vrijdag 24 juni 2011

Indonesië: Opnieuw ongemakken

Surakarta (Solo) (The Sunan Hotel (522))

Het was een heerlijke nacht in een heerlijk bed. Al moest ik wel om vier uur even er uit om mijn darmen te legen. Net nadat ik weer onder het dekbed was gekropen hoorde ik de moskee onder ons raam oproepen voor het gebed. Of had ik toch weer wat geslapen? Echt belangrijk was het niet en ik draaide me weer om.
Vanochtend was ik niet zoals gewoonlijk om zes uur wakker. Het was de wekker in mijn iPhone die me om zeven uur precies wekte. Een kopje koffie, CNBC met het laatste nieuws over de Griekse Euro crisis en Lyka die als een os doorslaapt tot een uur of half negen.
Na een kort overleg proberen we toch even het ontbijt in het hotel. Natuurlijk is Rp. 80.000++ (€ 6,46) niet echt veel voor een ontbijtbuffet maar we daalden pas na tienen af naar de begane grond en de voorraad was al aardig geslonken. Vanaf zondagochtend is het ontbijt inclusief en dan gaan we zeker wat vroeger naar beneden.

Nu we dus besloten hadden om op zoek te gaan naar een ontbijt, Lyka had haar zinnen gezet op nasi goreng, stapten we om half tien het hotel uit. Het “Sunan Hotel” ligt in een buitenwijk van Solo ongeveer drie kilometer vanaf het centrum richting het vliegveld. Het is dus te begrijpen dat hier geen aaneengesloten rij van restaurants te vinden is. Eenmaal aan de hoofdweg richting het centrum vonden we niet ver van het Purwosari Station het “Dapur Solo Restaurant”. De verschillende gerechten die lagen uitgestald zagen er allemaal aantrekkelijk uit en Lyka vond het OK om hier te eten. De prijs viel voor Indonesische begrippen wat tegen. Misschien was het omdat Lyka de garnalen had gekozen. Maar het smaakte allemaal uitstekend behalve een groente die er heerlijk uitzag maar die verschrikkelijk bitter was. Een kopje thee zonder suiker en een banaan toe.

Het eten was minder dan een minuut geleden in mijn slokdarm gegleden en mijn darmen gaven me te kennen dat ik even naar het toilet moest. En dat in een Indonesisch restaurant! Ik viste het zakje met toiletpapier uit mijn schoudertas en met geknepen billen schuifelde ik richting het bordje wc. Er waren drie gesloten deuren die zowel voor mannen als vrouwen geschikt waren. Achter de eerste deur was een gat in de grond, achter de tweede deur was een gat in de grond en al mijn hoop was op de derde deur gevestigd en de prijs die er achter lag. En de hoofdprijs is…. Een gat in de grond! Applaus!!!
Teleurgesteld sloot ik de deur achter me en trok mijn korte broek uit, hing hem op een haak zonder dat er wat uit mijn broekzakken viel. Mijn zijden boxershort ging erover heen en alleen met mijn schoenen en mijn overhemd aan positioneerde ik me zo goed mogelijk boven het gat. Het leek wel een videospel!
De verdere details zal ik jullie besparen maar het ging allemaal goed en er belandden geen spetters waar ze niet hoorden of waar ze voor de buitenwereld zichtbaar zouden zijn. Opgelucht kleedde ik me weer aan en betrad het restaurant waar Lyka met vragende ogen zat te wachten. Ik stak mijn duim op en ze begon te lachen. Dan maar weer verder!
Een paar kilometer verder vonden we een winkelcentrum met een supermarkt in de kelder. Een normale kop koffie met een doughnut was er niet te krijgen maar de supermarkt had alles wat we voor een ontbijt nodig hadden. Het was tenslotte nog maar één dag zonder ontbijt en dan konden we naar het buffet ‘s morgens. Nadat ik ook het toilet van het winkelcentrum met een bezoek had vereerd gingen we maar weer op het hotel aan. Een beetje brood eten, een beetje zwemmen en wat rusten.

Voor vanavond had ik pizza’s besteld die ze om zeven uur precies in het hotel zouden komen afleveren. Drie pizza’s voor Rp. 82.500 (€ 6,76), ik wist dat ik me er niet al teveel van moest voorstellen maar toen ze arriveerden viel het niet tegen. Als hongerige wolven stortten we ons op de van origine Italiaanse heerlijkheden in een Indonesische interpretatie.

Koude cola en kwalificatie training voor de TT van Assen. Wat kunnen die eenvoudige dingen in het leven toch mooi zijn!

donderdag 23 juni 2011

Indonesië: Déjà vu

Wachten op de aansluiting

Surakarta (Solo) (The Sunan Hotel (522), donderdag 23 juni 2011

Ongeveer drie jaar en een maand geleden deed ik deze treinreis met mijn vriend Tettje van Malsen. Tijdens het ontbijt spit ik diep in mijn geheugen om de herinneringen van deze treinreis weer naar boven te halen. En ik kan ze echt niet vinden! Ik heb zoveel gezien en zoveel meegemaakt in de laatste drie jaar dat ik soms niet eens meer weet waar ik een maand geleden was. Maar ik zie dit wel als een luxe en als een voorrecht.
Oude Javaan De Nasi Goreng is het ontbijt dat ik nog maar één keer bestel en Lyka besluit deze keer ook voor de klassieke Indonesische gebakken rijst te gaan. Tijdens het wachten schiet ik dit mooie plaatje van een oude Javaanse ober die overigens nog opvallend fit is voor zijn leeftijd.
Nasi Goreng als ontbijt De Nasi Goreng is de enige brandstof die we voor ons vertrek tot ons nemen, althans tot Kertosono, want we zijn te lui geweest om gisteren de hotelkamer nog te verlaten en wat inkopen voor onderweg te doen.
Haren in de wind
Eenmaal op het treinstation van Blitar, met de kaartjes in de hand, Rp. 4000 (€ 0,32) per persoon, komen de herinneringen langzaam met horten en stoten weer bij me terug. Ik zie de zaken weer die ik me kan herinneren, op de foto te hebben gezet, en de probleemloze reis naar Solo, ook wel bekend als "Surakarta".
Het is drukker in de trein dan ik me kan herinneren. Ik zoek net als de vorige keer maar een plaatsje in de deuropening. Een koele wind door mijn haren. Wat kan reizen toch mooi zijn!
Wachten op de aansluitingWachten op de aansluiting We arriveren drie kwartier te laat in Banaran, maar de aansluitende trein gaan we gelukkig niet missen! Ik moet wel opnieuw kaartjes kopen voor de reis van “Stesen Kerata Api Kertosono” naar Solo en ze zijn in drie jaar wel Rp. 1000 duurder geworden. Maar Rp. 29.000 (€ 2,34) is natuurlijk nog steeds een koopje voor een treinreis van ruim 140 kilometer.
Druk in de trein De “Brantas” is natuurlijk ook te laat, maar niet zo laat dat het me zorgen baart. Eenmaal aan boord van de trein lossen mijn herinneringen in mijn hoofd weer op, want deze drukte kan ik me echt niet herinneren. De trein is zo vol dat we moeten staan. Aan boord komen van een treinwagon was al een kunst op zich; de deuren konden niet meer open omdat de trein gewoonweg overvol was.
Spelen met de buren Gelukkig vinden we twee zitplaatsen bij een gezin dat onderweg naar Jakarta is. Die moeten dus nog meer dan zestien uur in deze overvolle trein zitten, waar het ook al een onmogelijke opgave is om naar het toilet te gaan.
Niets te doen Na een half uurtje schudden in het treinstel komt een oud echtpaar aan boord en die hebben dus echt reserveringen voor onze stoelen. Dat wordt dus de rest van de reis staan! Een eindeloze optocht van water- en voedselverkopers maakt het staan in het gangpad tot een ware hel. Elke twee minuten moet ik me weer als een kip aan het spit omdraaien om de verkopers langs te laten. Gelukkig schikt het gezin wat in, zodat Lyka nog een randje van de bank heeft om op te zitten.
De tijd kruipt net zo langzaam als het groene landschap van Java aan ons voorbij. In het pikkedonker arriveren we op het “Solo Jebres Station”. En hier komen de herinneringen weer boven. Ik herinner me de weg. Ook herinner ik me welke taxi’s en becak’s te vermijden. Net om de hoek van het treinstation vinden we een “becak” die ons voor de redelijke prijs van Rp. 30.000 naar het hotel wil brengen. Het was zo’n lange en zware tocht dat ik de uitgeputte fietser maar Rp. 5000 fooi heb gegeven.
Het hotel is aan de buitenkant nog indrukwekkender dan op de website. We worden door tientallen ogen nagekeken wanneer we de lobby betreden. Twee rugzakartiesten in dit luxe hotel?
‘Kijk maar! De creditcard is hier de baas!’, denk ik bij mezelf.
The Sunan HotelThe Sunan Hotel Het inchecken is geen probleem en binnen tien minuten staan we in onze kamer. Een mooie luxe kamer voor de komende vijf nachten.
We zijn zo moe dat we in onze rugzakken naar de laatste restjes voedsel zoeken. Een stuk chocolade en een kartonnen beker instant noedels moeten we delen. Morgen gaan we eerst eens lekker uitgebreid aan het buffet ontbijten.
De afgelopen dag was een lange Déjà vu.

woensdag 22 juni 2011

Indonesië: Makam Boeng Karno

Blitar (Tugu Sri Lestari Hotel (508))


Blitar zou een onbelangrijke middelgrote stad zijn gebleven zoals er tientallen liggen verspreid over Java.

Een lelijke stad zonder enig historisch punt van belang was het niet zo dat de in ongenade gevallen “vader van Indonesië”, Boeng Karno (Kusno Sosrodihardjo) hier bij zijn moeder was begraven. Het graf is een bedevaartsoord voor de democraten van Indonesië die niet zo heel veel ophebben met de islamitische elite van Jakarta.
Na een korte rondleiding door het museum gingen we verder naar een kleine groep tempels. Eigenlijk gingen we alleen maar om de dag verder te vullen.

Terwijl we op de bus stonden te wachten bood een man aan om ons voor twee Euro met zijn Honda CRV naar de “Candi Panataran” te brengen. En dat konden we niet afslaan want wachten op de bus in de brandende zon was de andere optie. Na een korte comfortabele rit liepen we het terrein van de tempel op. Tja, een andere tempel uit een andere periode met andere kunst maar nog steeds een oude Hindoe tempel die door de moslims maar voor lief wordt genomen.

Nog voor de middag gingen we weer op het hotel aan. Wandelend versleten we een flinke afstand die ons onderweg gebakken kip en gekoelde frisdrank bracht. Maar na een paar kilometer vonden we het wel genoeg en het zien van een kleine gele Angkot maakte ons beiden blij.

Eenmaal terug in het hotel was het weer Farmville voor Lyka en zelf schreef ik wat verhalen en verwerkte de foto’s van de afgelopen dagen. Er komt meer bij kijken dan de meeste lezers denken om elke dag een verhaal met foto’s te plaatsen!
Omdat het onze laatste avond in Blitar was en we toch niet zoveel geld hadden uitgegeven besloten om maar eens wat extra’s bij het avondeten te bestellen. Een gefrituurde karper in zoetzure saus. Het was jammer dat mijn verkoudheid een groot deel van de smaak weg nam maar Lyka smulde er flink van en dat me goed om te zien.

De flinke lik sambal in mijn Mie Goreng opende mijn neusgaten en er verschenen tranen in mijn ogen.

Maar jammer genoeg sloten ze weer net zo snel als dat ze waren geopend. Het was een heerlijke afsluiting geweest van ons bezoek aan Blitar.

Morgen staat er een lange treinreis op het programma!
Copyright/Disclaimer