint misschien van het gezond verstand. Ook de vreemde oom verscheen weer in de hut en nadat hij had gegeten veranderde het onderwerp van ons gesprek Over trouwen en zo en of ik wel voor mijn familie kon zorgen en zo verder. Uit ervaring weet ik dat het helemaal geen nut heeft om met deze mensen over geld te praten. Zij hebben nu eenmaal het beeld voor ogen dat alle blanken stinkend rijk zijn en dat beeld wordt dan vaak ook nog versterkt door de vele gekken uit Amerika en Europa die hier in een mum van tijd al hun spaargeld verspelen. Verliezen is niet het juiste woord, maar verspelen.
Nog een kopje koffie en tijdens een opklaring stak de hele familie ombeurten weer het hoofd uit de deur om naar de woeste zee te kijken. Ieder had zijn mening hoe het verder zou gaan en Henk wist nu zeker dat we morgen weer verder zouden gaan.
‘Ik wordt gek hier!’, sprak Henk meer dan eens.
Hij droomde van de lichtjes. Gelukkig was hij niet op de hoogte van wat zich hier allemaal afspeelde. En voor mij was het ook beter dat het zo bleef. De oom nodigde ons uit voor een wandeling door het dorp die ik met plezier afsloeg. Voor Henk was het een zegen uit de lucht en binnen twee seconden stond hij klaar om met de oom een rondje te gaan wandelen.

‘Waarom ga je niet mee?’
‘Ouwe zak, waarom blijf je hier in die hut op je kont zitten?’, klonk nors uit zijn mond.
Natuurlijk kon ik niet zeggen dat ik hier bleef om op onze spullen te letten. Het was een vreemde maar ongemakkelijke situatie. Ik vertrouwde die mensen wel maar het komen en gaan van vreemden en de waarde van onze elektronica speelde maar door mijn hoofd. In plaats van de wandeling ging ik maar even met Lyka op ons kleine bed liggen.

Henk keerde een paar uur later met verhalen over een weduwe in een mooi huisje en dat hij meteen kon blijven slapen. Toen de oom hem alleen achterliet kreeg hij het Spaans benauwd omdat hij de weg niet terug wist en de vrouw hem maar aanzoeken bleef doen. Ik luisterde aandachtig naar zijn verhalen en verzekerde hem dat we over tien jaar nog om deze twee dagen zouden lachen.

De duisternis viel en het werd weer donker. Heel donker omdat de elektriciteit nog steeds niet was verbonden en ook de mobile telefoons hadden het nu begeven. Waarschijnlijk omdat de accu’s van de zendmasten nu leeg waren. De tyfoon had haar schade aangericht en daar konden we niets aan doen.

Maar er was een oplossing voorhanden! Achter in de hut stond nog een oud aggregaat van de vissersboot van Lyka’s vader en als Henk en ik voor de benzine betaalden zaten we niet de hele avond in het donker. Vanavond hadden we ook een paar flessen bier beloofd dus dat aggregaat namen we maar op de koop toe. Ik betaalde 1000 Peso voor de benzine en het bier en natuurlijk kreeg ik daar niets van terug.

De grote flessen Red Horse bier verdwenen in een piepschuim container gevuld met water en ijs om te koelen. Voor mij maakte het weinig uit maar Henk zat steeds naar zijn kleine glas te kijken. Een fles voor mij en een fles voor het gezin. Ik drink nu eenmaal graag uit de fles! Het was een leuke avond met een vervelend einde. Aan het einde kwamen de jenever traantjes en veel zielige verhalen en of ik de familie uit de problemen kon helpen. En dat kon ik natuurlijk niet want ik heb nu genoeg aan Lyka en mijzelf. We willen nog veel mooie reizen maken en ik ga natuurlijk niet alleen in Nederland thuis zitten omdat ik een Filippijns gezin moet helpen. De gesprekken werden grimmiger maar toen het bier op was konden we gelukkig naar bed.
Ook in bed ging het gesprek verder. Lyka kwam nu voor haar familie op en vroeg me waarom ik niet wilde helpen. Mijn uitleg werd begrepen maar niet gewaardeerd. In de derde wereldlanden is het nog steeds gebruikelijk dat het hele gezin inclusief de aangetrouwden elkaar onderhouden. De beter bedeelden helpen de minder bedeelden en als dat ooit mocht veranderen dan gebeurd dat ook andersom.
De storm buiten was veranderd in een storm binnen. Ik kon niet wachten om morgen zo snel mogelijk te vertrekken!

maandag 25 juli 2011

Filipijnen: Op een kettingzaag door een tyfoon

San Antonio - Pilar (Mama Marita (VIP))

Na de twee drukke dagen in Manila werd het tijd om verder te gaan en de moeder van mijn vriendin te ontmoeten. Een busreis van twaalf uur had me niet echt aangesproken en op de website van Cebu Pacific had ik voor PHP 1233 (€ 20,19) de vlucht naar Legazpi kunnen boeken. En dan hoef je niet lang na te denken!
Om vijf uur liep de wekker af en we waren meteen wakker, een kop koffie en een snee krentenbrood met kaas. Rustig pakken en op weg naar de luchthaven. Er stond een taxi klaar en ik kon me echt niet herinneren of het de chauffeur was waar we mee hadden afgesproken. Maar een taxi is een taxi en wij waren klaar om op pad te gaan.
Volgens de taxichauffeur waren de brandstofprijzen overnacht gestegen en dat resulteerde in een prijsverhoging van 25% op de ritprijs. Natuurlijk was ik het daar niet mee eens en nadat ik de chauffeur duidelijk had gemaakt dat we niet verder gingen dan 400 Peso ging hij zonder al teveel tegen te stribbelen akkoord.
‘Niet geschoten is natuurlijk altijd mis!’
Twee uur voor het vertrek waren we al ingecheckt en ik zat aan mijn tweede kop koffie van de ochtend. Het weer was bedrukt maar het was wel droog. Gate 134, en een redelijke hoeveelheid passagiers zat te wachten tot ze werden opgeroepen. Drie bussen reden ons naar een geparkeerde Airbus A-320 die op nog geen vijf meter van Gate 108 stond. Erg vreemd, maar wij waren klaar om naar Legazpi te vertrekken.
Nog geen tien minuten in de vlucht riep de kapitein om dat we maar één poging om te landen op het vliegveld van Legazpi zouden wagen.
‘En dat is toch vreemd?’
Zo slecht was het weer hier nu ook weer niet! Eenmaal in de wolken op een hoogte rond de 5000 meter werd het steeds slechter. Een extra oproep van de kapitein om vooral niet de GSM te gebruiken omdat hij moeilijkheden had met de communicatie met de verkeerstoren van Legazpi maakte deze vlucht van minder dan een uur wel een beetje griezelig.
Op mijn GPS volgde ik het vluchtpad en zonder dat ik de grond kon zien passeerden we het vliegveld en gingen richting open zee, en dat terwijl we nog steeds daalden. Nog nooit had mijn GPS er naast gezeten maar deze keer had ik wel mijn twijfels. Als het vliegtuig niet snel zijn richting zou wijzigen zou ik zeker de stewardess er op aanspreken.
En daar waren de griezelige witte koppen op een grauwe en dodelijke oceaan! Het vliegtuig maakte de verwachte bocht naar links en op het kompas zag ik dat hij opnieuw het traject van de landing zocht maar deze keer tegen de wind in. Een tweede bocht naar links en we vlogen in een rechte lijn met de korte landingsbaan. Het vaste land kwam weer langzaam dichterbij en in de verte zag ik de hoge golven van de grote oceaan op de zwarte vulkanische stranden van Legazpi kapot slaan. De aankomst was in de stromende regen en ik hoopte dat het maar een buitje was, we waren tenslotte maar 300 Km van Manila.
Lyka’s moeder stond al op ons te wachten en de eerste ontmoeting was hartelijk maar voor mij erg vreemd. We moesten eerst wat eten voordat we naar het kleine dorp San Antonio zouden rijden. En zelfs in dit arme stadje was er een enorm winkelcentrum. Na een klein hapje kocht ik voor haar moeder de beloofde ventilator en we moesten nog even snel proviand voor ons verblijf inslaan. En het bleef maar regenen en de wind was nu ook opgestoken!

Vier personen, een chauffeur, een nieuwe ventilator en vijf tassen boodschappen in een kleine driewieler op weg naar het dorp aan de zee! In de bebouwde kom ging het nog, maar eenmaal in de open velden had de regen en wind vrij spel. Henk, die achter de chauffeur op de motor zat, was binnen tien minuten kletsnat en hoopte dat we er snel waren. Zelf zat ik met Lyka voorin het kleine bakje terwijl Mama Marita achterin op de nieuwe ventilator en de boodschappen paste.
De 45 kilometer naar het waren voor ons allemaal een ongemak, en voor Henkie een hel. Bij de eerste waterstromen die dwars over de slechte wegen liepen werden zijn voeten kletsnat en dat is nooit comfortabel. Er leek maar geen einde aan te komen! De kleine tweetakt motor huilde als een kettingzaag en de versnellingsbak was niet ontwikkeld om vijf volwassenen en een zijspan een steile helling op te slepen.
Er werd regelmatig mis geschakeld en de motor werd zo heet dat je de pakkingen kon ruiken. En het weer werd geen haar beter. Des te dichter we bij het dorp kwamen des te slechter de weg werd. Hele stukken waren weggeslagen in van de berghellingen gegleden. Er was nog maar één rijbaan over die naast een diepe afgrond lag. En zo arriveerden we in het kleine dorp. De wind huilde om het bamboe huisje dat voor twee nachten ons onderkomen zou zijn. Eenmaal binnen kregen we het meteen goede nieuws.

Vandaag was het begin van een tyfoon en die kon wel drie of vier dagen duren! Aan het weer kan je nu eenmaal weinig veranderen, dat moet je nemen zoals het komt. We begonnen meer aan elkaar gewend te raken en Henk en ik keken onze ogen uit. Het zandstrand was de vloer van het hutje en in het midden was een kleine betonnen verhoging die ons moest beschermen tegen een springvloed.

Maar de avondmaaltijd loog er niet om. Er was heerlijk gebakken kip met rijst. Het bier bleef vandaag achterwege want ik voelde me nog niet helemaal op mijn gemak. Natuurlijk gaat iedereen hier in het dorp vroeg naar bed en om negen uur lagen wij ook op één oor en Henk op een uitklapbed. Tegen beter weten in hoopten we dat het morgen zou zijn opgeklaard. De wind huilde en gierde om het huis, maar mijn oordoppen namen het grootste gedeelte van het lawaai weg.

zondag 24 juli 2011

Filipijnen: Een kerkhof

Manila (Slouch Hat (205))

Met oog op het slechte weer waren we vandaag niet afgereisd naar “Corrigodor Island”. Maar helaas was het weer vandaag wel beter dan gisteren en hier en daar zagen we zelfs stukken blauwe lucht. Het was nu eenmaal niet anders en vandaag zou ook een mooie dag kunnen worden vol onverwachte ontmoetingen met onbekende zaken en mensen.
Natuurlijk gingen we te voet en doorkruisten de oostkant van Intramuros, de oude stad. Over het vestingwerk lopende kregen we weer een heel ander beeld van Manila. Hier zo hoog boven het straatpeil zie je weinig van de armoede. De meeste bedelaars houden zich op in buurten waar ze een toerist of een rijke Filippijn tegen het lijf kunnen lopen. Ik voelde me vandaag echt een gids omdat ik alles al een keer gezien had. Ik kreeg ook erg het gevoel dat ik hier voor de laatste keer was, er was namelijk niets meer te zien dat me kon boeien.

Nog voordat we in Binondo (China Town) waren vond ik het tijd om een kleinigheidje te eten en wat te drinken. Wat Henk meteen opviel was dat er in China Town bijna geen bedelaars rondliepen. Misschien omdat de Chinezen hun buurt zelf schoon houden? Een broodje Ba Pao met een vulling van pittig varkensvlees en een Coke Zero. Een goede vulling voor de vijf kilometer wandeling die nog voor ons lag.
“Binonde Cathedral” was de eerste bezienswaardigheid.
Binnen namen we plaats in de koele kerk en keken naar de zondagse handelingen van de katholieken. Lyka brandde twee kaarsjes voor haar vader die vorig jaar was overleden.

Het blijft vreemd voor me maar al die religieuze handelingen maar door al mijn reizen zie ik ook meer overeenkomsten. Ik ben er nog steeds niet uit of al die verschillende religies wel het beste met je voor hebben. De schrijnende armoede in de katholieke wereld. De onderdrukking in de islamitische wereld en het totaal onderschatten van gevaar in de Boeddhistische denkwijze van de Thais.
Met al die gedachten in mijn hoofd kwamen we via een omweg bij de grootste Boeddhistische tempel van Manila aan. De buitenzijde van de “Seng Guan Temple” was niet de moeite waard om een foto van te maken en binnen was het veel van wat ik al gezien had. De opwinding van mijn twee reisgenoten was voldoende om me toch een goed gevoel te geven.

Met mijn GPS als leidraad gingen we op het doel voor deze middag aan!

De afstand was aanzienlijk en toen we eindelijk onder de verhoogde spoorweg arriveerde vond ik het wel tijd om weer wat te eten. Deze keer was het dus wel bij JolliBee. Een dubbele hamburger met champignonsaus en rijst. Fastfood met een exotische draai!
De Chinese begraafplaats is een Necropolis zoals ik die nog nooit gezien heb. Graven in de vorm van huizen en soms zelfs zo groot als een villa, inclusief toilet en douche. Volgens de verhalen worden hier soms graven/huizen verkocht voor € 500.000 en meer. En dat is dan weer een schrijnend tegenovergestelde van de armoede aan de andere kant van de muur. Maar het is en blijft erg indrukwekkend.
(Op een nog leeg graf staat vaak dit symbool, het betekend "Blijdschap en geluk")

We nemen de trein weer terug richting het hotel want de regen heeft ons nu ook ingehaald. En dat is natuurlijk jammer maar het was ook wel te verwachten.

De laatste uurtjes van de dag brengen we op de kamer door. Henk is in zijn nopjes met zijn iPad en de koude flesjes San Miguel smaken me uitstekend. Ook de avondmaaltijd die bestaat uit Pork Adobo en Pinoy Beefsteak glijd er in als koek.
We maken het niet te laat want morgen staat er om zes uur een taxi voor ons klaar die ons naar de luchthaven zal brengen. Een nieuw hoofdstuk in ons Filipijns avontuur.
Copyright/Disclaimer