vrijdag 21 mei 2010

Taiwan, Kaohsiung een spookstad?

Kaohsiung (San Duo Hotel)

Onze eerste dag in deze tweede grote stad van Taiwan was er één met flinke tegenstellingen, maar daarover later meer.
Het ontbijt in het hotel viel niets tegen en de koffie was van uitstekende kwaliteit. En dat hebben we wel eens anders meegemaakt in Azië! Het brood was helaas wel wat minder, althans voor mij. Tettje had geen probleem met het zoete brood omdat hij er toch jam op smeert. Sinds mijn eerste reis in Azië staat het zoete Chinese brood mij tegen. Ik probeer het keer op keer maar het aangezoete brood krijg ik niet door mijn keel, het is zo erg dat ik bij mijn tweede boterham aan tafel zat te kokhalzen. Dat moet morgen dus anders!
Ons eerste doel van vandaag lag aan het einde van de straat waaraan ons hotel ligt en we konden de toren al van verre zien. Natuurlijk zijn Taipei en Kaohsiung rivalen, zoals zoveel steden in evenzoveel landen. Er zijn diverse pogingen ondernomen op uiteenlopende terreinen om elkaar de loef af te steken. Soms wint Kaohsiung maar meestal is Taipei de winnaar. Zoals met de “Tuntex Sky Tower” in Kaohsiung, die kan met zijn 378 meter niet eens in de schaduw staan van “Taipei 101”.

Maar toch, er is namelijk niet zo heel veel te zien in deze moderne industriestad en dus stond ook deze toren op onze lijst. Het kleine dorp aan de zuidkust is uit haar voegen gegroeid door haar moderne haven die een paar jaar geleden nog één van de grootste havens in de wereld was.
Op straat is het opvallend rustig als we langs de San Duo Road lopen. Zo rustig zelfs dat het ons gaat opvallen en wij er een gesprek over beginnen.
‘Waar is iedereen?’, vragen wij ons hardop af.
Een antwoord op deze vraag kunnen we niet vinden en als we voor de “Tuntex Sky Tower” staan wordt het nog vreemder! Het is al half tien geweest en wij kunnen de ingang niet vinden! De weinige Taiwanezen die we zien kijken schuin naar onder weg om ons te ontwijken zodra ze ons zien. Hun kennis van de engelse taal is zo beknopt dat ze zich er voor schamen. Ik zie een deur die toegang geeft tot de kantoren die in de toren gevestigd zijn. Op goed geluk lopen we door gangen en galerijen totdat een man in een uniform ons aanspreekt en de weg wijst naar de lift die ons naar boven zal brengen.
NT$ 100 per persoon voor de rit naar het observatie deck van de toren. Boven aangekomen zijn we weer helemaal alleen op de enorme verdieping. Het voelt zo vreemd aan dat het een beetje eng is. Vanaf grote hoogte kijken we neer op een zonnig en verlaten Kaohsiung. Opnieuw komt de vraag in ons op!
‘Waar is iedereen?’
Tettje gaat op zoek naar de kantinejuffrouw zodat we een kop koffie kunnen drinken. Mijn ogen gaan door de reisgids om te bekijken wat we vandaag nog meer kunnen doen. We hebben in totaal drie dagen, vier nachten, in Kaohsiung maar de bezienswaardigheden zijn zo dun gezaaid dat we waarschijnlijk moeite hebben om de drie dagen te vullen. Dan lassen we maar een rustdag in!
Van Taiwan 2010

Zodra Tettje terug is met de koffie komen er nog twee toeristen op de verdieping en die beginnen een praatje met ons. “Meneer en mevrouw Hoer” uit Amerika. Ja echt! Ik kan mijn ogen maar moeilijk van de naambordjes afhouden.
‘Met zo’n naam kan je Amsterdam maar beter niet bezoeken!’
Tijdens ons korte gesprek neem ik aan dat de familienaam oorspronkelijk Hör moet zijn geweest. Die vreemde vogels noemen Köln tenslotte ook Koeln!
Na een kort overleg is onze tocht voor vandaag uitgestippeld en vol goede moet gaan we op pad. De stad is wel heel anders dan Taipei. Je kan goed zien dat het allemaal voorzichtig en weldoordacht gepland is. Brede straten met veel groen. Gemengde gebouwen met winkels, meestal met de stalen rolluiken omlaag, op de begane grond en woningen er boven. Met een klinische en karakterloze stad als resultaat.

De nieuwe stad gaat plotseling, wanneer we een rivier hebben overgestoken, over in een vriendelijkere omgeving. Een korte blik op de kaart leert ons dat we in het oude gedeelte van de stad zijn aangekomen. En er is ook meteen meer leven op straat! Een oude man vlecht stoommanden van geweekt bamboe.

Aan de monding van de haven staan meteen twee van de belangrijkste bouwwerken van Kaohsiung. Een oud fort dat vroeger de haven moest bewaken en het huis van de voormalige Britse Consul.

‘Alweer één?’, komt er meteen in ons op.
De weinige toeristenattracties van Kaohsiung worden overspoeld met Chinezen van het vasteland met hun oude gewoontes. Spugend, duwend en schreeuwend lopen ze in enorme kuddes op en rond de gebouwen.
‘De wereld zal nooit meer hetzelfde zijn als die miljard Chinezen op reis gaan!’, hebben Kris en ik menig keer besproken.
En het is zo! We kunnen nog blij zijn dat de Russen weer veel van hun economische voorspoed hebben ingeleverd maar als die ook nog op pad gaan dan wordt het alleen maar erger. Van het oude consulaat een foto nemen blijkt heel moeilijk maar in de naastgelegen tempel hebben we meer geluk.

Hoofdschuddend verlaten we na een kwartiertje de luide mierenhoop en gaan verder naar de veerboot die ons naar de andere kant van de haven brengt. Op Cijin Island is het gelukkig weer wat rustiger. Toch kan het kleine dorp met een hoog braderie gehalte ons maar weinig bekoren. Op en neer naar het strand en dan terug naar het hotel. Onze eerste dag zit er op!

‘s Avonds vallen we weer neer bij het restaurant op de hoek tegenoven de 7-11. Binnen in de verkoelende airconditioning van de kruidenierswinkel drinken we een koud biertje voordat we gaan eten. Het eten is van hoge kwaliteit en de prijs is om te lachen! We genieten met volle teugen en de eigenaar is zo trots dat we weer haar restaurant hebben gekozen dat ze met een fles bier aankomt en met haar moeten toasten. Iedereen die ze kent wordt aan ons voorgesteld en in één uur schudden we meer handen dan de koningin op een staatsbanket.

Tien uur geweest en de lichten gaan uit. Welterusten Kaohsiung, morgen zien we elkaar weer.

Trappen

Een kunstwerk van glas in een station van de metro

donderdag 20 mei 2010

Taiwan, langzaam naar het zuiden

Kaohsiung (San Duo Hotel), 20 mei 2010

Lekker uitslapen en bijkomen van de tocht van gisteren kon vandaag maar het zit niet in ons systeem. Om acht uur stonden we al naast ons bed om de rugzakken in te pakken. De twee andere snuiters hadden Tettje weer een nacht uit zijn slaap gehouden. Zelf had ik niets gemerkt want de drie biertjes en de oordoppen deden hun werk.
Mijn benen voelden prima en van de dertig kilometer was niets of weinig meer te merken. Het wachten tot 11:17 was wel moeilijk, wij houden namelijk van “hurry up” en niet van rustig aan doen. Het ontbijt bestond uit krentenbrood en een kop koffie met melk en suiker. Het is moeilijk voor te stellen hoe smerig dat smaakt als je alweer een halfjaar van de zoetjes af bent.
We keken elkaar aan en kozen er maar voor om te vertrekken naar het treinstation. Het wachten in het treinstation van Hualien maakte dat de tijd een stuk sneller ging. Een sandwich en een flesje koude thee. Een lange stoet Chinese meisjes die er met de dag beter uit gaan zien. En heerlijk naar die vreemde Chinezen kijken die waarschijnlijk hetzelfde over ons dachten. Net voordat we op de trein stapte kocht ik een extra flesje groene thee en twee koffie. Netjes verpakt in een bruine papieren zak zette ik ze op mijn stoel en zocht voor de laatste keer het toilet op. Tett was wel nieuwsgierig wat er in die bruine papieren zak zat!
Tettje was met zijn “hotte koffie” zo blij als een kind met zijn eerste fiets. Met een brede glimlach voegde hij de melk toe en zocht een plaatsje aan het raam. We zouden proberen om de komende vijf uur op dezelfde plaats, niet de toegewezen plaats, te blijven zitten.

De treinreis liet ons opnieuw veel verschillende gezichten van Taiwan zien en het meest vreemde was eigenlijk toch wel dat het de indruk gaf van een tropisch eiland doorweven met brede, droge, rivieren. Bananen en cocospalmen in overvloed, tropische vruchten en eindeloze boomgaarden. Taiwan is zeker een goede bestemming voor een avontuurlijke reis. Het eiland is niet echt groot, iets groter dan Nederland, maar wel heel gevarieerd.

De mp3 muziek uit de iPhone hielp de reis sneller te laten verlopen. Hits uit de jaren zeventig, de tijd vliegt!

Precies op tijd kwamen we in Kaohsiung aan en begon de zoektocht naar het geboekte hotel. De ondergrondse werkt zoals in elke grote stad in Azië en de aanwijzingen op de borden zijn allemaal in het chinees en het engels. Een fluitje van een cent dus! Binnen een kwartier stonden we in de lobby van het hotel.
Het “San Duo Hotel” zag er meteen goed uit. Je kan aan de receptie al zien dat het wel goed zit. Maar er was wel een kleine hobbel, die werd binnen tien minuten glad gestreken. Er stond namelijk een tweepersoonsbed in de kamer en dat ik toch duidelijk een twin room had geboekt. De twee bedden werden uit elkaar geschoven en opnieuw opgemaakt. Kamer 612 was nu ons domein!

Nu moesten we vanavond nog twee zaken afhandelen. De was moest worden gedaan en er moest worden gegeten. In de omgekeerde volgorde dan. Na een biertje bij de 7-11 viel ons oog op het openlucht restaurant tegenover de supermarkt. Tettje zag het Chinese eten inclusief de vis meteen zitten, en ik verbaas me daar nog elke keer nog over. Tettje is in drie jaar meer dan honderd procent veranderd in zijn eetgewoonten! Hij probeert nu alles en “Nee, dat lust ik niet” komt niet meer in hem op. Een veelvoud aan gerechten werd besteld terwijl Tett aan de overkant nog wat koud bier haalde.

En het eten was hemels! De bazin van het restaurant kwam persoonlijk polshoogte nemen om die twee westerlingen met eigen ogen te zien. Er kwam nog een fles bier tevoorschijn en wij moesten toasten op gebrabbelde Chinese woorden.

Bij terugkomst ging alles wat we nog aan hadden ook in de was. We hadden namelijk echt niets meer in de rugzak dat nog schoon was.
‘Het waswater zou in Nederland als chemisch afval moeten worden behandeld’, grapte ik.
Om half tien zat deze verplaatsing er op en we gingen ons bezig houden met de komende dagen in Kaohsiung. Er is hier voldoende te zien en te doen.

woensdag 19 mei 2010

Taiwan, de grote mars in China (ROC)

Hualien (Colorful Taiwan Hostel), 19 mei 2010

Na vijf en een half uur slapen ging de wekker en het licht aan! Tettje en ik waren binnen tien minuten klaar en liepen we bepakt en gezakt de trap af om snel een kop koffie te drinken en te wachten tot de rest van de groep er was. Er stond al een taxi te wachten maar die bleek niet voor ons te zijn. Die was voor een andere groep die een binnenlandse vlucht naar Kaohsiung nam.
Tot onze grote verbazing was iedereen ruim op tijd. Ze waren zelfs zo vroeg dat we om vijf over zes al richting de 7-11 reden om het proviand voor vandaag in te slaan. Brood, bagels met bosbessenjam, frisdrank en groene thee waren de brandstof die ons moest helpen om de 18 kilometer van vandaag zonder problemen af te leggen.
De taxichauffeur liet ons eerst de bushalte zien vanwaar we de bus terug naar Hualien moesten nemen. De rit in de taxi naar het startpunt, Tiansiang, was al adembenemend! Probeer je eens voor te stellen hoe het is om door de kloof te lopen? Op plaatsen mider dan honderd meter breed en op andere plaatsen meer dan zeshonderd meter diep! Het was beter dan we ons ooit hadden kunnen voorstellen. Nog moeilijker is het om te beschrijven! Ik wil me er niet eens aan wagen! Maar dit zijn de foto’s van onze wandeling.

Na een kleine dertig kilometer wandelen, jullie lezen het goed, een kleine dertig kilometer kwamen we vermoeid aan bij het “Taroko Gorge HQ”. Ik had net genoeg tijd om wat te drinken te kopen voordat we op de bus terug naar Hualien stapten. We waren zo moe van onze wandeling dat mijn ogen dichtvielen. Maar we waren blij en trots dat we de tocht zonder problemen tot een goed einde hadden gebracht. Na een korte rust gingen we weer op pad om te eten en de goede afloop te vieren. Het was een dag geweest om nooit meer te vergeten!
Copyright/Disclaimer