donderdag 27 februari 2020

Thailand: Slapen bij oude bekenden

Wat Samphran Dragon Temple Ayutthaya (Baan Are Gong Riverside Homestay) 7), donderdag 27 februari 2020

Ik was al wat vroeger wakker dan normaal maar ik ben nog even blijven liggen om te genieten van dit prima bed. Dan moet ik er toch echt uit! Tijd om koffie te zetten en voorbereidingen te treffen voor de etappe van vandaag. Vandaag hebben we ongeveer 220 kilometer voor de wielen door waarschijnlijk het lelijkste landschap van Thailand en de uitlopers van de drukke industriële omgeving van Bangkok.
Goedemorgen Ratchaburi
Goedemorgen Ratchaburi! De ochtendlucht is hier zichtbaar anders dan in het zuiden. In het industriële hart van Thailand heeft de luchtvervuiling vormen aangenomen die tot de slechtste van de wereld behoren. In Bangkok en Chiang Mai wonen mensen in een omgeving waar de hoeveelheid fijnstof in de lucht, met welke veroorzakers dan ook, tot de meest dodelijke van onze planeet behoort.
Wij gaan vanaf vandaag proberen om Bangkok zoveel mogelijk te ontwijken door er met een grote cirkel omheen te rijden. De eerste halte van deze omtrekkende beweging is Ayuthaya waar we vanavond bij een oude bekende kwartier gaan maken. Zodra we op de drukke hoofdstraat rijden valt het me op dat Ratchaburi een lelijke stad is. De gebruikelijke betonnen blokkendozen die fantasieloos zijn ontworpen en gebouwd in de gouden jaren van voor de grote recessie in de negentiger jaren van de vorige eeuw. Dit is een typisch voorbeeld van zo’n Thaise stad waar geen enkele weldenkende Europeaan graag zou willen wonen.
Na nog geen kilometer rijden bied zich het eerste probleem van de dag aan, een wegversperring in combinatie met een drukke natte ochtendmarkt en een straat met eenrichtingsverkeer maken dat we zo’n beetje alle fatsoensnormen voor een verkeersdeelnemer aan onze laars lappen. We hebben er het zo druk mee dat ik even niet meer aan het ontbijt van de gebruikelijke tosti’s ham/kaas kan denken. Lyka vormt een extra paar ogen dat me goed van pas komt.
Het drukke verkeer van de ochtendspits komt vanaf alle kanten op ons af en ik kan me niet herinneren dat we in de afgelopen weken ’s morgens zoveel verkeer hebben gezien. Als een rubberboot op een snel stromende rivier vol met verraderlijke rotspartijen stroom ik mee met het wervelende verkeer. “Up to Buddha!’, is de mentaliteit die de Thai elke dag weer veilig op hun bestemming brengt!
Zodra we veilig zijn en ook koers liggen stoppen we bij de eerste 7-11 die we in ons vizier krijgen. De tosti’s zijn heerlijk en terwijl we staan te happen verbazen we ons over de enorme mensenmassa die zich oneindig de kleine supermarkt in- en uitwringt. Iedere bezoeker heeft een plastic tasje in de hand met het ontbijt van hun keuze. Broodjes, instant noedels, zoete dranken, koekjes, chips en de Thaise versies van de ondertussen wereldbekende energie drankjes. Wij schudden onze hoofden en gaan snel verder, de open weg roept en lonkt.
Eerst nog even snel tanken en dan rijden! Alsof de duivel er mee speelt blijkt ook het bereiken van het benzinestation een groter probleem dan we hebben verwacht. Betonnen barrières in de bermen die de verschillende rijstroken van elkaar scheiden maken het moeilijk om de kortste weg te nemen. Dan zit er niets anders op om met het verkeer mee te stromen naar de eerstvolgende U-turn. Een Thais fenomeen dat ook nog eens verdomd goed blijkt te werken. Voor nog geen negen euro zit de tank weer tot aan de rand vol en gaan we via de 1004 richting het oosten. Hoewel deze weg 4 getallen heeft is het ondertussen wel een drukke tweebaans weg. Eigenlijk zijn alle wegen druk nu we zo dicht bij Bangkok zijn.
Er valt ook een last van mijn schouders af. Mochten we nu pech krijgen met de oude Honda Phantom dan is er niemand overboord. Vanaf hier kunnen we gemakkelijk regelen waarmee we naar een werkplaats of motorwinkel worden gebracht. Dat voelt een stuk beter hoewel ik me in de afgelopen weken ook niet al teveel zorgen heb gemaakt. Een dagelijkse controle voor ons vertrek in de ochtend was altijd voldoende.
Wat Chao NuaWat Chao Nua
Bij de eerste tempel, “Wat Chao Nua”, maken we van de situatie om te pauzeren en een kop koffie te drinken. Veel is er niet te zien en ik vind het niet eens de moeite om naar binnen te gaan. Dit is zo’n tempel waarvan er dertien in een dozijn gaan en die hebben we in de afgelopen weken al genoeg gezien.
We spreken tijdens de pauze met elkaar af om bij de eerste de beste 7-11 een snack en een paar flesjes water te kopen. We rijden, en rijden, haast eindeloos door een anoniem landschap dat kilometer na kilometer niets veranderd. Totdat we linksaf moeten en er een enorme 7-11 midden tussen de groene rijstvelden verschijnt. Ik krijg een déjà-vu? Ik zou zweren dat ik hier al een keer ben geweest! Wanneer ik het meisje achter de toonbank meen te herkennen wordt het allemaal nog veel vreemder. Ik neem het maar voor lief en spendeer er verder geen energie meer aan.
Totdat ik er een paar kilometer zeker van ben dat we eerder deze reis op deze weg hebben gereden. En wel met 100% zekerheid! Ik zeg niets tegen Lyka en vervolg onze weg die op de Garmin GPS als een donker roze lijn verschijnt. Zodra ik linksaf een zeer brede straat, weg of laan opdraai weet ik het zeker. Ik zoek tussen de hoge gebouwen naar de eerste verschijning van een oude bekende. Nou ja, oude bekende, van enkele weken geleden maar het lijkt allemaal al zo veel langer. ‘Tijd is elastisch’, zeg ik altijd. Wanneer je je verveeld gaat de tijd langzaam en wanneer je op reis bent en zeer veel indrukken opneemt lijken weken maanden te zijn. En ook nu ik wat ouder begin te worden lijkt het of de tijd steeds sneller gaat.
Wat Samphran Dragon Temple
En daar is hij dan! De tempel met de om de roze toren gedraaide draak. Ik geniet nog het meest dat Lyka heel verrast, en ook verblijd, is met deze onverwachte ontmoeting. Op de parkeerplaats valt het ons meteen op dat we helemaal alleen zijn. Ik weet niet wat er aan de hand is maar normaal gesproken zou het hier toch wel wat drukker moeten zijn! Er is wat mis met het toerisme in Thailand hoewel de officiële cijfers van de verschillende Thaise overheden anders vermeldden.
Banana cakes
Voordat Lyka de tempel voor de tweede keer binnen een maand gaat bezoeken genieten we eerst van de Banana cupcakes met de laatste kop koffie uit de thermoskan.
Honda Phantom
Lyka laat mij op de parkeerplaats bij de motor achter en gaat op zoek naar nieuwe foto’s. Ik laat het bezoeken van de tempel maar aan haar over want ons hele hebben en houwen zit achterop en dat laat ik liever niet alleen achter op een lege parkeerplaats!  
Wat Samphran Dragon TempleWat Samphran Dragon TempleWat Samphran Dragon Temple - De poot van de draakWat Samphran Dragon Temple
Een half uurtje later is ze weer terug en later op de avond bekijk ik haar foto’s. Ze maakt tegenwoordig prima foto’s al zeg ik het zelf. Ook de goede camera in de iPhone 8 helpt daar natuurlijk bij.
De rijstvelden worden in gereedheid gebrachtDe rijstvelden staan al vol met jonge rijstplantenSchaduw van een eenzame palmboom
En dan gaan we weer verder! Lelijke bebouwing en groene rijstvelden wisselen elkaar in een hoog tempo af. In dit gedeelte van Thailand is geen tekort aan water. Dit is het polder landschap van Thailand. Een vruchtbaar gebied doorklieft met smalle en brede waterwegen. Alles staat in teken van de rijst, waarschijnlijk de eens zo geroemde “Hom Mali Rice”, een decennia oude rijststam die door veel rijst exporterende landen is ingehaald. De smaak van de consumenten evolueert nu eenmaal en ook de prijs van de rijst is belangrijk geworden voor de export.
Tijdens de volgende pauze luisteren we naar het monotone geluid van een lange slag dieselmotor. Op een veld bedenkt met een dunne laag water prepareert een rijstboer met zijn modderslede het rijstveld om een nieuwe oogst rijst aan te planten. Het rijstveld ernaast is al goed op weg om een stevige oogst te leveren.
Mijn billen doen pijn en de eerste barstjes verschijnen in onze harmonie tijdens deze reis. Het gaat over het eten, de lunch. Mij maakt het allemaal niets uit dus leg ik de verantwoordelijkheid bij Lyka die daar nooit goed mee overweg kan. Ze kan nu mij de schuld niet meer geven wanneer het eten niet goed is en tegelijkertijd is ze bang dat ik haar zal aanspreken op haar foute beslissing wanneer het eten niet smaakt. Het gaat allemaal over onzekerheid. Het is het begin van een periode van zwijgen!
Covid-19? Eenden op een kluitje
Eenden, en nog meer eenden, zo ver als het oog strekt. Deze eenden zijn voor de slacht en de eieren zijn slechts een bijproduct die voor een prikkie aan de lokale bevolking wordt verkocht. Soms wel voor slechts drie cent per ei! 100 eieren voor drie euro! En ze zijn nog lekker ook! Ik ben er ondertussen een liefhebber van.
Gisteren heb ik een vreemd bericht op het internet gelezen over een virus in China dat op een natte markt om zich heen zou hebben gegrepen. Er schijnen veel mensen besmet te zijn met het virus. Wat moeten jullie als Europeanen daar nu van denken? In Europa wordt het bekeken met Europese ogen en die zijn toch wel anders dan de Aziatische, en met name de Chinese, ogen. Hier zitten alle dieren voor consumptie op een grote hoop, ook op de markt wordt zoveel mogelijk “levend vlees” gekocht. Hoe het zit met medicijnen en ziektes weet ik niet maar voor de meeste Thai maakt het allemaal weinig uit.
Vanaf half een kijkt mijn passagier uit naar een (weg)restaurant waar we onze lunch kunnen eten terwijl ik mijn ogen op de weg en op het verkeer hou. De wegen zijn hier heel slecht! De te zwaar beladen vrachtauto’s rijden het asfalt op de zachte met water verzadigde dijken binnen “no time” aan gort. Diepe kuilen en verraderlijke geulen kunnen van je rit door het Thaise landschap zo maar de ergste nachtmerrie maken.
Gebakken rijst langs de wegEen foto met de kokkin
Een oneindige optocht van noedelsoep restaurants trekt aan ons voorbij. Wij zijn beiden geen liefhebbers van noedelsoep dus rijden we verder totdat we eindelijk een plaatsje hebben gevonden waar de metalen schep ik de stalen wok tikt! Dat geluid klinkt ons altijd als muziek in de oren! Na het bordje gebakken rijst (Khao Pad) met een gebakken ei en wat soep mag de vanzelfsprekende foto met de twee vreemdelingen niet worden overgeslagen. De blijdschap en gastvrijheid waarmee je buiten de toeristische gebieden door de Thaise bevolking wordt ontvangen is nog steeds hartverwarmend!
Baan Are Gong Riverside Homestay 7
De ontvangst in het “Baan Are Gong Riverside Homestay” is niet zoals ik gewend ben. De dikke jongen is vervangen door een oude zure dominante vrouw die hoogstwaarschijnlijk ook nog eens de eigenaar is van het verblijf. Het gaat meteen al fout met de kamer. We krijgen niet de kamer die ik geboekt en betaald heb. Ondertussen weet ik wel welke kamer ik moet boeken maar volgens de vrouw heeft onze vaste kamer een tijdje geleden een andere kwalificatie gekregen en is daardoor kost die kamer nu meer per nacht.
Ik kijk naar twee andere kamers en ga tenslotte toch maar akkoord met de kamer die we in eerste instantie kregen aangeboden. Ondanks dat er een deken van de Koreaanse Spoorwegen, Korail, uit 2005 op een van de bedden ligt! Zodra Lyka op een van de bedden gaat liggen veert ze meteen weer op van de geur die haar hoofdkussen verspreid. Het andere kussen is niet veel beter! Ik ken die geur maar al te best van de hoofdkussens van de goedkope guesthouses waar we vroeger overnachtten. De zoete geur van mensenolie!
Dus ik meld me onder aan de trap weer aan de receptie voor nieuwe en schone kussens. Met een frisse tegenzin overhandigt de chagrijnige oude vrouw me twee nieuwe kussenslopen. Ik schud met mijn hoofd en roep “Google Translation” in als hulp en in perfect Thai zegt mijn iPhone 6 tegen de vrouw dat ik twee andere kussens wil en geen andere kussenslopen. De kussen op onze bedden stinken! Ze kijkt me verbaasd en beledigd aan en bevriest voor enkele momenten op de plaats. Dan krijgen we met enige tegenzin toch twee andere kussens die ook niet perfect zijn maar omdat het voor een nacht is nemen we genoegen met wat ons wordt geboden.
Het hele drama heeft mij verbaasd en ook laten realiseren hoe een perfecte mooi gelegen slaapplaats door het gedrag van slechts een verkeerd persoon kan worden vernietigd. Ik weet het nu al zeker, hier komen wij dus nooit meer terug!
Aan het bier met mijn Amerikaanse Duitse vriend
Ik zie boven Lyka’s hoofd donkergrijze donderbuien hangen en dat is direct het teken dat ik haar even met rust moet laten en beneden op het terras met uitzicht op de rivier een koud biertje moet gaan zoeken. Gelukkig vind ik al snel een drinkebroer in de vorm van een Amerikaan van Duitse afkomst. We zijn haast even oud en veel van onze ideeën komen overeen.
Hij verteld me ook weer over dat nieuwe virus dat in China rondgaat en ook al lijkt te zijn ontsnapt naar omringende landen. Ik vind het allemaal heel interessant en vraag me af wat dat voor ons zal betekenen. Wij gaan tenslotte over een week of drie weer richting Nederland. Ach, het zal allemaal wel zo’n vaart niet lopen. Hoewel er al wel gasten de hele avond met een mondkapje aan tafel zitten.
Spaghetti met groene kerrie
Na de spaghetti met kip in groene kerriesaus drinken we er met z’n drieën nog een paar en liggen we vroeg op bed. De storm in Lyka’s hoofd is al gaan liggen en samen praten we over wat ons morgen waarschijnlijk weer allemaal te wachten staat. Vannacht slaap ik als uitzondering met de oordoppen in omdat het oude teakhouten gebouw nogal gehorig is. Morgen ligt er een zware dag voor ons met slechte drukke wegen en heel veel verkeer. Een van de moeilijkste ritten van deze reis, dat is een ding dat zeker is!
Ratchaburi - Ayuthaya

woensdag 26 februari 2020

Thailand: Spierpijn

Wat Khao Isan (Wat Thepprathan) Ratchaburi (My Room) A301), woensdag 26 februari 2020

De afgelopen nacht was een absolute ramp! Na de kapotte warmwater voorziening voor de douche was afgelopen nacht de airconditioning aan de beurt. De thermostaat heeft het begeven en daarom waren er de afgelopen nacht maar twee standen beschikbaar. Uit èn aan, stand vrieskist! Om het uur werd ik wakker van de kou om het defecte apparaat uit te schakelen om vervolgens een half uur later weer wakker te worden omdat het toch wel warm was geworden in het hutje. Terugkijkend op ons verblijf in “Blue Beach Resort” kan ik met zekerheid zeggen dat we hier nooit meer zullen verblijven. Wel eten en bier drinken, daar hebben geen klachten over.
Om iets na zessen ben ik niet de eerste gast die in het resort wakker is. Voor zijn bungalow zit een Aziatische man met zijn fiets. Gepakt en gezakt te wachten totdat hij kan gaan ontbijten. We hebben heel wat fietsers op vakantie gezien op de terugweg. Hij wenst me een goede morgen terwijl ik hem met de koffiekan passeer. Jammer genoeg staat de waterkoker nog niet aan en moet ik bijna twintig minuten wachten voordat ik het eerste van de vijf kopjes kokend water op de snelfiltermaling kan gieten. Met het vijfde kopje op de koffie in het filter kan ik eindelijk ook weer richting onze bungalow waar Lyka nog steeds als een roosje ligt te slapen. Op het terras voor de bungalow start ik mijn vaste bezigheden zoals ik die elke ochtend met de eerste kop koffie verricht.
Blue Beach Resort Ontbijt
Na de koffie, wat schrijven en wat internet gaan we om acht uur richting het restaurant voor het ontbijt dat is inbegrepen bij de prijs. De omelet met de vers gesneden watermeloen zijn wel weer van een uitstekende kwaliteit. Ik begrijp echt niet dat de eigenaar/manager niet zorg dragen dat de techniek in de bungalows ook goed werkt!
En dan pakken we onze bagage, sjorren alles vast achterop de motor en beginnen we aan de laatste serie van zeven etappes zonder een rustdag. We slapen vanavond al dichtbij Bangkok en morgenavond zelfs in een hotel waar we vorig jaar al een keer hebben geslapen.
Boeddha zit al binnenTempel in aanbouw
We zijn nog geen twee kilometer van het resort verwijderd wanneer mijn Nikon D600 voor het eerst vandaag tevoorschijn komt. Het is een mooi gezicht om te zien hoe er eerst een grote Boeddha wordt geplaatst òf gebouwd en dat er later de tempel om het heilige beeld heen wordt gebouwd. Lang geleden vroeg ik me ook altijd af hoe ze die enorme beelden in de tempel hadden gekregen!
En dan gaan we rijden! Bij de eerste pomp gooi ik ons werkpaard vol en binnen tien minuten zoeven we over de stille Thaise asfalt wegen. Een stukje naar het westen ligt die verschrikkelijke snelweg die we vandaag hopelijk niet al teveel zullen zien.
Bij Pranburi kruissen we de lelijke snelweg en bevinden we ons weer op stille wegen van het Thaise platteland. Figuurlijk dan want het is hier bergachtig. Eindeloze velden met suikerriet, ananas, bananen en papaya’s. Niets is bijzonder genoeg om er een foto van te maken. We rijden, we pauzeren af en toe afgewisseld met een plaspauze. Een “Jungle plas” want de toiletten zijn zeer dun gezaaid in deze dun bevolkte gebieden aan de grens met Myanmar.
Tijdens het rijden horen beiden een knal en later blijkt dat er een vrucht uit een boom boven op mijn helm was gevallen. Het was een werkelijk enorme klap! Ik moet er niet aan denken dat die vrucht een fractie later was losgekomen en mij vol in het gezicht had geraakt! Zonder geluk vaart niemand wel, en zo word je daar weer aan herinnerd.
Zoete gebakken rijst onderweg
Vorige week hebben we afgesproken dat we op een vast tijdstip zouden eten en niet meer wachten tot we bij het hotel van onze bestemming zijn gearriveerd, hoe aantrekkelijk dat ook lijkt. Bij het eerste houten restaurant langs de weg stoppen we. De gebakken rijst komt in een smaak zoals ik die in Thailand nog niet heb gegeten. Eerst wordt de huid van de kip knapperig gebakken, dan de groenten en smaakmakers erbij gevold door een vol bord gestoomde rijst. De gebakken rijst is heel zoet en dat bevalt ons beiden niet. Ik probeer er nog wat zout aan toe te voegen in de vorm van vissaus met gesneden chilipepers maar dit helpt ook niet veel. Ik eet het op omdat mijn lichaam nu eenmaal brandstof nodig heeft. Bij het afrekenen koop ik nog wat “Khao Laam” maar later meer daarover.
Ik besef nu dat we na dat rijden door eindeloze velden met fruit en groente afgewisseld met oerwoud en nationale parken er maar heel weinig foto’s op mijn SD-kaartje staan.Ik kan er ook niets aan doen, of toch wel? Aan het einde van zo’n intensieve reis ga je sowieso minder foto’s maken omdat je voor je gevoel alles al een keer eerder hebt gefotografeerd. Dat excuus kan ik niet aanvoeren, deze rit was er gewoon niets te fotograferen.
Khao Laam als snack
De laatste pauze van de dag is het moment om de “Khao Laam” open te breken. Het is een zoete snack gemaakt van kleefrijst die met kokoswater en zwarte sojabonen in een open gezaagd stuk bamboe op een open vuur wordt gekookt. Het is een heerlijk goed vullend echt Thais gerecht. Een bijna gezonde snack! Er zijn in elk land wel een paar varianten maar in de bamboe is volgens mij toch wel uniek voor Thailand. Lyka vindt het ook heerlijk en zo hebben wij weer een gerecht aan onze lijst met Thaise heerlijkheden toegevoegd!  
Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)
En dan, uit het niets nadat ik bewust een verkeerde afslag heb genomen staan we voor een enorme Chinese tempel met ook weer die Hindoestaanse invloeden. “Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)” is misschien wel het grootste tempelcomplex dat ik ooit in Thailand heb bezocht. Alle personificaties van de Thaise heiligen staan er afgebeeld. Ik kijk mijn ogen uit omdat ik hier zaken zie die ik zelf ook nog nooit in Thailand allemaal bij elkaar heb gezien.  
Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)
Onder de brandende zon loop ik tussen de paviljoens en beelden door en maak mijn foto’s. Onder het rijden heb ik al verschillende keren kramp in mijn benen gehad maar nu ik hier zo rondloop voel ik de schade in mijn benen die de zware wandeling van gisteren heeft aangericht. Mijn enkels en knieën zijn pijnlijk maar ook mij kuit- en dijbeen spieren zijn niet meer op het peil dat ze geweest zijn. Echte spierpijn is de prijs die ik zal moeten betalen voor de mooie dag van gisteren.
De oude monnikenDe oude monniken
De bekende garde van oude hoog gerespecteerde monniken zitten er ook. Deze oude wijze mannen bestudeerden de filosofie van de Boeddha en gaven die zo goed als mogelijk door aan de jongere generaties. In schril contrast met de twee monniken die nu in de schaduw van een paviljoen naar hun mobiele telefoon zitten te staren. Dat kleine slimme apparaat heeft heel veel kapot gemaakt in onze samenleving en de minder bedeelden weer in het gareel gekregen. Zij leven voor en met dat apparaat en geloven alles wat ze op dat kleine beeldscherm zien.
Wat Khao Isan (Wat Thepprathan)
De grote witte Boeddha ziet het allemaal gebeuren en denk er waarschijnlijk het zijne van. Misschien komt er in de toekomst weer een tijd dat die communicators allemaal verdwenen zijn?

My Room HotelMy Room A301
Het “My Hotel” in Ratchaburi is snel gevonden en gelukkig is het een enorme verbetering tot waar we de afgelopen twee nachten hebben geslapen. Lyka valt op bed en het doet me goed dat zij ook spierpijn heeft! In alles stilte moet ik lachen en realiseer me dat het met mij persoonlijk allemaal bergafwaarts zal gaan terwijl zij nog wel een tijdje zal groeien in haar kunnen. We gaan echt weer gaan wandelen zodra we terug in Nederland zijn! Ik ga nog even wat winkelen want er is geen contactlens vloeistof meer en lopen is toch wel het beste medicijn tegen de spierpijn.
Wachten op het etenPad Krapow Moo
Ondanks dat we uitgebreid over de eetmogelijkheden in de “Robinson Department Store” hebben gesproken kiezen we voor gewoon Thais eten bij een klein restaurant langs de straat. Het gebruikelijke tafereel gaat aan het serveren van de maaltijd vooraf.

Ik bestel in werkelijk perfect Thais onze gerechten.
De ober negeert mij volledig en kijkt naar Lyka waarna hij in het Thais tegen haar begint te ratelen.
Lyka zegt geen woord en ik vertel hem in perfect Thais dat Lyka uit de Filippijnen komt en geen woord Thais spreekt.
De ober kijkt mij verbaasd aan en begint opnieuw tegen Lyka te ratelen die nu ook tegen de ober zegt dat ze uit de Filippijnen komt.
Het kwartje valt en de ober richt zich met zichtbare tegenzin naar mij.
Ik moet onze bestelling twee keer herhalen voordat hij het geloofd.
Alleen het bestellen van de grote fles ijskoud bier is geen probleem!
Wanneer de ober het eten serveert kijkt hij naar Lyka alsof ze van een andere planeet is. Hij kan het nog steeds niet geloven dat ze geen Thai is!

Het eten, de bekende Pad Krapow met een omelet, is erg goed en onze dag zit er op. We willen vroeg naar bed om onze spieren de benodigde rust te geven om te herstellen. Morgen slapen we bij een oude bekende en gaan we enkele mensen verrassen met ons verblijf. Welterusten!
Prachuap Khiri Khan - Ratchaburi

dinsdag 25 februari 2020

Thailand: Een stevige klim

Phraya Nakhon Cave Sam Roi Yod, Prachuap Khiri Khan (Blue Beach Resort) 11), dinsdag 25 februari 2020

We zijn aan een verdiende rustdag toe die eigenlijk geen rustdag mag heten. De rustdag van vandaag is ontstaan uit het plan om een tempel in een grot te gaan bezoeken. Ik weet alleen waar en niet het hoe! Een foto van het internet is alle houvast die we hebben. Omdat we met een lichtinval te maken hebben die tussen 10:00 en 11:00, volgens de Duitser achter de receptie, het beste is moeten we niet te laat op pad vandaag.
Blue Beach Resort Ontbijt
Er is op deze luie dinsdagochtend dus niet al teveel haast om aan het ontbijt te verschijnen. Wanneer aan de ontbijttafel blijkt dat het ontbijt bij de overnachting is inbegrepen krijgt het “Blue Beach Resort” er toch weer een plusje bij. De omelet met toast is perfect en een kuipje boter in plaats van margarine geeft het een nog luxere uitstraling.
Sam Roi Yod National ParkSam Roi Yod National Park - geestenhuisjesJielus op de Honda Phantom
Het weer is goed en in de overgebleven koelte van de nacht, die ‘s ochtends nog boven de velden hangt, rijden we richting de grot waarin de tempel zich zou moeten bevinden. “En route”, zoals ze zo mooi in de franse taal zeggen, komen we een groot bord tegen dat richting een grot wijst. Ik ben de naam van onze bestemming alweer vergeten dus volg ik als een blind paard de richtingsborden richting de grot.
Uit het niets doemt er langs de weg een klein huisje voor ons op dat een kassa blijkt te zijn. We zijn verbaasd! Zou dit het kunnen zijn? In mijn kolen Thai probeer ik bij de ongeïnteresseerde vrouw in het huisje uit te vogelen wat er hier aan de hand is.
Alles wat ik vraag wordt beantwoord met: ‘Song Roi, Song Roi, Si Roi!’ (twee honderd, twee honderd, vier honderd!)
De borden aan beide zijden van het raam bevatten alleen Thaise tekens en ik begrijp meteen dat de entree voor buitenlanders 200 baht is en voor de Thai 40 baht. Ik onderneem nog een laatste  poging maar strand op precies hetzelfde punt als bij de eerste poging!
Ik kijk eens goed om ons heen en vraag mezelf hardop af:
Ziet dit er uit als een belangrijke toeristen attractie? Nee.
Waar zijn de toeristen? Geen idee.
Waar zijn de talrijke minibusjes? Geen idee.
Waar zijn de altijd aanwezige verkopers van goedkope plastic Chinese rotzooi? Geen idee.
Rijden we verder? Honderd procent zeker!
In mijn onderbewustzijn heb ik goed in de gaten wat er hier aan de hand is. Ik heb dit al veel vaker meegemaakt in Thailand. Er worden kassa’s opgezet in de buurt van toeristen attracties om onnozele en verdwaalde toeristen te misleiden en geld uit de zak te kloppen. Twee toeristen die ten onrechte entree betalen en dat later ontdekken brengen meer op dan een dag werken op een palmolie of rubberplantage voor het minimum dagloon. Eigenlijk kunnen ze na de eerste vier oplichtingen lachend op de brommer naar huis.
Ik start onze motor en kijk nog eens over mijn schouder naar de vrouw, zij weet dat ze is betrapt! Haar lichaamshouding en gelaatsuitdrukking tonen een duidelijk geval van gezichtsverlies. Een van de ergste dingen die in Thai in hun belevingswereld en cultuur kan overkomen!
Praking Car
We rijden verder en voelen de koele luchtvlagen nu onderbroken worden door warme luchtvlagen. Het hete seizoen is zeker onderweg! Een flink stuk verder komen we bij de juiste tempel. Op een kolom van de poort naar de tempel is een spandoek aangebracht dat “Praking Car” rechtdoor is. Taalfouten in Thailand? Gewoon schitterend! Niet alleen de auto’s betalen 10 baht om te parkeren, ook de motoren van de buitenlanders worden geacht “prakeergeld” te betalen! Een stukje verder aan de kassa van de tempel voer ik een mooi stukje toneel op!
‘Goedemorgen’ (in het Thai), en ik overhandig mijn Thaise rijbewijs.
Een glimlach van de overwinning komt meteen op het gezicht van het Thaise meisje voor me.
‘No,no,no, only Thai 40 baht, Falang 200 baht!’, zegt ze lachend terwijl ze over mijn schouder schuin naar Lyka kijkt.
‘240 baht!’, zegt ze nadrukkelijk met een vleugje overwinning in haar stem.
Ik betaal zonder morren de 240 baht en neem de kaartjes in ontvangst. Nu ik entree voor de tempel en het Nationale Park heb betaald komt de aanbieding voor de boottocht naar de tempel tevoorschijn terwijl ze als een schooljuffrouw naar de kaart achter haar wijst. Op de kaart lijkt een eiland afgebeeld maar ik weet toch echt zeker dat de grot niet op een eiland ligt. Voor slechts 200 baht per persoon, hier krijgen de luie Thai dus geen korting, worden we naar de grot gevaren.
‘Nee, dank u!’, wij hebben de winst van 160 baht al in de zak omdat ze nog steeds denkt dat Lyka een Thaise is. In Thailand kijken ze niet verder dan hun eigen neus lang is. Alle vrouwen met lang donker haar en bruine ogen zijn Thais, klaar en punt uit!  
Een flinke klimEen flinke klimOp de top van de eerste klimMooie vergezichtenMooie vergezichten
Het begin van de beklimming is nog redelijk! Er zijn zelfs ongelijke treden aangebracht op de rotsachtige ondergrond. Dan komen de kale gladde rotsen en halen we enkele stoere en luide Russen in die op goedkope teenslippers deze tocht ondernemen. Wij zijn aardig wat gewend maar het is voor ons wel erg lang geleden dat we zo’n wandeling hebben gemaakt. Het zweet gutst uit mijn lichaam en een van de twee flesjes water die we voor onderweg hebben gekocht is al leeg wanneer we op de top van de beklimming arriveren.
Even rusten
De afdaling is altijd zwaarder dan de beklimming! Iedereen die in de bergen of heuvels heeft gewandeld weet dat uit ervaring. Tijdens het naar beneden stappen vangen je knieën en je spieren de schokken op als de beste schokbrekers! Na bijna twee stevige kilometers staan we weer op het zand van een bijna verlaten strand. Deze eerste tocht over de trappen heeft ons samen toch maar even 400 baht opgeleverd! Daar kunnen we vanavond lekker van eten! Een boot gevuld met bezoekers die wel 200 baht per persoon hebben betaald voor de tocht naar de grot schuift geruisloos het zand op.
Op weg naar de grotPhraya Nakhon Cave
We volgen de richtingsborden naar de tempel totdat we bij een nieuwe trap die omhoog leidt komen. Wij zijn een beetje verbaasd maar de mensen die 200 baht voor de boot hebben betaald zijn heel verbaasd en nog meer teleurgesteld! Die dachten er voor een paar euro gemakkelijk vanaf te komen!
De tweede klim is nog zwaarder dan de eerste en gelukkig is mijn conditie beter dan van veel toeristen waarvan velen zelfs jonger zijn dan ik. Toch kan ik je vertellen dat het geen gemakkelijke klim is! Lyka hapert af en toe en ik wil haar niet alleen achter laten. We klimmen en klimmen, het pad en de trappen worden steeds steiler en het gaat steeds langzamer. Ook het tweede flesje water is al half leeg en nu wordt het tijd om te gaan rantsoeneren!
Ergens halverwege de klim is er een rustpunt ingericht waar een twintigtal mensen weer op adem kunnen komen. Over de positie van de rustplaats is in ieder geval niet nagedacht want je zit in de brandende zon weer op adem te komen! Doorlopen of rusten? Beide zijn een slechte oplossing dus kiezen we na enkele minuten maar voor de minst slechtste. We gaan langzaam verder naar de grot. Er komen nu ook meer tegenliggers, dat zijn de bezoekers die wel heel vroeg op pad zijn gegaan.
Zodra het terrein begint af te vlakken gaat het lopen een stuk gemakkelijker en wordt de hoop groter dat we nu dichtbij de ingang van de grot zijn. Die hoop wordt al na twee honderd meter de grond in geboord. Voor ons doemt een enorm gat op met een bijzonder steile afdaling naar een vlak terrein waar hopelijk de tempel op staat.
Phraya Nakhon CavePhraya Nakhon Cave
Na een zware afdaling, we zien voor ons een zieke man met een stevig overgewicht op de gladde rotsen uitglijden en zijn val laat onze harten voor enkele seconden stilstaan, zijn er nieuwe richtingsborden. We zijn nu al een dik uur aan het lopen en mijn gedachten dwalen af naar de bergen van de Himalaya in Nepal. Tien jaar geleden heb ik daar ook zo’n stevige tocht gemaakt. Waar blijft de tijd toch?
Phraya Nakhon CavePhraya Nakhon Cave
En dan, eindelijk, wanneer we de hoek omgaan zien we de tempel.
Dit is verreweg de grootste grot die ik ooit heb bezocht! Batu Caves in Kuala Lumper en Batu Niah (Miri) in Sarawak, beiden in Maleisië zijn klein vergeleken bij dit gat in het kalksteen. Ik heb het gevoel dat hier gemakkelijk twee Airbus A380 dubbeldekkers naast elkaar kunnen staan!
De enorme ruimte van de grot geeft de bezoekers een gevoel van nederigheid en onderdanigheid ten opzichte van de overheersende natuur. Tegelijker tijd wordt de tempel door de enorme grot verkleind en lijkt zelfs een miniatuur bouwwerk. De bezoekers blijken plotseling zeer gedisciplineerd en na de lange vermoeiende wandeling blijven ze uit de buurt van het bouwwerk. Natuurlijk worden er selfies gemaakt en foto’s met familieleden geschoten maar steeds op een manier dat er respect is voor de andere bezoekers. De meesten pogen uit de foto’s van de anderen te blijven en ook wordt er op de beurt gewacht zodat iedereen de perfecte foto kan schieten.
Tijdens het bezoek raak ik in gesprek met een groep jonge mensen uit de Krim (Crimea). Politiek, geloofsovertuiging en reizen gaan niet goed samen, dat weet elke reiziger. Soms is het onmogelijk om te ontwijken dus blijf je beleefd en probeer je je zo onzijdig als mogelijk op te stellen. Zonder dat ik een mening ventileer hoor ik hun verhaal aan. Een verhaal over blijdschap dat ze nu burgers zijn van het groot Russische rijk en niet meer van de corrupte staat Oekraïne.
Ik hou mijn hart vast en het duurt niet lang voordat mij als Nederlander de vraag wordt gesteld: “Wie denk jij die de vlucht van MH17 heeft neergeschoten?” Ik moet haar het antwoord schuldig blijven omdat ik me direct verontschuldig dat ik niet goed bekend ben met het dossier. De aantrekkelijke jonge blonde vrouw heeft haar mening al wel gevormd! De Oekraïne, die corrupte schurkenstaat die moeder Rusland probeert zwart te maken. Ik hoor haar mening aan en besef dat het treurige verhaal nog steeds twee kanten heeft en de propaganda machines van beide landen nog steeds op volle toeren draaien. Het is diep treurig dat de levens van 298 onschuldige mensen worden gebruikt voor een politiek schaakspel waar ze helemaal niets mee van doen hebben!
Phraya Nakhon Cave

Na de postkaart beelden wordt het tijd om ons samen te vereeuwigen met de tempel in de grot die we hoogstwaarschijnlijk nooit meer zullen bezoeken.
Phraya Nakhon Cave
We kijken een laatste keer over onze schouders naar het sprookjesachtige beeld van de tempel in de grot en klimmen weer naar het plateau dat ons naar de op een na laatste afdaling moet brengen. Het voordeel van de terugweg is dat je nu weet wat je nog kan verwachten en ook hoe je je laatste krachten moet verdelen om goed aan het einde van je tocht te komen.
Tijdens de afdaling komen we nog veel puffende en hijgende bezoekers tegen. Bij enkele bezoekers met een ongezond overgewicht zet ik grote vraagtekens. Hoe zijn zij in godsnaam op het idee gekomen om deze tempel te gaan bezoeken? Het zou mij niets verbazen wanneer het met enkele van de zeer heldhaftige niet zo goed afloopt tijdens de barre tocht naar de grot en terug!
Het is gelukt
Onderaan de eerste afdaling van de terugweg maken we de klassieke foto van de bezoekers met het richtingsbord naar de grot. Vermoeid maar ook heel voldaan. Mijn lichaam schreeuwt om vloeistof en mijn beenspieren geven een duidelijk signaal af dat ik dit niet al te vaak moet doen. Zonder dat ik het wil accepteren gaan de jaren nu tellen en lijkt mijn conditie wat achteruit te gaan.
Aan het strand
Koel water voor een eerlijke prijs en een foto van Lyka op het strand waar de boten vol onwetende passagiers nog steeds arriveren. Die landtong, die witte rotsen op de achtergrond, daar moeten we dus nog een keer overheen!
Eenmaal terug op de parkeerplaats bezoeken we als eerste het toilet en kopen voor Lyka een voor Thailand zo’n karakteristieke dunne katoenen broek met olifantjes er op gedrukt. De vraagprijs van 250 baht ligt wel heel erg hoog, 90 baht in Bangkok, op deze markt naast een verlaten parkeerplaats. Ik haal een biljet van 100 baht tevoorschijn en hou het voor de neus van de verkoopster. Vastberaden schud ze een duidelijk “NEE” met haar hoofd. Nog voordat de 100 baht weer in mijn broekzak verdwenen is zit de broek in een plastic tas. “Beter 100 baht dan niets”, is de gedachte in deze moeilijke economische tijden. Waar zal het in de toekomst heengaan met het toerisme in Thailand?
Kip met gebakken knoflook
We hunkeren naar de lunch en ik heb zelfs zo’n trek dat ik vergeet om een foto te maken van mijn papaya salade. Een van de traditionele Thaise gerechten die je zeker niet moet overslaan wanneer je ooit dit mooie land bezoekt. Lyka’s varkensvlees met knoflook is ook niet te versmaden. Alleen de geur laat het water al in je mond lopen! Dit was precies wat we nodig hadden na die toch wel stevige wandeling.
Naar de grot tempel

Onze dag zit er op en nu is het tijd om een uurtje te gaan rusten! Lyka ligt binnen een kwartier te slapen en ik neem plaats op het terras voor onze bungalow. Ik kan mijn benen goed voelen. Tijdens het schrijven over onze avonturen gaan mijn handen af en toe onbewust onder de tafel om mijn vermoeide beenspieren te masseren. Regel na regel, alinea na alinea en verhaal na verhaal komen in de ruwe vorm vanuit mijn hoofd op het beeldscherm. Waar nodig plaats ik een foto, of twee, om het verhaal te ondersteunen en de nieuwsgierigheid van de lezers te prikkelen.
Het schrijven onderbreek ik af en toe met het plannen van het vervolg van onze reis en dat stemt me af en toe toch wel een beetje treurig. Met elke kilometer die we dichter bij Bangkok komen neemt het avontuur af en komen we weer op bekend terrein. Met pijn in mijn hart moet ik bekennen dat we nu al op redelijk bekend gebied zijn. Ik wordt gedwongen om vreemde routes te nemen om niet oneindig op de lelijke wegen naar Bangkok te rijden!
De planning vanaf morgenochtend tot aan het einde van onze motorreis is voor mij een eitje. Ik maak zonder een probleem een lijst van de plaatsen waar we zullen slapen. Hotels via Agoda en emails of berichten via Facebook naar onze vrienden en bekenden die we nog willen bezoeken. Reizen in het internet tijdperk.
Aan tafelSchnitzel met patat
Ook op deze tweede, en laatste, avond in het “Blue Beach Resort” eten we in het restaurant van het resort. De beschrijving die we gisterenavond van de vreemde Duitser hebben gekregen van de varkens schnitzel met bijgerechten kunnen we niet overslaan na al het overheerlijke Thaise eten van de afgelopen weken. Maar toch, een varkensschnitzel in twee delen met friet en sla is ook niet te versmaden. Zeker niet voor de 179 baht (€ 5,25) die het restaurant ervoor rekent!
Voor de tweede avond zit het restaurant helemaal vol met gasten waarvan tachtig procent niet op het resort verblijft. Zij verblijven elders maar weten toch de weg naar het restaurant van het Blue Beach Resort te vinden. Het eten is hier goed en goedkoop en dat trekt nu eenmaal toeristen uit alle windstreken.
De geserveerde maaltijd is voor ons beiden teveel! Veel te veel! Lyka geeft als eerste op waarna ik ook de helft van mijn tweede schnitzel op het bord laat liggen! Ik zie vanuit mijn ooghoek iets uit de lucht vallen dat mijn ogen instinctief volgen. Er valt een stevige bruine rat op de arm van de vrouw aan het tafeltje naast ons. De rat maakt zich snel uit de voeten en is in een oogwenk weer verdwenen! Iedereen die het aanschouwd heeft is verbouwereerd van wat ze hebben gezien.
De vrouw kijkt mij met open gesperde ogen aan en zegt: ‘Een rat, een rat!’
Ik kijk haar recht in de ogen en probeer haar gerust te stellen dat 2020 het “jaar van de rat” is in de Chinese kalender en dat de rat die op haar is gevallen betekend dat ze veel geluk zal hebben het komende jaar. Ik moet zelf lachen om mijn opmerking maar het heeft haar in ieder geval gerust gesteld. Nog een laatste biertje voor de bungalow en dan naar bed.
Copyright/Disclaimer