zondag 1 juni 2008

Indonesië, van oude lullen en dingen die kapot gaan

Malang, 01/06/2008

Gisteren hebben we de langste busreis van deze trip gemaakt. Ruim negen uur in een oude schommelende en schokkende bus en daarna nog twee uur in een overvolle modernere bus.
Voor het eerste in al de tijd dat ik met mijn GPS reis had ik problemen met een taxichauffeur die op onze kosten de meter liet ronddraaien. Onderweg viel het me al op dat er geen microlets in onze richting meereden en duidde op een afwijkende route richting de Terboyo busterminal. Nadat ik de chauffeur hierop had aangesproken ontstond er een verhitte discussie in de taxi die steeds hoger opliep en uiteindelijk eindigde op de Terboyo busterminal. De chauffeur wilde niet op mijn aanbod ingaan om ons terug te brengen naar het hotel, ook mijn voorstel om het even op de politiepost te bespreken werd ook afgeslagen. De meter stond op 52.500 Rupiah, mijn GPS gaf aan dat we bijna achttien kilometer hadden gereden en dat we ruim vijf kilometer van ons vertrekpunt waren. Tett stapte stilletjes uit en zorgde dat zijn bagage in zekerheid was gebracht. Gelukkig begreep hij meteen wat de bedoeling was geweest. Zelf nam ik mijn rugzak van de achterbank af en gooide die op mijn schouder. Nog voordat ik klaar was stond de kleine Javaan naast me. De 20.000 Rupiah die ik hem overhandigde nam hij nederig aan en verontschuldigde zich voor het ongemak. Mijn dag was in ieder geval slecht begonnen.
Nog geen twee minuten later werden we door een horde sjacheraars richting een louche kantoortje geleid waar we een buskaartje voor de aanbiedingsprijs van slechts 165.000 Rupiah per persoon naar Surabaya mochten kopen. Er was wel haast geboden want de bus stond klaar om te vertrekken. Weer drie minuten later in deze hectische minuten stond Tett op de treeplank van de bus van onze keuze. 60.000 Rupiah per persoon voor de acht uur durende busreis naar de Purabaya Busterminal waar we zouden overstappen op een bus naar Malang. Er werd snel nog wat te eten en te drinken ingeslagen en om iets over negen koos het zwarte rook uitblazende monster voor de weg.
De rit was niet één van de mooiste en om eerlijk te zijn heb ik zelden zoveel rotzooi en vervuiling gezien. Van slapen was er geen sprake, de haaroprijzende inhaalmanoeuvres en het constante toeteren van de chauffeur maakte dat onmogelijk. En dan te bedenken dat er mensen zijn die problemen hebben om een uurtje of tien in een vliegtuig te zitten!
De aansluiting was perfect met slechts één schoonheidsfoutje, één van ons moest op de trappen van de bus zitten omdat er geen zitplaatsen meer beschikbaar waren. Eindelijk stonden we in de Arjosari Busterminal waar niemand ons lastig viel. Zouden ze ons herkennen? Het maakte ons in ieder geval weinig uit. Wij wilden zo snel als mogelijk naar het Kartika Kusuma Hotel om te kijken of er nog kamers vrij waren. Het zou een tegenslag zijn als het niet zo was geweest. Het geluk stond aan onze zijde en we kregen meteen een kamer. Snel als we waren gekomen waren we weer op weg naar Toko Oen om wat te eten
De eerste koude Bintang maakte contact met de achterkant van mijn keel om iets over half negen. De missie was volbracht en met succes!

Zo’n dag als vandaag is een typische dag van nietsdoen. Winterslapen noem ik dat zelf het liefst. Een beetje verveeld rondhangen en rondlummelen. Een bezigheid die dan zeker niet zal ontbreken is het kopen van zaken die je niet nodig hebt maar onder het motto “is altijd handig” vallen. Onze keuze viel deze keer op twee snelladers en twee sets van extra oplaadbare batterijen. Een van de snelladers heeft nooit gewerkt en de andere sloeg niet af als de batterijen vol waren. De batterijen waren niet beter! Drie batterijen verhuisden meteen naar de vuilnisbak omdat ze defect waren. Één batterij raakte defect bij de eerste keer opladen en de overgebleven twee batterijen waren naar één uur al leeg terwijl de originele broertjes het minimaal dertig uur volhouden. Met een “Garantie tot de rand van de stoep” beleid had het ook geen zin om terug te gaan naar de winkel. Weer een les geleerd! Maar eigenlijk één die we al kenden. Nog twee dagen rondhangen en dan gaan we op weg voor onze laatste nacht in Indonesië.

vrijdag 30 mei 2008

Indonesië, de vrije loop

Semarang, 30/05/2008

Tett was niet zo erg enthousiast meer over het lopen en één van de weinige bezienswaardigheden lag een kilometer of zeven van ons hotel vandaan. Het ontbijt was alleen Indonesisch dus moesten we op zoek naar wat brood. De McDonalds om de hoek serveerde geen McBreakfast ontbijt waarna we maar meteen doorliepen naar de Carrefour. In een supermarkt verkopen ze wel brood. En inderdaad, na een uur wachten ging de supermarkt open en konden we wat belegde broodjes en een tros bananen kopen. Gezeten op een bankje voor de kassa’s van de supermarkt werkte ik alle broodjes naar binnen terwijl Tett al na en paar happen opgaf en aan de bananen begon. Een héél dure maar ook héél goede kop koffie bij een luxe restaurant maakte ons ontbijt compleet.
Bij gebrek aan bezienswaardigheden liepen we maar richting de haven. Misschien was daar nog wat te zien. Onderweg passeerden we het treinstation waar ik informeerde over de vertrektijden naar Surabaya en misschien zelfs wel rechtstreeks naar Malang. Inderdaad, Malang! Gisterenavond op de kamer hebben we besproken om er maar een einde aan te breien. Een beetje rustig aan doen en verder niets. En waar kan je dat beter doen dan in het aangename Malang? De treinverbinding met Malang was slecht dus gokten we op de bus. De busterminal lag ook een kilometer of zes buiten de stad en dat was te ver om te gaan informeren.
We hadden al ergens onderweg gehoord dat Semarang aan het zinken is en hoe dichter we bij de haven kwamen hoe duidelijker dit probleem was te zien. Kanalen waarin het stinkende zwarte rioolwater hoger stond dan de straten van de wijken die ze doorkruisten. Huizen waren van binnen meerdere malen opgehoogd totdat de standhoogte onder de één meter zeventig was gekomen. Verderop stonden hele straten onder water en waren complete wijken, met moderne gebouwen, verlaten voor het opkomende water. Een heel vreemd gezicht in de 21st eeuw!
En zo kwam er langzaam maar zeker ook een einde aan deze minder interessante dag.
De avond was een kopie van gisteravond met uitzondering van het contact met de meisjes. Om iets voor negen ging het licht uit. Morgen om zeven uur op om naar het verre Malang te reizen.

donderdag 29 mei 2008

Indonesië, niets te melden

Semarang, 29/05/2008

Na en onvermeldenswaardige busrit arriveerden we weer in een ongezellige en onpersoonlijke grote stad. De zoveelste van deze leuke reis. Aan de rand van een groot plein werden we uit de bus gezet. Ik had geen idee waar we waren! Nadat ik de kaart voor een minuut of tien had bestudeerd en verschillende lastige taxichauffeurs had weggestuurd wist ik het nog steeds niet. Een cirkel van bankgebouwen met meer dan drie verdiepingen en versierd met grote lichtreclames vulde de blauwe lucht en dit bevestigde in ieder geval dat we in het centrum waren.
De straatnamen, voor zover we die konden vinden, stonden ook niet op mijn kaart en dit was al de tweede keer dat de Lonely Planet op deze reis in gebreken bleef. Een reclame van Carrefour duidde een winkelcentrum aan met waarschijnlijk wel een flinke foodcourt waar we in ieder geval wat konden eten. Tettje maakte een ronde langs de kleine eetstalletjes en kwam weer op een Nasi Goreng uit. Natuurlijk koos ik weer de Bakmie Goreng samen met een enorm glas ijsthee.
De magen waren gevuld maar buiten in de zon stond ons probleem nog steeds op ons te wachten. Rustig blijven en eens goed rondkijken! Het eerste aanknopingspunt was de Jalan Pemuda en die stond ook nog eens op de kaart. Vanaf deze straat liepen we de Jalan Imam Bonjol op en aan deze straat moest ons hotel liggen. Na een metertje of vijfhonderd begon het te kriebelen en ik raadpleegde mijn GPS en we liepen duidelijk in de verkeerde richting, maar wel in de juiste straat? Inderdaad, de juiste straat maar vanaf het andere einde dan we hadden gedacht.
Ietsjes later dan verwacht en met natte ruggen stapten we het ultramodern uitziende hotel binnen. Het was goed en schoon en misschien een beetje te hoog geprijsd maar na drie weken heb je wel een goed idee wat je per dag besteed. Het kleine beetje meer was geen probleem.
Semarang heeft een bevolking van 1,4 miljoen en minder bezienswaardigheden dan Almere. Na de Outstadt met zijn Gereja Blenduk was er weinig meer te zien. De dag eindigde met een paar biertjes op een stapel metselstenen voor het hotel. Tettje had nog even contact gemaakt met, in het pikkedonker, de plaatselijke schoonheden. Wij knoopten een kort gesprek aan dat de ware intenties al snel duidelijk maakte. Terwijl de mammasan met mijn kloten speelde wapperde ik met een Javaanse waaier om haar koel te houden. Tettje deelde zijn sigaretten met de andere meisjes totdat ze een beetje te opdringerig werden en wij voor het alleen slapen kozen. Ik heb nog steeds geen idee wat me morgen gaan ondernemen!
Copyright/Disclaimer