maandag 28 december 2015

Nieuwjaar met een melkkoe (Deel 1)

San Antonio (Mamsi Homestay (Front Room)

Met trillende handen opende Steef de kleine bruine envelop die op zijn kledingkast in het omkleed lokaal van de fabriek was geplakt. Hij wilde zo graag naar Thailand maar hij durfde het niet te dromen dat het zou gaan gebeuren.

Er was de laatste jaren in de fabriek te veel veranderd. De oude directeur van Rijn, waar Steef heel goed mee kon opschieten, was met pensioen gegaan en de fabriek was aan een beleggers consortium verkocht. Het was er niet beter op geworden! De nieuwe directeur vond de kleur en de uitstraling van zijn lease auto belangrijker dan het welzijn van zijn personeel. De ploegbazen werden virtueel gedegradeerd tot gewone arbeiders, met behoud van salaris natuurlijk, en hun plaats werd ingenomen door productiemanagers van hetzelfde kaliber als de directeur, inclusief een wollen maatpak en schone gemanicuurde handen.
Elke ochtend wanneer Steef om kwart voor zeven over de parkeerplaats van de fabriek naar de fietsenstalling reed schudde hij onbegrijpelijk zijn hoofd naar de lege gereserveerde parkeerplaatsen voor de directie en de productiemanagers. Met die ouwe van Rijn dronk hij vroeger nog wel eens koffie voor half acht aan zijn machine. Die ouwe kwam altijd als eerste op de fabriek, opende de deuren, en ging als laatste nadat hij zeker wist dat alle machines waren uitgeschakeld en alle deuren waren afgesloten. Zijn personeelsleden waren als zijn bloedeigen kinderen en hij kwam zelf regelmatig op de werkvloer polshoogte nemen of iedereen tevreden en alles in orde was. Om iets over half vijf wanneer Steef in de andere richting naar huis fietste waren de parkeerplaatsen ook weer leeg. Er kwam tegenwoordig een bewakingsbedrijf afsluiten. De sfeer op de werkvloer èn op het kantoor was verpest en iedereen dacht met weemoed aan die goeie oude tijd. Dit kon niet lang goed gaan!
Achttien maanden na de overname kwamen de eerste slechte berichtten naar buiten. Er waren te weinig orders. Er werd geen winst meer gemaakt. De concurrentie uit het buitenland was te groot en bovendien veel goedkoper. Er werden meteen twee extra managers aangesteld om het productieproces door te lichten en in de productiekosten te snijden waar het mogelijk was.
Steef, met een paar jaar LTS elektro-opleiding, begreep donders goed waar het was misgegaan! Acht nieuwe managers in grote lease-auto’s van de zaak die de hele dag niets anders deden dan de gedegradeerde ploegbazen afsnauwen en achter hun vodden aanzitten. De sfeer was te snijden en er gingen nog maar weinig mensen plezier naar hun fabriek.
Ongeveer een jaar later kwam de eerste ontslagronde en er moest meer worden geproduceerd met minder werknemers. De twee managers zouden opnieuw een ronde kostenbesparing door het bedrijf doen. Steef begreep er nu helemaal niets meer van en ging voor het eerst ook met tegenzin naar zijn werk. Hij miste die ouwe van Rijn!
Toen gebeurde er iets waar iedereen op had gehoopt maar niemand had verwacht! Op een mooie zomerochtend stond de antieke donkergroene Jaguar van de oude directeur van Rijn weer op zijn vaste plaats op de parkeerplaats. Van schrik trapte Steef achteruit op zijn rem en sprong op de stang van zijn fiets. Hij wreef eens goed in zijn ogen en keek om zich heen of er niemand een grap met hem uithaalde. De zon scheen en hij kon het vers gemaaide gras ruiken. Het was een mooie ochtend. Hij droomde toch niet?
Hij stalde zijn fiets en ging in een versnelde tred naar binnen, Kleedde zich in een recordtijd om en spoedde zich als een snelwandelaar naar de loods waar zijn werkplaats was. Hij werd haast gek van blijdschap toen de ouwe van Rijn naast zijn machine met twee bekertjes koffie op zijn aankomst stond te wachten.
‘Goedemorgen Steef’, sprak de directeur statig.
‘Goedemorgen meneer de directeur’, antwoordde Steef automatisch met een verbaasd gezicht.
Hij wist niet wat hij zag en hij geloofde nog steeds dat hij droomde.
‘Ik ben sinds vandaag weer terug en we gaan de fabriek weer eens op de rails zetten! Ik heb jouw en veel van je collega’s gemist. Helaas mag ik niemand meer aannemen die al ontslagen is maar ik mag wel eigenhandig ontslaan dus zijn al die overbodige managers vrijdag voor het laatst. De ploegleiders krijgen hun verantwoording terug en ik heb de algehele leiding van de fabriek weer in handen.’
Steef was in zijn nopjes, misschien kreeg hij ook weer wat zijn privileges terug. Maar hij moest nog even wachtten om dat af te tasten.

Nu stond hij in het omkleed lokaal naar de bruine envelop, met het hanepotige handschrift van directeur van Rijn, te kijken waarin het antwoord zat op zijn aanvraag voor vakantiedagen eind december/begin januari. Hij wilde dolgraag een keer het nieuwjaar bij zijn meisje in Thailand vieren. Nu zijn moeder het heden voor de eeuwige had verruild waren de kerstdagen en het nieuwjaar hem slecht gevallen zo in zijn eentje. De kroeg was ook niet alles en veel van zijn Thaise vrienden gingen ook in de winter een paar weken naar de warmte. Het was zijn grootste droom.
Hij scheurde in een onhandige beweging met zijn vuile dikke wijsvinger de envelop open, ontvouwde het informele stukje papier en las hardop het antwoord op zijn verzoek.


Geachte Steef,

Ondanks dat mijn handen door de nieuwe eigenaren van de fabriek gebonden zijn en ik niet over de bevoegdheden beschik om een besluit te nemen over je aanvraag heb ik voornemens om je verzoek voor de vrije dagen te honoreren. Jouw afdeling draait weer op het niveau van voor mijn vertrek en met twee personen minder is dat een hele prestatie die een beloning verdient.

Ik keur je verzoek voor de vrije dagen met de kerst en jaarwisseling onder de volgende voorwaarden goed.

1. Deze vakantie is slechts eenmalig en in de toekomst zal ik je verzoeken afwijzen voor vakanties rond het jaareinde. Mede met het oog op de algehele inventarisatie van de fabriek en bijbehorende voorraad.
2. Uw gewoonlijke zomervakantie van vier weken wordt ingekort tot drie weken en wordt opgenomen buiten de schoolvakanties en de bouwvakvakantie.
3. U zal de goedkeuring van uw verzoek met niemand op de fabriek bespreken omdat het mij persoonlijk in een moeilijke positie zal kunnen brengen. Ik hoop dat u begrip heeft voor mijn verzoek?

Verder wens ik u een fijne vakantie en ik zal er zorg voor dragen dat uw kerstpakket hier in mijn kantoor zal worden bewaard tot na u terugkeer uit Thailand.

Hoogachtend, J.W. van Rijn (Algemeen Directeur)


Er verscheen een traantje van geluk in Steef zijn ooghoek. Voor een moment sloot hij zijn ogen en waande zich op de veranda van het huisje van zijn meisje tussen de rijstvelden met een koud Singha biertje in zijn hand.
‘Hé Steef, we gaan tussen de kerst en oud en nieuw een dagje naar Amsterdam plezier maken. Er wordt een busje gehuurd. Heb je zin om mee te gaan?’
Steef schrok van de vraag en was sneller terug in de werkelijkheid dan hij had gewild.
‘Ehh, ik weet het nog niet!’, was het eerste wat hij kon bedenken.
‘Zit toch niet te zeuren man! Ga toch mee? Wat moet je alleen thuis doen? Je zit toch alleen maar aan je dode moeder te denken! Kan je ook een keer met een èchte vrouw praten!’, zaagde Henk maar door.
Een èchte vrouw?, dacht Steef. Die Henk was altijd een huismus geweest totdat hij een keer per ongeluk op de Amsterdamse wallen half dronken een Thaise bar was binnengestapt. Gestrekt door de drank had hij met een meisje zitten praten en was later mee naar boven gegaan. Bleek dat meisje ook nog een Thaise uit Buriram te zijn! En nu had hij altijd het grootste woord over Thaise vrouwen! Hij wist het allemaal, maar Steef was allang blij dat hij niet moedig genoeg was om zelf met het vliegtuig naar Thailand te gaan. Hij had het wel eens tussen neus en lippen door aan Steef gevraagd. Hij wachtte ook nog steeds op zijn antwoord! Steef keek hem aan en zonder wat te zeggen trok hij zijn jasje aan en liep het omkleed lokaal uit.
Achter hem hoorde hij Henk nog zeggen: ‘Ouwe lul! Wat ben jij saai zeg! Ga toch mee man? Kun je ook een keer van bil!’
Steef schudde zijn hoofd en liep richting de fietsenstalling. Hij had het gevoel dat hij al richting Thailand liep.

vrijdag 25 december 2015

Filippijnen: Een donkere kerst

San Antonio (Mamsi Homestay (Front Room), vrijdag 25 december 2015

Het leek gisteren, kerstavond, een dag als alle andere. Toch was er in San Antonio meer dan alleen kerstavond te vieren. Het dorp liep uit om naar de verscheidene kerken te gaan en daar de aankondiging voor de geboorte van Jezus te vieren. Het grote verschil met eergisteren was dat zonder enige aankondiging van de autoriteiten het water niet werd afgesloten om een uur of half vier.
Ook in het huis van “de Reverentes" was de vreugde groot nu ik eindelijk de doucheslang en het bidet heb gemonteerd. De kleine Jay-Jay is niet onder de neerdalende koude waterstralen uit de douche vandaan te krijgen. Fris gedoucht en omgeven door een wolk van parfum volgt hij met een brede glimlach op zijn gezicht en netjes gekamde haren Mamsi en Lyka naar de kleine kerk in het centrum van San Antonio.
Ik zweef neer op het oude kussen op de treden van het trapje voor de voordeur van het huisje en geniet van een koude literfles San Miguel bier. Om 17:45 is het hier in de Filippijnen pikkedonker en kun je geen hand voor de ogen meer zien. Aan de hemel staan miljoenen sterren die sterker lijken te stralen nu er geen elektrisch achtergrond licht is om ze te verbleken. In de verte bromt een eenzaam aggregaat, verder is het stil en donker. Ruim een week geleden bromden er ontelbare aggregaten in de verte maar nu veel mensen geen geld meer voor benzine hebben zwijgen ze. Het is tenslotte beter om met een bord rijst in het donker bij een kaars te zitten dan met een leeg bord in het elektrisch licht!
Ik sip van mijn bier en denk na over de zaken die we in de beschaafde wereld zo vaak voor lief nemen. Elf dagen zonder elektriciteit is ook voor mij een record. Het laatste record stond op zeven dagen in de Himalaya’s van Nepal. Daar maakte het weinig uit want je was zo vermoeid dat je met plezier om zeven uur naar bed ging. Wanneer mijn fles leeg is zoek ik mijn bed maar op.
Het boek dat ik aan het lezen ben, “Tante Roosje”, is niet een verhaal om mee in een feeststemming te komen. Tante Roosje deed het namelijk met de moffen om te overleven! En dat bleek na Auschwitz, verschillende andere concentratiekampen en de tweede wereldoorlog te hebben overleefd een slechte keuze volgens de Nederlandse regering.
Toch kan ik het jullie het boek van harte aanraden omdat het het sprookje over het Nederlandse verzet tegen de bezetter ontkracht. Onze opa’s en oma’s sloten de bezetters meestal massaal in hun hart omdat zij ook voor een beter leven in Nederland zorgden. En die Joden? Tja, die moesten naar Westerbork. Een concentratiekamp gebouwd door de Nederlandse regering voor de opvang van vluchtende Duitse joden. Een concentratiekamp dat de bezetters efficiënt draaiend en volledig ingericht overnamen als springplank naar de dood. 85% van de tijdelijke bewoners keerde niet meer terug naar huis, het hoogste percentage van heel Europa! En dat schijnt iedereen in Nederland vergeten te zijn. Dus op 4 mei herdenken we in Westerbork dat de Duitsers slechter waren dan onze foute regering?
Om half zes op de eerste kerstdag ben ik dan weer klaar wakker. Buiten is het al druk en tussen de bamboe tralies door hoor ik het uitbundige “Merry Christmas!” dat de bewoners van het kleine dorp elkaar toe wensen.
Kerstmis in een klein dorp aan zee in de jungle van de Filippijnen zonder elektriciteit is wel een erg zware geestelijke marteling die ik dan ook hoop om maar een keer mee te maken. Het ontbreken van die elektriciteit heeft ook het dagritme enorm verstoord. Ik realiseer me hoe verslaafd we aan energie zijn. Mijn laptop draait allang niet meer, mijn telefoon staat op 22% maar gelukkig heb ik altijd mijn Kobo e-reader nog. Nog voor zeven uur zijn Lyka en haar moeder druk bezig met het bereiden van de kerstmaaltijd. Een Filippijnse klassieker voor de kerstdagen: Macaroni salade.
Vol verbazing volg ik de, in mijn ogen onhandige, handelingen en de voorbereidingen. Alle ingrediënten staan op de, door duizenden mieren bevolkte, gammele eettafel. Aan de ingrediënten is vaak de smaak van het eindresultaat al af te lezen! Ik zie met goudomrande hoofdletters SUIKER bovenaan het denkbeeldige recept staan. Ik kom er niet onderuit dat ik een hapje moet proeven. Om eerlijk te zijn moet ik vermelden dat er zeker mensen zijn die dit gerecht lekker zullen vinden maar aan mij is het in ieder geval niet besteed. Veel te zoet!
Om tien voor negen staat het hele gezin, inclusief de nachtvlinder die ook weer in Mamsi Homestay is neergestreken, klaar om naar de vroege kerkmis te gaan. Zelf blijf ik achter om in alle rust de roerende goederen van het gezin en mezelf te bewaken. Dit is voor de lieden van het dievengilde ook hier in de Filippijnen een uitgelezen moment om toe te slaan.

Na de kerkdienst maak ik een familiefoto en gaan we aan tafel. Om vijf uur, wanneer de zon loom en laag aan de horizon staat, vis ik mijn eerste literfles San Miguel bier uit de ijsbox. Dat is nu de enige manier van koelen. Elke twee dagen gaat er een groot blok ijs in het water in de ijsbox. Uit het water stijgt na enkele dagen de geur van de dood op. Het weinige dat ik nu nog eet is strikt vegetarisch. De aanblik van de in het water drijvende plastic zakjes vis en vlees zouden de keuringsdienst van waren in Nederland nachtmerries bezorgen. Hier is het de normaalste zaak van de wereld! Ze hebben een spijsvertering waar een geit nog van zou opkijken.
Het extra koele bier smaakt me uitstekend. Terwijl het gezin opnieuw aan tafel gaat blijf ik op mijn vaste plaats voor het huisje zitten en denk na, diep na. Mens, wat heb ik veel nagedacht de afgelopen elf stroomloze dagen! Je wordt haast filosofisch zonder elektrisch licht en je raam naar de werkelijkheid van de wereld! Je hebt niets anders te doen wanneer de batterijen van je laptop en mobiele telefoon zijn opgedroogd. Mijn iPod is ook verstomd en daarmee is ook de stilte van de jungle gekomen. Ik kan alleen nog lezen en nadenken, diep nadenken, in de diepte van mijn geest afdalen met behulp van de geestverruimende alcohol.
Tijdens mijn derde fles bier vertrek het gezin om de kerst elders in het dorp bij familie, vrienden en kennissen te gaan vieren. Ik blijf alleen achter om op het huis en de weinige bezittingen te passen. Daar op dat trapje, alleen in het donker, begint mijn geest aan mijn verstand en bewustzijn te knagen. De alcohol en mijn geweten knaagt aan mijn gedachten, mijn normen en waarden, mijn ideeën en mijn herinneringen. Ik heb me wel eens vaker proberen voor te stellen hoe de plantage medewerkers zich aan het begin van de negentiende eeuw in Nederlandsch-Indië zich zouden hebben gevoeld. Verstoken van muziek en enig ander vertier, alleen een fles Hollandsche Genever als bondgenoot. Hoewel ik morgen kan opstaan en weglopen voel ik me veilig in deze eenzame opsluiting.
Voor veel anderen zou het een straf zijn om de hele dag niets te doen, niemand om mee te praten, niet vermoeid genoeg om te slapen. Alleen samen met jezelf en een geest in je hoofd die je langzaam opvreet. Eenzaamheid is een monster dat je met haar en huid opvreet.

dinsdag 15 december 2015

Filippijnen: Een nare droom?

San Antonio (Mamsi Homestay (Front Room)

Kwart over vijf schiet ik wakker en ontwaak uit een nare droom. Mijn lichaam doet pijn en ik voel me erg vermoeid. Alles aan me en om me heen is vochtig. Voor een moment weet ik niet waar ik ben totdat ik het eerste ochtendlicht tussen de bamboetralies de hemel donkergrijs zie kleuren. Het andere raam is nog pikzwart maar er stromen stemmen en verwarrende geluiden binnen.
Ik richt me moeizaam op en zie op straat schimmen tussen lichtbundels van zaklantaarns lopen. Mijn geheugen wordt opgefrist alsof er een emmer ijswater over mijn hoofd wordt gegoten. De dikke katoenen korte broek voelt me vreemd aan en ook de katoenen sweater waarin ik slaap voelt als vreemd aan mijn lichaam. Automatisch grijp ik mijn Nikon camera uit mijn koffer, schiet mijn teenslippers aan, die netjes naast elkaar voor de opstap naar onze slaapkamer staan, en loop naar buiten. Het is hier op dinsdagochtend om half zes net zo druk als in een Nederlandse winkelstraat op een zaterdagmiddag om een uur of twaalf!
Mensen staren me aan en ik weet niet goed wat voor houding ik moet aannemen! Ik voel me bekeken, ik voel me een indringer in hun wereld, ik voel me niet welkom en misplaatst. De stemming die onder de lokale bevolking heerst is ook moeilijk te peilen, of aan te voelen. Voor mij voelt het aan als hun ellende, hun probleem. Zelfs de altijd uitgestrekte bedelende platte handen zijn door de wind weggeblazen. Alsof ze weten dat ik onmogelijke alle schade kan betalen.

Het hutje van de oude vrouw met haar kleindochter tegenover ons aan de andere kant van de straat ligt voor de helft plat. Zonder erbij na te denken loop ik eerst om het huisje van mijn schoonmoeder heen en gelukkig is de schade beperkt tot wat bamboe afscheidingen, een raam en een weggeblazen dak van de bijkeuken.
Ik dank Boeddha dat wij alle drie veilig en gezond zijn. Nu het daglicht in zeer korte tijd op een sterkte is gekomen dat ik ook de horizon kan zien realiseer ik me dat het lijkt dat we in een oorlogszone terecht zijn gekomen. Van de geteelde gewassen naast het huisje staat niets mee overeind en zo ver als het oog reikt zie je gevelde bomen. De weg naar Pilar is onbegaanbaar door omgevallen bomen en elektriciteitsmasten, de meest bekende radiozender, MOR Legaspi 93,9 FM is nog steeds uit de lucht. Stilte en verslagenheid heersen.
Zonder dat ik ook maar een woord van het Tagalog begrijp versta ik waar de mensen het over hebben. Het is de universele taal van begrip en saamhorigheid. Ik ben verdoofd door de verwoesting die ik aanschouw. Maar het vreemdste vindt ik nog de gelatenheid waarmee deze mensen het over zich heen laten komen. Er vloeien geen tranen, er zijn geen vragen aan hun vader in de hemel. De tyfoon is een feit en verleden tijd. Deze tyfoon komt nooit meer terug, net zoals alle andere tyfoons uit het verleden. En er zullen in de toekomst meer tyfoons komen, ook dat is een vaststaand feit en dat is onvermijdelijk!

Lyka en haar moeder zijn nergens meer te vinden dus ga ik maar alleen op pad om te zien hoe groot de schade uiteindelijk is voor San Antonio. Tijdens mijn wandeling en het maken van de foto’s gebeurd er iets vreemds in mijn geest. De acceptatie van de ramp wordt steeds gemakkelijker en schade aan de huizen wordt steeds onbelangrijker. Het bericht dat er geen gewonden of doden zijn gevallen bereikt me en ik dank opnieuw de Boeddha. Het lijkt me een klein wonder op zich tussen de puinhopen om me heen.
De straten zijn plotseling leeg en verlaten en San Antonio lijkt op een spookstad. In de verte klinkt het tikken van een hamer op een spijker. Het ontbreken van mensen op de straat versterkt de mate van verwoesting. Alsof alle bewoners weggewaaid, door onzichtbare geesten op de golven van de wind meegesleurd.

De lagere school die al vijf jaar geleden aan vervanging toe was heeft de storm miet overleefd. De enige onderwijzer die in de buurt woont probeert te redden wat er nog te redden valt. Natte computers, ongetwijfeld draaien op windows 95, worden een voor een naar een klaslokaal gebracht waar het nog enigszins veilig is. Deze school zal moeten worden herbouwd, maar ik heb mijn twijfels. In het arme Filippijnen is er weinig geld voor infrastructuur en onderwijs. Na de kerstvakantie zullen ze wel in de open lucht moeten gaan zitten. Of onder een afdak, beschermd tegen de brandende zon.
De zon klimt gestaag omhoog en verwarmt de straten en de mensen na de koude en natte nacht. In de verte klinkt nog steeds het gehamer van het ijzer op de spijker. Een kettingzaag springt in en er begint een symfonie van herstel, een opera van herbouw. Het herstel is al meteen begonnen. Niemand zit bij de pakken neer. De schouders gaan eronder en velen handen maken licht werk. Iedereen helpt iedereen! Eerst worden de wegen en straten vrijgemaakt en daarna beginnen ze aan hun eigen onderkomens. Er lijken geen slachtoffers van de tyfoon te zijn, de acceptatie verbaasd me nog meer dan een uur geleden.
‘Wanneer komen de hulpgoederen van het Rode Kruis?’, wordt er gevraagd.
Een bewijs van de onuitroeibare humor en wil om te overleven van deze arme mensen. Een paar kilo rijst, een kilo suiker, wat pakjes instant noedels en conservenblikjes met vis maken een enorm verschil in deze kersttijd. Afrika is dan misschien dichterbij maar de mensen zijn hier niet minder arm. Maar wel vergeten!
Muziek klinkt uit een draagbare radio en mensen drommen zich samen om het kleine apparaat om te horen hoe de rest van Bicol door deze storm, die niet eens zo’n hele zware was, heen is gekomen. De hele provincie Sorsogon, en de aangrenzende provincie Legaspi zitten zonder elektriciteit en volgens een aangeslagen dorpeling kan het wel twee maanden duren voor dat we weer elektriciteit in San Antonio hebben! Twee maanden zonder elektriciteit? Overleef ik dat wel? Ik kijk nog eens goed om me heen. Enkele bewoners scharrelen door een hoop hout en riet dat eens hun huis was geweest op zoek naar nog bruikbare zaken en herinneringen.
Voor velen zijn herinneringen aan verloren dierbaren door de wind meegenomen. De beelden zullen langzaam in hun herinneringen en in de tijd oplossen. Een kind loopt met een teddybeer, die zo doorweekt is dat het lekkende water een donkere streep over het warme beton van de straat trekt, achter haar zwijgende moeder aan.

Er zijn zoveel beelden, zoveel indrukken dat ik moeite heb om ze allemaal op te slaan. Ik laat mijn camera het werk doen. Plotseling duikt Lyka op uit de menigte en verteld dat het huisje van haar tante Karen helemaal is weggewaaid met alles wat ze bezat. Alleen een kale bruine verharde plaat aarde temidden van plat gewaaid gras herinnerd nog aan het huisje dat daar ooit heeft gestaan.
Al mijn gevoelens, indrukken en gedachten zitten in een mentale sapcentrifuge en komen in een dunne straal naar buiten. Ik wil wel helpen maar ik kan niet iedereen helpen. Willen de mensen wel geholpen worden? De trots is hier groot, er wordt hulp aanvaard en er wordt tegelijkertijd geholpen. Veel familie is aan het werk overzee en veel financiële hulp zal er de komende weken arriveren uit Dubai, Hong Kong, Singapore, Oman, de USA en Canada.
Meer hamers klinken in de verte om me heen. Een aggregaat slaat aan en zorgt voor de onontbeerlijke elektriciteit. De wederopbouw na de tyfoon is gestart. Overal om me heen gaan er nu mensen aan het werk. Lyka en ik moeten ook maar eens terug naar huis gaan, kijken wat we zelf kunnen doen.

Schoonmaken, opruimen en repareren. Misschien kunnen de buren wat hulp gebruiken?Maar niet de overburen! Hun hutje ligt haast helemaal plat. Mamsi spelt me op de borst dat hun ingestorte huisje de wraak van god is omdat ze slecht over Mamsi heeft gesproken. Ze heeft ook slecht over mij en haar Lyka gesproken. Zij heeft haar verdiende straf gekregen! God als scherprechter in een lokale strijd. Verbaasd kijk ik naar de overkant van de straat waar de oude vrouw met haar kleindochter de schade staat op te nemen. Er is veel weggewaaid de afgelopen nacht maar de gevoelens en het oud zeer van de vele mensen zit rotsvast in deze samenleving verstrengelt.
Het duurt niet lang voordat tante Karen haar verhaal komt vertellen. Ze stuurt er openlijk op aan om met haar man en twee zoontjes zolang bij ons in het huis te komen wonen. Niet permanent maar totdat haar, niet al te snelle man, een hutje van bamboe uit de grond heeft gestampt. Dat is voor de moeder van Lyka geen optie. Na een koffie en twee boterhammen met pindakaas vertrekt ze met een plastic tas terug naar waar ooit haar hutje stond. Twee kilo rijst, oploskoffie en suiker zijn de eerste instant hulp van haar familie.
Mamsi kijkt me na haar vertrek verontschuldigend aan en ik stel haar op haar gemak dat ik het wel begrijp. Hier in de Filippijnen moeten ze elkaar wel steunen, anders stort de hele wereld in elkaar en zijn ze allemaal hulpeloos verloren. De hulp komt in de vorm van een berg steenslag/zand en twee zakken cement. Nu ze toch vanaf de grond moeten gaan opbouwen komt er voor het eerst een betonnen vloer in het hutje.
Contact is er ook al gelegd met een tante uit Chicago die zelf ook de klappen van de zweep kent. Deze week komt er geld met Western Union en kan de rest van de bamboe voor de  wederopbouw ook worden gekocht. Er wordt gefluisterd in huis, ik kan ze toch niet verstaan dus dat fluisteren is overbodig! Toch rijg ik woorden aan elkaar en leg verbanden in een mix tussen het Tagalog, Filippijns, en het Bicol dialect.
Wanneer er geld komt wordt er ook een tv gekocht. Elk volk heeft zijn “Brood en Spelen” nodig, dat hadden die Romeinen 2.000 jaar geleden al heel goed gezien.
Copyright/Disclaimer