woensdag 21 juli 2010

Thailand, inkorten en omrijden

Non Din Daeng (Non Thong Hotel)

Nu het einddoel was bereikt en we hadden bezichtigd wat we wilden zien veranderde de instelling van de motortrip. Eigenlijk wilden we gewoon weer terug naar Pattaya. De terugreis werd ingekort van vier naar drie dagen om verschillende redenen. We hadden genoeg van de regen en we wilden niet op een vrijdagavond in Chantaburi zijn. Chantaburi is namelijk vol in het weekend. De edelsteenmarkt trekt veel bezoekers en handelaars dus de hotels zitten dan altijd vol.

Na een kort overleg waren we het samen eens en ik had al een andere route op de computer uitgestippeld. Maar het werd nog beter! We namen de kortste weg naar Kantharalak en vandaar gingen we verder op de route die ik eerder deze week had uitgezet. En het was weer een mooie rit. Geloof het of niet maar we leren elke dag weer nieuwe dingen die we de volgende anders doen of zaken die we zeker niet meer veranderen.

We reden over stille wegen en genoten van een drankje hier en daar. Maar aan het einde hielden we het opnieuw niet droog. Het water stond weer in mijn schoenen en die gaan de volgende keer zeker niet meer mee! We zouden overnachten in een gehucht dat zeker twee hotels bezat, althans volgens de Garmin kaart. We hadden al eerder meegemaakt dat de hotels niet meer bestonden of zelfs onvindbaar waren.

Hier ging het goed. Het eerste hotel was een echte Thaise topper! Het leek nog het meest op een rij stallen zonder ramen. Jack nam nog de moeite om binnen in de kamer te gaan kijken en keurde het niet af. Het was zelfs “best goed” vond hij. Met de eerste druppels regen, van de bui in aantocht, op mijn overhemd reden we naar de tweede optie. En die keurden we allebei goed dus daar werd er overnacht. Eerst een koud biertje en wat relaxen, dan een koude douche en op zoek naar avondeten. Restaurant zijn er dun gezaaid dus belandden we op een markt naast de snelweg die dwars door het dorp loopt. De “Pad Thai” was van fenominabele kwaliteit met zelfs inktvis en garnalen er op!

Een ijsje toe en naar bed, nog één nacht in een vreemd hotel en dan zijn we weer in Pattaya.

dinsdag 20 juli 2010

Thailand, ‘ze smelten de kaarsen!’

Ubon Ratchathani (Padaeng Mansion)

Om zeven uur stond ik naast mijn bed en voor het eerst deze vakantie ging ook meteen de TV aan. Het wereldnieuws op CNN bracht de gebruikelijke rampen en oorlogen. Als je zo onderweg bent met de motor vergeet je de tijd en het lijkt ook dat de tijd stil staat. Er is voor even geen buitenwereld vol onnodige consumptieve verleidingen. Het is puur en zonder zorgen.
We zouden eerst op de motor een paar tempels aan de buitenkant van de stad bezoeken en daarna de laatste tempels rond ons hotel te voet doen. De stoffige en drukke stad was een heel ander beeld dan dat we de laatste dagen hadden gezien. Maar hier kwamen we voor! Het “Ubon Ratchatani Wax Festival”. In de tempels worden praalwagens gebouwd uit kaarsvet. Niet van dat goedkope spul zoals in de waxine lichtjes van de Blokker maar echte bijenwas! Dat spul is ook bij temperaturen van rond de veertig graden Celsius nog zo hard als een steen.
Ook hier geld dat de foto’s het verhaal moeten doen.

Wat Nong Plapak


Wat Phrathat Nong Bua


Wat Tha Wang Hin


En man, wat is het heet hier in die uithoek van Thailand. Je hoort vaak, sterk overdreven, verhalen over temperaturen van over de veertig graden maar het is moeilijk voor te stellen hoe heet dat is bij een luchtvochtigheid van bijna 98%. Ik voelde me langzaam afglijden en ook een korte verkoeling in een 7-11 kon het ongemakkelijke gevoel niet bij me wegnemen. Jack begreep het allemaal en na drie tempels gingen we richting hotel om in de koelte van de hotelkamer de hete middagzon te vergeten.
Aan het einde van de middag liepen we er nog even uit maar we konden geen praalwagens meer vinden. In een park was er een festival aan de gang waar we nog even op de rand van een stoep neervielen om de voorbij lopende massa te observeren. Maar het leek wel of wij de attractie van de dag waren.

De hitte van vanochtend was me teveel geweest en ik had eigenlijk helemaal geen zin in eten. Met de gedachte van gisteren in mijn achterhoofd dwong ik mezelf om toch maar wat te eten!
‘Je moet nu eenmaal eten!’
Met lange tanden gingen de stukjes kip en groente naar binnen, samen met een flesje water want ik had echt geen trek in een koud biertje.

Morgen beginnen we aan de terugtocht!

Thailand, mijn 10.000ste foto met de Nikon D700

Ubon Ratchathani (Padaeng Mansion)

Vandaag heb ik dus mijn 10.000ste foto met de Nikon D700 geschoten. Op zich is het niet erg bijzonder want hij moet gemakkelijk 150.000 foto's kunnen maken. Maar ik heb het in minder dan een jaar gedaan en met een daggemiddelde van bij 38 foto's. En dat is niet slecht voor een serieuze amateur. Eerlijkheid gebied wel om te vermelden dat mijn lens wat kuren begint te vertonen. Ik ben benieuwd wat Alvin van YL Camera hiervan zal zeggen.

Copyright/Disclaimer