dinsdag 22 april 2008

Hong Kong, zondag is rustdag, ook als hij op dinsdag valt

Hong Kong, 22/04/2008

Mijn laatste dag in deze wereldstad. Ik ben moe, heel moe. Ik heb een hele slechte nacht achter de rug omdat er gisteren een groep Engelsen was gearriveerd die de zaak compleet overnamen en zonder aan de anderen te denken aan de slag gingen. Luide muziek en gepraat in de keuken met als resultaat dat iedereen vroeg naar bed ging met de oordoppen in.
Gelukkig waren ze al vertrokken toen ik vanochtend wakker werd met pijn in mijn oren van de gele sponsige oordoppen. Het kaartje voor de bus van negen uur werd snel opgehaald en in de keuken heerste er een fijne drukte. Gratis jam en pindakaas want de Australiërs uit Perth zouden vanavond vertrekken. Een harig stuk ongedierte had mijn laatste twee boterhammen aangevreten zodat deze direct in de prullenbak verdwenen. De twee nieuwe, gratis van de Australiërs, met pindakaas smaakten heerlijk. Samen met het kopje (oplos)koffie was het een aangename verandering voor de start van de dag.
Wat was de grootste verandering vandaag? Ik zou niet gaan lopen! Zondag is een rustdag, ook als die op een dinsdag valt. Het vreemde gevoel zat nog steeds onder mijn huid en daar zou de laatste dag geen verandering in kunnen brengen. Bij de McDonalds nam het ontbijt wat langer in beslag als normaal en ik liet de afgelopen twee weken nog eens de revue passeren. Ik had zo mijn twijfels of ik hier nog wel eens zou terugkeren. Was het de locatie van het YHA? Was het omdat ik niet in de stad sliep? Viel het tegen omdat Macau zo’n succes was? Ik weet het niet, er zweefden een honderd vragen door mijn hoofd waarop ik geen antwoord kon vinden.
Victoria Peak zou het vandaag voor mij moeten doen net als tien jaar geleden. Wat gaat de tijd snel als je ouder wordt! Opnieuw, en nu vermeld ik het voor de laatste keer, stond de weg naar de Peak Tram heel slecht aangegeven. Er was een modern en lelijk gebouw boven het station gebouwd en dat ontnam het zicht op het perron vanwaar de tram het steile traject zou beginnen. Met wel honderd andere toeristen maakte ik de reis naar boven en ik was in gedachten verzonken over de Madam Taussaud boven op de peak. Er was een combinatieticket te koop aangeboden maar nergens stonden de prijzen afzonderlijk en dat maakte het toch wel moeilijk om te beslissen wat in je voordeel was.

Het weer was gelukkig opgeklaard en het zicht over de haven was veel beter dan de afgelopen week. Langzaam slenterde ik rond en bekeek het winkelcentrum dat achter het tramgebouw was gebouwd. In het begin van de week was mijn plan geweest om naar beneden te lopen maar omdat ik zo moe was had ik er van afgezien. Gelukkig maar want er waren weer geen borden te vinden die ook maar een beetje de richting aangaven.

Tijdens de rit naar beneden had ik weer het gevoel dat ik er klaar voor was om richting mijn volgende bestemming te gaan. Het al mijn laatste dag en ik had niet echt veel zin om nog wat te doen vandaag. Het was pas één uur toen ik weer onder aan de heuvel stond, dus moest ik nog wat doen en mijn keuze viel op een retourtje met de Star Ferry naar Kowloon waar ik het Hong Kong Museum maar eens zou gaan bezoeken. Gelukkig bleek daar ook een interessante tentoonstelling te zijn uitgestald, Chinees porselein, natuurlijk ook in verband met de naderende olympische spelen in Beijing.
De tijd kroop tergend langzaam en ik telde de minuten terwijl ik mijn trip analyseerde op een stoel bij de McDonald’s, McCafé deze keer om precies te zijn. Het antwoord van de hamburgerkoning op het succes van de bedrijven zoals Starbucks en the LeaLeaf and CoffeBean. Het was een leuke trip geweest en zeker Macau was een tweede bezoek waard. Hong Kong is en blijft vreemd. Misschien dat ik het ooit nog een tweede kans geef wanneer ik op doorreis ben maar als bestemming zal het waarschijnlijk nooit meer worden gekozen.
De bus terug naar de jeugdherberg zat weer vol met een hoop nieuwe gezichten en dat versterkte mijn gevoel om weer verder te gaan. Douggie, Mel, Tai, allemaal aardige en bijzondere individuen die ik waarschijnlijk nooit meer zal zien of er ook maar wat van zal horen. Reizen is altijd afscheid nemen. Morgen staan we vroeg op want ik moet om half één op de luchthaven van Macau zijn.

maandag 21 april 2008

Hong Kong, een dagje op Lantau

Hong Kong, 21/04/2008

Ik had nog maar twee dagen te gaan en nog steeds het gevoel dat ik niets had gezien. Het is en blijft een vreemde plaats dat Hong Kong en helaas heb ik moeten constateren dat het allemaal niet zo leuk is als ik mij herinnerde. De op één na laatste dag zou me naar het Lantau eiland brengen. Het grootste eiland van de voormalige Britse kolonie herbergt de Chek Lap Kok Luchthaven en dat is meestal het enige wat de toeristen van dit eiland zien. Er zouden vandaag flink wat kilometers in de trein worden afgelegd en tussen die twee treinreizen zou ik een flinke wandeling maken.
De start op het eiland was dramatisch! De bewegwijzering is zo slecht dat ik er al een wandeling van bijna vijf kilometer had opzitten toen ik bij de kabelbaan arriveerde. Mijn startpunt was nog geen tweehonderd meter om de hoek van de kabelbaan geweest! Het is niet anders. De rit met de kabelbaan was van ongekende schoonheid en ik dacht voor een moment aan de problemen die zich hier hadden voorgedaan drie weken geleden. Er was iets kapot gegaan en de veiligheidsystemen hadden ingegrepen. Sommige passagiers hadden meer dan twee uur op 50 meter hoogte boven het water in de gondel gebungeld. We klommen en klommen steeds hoger totdat we het wolkendek hadden bereikt.
Vanaf de rand van het Po Lin klooster kon ik de grote bronzen Buddha op de top van de heuvel zien staan. Vlagen laaghangende bewolking schoten langs haar heen en omhulden haar in een waas van mysterie. Het was er ook redelijk koel en na mijn flinke treinreis kon ik wel een kopje koffie gebruiken. Het Po Lin klooster mag dan wel een religieuze plaats zijn, de commercie is hier wel duidelijk doorgedrongen met een Starbucks zij aan zij met de heiligheden. De koffie met een saucijzenbroodje en de stroopwafels gaven een Nederlands tintje aan mijn korte stop.
Ik heb het al eens eerder vermeld en ik doe het nu nog een keer. De bewegwijzering hier in Hong Kong is gewoonweg slecht te noemen. Daar waar ik in Macau blindelings kon vertrouwen op de borden liep ik hier steeds verloren en verkeerd in cirkeltjes. Na drie keer vragen was ik eindelijk op het juiste pad naar beneden. Ik had ervoor gekozen om in plaats van de kabelbaan een wandelpad terug naar Tung Chung te nemen. Dit wandelpad was één lange afdaling naar het treinstation vanwaar ik weer naar Hong Kong eiland zou reizen.
Onderweg twijfelde ik nog wel een paar keer of ik wel op de juiste weg was omdat nu de wegwijzers geheel ontbraken. Toen ik na een tiental minuten het SG Davis YHA passeerde wist ik dat ik op de juiste weg was. Het was erg rustig in het park en de enige twee gezichten die ik tijdens de ruim twee uur durende afdaling tegen kwam waren medewerkers van het Nationale Park. De meeste Chinezen lopen nu eenmaal niet zo graag. Ik passeerde een paar kloosters waar geen levende ziel te bekennen was en enkele watervallen die rustig naar beneden kabbelden. Onderaan de berg stond ik weer aan de rand van de stad en op mijn GPS kon ik zien dat ik hier niet zo heel ver vandaan al had gelopen. En het kwam me ook een beetje bekend voor.
Na de treinreis terug kocht ik een magnetronmaaltijd en vier blikken bier voor de avond. De tijd was vandaag weer snel gegaan en ik had nu nog maar één dag over in Hong Kong. Ik had nog steeds dat vreemde gevoel dat ik niets had gezien in de afgelopen zes dagen. Morgen gaan we weer een lange wandeling maken.

zondag 20 april 2008

Hong Kong, Kowloon in de zon

Hong Kong, 20/04/2008

Het is alweer mijn vierde dag ik Hong Kong en ik heb nog niet echt iets gezien. Dat heb je met het weer, het kan ook tegen zitten en je kan hier niets aan doen. Maar vandaag brak de zon door en de mist was grotendeels opgetrokken boven de haven van Hong Kong. Vanaf het terras lag Kowloon er aantrekkelijk bij en het zou vandaag ook mijn bestemming zijn. Een dagje Kowloon in een flinke wandeling door deze wijk.
Direct nadat ik de ondergrondse had verlaten werd ik overvallen door hetzelfde gevoel als ik op het eiland had gehad. Het was wel leuk maar ik had het gevoel dat ik het allemaal al had gezien. Met een lichte tegenzin ging ik op pad voor de drie uur durende wandeling. De hoek om en nog een keer de hoek om en ik stond voor de poort van de Yuen Po Street Bird Garden. Het bord naast de ingang vermelde dat het al een aardig tijdje geleden was aangelegd in overleg met het toeristisch orgaan van Hong Kong. Bussen met toeristen arriveerden en losgeslagen Russen vloeiden de markt op. Duizenden kooitjes met vogeltjes en een breed assortiment insecten die als voer voor de vogels moesten dienen stonden uitgestald. Weinig bijzonders, eigenlijk was alleen het schone openbare toilet een verrassing.
Rustig slenterend ging het lang de winkels met aquaria waarin de meest vreemd gemuteerde vissen zwommen. Wel vreemd van die Chinezen, ze eten werkelijk alles maar zijn tegelijker tijd gek op huisdieren. Het was al één uur toen ik langs een open eethuis liep waar er een gerecht werd bereid wat ik nog nooit had gezien. Een soort Japanse poffertjes met groente en octopus erin. Ze zagen er beter uit dan ze smaakten, ze smaakten een beetje flauw. De vier poffertjes waren erg zwaar en na drie stuks had ik er genoeg van. Misschien lag het aan de Japanse mayonaise die er rijkelijk overheen was gespoten? Ook de Yakisoba was van een twijfelachtige kwaliteit en deze lunch was met stip de slechtste van deze reis.
Nu ging het snel! De twee markten waren slechte braderieën en de Jade market was echt niets waard. Misschien dat in vroegere tijden hier mooie kunstwerken vervaardigd van Jade werden verkocht maar nu ging het niet verder dan goedkope bedeltjes en armbanden voor de toeristen die er niet waren. En zo stond ik om half drie weer aan de haven te kijken naar de skyline van Hong Kong eiland.
Mijn dag zat er nog niet op maar mijn plannen waren allemaal tot een einde gebracht. Wat nu? Ik keek eens goed om mij heen, dronk een bakkie koffie en bestudeerde mijn nieuwe sandalen die vandaag aan een goede test waren onderworpen. Ze hadden de test met gemak doorstaan en ik bedacht dat voor die prijs ik zelfs wel een tweede paar kon gebruiken. En zo ging ik verder en opnieuw op weg naar het Times Square winkel centrum.
Op zondagmiddag was het een gekkenhuis in de sportzaak en het duurde twintig minuten voordat ik ook maar een verkoper te pakken had. Door een walkie talkie riep hij het merk, model en de maat naar een andere medewerker in het magazijn. Vijf minuten later zat ik met de sandalen in mijn hand, alles hetzelfde behalve de kleur. Dat maakt sowieso weinig uit want ik met niet op reis om modieus te zijn.
En zo kwam ook deze dag weer aan een einde en met mijn vier blikjes bier maakte ik weer de weg met de bus van twintig over vijf naar het Mt. Davis YHA. Vandaag had ik 28 kilometer gelopen en mijn benen waren erg moe, het was dan ook niet vreemd dat ik na slechts twee blikjes bier om half tien al onder de dekens lag. Morgen op weg naar de eilanden.
Copyright/Disclaimer