donderdag 1 mei 2008

Nederland, groenwitte herinneringen deel 2

Zaltbommel, 01/05/2008

Nadat ik na een zeer korte periode, ongeveer twee jaar, bij vv Zaltbommel in de D-jeugd had gevoetbald ontdekte ik de meisjes en het kussen. Dat vond ik veel leuker dan voetbal en mijn sportcarrière kwam abrupt tot een einde. Ik had ook geen tijd meer voor sport want mijn tijd werd verdeeld tussen school, werken en uitgaan. Ik kwam voor de tweede keer in mijn leven in contact met de voetbalvereniging toen ik uit militaire dienst was ontslagen. De veertien maanden, waarvan twaalf in Duitsland, hadden mijn sociale leven op zijn kop gezet want "uit het oog is uit het hart" klopt inderdaad.
Ik had de draad van een normaal leven weer opgepakt en was opnieuw aan het werk bij Structon, een onderhoudsbedrijf dat uitsluitend werkte voor de Nederlandse Spoorwegen. Mijn eerste flatje was een feit en omdat ik de jongste en enige was met een rijbewijs werd ik door ziekte van de reguliere chauffeur gepromoveerd tot chauffeur van de werkploeg. Een knalgele volkswagenbus werd mijn koets. Omdat ik natuurlijk regelmatig in het café kwam werd ik door een vriend, Aak van Hees, gevraagd of ik geen trek had om jeugdleider/chauffeur te worden bij vv Zaltbommel.
Na een korte bedenktijd zei ik ja op de vraag en kwam dus opnieuw aan de oude Bosscheweg op bezoek. Arie Apeldoorn was de jeugdvoorzitter en na een overleg werd ik met goedkeuring van allen aan de jongste voetballers gekoppeld en wel de F-jeugd. De andere leider was een bekende van vroeger, Bart van Hees, zijn familie had altijd bij ons om de hoek gewoond in de regulierstraat.

Ik deed het met veel plezier op de zaterdag en het hield me in ieder geval uit de kroeg. Van het één kwam het ander en het duurde niet lang totdat ik door Cor Groeneveld, beter bekend als Paco, werd gevraagd of ik misschien interesse had om de A-jeugd te rijden naar de uitwedstrijden. Ik hoefde hier niet zo lang over na te denken want de A-jeugd was een goedvoetballende machine die alle kansen had om kampioen te worden. Ik had tijd genoeg en een broodje hamburger en een bak patat was voldoende als maaltijd tussen de wedstrijden door. De A-jeugd was een begaafde groep met jongens als Kees Schutterhoef, Wim Ronka, Adrie Groeneveld, Fred Rombeek, Marcel de Geest om er maar een paar te noemen. Een mooie tijd was het, mooi voetbal, af en toe lekker doorzakken met het jeugdbestuur en grote internationale jeugdtoernooien met deelnemers uit Frankrijk, België, Engeland en Schotland.
Het duurde niet lang voordat mijn actieve voetbalcarrière ook een vervolg kreeg, maar daarover vertel ik een volgende keer.

PS. mocht één van jullie een foto hebben van het A-elftal uit mijn verhaal dan zou ik daar graag een kopie van ontvangen per e-mail zodat ik hem bij het verhaal kan plaatsen.

dinsdag 22 april 2008

Hong Kong, zondag is rustdag, ook als hij op dinsdag valt

Hong Kong, 22/04/2008

Mijn laatste dag in deze wereldstad. Ik ben moe, heel moe. Ik heb een hele slechte nacht achter de rug omdat er gisteren een groep Engelsen was gearriveerd die de zaak compleet overnamen en zonder aan de anderen te denken aan de slag gingen. Luide muziek en gepraat in de keuken met als resultaat dat iedereen vroeg naar bed ging met de oordoppen in.
Gelukkig waren ze al vertrokken toen ik vanochtend wakker werd met pijn in mijn oren van de gele sponsige oordoppen. Het kaartje voor de bus van negen uur werd snel opgehaald en in de keuken heerste er een fijne drukte. Gratis jam en pindakaas want de Australiërs uit Perth zouden vanavond vertrekken. Een harig stuk ongedierte had mijn laatste twee boterhammen aangevreten zodat deze direct in de prullenbak verdwenen. De twee nieuwe, gratis van de Australiërs, met pindakaas smaakten heerlijk. Samen met het kopje (oplos)koffie was het een aangename verandering voor de start van de dag.
Wat was de grootste verandering vandaag? Ik zou niet gaan lopen! Zondag is een rustdag, ook als die op een dinsdag valt. Het vreemde gevoel zat nog steeds onder mijn huid en daar zou de laatste dag geen verandering in kunnen brengen. Bij de McDonalds nam het ontbijt wat langer in beslag als normaal en ik liet de afgelopen twee weken nog eens de revue passeren. Ik had zo mijn twijfels of ik hier nog wel eens zou terugkeren. Was het de locatie van het YHA? Was het omdat ik niet in de stad sliep? Viel het tegen omdat Macau zo’n succes was? Ik weet het niet, er zweefden een honderd vragen door mijn hoofd waarop ik geen antwoord kon vinden.
Victoria Peak zou het vandaag voor mij moeten doen net als tien jaar geleden. Wat gaat de tijd snel als je ouder wordt! Opnieuw, en nu vermeld ik het voor de laatste keer, stond de weg naar de Peak Tram heel slecht aangegeven. Er was een modern en lelijk gebouw boven het station gebouwd en dat ontnam het zicht op het perron vanwaar de tram het steile traject zou beginnen. Met wel honderd andere toeristen maakte ik de reis naar boven en ik was in gedachten verzonken over de Madam Taussaud boven op de peak. Er was een combinatieticket te koop aangeboden maar nergens stonden de prijzen afzonderlijk en dat maakte het toch wel moeilijk om te beslissen wat in je voordeel was.

Het weer was gelukkig opgeklaard en het zicht over de haven was veel beter dan de afgelopen week. Langzaam slenterde ik rond en bekeek het winkelcentrum dat achter het tramgebouw was gebouwd. In het begin van de week was mijn plan geweest om naar beneden te lopen maar omdat ik zo moe was had ik er van afgezien. Gelukkig maar want er waren weer geen borden te vinden die ook maar een beetje de richting aangaven.

Tijdens de rit naar beneden had ik weer het gevoel dat ik er klaar voor was om richting mijn volgende bestemming te gaan. Het al mijn laatste dag en ik had niet echt veel zin om nog wat te doen vandaag. Het was pas één uur toen ik weer onder aan de heuvel stond, dus moest ik nog wat doen en mijn keuze viel op een retourtje met de Star Ferry naar Kowloon waar ik het Hong Kong Museum maar eens zou gaan bezoeken. Gelukkig bleek daar ook een interessante tentoonstelling te zijn uitgestald, Chinees porselein, natuurlijk ook in verband met de naderende olympische spelen in Beijing.
De tijd kroop tergend langzaam en ik telde de minuten terwijl ik mijn trip analyseerde op een stoel bij de McDonald’s, McCafé deze keer om precies te zijn. Het antwoord van de hamburgerkoning op het succes van de bedrijven zoals Starbucks en the LeaLeaf and CoffeBean. Het was een leuke trip geweest en zeker Macau was een tweede bezoek waard. Hong Kong is en blijft vreemd. Misschien dat ik het ooit nog een tweede kans geef wanneer ik op doorreis ben maar als bestemming zal het waarschijnlijk nooit meer worden gekozen.
De bus terug naar de jeugdherberg zat weer vol met een hoop nieuwe gezichten en dat versterkte mijn gevoel om weer verder te gaan. Douggie, Mel, Tai, allemaal aardige en bijzondere individuen die ik waarschijnlijk nooit meer zal zien of er ook maar wat van zal horen. Reizen is altijd afscheid nemen. Morgen staan we vroeg op want ik moet om half één op de luchthaven van Macau zijn.

maandag 21 april 2008

Hong Kong, een dagje op Lantau

Hong Kong, 21/04/2008

Ik had nog maar twee dagen te gaan en nog steeds het gevoel dat ik niets had gezien. Het is en blijft een vreemde plaats dat Hong Kong en helaas heb ik moeten constateren dat het allemaal niet zo leuk is als ik mij herinnerde. De op één na laatste dag zou me naar het Lantau eiland brengen. Het grootste eiland van de voormalige Britse kolonie herbergt de Chek Lap Kok Luchthaven en dat is meestal het enige wat de toeristen van dit eiland zien. Er zouden vandaag flink wat kilometers in de trein worden afgelegd en tussen die twee treinreizen zou ik een flinke wandeling maken.
De start op het eiland was dramatisch! De bewegwijzering is zo slecht dat ik er al een wandeling van bijna vijf kilometer had opzitten toen ik bij de kabelbaan arriveerde. Mijn startpunt was nog geen tweehonderd meter om de hoek van de kabelbaan geweest! Het is niet anders. De rit met de kabelbaan was van ongekende schoonheid en ik dacht voor een moment aan de problemen die zich hier hadden voorgedaan drie weken geleden. Er was iets kapot gegaan en de veiligheidsystemen hadden ingegrepen. Sommige passagiers hadden meer dan twee uur op 50 meter hoogte boven het water in de gondel gebungeld. We klommen en klommen steeds hoger totdat we het wolkendek hadden bereikt.
Vanaf de rand van het Po Lin klooster kon ik de grote bronzen Buddha op de top van de heuvel zien staan. Vlagen laaghangende bewolking schoten langs haar heen en omhulden haar in een waas van mysterie. Het was er ook redelijk koel en na mijn flinke treinreis kon ik wel een kopje koffie gebruiken. Het Po Lin klooster mag dan wel een religieuze plaats zijn, de commercie is hier wel duidelijk doorgedrongen met een Starbucks zij aan zij met de heiligheden. De koffie met een saucijzenbroodje en de stroopwafels gaven een Nederlands tintje aan mijn korte stop.
Ik heb het al eens eerder vermeld en ik doe het nu nog een keer. De bewegwijzering hier in Hong Kong is gewoonweg slecht te noemen. Daar waar ik in Macau blindelings kon vertrouwen op de borden liep ik hier steeds verloren en verkeerd in cirkeltjes. Na drie keer vragen was ik eindelijk op het juiste pad naar beneden. Ik had ervoor gekozen om in plaats van de kabelbaan een wandelpad terug naar Tung Chung te nemen. Dit wandelpad was één lange afdaling naar het treinstation vanwaar ik weer naar Hong Kong eiland zou reizen.
Onderweg twijfelde ik nog wel een paar keer of ik wel op de juiste weg was omdat nu de wegwijzers geheel ontbraken. Toen ik na een tiental minuten het SG Davis YHA passeerde wist ik dat ik op de juiste weg was. Het was erg rustig in het park en de enige twee gezichten die ik tijdens de ruim twee uur durende afdaling tegen kwam waren medewerkers van het Nationale Park. De meeste Chinezen lopen nu eenmaal niet zo graag. Ik passeerde een paar kloosters waar geen levende ziel te bekennen was en enkele watervallen die rustig naar beneden kabbelden. Onderaan de berg stond ik weer aan de rand van de stad en op mijn GPS kon ik zien dat ik hier niet zo heel ver vandaan al had gelopen. En het kwam me ook een beetje bekend voor.
Na de treinreis terug kocht ik een magnetronmaaltijd en vier blikken bier voor de avond. De tijd was vandaag weer snel gegaan en ik had nu nog maar één dag over in Hong Kong. Ik had nog steeds dat vreemde gevoel dat ik niets had gezien in de afgelopen zes dagen. Morgen gaan we weer een lange wandeling maken.
Copyright/Disclaimer