
Singapore (Onbekend hotel aan Kitchener Road), maandag 6 december 2004
Het waren enkele mooie dagen met Simon in Singapore maar het waren geen spectaculaire dagen sinds we daar donderdag zijn aangekomen. Singapore loopt niet over van de wereldwonderen maar haar cultuur is zeker voor Zuidoost-Azië bijzonder. De president van Singapore, Lee Kwan Yew, is de architect en dirigent van de kleine stadstaat sinds de onafhankelijkheid van Maleisië in 1965.
Onder het bewind van Lee Kuan Yew groeide Singapore van een arm derdewereldland uit tot een van de meest welvarende landen ter wereld. Lee introduceerde de vrije markteconomie, maar zorgde er wel voor dat de Singaporese regering de economie goed kon controleren.
In 1966 won Lees PAP alle parlementszetels en werd de oppositie (de Socialistische Partij) monddood gemaakt. Bij alle daaropvolgende verkiezingen bleef de PAP de grootste partij in het parlement. Linkse leden binnen de PAP werden uit de partij gezet en vervangen door aanhangers van Kuan Yew. Pas in 1984 lukte het de oppositie om weer zetels in het parlement te veroveren.
Lee, een overtuigd anticommunist, liet vanaf de jaren zeventig iedereen met linkse sympathieën gevangenzetten en door zijn krachtig, soms dictatoriaal optreden, liet hij duidelijk zien dat hij de touwtjes in handen had.
Simon en ik zwerven overdag door de schone veilige straten van Singapore. Helaas worden de meeste maaltijden uit de verschillende keukens die Singapore ons aanbied niet ècht door Simon op prijs gesteld. Dat valt me eerlijk gezegd toch wel wat van hem tegen. Ik ging er helemaal van uit dat Simon de verschillende keukens van Singapore op prijs zou stellen. De absolute uitersten van de Chinese, Indiase en Maleisische keukens maken het voor mij een culinair paradijs. Het bier drinken in een van de vele overdekte en geairconditioneerde foodcourts kan zijn goedkeuring ook moeilijk wegdragen terwijl ik me daar als een vis in het water voel.
Ik ben bang dat ik weet wat hij mist! Zijn gemis is voor mij geen probleem maar we zijn nu eenmaal niet in Thailand. De omgang met vrouwen in de ontwikkelde landen in Zuidoost-Azië is nu eenmaal heel anders.
Ik kan voor de vrijdagavond niets anders bedenken dan een paar biertjes in de “Penny Black”, genoemd naar een belangrijke Britse postzegel, en “Harry’s”, een Jazz bar die niet voor iedereen een leuke plaats is om wat te drinken. De vrijdagavond is een avond dat veel expats na hun werk wat gaan drinken en dat leid meestal tot bijzondere ontmoetingen. Ik ga wel zien wat Simon ervan denkt.
Op weg naar “Boat Quay” passeren we langs “Hill Street” een tafereel van een typisch Chinees gebruik. De eigenaar van deze fietstaxi heeft zijn shirts gewassen en deze hangen te drogen op de achterkant van de zijspan die aan zijn fiets is bevestigd. De zijspan combinatie staat onder een brede luifel geparkeerd zodat die droog blijft mocht het gaan regenen.
De serveersters in de “Penny Black” zijn natuurlijk van een andere kwaliteit, mentaliteit, en uit een heel andere wereld dan in Bangkok. Het duurt niet lang totdat Simon begrijpt dat niet iedere vrouw in deze bar te koop is. In de moderne materialistische wereld van Singapore gelden er andere regels dan alleen financiële. Gelukkig accepteert Simon dat zonder enig probleem en begrijpt hij ook zelf dat dit een heel andere wereld is. Jammer genoeg sluit hij zijn ogen weer wanneer deze mooie foto van ons tweeën door een van de twee sexy serveersters wordt genomen.Na een geslaagde en gezellige vrijdagavond vraagt Simon om een taxi terug naar ons hotel. Gelukkig heb ik niet veel overredingskracht nodig om hem uit te leggen dat de bussen in Singapore ’s nachts net zo goed, net zo snel, maar veel goedkoper als de taxi’s zijn in Singapore. Het was een leuke vrijdagavond samen en ik heb me goed vermaakt. Een laatste grote Tiger Beer met enkele Chinezen in het koffiehuis onder het hotel en dan naar bed. Simon slaat mijn aanbod af en gaat meteen naar bed.
Op de zaterdagochtend wil mijn reismaatje op zoek naar een ontbijt dat hij herkend. Dat is een nieuw probleem voor mij want een èchte reiziger eet wat hij te pakken kan krijgen. Beter een slecht ontbijt dan geen ontbijt! Kieskeurigheid is onbekend onder de èchte rugzakartiesten! Zodra ik het Indiase ontbijtbuffet om de hoek opper haalt Simon met een vies gezicht zijn neus op.
‘Wat denk je van een broodje gebakken ei met een plat worstje van de gouden bogen?’
Ook nu rollen Simons ogen in hun kassen. Het is me duidelijk wat er aan de hand is. Simon heeft een kater en moet langzaam herstellen anders haalt hij het einde van het weekend niet. We gaan uiteindelijk naar een 7-11 om de hoek waar ik enkele sandwiches met een twijfelachtig op een worst lijkend beleg voor ons koop. De twee bekertjes koffie uit een automaat maken dit on-Singaporese ontbijt compleet. Met enig medelijden kijk ik hoe Simon zich door de sneetjes brood worstelt.
Ik weet dat we een heel lange dag voor ons hebben want Simon heeft eigenlijk nergens zin in en hij heeft maar een ding in zijn gedachten: HERSTELLEN VOOR VANAVOND!
Het duurt niet lang totdat we afscheid van elkaar nemen en Simon zijn bed opzoekt. Een afspraak voor een gezamenlijke lunch is ook niet aan de orde van de dag dus laat ik hem achter in het hotel en ik ga mijn eigen ding doen. Afwachten of Simon hersteld is het enige dat mij rest.
Een dag alleen in Singapore is voor mij geen straf! Ik bezoek bekende plaatsen, groet oude vrienden en eet gerechten in restaurants waar ik ondertussen kind aan huis lijk. Het zweet stroomt uit mijn poriën in de vochtige warme lucht onder een tropische zon.
Bij terugkomst in het hotel klop ik op de deur van Simon’s kamer en na enkele momenten staat mijn vriend in de deuropening. Hij ziet er een stuk beter uit dan toen ik vanochtend afscheid van hem nam. Er verschijnt zelfs een voorzichtige glimlach op zijn gezicht!
‘Effe douchen en dan gaan we eten en bier drinken!’, vertel ik hem.
Hij haalt zijn wenkbrauwen op en sluit de deur. Ik weet nog steeds niet goed wat ik nog met hem aanmoet. Was het wel een goed idee om hem mee naar Singapore te nemen? Met enige voorbedachte rade neem ik meer tijd dan ik nodig heb om te douchen en neem zelfs wat tijd om te rusten. De wifi van het “Tai Hoe Hotel” aan de overkant van de straat werkt nog steeds met het wachtwoord dat ik heb van mijn vorig bezoek!
Simon is al klaar wanneer ik op de deur klop en samen lopen we de trap af terwijl er meisjes met klanten de trappen op komen. Er wordt naar elkaar gelonkt.
We gaan niet ver voor de avondmaaltijd. Het koffiehuis onder het hotel is voldoende voor mij en de zwoele avondlucht lijkt Simon nog meer op te klaren. Na een paar flessen bier en een eenvoudige “Mee Goreng” lijkt Simon enigszins hersteld. We gaan naar “Boat Quay”, een van de uitgaanscentra van Singapore.
De zaterdagavond staat in de “Penny Black” altijd in het teken van het Engelse voetbal. De fans van Liverpool, uitgedost in voetbalshirts en zwaaiend met vlaggen, hebben de bar overgenomen voor de uitwedstrijd tegen Aston Villa. Het is voor mij een leuke gezellige avond maar ik weet maar al te goed waar Simon naar uitkijkt.Na drie gezellige avonden in Singapore kom ik er niet meer onderuit. Simon wil graag naar de “Orchard Towers”. Een kantoorgebouw aan Orchard Road met op de eerste verdieping, de begane grond, winkels en op de tweede tot en met de vijfde verdieping een uitgaansgebied voor mannen. De bars op die verdiepingen worden bevolkt door vrouwelijke freelancers die hun diensten voor een snelle middag of een hele nacht openlijk aanbieden. Het uitgaanscentrum heeft de beruchte bijnaam gekregen: “Four Floors of Whores”.
Dat er iets bijzonders gebeurt in de enorme grijze betonnen toren is meteen duidelijk zodra we voor de lift staan te wachten. Enkele Chinese zwaargewichten monsteren de mannen die met de lift omhoog willen. Ik knik uit respect naar een goedgeklede afgetrainde Chinees. Hij knikt terug met een vriendelijke glimlach op zijn gezicht. Het ijs lijkt gebroken, niet veel later stappen Simon en ik met een handvol andere mannen in de lift. Officieel is er geen prostitutie in Singapore maar het oudste beroep op aarde is niet uit roeien door de politiek die er zelf hoogstwaarschijnlijk ook graag gebruik van maakt!
Wij zijn op onbekend terrein maar Simon lijkt in zijn element. Wat houden die vier verdiepingen nu precies in? We hoeven niet lang te wachten voordat een praatzieke dronken Engelsman ons komt vertellen wat hier om ons heen allemaal gebeurd en wat ons te wachten staat. Op elke verdieping zijn er meisjes uit verschillende landen in Zuidoost-Azië. Er is een Chinese, een Indonesische, een Thaise en een Filipijnse verdieping. Alle smaken voor de mannelijke gasten lijken vertegenwoordigd. Tot mijn grote verbazing wil Simon eerst naar de Thaise verdieping!
Zodra de deuren van de lift zich op de Thaise verdieping openen ben ik enigszins verbaasd. Ik weet niet wat ik eigenlijk verwachtte maar de ruimte voor ons ligt ergens tussen een gang en een hal. Opnieuw staan er goed geklede en afgetrainde Chinezen het mannelijke publiek de observeren. Dit is zeker niet de juiste plaats om je te misdragen!
Mijn oog valt meteen op een lichtreclame met de naam “Bonanza Bar”. Ik weet dat de Thai gek zijn op “Country & Western” en dat ze zelfs hun eigen Thaise “Country & Western” muziek hebben ontwikkeld. Mijn gedachten dwalen voor een moment af naar een bar in Kanchanaburi waar ik graag een biertje dronk met de oude Thaise hertjes terwijl er Thaise Country &Western muziek op de achtergrond speelde. Tegelijkertijd leid ik Simon, zonder dat hij het zelf doorheeft, naar de opvallende klapdeuren zoals ik me die herinner van de Saloons in de oude Westers series en films.
Eenmaal in de Bonanza Bar zijn we omringt door de vrouwelijke Thaise jeugd, Thaise belegenheid en de bekende valse Thaise glimlach. Het voelt een beetje als “Pat Pong” in Bangkok maar het is toch heel anders. Ik kijk voorzichtig om me heen en voel me van alle kanten bekeken. Zo recht als mogelijk lopen we richting de bar en daar krijgt Simon de schok van zijn leven.
Simon besteld zonder enige schroom twee flesjes Heineken bier en de schaars geklede dame achter de bar vraagt Simon met een brede glimlach om veertig Singapore Dollar. Simon kijkt haar aan, kijkt mij aan, kijkt haar weer aan en schud zijn hoofd. Dat is bijna negen euro voor een klein flesje Heineken!
We zoeken een plaatsje aan een van de kleine muurtafeltjes en met mijn rug tegen de muur voel ik me een stuk meer op mijn gemak in deze onbekende bar. Gevaar komt vaak in de rug. Simon is stil als een kerkmuis en observeert alles om ons heen. Zijn gedachten laten zich raden maar ik denk niet dat ik het precies weet waar hij aan denkt. De vrouwen zijn allemaal Thai om ons heen, daar is absoluut geen twijfel over. Ik breek de stilte open een begin een gesprek met Simon. De avond in stilte doorbrengen is niet mijn ding.
‘Weet je Simon? Weet je wat bijzonder zou zijn?’, hij kijkt me aan met glazige ogen zonder een sprankje licht alsof er niemand thuis is.
‘Wat?’
‘Wanneer er nu iemand hier binnen zou lopen die een van ons twee, of allebei, herkend uit Pattaya.’
Hij kijkt me opnieuw aan met een blik in zijn ogen die ik niet kan thuisbrengen. Wanneer mijn woorden door zijn hersenen zijn verwerkt begint hij te glimlachen.
Nog voordat hij een woord kan uitbrengen hoor ik vanuit de verte een scherpe stem mijn scheldnaam uit Pattaya roepen: ‘Johnnie!’
Simon en ik kijken tegelijk verbaasd in de richting waar de kreet vandaan komt. Onze ogen gaan nog verder open wanneer wij een ladyboy herkennen uit een bar niet ver van “Luck Bar 1” in Pattaya. Hij zwaait verlegen in onze richting en geeft een knipoog dat we zijn ware identiteit niet bekend mogen maken.
Ik wenk hem over en kan mijn ogen niet geloven. We zijn in Singapore en ontmoeten een “kathoey” die we kennen uit Pattaya. Ik omhels hem en knuffel hem uitbundig. Daarna loop ik naar de bar voor drie biertjes. Ik moet voorkomen dat ik misschien een prijzige ladydrink, het verdienmodel van een meisjesbar, voor hem moet kopen. Simon blijft vertwijfeld achter met onze getransformeerde vriend aan de tafel. Wanneer ik terug kom zitten Simon en de ladyboy in het niets te staren. We toasten op een mooie avond en een weerzien in Pattaya. Er broeit iets in Simon en zodra ik mijn laatste slok naar binnen heb gewerkt komt de aap uit de mouw.
Simon wil graag naar een andere verdieping van de “Orchard Towers”. In de lift voel ik me in de “TARDIS” of in een lift aan boord van de “USS Enterprise” uit de serie “Star Trek”. De Chinese verdieping is zeker niet ons ding! Wij worden nog meer bekeken dan de vrouwen. We verplaatsen ons naar de Indonesische verdieping en ook daar zijn de dames zeer belegen en lijken de mannelijke gasten zelfs van een andere planeet.

Simon kiest een bar uit op zijn gevoel en zodra we binnen zijn beginnen de meisjes uit de Filipijnen ons te omsingelen als gieren om een karkas. Het sfeer is hier heel anders want de inwoners van de Filipijnen zijn over het algemeen niet Aziatisch maar Polynesisch.Alle legendes dat ze er anders uitzien dan een Aziaat is veroorzaakt door de Spaanse bezetters is natuurlijk een lachertje. Dat de ruim honderd miljoen inwoners van de Filipijnen bijna allemaal afstammen van enkele duizenden Spaanse matrozen, handelaren en ambtenaren is niet aannemelijk.
Simon heeft zijn keuze snel gemaakt en hij zit op hete kolen. Haar vriendin is aandoenlijk maar ik ga liever nog wat drinken in een van de ontelbare koffiehuizen die er in Singapore zijn. We nemen op het trottoir voor de “Orchard Towers” afscheid van elkaar en ik kijk hoe de taxi met Simon en zijn verovering in het straatbeeld oplost. Mijn avond eindigt een stuk rustiger dan die van mijn vriend Simon.
Het ontbijt van “Chole masala”, kikkererwten in een tomaten kerrie, twee gebakken eieren en een paar sneden geroosterd brood voor 4,95 SGD (€ 3,10), met onbeperkt vers gezette koffie, op deze maandagochtend smaakt mij uitstekend. Terwijl ik door de “Straight Times” blader vraag ik me af hoe Simon door de late avond en de afgelopen nacht is gekomen.
De Filipijnse vriendin van Simon heeft zichtbaar minder geleden de afgelopen nacht dan Simon. Ze lacht me vriendelijk en dankbaar toe. Ze is al gedoucht en aangekleed terwijl Simon nog grauw als een dweil met een handdoek om zijn middel geknoopt door de hotelkamer rondloopt. Simon stopt haar een pakketje bankbiljetten toe en neemt zonder enige emotie afscheid. Het is tenslotte niets meer dan een zakelijke transactie geweest.
‘Ik haal je over een half uur op voor het ontbijt, is dat goed?’, Simon kijkt verbaasd om zich heen terwijl ik de kamerdeur achter mij in het slot trek.
Ik voel meteen dat er vandaag weinig van wandelen komt dus gaan we met de ondergrondse trein naar “Boat Quay”. Er mag absoluut niet worden gegeten in de MRT-stations in Singapore, daar staan ook serieuze straffen op, dus wacht ik rustig in de schaduw tot Simon zich door de twee witte boterhammen met een klein flesje sinaasappelsap heeft geworsteld. Met lange tanden probeert mijn vriend een sandwich als ontbijt naar binnen te werken. We zijn weer bij de 7-11 geweest waar ik een flesje 100 Plus heb gekocht om mijn elektrolyten weer aan te vullen. Bier drinken en veel zweten is in de tropen een aanslag op je mineralen huishouding in je lichaam.
De warme vochtige deken die over Singapore ligt lijkt Simon langzaam te wurgen en knijpt al het vocht uit zijn lichaam. De helft van het broodje verdwijnt uiteindelijk in een vuilnisbak en ik kijk met medelijden naar mijn reisgenoot.

Laat Simon nu niet de man zijn die gek is op iconische bezienswaardigheden. Ik loods hem langs enkele bekende plaatsen aan de Singapore rivier en de foto met de “Merlion” mag natuurlijk niet in het vakantiealbum ontbreken.
Een stevige beker koffie met een Muffin met blauwe bessen gaat er bij mij altijd in. Simon worstelt met zijn lichaam en zijn gevoelens. In de koelte in de “The Coffee Bean & Tea Leaf“ van het “Raffles City Shopping Centre” trekt Simon een beetje bij. Ik weet dat deze laatste dag in Singapore voor een uur in de middag al ten einde is. En zo zij het!We gaan terug richting het hotel omdat de koelte van de airconditioning blijft lonken. De stilte tussen ons voelt vreemd aan. Zelf ga ik nog even rondkijken in Mustafa en rond vier uur wordt het tijd voor mij om de laatste sessie te beginnen in het koffiehuis onder het hotel.
We eten samen gelukkig nog wel een eenvoudige avondmaaltijd maar mijn maatje gaat al weer snel naar boven. Morgen vliegen we rond de middag terug naar Bangkok waar ons gewone leven in Pattaya weer wacht. Ik drink nog een laatste grote “Tiger Beer”en tel mijn zegeningen, het was een heel vochtig weekend in Singapore.





































