zondag 3 november 2013

Thailand: Hinken op twee gedachten

Watthana Nakhon (Piamsuk Resort (6)

De in dik kunstleer verpakte hoofdkussens beginnen me na twee dagen wel te vervelen! Ze nemen geen zweet op en kraken bij elke beweging. Heb ik nog wel enkele momenten getwijfeld om nog een nachtje langer te blijven maar uiteindelijk ben ik wat later dan gepland opgestaan om op weg te gaan. Naar een onbekende plaats genaamd Watthana Nakhon! Vraag me niet waarom of waarvoor? Het is nu eenmaal zo dat ik die 185 Kilometer voor vandaag wel genoeg vindt.
Zelfs toen ik nog op de stoep voor de 7-11 mijn tosti aan het eten was speelde ik voor een laatste keer nog even met de gedachte van Trat gevolgd door een paar dagen Koh Chang. Maar nee! Geen Bounty eilanden met witte stranden en kokosnoten voor mij, maar de grens van Thailand met Cambodja. Ik ga zoveel mogelijk proberen die grens te volgen omdat daar niets anders te doen is dan groenten en fruit verbouwen. Stille slingerwegen door een langzamere wereld en een vergeten landschap. De eerste kilometers zijn bij me bekend en nu, vroeg in de ochtend heb ik wat meer tijd om een foto te maken van die enorme Chinese Boeddha.

Na een kort stukje snelweg kan ik eindelijk weer de binnenwegen op. De helm maakt plaats voor de bandana en ik weet zelf ook wel dat ik dat eigenlijk niet zou moeten doen. Maar toch, mijn ervaring met de Thaise weggebruikers is geen garantie dat er niets gebeurt, het voegt wel wat extra’s toe aan het gevoel van de ultieme vrijheid. In de binnenlanden kennen de mensen geen haast en ze zijn zeer voorzichtig omdat de voertuigen waarmee ze zich verplaatsen, of het nu om fietsen, motoren of auto’s gaat, hun dierbaarste bezit is. En zodra ik in de buurt van een grote stad kom òf het verkeer naar mijn gevoel gevaarlijker wordt gaat meteen de helm weer op!

Tegen de middag heb ik nog steeds niets kunnen eten, omdat ik domweg geen enkel restaurant of 7-11 heb kunnen ontdekken, en wordt de druk die mijn darmen hebben opgebouwd ongemakkelijk en te groot om de roep van moeder natuur te negeren. Op de top van een berg, op een meter of tien van de weg, achter wat bosjes maak ik de eerste jungle poo van deze motortrip. Het zal ook zeker niet de laatste zijn. De opluchting is groot en het resultaat zeer dun. Zou het die ranzige rol van de KFC zijn geweest? Ik was mijn handen met een flesje water en verlost van het onaangename gevoel zet ik de reis voort.

Schitterende lege uitgestrekte wegen alleen voor mezelf, een genot voor iedereen die van motorrijden houdt. En dan zie ik plotseling op een kruispunt een verzameling van een paar auto’s en een vrachtwagen. Dat betekend in Thailand dat er daar eten te vinden is! En ja hoor, tien minuten later zit ik achter een bord gebakken rijst.

Ik heb een flinke trek dus het is waarschijnlijk dan toch geen voedselvergiftiging. Nadat mijn bordje schoon leeg is gegeten maak ik me op voor de laatste kilometers. Het is maar een korte etappe vandaag. Misschien heb ik dat toch onbewust gedaan om niet meteen mijn lichaam teveel te pesten. Mijn rugzak is ook van plaats gewisseld! Die zit nu met elastieken op de achterkant van mijn zadel vast! En ik moet zeggen dat dat heel goed aanvoelt. Het lijkt zelfs wel dat de pijn in mijn rug wat minder wordt.
Om iets voor half vier arriveer ik bij wat mijn slaapplaats had moeten zijn. Helaas voldoet deze plaats niet aan mijn wensen en zeker niet voor die prijs! Een klein stukje verder in de straat vindt ik het Piamsuk Resort en dat is prima voor de 350 baht die ik moet betalen. Geen ramen! Maar daar ondervindt je s’nachts weinig hinder van.

Voor het avondeten hoef ik ook niet erg ver en de Thaise maaltijd is van hoge kwaliteit. Mijn favoriete Pad Krapow Moo en Pad Pak Ruam Kung. Ik hoef dit niet te vertalen want ik denk dat de foto’s voor zich spreken.

Na het eten plan ik op bed de route voor morgen, en dat wordt weer een stevige!

Pattaya - Chantaburi - Watthana Nakhon 225+185=410 Km

zaterdag 2 november 2013

Thailand: De eerste rustdag

Chantaburi (The O.V. Country Resort (317)

Net een dag op pad en nu al een rustdag. Het moet ook wel, ik voel me een beetje katerig van dat lauwe Thaise bier met ijsklontjes. Ik kom dus heel langzaam op gang en ga zo tegen de middag, na eerst wat geschreven te hebben, maar eens op zoek naar wat te eten. En dan merk je meteen dat je niet in een toeristengebied bent. Brood is moeilijk te vinden en het enige wat er dichtbij komt is een soort rolletje kebab van de KFC.

Dat rolletje ruikt ranzig maar ik kan nu niet zeggen dat het slecht smaakt. Het andere nadeel buiten de toeristengebieden is dat de light frisdranken hier nog niet zijn doorgedrongen. Alles wat je hier uit een flesje of blikje drinkt is mierzoet en tot de rand toe afgesuikerd, dus ik moet het wel met een flesje lauw drinkwater doen.
Gelukkig voel ik me wel met elke hap van het ranzig ruikende rolletje weer opknappen en nadat ik een Thais verjaardagsfeestje, aan de tafel naast me, heb geobserveerd ben ik klaar om de brandende zon in te stappen. Ik kijk over mijn schouder naar de haast onaangeroerde verjaardagstaart. Verspilling heeft in Thailand ook zijn intrede gedaan!
Tussen de happen door heb ik ook eens in de Lonely Planet gelezen wat er zo allemaal te zien is in Chantaburi. Het mag vreemd in de oren klinken maar ik ben hier zeker al meer dan twintig keer geweest en steeds om te rusten, lekker te eten en een paar biertjes met goede vrienden te drinken. Van de stad heb ik nog helemaal niets gezien of ik moet er op de motor langs zijn gereden. Dus het wordt tijd om hier eens wat verandering in te brengen.
De oude binnenstad is niet zo groot en wordt overheerst door Chinese invloeden die zijn meegebracht door de Vietnamezen aan het begin van de vorige eeuw. Veel in Thailand is door de Chinezen beïnvloed zonder dat de Thaise bevolking zich dat realiseert.

Het katholieke geloof is ook ingevoerd door zowel de Fransen, die een tijd de baas zijn geweest in Chantaburi, als de gevluchte Vietnamezen. Er zijn redelijk veel katholieke kerken in Thailand. De Thaise bevolking was in het verleden altijd vrij tolerant wanneer het om het geloof ging. Er is me door verschillende mensen verteld dat de kathedraal van Chantaburi de grootste katholieke kerk is van Thailand. Ik heb daar zo mijn twijfels bij!  Daar zal ik later deze reis nog wel eens op terugkomen want in Mukdahan schijnt ook een hele grote katholieke kerk te staan.

Via een voetgangersbrug kom ik in het oude centrum van de stad. Ik ben hier dus nog nooit geweest en het is een aangename verrassing! Aan weerszijden van de oude hoofdstraat langs het water staan nog enkele mooie houten rivierhuizen op palen en aan de andere kant Chinese winkelpanden met duidelijke Vietnamese invloeden. Niets zoals je bij de Straits Chinezen in Penang of Malacca ziet. Gelukkig zien ze hier nu ook in dat het behoudt van deze oude gebouwen noodzakelijk is. Er is ook mooie nieuwe en oude muurkunst te zien.

En dan loop ik zomaar tegen een fantastisch staaltje Chinese en Thaise geloof fusion aan!

Een tempel met invloeden uit beide culturen. Ondertussen heb ik Jim aan de telefoon gehad en we spreken af om samen een ijskoffie Thaise stijl te drinken. Ik weet zeker dat jullie om dit plaatje wel moeten lachen!

Typisch Thais, simpel en functioneel! En zo komt er een einde aan mijn wandeling door Chantaburi en ik zoek de koelte van mijn hotelkamer maar weer op. Even de foto’s nakijken, een paar stukjes schrijven en nadenken over morgen. Wat gaan we morgen doen? Die vraag neem ik mee naar het avondeten bij Steak 49!
Gelukkig heb ik geen moeite met het bestellen. Spaghetti met basilicum en zeevruchten aangevuld met broccoli met garnalen en weggespoeld met een paar grote Leo bieren. Een maal voor koningen en keizers! Ik heb een grote trek.

Nog voordat ik vertrek knabbel ik bij het laatste biertje een bordje kippenvleugels weg!

En zo neem ik die ene moeilijke vraag ook weer mee naar de hotelkamer. Wat zal ik morgen gaan doen? Na lang wikken en wegen, ik wordt zelf alweer een beetje moe van mijn besluiteloosheid, besluit ik om morgen richting het noorden te gaan. Ik heb al heel lang een plan voor een motorrit in mijn hoofd en nu moet het er maar eens van komen.
Ik dacht voor een moment nog aan het strand maar ik haat het strand zoals ik omga met verse lever. Ik moet er gebakken niets van hebben tenzij verwerkt in paté of leverworst! Misschien later deze reis nog foto’s van helder water en te dikke mensen in te kleine kleding.
Na al het gereken van de eerste twee dagen ben ik tot de volgende conclusie gekomen: “Bezuinigen is de lichtste vorm van zelfmoord”.
M.a.w., ik stop meteen met het omdraaien van elk dubbeltje want dat tast 100% zeker je beleving van het ultieme moment aan!

vrijdag 1 november 2013

Thailand: Er zit weer beweging in

Chantaburi (The O.V. Country Resort (317)

Later dan verwacht stond ik op deze ochtend van het vertrek op. Ik was al langer wakker, maar de laatste restjes van mijn depressie houden me in bed. Hele lijsten tegenslagen van lekke banden tot dodelijke ongevallen trekken in mijn gedachten langzaam aan me voorbij. Totdat het punt is aangebroken dat ik er genoeg van heb. Geen negatieve gedachten meer maar nu vol gas vooruit een mooie gouden toekomst tegemoet! Vroeger deden we niet anders! Vroeger was alles onbekend en avontuur! Waarom moet ik heden ten dage alles tot in de puntjes geregeld hebben? Freedom!
In de koelte van de airconditioning pak ik mijn rugzak. Dat is een precies werkje want in de kleine ruimte die de 42 liter rugzak biedt moet je precies weten waar alles zit. Het is natuurlijk te gek voor woorden wanneer je de hele rugzak moet leeghalen voor een flesje contactlens vloeistof. In de afgelopen vijftien jaar heb ik het systeem steeds meer geperfectioneerd en ik weet nu precies waar ik alles wegstop. Een minimale bagage met een minimaal gewicht. Het leven in de kleine ruimte heeft zo ook zijn voordelen.
Het is al bijna tien uur wanneer ik enkele van mijn minder belangrijke spullen in de zadeltassen stop en de Honda Phantom start. Geconcentreerd luister ik naar de mechanische geluiden van de motor die tikt en ratelt zoals altijd. Ik weet eigenlijk niet eens waar ik naar luister dus prop ik snel de oordoppen in mijn oren. Tijdens het rijden met de motor heb ik wel geleerd hoe belangrijk die oordoppen zijn, na een dag in het zadel hoor je ‘s avonds wanneer je op bed ligt nog de motor razen.

Na een kilometer of 25 is de eerste stop. Bij een 7-11 en benzinestation. Het is een vast ritueel geworden omdat het buiten Pattaya ligt en je hier al de andere, betere zijde, van Thailand kan voelen. Het vreemde gevoel in mijn maag is tijdens de korte rit verdwenen en  ik heb ook eindelijk wat trek gekregen. Een tosti en een cola bevredigen de eerste tekenen van een hongergevoel. Wat belangrijker is op dit moment is verse benzine. Ik kan aan de uitlaatgassen ruiken en voel aan de trekkracht dat de explosieve vloeistof in de tank al aardig verschraald is. Dat verschralen gaat hard in Thailand met temperaturen van boven de dertig graden.

Een uur later, en zonder problemen, rijdt ik de bescherming van de schaduw binnen op het erf van een grote Boeddhistische tempel. Die tempels zijn geen bijzonderheid want je passeert er elk uur wel een stuk of tien. Elk zichzelf respecterend dorp heeft een tempel met bijbehorend crematorium. En hier in de schaduw, die me beschermd tegen de brandende zon, is het heerlijk rusten. Ik luister naar het tikken van de hete motor en kijk eens goed naar het stalen ros of ik misschien iets kan ontdekken wat mijn aandacht verdient of gevaar kan opleveren.
Ik kan niets ontdekken en ga voor enkele ogenblikken op zoek in mijn eigen gedachten. Ik heb hier naar uitgekeken en ik heb het tegelijkertijd ook zo lang mogelijk voor me uitgeschoven. Alleen de gedachte om weer alleen te zijn was teveel. Ik mis Lyka verschrikkelijk maar het is aan de andere kant ook goed om eens wat tijd voor jezelf te nemen. De afgelopen tijd was zeer spannend voor ons beiden en ik weet zeker dat zij nu ook een beetje tot rust komt om zo samen weer fris aan het volgende hoofdstuk te beginnen. Mijn tien minuten rust zitten er weer op en het wordt tijd om weer verder te gaan. Mijn maag knort klagend en dat is een teken dat ik over een uur, tijdens de volgende rustpauze, wat te eten probeer te vinden!
En dan kom ik meteen bij de moeilijkste opgave van een tocht met de motor. Een man op een machine die opgaat, of misschien zelfs wel helemaal oplost, in de omgeving om hem heen. Dolende gedachten in de stilte en eenzaamheid. Mooie vergezichten en de schoonheid van de natuur worden geregistreerd maar niet bewust in je geheugen opgenomen. Het is als een kop koffie! Water, koffie, suiker en melk vermengen zich zonder dat je de oorsprong in het eindresultaat nog kan herkennen.
Jonge kinderen scheuren op motoren, rubber oogstende Cambodjanen, rokende oude pick-up trucks, slechte wegen en de eenzame stilte van achter je oordoppen. Het is niet eenvoudig om dat te beschrijven!
Je bent seconde voor seconde in de hoogste concentratie want je weet niet wat er voor je ligt. Een plotseling overstekende zwerfhond of een kuil in de weg waar een hele auto in past! Deze verhoogde concentratie gaat naadloos over in een trance. De trance van een motortocht door Thailand.
Hoe lang? Geen idee.
Waarheen? We zien wel.
En dan zie ik een klein eethuisje langs de weg! Ik draai om om te vragen of de Khao Pad - gebakken rijst - hebben. Verbaasd kijkt het groepje mensen me aan en overleggen in een dialect waar ik geen touw aan kan vastknopen. Ik knik en lach naar de baby op de arm van een jong meisje. De baby schatert van het lachen en het ijs is gebroken. Allemaal tegelijk knikken ze ja! We hebben gebakken rijst.

Vijf minuten later zit achter een bordje dampende Thaise nasi goreng.
Omdat ik eigenlijk te laat van huis ben gegaan begint nu de klok te tikken. Ik hoef nog geen haast te maken maar ik moet wel op de tijd gaan letten. Ik kan onmogelijk harder gaan rijden want dan wordt het onaanvaardbaar veel gevaarlijker. Het enige wat ik kan doen is de rusttijd wat inkorten.

Ik stop nu ook gewoon langs de weg om wat van mijn koude thee te drinken en laat het steeds wisselende landschap aan me voorbij gaan. We zijn op weg naar Chantaburi en ik zie het aantal kilometers naar mijn einddoel steeds minder worden op mijn Garmin navigatie. Dat is en blijft toch wel een heel bijzonder stukje modern gereedschap!

Op advies van mijn vriend Jim ben ik op zoek naar “The O.V. Country Resort”. Deze reis is basic, terug naar de hoogtijdagen van het backpacken. Luxe hotels zullen zoveel mogelijk worden ontweken en de prijs voor de slaapplaatsen is op 400 baht (€ 9,37) per nacht gezet. Ik zal zoveel mogelijk voor die prijs, òf goedkoper, proberen te slapen.
Er zijn vrije kamers en zoals ik had verwacht voldoet de kamer voor die prijs aan mijn eisen. Driehoog, staal voor de ramen en een goed slot. We hebben tenslotte dure apparatuur bij ons.

Een uurtje of twee relaxen en verfrissen en we gaan weer op pad. Hoewel het een heel andere avond is dan ik verwachtte is het toch goed om met Jim en zijn vriend Stefano te kletsen en bier te drinken. Rond middernacht zoek ik mijn bedje op en denk nog voor de laatste keer na over deze avond. Ik ben nu in het echte Thailand dus wil ik jullie de foto van het toilet niet onthouden!

Welterusten.

Pattaya-Chantaburi 225 Km

Copyright/Disclaimer