donderdag 7 mei 2026

Zuid-Korea: Twintig graden lager dan gisterenochtend

Gimhae International Airport

Busan (So Yu Hotel) 209), donderdag 7 mei 2026

Nadat de passagiers bij gate 22 zijn vertrokken naar Frankfurt hebben we eindelijk een zitplaats gevonden op de speciaal gereserveerde stoelen voor zwangere vrouwen en mensen die een respectabele leeftijd hebben bereikt.
‘Oude van dagen’, klinkt in mijn oren een stuk slechter dan: ‘Senior Citizens.’
Het zal best wel goed bedoelt zijn maar de airconditioner blaast recht naar beneden op onze hoofden. Het voelt alsof we in Helsinki op onze aansluitende vlucht zitten te wachten!
We zitten er samen al helemaal doorheen en het is ons aan te zien. Ook op de laatste vlucht krijgen we voorrang om aan boord te gaan. Het is sowieso geen probleem omdat onze stoelen zich achter in het vliegtuig bevinden op de laatste rij in het midden. Gelukkig met de rug tegen de keuken en niet tegen het toilet.
Het aan boort gaan van de passagiers gaat snel en we gaan op de geplande tijd de lucht in. Er wordt gecontroleerd of we de veiligheidsgordels vast hebben en het licht in de cabine gaat uit voor het opstijgen naar onze bestemming, Busan in Zuid-Korea.
Mijn lichten gaan tegelijker tijd ook uit. Ik glij meteen in een diepe slaap die ik echt nodig heb. De jaren beginnen voor mij te tellen en ik heb mijn slaap echt hard nodig.
Ik heb geen enkele herinnering aan de drie uur in de lucht totdat de stewardess mij wakker maakt: ‘Wilt u misschien wat drinken? U heeft niets gegeten en gedronken tijdens de hele vlucht!’
Ik kijk de aantrekkelijke stewardess aan alsof ik in de ogen van een fee kijk. Ik kan geen woord uitbrengen. Een fantastische service van Vietnam Airlines.
‘Een bekertje koud water is voldoende voor mij nu’.
Lyka ligt nog tegen mij aangeschurkt zachtjes te snorren als een poes. De boodschap van de kapitein dat de landing is ingezet waakt op de rest van de passagiers op. De lichten in de cabine gaan aan en de schuiven voor de patrijspoorten moeten omhoog. Op het beeldscherm in de achterkant van de stoel voor me zie ik dat we iets ten zuiden van Jeju-do vliegen. Een eiland waar Lyka en ik warme herinneringen aan hebben.
Na een harde landing, het vliegtuig slingerde over heel de landingsbaan, zijn we eindelijk weer op de grond. Ik ben nog steeds moe maar ik heb het gevoel dat het wel gaat lukken om zonder brokken in ons hotel in de stad te komen. We hebben vier uur gevlogen en zijn zes uur verder in ons leven. Dat is de oorzaak dat veel mensen last hebben van een jetlag wanneer je richting het oosten vliegt.
Gimhae International AirportEnorme motor We gaan (helaas) niet naar een Gate maar we staan geparkeerd op de grote parkeerplaats tussen andere vliegtuigen. Busan is niet een hele grote luchthaven en wordt vaak gebruikt voor het overstappen naar andere bestemmingen binnen Zuid-Korea. Parkeren van het vliegtuig is dan een betere optie voor de luchtvaartmaatschappijen.
Onderaan de trap staan de bussen op de passagiers te wachten. Eenmaal buiten wacht ons een positieve verrassing. De buitentemperatuur is hier twintig graden lager dan bij ons vertrek uit Thailand! Wij zijn er op voorbereid met mijn fleece en Lyka met haar wollen vest. Andere toeristen staan beteuterd te kijken op hun slippers, korte broek en mouwloos t-shirt!
De immigratiedienst lijkt op het eerste oog niet zo efficiënt voor een eerste wereldland. Ik blijf de aankomende passagiers observeren en probeer, terwijl wij in de wachtrij te staan, te raden wie een extra controle krijgt. Ik raad ongeveer de helft goed! Om welke reden? Geen idee, gewoon een onderbuikgevoel of noem het intuïtie.
Zuid-Korea houdt haar grenzen streng dicht voor ongewenste vreemdelingen. Ook in Zuid-Korea krimpt de inheemse bevolking. Linkse ideeën, om bijvoorbeeld Indonesiërs en Indiërs werkvergunningen te geven om openstaande vacatures in de productie en de industrie te vullen, hebben hopeloos gefaald.
De inheemse bevolking kwam in opstand omdat de Koreaanse identiteit werd vervuild met ideeën uit anders denkende landen. In Zuid-Korea werd het beestje gewoon bij de naam genoemd! Met als gevolg dat er strengere regels kwamen voor de immigratie en de werkvisaas zonder enige verantwoording per onmiddellijk konden worden ingetrokken.
Er lijkt een verschuiving naar arbeiders uit de Christelijke Filipijnen en het Chinese Maleisië te gebeuren. Het verbaasd mij dat er heel weinig Thaise arbeiders aan boord lijkt te zijn. De reden laat zich raden! Thai zijn ook niet echt te vertrouwen.
Ik loop als eerste op de officier van de immigratiedienst af. Ik overhandig haar alleen mijn paspoort. Mijn hoed zet ik op het uitgetrokken handvat van mijn rolkoffertje. Ze knikt goedkeurend en kijkt mij doordringend in de ogen.
Ik hoor de toetsen op het toetsenbord klikken en even later kijkt ze op van het beeldscherm en inspecteert mijn gezicht nog een keer. Haar ogen gaan terug naar het beeldscherm en daarna naar mijn paspoort. Er wordt geen woord gewisseld. Er ligt een ondoordringbare stilte tussen ons. Is dat een goed of een slecht teken?
Ze plakt een stickertje in mijn paspoort en knikt glimlachend terwijl ze met haar arm een zwaai gebaar maakt dat ik verder mag gaan. Dat viel dus erg mee! Op een afstandje bekijk ik hoe Lyka dezelfde handelingen ondergaat. Ook hier zijn geen problemen en wij zijn nu officieel in Zuid-Korea.
Onze koffers komen van band vier en met die twee monsters van 46 kilogram totaal gaan we richting de douane waar ik eerlijk gezegd toch wel mijn billen een beetje tegen elkaar knijp. De kaas zeker, en de koffie misschien, zouden problemen kunnen geven.
Links voor ons lopen twee Aziaten met beide een trolley vol met opgestapelde koffers en dozen. Ze zijn al van verre opgemerkt door de douaniers die dieren- en plantenziekten buiten de landsgrenzen moeten houden. Beide douaniers lopen op de Aziaten af en wij maken van die mogelijkheid gebruik om rustig door het rechtse kanaal naar de aankomsthal te lopen.
Hello BusanWave Busan Elke aankomsthal in de wereld lijkt hetzelfde voor mij! Autoverhuur, geldwisselkantoor, simkaart voor de telefoon, toeristeninformatie en een eindeloze rij ATM’s waar je als toerist bestolen wordt met absurde transactiekosten en slechte wisselkoersen!
Wacht even? Er is geen enkele ATM te bekennen! Wat nu? Vooral rustig blijven Jielus, zeker wanneer je doodvermoeid bent! Eerst naar de toeristeninformatie om te vragen waar we de trein naar de stad kunnen vinden.
De treinroute naar het hotelDe treinroute naar het hotelDe treinroute naar het hotel
Armgebaren, Koreaanse stationsnamen en slecht Engels worden op mijn vermoeide hersenen afgevuurd. Ik kan proberen om het op te schrijven maar ik weet zeker dat ik zo moe ben dat ik mijn eigen handschrift niet meer kan lezen. Mede omdat schrijven met je hand uit de tijd is en bijna alles tegenwoordig met een toetsenbord wordt gedaan.
Lyka heeft ontdekt dat er gratis ‘WijFij’ in de aankomst hal is. Met Google Maps zet ik onze treinreis uit en maak beeldschermafdrukken. De namen zijn nu duidelijk leesbaar en het moet ons wel lukken om zonder problemen bij het hotel te komen. Op weg naar het treinstation!
We zijn erg moe Buiten worden we verrast door de stralende zon. Het mengsel van de koele ochtend zeelucht met de warmte van de stralende zon brengt meteen een brede glimlach op mijn gezicht. Ik voel me al thuis hier! Lyka heeft het er zichtbaar moeilijker mee. Ze is nog steeds doodmoe en verlangt naar een warm bed.
Op weg naar de trein Op weg naar de trein zit ik nog steeds met het probleem van contant geld. Waar is die ATM die we broodnodig hebben? Aan de overkant van de weg zie ik een kleine winkel genaamd CU, daarvoor staat in het Engels ‘Nice to’. Marketing op zijn best.
Het personeel in de CU is heel erg behulpzaam en het meisje achter de kassa zoekt op haar telefoon waar we een ATM kunnen vinden. Bij uitgang 4 moeten er enkele ATM’s zijn. Ik bedank haar en ga op zoek naar contante “Koreaanse Won”. Op het eerste gezicht zijn geen ATM’s maar machines waar je papieren buitenlandse valuta kan omwisselen. Ik heb wel wat Euro’s bij me maar die houdt ik liever voor noodgevallen achter de hand.
Tijdens een tweede poging ronde bestuur ik de machines opnieuw en ontdek ik het VISA logo op een sticker. Er is ook een opening, met een waarschuwing in het Engels voor het skimmen, waar een bankpas in kan. Daar gaan we dan! Mijn Wise kaart verdwijnt in de gleuf en op het beeldscherm verschijnt de vraag in welke taal ik verder wil. Engels dus!
Eerst de pincode, dan het bedrag en het verzoek of je akkoord gaat met ₩ 3.600 transactiekosten. Die ₩ 3.600 is ongeveer € 2,50 dus daar kan ik wel mee leven. Niet veel later sta ik met vijftig biljetten van ₩ 10.000 in mijn hand verbaasd om mij heen te kijken. Dat is een stevige bundel bankbiljetten die zeker niet in mijn portemonnee passen. Mijn oorspronkelijk begroting is ₩ 100.000 per dag voor ons samen. Een dag of drie is meer dan realistisch om eens te bezien hoeveel Korea per dag kost voor een koppel uit het peperdure Islamitische Hamasstan (voorheen Nederland).
Met contant geld op zak ga ik terug naar de winkel waar ik zo goed ben geholpen. Snel een kleine snack en een flesje drinkwater. Kun je kraanwater drinken in Zuid-Korea? Ik neem aan van wel. Net als in Japan wordt er hier niet gespeeld met het milieu.
Onze eerste rit is met de paarse lijn van de Light-Rail, beter gezegd de Metro, naar een station genaamd “Sasang”, daar stappen we over op de groene lijn naar “Seomyeon” waarna we met de rode lijn naar “Jung-Ang”. Bij het kopen van de treinkaartjes leer ik meteen dat er alleen met contant geld voor het openbaar vervoer kan worden betaald. Een Koreaanse “Senior Citizen” vrijwilliger staat klaar om arriverende toeristen in gebroken Engels te helpen. Ik laat haar weten dat ons eindstation “Jung-Ang” is.
Ze schud met haar hoofd en verteld dat we over moeten stappen in “Sasang”, daar kopen we een kaartje tot “Jung-Ang”. haar vingers glijden over het aanraak-beeldscherm en er verschijnt een bedrag van ₩ 1.700. Ik hou twee vingers omhoog als teken dat ik twee kaartjes wil. Ze drukt op 2 passagiers en mijn bankbiljet van ₩ 10.000 wordt door de automaat ingeslikt. Er ratelt het een en ander in de automaat waarna er twee plastic muntjes in een bakje vallen gevolgd door het muntgeld en een stapeltje bankbiljetten.
Dit is geen hogere wiskunde en ondanks mijn vermoeidheid heb ik het allemaal opgeslagen en ik kan straks in “Sasang” met zekerheid zelf de kaartjes voor het vervolg van onze treinreis kopen.
Eenmaal in de eerste trein zien we de problemen met onze hoeveelheid bagage die luchtreizigers over het algemeen met zich meevoeren. Een grote en een kleine (rol)koffer per persoon is de norm. Er zijn enkele Koreanen in de trein die afkeurend naar ons kijken, maar over het algemeen is er begrip onder de treinpassagiers over de de hoeveelheid bagage die we meeslepen.
Op het station van “Sasang” wordt me veel duidelijk. Zoals op veel plaatsen in de wereld is de verbinding van de luchthaven naar het openbaar vervoer netwerk afgescheiden. In Sasang kan ik gewoon een kaartje kopen voor het openbaar vervoer van de stad Busan. Ook hier is de prijs ₩ 3.400 voor twee kaartjes naar Jung-Ang. Nog een keer overstappen en we kunnen op zoek naar het warme bed in ons hotel.
Bij het overstappen op het station van Seomyeon gaat het fout! Net als tweeëntwintig jaar geleden met Andy in Seoul lopen we de poortjes door naar het verkeerde perron en stappen in de trein die in de tegenovergestelde richting gaat. Drie stations verder ontdek ik onze fout en we verlaten de trein.
Voordat we door de poortjes het perron verlaten vraag ik aan een paal om hulp. Niet veel later verschijnt er een vrouw die ons naar het andere perron begeleid. Nu zitten we eindelijk in een veel drukkere trein die ons naar het laatste station zal brengen. Hier maak ik de volgende denkfout, het zal de vermoeidheid wel zijn!
‘Laten we maar een station verder nemen? Nampo ligt volgens mij iets dichter bij het hotel!’, zeg ik tegen een doodvermoeide Lyka en ze knikt goedkeurend.
Zo gezegd zo gedaan. Alleen willen, zoals verwacht, de poortjes van het perron niet open omdat er op onze kaartjes een ander station staat dan waar we uitstappen. Er gaat een alarm af en een oudere man verschijnt. Die verteld ons in redelijk Engels dat we ₩ 400 (€ 0,23) moeten bijbetalen. Ik moet er zelf om lachen. Voor ₩ 7.200 (€ 4,48) hebben we anderhalf uur in de trein gezeten van de luchthaven naar de stad. Waarom zou het openbaar vervoer in Zuid-Korea zo vol zitten?
Eenmaal boven de grond zijn de eerste indrukken van Busan overweldigend. Het is heerlijk weer, het is er niet druk, het is er relatief stil en het is zeer heuvelachtig. Met mijn richtingsgevoel als een postduif lopen zonder een foute afslag in een keer naar ons onderkomen voor de komende 27 dagen.
So Yu Hotel Het So Yu Hotel mag er aan de buitenkant wat vreemd uitzien maar vanbinnen is het een luxe drie sterren hotel. We worden verwacht maar het is nog geen kwart over elf. De kamers zijn volgens de geldende regels pas vanaf twee uur beschikbaar. We gaan vermoeid zitten en zit niets anders op dan te wachten tot onze kamer beschikbaar is.
So Yu Hotel (209) De jongen achter de receptie is meer dan behulpzaam. Ik krijg het idee dat er wat broeit. Ruim twintig minuten later krijgen we het bericht dat er een kamer voor ons gereed is. We krijgen kamer 209 toebedeeld.
Ik ben een beetje teleurgesteld, ik vraag altijd om een kamer op een hoge verdieping zo ver als mogelijk bij de lift vandaan. Hij is op mijn vraag voorbereid. Hij verteld ons dat we zaterdag kunnen verhuizen naar kamer 609 voor de rest van ons verblijf. Tevreden stappen we in de lift en verbazen ons over de luxe kamer/badkamer. Wij gaan het hier goed naar ons zin hebben.

woensdag 6 mei 2026

Zuid-Korea: Een lange dag

Inpakken voor het vertrek

Hanoi (Noi Bai International Airport), woensdag 6 mei 2026

Is het de laatste dag in Thailand of de eerste dag op weg naar Zuid-Korea? Deze vraag speelt op deze ochtend van ons vertrek uit Thailand door mijn hoofd. Eerlijk gezegd hou ik niet zo van een einde aan een verblijf maar meer van een begin aan een nieuw avontuur. Daarom is deze dag, wanneer ik om iets over acht uit bed stap het begin van en nieuw avontuur. Het is alweer veertien jaar geleden dat Lyka en ik voet op Koreaanse bodem hebben gezet. Er wordt in de Verenigde Nietsnutten gesproken over Zuid- en Noord-Korea maar eigenlijk is er maar een Korea dat gewelddadig in tweeën is gebroken door een duivels socialistisch regime!
Het laatste ontbijt van tosti's en een dubbele varkensburger met kaas. We weten uit ervaring dat dit ontbijt tijdens de reis geen problemen met de spijsvertering zal geven. Dan begint het jachtige klokkijken en het eindeloos wachten totdat de minibus van “Bell Travel” ons komt ophalen om naar de grote touringcar op het busstation te brengen.
Inpakken voor het vertrek Nadat ik bij “Subway” een footlong sandwich “Chicken Teriyaki” heb gehaald, voor de verlate lunch op het vliegveld in Bangkok, beginnen we met het inpakken van de bagage. Altijd een spannend moment! Er is ruim anderhalve kilo kaas en koffie verbruikt dus zou het gewicht minder moeten zijn dan de vijfenveertig kilo bagage die we op Schiphol hebben afgeleverd. Er is helaas ook wat bijgekomen maar ik heb er alle vertrouwen in dat we onder de zesenveertig kilo bagage blijven die de twee koffers mogen wegen!
We hebben een nieuwe manier bedacht om de koffers te pakken! We beginnen beiden met onze eigen koffer, natuurlijk krijg ik twee zware spijkerbroeken aangereikt van Lyka, en dan sluiten we de koffers en wegen ze. Dat handweegschaaltje met een grote haak blijkt een goede aankoop te zijn bij Aliexpress.
Lyka zit op 24,4 kilogram en ik op 21,3 kilogram. Dat is ruim drie kilo verschil, dat maakt dat er anderhalve kilo van Lyka naar mij moet. Zo gezegd zo gedaan. Een oranje reep ducttape eromheen en de grote koffers zijn gepakt en beveiligd tegen het ongewenst open gaan tijdens het laden.
Wij zijn graag op tijd en om iets over twaalf zijn we uitgeboekt uit ons hotel en heb ik de borg weer in mijn zak. We wisselen wederzijds met het personeel grapjes uit dat we bijna familie zijn. Zo vaak hebben we al in het Nakorn Siam Boutique Hotel verbleven!
Mijn telefoon piept en ik zie een boodschap dat een onbekend nummer mij heeft geprobeerd te bellen. Ik bel het nummer terug en het is zoals verwacht de chauffeur van de minibus van Bell Travel die net uit ons zicht om de hoek op ons staat te wachten. De koffers gaan in de minibus en na nog drie andere passagiers te hebben opgehaald komen we tien minuten voor een aan bij de grote touringcar die ons naar de Suvarnabhumi luchthaven in Bangkok zal brengen.
We zijn nog maar net op de motorway wanneer de sandwich eraan moet geloven. Het smaakt prima en hap voor hap, met een oog op het voorbij schuivende Thaise landschap, geniet ik van de malse kip en de knapperige groenten. De touringcar doet er een uur en drie kwartier over voordat we op onze bestemming zijn. De touringcar rijdt verder na Hua Hin en zal ongetwijfeld nog wat passagiers aan boord nemen voordat zij verder rijd.
Klaar voor het vertrekIn de rode stoel Ruim op tijd lopen we de drukke vertrekhal binnen. We zijn nu bijna verlost van de drukkende warmte van de regentijd in Thailand. Onze vlucht met Vietnam Airlines, die ik overigens kan aanbevelen, staat nog niet eens op het bord met de vertrektijden dus zoeken we een rustig plaatsje achteraf in de vertrekhal.
Helaas bestaat er geen achteraf meer! De grote 7-11 en FamilyMart waar we jaren geleden een drankje en een hapje kochten voor een eerlijke prijs zijn weggesaneerd. Je kan daar nu je belasting terug krijgen die je in een van de grote Thaise winkelcentra voor je souvenirs hebt betaald. Hele kuddes lopen met stapels A4'tjes rond in de hoop veel geld terug te krijgen. Probeer maar eens bloed uit een steen te knijpen?
Zodra ik op het bord zie dat we incheckbalie L moeten zijn staan we op en gaan weer op pad. Het is duidelijk dat wij een van de eersten, zo niet de eersten, zijn die hebben gezien dat we naar incheckbalies L moeten om onze bagage af te leveren. Het is er stil, heel erg stil, terwijl meer dan de helft van de balies bezet zijn. Laat ik het maar even vragen!
De laatste passagiers van de Vietnam Airlines vlucht naar Da Nang zijn net afgehandeld en ze wachten op het bericht van de bagageafhandeling dat ze met de vlucht naar Hanoi mogen beginnen. Het is geen bezwaar dat wij alvast een plaatsje innemen. Inchecken gaat sneller dan verwacht ondanks dat we de “Korean e-Arrival Card” op mijn telefoon moeten laten zien! Een kwartier later zijn we douane en de immigratie ook al gepasseerd. We hoeven alleen maar onze paspoorten te scannen! Dat is gelukkig een hele verbetering in Bangkok.
Eenmaal achter de immigratiedienst slenteren we langs eindeloze zogenaamde Tax-Free winkels die duurder zijn dan de winkels in de stad of het internet. Voordat we bij Gate F4 gaan wachten willen we eerst nog een bakkie koffie drinken bij het ons bekende koffietentje.
En wat blijkt? De extreem hoge renovatie waanzin op de luchthaven van Bangkok heeft alle eenvoudige horeca verbannen of verplaatst naar een hoek waar ze onvindbaar zijn.
Bij een onvervalste kopie van Starbucks gaan we op het terras zitten en Lyka neemt de Visa kaart mee omdat plastic het nieuwe normaal is geworden. Een euro betalen met je debiet/kredietkaart lijkt de normaalste zaak van de wereld geworden in Zuidoost-Azië. En om eerlijk te zijn is het ook heel erg gemakkelijk. Je blijft niet zitten met dikke stapels vreemde bankbiljetten aan het einde van de vakantie. “Wise”, en in iets mindere mate “Bunq” zijn een welkome aanvulling voor de reiziger die ook nog eens aardig wat geld kan besparen.
Aardbeien Milkshake
Nadat Lyka is teruggekomen met een aardbeien Milkshake ga ik op onderzoek uit. Het gewone bakkie zwarte koffie, Americano genaamd in deze contreien, is weggesaneerd van de kaart. Waarschijnlijk omdat ze dan niet genoeg suikers en vetten kunnen verkopen. Het is geen wonder dat de mensen bijna overal in de wereld elke dag dikker en vetter worden. Verkoop en omzet zijn belangrijker dan de gezondheid van de mensheid. Er rest mij niets anders om bij de gouden bogen aan de overkant een beker cola zonder suiker te bestellen. De kleinste beker is iets meer dan een kwart liter. Meer dan de helft verdwijnt in de prullenbak! Over het smerige papieren rietje wil ik niet eens beginnen.
Rij 19 stoelen A en B in de nieuwe “Airbus A321neo”. Een van de beste plaatsen in het vliegtuig, we zitten net voor de vleugels en bijna op het kantelpunt van het vliegtuig. Op deze plaats voel je heel weinig bewegingen van het toestel.
Mijn buurman is een Fransman die mangaan stalen wisselstukken verkoopt. Laat mij nu vijfenveertig jaar geleden dagelijks met die stukken te hebben gewerkt. Er is meteen de klik van de liefde voor het oude massavervoermiddel: De trein!
We babbelen over de oude stoomtreinen, spoorbreedtes en de hogesnelheidstreinen buiten Europa. We hebben er beiden veel bereden en kijken altijd uit naar nieuwe ervaringen met het ijzeren paard.
Carbonara Vietnam Airlines De vlucht duurt maar ongeveer 75 minuten en dan moet het cabine personeel haast maken om de verplichte maaltijden te serveren, en natuurlijk ook weer op te ruimen. “Noedels met kip” volgens een van de zeer aantrekkelijke stewardessen van Vietnam Air. Een verklede versie van “Spaghetti Carbonara” voor de kenner. De smaak is goed en het is voldoende ondanks dat de porties in de vliegtuigen tegenwoordig ook kleiner lijken te worden.
Bánh mì Chicken We moeten vier uur wachten in de overbevolkte terminal 2 van de “Gimhae International Airport”. Het is wachten totdat de internationale reizigers de vliegtuigen hebben gevuld richting Europa.
Onze magen willen dat we wat knagen! We houden het op een Vietnamees broodje, de bekende Bánh mì Chicken, een zwarte koffie en een flesje lauw water.
‘Dat is dan € 15,- graag?’
Mensen leren snel, na-apen is overal op de luchthavens in de wereld de nieuwe norm. Je zit gevangen binnen een gecontroleerd en afgesloten gebied, ontsnappen is onmogelijk. Daarom kan je als een citroen worden uitgeknepen tot er geen druppel meer in je zit!
Het gaat richting middernacht. We zijn moe en wachten tot het moment dat we aan boord kunnen van onze vlucht naar Busan in Zuid-Korea. We hebben een lange dag achter de rug en zijn allebei erg vermoeid. Straks hopelijk een paar uurtjes slapen in het vliegtuig.

zondag 26 april 2026

Thailand: De tijden veranderen

Pizza Company avond

Pattaya (Nakorn Siam Boutique Hotel) 605), zondag 26 april 2026

Sinds mensenheugenis is het elke zondag in Thailand “Pizza Dag”, tenminste, wanneer er een filiaal van Pizza Company in de buurt is die ook bezorgt. Zo ook deze eerste zondag in Pattaya. Het zijn bijna altijd dezelfde pizza’s, de “Chicken Trio” en de “Super DeLuxe”! Die zijn verschillend genoeg in smaak en vallen ook altijd in de smaak.
Aan het einde van de middag zo rond vier ga ik achter het toetsenbord van mijn MacBook Air zitten om te gaan te bestellen. Dat bestellen gaat bijna vanzelf want ik heb al jaren een rekening bij de “Pizza Company”. Ik wandel door de verschillende schermen heen en bij de pagina afrekenen aangekomen slaat er de schrik op mijn hart.
Ten eerste klopt het telefoonnummer dat ze van mij hebben op de website niet! Dat is een heel oud nummer van jaren geleden. Waarschijnlijk nog van voor het Corona tijdperk. In Thailand wordt je prepaid telefoonnummer na zes maanden niet gebruikt te zijn automatisch verwijderd. Eerst maar even bellen over dat verkeerde telefoonnummer!
Het juiste telefoonnummer is belangrijk zodat de bezorger je kan bellen, of een sms sturen, wanneer hij bij de receptie staat met de bestelling. Gelukkig hoeft er niets veranderd te worden. Mijn juiste telefoonnummer staat in de systemen van de Pizza Company maar het is helaas niet mogelijk om telefoonnummers in de database van de website te wijzigen.
Daarna komt er een tweede verrassing! Je kan niet meer contant aan de bezorger betalen. Het plastic, Visa/Mastercard, en het betalen met de telefoon heeft nu ook Thailand bereikt. Ik had het kunnen weten want in de geheel gerenoveerde BigC zijn er nu ook zelfscankassa’s waar ik al een keer met mijn “Wise debietkaart” de dagelijkse boodschappen heb betaald.
Het wordt dus de Wise debietkaart! Ik neem de gegevens over van het kleine plastic kaartje en enkele tellen later krijg ik de boodschap op het scherm dat de betaling is ontvangen en dat de pizza’s rond 19:00 worden bezorgt. De tijden veranderen in Thailand!
Zondag is ook de dag dat ik op de kamer blijf. Op dit ongebruikelijk moment van het jaar, normaal zijn we eind april altijd in Nederland, maak ik me klaar voor de laatste voorjaarsklassieker. Luik-Bastenaken-Luik staat op het programma en belooft een spektakel te worden. Natuurlijk zijn alle ogen gericht op Tadej Pogačar maar er zijn ook enkele jonge kapers op de kust. Zoals onder meer het jonge Franse talent Paul Seixas. De TV-reportage begint rond 19:30 dus dan zullen de pizza’s al bijna verdwenen zijn.
Met de internet radio van “AccuRadio” op de achtergrond mijmer ik over de problemen in Nederland. Het zijn niet eens èchte problemen. Het gaat over de halsstarrigheid van een persoon die eveneens een slechte verliezer. Hij geeft een ander de schuld van zijn eigen domme handelen. Dat gezeur heeft mij het afgelopen jaar al meer dan achtduizend euro gekost! En dat lijkt mij toch een serieuze aderlating voor de onnozelheid van iemand anders?
Ik probeer Nederland, in mijn hoofd “Hamasstan” uit mijn gedachten te verbannen en denk na over het Pattaya anno 2026. Een heel ander Pattaya dan het Pattaya uit 1999 toen ik hier de eerste keer was. Er zijn nog wel enige overeenkomsten maar de ziel van de badplaats is veranderd. De Thai zijn na de Covid samenzwering veel harder geworden. Ik krijg steeds vaker het idee dat westerlingen hier niet echt welkom meer zijn.
Mijn ochtendwandelingen zijn zoals gewoonlijk heerlijk ontspannend, net als de afgelopen jaren. Er waait vanaf de zee een bries over de boulevard die net genoeg verkoeling brengt. Tijdens de wandeling langs het water slalom ik langs de bijna slapende vlinders van de nacht en de bedelaars die steeds lastiger worden. Het aanraken van mijn lichaam gaat me snel irriteren maar ik moet mij inhouden en rustig blijven. Je opwinden is gezichtsverlies!
De: ‘zoals de wind waait waait mijn jasje’ mentaliteit is hier het beste.
Een nieuw bouwproject in Soi Bua Khao Ondanks dat er heel weinig westerse toeristen zijn overgebleven na het Thaise nieuwjaar blijven de Thaise investeerders optimistisch. Zoals op deze hoek in Soi Bua Khao. Ik heb heel wat Thaise maaltijden genuttigd in de golfplaten schuur die hier heeft gestaan.
Later was er een fruitmarkt die de helft goedkoper was dan de supermarkten. En nu? Het zal wel een woontoren worden met koopappartementen. De gangbare mening is hier nog steeds dat de hele wereld in het mondaine Pattaya wil wonen!
Agrarische grond in het centrum van Pattaya Aan Second Road is het zoveelste, en misschien wel het laatste, complex met bars gesloopt. De oude gezellige beerbars zijn ingehaald door de mobiele telefoon. De ontmoetingspunten voor westerse mannen en oosterse vrouwen zijn nu niet meer de gezelligheid van de bars maar het koele onpersoonlijke internet. Een kort video gesprek met een dame van plezier, waar vaak ook de handelswaar in levende lijve wordt getoond. De instructies voor de altijd aanwezige Grab of Bolt motortaxi en de zaken zijn gedaan.
Op dit terrein zijn oliepalmen geplant. Waarom? Er is mij ooit verteld in Bangkok dat de grond in Thailand is verdeeld in bouwgrond en agrarische grond. Voor een perceel waarop een gewas staat dat een agrarische oogst produceert zijn de belastingen veel lager! Ook hier zal in de toekomst wel een appartemententoren verrijzen. Tot de bouw begint is het in ieder geval een boomgaard.
Nog steeds leeg Het ooit zo majestueuze “Royal Century Hotel” **** staat al zes jaar leeg. Het zeker 170 kamer tellende complex is de “Corona Pandemie” nooit te boven gekomen. Je moet wel heel veel geld, en vertrouwen in de toekomst, hebben om deze gok te nemen.
De Central Pattaya Road waaraan dit hotel ligt oogt ook steeds droeviger. Veel borden met “For Rent” achter de glazen ramen en deuren. Eindeloze rijen lege massagesalons met verveelde masseuses die nog niet eens genoeg geld voor de huur van hun kamer en de dagelijkse maaltijden verdienen. Alle hoop is gevestigd op die ene prins op het witte paard die een wandelende pinautomaat blijkt te zijn.
Chicken Roast bij de Captain's BarDe lichtjes van Pattaya Na een paar koude grote beer Leo met enkele Noorse en Zweedse vrienden zijn we bij de Captain’s Corner gaan eten. De Chicken Roast en de Fish & Chips, aangevuld met een salade, waren heerlijk.
Op het terrein waar vroeger de enorme Xzyte discotheek stond zijn nu uitgaansgelegenheden voor de jongere Thai gebouwd. Een mix van eetgelegenheden met enkele bars en restaurants waar tot diep in de nacht live muziek speelt. Het is nog niet druk wanneer we om kwart voor acht over het terrein lopen. Hier gaat het pas laat op de avond los en het gaat door tot in de kleine uurtjes.
Pizza Company avond Er verschijnt een bericht op de iPhone dat de bezorger onderweg is. Ik kan live meekijken waar de bezorger zich in het drukke zondagavond verkeer van Pattaya bevind.
‘Pizza Delivered’ knippert er op het kleine scherm.
Snel met de lift naar beneden en daar staat de scooter met de geïsoleerde box achterop. Zij is duidelijk opgelucht dat de klant gevonden is. Ik geef haar 20 baht fooi en ga weer met de lift naar boven. De pizza’s smaken zoals gewoonlijk. Nog een grote kles Leo bier en dan wielrennen kijken. Wat kan het leven toch mooi zijn in den verre.
Copyright/Disclaimer