donderdag 7 mei 2026

Zuid-Korea: Twintig graden lager dan gisterenochtend

Gimhae International Airport

Busan (So Yu Hotel) 209), donderdag 7 mei 2026

Nadat de passagiers bij gate 22 zijn vertrokken naar Frankfurt hebben we eindelijk een zitplaats gevonden op de speciaal gereserveerde stoelen voor zwangere vrouwen en mensen die een respectabele leeftijd hebben bereikt.
‘Oude van dagen’, klinkt in mijn oren een stuk slechter dan: ‘Senior Citizens.’
Het zal best wel goed bedoelt zijn maar de airconditioner blaast recht naar beneden op onze hoofden. Het voelt alsof we in Helsinki op onze aansluitende vlucht zitten te wachten!
We zitten er samen al helemaal doorheen en het is ons aan te zien. Ook op de laatste vlucht krijgen we voorrang om aan boord te gaan. Het is sowieso geen probleem omdat onze stoelen zich achter in het vliegtuig bevinden op de laatste rij in het midden. Gelukkig met de rug tegen de keuken en niet tegen het toilet.
Het aan boort gaan van de passagiers gaat snel en we gaan op de geplande tijd de lucht in. Er wordt gecontroleerd of we de veiligheidsgordels vast hebben en het licht in de cabine gaat uit voor het opstijgen naar onze bestemming, Busan in Zuid-Korea.
Mijn lichten gaan tegelijker tijd ook uit. Ik glij meteen in een diepe slaap die ik echt nodig heb. De jaren beginnen voor mij te tellen en ik heb mijn slaap echt hard nodig.
Ik heb geen enkele herinnering aan de drie uur in de lucht totdat de stewardess mij wakker maakt: ‘Wilt u misschien wat drinken? U heeft niets gegeten en gedronken tijdens de hele vlucht!’
Ik kijk de aantrekkelijke stewardess aan alsof ik in de ogen van een fee kijk. Ik kan geen woord uitbrengen. Een fantastische service van Vietnam Airlines.
‘Een bekertje koud water is voldoende voor mij nu’.
Lyka ligt nog tegen mij aangeschurkt zachtjes te snorren als een poes. De boodschap van de kapitein dat de landing is ingezet waakt op de rest van de passagiers op. De lichten in de cabine gaan aan en de schuiven voor de patrijspoorten moeten omhoog. Op het beeldscherm in de achterkant van de stoel voor me zie ik dat we iets ten zuiden van Jeju-do vliegen. Een eiland waar Lyka en ik warme herinneringen aan hebben.
Na een harde landing, het vliegtuig slingerde over heel de landingsbaan, zijn we eindelijk weer op de grond. Ik ben nog steeds moe maar ik heb het gevoel dat het wel gaat lukken om zonder brokken in ons hotel in de stad te komen. We hebben vier uur gevlogen en zijn zes uur verder in ons leven. Dat is de oorzaak dat veel mensen last hebben van een jetlag wanneer je richting het oosten vliegt.
Gimhae International AirportEnorme motor We gaan (helaas) niet naar een Gate maar we staan geparkeerd op de grote parkeerplaats tussen andere vliegtuigen. Busan is niet een hele grote luchthaven en wordt vaak gebruikt voor het overstappen naar andere bestemmingen binnen Zuid-Korea. Parkeren van het vliegtuig is dan een betere optie voor de luchtvaartmaatschappijen.
Onderaan de trap staan de bussen op de passagiers te wachten. Eenmaal buiten wacht ons een positieve verrassing. De buitentemperatuur is hier twintig graden lager dan bij ons vertrek uit Thailand! Wij zijn er op voorbereid met mijn fleece en Lyka met haar wollen vest. Andere toeristen staan beteuterd te kijken op hun slippers, korte broek en mouwloos t-shirt!
De immigratiedienst lijkt op het eerste oog niet zo efficiënt voor een eerste wereldland. Ik blijf de aankomende passagiers observeren en probeer, terwijl wij in de wachtrij te staan, te raden wie een extra controle krijgt. Ik raad ongeveer de helft goed! Om welke reden? Geen idee, gewoon een onderbuikgevoel of noem het intuïtie.
Zuid-Korea houdt haar grenzen streng dicht voor ongewenste vreemdelingen. Ook in Zuid-Korea krimpt de inheemse bevolking. Linkse ideeën, om bijvoorbeeld Indonesiërs en Indiërs werkvergunningen te geven om openstaande vacatures in de productie en de industrie te vullen, hebben hopeloos gefaald.
De inheemse bevolking kwam in opstand omdat de Koreaanse identiteit werd vervuild met ideeën uit anders denkende landen. In Zuid-Korea werd het beestje gewoon bij de naam genoemd! Met als gevolg dat er strengere regels kwamen voor de immigratie en de werkvisaas zonder enige verantwoording per onmiddellijk konden worden ingetrokken.
Er lijkt een verschuiving naar arbeiders uit de Christelijke Filipijnen en het Chinese Maleisië te gebeuren. Het verbaasd mij dat er heel weinig Thaise arbeiders aan boord lijkt te zijn. De reden laat zich raden! Thai zijn ook niet echt te vertrouwen.
Ik loop als eerste op de officier van de immigratiedienst af. Ik overhandig haar alleen mijn paspoort. Mijn hoed zet ik op het uitgetrokken handvat van mijn rolkoffertje. Ze knikt goedkeurend en kijkt mij doordringend in de ogen.
Ik hoor de toetsen op het toetsenbord klikken en even later kijkt ze op van het beeldscherm en inspecteert mijn gezicht nog een keer. Haar ogen gaan terug naar het beeldscherm en daarna naar mijn paspoort. Er wordt geen woord gewisseld. Er ligt een ondoordringbare stilte tussen ons. Is dat een goed of een slecht teken?
Ze plakt een stickertje in mijn paspoort en knikt glimlachend terwijl ze met haar arm een zwaai gebaar maakt dat ik verder mag gaan. Dat viel dus erg mee! Op een afstandje bekijk ik hoe Lyka dezelfde handelingen ondergaat. Ook hier zijn geen problemen en wij zijn nu officieel in Zuid-Korea.
Onze koffers komen van band vier en met die twee monsters van 46 kilogram totaal gaan we richting de douane waar ik eerlijk gezegd toch wel mijn billen een beetje tegen elkaar knijp. De kaas zeker, en de koffie misschien, zouden problemen kunnen geven.
Links voor ons lopen twee Aziaten met beide een trolley vol met opgestapelde koffers en dozen. Ze zijn al van verre opgemerkt door de douaniers die dieren- en plantenziekten buiten de landsgrenzen moeten houden. Beide douaniers lopen op de Aziaten af en wij maken van die mogelijkheid gebruik om rustig door het rechtse kanaal naar de aankomsthal te lopen.
Hello BusanWave Busan Elke aankomsthal in de wereld lijkt hetzelfde voor mij! Autoverhuur, geldwisselkantoor, simkaart voor de telefoon, toeristeninformatie en een eindeloze rij ATM’s waar je als toerist bestolen wordt met absurde transactiekosten en slechte wisselkoersen!
Wacht even? Er is geen enkele ATM te bekennen! Wat nu? Vooral rustig blijven Jielus, zeker wanneer je doodvermoeid bent! Eerst naar de toeristeninformatie om te vragen waar we de trein naar de stad kunnen vinden.
De treinroute naar het hotelDe treinroute naar het hotelDe treinroute naar het hotel
Armgebaren, Koreaanse stationsnamen en slecht Engels worden op mijn vermoeide hersenen afgevuurd. Ik kan proberen om het op te schrijven maar ik weet zeker dat ik zo moe ben dat ik mijn eigen handschrift niet meer kan lezen. Mede omdat schrijven met je hand uit de tijd is en bijna alles tegenwoordig met een toetsenbord wordt gedaan.
Lyka heeft ontdekt dat er gratis ‘WijFij’ in de aankomst hal is. Met Google Maps zet ik onze treinreis uit en maak beeldschermafdrukken. De namen zijn nu duidelijk leesbaar en het moet ons wel lukken om zonder problemen bij het hotel te komen. Op weg naar het treinstation!
We zijn erg moe Buiten worden we verrast door de stralende zon. Het mengsel van de koele ochtend zeelucht met de warmte van de stralende zon brengt meteen een brede glimlach op mijn gezicht. Ik voel me al thuis hier! Lyka heeft het er zichtbaar moeilijker mee. Ze is nog steeds doodmoe en verlangt naar een warm bed.
Op weg naar de trein Op weg naar de trein zit ik nog steeds met het probleem van contant geld. Waar is die ATM die we broodnodig hebben? Aan de overkant van de weg zie ik een kleine winkel genaamd CU, daarvoor staat in het Engels ‘Nice to’. Marketing op zijn best.
Het personeel in de CU is heel erg behulpzaam en het meisje achter de kassa zoekt op haar telefoon waar we een ATM kunnen vinden. Bij uitgang 4 moeten er enkele ATM’s zijn. Ik bedank haar en ga op zoek naar contante “Koreaanse Won”. Op het eerste gezicht zijn geen ATM’s maar machines waar je papieren buitenlandse valuta kan omwisselen. Ik heb wel wat Euro’s bij me maar die houdt ik liever voor noodgevallen achter de hand.
Tijdens een tweede poging ronde bestuur ik de machines opnieuw en ontdek ik het VISA logo op een sticker. Er is ook een opening, met een waarschuwing in het Engels voor het skimmen, waar een bankpas in kan. Daar gaan we dan! Mijn Wise kaart verdwijnt in de gleuf en op het beeldscherm verschijnt de vraag in welke taal ik verder wil. Engels dus!
Eerst de pincode, dan het bedrag en het verzoek of je akkoord gaat met ₩ 3.600 transactiekosten. Die ₩ 3.600 is ongeveer € 2,50 dus daar kan ik wel mee leven. Niet veel later sta ik met vijftig biljetten van ₩ 10.000 in mijn hand verbaasd om mij heen te kijken. Dat is een stevige bundel bankbiljetten die zeker niet in mijn portemonnee passen. Mijn oorspronkelijk begroting is ₩ 100.000 per dag voor ons samen. Een dag of drie is meer dan realistisch om eens te bezien hoeveel Korea per dag kost voor een koppel uit het peperdure Islamitische Hamasstan (voorheen Nederland).
Met contant geld op zak ga ik terug naar de winkel waar ik zo goed ben geholpen. Snel een kleine snack en een flesje drinkwater. Kun je kraanwater drinken in Zuid-Korea? Ik neem aan van wel. Net als in Japan wordt er hier niet gespeeld met het milieu.
Onze eerste rit is met de paarse lijn van de Light-Rail, beter gezegd de Metro, naar een station genaamd “Sasang”, daar stappen we over op de groene lijn naar “Seomyeon” waarna we met de rode lijn naar “Jung-Ang”. Bij het kopen van de treinkaartjes leer ik meteen dat er alleen met contant geld voor het openbaar vervoer kan worden betaald. Een Koreaanse “Senior Citizen” vrijwilliger staat klaar om arriverende toeristen in gebroken Engels te helpen. Ik laat haar weten dat ons eindstation “Jung-Ang” is.
Ze schud met haar hoofd en verteld dat we over moeten stappen in “Sasang”, daar kopen we een kaartje tot “Jung-Ang”. haar vingers glijden over het aanraak-beeldscherm en er verschijnt een bedrag van ₩ 1.700. Ik hou twee vingers omhoog als teken dat ik twee kaartjes wil. Ze drukt op 2 passagiers en mijn bankbiljet van ₩ 10.000 wordt door de automaat ingeslikt. Er ratelt het een en ander in de automaat waarna er twee plastic muntjes in een bakje vallen gevolgd door het muntgeld en een stapeltje bankbiljetten.
Dit is geen hogere wiskunde en ondanks mijn vermoeidheid heb ik het allemaal opgeslagen en ik kan straks in “Sasang” met zekerheid zelf de kaartjes voor het vervolg van onze treinreis kopen.
Eenmaal in de eerste trein zien we de problemen met onze hoeveelheid bagage die luchtreizigers over het algemeen met zich meevoeren. Een grote en een kleine (rol)koffer per persoon is de norm. Er zijn enkele Koreanen in de trein die afkeurend naar ons kijken, maar over het algemeen is er begrip onder de treinpassagiers over de de hoeveelheid bagage die we meeslepen.
Op het station van “Sasang” wordt me veel duidelijk. Zoals op veel plaatsen in de wereld is de verbinding van de luchthaven naar het openbaar vervoer netwerk afgescheiden. In Sasang kan ik gewoon een kaartje kopen voor het openbaar vervoer van de stad Busan. Ook hier is de prijs ₩ 3.400 voor twee kaartjes naar Jung-Ang. Nog een keer overstappen en we kunnen op zoek naar het warme bed in ons hotel.
Bij het overstappen op het station van Seomyeon gaat het fout! Net als tweeëntwintig jaar geleden met Andy in Seoul lopen we de poortjes door naar het verkeerde perron en stappen in de trein die in de tegenovergestelde richting gaat. Drie stations verder ontdek ik onze fout en we verlaten de trein.
Voordat we door de poortjes het perron verlaten vraag ik aan een paal om hulp. Niet veel later verschijnt er een vrouw die ons naar het andere perron begeleid. Nu zitten we eindelijk in een veel drukkere trein die ons naar het laatste station zal brengen. Hier maak ik de volgende denkfout, het zal de vermoeidheid wel zijn!
‘Laten we maar een station verder nemen? Nampo ligt volgens mij iets dichter bij het hotel!’, zeg ik tegen een doodvermoeide Lyka en ze knikt goedkeurend.
Zo gezegd zo gedaan. Alleen willen, zoals verwacht, de poortjes van het perron niet open omdat er op onze kaartjes een ander station staat dan waar we uitstappen. Er gaat een alarm af en een oudere man verschijnt. Die verteld ons in redelijk Engels dat we ₩ 400 (€ 0,23) moeten bijbetalen. Ik moet er zelf om lachen. Voor ₩ 7.200 (€ 4,48) hebben we anderhalf uur in de trein gezeten van de luchthaven naar de stad. Waarom zou het openbaar vervoer in Zuid-Korea zo vol zitten?
Eenmaal boven de grond zijn de eerste indrukken van Busan overweldigend. Het is heerlijk weer, het is er niet druk, het is er relatief stil en het is zeer heuvelachtig. Met mijn richtingsgevoel als een postduif lopen zonder een foute afslag in een keer naar ons onderkomen voor de komende 27 dagen.
So Yu Hotel Het So Yu Hotel mag er aan de buitenkant wat vreemd uitzien maar vanbinnen is het een luxe drie sterren hotel. We worden verwacht maar het is nog geen kwart over elf. De kamers zijn volgens de geldende regels pas vanaf twee uur beschikbaar. We gaan vermoeid zitten en zit niets anders op dan te wachten tot onze kamer beschikbaar is.
So Yu Hotel (209) De jongen achter de receptie is meer dan behulpzaam. Ik krijg het idee dat er wat broeit. Ruim twintig minuten later krijgen we het bericht dat er een kamer voor ons gereed is. We krijgen kamer 209 toebedeeld.
Ik ben een beetje teleurgesteld, ik vraag altijd om een kamer op een hoge verdieping zo ver als mogelijk bij de lift vandaan. Hij is op mijn vraag voorbereid. Hij verteld ons dat we zaterdag kunnen verhuizen naar kamer 609 voor de rest van ons verblijf. Tevreden stappen we in de lift en verbazen ons over de luxe kamer/badkamer. Wij gaan het hier goed naar ons zin hebben.
Copyright/Disclaimer