dinsdag 6 november 2012

Zuid Korea: Het regent tranen

Jeonju (Motel Tomato (306)

De regenbuien zijn nog niet over getrokken en ook Lyka’s bui hangt nog als een donkergrijze bui boven ons. Er is niet veel meer gesproken sinds gisteren en ik heb me ontelbare keren afgevraagd wat de oorzaak van deze gemoedswisseling zou kunnen zijn. Ik heb me erbij neergelegd en accepteert dat het onderweg niet altijd leuk kan zijn. Dit zijn de “Troubles” uit de titel van mijn weblog en eboeken.
Onafgebroken staart ze naar het scherm van de iPad terwijl ik me bezig hou met schrijven en het verwerken van de foto’s. Dat klinkt gemakkelijker dan het is! Als je hoofd er niet bij is is het moeilijk schrijven. Je moet namelijk zeer gedetailleerd terug in je geheugen naar ervaringen die je onbewust het opgeslagen. Het is als een reis in de tijd. Je verplaatst je terug naar het moment en doet een ultieme poging om alle details te herinneren.
Zonder weinig woorden komen we de ochtend door tot het tijd wordt om te gaan eten. Op een dag als deze brengt de lunch toch nog wat zon in mijn bestaan. Met opvallend weinig problemen komen we overeen om in de “Lotte Department Store” te gaan eten.Helaas regent het nog steeds en we staan enkele ogenblikken te twijfelen of we de lange weg wel door de regen zullen ondernemen of dat het misschien een instant noedels van de 7-11 zal worden.
We krijgen hulp in de vorm van een paraplu. Door het matglas raam van de receptie heeft de receptioniste ons zien twijfelen en ze schiet ons meteen te hulp. Samen onder de paraplu op weg naar de lunch. Gezellig? Er is geen of heel weinig ruimte voor een conflict onder de kleine bescherming tegen de natuurkrachten.
De keuze om dat eind te lopen blijkt een prima idee achteraf! Om niet in de problemen met de Koreaanse taal te komen maak ik een foto’s van het kunststof voorbeeld dat in een vitrine staat. Deze voorbeelden zijn kunstwerken op zichzelf!. Dolsot met viseitjes voor mij een bulgogi op rijst voor mijn vrouw. Het eten werkt verbroederlijk en er wordt waarachtig weer wat gesproken.

Plastic voorbeeld


Zo wordt het geserveerd


En zo wordt het gegeten


Lyka's Bulgogi op rijst

In de middag klaart het gelukkig wat op en ook bij Lyka breekt de zon door. Het klaart zo veel op dat we zelfs samen besluiten om aan het einde van de middag een wandeling te maken. Heerlijk in de frisse lucht na zo’n dag op de hotelkamer. Regen of geen regen, het leven gaat hier in Korea ook gewoon door. Maar er is hier nu ook crisis! Er staan veel winkelpanden leeg en het aanbod buiten de luxe winkels is armoedig te noemen. Er hangt een grijze sluier over de stad en je voelt een onzichtbare dreiging. Net als in België en met name Luik enkele decennia geleden.
Er is ook veel tweedehands kleding en andere spullen te koop. Er wordt in Nederland geklaagd maar ik kan jullie verzekeren dat ze het hier in Zuid-Korea nog veel slechter hebben. Hele legers bejaarden schuimen dag in dag uit de straten af om oud papier, lompen en metalen te verzamelen om hun leven een beetje dragelijker te maken. Wanneer dit de toekomst is voor ons Hollandse polderwonder dan kunnen veel mensen de borst nat maken.
Op de markt schiet ik wat plaatjes van de lokale specialiteiten.
De wandeling lijkt therapeutisch te hebben gewerkt want er wordt weer tussen ons gelachen en grapjes gemaakt. We spreken af dat we morgen - als het mooi weer is - de rode bomen van Mt Seoroksan gaan bezoeken.
Voor het avondeten gaan we niet al te ver van het hotel. Net om de hoek is een restaurant dat er vanmiddag prima uitzag. Dus dat restaurant is zonder verder overleg het doel van vanavond. Lyka zweert weer bij de bulgogi op rijst en ik ga wat de andere kant op met een pittige octopus op rijst. We hebben zo’n trek dat ik ook een bord gefrituurde dumplings - Gyoza - bestel.
‘Kijk!’, roept Lyka.
‘Zij hebben spaghetti bij hun Gyoza en wij niet’, terwijl ze naar de tafel naast ons wijst.
Ik roer met mijn eetstokjes door de salade en hengel wat spaghetti met chilisaus naar boven. We moeten er hard om lachen. We moeten nog harder lachen wanneer we tot ontdekking komen dat de spaghetti ijskoud is. Dat heb ik al eens eerder in Japan meegemaakt. Maar het is een vreemde ervaring wanneer je dik aangekleed in een restaurant zit en buiten maakt de natuur zich op voor de naderende winter.
De weersverwachting op de iPad staat voor de komende dagen op zonnetje, zonnetje, bewolkt en zonnetje. Ik hoop stilletjes dat de voorspelling voor Lyka ook zo is!

maandag 5 november 2012

Zuid Korea: De eerste sporen van vermoeidheid

Jeonju (Motel Tomato (306)

De rustdag - annex reisdag - van gisteren heeft ons een beetje lui gemaakt. In plaats van een vroege trein nemen we de trein van 11:20. Dat geeft ons voldoende tijd om een beetje langer in bed te blijven liggen en rustig wakker te worden. Natuurlijk ben ik weer vroeg op en laat ik Lyka rustig slapen. Dat is een genot als het zo rustig is. Door een onverklaarbare gemoedswisseling is ze sinds gisteren met geen riek meer te voeren. Ze is dwars in het kwadraat en we kunnen op geen enkele manier meer overleggen over de kleinste zaken. Ik hoop dat ze er snel overheen is want zo is het echt niet leuk om onderweg te zijn.
Ik lees wat kranten op het internet maar wanneer het tijdverschil met Nederland zo groot is - acht uur - dan is er natuurlijk ‘s morgens nog geen nieuws. Het is een vreemde gedachte wanneer je beseft dat het middernacht is in Zaltbommel en jezelf alweer klaar bent voor het ontbijt.
Zodra haar ogen opengaan begint het drama weer. Ik pareer de problemen door gewoon te zwijgen, en dat lijkt te werken. Zonder enige vorm van overleg - of communicatie doormiddel van spraak - lopen we samen zwijgend naar het treinstation. De gedachte overvalt me dat we deze reis in Zuid-Korea tot nu toe alles met de trein hebben gedaan. De trein is een goed vervoermiddel in veel landen maar in Zuid-Korea gaan de meeste mensen toch met de uitstekende busdiensten van A naar B. De trein is duurder, het railnetwerk is niet zo heel groot en de trein gaat ook minder frequent.
Ik laat haar achter bij de Dunkin Donuts in de hal van het station en ervaar het als bevrijdend dat ik even alleen op pad kan zijn. Voor onderweg wordt er een gimbap gehaald en zodra ik terug ben vergrijp ik me aan een doughnut is de vorm van een banaan met een bakkie koffie. Lyka zit in alle stilte in haar iPad gedoken terwijl ik de Kobo e-reader weer tevoorschijn haal.
De trein is niet zo heel erg vol op dit tijdstip. Het is maandag en de meesten gaan natuurlijk al vroeg op pad. De reis duurt maar anderhalf huur en voordat we het door hebben moeten we er alweer uit. Op het station van Jeongeup moeten er toch keuzes worden gemaakt. Gaan we verder met de trein of nemen we de bus naar Jeonju? Ik kijk over mijn schouder en spreek enkele woorden tegen mijn vrouw die meezingt met een deuntje uit haar oordoppen. Breed gebarend maak ik haar duidelijk dat ze op de plaats moet blijven staan totdat ik weer terug ben.
Er breekt paniek uit in het eenmanskantoortje van de plaatselijke “Toeristen Informatie” wanneer er een grijnzende buitenlander binnenstapt. De man springt - als door de bliksem getroffen - op van zijn leren kantoorstoel en springt meteen in de houding. Ik heb geen idee hoeveel mensen hier komen maar het ontbreken van westerse toeristen in de treinen geeft mij het idee van maximaal een per dag als een uitgangspunt.
‘What can i do?’, vraagt hij enthousiast terwijl hij zijn colbert recht trekt.
‘Where can we find the bus to Jeonju?’
‘Follow me!’, roept hij terwijl hij me het kleine kantoortje uitduwt, de kaart achter de glazen deur omdraait en de deur afsluit.
Met een armgebaar dat we hem moeten volgen verdwijnt hij in de mensenmenigte van een net gearriveerde trein. Wij staan nog onze rugzakken op de plaats te trekken en enkele ogenblikken later mengen wij ons ook in de menigte van net gearriveerde reizigers. Voor de automatische deuren van de hoofdingang zie ik hem staan opnieuw maakt hij een armgebaar waarna hij er weer als een snelwandelaar vandoor gaat. De Koreanen zijn niet zo groot dus hij moet de kleine pasjes met hoog ritme en veel snelheid compenseren. Voor mij maakt het niet zoveel uit maar achter me loopt een kleine Filippijnse met een te zware rugzak te foeteren of haar leven er van afhangt.
Direct naast het treinstation is een wachtruimte voor buspassagiers. Daar staat de man op ons te wachten alsof hij een olympische medaille heeft gewonnen en ik hem die moet omhangen. Een paar maal buigen en bedanken en hij is weer weg. Alles wat we zien is in het Koreaans en een handvol mensen - reizigers en dakloze zwervers - zit ons in de wachtruimte aan te staren.
Nog voordat ik ook maar iemand heb aangesproken om uit te vinden welke bus we moeten hebben is de man van de “Toeristen Informatie” alweer terug en verontschuldigt zich dat hij zo snel was vertrokken. Hij moet zich op weg naar zijn verwarmde kantoor hebben gerealiseerd dat wij zeker geen wijs kunnen worden uit de Koreaanse vertrektijden voor de bussen. Met zijn dikke worstvinger loopt hij langs een tabel en verteld dat de volgende bus pas over 45 minuten vertrekt. Opnieuw is het buigen en bedankjes uitwisselen en zodra hij uit mijn blikveld is verdwenen lopen we terug naar het treinstation. We gaan het laatste stukje ook maar met de trein.
In het uur dat gevuld wordt met wachten en een korte treinreis is het zachtjes gaan regenen. Het miezert niet maar het regent ook niet echt. Het is voldoende hemelwater om je kletsnat te laten worden in de 30 minuten die we moeten wandelen naar een hotel. Alsof het allemaal mijn schuld is verdwijnen haar oordopjes in de tas en begint ze tegen me te klagen over het weer, de kou en van alles en nog wat. Er zit niets anders op dan te wachten in de verwarmde wachtruimte van het treinstation van Jeonju totdat het droog is geworden. De tijd kruipt en de regen wordt niet minder. Ik weet het ook niet meer!
We lopen al ruzie makende een paar keer door de regen over het stationsplein heen en weer maar uit dwarsheid weiger ik om een taxi te nemen. De regen neemt af en een stadsbus brengt verlossing. Achter het intercity busstation van Jeonju zijn er veel hotels, motels of hoe je ze wil noemen. De meeste worden gebruikt als “Love Hotels”, voor een snelle wip omdat dat in deze landen thuis vaak niet mogelijk is.
Zodra we voor het “Motel Tomato” staan komen er weer beelden van jaren geleden in me boven. Dit is het hotel waar vijf jaar geleden ook heb geslapen! De kamer die we krijgen is prima en de gemoedstoestand van mijn vrouw wordt - net als het weer buiten - weer wat zonniger. Het lijkt erop dat ze inziet dat het toch niets oplevert om sjagerijnig te zijn.
We gaan meteen weer op stap om te eten. Het eerste de beste restaurant dat een “Dolsot Bibimbap” serveert is de winnaar. Ik laat me het eten goed smaken maar Lyka blijft stil. Laten we het er maar op houden dat de vermoeidheid van de trek de oorzaak is van het probleem. Zo vroeg als mogelijk duiken we in bed, met de hoop dat de onweersbui morgen is overgewaaid.

zondag 4 november 2012

Zuid Korea: Terug naar het vaste land

Mokpo (F1 Hotel (1009)

Voor de tweede keer in week heeft de weerman de regen uitstekend geraden! Opnieuw - na die mooie dag van gisteren - valt de regen neer, deze keer op de straten van Seogwipo City. De temperatuur is wel een stuk hoger dan gisteren, dat voel ik meteen wanneer ik een bekertje koffie ga halen in de kleine keuken op het dakterras.
Maar over het weer hoeven we ons vandaag geen zorgen te maken. Vandaag is het een rustige en niet al te vermoeiende dag. We verkassen met de veerboot terug naar het vaste land. We zijn al vroeg op en elke keer wanneer ik uit een van de twee ramen kijk hoop ik dat de regen minder is geworden. Het lijkt wel dat het buiten af en toe wat lichter wordt. Maar de regen neemt eerder in heftigheid toe dan af.
Na een uurtje afwachten en ongeïnteresseerd op het internet te hebben gesurft heb ik er genoeg van. Ik zal eens kijken of er beneden wat te doen is. Beneden wachten kan ook altijd nog en zodra de regen minder wordt zijn we onderweg! We gooien onze bagage op de rug en lopen langzaam de trap af waar ik voor de zoveelste keer mijn hoofd stoot. In mijn dunner wordende kruin liggen de dikke korsten naast en over elkaar. Een donderende vloek gaat ons voor de trappen af.
Aan de grote tafel in de receptie zit een groep Fransen teleurgesteld niets te doen. Mijn verhaal over onze trek dat ik gisterenmiddag vertelde heeft ze warm gemaakt maar nu het zo regent valt hun laatste dag letterlijk en figuurlijk in het water. We praten een half uurtje en dan is voor ons dan toch de tijd aangebroken dat we op pad moeten, regen of geen regen.
Met een snelle pas baan ik een weg tussen de vallende regendruppels door. Ik probeer nergens aan te denken maar steeds als ik over mijn schouder kijk zie ik Lyka verder achterop raken. De aanwijzingen van de hotelmanager zijn me niet helemal duidelijk en bij het eerste grote hotel wat ik tegenkom schuil ik onder de luifel tot Lyka weer bij me is. Wanneer ik binnen vraag of de Airport Limousine Bus hier stopt krijg ik een negatief antwoord. We moeten nog een paar honderd meter verder door de regen.
We halen nu voor de laatste keer aan en gaan zo snel als onze benen ons kunnen dragen naar het volgende hotel. Een klein kantoortje annex wachtruimte naast de ingangvan het hotel geeft ons de beschutting tegen de regen die we zo hard nodig hebben. De kaartjes van 6.000 Won (€ 4,35) vallen 100% mee. Dat is in veel andere landen wel anders! Binnen tien minuten komt de halfgevulde bus sissend naast het kantoortje tot stilstand. Als extra service komt de vrouw uit haar hokje en brengt ons een voor een onder een paraplu naar de deur van de bus.
De bus komt weer in beweging en Seogwipo is vanaf nu alleen nog maar een herinnering, een mooie herinnering op Jeju eiland. De ruitenwissers gaan onverstoorbaar heen en weer over het natte raam. Er is buiten weinig te zien en het landschap ziet er troosteloos uit. Welke plaats ziet er niet troosteloos uit wanneer de regen met bakken uit de hemel komt? Een kwartiertje later leert een blik op mijn GPS me dat we nu ook weer een halve ronde over het eiland maken. We nemen zeker niet de kortste weg! Het vreemdste van de hele busrit is eigenlijk wel dat we bij 5 sterren hotelresorts langsgaan waar natuurlijk geen hond instapt. Het moet toch niet zo heel moeilijk zijn om te bedenken wanneer een toerist € 200,- tot € 500,- voor een nachtje slapen betaald die toerist niet met de bus teruggaat naar de luchthaven. Het maakt voor ons weinig uit want wij hebben toch voldoende tijd.
Op de luchthaven stappen we snel over op een taxi die ons naar de terminal van de “Sea Star Cruise” brengt. De taxichauffeur neemt ook niet de kortste weg maar voor deze kleine prijsjes en de neerdalende regen heb ik helemaal geen zin om er iets over te zeggen. Sterker nog, ik geef hem gewoon een kleine fooi omdat we een leuke tijd op Jeju eiland hebben gehad.
Drie uur voor het vertrek zitten we in terminal van de veerboot aan een gimbap en een instant noedels. Er kan voor ons nu weinig meer misgaan. Zodra de balies opengaan haal ik de gereserveerde kaartjes op en binnen een half uur gaan we richting de veerboot. Deze keer hebben we wel een ander plan! We gaan niet op het achterdek zitten maar zodra we binnen zijn verzekeren we ons van zitplaatsen naast de banketbakkerij met de heerlijke koffie en we blijven daar zitten totdat we in Mokpo zijn gearriveerd.
De vier en een half uur naar Mokpo kruipen voorbij totdat een uur na het vertrek een duo op het podium komt met een laptop en twee microfoons. Koreaanse evergreens afgewisseld met ABBA en andere zoete westerse muziek. Binnen tien minuten zijn alle tafels en stoelen voor het podium aan de kant geschoven en de ruimte is veranderd in een dansende menigte. Als klap op de vuurpijl komt de Koreaanse wereldhit “Gangnam Style” voorbij en het dek gaat er bijna van af!
Binnen vloeit het bier en de Soju rijkelijk. Het is een wonder dat er geen schermutselingen plaatsvinden tussen al die aangeschoten passagiers. Wat wel hinderlijk is dat ze bijna bij je op schoot komen zitten zodra ze een stoel hebben gevonden. Ze botsen je gewoonweg aan de kant en schreeuwen in je oren alsof er een man overboord is. We kijken onze ogen uit. Het is de Chinese schaduwzijde van dit vriendelijke volk. Maar als we denken dat we het allemaal al gezien hebben wordt het nog erger!
Voordat we van boord gaan wordt er een rij van vier mensen breed opgesteld die aanzwelt en zich uiteindelijk over het hele dek kronkelt. Er heerst een redelijke discipline maar die is niet opgewassen tegen de dronken passagiers. Overal om ons heen beginnen dronken mannen spontaan om te vallen die op hun beurt enkele nuchtere passagiers in hun val meeslepen. Pijnlijke polsen en kwade gezichten, vrouwen en mannen gelijk klagen over de dronken medepassagiers maar het komt nooit tot een handgemeen. Er wordt zelfs heel weinig - en dan op een aangenaam volume - op elkaar gescholden. Als dit aan boord van een Nederlandse veerboot zou gebeuren dan was de derde wereldoorlog een feit.
Zodra van boort zijn gaan we in fikse pas naar het hotel, opnieuw het F1 Hotel want het is toch maar voor een nachtje. De sleutel ligt al klaar. Ik bevestig mijn naam op het formulier van Agoda en we gaan snel naar boven. Voordat we de kamer voor één nacht verlaten hebben - om op jacht te gaan naar het avondeten - wordt er zacht, doch stevig op de deur geklopt! Het is de man vanachter de receptie die zich verontschuldigt want we hebben een verkeerde kamer gekregen. Voor ons maakt het weinig uit want we zijn morgen toch weer weg maar voor hem schijnt het een halszaak te zijn. We verkassen dan maar snel naar de kamer aan de overkant van de gang en maken ons zo snel als mogelijk uit de voeten om te gaan eten bij YumSem.
Ik maak het mezelf niet al te moeilijk en bestel een bekend gerecht, het smaakt ons goed na de lange reis. Nog een koud biertje - ik raak gewent aan de literflessen Cass bier - en dan naar bed, morgen hebben we weer een verplaatsing die waarschijnlijk een hele dag in beslag zal nemen. Zo zijn we straks lekker uitgerust voor onze wandelingen in de vrije natuur!
Copyright/Disclaimer