donderdag 20 oktober 2011

Maleisië: Een andere kamer?

Kuala Lumpur (Corona Inn (120))

Veel kan ik me niet herinneren van de afgelopen nacht maar toen ik om zeven uur wakker werd draaide ik me snel om en ging terug naar de droomwereld waar ik vandaan was gekomen. Lyka had niet eens gemerkt dat de wekker was afgegaan en sliep gewoon door.
Om negen uur liep de wekker voor de tweede keer af en deze keer riep het plichtsbesef dat ik moest opstaan. Het was pikdonker in de kamer en het leek alsof ik in een grote zwarte leegte zweefde. Het licht ging aan en dat deed de kamer geen eer aan. De kamer was zeker niet slecht maar ook niet goed. Om te beginnen hadden we om een tweepersoons bed gevraagd en hier stonden twee éénpersoon bedden. “Met raam maar zonder uitzicht” betekende dat er een raam was dat uitkwam op een service schacht die geheel verduisterd was door de mengelmoes van buizen en pijpen die water en koele lucht door het gehele gebouw brachten.
Snel aankleden en naar beneden. Daar wachtte het ontbijt op ons dat inclusief was en om een uur of tien zou Herman zich ook bij ons voegen. Ik was benieuwd hoe hij de twee dagen zonder ons was doorgekomen.

Het ontbijt viel niets tegen en na een paar geroosterde boterhammen met een gebakken ei en wat worstjes voegde Herman zich ook bij ons. Hij was dagen goed doorgekomen en had wat bezienswaardigheden bezocht waar wij al vaker waren geweest. De sfeer was goed maar ik moest nog heel even met de directie spreken over die kamer waar we sliepen. Het veranderen van kamer was geen probleem, als we rond een uur of drie terug in het hotel waren dan konden we een andere kamer met een tweepersoons bed krijgen. Dat was dus prima verlopen!
Bij het KLCC snoven we de eerste sferen van het komende MotoGP weekend op. Achter het KLCC was een grote tent opgebouwd waar “Yamaha Racing” haar 50 jarig bestaan vierde. Een kleine tentoonstelling en een enorme poster waar de grootste successen van het merk met de gekruiste stemvorken op stonden. Inderdaad, gekruiste stemvorken! Er zijn er maar weinig die weten dat Yamaha als muziekinstrumenten fabriek is begonnen. En dat waren in het begin traporgels!
Maar sinds ze in 1954 met het bouwen van motorfietsen waren begonnen, en in 1961 tot de wegracerij waren toegetreden, hebben ze de successen opgestapeld.

Bij het zien van de oude vertrouwde 1984 Yamaha OW76 die Eddie Lawson tot wereldkampioen bracht gingen mijn gedachten terug naar de jaren dat we trouw naar Assen en enkele andere GP’s in Europa bezochten. Wie had toen kunnen denken dat ik nu elk jaar in Kuala Lumpur op de tribune zit?
Ook het verschil met de huidige techniek is zo groot dat je steeds meer respect krijgt voor die waaghalzen die op vierkante banden op de circuits rond raasden.

Maar het werd ook tijd voor de lunch en we moesten natuurlijk ook op tijd terug zijn in het hotel om eens te zien wat voor kamer we nu aangeboden kregen.
‘Lunch in Lot 10?’
En waarom ook niet! In lot 10 was Ducati aanwezig met een oninteressante stand maar de originele MotoGP trofee was wel aanwezig en daar moest ik natuurlijk een plaatje van schieten!

Na de heerlijke noedels met kokkels gingen we terug naar het hotel. En daar kregen we een kamer aangeboden met een tweepersoonsbed die nog slechter was dan onze vorige kamer. Er hing een schimmellucht en dit was zeker niet goed voor mijn depressies! Ik probeerde het hoog te spelen en de manager werd erbij gehaald. Met hem daalden we af naar de lobby waar ik een paar minuten onverstaanbaar Maleis en Hindi aanhoorde. Ik kon er niets van maken maar nadat de manager een paar sleutels van de receptioniste had aangenomen volgden Lyka en ik hem naar de eerste verdieping.
De eerste kamer was meteen raak! Het was wel geen tweepersoonsbed maar de verdieping was net gerenoveerd en alles was brandschoon.
‘Eh, we nemen deze wel!’, riep ik enthousiast tegen de verbaasde manager die naar de twee éénpersoonsbedden keek.
Ik schoof de verbaasde manager langzaam de kamer uit terwijl ik hem vertelde dat we snel onze spullen gingen verhuizen en dat de sleutel van kamer 407 binnen vijf minuten weer bij de receptie zou liggen. In één keer verplaatsten we onze bagage en betrokken onze nieuwe kamer voor de komende vijf nachten.
Ik leverde de sleutel met een bescheiden glimlach af bij de receptie terwijl ik een ieder die hieraan had meegewerkt overdreven bedankte. Eenmaal boven samen met Lyka op de kamer moesten we eerst heel hard lachen! Hadden we dan eindelijk toch een keer geluk?
Na een korte rust en een verdiende douche trokken we er weer op uit. Maar het werd eerst tijd voor een koud biertje! Ik stond al drie dagen droog en ik zou er nu wel één lustten. Verder dan het Pavilion kwamen we niet. De eerste de beste kroeg met een happy hour was het doelwit en toen de regen op Kuala Lumpur begon neer te dalen wisten we ook meteen waar we zouden eten!

Van het ene biertje kwam het tweede en nog een derde en een beetje aangeschoten door de vermoeidheid daalde ik af in het enorme winkelcentrum. Als je hier niets van je gading kan vinden dan schiet er echt niets anders dan de McDonald’s over

Het was heerlijk en ook Herman kan een vorkje meepikken van de Aziatische menukaart! Het was nog geen tien uur toen we onder de dekens kropen. Nog één avond vroeg naar bed en dan zijn we weer de oude!

woensdag 19 oktober 2011

Filipijnen, Operation "Free Lyka" (Update)

“We got out!”

Kuala Lumpur (Corona Inn (407)), 20 oktober 2011

We waren dus bijna vier uur voor het vertrek al op de luchthaven! Terminal drie van het “Ninoy Aquino International Airport” is niet iets wat een persoon uit de bewoonde wereld snel zal herkennen! Je wordt meteen aan de voordeur al aan de strengste keuringen blootgesteld. Alles uit en af en alles en dan ook alles moet door de scanner. Het moet natuurlijk wel erg veilig zijn!
Binnen was het een drukte van jewelste, alle vluchten met een goedkopere luchtvaartmaatschappij vertrekken vanuit terminal 3, nationaal en internationaal.
Ik had peper in mijn reet en kon niet stilzitten! Ik wilde geen koffie en ik wilde eigenlijk maar één ding: INCHECKEN!
Dus gingen we op pad naar de rij balies waar de internationale vluchten van Cebu Pacific werden afgehandeld. Een vriendelijk meisje wees ons naar een rij waar we voor onze vlucht naar Kuala Lumpur konden inchecken. Eenmaal voor de balie bleek het niet mogelijk! We stonden in de rij voor Jakarta.
Ik haalde mijn schouders op en speelde zeer overtuigend de onschuld, maar het mocht helaas baten. Aan de balie naast mij werd een jonge ingecheckt die een enorme hoeveelheid koffers bij hem die volgens de stickers volzaten met laser apparatuur. Ik luisterde met één oor en hij dus aan het inchecken voor de vlucht naar Kuala Lumpur.
Snel handelen! Eerst een kort gesprek met de jongen, dan een paar vriendelijke woorden meet de agent gevolgd door mijn verhaal en of hij ons kon helpen. Een paar woorden van de agent naar de medewerkster van Cebu Pacific die met haar kleine bruine hand gebaarde dat we even moesten wachten totdat ze met de jongen klaar was.
En toen waren wij eindelijk aan de beurt. Het ging veel gemakkelijker dan ik had kunnen dromen en nog geen vijf minuten later stonden wij met onze boarding passen in de hand voor de glazen deuren naar de vrijheid.
Aan de andere kant zaten enkele dikke besnorde mannen en een paar ongelofelijke lelijke vrouwen nors paspoorten af te stempelen. En dat was onze laatste hindernis!
Met frisse tegenzin stapten we op de ambtenaren van de immigratiedienst af. Alle papieren waren in orde en niets zou ons kunnen tegenhouden. Lyka ging als eerst en natuurlijk had de dikke vrouw een paar vragen. Maar nog voordat Lyka ook maar haar mond had kunnen openen kreeg ze van mij al antwoord.
‘Dit is mijn vriendin en we gaan negen maanden rondreizen in Azië en Europa.’
Ze keek zonder een woord te zeggen op van Lyka’s paspoort en liet de stempel met een klap op het papier neerkomen. Zonder een woord te zeggen en zonder op te kijken nam ze mijn paspoort aan en de stempel had het deze keer zelfs nog zwaarder.
We waren ontsnapt en het had ons veel minder energie gekost dan verwacht.
De vlucht was gewoontjes en we waren gelukkig ook nog op tijd voor de op één na laatste bus van de LCCT naar Kuala Lumpur Sentral. Lyka was meer dan gelukkig dat ze eindelijk uit de Filippijnen weg was. Zelf dacht ik alleen maar aan slapen en wat te eten. Het was al bijna half drie toen we eindelijk onze bedden en de laatste maaltijd zagen. Eind goed, al goed! Maar we zullen voorlopig de Filippijnen niet meer bezoeken!

Filipijnen, Operation "Free Lyka" (Update)

“Running for freedom”

Manila (Slouch Hat Inn)

In de receptie van het “Walkabout Hotel” wachtten Lyka en ik samen op de bus die ons naar Manila zou brengen. Een minibus zou het worden en ik was niet zeker of we nog wel over zouden stappen. Maar de minibus ging richting het “Swagman Resort” en dat luchtte wel op!
Na een kort moment in de koelte van de minibus verscheen de grote vertrouwde krakende bus van de “Swagman”. Een grotere overgang was haast niet mogelijk! De zachte stoffen bekleding van de minibus werd verruild voor een stoffen interieur overtrokken met een hard en dik transparant plastic. Binnen drie minuten plakten mijn billen door mijn korte broek aan het plastic en de rug van mijn jungleshirt was kletsnat.
Het duurde niet lang voordat de bus in beweging kwam en wij ontsnapten uit “Angeles City”, het “Sodom en Gomorra” van de Filippijnen. Veel van de reis heb ik niet gemerkt! Ik viel al snel in het grijze gebied tussen de slaap en het wakker zijn. De twee uur waren zo om en de laatste twintig minuten in Manila brachten weer mooie herinneringen bij me boven.
Ik was hier nu voor de vierde keer en eigenlijk was het helemaal niet zo slecht geweest. Ik had me een dag geleden voorgenomen om nooit meer naar de Filippijnen terug te keren maar het zien van de bekende stad bracht een gevoel van weemoed bij me teweeg. Er lagen hier mooie momenten met Wes Brown, Henk en Micky de taxichauffeur.
Alles leek bekend hier! Het kleine park, de taxi’s en de lastige zonnebril verkopers, die ook maar een paar centen probeerden te verdienen. Om de hoek was de “Slouch Hat Inn” waar ik hoopte op een goedkope kamer voor een paar uur op de kop te tikken. En dat was gelukkig geen probleem! Na het tyfoon seizoen is het hier ook niet druk en misschien kunnen jullie de beelden van de Roxas Boulevard in Manila op het nieuws nog wel herinneren?
Duizend Peso voor de kamer tot vier uur! En wel een kamer met airconditioning want ik de hitte van de stad zou ik sowieso niet kunnen slapen. Ik was vermoeid en opnieuw dreef ik weg naar het grijze gebied tussen slapen en wakker zijn. Ik dreef op een wolk van problemen die één voor één moesten worden opgelost. Er was ook een strakke volgorde en als in een moeilijke puzzel moest ik eerst een probleem oplossen voordat ik naar het volgende probleem kon gaan.
Om drie uur schoot ik wakker en voelde instinctief naast me. En daar lag Lyka te ronken alsof er geen wolkje aan de lucht was.
‘En misschien was dat ook wel zo?’
Het waren tenslotte mijn problemen en voor het eerst voelde ik een goddelijke hand die me deze moeilijke opdrachten voorlegde om me voor te bereiden op mijn verdere leven.
Een snelle maaltijd van “Filippijnse biefstuk” met wat friet en rijst moest onze magen vullen om de grootste trek weg te nemen.

De zenuwen gierden door mijn keel en de onzekerheid of we wel konden vertrekken en wat ons te wachten stond werd me bijna teveel. In de taxi dacht ik diep na over de hindernissen die me nog op de luchthaven te wachten stonden.
Copyright/Disclaimer