vrijdag 27 maart 2026

Macau: Aankomst in een vreemd China

Patacas 10

Macau (Sanva Hotel (205), maandag 5 december 2011

Half vijf in de ochtend is en blijft vroeg! Maar wanneer je extra vroeg opstaat heb je wel een uur de tijd om je rustig voor te bereiden op de reis die voor je ligt. De bus van Pattaya naar het “Suvarnabhumi Airport” in Bangkok voor 200 Baht per persoon is de beste manier om op de grootste luchthaven van Thailand te komen. Een minibusje haalt je voor de deur van je hotel op en bij het verzamelpunt, het noordelijke busstation van Pattaya, stap je over op een grote touringcar. Daar kan geen taxi meer tegen op!
Casino de Lisboa Macau, of Macao, ik weet niet welke juist is, is voor velen een onbekende bestemming die de meeste mensen links laten liggen. Macau is bekend om de grote casino resorts maar het kleinere broertje van Hong Kong heeft zeker meer te bieden.
Bijna vier jaar geleden was ik hier alleen, voor de tweede keer, en nu met Lyka aan mijn zijde ga ik het allemaal nog een keer opnieuw beleven. Gisterenmiddag heb ik de foto’s van mijn vorige reis nog een keer doorgekeken en alles kwam zo weer bij me boven. Het zal deze zeven dagen in Macau dus niet al te moeilijk voor ons worden. Ik hoop wel dat het kleine restaurant waar ik bij mijn vorige bezoek zo lekker heb gegeten nog steeds open is.
Klaar voor de reisAir Asia Kip lasagnaAir AsiaAankomst in Macau Na een hobbelige vlucht boven een grijs wolkendek landen we na ruim twee uur in Macau. Het weer is grauw en het is vreemd om al die Chinezen dik ingepakt in winterkleding te zien. Op hun beurt is het vreemd om een blanke man in een korte broek en een overhemd te zien! Het is twintig graden dus we kunnen niet zeggen dat het echt koud is.
Welcome to MacauMacanese pataca Immigratie is geen probleem en ook een ATM is snel gevonden. Zes knisperende briefjes van vijfhonderd “Macause pataca” liggen op mijn hand. Maar dat blijkt uiteindelijk toch wel een probleem te zijn want in de bus naar de stad moet je gepast betalen. Alles wat je teveel geeft vervalt volgens de wet aan de busmaatschappij.
Vijftig euro voor een ritje van drie kwartier met de bus naar de stad is een beetje teveel van het goede! Dus nadat ik bij een chagrijnige geldwisselaar een briefje van vijfhonderd klein had gemaakt staan we weer bij de bushalte. Lijn 26 naar “Ponte 16”, dat is ons verteld door een haastige passagier van een andere buslijn.
UntitledOnze bedjes in het Sanva Hostel Lyka kijkt haar ogen uit wanneer ze ons hotel voor de komende zeven nachten ziet. Maar na ons avontuur in Indonesië heeft ze er geen problemen mee. Als het bed maar schoon is en het douchewater warm! In een casino stad als Macau is € 21,- per nacht natuurlijk een koopje. Twee of drie sterren hotels beginnen al snel bij de vijftig à zestig euro, en dat vindt ik nu weer een beetje overdreven. Het is tenslotte maar voor een weekje en we zullen maar weinig op de kamer zijn.
Rekening Sanva Hotel Bij het inchecken reken ik meteen maar alle nachten af en nadat we onze bagage op de kamer hebben gezet gaan we direct op pad om wat belangrijke zaken aan te schaffen die we niet in de cabine van het vliegtuig mochten vervoeren. Ik kijk eens goed om me heen en zonder te aarzelen loop ik naar de Chinese supermarkt waar ik tijdens mijn vorige bezoek menig koud biertje heb gekocht. Tandpasta, shampoo, drinkwater en koekjes verdwijnen in het mandje. We zijn nu klaar voor voor de eerste avond.
Noedels Het is ook de hoogste tijd om wat te eten. Alles wat je om je heen leest is in het Chinees dus plaatjes van de gerechten op de menukaart zijn belangrijk. Een foto van een dampend bord noedels met vlees en groente trekt mijn aandacht. Het leek er op dat het restaurant dicht was maar bij navraag worden we vriendelijk door de schoonmaakster naar één van de vier lege tafeltjes geleid. De noedels zijn buiten al vanaf het plaatje besteld en ze worden gecompleteerd met een gratis glas lauwe zwarte thee.
Na anderhalf bord noedels, want het portie is te groot voor Lyka, zit ik mutje vol en voldaan stappen we weer de nieuwe wereld binnen. Macau is niet zo heel groot en ik heb ook al snel het gevoel voor de richting weer te pakken. We slenterden rustig door de smalle straatjes die soms flink stijgen en dalen.Het kleine restaurant is ook gevonden en ik voel me een stuk beter, we zullen deze week in ieder geval niet omkomen van de honger!
De enige taak die ons voor vandaag nog rest is een verlengkabel zoeken omdat het enige stopcontact op de kamer op één meter vijfenzeventig hoog van de vloer zit. Zouden we al onze elektronica willen opladen en een kopje koffie willen zetten dan zal dat niet gemakkelijk zijn. De man van de receptie wijst me in de richting van een klein winkeltje tegenover het hotel waar ik meteen vind waar ik naar op zoek ben.
We brengen wat tijd op de toch wel vreemde kamer door. Rusten is nooit slecht. Het internet is wel van een kwaliteit dat je je email kan controleren maar veel verder dan wat propaganda en toeristische informatie kom ik niet. Dan maar de foto’s van vandaag verwerken en de eerste indrukken op het beeldscherm schrijven.
Vreemde stratenLargo de Sâo DomingosLyka bij de kerststal Het is hier in Macau ook al vroeg donker en we willen in ieder geval vanavond vroeg naar bed. Voor het avondeten hebben we nog wel tijd voor een korte wandeling! Macau is zo klein, en autoluw, dat de oude Portugese kolonie uitnodigt om ‘s avonds een heerlijke wandeling te maken in de koele avondlucht. Overal om ons heen knippert de neon verlichting, de lokroep van de ontelbare casino’s, die doen alles om je naar een casino te lokken. Maar niet voor ons vanavond, wij gaan lekker eten bij mijn bekende restaurantje.
Black Pepper Beef Noodles Opnieuw kies ik voor noedels, we zijn tenslotte in een soort van China, en deze keer zijn ze dunner en beter dan de noedels van vanmiddag, Lyka’s gebakken rijst met garnalen valt een beetje tegen en we zijn het er over eens dat we voor morgen weer een ander restaurant moeten vinden. Na het eten slenteren we in een loom tempo naar het "Grand Lisboa Casino”.
Grand Lisboa Overal waar we kijken knipperen felgekleurde lampen en neon verlichting, een oneindig vuurwerk ontstoken door elektriciteit.
Together Op de terugweg naar ons hotel maken we plannen voor morgen, maar niets is concreet. We hebben alle tijd, niets moet en alles mag. Terwijl ik dit op bed lig te schrijven horen we aan de andere kant van de dunne wand Chinees praten. Er wordt gerocheld en geschreeuwd. Het is net of ze ruzie hebben maar we weten beter. De oordoppen in en slapen, het is pas half tien maar onze eerste dag zit er op.
Groene tandpasta Er klinkt een ver gelach terwijl ik wegzak in dromenland. Wat is er aan de hand? Lyka laat me de Chinese tube met tandpasta zien. Op het eerste gezicht zie ik er niets vreemds aan maar wanneer de tandpasta op de tandenborstel zit moet ik ook lachen. De tandpasta is groen!
Lyka is bang dat ze groene tanden zal krijgen en wijst het gebruik van de tandpasta dan ook af. We kunnen de Chinese karakters op de plastic tube niet lezen maar deze gaat ongetwijfeld over de toegevoegde kruiden en extracten en de helende werking op het tandvlees die van ze uitgaat.
Zodra ik plechtig beloof dat we morgen Colgate tandpasta, de èchte witte, kopen wordt de Chinese groene tandpasta voor deze keer eenmalig gebruikt. Nogmaals een welterusten.

woensdag 25 maart 2026

Thailand: Op de brommer

De zwangere vrouw

Kanchanaburi (Mr Tee Guesthouse), zaterdag 6 januari 2007

Dit is dan eindelijk onze eerste èchte actieve dag. Het is voor mij ook lang geleden dat ik zo vroeg ben opgestaan zodat ik mezelf ook een beetje onwennig voel op dit vroege tijdstip. Henk is een persoon die alles op de klok doet!
Vroeg, of op tijd, opstaan werkt alleen als je alle drie het zelfde schema aanhoud. De een heeft ’s morgens een half uur nodig en een ander is na vijf minuten klaar om te vertrekken.
De regel vanaf deze ochtend is dat iedereen zelf zorgt voor een wekker om op tijd te zijn! We zijn niet op schoolreis zodat ik de anderen moet wekken. Ik heb dus gekozen voor het tijdstip dat je word geacht aan de ontbijttafel te zitten. Dat is het gemakkelijkst en ook het leukst, het heeft tenslotte geen nut om alleen op je kamer te blijven zitten totdat het tijd is.
Goedemorgen River Kwai Half acht aan het ontbijt is afgesproken zodat we het meeste van de dag kunnen maken. In alle rust zoeken ik een plaatsje aan een tafel op het ponton dat in de rivier de Kwai drijft. Wat is dit toch een schitterende omgeving.
Aan het ontbijt Dean is er als eerst en ik heb het idee dat ik niet veel later ben. Er staat namelijk nog geen thee of koffie op tafel. Zodra ik me bij Dean voeg komt, de nog half slapende, kok vragen wat we willen eten. Ik heb nog niet op de kaart gekeken maar ik weet uit mijn hoofd wat ze in 90% van de restaurants aan toeristen als ontbijt voorzetten.
‘Two coffee and two breakfast sunny side up’, spiegeleieren dus.
Dean kijkt me verbaasd aan en voordat hij wat kan zeggen geef ik hem al antwoord: ‘Ik heb al besteld voordat Henk er is omdat ik weet dat de kok de bestellingen een voor een bereid. In Thailand moet je meteen aan het eten beginnen wanneer het wordt geserveerd, je weet namelijk nooit wanneer het gerecht van je tafelgenoten arriveert!’
Zoals verwacht komen de twee ontbijtjes een voor een. Wij zijn al halverwege het ontbijt wanneer Henk gekreukeld aan tafel verschijnt. Voor een moment twijfel ik of hij vannacht nog op stap is geweest.
Een dronken buitenlander op een brommer is een gevaar in het verkeer waar ik niet de verantwoordelijkheid voor wil hebben! Maar nee, nog voordat hij aan tafel zit begint zijn klaagzang.
Het bed is te hard, het water is te koud, hij weet nog niet zeker of hij een brommer wil, enz., enz.
Dean en ik laten hem maar uitrazen! Persoonlijk weet ik wel wat er aan de hand is. Henk heeft een jetlag van het nachtbraken in Pattaya. De enorme verschuiving in de tijden van naar bed gaan en opstaan, in combinatie met een zeer lage alcohol inname, speelt hem duidelijk parten.
Zodra ons ontbijt wordt geserveerd kijkt hij vreemd naar mij, en naar de kok, omdat hij niets krijgt geserveerd. Hij is meteen helemaal van slag! Ik moet hem zelfs aansporen om de weglopende ober te roepen om ook een ontbijt te bestellen. Zonder een woord wijst Henk naar mijn bord terwijl hij de kok korzelig aankijkt.
‘Tea!’, zegt hij kortaf.
De kok loopt langzaam en zachtjes hoofdschuddend van de tafel weg. Het is in ieder geval een stroef begin van deze tweede dag samen.
Tijdens het ontbijt is het opvallend stil aan onze tafel. Het zal toch niet zijn om het eenvoudige ontbijt of de beperkte keuze? Ik eet alleen omdat ik weet dat ik moet eten en omdat ik niet weet wanneer ik weer kan eten! Welkom op het platteland van Thailand!
Mijn bordje gaat schoon leeg en wanneer Henk zijn eieren worden geserveerd bestel ik nog snel twee (oplos)koffie. We gaan snel aan deze dag beginnen want we hebben ruim 160 Km voor de wielen. Een detail dat ik voor Henk maar achterwege laat want anders stort hij misschien al, voordat we zijn begonnen, helemaal in!
We hebben met Marcel om acht uur afgesproken en hij zou betrouwbare brommers voor ons drieën regelen. We zijn dan ook bijna klaar met het ontbijt wqanneer hij om tien voor acht arriveert. Een brommer met zijspan komt ons drieën bij het GH ophalen. Er wordt vreemd gekeken door mijn reisgenoten! Marcel voorop, twee in het bakje en ik zelf achterop bij de chauffeur. Het is gelukkig niet al te ver rijden.
Eenmaal aangekomen bij de verhuurder wordt het een beetje vreemd, ik moet mijn rijbewijs achterlaten als borg voor de brommers. Ik ben het hier niet mee eens omdat nu eenmaal een Thais rijbewijs bij een probleem de oplossing kan zijn. Na veel problemen en gepraat, Marcel stelt mij gerust dat ik de vreemde man kan vertrouwen, stem ik er uiteindelijk maar mee in. Er staan namelijk nog twee jongens op mij te wachten. Een uur later dan gepland rijden wij, na de nodige instructies over de brommer, richting het benzinestation om de brommers met benzine te vullen.
Het is voor Henk meer dan dertig jaar geleden dat hij op een brommer gereden heeft en we moeten rustig aan doen totdat hij zijn angst heeft overwonnen en daarmee zaak onder controle heeft. Ik rij voorop, Henk in het midden en Dean controleert dat Henk niets vreemds doet. Opvallend snel went Henk aan de onbekende brommer, binnen dertig minuten rijden we rustig en ontspannen over de 323 langs het zich snel opwarmende Thaise platteland.
We zijn op weg gaan naar de “Hellfire Pass”, het meest beruchte stuk van de Birma spoorlijn. Tijdens de drie uur durende rit wordt er regelmatig gestopt om de billen wat rust te geven, de zadels zijn harder dan je denkt. De plastic toplaag zorgt ervoor dat je zweet niet weg kan en binnen tien minuten heb je een natte plek achter in je broek.
Slager langs de weg Tijdens de pauzes maken we vanzelfsprekend ook foto’s en video-opnamen. Een bijzondere is natuurlijk deze slager die haar varkensvlees zonder koeling vanaf haar zijspan verkoopt.
Burmesen aan het oogstenHier wonen mensen Op de cassave velden werken de gastarbeiders uit Myanmar. Straatarm en uitgebuit zoals gewoonlijk in de kapitalistische wereld. De cassave is een belangrijk export product voor Thailand. Het tapioca zetmeel wordt voor duizend en een dingen gebruikt in de voedselindustrie over heel de wereld.
De zwangere vrouw We passeren een heuvelrug die onder de Thaise bevolking bekend staat als de “zwangere vrouw op haar rug”. Met wat fantasie zien wij het ook maar ik had zeker zelf nooit deze naam bedacht.
Henk krijgt het met elke minuut die verstrijkt beter naar zijn zin en zijn norse blik is veranderd langzaam in een zuinige glimlach. Dean en ik genieten in ieder geval met volle teugen van het geboden avontuur.
De drie brommers Aangekomen op de legerbasis waar zich de “Hellevuur Kloof” (Hellfire Pass) nu in bevindt realiseer ik mij hoeveel geluk wij vandaag hebben. Er staan geen grote bussen! Geen hordes toeristen die door je foto’s heen draven! We kunnen de pas waarschijnlijk in alle rust met zijn drieën bezichtigen.
Gebruikte werktuigen Het kleine indrukwekkende museum geeft een goed beeld wat er hier voor een menselijk drama heeft afgespeeld. De oorsprong van alle ellende ligt in het feit dat Japan pas op 21 april 1953 de “Geneefse Conventies” ondertekende.
Daar ligt de reden dat de keizerlijke troepen zo wreed waren. De Japanners kenden alleen hun eigen cultuur en andere spelregels voor de oorlog. Jezelf overgeven was voor een soldaat van de keizer het toppunt van lafheid! De dood, eventueel door zelfmoord, “Seppuku”, beter bekend als “Harikiri”, is zeer eervol. De geallieerde krijgsgevangenen waren voor de Japanners niet anders dan een zooitje lafaards die geen enkele eerbied verdienden.
Hellfire Pass Nadat wij het kleine bijbehorende museum hebben bezocht dalen we langs de gammele houten trappen af waar ruim 60 jaar geleden het menselijk leed is veroorzaakt. Maar ja, de geschiedenis wordt nu eenmaal altijd geschreven door de overwinnaars.
Hellfire Pass In gepaste stilte lopen we over het rotsachtige spoorbed naar het gat in de bergwand dat in de massieve steenharde rots is uitgehouwen door een leger van verzwakte, zieke krijgsgevangenen en politieke gevangenen.
Dat Henk daar gaat staan te pissen vind ik niet gepast en getuigd volgens mij dan ook van geen of weinig respect voor wat hier gebeurd is en de slachtoffers van die gebeurtenissen.
Hellfire PassHellfire Pass MonumentAfgebroken boorHellfire Pass MonumentBatterijen verwisselen Dean en ik kijken elkaar voor de zoveelste keer onbegrijpend aan sinds we uit Pattaya zijn vertrokken. We wisten dat Henk anders was, maar dit slaat, tot nu toe, alles! In stilte lopen we door de kloof en kijken we naar de monumenten en overblijfselen van deze gitzwarte bladzijde in de geschiedenis. Henk is druk met zijn camera's en de batterijen.
Donderkoppen? De tijd is zo snel gegaan, en we hebben onderweg ook wel eens een beetje getreuzeld, dat we helaas geen tijd meer over hebben voor de andere twee bezienswaardigheden die ik ook nog op het programma heb staan. We moeten minimaal twee en maximaal drie uur rekenen voor de rit terug naar Kanchanaburi. De snelheid waarmee we terugrijden ligt hoger dan op de heenweg. Henk rijdt zelfs lange tijd op kop en zijn schouder schuddende bewegingen maken duidelijk dat hij het goed naar zijn zin heeft.
We zijn net Kanchanaburi binnen gereden wanneer ik een lekke band krijg. Het beste wat je in zo’n geval kan doen is direct de verhuurder waarschuwen. De nieuwe band moet je toch betalen maar de schade die een reparatie kan veroorzaken heb je dan tenminste niet zelf veroorzaakt.
Ik rij snel op Dean zijn brommer naar het huis van de verhuurder die vreemd opkijkt omdat ik alleen ben. Zijn blikken gaan langs mij heen op zoek naar de andere twee “Falang” terwijl zijn gezichtsuitdrukking steeds ernstiger wordt. Nadat ik hem langzaam in duidelijk Engels verteld heb wat er aan de hand is roept hij in de richting van een schuurtje achter hem.
Een klein mannetje verschijnt die meteen op een gereedstaande brommer springt en achter mij aanrijd naar de plaats van het onheil. Dean en Henk staan in stilte te wachten bij het manke vervoermiddel. Ook nu krijg ik weer het idee dat Dean en Henk weinig met elkaar gemeen hebben en dat ik het vliegwiel ben dat de relaties tussen ons drieën op gang moet houden.
Met zijn Thaise kennis van complexe machines als een brommer komt hij binnen vijf minuten tot de conclusie dat ik een lekke band heb! Aan zijn tandloze glimlach te zien is hij bijzonder trots op zijn kennis van motorvoertuigen en zo ook over de snelle diagnose die hij heeft gesteld.
Het enige probleem is dat hij helemaal geen Engels spreekt en mijn kolen Thai maar met mondjesmaat begrijpt. In Thailand heb je namelijk niet alleen heel veel zware dialecten maar ook veel andere talen. Hoe dichter je bij een landsgrens komt des te groter is de kans dat niemand je Thais meer verstaat.
Armen en benen, losse Engelse woorden, kolen Thai en veel glimlachen. Uiteindelijk begrijpt hij dat ik niet meer op de brommer met de lekke band wil rijden. Het schijnt niet zo ver te zijn naar de reparateur maar ik heb toch de voorkeur dat hij op de brommer met de lekke band rijd.
Hij springt op de manke brommer, start de motor en stuift weg op een lekke band tussen het drukke verkeer van de vierbaans 323 provinciale weg. Hij rijdt sneller op de brommer met de lekke band dan ik op zijn brommer, die trouwens maar over heel weinig remkracht beschikt.
Ik heb het nu mentaal erg zwaar! De man voor me is moeilijk bij te houden en Dean en Henk achter me in de gaten houden is haast onmogelijk. Ik hoop dat ze onze belangrijkste afspraak niet vergeten zijn!
‘Wanneer we elkaar kwijtraken dan ga je terug naar de plaats waar we elkaar voor het laatst gezien hebben. Blijf daar wachten totdat ik je weer kom ophalen!’
Gelukkig is het niet nodig! Enkele minuten nadat de kleine man en ik bij de fietsenmaker zijn gearriveerd komen Henk en Dean aangereden. De binnenband wordt voor twee euro vervangen en over de drie gebroken spaken, waarvan er één zich door de binnenband had geboord, word er niet gesproken. Snel de brommer gaan inleveren en maken dat we wegkomen!
Zodra alles betaald is en we uitbundig en uitgebreid afscheid van de monteur hebben genomen rijden we met zijn vieren terug naar de verhuurder. Die zit al met een grijns op zijn gezicht te wachten en ik zie de zware bui al hangen.
Gelukkig heb ik me vergist! De man staat op loopt om elke brommer heen terwijl hij goedkeurend naar me knikt. Voor een moment ben ik bang dat Henk de verhuurder erop gaat wijzen dat er drie spaken zijn verwijderd, maar gelukkig laat Henk dit achterwege en we lopen goed geluimd, met onze bagage in de hand, terug naar het Mr Tee Guesthouse.
vr 11 mei 2007 16:43:03 Ik kan me niet aan het idee onttrekken dat deze korte rondreis toch nog een succes kan worden. Henk lacht zelfs wanneer hij naar zijn bungalow loopt. De deur gaat zonder een woord tegen ons te zeggen weer achter hem dicht, Dean en ik blijven verbaasd achter. Na zo’n mooie dag is het tijd voor een verfrissend biertje. We hebben tenslotte vakantie! Met een ijskoude fles Singha in de hand genieten we van de rust langs het water van de “River Kwai”.
De deur van Henk zijn kamer blijft maar dicht en Henk blijft maar weg. Wanneer hij er geen zin in heeft om bij ons te zijn om een vroeg biertje te drinken dan is dat zijn goed recht. Maar ik krijg er wel een naar gevoel bij.
De zon verdwijnt achter de horizon en een volgende grote fles bier verdwijnt in onze dorstige kelen. Tijdens Henk zijn afwezigheid besluit de meerderheid van de groep dat we ook vanavond hier blijven eten. We hebben geen zin om een eind te gaan lopen voor een maaltijd en een koude fles bier wanneer we hier alles binnen handbereik hebben voor een redelijke prijs.
Met de vouwen in zijn gezicht verschijnt er plotseling een verbaasde Henk aan tafel, hij kan maar niet begrijpen dat het al donker is. Met alle schijn tegen hem blijft hij volhouden dat hij niet heeft geslapen. Hij heeft zijn foto’s en zijn films zitten kijken!
Het maakt ons weinig uit, we gaan eten. Op deze mooie zomeravond begrijpt Henk direct dat we vanavond ook niet op stap gaan en hij kan zijn teleurstelling maar moeilijk onderdrukken. Het is nog stiller aan tafel dan vanochtend bij het ontbijt.
Van een gezellige maaltijd is nu geen sprake meer. Het enige dat we eigenlijk met z’n drieën bespreken is wat we morgen gaan doen. Een compromis is snel gesloten, we gaan morgen verder met de bus naar de culturele, oude hoofdstad van Thailand, Ayuthaya.

vrijdag 20 maart 2026

Thailand: De trein naar Nam Tok

2007-01-05_140000headblogw

Kanchanaburi (Mr Tee Guesthouse), vrijdag 5 januari 2007

Afgelopen nacht was het even wennen met drie volwassen kerels op een kamer in éénpersoonsbedden. Snurken, scheten, draaien en natuurlijk slecht slapen. Een mooier begin van deze korte rondreis door Thailand kan haast niet! Maar alles is beter dan de 52 persoonsslaapzaal met 26 stapelbedden waar ik in Ayer’s Rock (Australië) enkele nachten heb doorgebracht.
We hebben erg slecht geslapen omdat we gewoonweg nog niet moe genoeg zijn, dat zal de komende dagen wel veranderen. De geuren van onze voeten en onze adem hebben zich in de nachtelijke uren goed vermengd tot een bouquet die als martel instrument zou kunnen worden gebruikt.
De wekker gaat sneller dan verwacht af. Het is echt al half zes dus gaat onze reisdag beginnen. Als eerste gaat de airconditioning in onze kamer uit, die zullen vanaf nu hoogstwaarschijnlijk niet meer kunnen gebruiken omdat we heel sober gaan overnachten. Als tweede gaat het kleine raam van onze kamer open en niet lang daarna ook de deur van onze kamer. Een frisse zucht Bangkok wind trekt door de kamer van de raamopening naar deuropening. Een mengeling van geuren die je je moeilijk kan voorstellen wanneer je nooit in Bangkok bent geweest wervelt door onze kamer. Geroosterde kip, kruiden en specerijen vermengt met een vleugje riool.
Zodra de wekker na negen minuten voor de tweede keer afloopt, zo rond kwart voor zes, worden de andere twee ook langzaam wakker. Snel om de beurt in de “warme” douche, dat kan voorlopig ook de laatste zijn, en snel aankleden. Tijd is de belangrijkste factor in Thailand wanneer er een bus of trein gehaald moet worden. Het kan voorkomen dat er maar twee of drie vertrektijden per dag zijn en dan wil je die natuurlijk niet missen.
Het ochtendritueel gaat gelukkig snel genoeg en geen van ons allen heeft een ochtendhumeur. Ondanks dat Henk zich op dit vroege uur als een Eskimo in de woestijn voelt. Meer dan de toiletartikelen heeft onze rugzakken vandaag niet verlaten. Het inpakken gaat snel en in stilte. De schoonmaakster steekt een hoofd om de deur van de kamer en verteld me dat ik de sleutel in de deur kan achterlaten. Ze gaat aan de slag zodra we om kwart over zes het Merry V Guesthouse verlaten op weg naar de pont over de rivier.
Het is op dit vroege tijdstip al aardig druk op straat. Bangkok slaapt nooit! Toeristen vertrekken en arriveren vanuit, en naar, alle uithoeken van Thailand. Tropische stranden òf ruige bergketens, Thailand heeft het allemaal. Na al die jaren kijk ik nog steeds met veel verbazing naar de vreemde mêlee van jonge en oude reizigers met hun rugzakken die aan ons voorbij trekken. Het is en blijft een schitterende omgeving dat Khaosan Road.
Vanzelfsprekend heb ik wat reservetijd ingebouwd om niet in de problemen te komen. We zijn zelfs te vroeg voor de veerboot en het hek naar de pier van de veerboot is nog op slot.
“Maak altijd het beste van je tijd!’, is een boerenwijsheid die elke rugzakartiest heel snel leert.
Wij maken gebruik van deze onverwachte extra tijd om nog even snel naar een 7-11 winkel te lopen om wat broodjes en een kop koffie te scoren. Mijn medereizigers zijn opvallend stil, waarschijnlijk in de afwachting van èn de onzekerheid wat er de komende dagen allemaal gaat komen.
Als een moeder hen loop ik voorop met de kuikens volgzaam achter mij aan, Dean en Henk volgen. Dit zal de rest van de rondreis ook wel zo blijven omdat ik nu eenmaal “de weg” weet. Deze tocht met de trein van Bangkok naar Nam Tok is een van de eerste lange reizen in Thailand die ik zelf heb ook heb gedaan met het openbaar vervoer. Het is alweer acht jaar geleden dat ik samen met mijn Vlaamse vriend Kris met de trein naar Nam Tok reed. Na een keer of tien vind ik de dagreis met de trein naar Nam Tok nog steeds mooi. Het wordt voor ons drieën dus hopelijk weer een hele dag genieten in de boemeltrein.
Met twijfelachtige vleeswaren, met mierzoete mayonaise, belegd witbrood sandwiches en een veel te hete beker oploskoffie in de hand wagen we voor de tweede keer een poging om op de veerboot te komen. Een kleine man lacht ons vriendelijk toe en met zijn rammelende bos sleutels opent hij het oude hangslot. De roestige ketting rammelt tussen de tralies en de pier naar de veerboot is geopend.
Binnen enkele minuten arriveert de eerste lange smalle gammele veerboot in de juiste richting en voor de zekerheid vraag in aan de conducteur, die op de drijvende ponton is gestapt: ‘Satani Bangkok Noi?’, de vrouw kijkt me verbaasd aan en monstert mij van top tot teen, dat ik de term “Treinstation Bangkok Klein” in het Thais gebruik en knikt met een brede glimlach.
Wij springen op de boot die met een touw tijdelijk aan de ponton is vastgemaakt. De vrouw blaast op haar fluitje een code die betekend dat iedereen aan boord is en dat de kapitein kan vertrekken. In een dikke wolk zwarte dieselrook varen we naar de overkant. De verwarring is begrijpelijk want de reisgidsen en haast alle toeristen praten altijd over het “Thonburi treinstation”
Al tijdens het van de veerboot afstappen voelt West-Bangkok heel anders aan. Hier zijn maar heel weinig toeristen! De treinreis die wij gaan doen is voor de echte die-hards. Een hele dag in de trein om een brug te zien die door een boek en een film wereldberoemd is geworden.
Op weg naar Nam Tok We zijn zoals verwacht ruim op tijd, Henk en Dean zoeken een plaatsje op een bank van het perron terwijl ik even de kaartjes ga kopen. Treinkaartjes zijn in Thailand altijd enkele reis dus dat maakt het een stuk gemakkelijker omdat we op de terugweg in Kanchanaburi uitstappen. In alle stilte nemen we de eerste indrukken van een ander, een onbekend, Thailand in ons op en wachten wij op de trein.
Boeddha langs het spoor De derde klas trein rijdt langzaam schommelend door het Thaise landschap en stopt bij elke palmboom. Tenminste, dat gevoel heb je! Dean en Henk genieten van de reis en het landschap dat langzaam veranderd van vlakke velden met rijst, en andere gewassen, naar een berglandschap. We passeren kleine dorpen en tempels. Beelden van de Boeddha, hoe vreemd die ook mogen lijken, zijn alom aanwezig en altijd fotogeniek.
Des te dichter we bij de beroemde brug komen des te drukker het wordt met toeristen in de trein. Tientallen toeristenbussen, groot en klein, zetten de dagjesmensen zo dicht als mogelijk op de stations voor de brug af. Na de brug worden ze weer opgepikt. Ook deze keer verschijnen de toeristen enkele stations vroeger in de hoop ze een plaatsje aan het raam kunnen bemachtigen.
Dean en Henk in de trein
Zoals altijd komen eerst de gidsen de trein in die indruk proberen te maken dat er gereserveerde plaatsen voor hun klanten zijn. Daar klopt natuurlijk niets van! Niet lang daarna worden ze lastig en proberen ze met meerdere gidsen de passagiers te intimideren. Dat lukt bij ons natuurlijk ook niet.
Ik haal demonstratief mijn vervoersbewijs tevoorschijn en wijs met mijn vinger aan dat er zwart op wit staat: “Free Seating”. Daarna worden ze ongeduldig en soms ook fysiek opdringerig. Ondertussen zijn de dagjesmensen ook in de trein gearriveerd en die kijken met vragende ogen naar de gidsen waar de, in de brochure, beloofde zitplaatsen aan het raam zijn.
De sfeer veranderd en de dagjesmensen die zich bedrogen voelen halen verhaal op de gidsen die proberen ons weer het leidend voorwerp van het probleem maken. Ik blijf vriendelijk lachen en wij blijven vriendelijk op de houten bank aan het raam zitten. De conducteur verschijnt en dan is het probleem snel opgelost.
Alleen het Engelse woord: ‘Corruption’, is voldoende om de plichtgetrouwe conducteur in de houding te laten springen terwijl hij langzaam zijn vlakke hand naar de rand van zijn smetteloze pet brengt.
Een korte blik op mijn vervoersbewijs dat aangeeft dat wij in alle vroegte vanuit "Satani Bangkok Noi” zijn vertrokken brengt een brede glimlach op zijn mond en respect voor ons vroege vertrek in zijn ogen.
Enkele korte luide bevelen in het Thais is voldoende om de gidsen te laten afdruipen en de dagjesmensen te kalmeren. Een laatste vriendelijke knik naar mij en een voor iedereen duidelijk gebaar met zijn uitgestoken wijsvinger naar mijn zitplaats dat wij het recht hebben om aan het raam te zitten.
Dodenspoorweg Elke dwarsligger is een mensenleven wordt er altijd over de doden spoorweg verteld! Het zijn niet alleen krijgsgevangen van de Jappaners die hier zijn omgekomen maar ook slaven en tegenstanders van de Thaise regering in de jaren veertig.
Die regering gaf de Japanners vrij spel in Thailand zolang zo ook alle tegenstanders van de zittende Thaise regering om de zeep hielpen. Een duistere periode in de Thaise geschiedenis. Het meest vreemde voor mij is nog dat een Japanse investeerder een enorm resort heeft gebouwd met uitzicht op de doden spoorweg. Hier aan de beruchte Birma-spoorlijk heeft de tweede wereldoorlog al veel van haar waardevolle lessen voor de mensheid verloren!
Nadat we de brug zijn gepasseerd, en de trein al bijna leeg is, is er aan het einde van de spoorlijn helaas heel weinig tijd om uit stappen en wat rond te kijken. Hedendaags stopt de trein slechts tien minuten aan het einde van de spoorlijn in Nam Tok, de tijd die nodig is om de oude diesel/elektrische locomotief van de achterkant weer naar de voorkant te rangeren. In die tien minuten verlaten de overgebleven toeristen de trein en maken plaats voor de volgende kudde toeristen die naast het spoor staan te wachten in de hoop ook een plaatsje aan het raam te bemachtigen.
Elke keer wanneer ik in Nam Tok kom wordt het drukker en ik kan me niet aan de gedachte onttrekken dat het hier over tien jaar een complete chaos zal zijn. Ik stuur Dean op pad om voor ons drieën nieuwe kaartjes naar Kanchanaburi te kopen Zelf ga ik op pad voor enkele geroosterde kippenpoten met kleefrijst voor de late lunch. Henk blijft achter met de belangrijkste taak van het team om onze zitplaatsen aan het raam bezet te houden.
Bij terugkomst in de trein kijken enkele toeristen ons vreemd aan. Henk heeft zijn taak goed uitgevoerd en wij hebben onze plaatsen aan het raam behouden. Ik deel de kippenpoten en de kleefrijst uit. Na een korte uitleg hoe je dit eenvoudige klassieke Thaise gerecht moet eten slaan Dean en ik aan het schrokken. Henk onderzoekt de gegrilde kippenpoot als een patholoog anatoom. Wij hebben geen idee waar hij naar op zoek is. Veren, haren of misschien levende maden?
Met enige terughoudendheid zet hij zijn tanden in het vlees van de dode vogel. Dean en ik volgen het tafereel met veel interesse. Waarschijnlijk wordt hier al de toon gezet voor Henk zijn voorkeur voor zijn eten in de komende dagen.
Op het kleine station in Kanchanaburi, net na de spoorbrug, stappen we uit en ik wil meteen op weg naar het beoogde guesthouse. Henk klaagt dat hij eerst foto’s wil maken en ook de brug filmen. Mijn uitleg dat we hier over een drie kwartier weer terug zijn valt op doveman’s oren.
Ik ben de precieze locatie van het guesthouse waar ik een paar keer heb geslapen vergeten. Het klagen van Henk gaat maar door en nu is de afstand die we moeten lopen naar onze slaapplaatsen het leidend voorwerp van zijn klaagzang. Om de vijftig meter probeer ik me te oriënteren maar het lukt me niet, ondanks een paar bekende gebouwen, het guesthouse te lokaliseren. Met elke stap die zetten wordt het gezeur van Henk minder.
Uiteindelijk kies ik ervoor om een ander guesthouse aan de rivier te proberen. Slaapplaatsen komen en gaan in de toeristische plaatsen in Thailand. Of ze maken plaats voor hotels en restaurants, snel geld is de taal die vandaag de dag in Thailand gesproken wordt.
Het Mr Tee Guesthouse is niet slechter dan het vorige guesthouse uit mijn herinnering. Het is maar voor twee nachten dus moet het maar. Het is even wennen voor de nieuwe backpackers wanneer ze hun slaapplaatsen voor de komende twee nachten aanschouwen, in gepaste stilte aanvaarden ze mijn suggestie.
Een steenhard bed met alleen een oude acryl deken en een koude douche in een ruimte die de titel badkamer nauwelijks kan dragen. Maar wat kan je verwachten voor € 4,50 per kamer per nacht? Ik ben allang blij dat niemand het idee oppert om een kamer te delen!
Met Dean en Henk op de brug over de "river Kwai" Na een korte installatie in de bungalow en de andere officiële handelingen aan de receptie lopen we rustig terug naar de brug. Nu is er alle tijd om foto’s en films te maken! Midden op de brug toasten we met een paar ijskoude Singha biertjes, volgens Henk het een veel te vroeg tijdstip om bier te drinken, op de goede start van deze korte rondreis. We zijn vol goede moed en het gaat tot nu toe gelukkig allemaal vlotjes.
Het schemert al wanneer we bij het guesthouse terug komen. Het laatste stuk ging niet zo snel omdat onze Thaise grasparkieten jager bij elk verlicht huis langs de weg bleef staan om te zien wat er binnen allemaal voor vrouwelijk vlees word aangeboden. Weinig dus, en dat heeft hij nu gelukkig zelf ook wel in de gaten!
De meerderheid van onze beslist dat we vanavond bij het guesthouse zullen blijven voor het avondeten. Maar eerst nog een koud biertje! De Thaise menukaart heeft alle bekende toeristen favorieten en Dean stelt voor om mij een viertal Thaise gerechten te laten bestellen en dan gewoon de rekening te delen. Een paar ogen aan onze tafel scant de menukaart naar een gerecht dat ook op elke Hollandse camping in Spanje zou worden geserveerd. Uiteindelijk kiest Henk voor spaghetti Bolognese, een van zijn grootste favorieten zoals hij het enthousiast aan ons laat weten.
De rijst, en onze drie gerechten, worden geserveerd terwijl we genieten van het uitzicht op de brug over de“River Kwai” en natuurlijk de rivier zelf. De spaghetti blijft wel heel erg lang weg en terwijl wij al aan onze tweede grote fles bier beginnen is het voor Henk zijn neus nog steeds leeg. Onze borden zijn al bijna leeg! Zonder een woord te zeggen, met trouwe hondenogen, zit hij mij te smeken om eens te gaan vragen waar zijn spaghetti blijft. Zodra de derde grote fles Singha aan Dean en mij wordt geserveerd vraag ik in mijn beste Thai wat er met de spaghetti is gebeurd. Het is het meest verstandige om Henk maar niet in te lichten wat het antwoord is.
Mijn, ‘Het is bijna klaar!’, is voldoende om een zure glimlach op zijn gezicht te brengen.
Nog voordat de spaghetti is geserveerd zitten Dean en ik bij een Nederlandse jongen aan tafel genaamd Marcel. Hij is afgekeurd en woont al een paar jaar in Kanchanaburi. Hij komt hier bij het guesthouse twee keer per week kaarten. Kaarten om geld welteverstaan, de meeste Thai zijn ook niet vies van een gokje. Marcel zal ook moeten wachten tot de kok klaar is met de spaghetti voor Henk!
Marcel helpt ons onverwacht goed op weg. Hij zorgt ervoor dat er morgenvroeg drie brommers voor ons klaar staan. Dean en ik zijn het er over eens dat we brommers voor een dag gaan huren. Het is voor Henk ruim dertig jaar geleden dat hij brommer heeft gereden. Hij blijft maar klagen dat hij het geen goed idee vind. Dat wordt morgen dus lachen! Ik heb geen trek om de hele dag met hem achterop rond te rijden, zoals in Pattaya. De keuze voor Henk is dus zelf rijden òf in Kanchanaburi blijven en jezelf vermaken.
Henk heeft zijn spaghetti ondertussen genuttigd en begint voorzichtig te hengelen hoe laat we op stap gaan. Hij hoort de muziek en de Thaise Grasparkieten in de verte, in de Thaise bebouwde jungle,zingen.
Op stap? We staan morgen om zeven uur op en zijn de hele dag op de brommer onderweg. Wanneer hij op stap wil dan gaat hij maar, hij heeft een sleutelhanger met de naam van het guesthouse er op dus zal hij vannacht niet verdwalen.
Copyright/Disclaimer