maandag 11 juni 2007

Korea, een dag aan zee

Yeosu, 10-11/06/2007

Ik was erg moe maar wel goed voorbereid deze keer. Het gebrek aan slaap was gecompenseerd met een lange leessessie in de LP en ik zou nu op weg gaan naar de zee in het zuiden. De “dramatische mooie kusten”, zoals de LP het beschreef, klonken mij als muziek in de oren.
De namen van de plaatsen die ik zou doorkruisen en waar ik zou overstappen stonden nu als Koreaanse tekens in mijn notitie boekje, ik wilde voorkomen dat ik in een gehucht terecht kwam waarvan ik de naam had uitgesproken. Het was heel rustig deze ochtend. Vanaf de brug keek ik naar wat voetballende mensen in geel en rood gestoken shirts. Er speelde weinig door mijn hoofd maar het feit dat ik al zo lang geen blanke had ontmoet, ik had er wel één gezien vanuit de bus, begon nu een beetje op te spelen. Ik begon nog niet in mijzelf te praten maar ik was er niet ver vanaf.
Ondertussen heb ik in de gaten gekregen hoe de bussen het gemakkelijkst werken, gewoon de naam van de bestemming in het Koreaans laten zien en ongeveer dertig minuten, geef of neem tien minuten, ben je weer onderweg. Nadat ik van noordwest naar noordoost en daarna naar middenwest en zuidwest ben gereisd kan ik zeggen dat het landschap niet veel veranderd. De bergen zijn de ene keer wat hoger dan de andere keer en de ene keer staan er wat meer bomen dan de andere keer maar verder is het allemaal hetzelfde. Na 18 dagen ik Korea is de glans er dan ook wel een beetje vanaf. Het landschap is hetzelfde, de forten zijn hetzelfde en het eten is hetzelfde. Ik vraag me nu dan ook af of vier weken niet een beetje teveel van goede is? Of komt het omdat ik alleen reis? Komt het omdat er geen buitenlanders zijn? Ik weet het niet. Één ding is mij wel duidelijk, het ontbreken van een avond en buitenleven is een gebrek. s’Avonds na zeven uur is er, buiten de echt grote steden, geen hond meer op straat. Cafés en bars zoals wij ze kennen zijn er niet dus het enige vertier is een restaurant. Vandaar dat ik dan ook meestal om een uur of half negen alweer op mijn kamer ben. Ik heb in de laatste week meer TV gekeken dan ik de drie maanden ervoor tezamen.
“Yeosu” was mij tweede teleurstelling van deze reis. Het is een industriestad aan het water en is zeer uitgespreid. Zij ligt verspreid over het hele eiland en alleen de bergen zijn onbebouwd gebleven. Het intercitybusstation is dan ook ruim vier kilometer van mijn hotel. De stad ziet er ook erg onvriendelijk uit en overal zijn lege winkels.
Nadat ik een hotel had gevonden bekeek ik in de stad wat mijn mogelijkheden waren en die waren beperkt. Een paar kleine bezienswaardigheden in de stad en een NP een kilometer of twintig buiten de stad. Mijn plan was dus om één dag de stad te doen en één dag het park.
Een sandwich en een bakkie koffie vanuit de supermarkt was mijn ontbijt. Toen ging ik op pad naar de “Jinnamgwan”. Het is het grootste traditionele gebouw in Korea, het is 75 meter lang en 14 meter hoog en gebouwd in de 18e eeuw. Het was mooi, maar weer veel van hetzelfde. Het lopen beviel mij uitstekend ondanks dat ik weer problemen heb met mijn rechterbeen. De pijn in mijn bil is terug en zodra die verdwijnt is de pijn in mijn middelste teen weer daar.
Op weg naar “Odongdo”, een mooi eiland, kocht ik nog wat te drinken en liep in een omweg naar de dam die het eiland met het vaste land verbind. Ook hier was het geen Ooe’s of Ahh’s, ik had dit allemaal al eens gezien. De klim naar de top van de vuurtoren was een keerpunt. Ik keek eens goed om mij heen en na het zien van de 360 graden van het uitzicht nam ik een besluit. Morgen verkassen! Het is nevelig en de kust is niet bijzonder. Het waterballet op keiharde rockmuziek van Queen, “We will rock you”, maakte wel gevoelens in mij los maar die waren zeker niet waar de architect van deze attractie opgehoopt had. Later besloot ik om ook Busan maar links te laten liggen. Ik kan nog twee keer op een plaats stoppen tijdens deze reis en waarom zou ik dan niet richting Seoul gaan. Dus eenvoudig gezegd ga ik weer naar het noorden en mijn eerste stop zal een plaats zijn die “Jeonju” heet. Meer tempels en forten, dat is nu eenmaal niet anders in Korea. Lekker eten en twee flessen bier en ik zie wel hoe laat ik op pad ga. Ik heb tenslotte nog tijd genoeg.

zaterdag 9 juni 2007

Korea, twee musea en nog een fort

Gongju, 08/06/2007

Vandaag zou een rustige en eenvoudige dag worden. De twee flessen bier hadden hun werk gedaan en ik stond vandaag dus pas om tien uur op de stoep van het hotel. Dit zouden twee dagen worden die voor jullie vast niet zo opwindend zijn.
Het eerste museum was nog geen kilometer van mijn hotel dus besloot ik om maar de langere weg naar het museum te nemen. Rustig wandelde ik door het rivierenlandschap. Het leek wel een beetje op de Moezel.
Bij aankomt in het museum was het hemels rustig. Alleen een TV ploeg was er opnamen aan het maken voor de BBC. Bijna in mijn eentje liep ik door de galerijen die een expositie over een koningsgraf uit de zesde eeuw bevatte. Erg indrukwekkend! De volgende logische stop was het graf zelf, nou ja, het paviljoen waar het graf is nagebouwd. Het echte graf is meteen weer gesloten om de invloed van licht en het koolzuur in onze adem zo klein mogelijk te houden. Ook hier was het een erg indrukwekkende expositie.
Ik verkende het dorp aan de andere kant en liep rustig al genietend van deze plattelandsgemeente weer terug naar mijn hotel. Na een paar uur in deze musea was ik kapot en mijn oogjes verlangden naar slaap. Ik kneep dan ook de oogjes een uurtje dicht, ik had in deze kleine slaperige provinciestad sowieso weinig meer te doen.
Om vier uur stond ik weer buiten om het plaatselijke fort te bekijken, en om eerlijk te zijn, dit is waarschijnlijk het laatste fort dat ik op deze reis in Korea bezoek. Het wordt allemaal een beetje veel van hetzelfde. Het rondje van twee en een halve kilometer was zo gemaakt. Mijn dag zat er op, alleen nog avondeten bij mijn vaste restaurant en wat TV kijken. Morgen naar “Buyeo” waar ik meer van hetzelfde ga bekijken.

Buyeo, 09/06/2007

De busreis op zich was al een avontuur, ze zijn niet gewend aan buitenlanders en zeker niet aan Europeanen. De Toeristen Informatie kon ik niet vinden dus besloot ik om maar een foto te maken van een plattegrond op een enorm billboard langs de weg. Deze kaarten zijn nooit op schaal! De ene keer denk je, “ik ben er zo”, en dan is het drie kilometer lopen. De andere keer dank je, “ik moet even flink doorstappen”, en dan sta je binnen honderd meter voor de attractie. Het zou dus wel weer een verrassing worden wat deze wandeling mij zou brengen!
In “Buyeo” werd de dynastie van de koningen uit “Gongju” voortgezet. De hoofdstad werd om onbekende redenen verplaatst. Het museum hier was ook de moeite waard zei het dat ik alleen niet veel interesse had in al die aardewerk potjes en pannetjes die waren opgegraven. De bronzen wierookbrander was wel een kunstwerk van ongekende schoonheid. Meer dan 1400 jaar geleden gemaakt! Het was nog te vroeg om naar huis terug te keren dus keek ik nog maar eens op mijn plattegrond en bedacht dat het misschien wel leuk zo zijn om het oorlogsmonument, iedere stad en dorp heeft er één, en de vijver met het paviljoen te bezoeken. Het monument heb ik nooit gevonden en de vijver werd eerst voorbij gelopen. Ik moest terug. Dan maar eerst een “Kim Bap” eten. Ja, het bestellen is nu al uitgebreid tot vijf a zes gerechten. De Kim Bap was goed en met een voldaan gevoel ondernam ik een tweede poging om de vijver te vinden. En dat was gelukt binnen vijftien minuten.
Dat was dan Buyeo en ik kon de bus weer opzoeken voor mijn terugreis.
Op de terugweg werd er twee keer gestopt om passagiers uit te laten stappen. Toen ik vlak bij mijn hotel was vroeg ik ook of hij wilde stoppen. Helaas mocht hij niet binnen de stadsgrenzen stoppen en ik moest mee naar het busstation aan de overkant van de rivier. Nou ja, het was niet anders en het was tenslotte ook een plezierige wandeling naar het hotel.
Na mijn avondeten kocht ik weer twee koude flessen bier en mijn plan was om na die twee flessen onder de dekens te kruipen. Om half elf was ik bijna klaar om te gaan slapen. Het meeste was al gepakt dus zou ik morgenvroeg zo klaar zijn. Als het programma op het “Discovery Channel” was afgelopen ging het licht uit. Helaas bleek ik om kwart voor elf in “Love Hotel” te slapen. Links en rechts van mij werd er geschreeuwd en gekreund en ook het ritmisch bonken van het hoofdeind van het bed tegen de muur was overal in het hotel goed te horen. Uit ervaring sprekend duurt dit geen uren! Een half uurtje zou al een flinke prestatie zijn. En ik zat er niet ver vanaf. Het hoofdkussen werd opgeschud en ik maakte me gereed om te gaan slapen. En daar begon om kwart over elf in het restaurant recht tegenover een dronken Koreaan karaoke te zingen. Binnen vijf minuten werd het een duet met een vrouw. Het klonk zo hard dat ik er zeker van ben dat ze in het restaurant gehoorbeschermers droegen. Ik vroeg mezelf hard op af wanneer ze zouden sluiten. Ervaring had ik hier niet mee want ik ben nog niet op pad geweest in Korea. Twaalf uur? Half één? Uiteindelijk werd het tien over één toen de dronken Frank Sinatra, hij eindigde met “My Way” in het Koreaans, de microfoon neerlegde.
Wat ik nog het ergste had gevonden was dat ik geen bier meer had aan het einde van de avond. Morgen dus maar een uurtje later op pad. Ik ga nu naar een plaats aan de zee, Yeosu. Een verandering in landschap.

donderdag 7 juni 2007

Korea, geen blanke te bekennen

Gongju, 07/06/2007

Ik werd om kwart over vijf wakker van het eerste zonlicht dat door de kieren van de gordijnen naar binnen drong. Ik was moe en ik moest nodig naar het toilet. De overblijfselen van de twee flessen bier moesten er uit. Twee flessen, twee liter, twee plastic literflessen “Hite Pitcher”. Man, dat was lekker.
Maar nu, een uur of zeven later voelde ik me geradbraakt. Ik was echt moe. Dit was dag veertien van mijn reis en misschien moest ik maar een rustdag inlassen. Het denken aan een rustdag was genoeg om weer op te staan en door te gaan. Ik rust wel uit als ik weer thuis ben.
Snel mijn weinige spullen die ik nodig had weer gepakt en naar beneden. De receptie was leeg dus liet ik mijn sleutel achter op de balie en vertrok. Ik schonk nog snel een kopje koffie in voor mijzelf en mijn eerste stop was de “Family Mart” waar ik proviand in sloeg voor de dag. Snel had ik berekend hoe laat ik in “Gongju” zou arriveren. Half twee vanmiddag was de gok. Sandwiches, rijstdriehoekjes en cola light. Ik zou de dag wel doorkomen.
Over de reis kan ik weinig vertellen, alles ging van een leien dakje. En om iets over één uur stopte de bus in “Gongju”. Dat was natuurlijk aan de andere kant van de rivier en ik moest eerst nog een kilometer of twee lopen met de rugzak. Dat was een genot, na twee dagen in de bus was ik blij dat de benen weer wat werk hadden.
Aan de andere kant was een hotel zo gevonden, en het werd alleen maar beter. Ook hier had ik een computer met internet gratis op mijn kamer. (Je zou dit perfect vinden Kris) Snel de netwerkkabel in mijn laptop en ik was on-line. Na een uurtje of twee schrijven vond ik het genoeg en ging de stad in om wat boodschappen te doen. Fruit, ontbijt voor morgen en twee flessen bier.
Nog een verhaal geschreven en toen werd het tijd voor fatsoenlijk eten, de LP had het over een “Bulgogi” restaurant. Dat was moeilijker te vinden dan het leek maar toen ik het uiteindelijk had gevonden was de beloning groot. Het eten was fantastisch, ik had alleen pech dat ik mijn laatste stukje rundvlees in mijn bouillon liet vallen. Een grote plons was het resultaat en mijn schone shirt had een gratis panter desing opgebouwd uit vette bouillon. Morgen gaat er toch een berg in de was dus het viel wel mee.
De wandeling om het eten te laten zakken voerde mij door de hoofdstraat, de zijstraten waren erg donker en onaantrekkelijk. Ik hoorde een doffe klap en was getuige van een aanrijding. Benieuwd naar wat er zou gaan gebeuren postte ik mijzelf op het trottoir. De schuldige stapte uit en maakte een diepe buiging naar het slachtoffer. Waarschijnlijk verontschuldigde hij zich, ik kon het helaas niet verstaan. Als ik dan de Nederlandse kranten lees besef ik pas goed hoe fout het in Nederland is gegaan. De heren politici moeten maar eens zelf naar een ander land om te kijken hoe het ook kan. Na een tweede dag niets gedaan te hebben maakte ik een einde er aan door mijn derde verhaal te schrijven. Ik ben nu bij en jullie kunnen die verhalen deze week verwachten.
Twee weken ik Korea:
Hele kleine handdoekjes
Ik heb nog nooit zoveel christelijke kerken gezien!
Als je geen Koreaans kan lezen dan heb je geen idee wat ze in dat restaurant verkopen!
Menu’s zonder prijzen!
Vaak zijn de gerechten voor twee personen
Gratis water en bijgerechten zoveel je kan eten en drinken
Twee dagen zonder een blanke te hebben gezien!
Welterusten.
Copyright/Disclaimer