dinsdag 26 februari 2008

Sri Lanka: Alle wegen leiden naar Kandy

Kandy (Olde Empire Hotel), dinsdag 26 februari 2008

Kandy was en is nog steeds het religieuze centrum van Sri Lanka. Zelfs toen de Hollanders en Portugezen hier de baas waren ging hun invloed niet verder dan een kilometer of twintig landinwaarts. Zij waren de baas in de kustlijn maar de rest van het land werd geregeerd door de boeddhistische geestelijken in Kandy. Het is dan ook niet moeilijk om zich voor te stellen dat Kandy, als in het midden van een spinnenweb, het centrum is van het wegennet. Van zuid naar noord en van west naar oost lopen alle wegen en paden naar Kandy.
Na het avondeten ben ik gisterenavond vroeg naar bed gegaan. De beklimming had me gesloopt en ik was zeer vermoeid van de mooie, maar genereus beloonde, tocht naar de top van “Adam’s Peak of beter gezegd Sri Pada” voor de Srilankanen. Als een blok ben ik in slaap gevallen en heb, zonder ook maar een moment wakker te zijn geweest, in een keer doorgeslapen totdat de Chinese reiswekker me roept.
Untitled
Om iets voor half zeven wordt ik weer redelijk fris wakker, ik kan mijn benen goed voelen! Hoewel ik veel en vaak, ook langere afstanden, wandel is een beklimming tot 2.243 meter over betonnen trappen weer een heel andere discipline. Vandaag zal het geen vermoeiende dag worden, maar wel word waarschijnlijk wel een lange dag.
Het doel voor deze ochtend is om uiterlijk half elf in Hatton te zijn. Daar nemen we de aansluitende trein naar Kandy van drie minuten voor elf. De bus van half negen is spelen met het noodlot dus hebben we tijdens het avondeten besloten om de bus van acht uur op deze ochtend absoluut niet te missen.
Om zeven uur zit ik al gezakt en gepakt aan het ontbijt terwijl Graham nog bezig is met zijn rugzak in te pakken. Op het moment dat het eerste gedeelte van het ontbijt arriveert roep ik Graham en tegen de tijd dat hij aan tafel is aangeschoven staat het wel zeer uitgebreide ontbijt op tafel. Het is een lust voor het oog en het smaakt ons nog veel beter.
Untitled
Het “Green House” in Dalhousie is ten zeerste aan te bevelen voor een kort verblijf in de buurt van het pad naar “Sri Pada”! Mijmerend over de zware klim komen we samen tot de conclusie dat we uiteindelijk toch de beste optie hebben gekozen. Weer een zonsopkomst had ons hoogstwaarschijnlijk toch meer niet aangesproken en terugkijkend was onze plotselinge beslissing om de beklimming van “Adam’s Peak” ’s middags te doen goed uitgevallen.
Tijdens de korte wandeling van het “Green House” naar het pleintje waarvan de diverse bussen vertrekken sputteren mijn benen wat tegen maar het doet me goed om te zien dat de goed getrainde Graham ook niet helemaal okselfris is na die klim van gisteren. Op het plein staat het felgekleurde gezelschap, dat we nu wel gewend zijn, op de diverse bussen te wachten. Er zijn opvallend weinig toeristen en dat doet ons goed. De beklimming van “Adam’s Peak” zal niet in veel rondreizen van de OAD en de Kras worden opgenomen! Die toeristen uit Nederland zien we vanavond wel in Kandy!
Zoals verwacht vertrekt de bus van acht uur later, niet ècht veel later, maar toch genoeg reden om de chauffeur van de bus van half te instrueren om ook later te vertrekken. Wij hebben in ieder geval de tijdswinst al binnen. Toch zijn we er niet honderd procent zeker van dat wij wel op tijd in Hatton zullen arriveren. Openbaar vervoer in dit deel van de wereld beweegt zich nog steeds op gevoel en emotie, niet op een klok. De enige klokken die ze hier kennen zijn de zon en de roep van de maag.
Untitled
We zoeken een, veel te kleine, zitplaats in de overvolle bus en zoals we ook al gewend zijn zal er geen enkele Srilankaan zijn zitplaats opgeven zodat Graham en ik naar elkaar kunnen zitten. Normaal zou dat geen probleem zijn maar zodra de bus in beweging komt slapen alle passagiers die niet van Europese afkomst zijn. We geven het heen en weer geschreeuw al snel op en genieten onafhankelijk van elkaar van de geboden vergezichten en landschappen. Mensen en hun dagelijkse bezigheden trekken aan ons voorbij.
UntitledUntitled
We rijden en rijden maar “Adam’s Peak” blijft aan de horizon. Dat geeft goed aan wat voor een enorme granieten puist, dat bedoel ik niet oneerbiedig, we eigenlijk hebben beklommen. Zodra “Adam’s Peak” aan de horizon is verdwenen wordt ik onverwacht door de schommelende bus in slaap gewiegd. Graham maakt me snel wakker! Het is van belang om wakker te blijven want voordat je het weet stapt een Srilankaan uit met jouw rugzak op zijn rug en een half uur later ben je alles kwijt.
Hatton treinstation
Hatton treinstation
Op het station van “Hatton” aangekomen, gelukkig zijn we toch nog vroeger dan gedacht, hebben we twee plotseling de luxe om te kiezen uit twee mogelijkheden om onze reis naar Kandy te vervolgen:
1. Òf we nemen de trein van elf uur tot aan “Gampola” en dan reizen we verder met de bus naar Kandy.
2. Òf we wachten op het station op de trein die om twee uur vertrekt en die rechtstreeks naar Kandy gaat.
Untitled
Het wordt natuurlijk de eerste optie! Het kopen van plaatsbewijzen is altijd een avontuur op zich. Prijzen verdubbelen zich zo maar ter plaatse zonder een duidelijke reden. Het enige dat we ook nu weer kunnen bedenken is gewoonweg dat we twee blanken met blond haar zijn. Een heel donkere man met een enorme zwarte snor onder zijn neus kijkt ons met grote witte ogen doordringend aan.
Zijn balpen krast over de ouderwetse kartonnen treinkaartjes, zoals ik me die ook nog uit Nederland kan herinneren, en zegt: ‘Twee keer negen en veertig rupiah!’
Wij kijken elkaar aan maar zijn niet verbaasd. Waarom zouden we überhaupt ruzie gaan staan maken om een paar eurocent? De gedachte die hier achter steekt kan ons ook al lang niet meer boeien! Is het de politiek van de staats spoorwegen of verdwijnen die paar rupiah in zijn eigen diepe zakken? Wij gaan in ieder geval met een gerust gevoel op weg naar “Gampola”.
Op weg naar GampolaOp weg naar GampolaOp weg naar Gampola
De treinreis is minder boeiend dan die van gisteren. Het enige noemenswaardige moment is dat de trein op een heuvel zijn tractie verliest door een te lage snelheid. Slippende wielen met een vuurwerk van vonken van staal op staal zijn het spectaculaire gevolg. Daarna kakken we samen weer in door de vermoeidheid van de klim van gisteren die ons nog steeds parten speelt. Onze medereizigers zijn ook niet erg spraakzaam. Iedere keer wanneer we wakker schieten, om beurten of samen tegelijk controleren we onze rugzakken. Het dievengilde slaapt nu eenmaal nooit! Buiten het station van Gampola hebben we al snel de bus naar Kandy gevonden. Door de snelle aansluiting blijven we goed op het door ons voorgenomen tijdschema.
Kandy lijkt op het eerste gezicht een vriendelijke stad. Tijdens de korte wandeling naar het hotel dat we in gedachten hebben zijn we positief verrast door de enorme drukte op straat. We hebben in tijden niet zoveel mensen bij elkaar gezien. Het lijkt wel een mierenhoop, een erg welkome mierenhoop. Er zijn ook bakkerijen en cafés, er is zelfs een “Pizza Hut”, we hoeven hier niet eens over te praten. Elkaar aankijken is genoeg om tot een eenzijdig besluit te komen. Vanavond geen rijst met een vaag vleesgerecht maar PIZZA!
Olde Empire HotelOlde Empire Hotel
We nemen kamers in het “Olde Empire Hotel” net naast de tempel van de heilige tand. Het oude hotel, dat in vervlogen tijden zelfs statig moet zijn geweest, loopt over van de geschiedenis en nostalgie. Alleen de aanblik van de gevel al zet bij een doorgewinterde rugzak artiest zijn nekharen recht overeind. Wanneer je in Kandy bent geweest moet je een keer in dit hotel hebben geslapen. Het “Olde Empire Hotel” is niet het meest luxueuze hotel in Kandy maar wat kan je verwachten voor 575 Roepies (€ 3,50) per nacht? We nemen afscheid en splitsten ons op. We hebben tijd voor onszelf nodig en gaan ieder onze eigen weg in de middag. Graham heeft ook wat persoonlijke zaken te regelen en dan kan je beter alleen zijn.
Zelf rust ik wat uit op de heerlijke veranda van het hotel en geniet van het uitzicht over het kunstmatige meer in het midden van Kandy. Mijn benen zijn erg dankbaar voor de rust die ze eindelijk krijgen. Benen omhoog en de thee met koekjes wordt geserveerd door een in smetteloos wit geklede ober, inclusief de tulband, die zo uit het sprookje “Duizend en een nacht” is gestapt. Na de thee en de koekjes heb ik ook nog wat tijd over en een rondje om het meer lijkt de ideale wandeling om deze mooie dag tot een nog mooier einde te brengen.
World War I memorial cross at George E. de Silva Park
Ook hier in Kandy zijn er veel sporen van de engelse overheersing. Vanzelfsprekend moesten onderdanen uit het gehele Britse keizerrijk vechten in de vele oorlogen die het keizerrijk voerde. Een monument voor de gevallen soldaten uit Kandy die in de grote oorlog, wij noemen die “de eerste wereldoorlog”, zijn gesneuveld is dan ook niet verbazingwekkend.
Bogambara PrisonQueen's Bath
Een stukje verder passeer ik de dikke muren van de “Bogambara Prison”, die natuurlijk ook door de Britten is gebouwd om de opstandigen onder de bevolking op te sluiten. De wandeling langs het kunstmatige meer blijkt niet zo mooi als ik me had voorgesteld. Het verkeer raast onafgebroken langs je heen. Met een flinke pas loop ik mijn benen weer los totdat ik aan de andere oever op een verkeersvrij pads terecht kom. Het badhuis van de koninginnen van Kandy is een pareltje. Ik heb geen idee welke bouwstijl dit is maar het gebouw is ondanks de kleine afmetingen toch indrukwekkend.
Verlost van het vuil
De gemeenschappelijke douche is van een standaard die veel Nederlanders zouden afwijzen maar voor mij wordt het de hoogste tijd om me weer eens te wassen. Daartegenover staat dat de dikke witte badhanddoek heerlijk fris ruikt. Het water is warm genoeg en na twee nachten zonder douche is het weer heerlijk ontspannen onder het gemalen water. Met een hoopje vuile kleding onder de arm en de badhanddoek om mijn middel loop ik heerlijk fris terug naar mijn kamer. Na het afdrogen is mijn handdoek zo zwart dat het lijkt of ik de afgelopen twee dagen in een kolenmijn heb gewerkt!
Zoals eerder vermeld, Pizza als avondeten. Twee verschillende pizza’s om nauwkeuriger te zijn die Graham en ik met plezier delen. Deze franchise van de Pizza Hut is waarschijnlijk nog niet zo lang open. We zijn de enige gasten in het restaurant gedeelte. Op zich is dat niet zo vreemd gezien de prijs van een pizza. God weet hoe lang de naar binnen starende mensen die het restaurant passeren moeten werken voor een broodplaat met tomatensaus en kaas.
In de keuken gaat het ook nog niet helemaal naar wens. Er staan drie bezorgers nerveus te wachten op de bestellingen die ze moeten gaan afleveren. Het volautomatisch bakken van een pizza blijkt toch moeilijker te zijn dan ze hebben gedacht. Na veel te lang wachten verschijnen eindelijk de pizza’s op tafel, vergezeld met ontelbare verontschuldigingen. De pizza’s zijn in ieder geval heerlijk na een week van het slechte Sri Lankaanse voedsel. Het lange wachten wordt rijkelijk beloond. Het eten is tot nu toe in Sri Lanka heel slecht en het zal waarschijnlijk alleen nog maar slechter en duurder worden in dit toeristen metropool.
Twee flessen bier in de “Pub Royale” in het “Queen’s Hotel” maken de avond kompleet en het duurde niet lang voordat ik weer op bed lag. Morgen gaan we een dagje cultuur doen.
Copyright/Disclaimer