donderdag 21 februari 2008

Sri Lanka, komt het toch nog goed?

Deniyaya, 21/02/2008

Na mijn eerste echt goede nachtrust werd ik om kwart over zeven gewekt voor het ontbijt. Het was wel afwachten en het was moeilijk om het ontbijt van gisteren te evenaren. Het was ook een goed ontbijt en één van de betere zaken op Sri Lanka is het aanwezig zijn van goed brood. Brood met een omelet gevolgd door een paar sneetjes geroosterd brood met jam is een goede start van de dag. Ik zat goed vol en mijn voorspelling was uitgekomen. Er was in heinde of verre geen gids met zijn 4x4 te bekennen.
Het weer was goed dus zou plan twee zou in werking treden en ik zou een waterval en twee tempels gaan bezoeken vandaag. Tijdens het ontbijt had ik wat extra informatie gekregen van de eigenaar, die tevens rijschoolhouder is, en dat moest voldoende zijn om de dag door te komen, iets over acht ging ik vol goede moed op weg.
Als eerste was een waterval op het Kiruwananaganga thee landgoed aan de beurt. Eerst met de bus en dan een paar kilometer lopen. Het vreemde hier op Sri Lanka is dat je de opgegeven afstanden in zijn geheel niet kan vertrouwen. Vijf kilometer met de bus blijken er tien komma drie te zijn en de twee kilometer is net geen negenhonderd meter. Ik zou het dus anders doen. Met de bus heen en terug lopen, dan weet je tenminste de juiste afstand.
En zo stapte ik eerst op de bus naar het kruispunt in "Kotapola" waar ik de aansluiting naar de "Kiruwananaganga waterval" zou nemen. Het ging allemaal gesmeerd en binnen een uur stond ik aan het begin van een weg die me naar de waterval zou leiden. Ik moest wel alles vijf keer vragen aan één van de lokalen omdat de verkeersborden hier nog dun zijn gezaaid. Het toerisme in deze bergen staat nog in zijn kinderschoenen! Heet was een flinke klim tussen de theestruiken door, heel veel theestruiken. Het was wel een schitterend gezicht om de leveranciers van het oerengelse kopje thee zo te zien.
Een kleine zijsprong: Het is hier net als in Engeland de omgekeerde wereld. Thee wordt zo sterk gezet dat hij op koffie lijkt en je haast wel een beetje melk moet toevoegen. Koffie daartegen wordt zo slap gezet als bij ons de thee, niet te pruimen dus. Ik ben nu helemaal overgeschakeld op de thee tenzij ik een echt koffiehuis tegen kom.
Watervallen in het droge seizoen zijn niet de meest opwindende en zo ook deze niet. Het was wel erg mooi om zo tussen de theestruiken rustig de berg op te lopen en alleen het geluid van de dieren te horen. Wat kan de stilte soms toch mooi zijn. De vier kilometer zou ik terug lopen om nog wat meer van de rust te kunnen opsnuiven. En er zijn altijd verrassingen! Om de eerste bocht stond een bus met panne en die werd door de passagiers in verenigde kracht achteruit de berm ingeduwd. En hoe ging het verder? Na tien minuten verscheen de volgende bus met dezelfde bestemming, de passagiers stapten op en de onfortuinlijke chauffeur bleef alleen achter met zijn ellende.
Hij schudde wat met zijn hoofd heen en weer toen hij me aankeek en nam plaats op zijn chauffeursstoel. Dat is echt grappig hier op Sri Lanka, begroetend, bevestigend of ontkennend de mensen schudden met hun hoofd heen en weer alsof hij nog maar met ‚‚n bout vast zit. Ik moet er nog elke keer om lachen en probeer het nu zelf ook na te doen. Ze moeten dan ook weer om mij lachen.
Langzaam slenterde ik onder een blauwe hemel terug naar Kotapola. De wandeling had er aardig ingehakt en kon wel wat energie gebruiken, twee "rolls" zoals ze de eerder beschreven rolletjes met kerrie er in noemen gevolgd door de lokale "Elephant" priklimonade. Volgens de Lonely Planet was de "Ginger Root Beer" een uitstekende dorstlesser. En klopte ook, heerlijk bruisend spul met een pittige afdronk.
Het vinden van de eerste tempel was echter een groter probleem. Niemand had van het ding gehoord of had maar enig idee waar het zou kunnen zijn. De enige mogelijkheid was een tempel genaamd "Gatabaruwa", en die lag boven op een berg en de beschrijving klopte dat er een stevige klim bij zat. Met deze informatie bedankte ik de uitbater van het theehuis en ging weer op weg. De zon stond nu hoog aan de hemel en brandde fel, maar de eerste regenwolken tekenden zich af aan de horizon.
Het was inderdaad een flinke klim! Ik moest onderweg een paar keer stoppen om op adem te komen en terwijl ik zat uit te hijgen schoten de driewielers langs me heen de berg op. De meeste bezoekers kozen voor transport omhoog en lopend naar beneden. Bij de tempel aangekomen gingen de sandalen uit en de klim werd nog een tientallen meters voortgezet. Het was inderdaad de moeite waard geweest. De tempel was anders en misschien niet zo bijzonder maar de vergezichten vanaf de top waren subliem.
De afdaling ging gemakkelijk en na de klim had ik alweer trek, twee rolls en een "Elephant Creamsoda" deden me goed. De hemel was ondertussen flink dichtgetrokken en de grijze donderwolken stonden op regen. Gelukkig ben ik droog thuis gekomen maar het duurde niet lang voordat de eerste regendruppels naar beneden kwamen. Hier in de aanloop naar het bergland zijn de regels eenvoudig, vroeg opstaan en genieten want na twee uur kan de regen komen.
Het is niet meer droog geworden vandaag, ik heb toch een mooie dag achter de rug en mijn beeld van Sri Lanka is al een stukje naar de plus verschoven. Na een paar uurtjes schrijven en een beetje spelen was het tijd om te eten. Kokkie had haar best gedaan en opnieuw een koningsmaal bereid, ik at minder rijst deze keer en bestede al mijn aandacht aan de groente. Er was een nieuwe soort wortel bijgekomen en de groene banaankerrie was helemaal een winnaar. Na mijn gebruikelijke twee biertjes was het weer tijd om te gaan slapen. Morgen om half zeven op! Verplaatsing naar "Haputale", de eerste stad die ik wilde bezoeken is al geschrapt en een dorpje voor over twee dagen staat op de nominatie om geschrapt te worden. Welterusten en tot morgen.

woensdag 20 februari 2008

Sri Lanka, weg van de kust

Deniyaya, 20/02/2008

Het lijkt er op dat ik nu het slapen onder een klamboe door begin te krijgen. Met een minimum aan muggen onder mijn netje kon ik de slaap beter vatten dan gisteren. Ik dacht na over mijn eerste kleine week in Sri Lanka. Ik was niet onder de indruk van wat ik tot nu toe had gezien. Het was allemaal hetzelfde en ik mis het buitenleven dat ik gewend ben van de andere landen die ik heb bezocht. Het eten is ook niet om lyrisch over te worden. Gelukkig heb ik nu in de gaten dat het eten gewoon door moeder de vrouw wordt gekookt voor het gezin en de gasten in het hotel eten met de familie mee. Geen onaardige ervaring op zich maar van een menukaart kiezen kan soms ook heel fijn zijn. Ik ben pas een week hier en misschien zal mijn mening nog wel veranderen?
Bus nummer 375 was mijn doel voor vandaag! Ik was rustig en zonder wekker opgestaan omdat de verplaatsing slechts 85 kilometer zou bedragen. Minder dan een uurtje in jullie wereld maar meer dan drie uur waar ik me nu bevindt. Na het ontbijt, wat weer voortreffelijk was, betaalde ik de openstaande rekening en nam afscheid van de familie. Wel met een beetje pijn in mijn hart. Dat maakt reizen nu juist zo moeilijk, ik ben niet iemand die vijftien jaar op rij naar dezelfde plaats kan gaan.
De wandeling van minder dan tien minuten was voldoende om mijn shirt zo nat te maken dat je het kon uitwringen. Ik was op tijd voor de bus van half tien. Zoals ik al eerder zei, bus nummer 375 zou me naar een dorpje vooraan in de heuvels brengen genaamd "Deniyaya". De bus op zich was comfortabel genoeg, het probleem was alleen dat je fluitende oren kreeg van de luchthoorn die veelvuldig door de chauffeur werd gebruikt. Het kreng blies bij gevaar, als aankondiging voor een blinde bocht, als begroeting, als dank voor het aan de kant gaan en als melding voor een bushalte dat hij dichtbij was. Er werd meer getoeterd dan geschakeld.
Het landschap veranderde langzaam toen we de kustweg verlieten, rubber en theeplantages opgevuld met rijstvelden in de dalen waren nu het uitzicht. De wegen werden slechter en je kon merken dat het armoediger werd. Mensen stapten uit en stapten op bij de honderden haltes die we hebben gepasseerd. Een oudere man die perfect Engels sprak vertelde me dat we later van bus zouden moeten wisselen. Dat verwarde me een beetje want voor op de bus stond toch duidelijk de eindbestemming, "Deniyaya", aangegeven. Een gezond wantrouwen moet je toch proberen te bewaren als je alleen op pad bent!
Het verhaal klopte wel en in een plaats genaamd "Akuressa" moesten we onze comfortabele bus verruilen voor eentje die zo naar het "Lips Autotron" kon. Van schokbrekers hadden ze nog nooit gehoord en de bladveren waren nog in een experimenteel stadium. Tel daar de slechte staat van de wegen bij op en je zou meteen om een niergordel hebben gevraagd. Mijn zitplaats was ook nog haaks op de rijrichting waardoor ik als de bakkenist van een zijspanmotorcrosser met drie armen moest vasthouden in de ontelbare haarspeldbochten die de bergweg telde.
Ik was er voor gewaarschuwd! Nog voordat we arriveerden daalde de regen uit de hemel neer. Ik was op weg naar één van de natste plaatsen ter wereld, meer dan 5000 mm neerslag per jaar valt hier uit de hemel. Het is ook moeilijk om een regenwoud te hebben zonder regen. Bij aankomst in het kleine busstation van "Deniyaya" plaatste ik me op een stenen bankje om te wachten totdat de regen een beetje had afgenomen en ik op zoek kon naar het "Sinharaja Rest". Het dorp is zo klein dat er geen kaart van in mijn reisgids staat. Eigenlijk is het niets anders dan twee rijen winkels aan weerzijde van de doorgaande weg. Toen de regen was overgegaan in motregen ging ik op weg en vroeg bij een mobile telefoonwinkel op de hoek naar het "Sinharaja Rest" en hij wees me meteen een Tuk-tuk aan die me voor zestig Roepies wel even zou brengen. Het was namelijk meer dan een kilometer lopen! Die kilometers in Sri Lanka ken ik ondertussen wel.
Na driehonderd meter stond ik op de oprijlaan van het "Sinharaja Rest". Twee jongen speelden cricket in de tuin en een man in een lende doek en een vrouw met door de betelnut aangetaste tanden verwelkomden me. Ik was op de juiste plaats. De prijs van de kamers viel me een beetje tegen maar je kan nu eenmaal niet altijd geluk hebben. Nadat ik mijn intrek had genomen liep ik het dorp in om wat "Samosa's" of iets dergelijks te scoren want ik had alweer een enorme trek. Bij de eerste winkel lagen een soort gefrituurde loempia's met een vulling die nog het meest op de vulling van een kroket leek, wel met een kerriesmaak. Het was nieuw en het moest worden geprobeerd. Voor 20 Roepies (€ 0,13) kan je de gok wel wagen. Binnen een minuut had ik de tweede besteld en probeerde de kleine binnenbrand met een colaatje te sussen.
In het guesthouse kreeg ik nu het slechte nieuws. De gids was in de bergen blijven steken en zou niet eerder dan morgenvroeg terugkeren. Ik had mijn plannen en die waren natuurlijk ook afhankelijk van het weer. Terwijl ik op mijn bed naar het geluid van de onweersdonder lag te luisteren vroeg ik me af wat me morgen weer te wachten stond. Er waren maar drie scenario's, of ik ging met die gids naar het regenwoud en een paar tempels. Of ik ging alleen op pad met de bus naar wat tempels en een waterval, of ik ging wegens het slechte weer door naar "Ratnapura". Terwijl ik de dikke regendruppels op de enorme bladeren hoorde vallen viel ik in slaap.
De goedlachse vrouw ontwaakte me uit mijn slaap voor het avondeten. Ik wreef in mijn ogen en zag dat het pas zes uur was.
"We hadden toch half acht afgesproken?", vroeg ik.
"Inderdaad, maar we zijn een beetje aan de vroege kant", kreeg ik als antwoord.
Het maakt ook niets uit, of wel soms?
De rijst met kerrie was goed, voor zover ik er nu mee bekend ben. Ik dronk nog twee biertjes en voor negen uur lag ik op bed. Kunnen jullie dat geloven? Om tien uur was het muisstil in de heuvels en je hoorde alleen onbekende vogels en diersoorten.

Ik heb er een zwaar hoofd in voor morgen! Ik denk dat er geen gids is en dat ik moet kiezen tussen vertrekken of de waterval en de tempels bezoeken. We zien morgen wel, je zorgen maken over iets dat je niet kan veranderen is verspilde energie.

dinsdag 19 februari 2008

Sri Lanka, veel van hetzelfde

Galle, 19/02/2008

Muggen waren een drama vannacht! Ik kan niet wachten om de koelte van de bergen in gaan en dan ook hopelijk van de muggen verlost te zijn. Bij het gebrek aan eethuizen was ik ook aangewezen op een ontbijt in "Hotel Weltevreden". Maar dat overtrof al mijn verwachtingen en het zag er zo goed uit dat ik zelfs vergat om er een foto van te nemen, morgen dan maar.
Na de toast en omelet, fruit en koffie was ik klaar om de nieuwe stad te gaan ontdekken. Het was echt een nieuwe stad want de tsunami had hier flink huis gehouden. Natuurlijk nam ik een langere weg en liep de zijpoort van het fort uit. Net voor de poort was er op een plein een flinke oploop. Ik stond namelijk voor de rechtbank van het district en zo te zien waren er heel wat mensen gedagvaard. Kleine advocaatkantoortjes sieren de zijkanten van het plein. Ik kon mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en liep een klein hofje binnen waar nog meer kantoortjes waren gevestigd. Het was een bijzonder mooi schouwspel om al die oude door de Hollanders gebouwde huisjes en hun hofjes te zien.
Eenmaal buiten de poort waren er de verwachte visstalletjes aan de haven en bij het zien van de stad waande ik me alweer in Colombo. Het kon mij niet bekoren. Hier en daar zag je nog de sporen van de verwoesting van de tsunami. Volgens ingewijden is het wel het beste wat ze hier ooit is overkomen. De financi‰le hulp vanuit het buitenland en een enorm leger werkers voor NGO's brengen nog steeds veel geld in het laatje.
Het achterliggende probleem is veel groter. Sri Lanka heeft een inflatie van 27% per jaar. Stilletjes wordt er door de lokale zakenmensen al over gesproken om de Amerikaanse Dollar als schaduw valuta te gaan gebruiken, net als in Vietnam, Cambodja en Burma. Lokale intellectuelen zijn bang dat de huidige regering zoveel geld uit gaat geven aan een oorlog die niet kan worden gewonnen dat de inflatie nog groter wordt en het land uiteindelijk failliet gaat.
Zit ik toch weer over buitenlandse politiek te wauwelen!
Maar toen ik na mijn middagdutje op de muren van het fort naar de zee zat te staren probeerde ik mij tevergeefs voor te stellen hoe die twintig meter hoge muur van water er zou hebben uitgezien. Het is het noodlot dat je niet kan ontlopen denk ik dan maar, net als die verpletterde Tuk-tuk ruim tweehonderd meter voor ons in Colombo. Voor de laatste keer slenterde ik door de straten en over de muren van het bastion. Het zal over een paar jaar zeker een mooi stadje zijn om te bezoeken.
Het avondeten dat ik nu kreeg voorgeschoteld was zelfs beter dan gisteren. Het was ook weer veel te veel en met een verontschuldigend gezicht liet ik de tafel opruimen. Graham had een nieuwe groep slachtoffers gevonden die zijn verhalen nu moesten aanhoren. Hij was veranderd! Gekleed in een lendendoek en een vreemd shirt vertelde hij over het doel van zijn werk, het meest vreemde was toch wel dat hij nu met zijn handen at. Een vreemde vogel uiteindelijk.
Tijdens de korte avondwandeling, om het eten te laten zakken, waren er twee andere vreemde vogels in het hotel aangekomen. Rechtreeks uit India. Paddy en Helen. Het India gevoel met zijn goedkope entourage straalde er vanaf, het werd bevestigd toen Helen al vloekend en tierend uit de buurtwinkel stapte en aan iedereen die het maar wilde horen vertelde dat ze bij het kopen van een pakje sigaretten teveel had moeten betalen. En dit terwijl er geen hard bewijs voor was.
Terwijl zij zaten te eten als uitgehongerde paarden zette ik me bij de groep aan tafel om mijn laatste biertje te drinken. Ik luisterde maar met ‚‚n oor naar Paddy omdat een andere tafelgenoot maar zat te praten hoe mooi het hier was en hoe arm de mensen wel niet waren. Deze vrouw had zoveel medelijden met de wereld dat ze moeite had om deze last te dragen. Je kan best helpen maar je kan niet de hele wereld op je schouders nemen! Paddy's Ierse accent was met vlagen ook veel te sterk om alles te verstaan. De verlossende laatste slok uit de fles en lekker naar bed.
Ondertussen heb ik het nu wel gezien in de steden en ik kijk uit om het leven in een dorpje te zien. Misschien dat daar zelfs wel wat meer te doen is omdat het meer geconcentreerd is?



Copyright/Disclaimer