donderdag 23 juni 2011

Indonesië: Déjà vu

Wachten op de aansluiting

Surakarta (Solo) (The Sunan Hotel (522), donderdag 23 juni 2011

Ongeveer drie jaar en een maand geleden deed ik deze treinreis met mijn vriend Tettje van Malsen. Tijdens het ontbijt spit ik diep in mijn geheugen om de herinneringen van deze treinreis weer naar boven te halen. En ik kan ze echt niet vinden! Ik heb zoveel gezien en zoveel meegemaakt in de laatste drie jaar dat ik soms niet eens meer weet waar ik een maand geleden was. Maar ik zie dit wel als een luxe en als een voorrecht.
Oude Javaan De Nasi Goreng is het ontbijt dat ik nog maar één keer bestel en Lyka besluit deze keer ook voor de klassieke Indonesische gebakken rijst te gaan. Tijdens het wachten schiet ik dit mooie plaatje van een oude Javaanse ober die overigens nog opvallend fit is voor zijn leeftijd.
Nasi Goreng als ontbijt De Nasi Goreng is de enige brandstof die we voor ons vertrek tot ons nemen, althans tot Kertosono, want we zijn te lui geweest om gisteren de hotelkamer nog te verlaten en wat inkopen voor onderweg te doen.
Haren in de wind
Eenmaal op het treinstation van Blitar, met de kaartjes in de hand, Rp. 4000 (€ 0,32) per persoon, komen de herinneringen langzaam met horten en stoten weer bij me terug. Ik zie de zaken weer die ik me kan herinneren, op de foto te hebben gezet, en de probleemloze reis naar Solo, ook wel bekend als "Surakarta".
Het is drukker in de trein dan ik me kan herinneren. Ik zoek net als de vorige keer maar een plaatsje in de deuropening. Een koele wind door mijn haren. Wat kan reizen toch mooi zijn!
Wachten op de aansluitingWachten op de aansluiting We arriveren drie kwartier te laat in Banaran, maar de aansluitende trein gaan we gelukkig niet missen! Ik moet wel opnieuw kaartjes kopen voor de reis van “Stesen Kerata Api Kertosono” naar Solo en ze zijn in drie jaar wel Rp. 1000 duurder geworden. Maar Rp. 29.000 (€ 2,34) is natuurlijk nog steeds een koopje voor een treinreis van ruim 140 kilometer.
Druk in de trein De “Brantas” is natuurlijk ook te laat, maar niet zo laat dat het me zorgen baart. Eenmaal aan boord van de trein lossen mijn herinneringen in mijn hoofd weer op, want deze drukte kan ik me echt niet herinneren. De trein is zo vol dat we moeten staan. Aan boord komen van een treinwagon was al een kunst op zich; de deuren konden niet meer open omdat de trein gewoonweg overvol was.
Spelen met de buren Gelukkig vinden we twee zitplaatsen bij een gezin dat onderweg naar Jakarta is. Die moeten dus nog meer dan zestien uur in deze overvolle trein zitten, waar het ook al een onmogelijke opgave is om naar het toilet te gaan.
Niets te doen Na een half uurtje schudden in het treinstel komt een oud echtpaar aan boord en die hebben dus echt reserveringen voor onze stoelen. Dat wordt dus de rest van de reis staan! Een eindeloze optocht van water- en voedselverkopers maakt het staan in het gangpad tot een ware hel. Elke twee minuten moet ik me weer als een kip aan het spit omdraaien om de verkopers langs te laten. Gelukkig schikt het gezin wat in, zodat Lyka nog een randje van de bank heeft om op te zitten.
De tijd kruipt net zo langzaam als het groene landschap van Java aan ons voorbij. In het pikkedonker arriveren we op het “Solo Jebres Station”. En hier komen de herinneringen weer boven. Ik herinner me de weg. Ook herinner ik me welke taxi’s en becak’s te vermijden. Net om de hoek van het treinstation vinden we een “becak” die ons voor de redelijke prijs van Rp. 30.000 naar het hotel wil brengen. Het was zo’n lange en zware tocht dat ik de uitgeputte fietser maar Rp. 5000 fooi heb gegeven.
Het hotel is aan de buitenkant nog indrukwekkender dan op de website. We worden door tientallen ogen nagekeken wanneer we de lobby betreden. Twee rugzakartiesten in dit luxe hotel?
‘Kijk maar! De creditcard is hier de baas!’, denk ik bij mezelf.
The Sunan HotelThe Sunan Hotel Het inchecken is geen probleem en binnen tien minuten staan we in onze kamer. Een mooie luxe kamer voor de komende vijf nachten.
We zijn zo moe dat we in onze rugzakken naar de laatste restjes voedsel zoeken. Een stuk chocolade en een kartonnen beker instant noedels moeten we delen. Morgen gaan we eerst eens lekker uitgebreid aan het buffet ontbijten.
De afgelopen dag was een lange Déjà vu.

woensdag 22 juni 2011

Indonesië: Makam Boeng Karno

Blitar (Tugu Sri Lestari Hotel (508))


Blitar zou een onbelangrijke middelgrote stad zijn gebleven zoals er tientallen liggen verspreid over Java.

Een lelijke stad zonder enig historisch punt van belang was het niet zo dat de in ongenade gevallen “vader van Indonesië”, Boeng Karno (Kusno Sosrodihardjo) hier bij zijn moeder was begraven. Het graf is een bedevaartsoord voor de democraten van Indonesië die niet zo heel veel ophebben met de islamitische elite van Jakarta.
Na een korte rondleiding door het museum gingen we verder naar een kleine groep tempels. Eigenlijk gingen we alleen maar om de dag verder te vullen.

Terwijl we op de bus stonden te wachten bood een man aan om ons voor twee Euro met zijn Honda CRV naar de “Candi Panataran” te brengen. En dat konden we niet afslaan want wachten op de bus in de brandende zon was de andere optie. Na een korte comfortabele rit liepen we het terrein van de tempel op. Tja, een andere tempel uit een andere periode met andere kunst maar nog steeds een oude Hindoe tempel die door de moslims maar voor lief wordt genomen.

Nog voor de middag gingen we weer op het hotel aan. Wandelend versleten we een flinke afstand die ons onderweg gebakken kip en gekoelde frisdrank bracht. Maar na een paar kilometer vonden we het wel genoeg en het zien van een kleine gele Angkot maakte ons beiden blij.

Eenmaal terug in het hotel was het weer Farmville voor Lyka en zelf schreef ik wat verhalen en verwerkte de foto’s van de afgelopen dagen. Er komt meer bij kijken dan de meeste lezers denken om elke dag een verhaal met foto’s te plaatsen!
Omdat het onze laatste avond in Blitar was en we toch niet zoveel geld hadden uitgegeven besloten om maar eens wat extra’s bij het avondeten te bestellen. Een gefrituurde karper in zoetzure saus. Het was jammer dat mijn verkoudheid een groot deel van de smaak weg nam maar Lyka smulde er flink van en dat me goed om te zien.

De flinke lik sambal in mijn Mie Goreng opende mijn neusgaten en er verschenen tranen in mijn ogen.

Maar jammer genoeg sloten ze weer net zo snel als dat ze waren geopend. Het was een heerlijke afsluiting geweest van ons bezoek aan Blitar.

Morgen staat er een lange treinreis op het programma!

dinsdag 21 juni 2011

Indonesië: Ongemakken!

Blitar (Tugu Sri Lestari Hotel (508))

Zou het het eten van gisterenavond zijn geweest? Het was nog geen acht uur op deze zonnige morgen en ik had al drie keer op het toilet gezeten. Of zou het die reisdag zonder enig vast voedsel zijn geweest? Het waren zeker niet die koude Bintang biertjes, dat was zeker!
Nog maar een keer naar het toilet en dan snel pakken. Nadat we nog een keer goed door de kamer waren gelopen namen we afscheid van onze kamer. Het was er gezellig geweest en we waren onze slechte nacht in het “Kartika Kusuma Hotel” alweer bijna vergeten.
Beneden konden we ontbijten en nog voor het ontbijt op tafel stond hadden we allebei het toilet alweer bezocht. Ik slikte nog twee “arestal” tabletten en hoopte dat het allemaal wel mee zou vallen.
Wat zeker meeviel was het uitstekende ontbijt in de “Splendid Inn”, mijn hoofd stond niet naar de dunne plakjes vleeswaar maar de toast met kaas ging er goed in. De omelet en de banaan vulden me flink en het rommelen werd een stuk minder in mijn darmen.

Tijdens de korte wandeling naar het station werd het in ieder geval niet erger. Ruim een half uurtje wachten op het perron en we zouden de trein naar Blitar nemen. Het was niet echt druk op perron 2 en ik had goede hoop dat we lekker uitgebreid konden zitten, op perron 1 was dat wel anders. Daar stonden honderden mensen te wachten op de trein naar Surabaya.

En daar was de oproep dat de trein naar Blitar binnen enkele minuten zou arriveren op perron 1.
‘Perron 1?’
‘En wij dan?’
Zo snel mogelijk als onze benen ons konden dragen gingen we weer onder het perron door de tunnel naar het eerste perron. De trein kwam eraan en wij liepen zo ver mogelijk naar voren.
Die trein was mudvol, iedereen stond in het gangpad. Maar er verlieten ook veel mensen de trein maar het zou me verbazen als er meer mensen uitstapten dan er instapten. Natuurlijk vocht ik me weer met mijn grote lichaam naar binnen maar in plaats van een zitplaats te proberen te bemachtigen besloot ik om naar voren te gaan waar een wagon zonder stoelen was.

Ruim twee uur hebben we tussen de lokale bevolking op de grond gezeten. Ze kwamen met eten langs en een band maakte de reis een beetje aangenamer.

En daar was eindelijk Blitar. Het “Tugu Sri Lestari Hotel” was net om de hoek en het lag er nog net zo bij als we het drie jaar geleden verlaten hadden. Een mooi oud koloniaal gebouw dat tot in de puntjes verzorgd is. Er was voldoende plaats en nu we de laatste week zijn ingegaan wordt het ook tijd om onszelf eens een beetje te verwennen.

Wifi en service! Om een uur of vijf werd er op de deur geklopt en er stond roomservice voor de deur met een dienblad vol met twee koppen thee en een schaaltje zoete lokale heerlijkheden.
‘Eh, wij hebben niets besteld!’, hakkelde ik verbaasd.
‘Complimentary’, antwoordde de lachende ober terwijl hij naar binnen stapte.

Nou, dat was lekker meegenomen. Ik had een paar uur geleden een paar boterhammen met haring in tomatensaus op en mijn lichaam voelde uitstekend aan. De rest van de dag brachten we door op bed en verlieten de kamer alleen nog voor het avondeten. En dat deden we gewoon in het hotel. Op weg naar het restaurant keken we eens goed om ons heen hoe mooi het hier wel niet is.

Het restaurant was in ieder geval nog net net zo goed als drie jaar geleden en de Gado gado en Nasi Goreng smaakte ons uitstekend.


Will you marry me?
Copyright/Disclaimer