woensdag 20 juli 2016

België: De geur van aanmaakblokjes

Stavelot (Camping de L'eau Rouge)

Wanneer ik om half acht de gordijnen opentrek blijken “den ‘Ollanders” uit Eindhoven al vertrokken. Wij hebben dus echt niets gehoord en dat is het bewijs dat onze tweede nacht in de camper een goede was. Ik had bijna eindelijk geschreven maar dat kan je niet zeggen na een slechte nacht. Zoals altijd gaat de koffie op het gas en de deur open. Een frisse Ardense boslucht glijdt de camper binnen.
Het is geen bijzondere plaats maar zeker toch een goede overnachtingsplaats. Lyka ronkt als de oude diesel onder de motorkap en ik schrijf over de belevenissen van gisteren. Wat is dit leven toch anders. Zorgen zijn er maar weinig, het enige doel voor vandaag is om zoveel mogelijke bederfelijke voorraad op te eten. De koelkast is nog steeds niet optimaal. Hij wordt wat kouder maar het houd niet over. Ik ga door mijn mogelijkheden maar die blijven beperkt. Misschien komt het ook wel door de hogere buitentemperaturen?
Zodra Lyka uit de alkoof verschijnt begin ik aan het ontbijt. We hebben nog een ontelbaar aantal eieren en blikjes witte bonen in tomatensaus van de Tesco. Het Engelse ontbijt uit Schotland krijgt een Belgisch vervolg. De braadworsten zijn ook heerlijk! Ik weet uit ervaring dat veel mensen hun neus ophalen voor zo’n vet en uitgebreid ontbijt maar voor mij blijft het nu eenmaal een goed begin van de dag.
We pakken de losliggende spullen in en maken ons gereed voor het vertrek. Ik rol voor de eerste keer de kabel in en weet dat we dat de komende weken wel vaker zullen doen. Elektriciteit uit een snoer blijft nu eenmaal gemakkelijk, ook wanneer je een goed werkend zonnepaneel op je dak hebt liggen. Een kort woord van afscheid van onze Vlaamse buurman met zijn oranje VW T3 en we zijn weer op weg.

Het is heerlijk weer en de wegen zijn onverklaarbaar leeg tijdens het hoogseizoen. Zijn mensen dan toch van die verschrikkelijke kuddedieren dat ze elkaar blijven opzoeken aan de Spaanse Costa’s? Dat moet haast wel. Op een mooie rustige staanplaats genieten we samen in alle rust van het weer, de omgeving en een kopje koffie. Het is nog vroeg en ik vindt het jammer dat we verder moeten gaan. Er zal nog veel te zien zijn bij onze zuiderburen.

Omdat we bij het drielanden punt zijn geweest kunnen we het “Le Signal de Botrange” ook niet overslaan. Net zo indrukwekkend als zijn kleine zusje maar toch een beetje belangrijker omdat dit het hoogste punt van België is waar vroeger een telegrafische seinpost stond. Deze seinpost gebruikte vlaggen om boodschappen over lange afstanden te versturen. De komst van de telegraaf door de draad maakte de vlaggenzwaaiers werkeloos maar de heuvel en de seinpost bleef. En hier lees op een informatiebord naast de oude signaalpost een stukje Belgische geschiedenis dat ik in ieder geval niet op school heb gekregen.
Na de eerste wereldoorlog, die Nederland door haar neutraliteit bespaard bleef, werd er een verdrag getekend dat de Pruisische staten, waaronder St Vith, aan België werden toegewezen. Enkele jaren later werd er een referendum uitgeschreven of de voormalige Duitse staten bij België moesten blijven. Het pikante aan dit referendum was dat de tegenstemmers uit deze Duitstalige gewesten moesten komen om hun stem kenbaar te maken. De lijsten van de stemmers zijn bewaard en na de 2e wereldoorlog ook nog gebruikt om collaborateurs op te sporen!

En Lyka is op jacht naar Pokemons in België. Ik kan hier niet over klagen want ze is wel in beweging!

Ongepland rijden we ook nog Duitsland binnen. Het is maar voor enkele kilometers maar het is genoeg om een “Bäckerei” te bezoeken voor heerlijk broodjes en twee kaneel/hazelnoot muffins. Ik ben nog steeds blij met die Euro, anders had ik weer geld moeten wisselen!
Bij een terrasje lees ik de geschiedenis van de “VennBahn”. Een spoorweg aangelegd in opdracht van de Duitse Keizer Wilhelm om het gebied tussen Monschau en Luxemburg te ontsluiten. Kolen uit België en ijzererts uit Luxemburg moesten de Duitse oorlogsindustrie aanjagen in de aanloop naar de eerste wereldoorlog. eerlijk gezegd weet ik er zeer weinig van en ik heb er ook maar weinig over meegekregen op school terwijl geschiedkundig gezien de eerste wereldoorlog waarschijnlijk belangrijker was dan de tweede wereldoorlog.

Op de eerste de beste rustige plaats eten we een late lunch. De goede bodem van deze ochtend heeft de honger lang weg weten te houden. De vaste etenstijden vervagen al snel wanneer je onderweg bent met een camper. Je hebt namelijk alle tijd en je hebt op elk moment van de dag alles voor een maaltijd bij je. Je hoeft niet op een kansje voor een maaltijd te wachten! Rundvleessalade met brood en corned beef. Brood en boter, een koffie om het compleet te maken. Wat een koningsmaal weer?
Het is de “camping dag” vandaag! Twee nachten wild staan en dan een nachtje op de camping hebben we afgesproken. De ervaringen in Schotland hebben ons op deze verdeling gebracht en die gaan we ook proberen aan te houden tijdens deze reis. Op de Garmin GPS zoek ik een camping aan het water en bij aankomt blijkt deze helemaal vol. Hier valt dus wel te merken dat het nu hoogseizoen is. Ongewild moeten we dus verder! Ik zoek opnieuw op de Garmin en die komt met “Camping de L'eau Rouge”. De camping ligt wel wat uit de richting van de geplande route maar dat is nu eenmaal de charme van een camper. Elke route is een goede route!
Er is plaats op de camping! Bij de receptie overkomt me wat vreemds. De vriendelijke dame noemt Zaltbommel namelijk “Bommel”. Dat is de naam die de lokale bevolking gebruikt in het dagelijks taalgebruik. Wanneer ze me verteld dat ze twintig jaar in het “Bommelsch Gasthuis” heeft gewerkt is de link snel gelegd. Wat is de wereld toch klein geworden?

Het is een heerlijk plaatsje en ik moet eerlijk toegeven dat ik het nu ook wel lekker vind om af en toe op een camping, met al haar luxe verwennerijen, te verblijven. Lekker douchen en er is toch ook wat minder argwaan en stress dan bij het vrijstaan. De tijd vliegt en de geur van aanmaakblokjes verspreid zich over de camping. Tientallen barbecue’s worden ontstoken en een zoete rook van petroleum slingert zich tussen de tenten en caravan’s door.
Wij hebben ook zo’n BBQ ding, maar dan wel op gas. Ik heb het ook deze reis thuis gelaten. De charme van een BBQ is aan mij niet besteed. Half rauw en toch verbrand vlees verzuipen in stromen van een ondefinieerbare rode saus op een hard broodje? Nee dank je! De regen begint te tikken op het dak en de grote BBQ volksverhuizing begint. Kokend heten stalen apparaten vol gloeiende kolen worden naar binnen of onder een luifel gesleept. Mijn tweede punt waarom ik niet zo van een BBQ houd.

De twee zware maaltijden van vandaag, de laatste pas om half drie, doet ons besluiten om de zak spareribs aan te breken die nu toch al ontdooit is. Ze gaan in de Omnia oven en een half uur laten duiken Lyka en ik op de kilo dampende spareribs. We hebben al kunnen voorgenieten van de heerlijk geur die ze tijdens het opwarmen door de camper verspreidden.
Een camping heeft natuurlijk ook een kantine en dat is voor mij het signaal om maar eens een gezellig Belgisch biertje te gaan drinken. Lyka doet zich in de camper tegoed aan de tv-serie “The Tudors” terwijl ik een koele Duvel nuttig. Ik sluit me aan bij een tafel en een gezellig onbelangrijk gesprek ontwikkeld zich. Een tweede en een derde Duvel vinden mijn glas waarna ik om elf uur toch maar weer eens de camper ga opzoeken.
En hier maak ik de cruciale fout om nog een laatste Duvel mee naar de camper te nemen. Ik weet het! Ik heb nu eenmaal nooit genoeg van heerlijke bieren. Dit slaapmutsje brengt me in diepe coma en ik droom van de reizen die we nog gaan maken.

dinsdag 19 juli 2016

België: De warmte is niet aangenaam

Lac de la Gileppe (parkeerplaats)

Onze eerste nacht in de camper was een erg onrustige. Het was te warm, te klam, te zweterig en opstijgende en landende vliegtuigen hielden me uit mijn slaap. Ook de onrustige vrouw naast me hielp niet! Zij lag onder vuur van een eenzame verdwaalde mug. Na enkele korte uurtjes sta ik om half zeven op. De zon prikt voorzichtig door de kieren van de gordijnen. Een bakkie koffie en een eerste inspectie rondom de camper. De koelkast brand nog maar de èchte vraag is: koelt hij wel? Mijn vingers hebben de neiging om aan het koelelement te blijven plakken zoals mijn natte tong dat vroeger tijdens de winter aan de smeedijzeren hekken in de Nonnenstraat deed. Er glijd een kleine last van mijn steeds smaller wordende schouders maar de twijfel blijft.
Om acht uur roep ik Lyka ook om op te staan en met de geur van bakkende croissants is ze zo beneden. Koffie, een warme croissant met roomboter en roereieren met spek. Een vijf sterren ontbijt in een twee sterren kamer. Ondertussen zijn alle gordijnen open en gaat ook een van de zijramen omhoog. Met elke minuut die verstrijkt wordt de zon sterker en de buitentemperatuur loopt snel op. In de camper is het gemiddeld 5 tot 10 graden warmer dan buiten! De open ramen laten de koelte zolang als mogelijk binnen.
Na een half uurtje rijden over slingerende slechte wegen vinden we het alweer voldoende en stoppen we voor de eerste keer op een klein pleintje in Voeren tegenover een kerkje. Een lekker bakkie hete thee in een poging om de vermoeidheid van een slechte nacht van me af te schudden. Enige keren kijk ik naar een bordje op de gevel naast ons,  “Kasteelzicht”, en haal mijn schouders op. Kasteelzicht? Ik kijk nog eens over mijn schouder en zie niets meer een kleine oude kerk en een glooiend groen landschap waar boeren druk zijn de hooi van het land te halen.
Wanneer ik een plastic tasje huisvuil in een vuilnisbak langs de parkeerplaats ga gooien zie ik vanachter het oude pittoreske kerkje het kasteel tevoorschijn komen. Ik moet er zelf om lachen. Dat kleine kerkje hield al die tijd het kasteel voor ons verborgen.

Vanzelfsprekend nodigt dat kasteel uit voor een eerste korte wandeling. De voorbereidingen voor de wandeling duren langer dan de wandeling zelf! Ik moet eerst de gratis kaart van “Open Street Maps”, OSM nog op de kleine Garmin plaatsen. Dat duurt bijna twintig minuten! Maar zodra het klaar is is de hete thee ook in mijn keelgat verdwenen en gaan Lyka en ik op flip-flops op pad. Op de flip-flops, want ik heb geen zin om voor dat korte stukje mijn wandelschoenen tevoorschijn te halen.
Het is maar een heel kleine ronde maar we worden er ook meteen aan herinnerd hoe vreemd het hier in België kan zijn. We gaan van een smalle weg naar een fietspad waar twee enorme betonnen, rood/wit geverfde, tonnen de weg versperren voor alles met meer dan twee wielen. Ik vind het een beetje overkill maar ik heb ook het idee dat die twee betonnen ringen nu eenmaal over zijn gebleven van een of andere riolering klus in de gemeente.

Een stukje verder staat een uitnodigend bord met daarop een tekst over lokale bieren, kazen en stropen. Ik neem aan dat het vruchtenstropen zijn, appelstroop en perenstroop? Schoorvoetend lopen we richting de gebouwen van het kasteel. De gebouwen waarin de stroperij gevestigd is lijken de oude paardenstallen van het kasteel te zijn. Met elke stap die ik neem wordt het vreemde gevoel in me sterker. Het is alsof we in een griezelfilm terecht zijn gekomen. Er is geen enkel teken van leven! Er beweegt helemaal niets op het boerenerf en tussen de stallen.
“You can check in any time, but you can never leave!” van Hotel California klinkt zachtjes in mijn hoofd en dat maakt het nog griezeliger.
Voordat ik wat kan zeggen fluistert Lyka: ‘Hond, een grote hond!’
Mijn ogen speuren de omgeving af en ik zie niets. Het bord aan het begin van het erf kan nog zo uitnodigend zijn maar het woord “Hond” is voor mij voldoende om terug te gaan naar veiligere gronden. Dan zie ik hem beschut tussen de grassprieten naar ons kijken. Hij bestudeert ons zoals ik hem bestudeer. Dit is geen moment om risico’s te nemen! Ik grijp langzaam Lyka’s hand en zonder de grote hond uit het oog te verliezen schuifelen we achteruit het erf af. Eenmaal weer op de weg kunnen we er wel om lachen. Niet dat we bang waren, nee, we voelden ons een beetje ongemakkelijk.
Voordat we verder rijden nemen we ook nog snel even een kijkje op het hof rond de kerk. Een monumentale steen uit 1661 springt meteen in het oog. Het is hier een belangrijke plaats in de geschiedenis. Ik moet daar later maar eens wat meer over lezen. Een ding is in ieder geval zeker: 500 jaar geleden was Europa meer verenigd dan vandaag de dag.

Een blik op de GPS verteld me dat we niet ver van het drielandenpunt af zijn. “Het Drielandenpunt”, een populaire bestemming voor schoolreisjes in een ver belegen verleden. Ik ben er persoonlijk nog nooit geweest en nu we zo dichtbij zijn wil ik het ook niet overslaan! Noem het maar de hang naar nostalgie.
Na wat gegeten te hebben op de parkeerplaats net voor de attractie slenter ik alleen, Lyka blijft achter in de camper om wat schoon te maken, naar de steen die het punt zou moeten markeren waar de grenzen van de drie landen bijeenkomen. België, Duitsland en Nederland hebben we op de lagere school geleerd. Het verbaast me dat er vroeger ook een vierde land aan dit punt grensde. Een vierde land? Ik ben de naam al snel weer kwijt maar ook dat moet ik maar eens gaan opzoeken!
Een geografisch punt op een berg is verheven tot bezienswaardigheid. M.a.w., denk de hele kermis die er omheen gebouwd is weg en wat er overblijft is een steen in een bos op de top van een heuvel. Plichtsgetrouw heb ik het gezien maar ik kan niemand aanraden om er heen te gaan. Alhoewel? Het is een mooie klim, van beide kanten, voor mijn wielren vrienden!

Nu gaan we beginnen aan de eerste etappe van onze geplande reis. Tour 01 van België en Luxemburg! GPS-punt “001 Raeren” is geprogrammeerd en een kwartiertje later staan we op een parkeerplaats naast het wereldberoemde “Töpfereimuseum Raeren”, althans volgens het WOMO-boekje. Hier lopen nog minder toeristen dan bij de geografische zuidpool in de winter. Het is vreemd, het is vandaag dinsdag in het hoogseizoen en overal waar we komen in België lijkt het een zondagmiddag. Er is geen levende ziel op straat te bekennen.

Mijn verkenning van het “Töpfereimuseum Raeren” verloopt haast hetzelfde als ons bezoek aan de stroperij. Geen mens te bekennen en deze keer besteed ik niet al teveel tijd aan het zoeken of er misschien een gevaarlijke wachthond op het erf op me ligt te wachten.
Een kwartier later rijden we weer! Punt 002, een kale ongezellige parkeerplaats bij het centrum van Eupen rijden we voorbij en zo belandden we op punt 003, de parkeerplaats van “Lac de la Gileppe”. Niet de meest visueel spectaculaire plaats om de avond door te brengen maar er zijn camperplaatsen en de elektriciteit is gratis. Het is voor ons de eerste keer dat we op een plaats overnachten die op de NKC lijst van camperplaatsen staat!

Alles gaat in de stand rust en we genieten van de rust en vechten tegen de warmte. Het lijkt vandaag nog warmer dan gisteren. En dat ondanks de wind die tussen de bomen over de parkeerplaats waait. Voor het eerst sinds lange tijd heb geen zin om de omgeving te ontdekken. Gewoon stil staan, een frisse zucht wind en wat lezen.
Het duurt niet al te land en de laatste plaats wordt ingenomen door een hele mooie nog niet zo oude camper. Ik ben niet jaloers maar wanneer ze buiten een ijsje zitten te eten denk ik ook een moment aan een koelkast die goed werkt. Tja, voor die prijs van een nieuwe camper kun je ook wat verwachten! Een koel biertje smaakt iets minder dan een koud biertje, maar het is altijd beter dan niets!

Ik begin in alle rust aan het eten en na een half uur staat de kip in Thaise zwarte pepersaus op tafel. Het smaakt meer dan uitstekend. Het reizen met een camper versterkt alle smaken en ervaringen. Alles wordt een overtreffende stap intenser. Na een rustige ontspannende avond zoeken we ons bed op. Ik voel me beter dan gisteren, meer op mijn gemak en denk niet aan de bang makende verhalen van de man in de nieuwe camper. Gasaanvallen en gewapende overvallen in de camper van horen zeggen. Wat moet je er mee? Thuis blijven?

maandag 18 juli 2016

België: Ik moet weer even wennen

Zichen-Zussen-Bolder (naast de kerk)

Een nieuw avontuur begint! Het is voor ons moeilijk te geloven dat we maar achttien nachten thuis hebben geslapen. Na ons Schotse avontuur voelde deze achttien dagen voor mij persoonlijk als enkele maanden. De komende reis houden we het dichterbij huis om verschillende redenen. Ten eerste een financiële reden omdat de plotselinge terugreis met de veerboot toch wel flink in ons budget heeft gehakt. De andere belangrijke reden is: Het hoogseizoen voor vakantie is in Europa in volle gang. Ik had me voorgenomen om nooit tijdens het hoogseizoen met de camper in Europa op pad te gaan maar geestelijke nood breekt wet. Ik hou het gewoon niet in huis. Iedere keer wanneer ik naar de oude camper kijk wil ik weer op reis.
Om zeven uur sta ik naast mijn bed en begin als een bezetene de camper weer te vullen met de overdaad uit onze koelkast. Hoewel ik me had voorgenomen om niets meer te kopen dat we niet ècht nodig hebben heeft de hersenspoelende verkoopformule van de supermarkt toch weer gewonnen. Ondanks alle goede voornemens is de koelkast en de koelbox tot aan de rand gevuld. Dat eten we dus als eerste op!
Het is al half twaalf wanneer we de parkeerplaats af rijden. Ik koop bij Appie nog even een stokbrood, vul in Rossum de tank met diesel en de dampgasfles met LPG. De slang die ik vorige week heb gemonteerd maakt dat een stuk gemakkelijker. En even later zoeven we over de A2 richting Eindhoven. Ik verbaas me opnieuw hoe comfortabel de oude camper rijdt wanneer ze volledig is beladen. De 200 kilogram extra aan water en brandstof verandert haar in een comfortabele Amerikaanse slee. Ik vraag me steeds af of we niet te zwaar beladen zijn. Ik denk, lees: hoop, het niet. Maar we worden ook steeds lichter wanneer de voorraden gaan afnemen.
Net voor Valkenswaard eten we op een parkeerplaats naast de autosnelweg onze lunch, stokbrood met kaas, tomaat en basilicum, en op dat moment, nog geen zestig kilometer van huis, krijg ik weer het camper gevoel. Het is wel een wat ander gevoel dan in Groot-Brittannië! Daar mag je namelijk vrij staan, in Nederland en België is dat wettelijk verboden. Ik weet niet hoe ze daar mee omgaan in België maar we gaan het toch proberen. Vrijheid boven alles tenslotte! En mochten we ergens geweigerd of weggestuurd worden dan trek ik het boetekleed aan, zet een onderdanig masker op en vertrekken we met de stille trom.
Nog enkele kilometers en we passeren de grens met België. Na de slagboom, er staat er nog een met een decoratieve functie, verandert de wereld om ons heen. De huizen worden anders, de wegen worden anders, zeg maar slechter, en het verkeer wordt ook anders. Ik moet nog wel even vermelden dat de weggebruikers in Nederland èchte horken zijn vergeleken bij de weggebruikers in het Verenigd Koninkrijk. Asociaal wil ik ze nog niet noemen maar ze komen er wel verdomd dichtbij! In België zijn ze gelijk ook een stuk vriendelijker en geduldiger. Wat heeft bijna iedereen in Nederland toch een onverklaarbare haast zodra ze achter het stuur kruipen.
Ergens, zomaar in België, naast een kleine kerk drink ik een kop koffie. Met de kop in de hand inspecteer ik bijna automatisch ons voertuig, en thuis, voor de komende weken. Ik heb wel een idee hoe lang we deze keer op weg zijn maar het voordeel van een camper is de flexibiliteit. Het zou tenslotte zo maar kunnen zijn dat we, in verband met het verbod op overnachten naast de openbare weg, in Duitsland terecht komen. Het boekje voor de reizen langs de Moezel ligt al klaar! De radio speelt en in mijn hoofd lost Zaltbommel met haar kleine problemen weer langzaam op. Zaltbommel wordt pas weer realiteit wanneer we de toren van de St Maartenskerk kunnen zien.

Morgen gaan we pas ècht beginnen aan onze route door België, ergens tussen Zaltbommel en het Limburgse “Raeren” stoppen we voor de eerste illegale wilde overnachting. In “Zichen-Zussen-Bolder” strijken we neer op een zonovergoten plein naast de kerk. Het is een Vlaams-Limburgs kerkdorp waar de uithangborden nog in het Nederlands zijn. Vanaf het plein is het nog ongeveer 50 Km naar de start van de route 01 uit het WOMO-boekje “Belgien und Luxemburg”.

De TV gaat aan en een koude Bavaria komt tevoorschijn. Ik laat voor een moment mijn ogen over het verlaten plein gaan. Wat is dit toch een mooi leven! De Tour is al snel op een van de gratis Duitse kanalen gevonden en met de aankomst in Bern wordt er weer een nieuwe bestemming voor de toekomst gepresenteerd. In Schotland was de DVB-t al een openbaring maar na onze eerste ervaring in België, we zijn nog wel dichtbij Nederland, kan ik er met mijn hele verstand niet bij waarom we een zeer kostbare schotel voor de tv ontvangst zouden moeten nemen. Een Strongbow cider volgt de Bavaria op en na de spannende sprint begin ik langzaam aan het eten voor vanavond.

Braadworst met lauwe Italiaanse aardappelen salade (olijfolie, knoflook, peper, zout en veel basilicum) met een kleine gemengde salade en een braadworst is geen alledaags gerecht maar op dit stille kerkplein in België voldoet het aan alle eisen die je aan een maaltijd bereid op twee kleine gaspitten in een camper kan stellen. Het is voedzaam, het is lekker èn het is gezond.
Buiten passeert nog regelmatig een verdwaalde auto en vallen lege flessen en potten in de grote glasbakken. Ik moet er om lachen maar ik ben er haast van overtuigd dat we ons daar na tien uur vanavond niet druk meer over hoeven te maken. We liggen al redelijk vroeg op bed maar we hebben moeite om de slaap te pakken.
Copyright/Disclaimer