dinsdag 4 september 2012

Nederland: Weer snel op weg

Zaltbommel

Om half acht ben ik door de spanning van de reis en de spanning in mijn blaas alweer wakker. Het is een kamer om in weg te dromen en ik kom niet verder dan oneindig gedraai op mijn bed. Wanneer om negen uur eindelijk de wekker van mijn iPhone afgaat komt dit meer als een verlossing dan als een straf.
Zonder te douchen kleed ik me aan en ga op zoek naar het ontbijt. In het restaurant wordt je door een mooie jonge vrouw naar een plaats gebracht en die van mij is een klein tafeltje naast de Italiaan met één arm.
‘Bon Giorno!’, spreek ik hem zachtjes toe.
Hij kijkt verbaasd op en knikt zonder een woord te zeggen.
Het ontbijt buffet is in het vijf sterren hotel natuurlijk goed verzorgt en ik vul mijn bordje. De pistoletjes, ham, salami, kaas, roomboter en koffie doen het onverwachte oponthoud al snel vergeten. Er zijn niet écht veel Egypt Air passagiers aan het ontbijt! De meesten zullen nog wel op bed liggen.
‘Wanneer kunnen vertrekken?’, vraag ik vraag me af.
De Italiaan begint nu ook tegen me te praten maar zijn verhalen zijn zo negatief en deprimerend dat ik al snel besluit om op te staan en voor een tweede keer mijn bordje te vullen.
Aan het buffet denk ik - terwijl ik mijn bordje voor de tweede keer vul met salami en ham - na over de depressieve Italiaan. Ik ken veel meer mensen die nooit - en ook écht nooit - een positief woord uit hun mond kunnen krijgen. Dat negatieve gebrabbel is zo slecht voor me en zuigt zoveel energie uit me dat ik dat soort mensen liever vermijdt. Ik wordt er zelf ook depressief van!
Zodra ik weer ga zitten klampt hij me aan en begint in slecht Engels - gelardeerd met Italiaanse woorden - zijn beklag.
‘Alsof het mijn schuld is dat we hier zitten!’
Hij is een duidelijk geval van het “slachtoffer syndroom”. Alles wat er om hem heen gebeurt is de schuld van iemand anders, zelf kan hij er helemaal niets aan doen! Af en toe kijk ik naar hem op terwijl ik niet eens luister naar zijn klaagzang. Het had allemaal veel slechter kunnen aflopen.
Zonder een woord te zeggen sta ik op en knik hem een laatste keer toe. Wanneer ik me omdraai en wegloop van de tafel hoor ik zijn geklaag steeds verder vervagen. De receptie meld me dat er nog niets bekend is en dat we worden opgeroepen zodra ze iets weten. Ik haal mijn laptop van mijn kamer en koop internet minuten bij het business center van het hotel. Een strategische zitplaats bij de “Coffee Corner” in de enorme lobby van het hotel is mijn doel. Nog voordat ik mijn kop koffie heb besteld zie ik enkele medepassagiers van Egypt Air in grote haast langs me heen lopen en in het passeren vraag ik ze wat er aan de hand is.
‘Ze hebben een vlucht naar Amsterdam voor ons’, roept een jong meisje in hippe jaren zestig kleding me toe terwijl haar vriend haar als een wervelwind achtervolgd.
En dat is het moment voor mij om in actie te komen! Binnen vijf minuten heb ik de kamer verlaten en de keycard bij de receptie ingeleverd. De eerste groep passagiers is al weg en ik sluit me aan bij de tweede groep om naar de vertrekhal te gaan.
In de vertrekhal gaat het allemaal wat moeilijker. We kunnen niemand vinden die ons enige informatie over de vlucht naar Amsterdam kan verstrekken. British Airways wordt genoemd als mogelijke vliegmaatschappij voor ons vertraagde vertrek. Maar ook daar komen we niet verder. De servicebalie van Egypt Air is onbemand maar uiteindelijk krijgen we te horen dat EVA Air de maatschappij is die de stoelen met achtergebleven passagiers zal vullen.
Aan de vertrekbalie worden formulieren ingevuld en verwerkt. Een nieuwe instapkaart en immigratiekaart wordt verstrekt en we zijn klaar om te vertrekken. Voor ons gaat het allemaal snel maar een groep die uit Maleisië zijn vertrokken hebben hun paspoorten moeten inleveren. Met lede ogen kijken ze aan dat wij kunnen vertrekken terwijl zij niet eens weten waar hun paspoorten zijn. Het is jammer maar dit is geen moment om bescheiden te zijn.
We rennen met de groep Hollanders naar gate E1 waar het vliegtuig op ons staat te wachten. Alle stoelen zijn bezet wanneer de deur van de Boeing 777-300 ER dichtgaat. Wij slaan allemaal een zucht van verlichting terwijl de rest van de passagiers vreemd om zich heen kijkt en geen idee heeft wat er allemaal de afgelopen twaalf uur is gebeurd.

Een non-stop vlucht van Bangkok naar Amsterdam is een marteling! Ruim elf lange uren op een zitplaats. Je hele lichaam gaat pijn doen en na een paar uur weet je niet meer hoe je moet gaan zitten! Maar ik moet eerlijk toegeven dat de service van EVA Air tot in de puntjes goed is geregeld. Geen enkel moment heb ik honger of dorst gehad. Het enige wat me tegenstond was de verduistering van de cabine op deze dagvlucht. Persoonlijk had ik liever de tijd in het daglicht doorgebracht. Maar dan wordt uiteindelijk toch de landing ingezet.

In Amsterdam moeten we eerst nog de formaliteiten voor de achtergebleven bagage afhandelen. Dit is dus de tweede keer in drie maanden dat het me overkomt! Maar ik ben in Amsterdam en dat is voor nu het belangrijkste. Een klein rekensommetje geeft als resultaat dat we maar vier uur later in Amsterdam zijn dan gepland. Voor een moment krijgen we nog wat valse hoop wanneer er wordt gezegd dat misschien onze bagage op band 17 uit de catacomben van Schiphol zal verschijnen.
‘Dat zou helemaal perfect zijn geweest!’
Maar helaas is dit niet geval en er wacht nog meer papierwerk om onze achtergebleven bagage op de plaats van bestemming te krijgen. We nemen aan de balie afscheid van elkaar want wanneer je met anderen in een moeilijke situatie beland schept dat toch een band.
Ik koop nog snel wat eten en een paar blikken bier en ga op zoek naar de trein. 21:15 komt de intercity in beweging en ik ben op weg naar huis. Nu is het afwachten wat er met mijn bagage zal gebeuren. Ik probeer de negatieve gedachten te verdringen want ik zal er alles aan doen om niet zo als die Italiaan en velen anderen met hem te worden. Het leven is veel te mooi en te goed om te klagen, er zijn er zeker velen die het nog slechter hebben als jijzelf!

Thailand: Een probleem met het vliegtuig!

Bangkok (Nova Airport Hotel 1208))

Ik hoef gelukkig steeds minder te pakken wanneer ik weer naar Nederland ga! Alleen het echt belangrijkste gaat nog met me mee naar Nederland. Waaronder deze keer acht pakjes Pad Krapow, acht pakjes Thaise kerrie in vier verschillende smaken en twee kilo rijst.
Marokkanen of een ander soort Frans sprekende Noord-Afrikanen hebben nu ook de bus van Pattaya naar de Luchthaven van Bangkok ontdekt, met alle te verwachten problemen van dien: Uitgebreid met de stoelen horizontaal voor zo ver als het technisch mogelijk is liggen er zes van dat soort achter elkaar in de bus, ook de stoelen naast de jongens zijn geblokkeerd met stukken bagage of ze liggen zo breed dat ze twee stoelen bezetten.
Ik weet nu al dat dat straks problemen gaat geven. De  bus druppelt vol en iedereen - waaronder ik zelf ook - probeert twee stoelen voor zichzelf te regelen. Maar dat is nu met de gestegen populariteit van de bus haast onmogelijk. Misschien moet ik de volgende keer maar weer twee kaartjes nemen? Een medewerker van “Bell Travel” moet er aan te pas komen om de zes als een stok kaarten in elkaar te schuiven. Een Chinees echtpaar betreedt de bus en ik offer me maar op om naast een man van onbekende afkomst te gaan zitten. Hij zegt de hele weg - ruim anderhalf uur - geen woord maar ligt met zijn grote koptelefoon op met de ogen open in het niets te staren. De reis duurt langer dan normaal.
Binnen een uur heb ik de instapkaarten in mijn handen en heb ik de formaliteiten gepasseerd. Ik moet het toegeven, het lijkt er op dat er nu eindelijk is nagedacht over hoe de problemen met de enorme rijen op te lossen.
Tijdens het wachten op de opening van de counters ben ik in gesprek geraakt met een man uit Egypte. Een prettige ontmoeting die we voortzetten bij “Whittard of Chelsea”, een fijn koffiehuis achter de immigratie. Onder het genot van een goede kop koffie en omringt met mensen die druk zijn met de sociale media volg ik de Japanse en Koreaanse meisjes op weg naar de vliegtuigen. Een mooi panorama dat elke seconde veranderd. De tijd vliegt om en na twee en een half uur is het tijd om aan boord te gaan van de gereedstaande Boeing 777-300 ER van Egypt Air.
Het vliegtuig zit bomvol! Het was waarschijnlijk al bijna vol toen het uit Kuala Lumpur vertrok. Ik van neer op mijn stoel en luister naar muziek terwijl ik wacht op het vertrek en mijn glaasje water. En we blijven maar wachten en wachten. Vreemde zaken gebeuren! Het onboard entertainment scherm wordt zwart en eindeloze regels programmeertaal komen voorbij.
‘Corrupted!’
‘Unknown Picture!’
‘Kernel failed to start!’
En nog meer van die moeilijk te verklaren programmeertaal komt in eindeloze rijen voorbij voorbij op het kleine aanraakscherm.
Het licht gaat plotseling uit en voor een moment is het pikkedonker in de cabine. Er is een spoor van paniek te herkennen onder de humeurige passagiers. Zelf ben ik 19 uur op de been en ik kan ook wel wat slaap gebruiken. Gelukkig draait de airconditioning nog wel maar dat is ook het enige wat nog draait! Plotseling komen de honderden kleine schermpjes achter in de stoelen weer tot leven. Tot grote vreugde van de velen - zich stierlijk vervelende - passagiers. Spelletjes en gecensureerde films worden weer door de passagiers opgestart.
Het geplande vertrek was 00:50 en om 03:15 worden we eindelijk uit onze tijdelijke gevangenis bevrijdt! Maar het ziet er op het eerste oog niet al te best uit! Er wordt eten en drinken besteld om de opgelaten passagiers in de wachtruimte rustig te houden. Buiten staat het vliegtuig in het donker als een logge dinosaurus, er is geen sprankje licht in de cockpit of rond het vliegtuig te bekennen.
Een stewardess schiet me te hulp en vraagt of alles goed met me is. Ik zal er misschien niet al te best uit hebben gezien en ik vertel haar dat ik wegens mijn diabetes wat moet eten. Mijn suikerspiegel gaat nu erg snel omlaag en niemand weet hier hoelang dit nog gaat duren.
Ze leidt me weg uit de menigte en opnieuw het kapotte vliegtuig in waar ik een ontbijt krijg geserveerd in de business class. De twee broodjes met smeerkaas brengen me weer op de been. Terwijl ik zit te eten zie ik man na man in een luik - net achter de cockpit - onder de vloer verdwijnen. Geen prettig gezicht als je nog ruim acht uur in deze aluminium pijp moet doorbrengen!
De kogel is eindelijk door de kerk en het is nu 100% zeker. We zullen overnachten in Bangkok in afwachting van een vervangende vlucht. Opvallend effectief wordt dit probleem opgelost! De Europese paspoorten met een aansluitende vlucht in Cairo worden als eersten apart genomen en worden ingelicht dat ze naar een hotel worden overgebracht. Mijn Egyptische vriend blijft dicht bij me en ik vertel een stewardess dat we vrienden zijn en dat op me past in verband met mijn diabetes. Zij begrijpt mijn verhaal onmiddellijk en wij zitten in het tweede busje dat naar het hotel vertrekt. We besluiten tijdens de korte rit in het busje om samen een kamer te delen.
Aan de receptie blijkt dat iedereen die alleen reist een kamer alleen kan krijgen. Wij luisteren het verhaal tegen het Spaanse meisje voor ons aan en zonder een woord te wisselen knikken we gelijktijdig naar elkaar. Kamer 1208 is voor mij en doodvermoeid zoek ik de onverwachte slaapplaats voor vannacht op. Het is een fantastische kamer en het duurt niet erg lang voordat ik aan de vier uur durende slaap begin. De wekker staat om negen uur! Ik wil tenslotte ontbijten en daarna zo snel mogelijk op weg naar Nederland.

vrijdag 24 augustus 2012

Thailand: Een welkome onderbreking

Chantaburi (KP Grand Hotel (1719))

Ook met een 90 dagen visum op zak kan het wel eens gebeuren dat je even snel de grens over glipt om een nieuwe stempel te halen! De weken in Thailand zijn mooie, luie en drukke weken geweest waarin ik het niet heb kunnen opbrengen om het land te verlaten. Ik vul mijn dagen met schrijven, eten, slapen en af en toe een paar flessen bier.
Uitgezonderd een weekend naar Bangkok - om voor Lyka een visum voor Zuid-Korea aan te vragen - hebben we Pattaya niet verlaten. En dat heeft toch consequenties! We moeten naar de grens van Thailand met Cambodja om een stempel voor Lyka te halen. Voor mij kloppen alle data nog wel maar omdat ik alleen naar Nederland kom in september - en mijn meisje achterblijft - moet Lyka nog een keertje stempelen.

Zeven uur in de ochtend! Het is voor Lyka al een hele tijd geleden dat ze zo vroeg is opgestaan! Voor mij is het redelijk normaal want met de gordijnen op een flinke kier ben ik wakker zodra de zon de weg naar het zenit zoekt. Snel een douche, een gebakken ei en Lyka wakker maken!
De motor staat klaar en met het weinige bagage in de rugzak voor deze korte trip - slechts een nacht - gaan we snel op pad. We besluiten om het geplande ontbijt bij “Crazy Dave’s” maar over te slaan en wat te eten bij het eerste tankstation dat op onze weg ligt.
De tankstations in Thailand zijn heel veel verandert in de afgelopen jaren. Het zijn complete winkelcentra geworden waar je ook nog benzine kan kopen. Restaurants, koffieshops en winkels zorgen ervoor dat je nooit wat te kort komt. Het Thaise magnetron voedsel is nu ook van een acceptabele kwaliteit zodat een snelle maaltijd uit de ‘Ping’-machine veelvuldig wordt genuttigd. En dus staan we na ongeveer twintig minuten met een koffie in de ene en een bananenkoek in de andere hand naast de motor op de parkeerplaats van het tankstation.
Ik denk diep na terwijl ik naar de blauwe lucht kijk. Gedachten over het fietsen - die me sinds ons bezoek aan Nederland bezig houden - gonzen door mijn hoofd. Ik heb er veel zin in maar ik heb ook nog steeds mijn bedenkingen.
‘Zal ik het wel leuk vinden, en zal Lyka het ook leuk vinden?’
Zeker met het oog op mijn jaren en op de toekomst! Mijn teller staat nu op 52 en ik voel me nog steeds jong, maar de jaren gaan toch wel tellen. Ik heb nog zoveel plannen dat het de “Lord Buddha” niet gegeven is om me al te snel te reïncarneren.
‘En wat met kinderen in de toekomst?’
Ik schrik en kom weer terug in de hedendaagse realiteit en denk na over het schrijven van dit stukje.
“Een roadtrip”,  één van de moeilijkste disciplines om te schrijven - althans voor mij dan. Je zit uur na uur in het zadel en als in een trance ben je bezig met het verkeer om je heen terwijl je op hetzelfde moment het landschap om je heen probeert in je op te nemen. Erg moeilijk om dit te beschrijven!
Nadat we een twintig kilometer lange rechte weg hebben verlaten - vol met stinkende zware vrachtwagens - geeft mijn GPS aan dat we linksaf moeten. Na enkele honderden meters is er geen groter contrast denkbaar. We zijn alleen! Af en toe zien we een oude pick-up truck of brommer op weg zijn naar een plantage. Want dit is nu het landsschap. Geen eindeloze industriële parken meer - met grote fabrieken - maar de stilte en rust van de plantages. Hoofdzakelijk is het rubber maar dat zal straks langzaam overgaan in fruit want het oosten van Thailand is een grote boomgaard van fruitbomen.
De zon staat al aardig hoog aan de hemel en wordt met de minuut sterker wanneer we onze eerste echte stop maken. In de schaduw van een tempel drinken we wat koude thee en eten een sinaasappel die Lyka uit Pattaya heeft meegebracht. Ze heeft ook geleerd om niets te verspillen - m.a.w., we gooien geen eten meer weg! In totaal is het ongeveer 325 Km tot ons hotel. Dat klinkt minder dan het is! Hoewel de motor een respectabele 195cc cilinderinhoud heeft ligt de gemiddelde snelheid voor zo’n trip toch een stuk lager dan je zou verwachten. In al die jaren op de motor in Thailand heb ik geleerd dat het beste schema vijftig minuten rijden en tien minuten rusten is. Dat is prettig voor je hele lichaam, je concentratie maar nadrukkelijk voor je kont. Je gemiddelde snelheid zal dan rond de veertig kilometer per uur liggen. Een kleine rekensom en je zit zo maar ruim acht uur in het zadel. Vanzelfsprekend stoppen we straks voor de lunch bij een lokaal restaurant langs de weg voor een bordje authentiek Thais eten!
Ik haal de zonnebrandolie voor de eerste keer vandaag uit de zadeltas. Ik spray mijn onbedekte ledematen - en mijn gezicht - voor de eerste keer  en kijk uit een ooghoek naar de steeds donker wordende lucht. De wollige witte wolken krijgen steeds donkerdere koppen en het lijkt er op dat er regen in de lucht hangt. In de verte aan de horizon zijn het al echt - van die in de tropen bekende - onweersbuien.
Zonder een woord over de aanstaande regen tegen Lyka te zeggen stappen we weer in het zadel voor de volgende sessie van vijftig minuten.
Nog voor deze vijftig minuten aan een einde zijn gekomen is er al twee keer gestopt om te schuilen voor de regen. De eerste bui valt nog wel mee. De tweede bui is te overzien en de derde bui wordt echt teveel. Binnen een minuut gaat het van droog naar een stortregen van bijbelse proporties. Ik had net genoeg tijd om mijn jas aan te schieten maar Lyka zit onbeschermd achterop. Een schuilplaats is niet één, twee, drie voor handen en nat tot op het bot zet ik na enkele minuten de motor op de zijstandaard onder het dak van een verlaten markt.
Het was niet slim om schoenen in plaats van rubberen sandalen te dragen! Het water staat letterlijk in mijn schoenen en er zit niets anders op dan mijn wollen sokken uit te wringen en zonder sokken weer in de schoenen te stappen. Niet écht comfortabel maar dit zijn nu eenmaal de tropen!
Ik heb een beetje medelijden met Lyka die als een verzopen katje naar mijn bewegingen staat te kijken. Haar keuze om geen jas mee te brengen speelt haar nu wel heel erg op. Maar ja, het is in ieder geval bijna dertig graden en dan valt het allemaal nog wel mee. Ik bindt mijn sokken aan het stuur om te drogen en we gaan verder naar de grens.
Binnen een half uur zitten we weer midden in zo’n stortbui maar het grote verschil is nu dat we bij een restaurant kunnen schuilen. Even zitten, lekker eten en een beetje bijkomen van de rit. We zijn al dik over de helft en aan het einde van de rit wacht een mooie droge hotelkamer. Dat is een goede gedachte!
Na het eten gaat de gasschuif wat verder open en met een hogere snelheid dan normaal blazen we naar de grens. Een formaliteit, maar wel een met een corrupt randje!

Visum voor Cambodja = gratis
Visum voor Thailand = gratis
Totaal voor het stempelen? 300 baht zonder een kwitantie!

Maar ja, het is niet anders! Met een goed gevoel springen we weer op de motor om zo snel mogelijk naar Chantaburi te komen. Met uitzondering van een lichte bui arriveren we bij het “KP Grand Hotel”. Een goed drie sterren zakenhotel midden in het centrum. De motor gaat op slot in de parkeergarage onder het hotel en wij zoeken snel de kamer op om ons te verlossen van onze natte kleding. Wit en verschrompeld van het regenwater komen mijn voeten uit mijn schoenen tevoorschijn. Ik schiet mijn slippers aan terwijl Lyka alweer slaapt. Honderd tv-kanalen met zenders in alle talen behalve een die ik kan verstaan. Onder ons droogt Chantaburi langzaam op.
‘s Avonds hebben we een gezellig samenkomen met oude vrienden en bekende bij “49 Restaurant”. Het is altijd weer gezellig om je vrienden na zo’n lange tijd weer te zien. Vrijdagavond in een grote stad in het oosten van Thailand. Om kwart over tien de laatste ronde en om vijf over half elf is het restaurant helemaal leeg.

Welterusten!
Copyright/Disclaimer