donderdag 10 maart 2005

Maleisië: De Kung fu man van Malacca

do 10 mrt 2005 23:14:37

Malacca (Heeren Inn Hotel), donderdag 10 maart 2005

Het ontbijt is mij gisteren heel goed bevallen. Dus herhaal ik het nog maar een keer! Vooral de combinatie van de Engelstalige krant met de koffie naast mijn ontbijt maakte alles compleet. Ik heb plannen gemaakt voor vandaag en ik ga zonder vooroordelen Malacca gaan verkennen.
Na het ontbijt ga ik op weg met de “Lonely Planet” van Malaysia in mijn zak. Er staat een stadswandeling in de Lonely Planet die is omlijst met de overige bezienswaardigheden van het stadje Malacca. Wat mij meteen opvalt is dat het hele historische stadje in verval is. Het (lokale) toerisme lijkt hier niet erg groot en ik vraag mij af of het ooit groot zal worden.
Malacca is hoofdzakelijk Chinees, de lokale islamitische Maleisiërs kijken neer op de Chinezen en ook op de Indiërs. De islamieten zijn de overheid, de Chinezen zijn de zakenmensen en die Indiërs zijn de arbeiders.
Het is natuurlijk niet zwart/wit maar dit is wel een realistisch beeld van de Maleisische samenleving. De islamitische overheid moet altijd op haar stappen letten want de andere twee bevolkingsgroepen hebben er absoluut geen probleem mee om het hele land plat te leggen.
Vrachtwagen met rijst lossen Ik ben nog maar net op weg wanneer ik een prachtig plaatje kan schieten met mijn digitale Sony camera! Drie Chinezen lossen een vrachtwagen vol met balen rijst bij een Chinese handelaar. Ik vraag me af of de islamieten hier ook rijst kopen. Ik denk het niet want wanneer het is aangeraakt door Chinees is de rijst niet meer “halal”.
Voor één van de oudste nederzettingen op het Maleisische schiereiland is het vanzelfsprekend dat je hier veel bezienswaardigheden vindt die beginnen met: “De oudste” en eindigen met “van Maleisië”.

Een paar voorbeelden:

De oudste kerk van Maleisië.
De oudste moskee van Maleisië.
De oudste waterput van Maleisië.
Het oudste stadhuis van Maleisië.
Het oudste fort van Maleisië.
Enz. Enz.

Hang Li Poh's Well (Perigi Raja) Ik ben op weg naar de oude waterput, mijn eerste bezienswaardigheid. Drinkwater was vroeger heel belangrijk, vooral aan zee. De rivieren in Maleisië zijn bijna altijd altijd brak water. Het is dan ook niet vreemd dat de Nederlanders in hun strijd om voet aan de grond te krijgen in Malacca deze put meer dan een keer vergiftigd hebben om de bewoners op de knieën te krijgen. Later hebben ze er dikke muren omheen gebouwd en werd het vloeibare goud door zwaarbewapende Nederlandse soldaten van de “Verenigde Oost-Indische Compagnie" beschermd.
Melaka river Na het bezoek aan de waterput moest ik snel met de billen strak tegen elkaar geknepen terug naar de oude stad omdat mijn darmen flink aan roeren waren. Ik ben blij dat ik niet veel later van mijn vloeibare probleem was verlost.
Mashid Kampung HuluChinese winkel Na het oplossen van het probleem is de oudste moskee van Maleisië aan de beurt. Eigenlijk is er in de moskeeën wereldwijd maar heel weinig te zien. En dat alleen wanneer je als “Kaffer” wordt toegelaten in een moskee!
Alles wat er te zien is aan een moskee zit aan de buitenkant. Islamieten is het verboden om beelden en afbeeldingen te aanbidden of te bewonderen, dus voor de niet-islamieten zijn de vaak onzichtbare indrukwekkende mozaïeken binnen het enige dat rest.
Een hele vreemde vierkante toren doet dienst als minaret. In deze toren zie je veel invloeden van andere godsdiensten. De toren heeft boeddhistische invloeden met zijn zeven verdiepingen, zal wel door de Chinezen zijn meegebracht. Al met al is de minaret een interessant bouwwerk. Ook de kleine Chinese winkels zijn speciaal, ze zijn aan het uitsterven en vallen ten prooi aan de enorme supermarkten.
Na de oudste moskee van Maleisië ga ik op zoek naar de brug die enkele jaren geleden, tijdens een vorig bezoek, nog in aanbouw was. Opnieuw valt het mij ook in de nieuwbouwwijken op dat alles een beetje in verval is. Het is haast een armoedige buurt. Gaat het dan zo slecht hier in Maleisië? Ik heb begrepen dat er enkele jaren geleden een groot wetenschapspark is aangelegd om zo de stad, en de staat, te promoten voor de internationale high-tech industrie.
Samudera Museum Het is laag water en ik zie op de andere oever van de Malacca-river het “Samudera Museum”. Het meest in het oog springende deel van het maritieme museum is een replica van een Portugese “Karrack” genaamd “Flor do Mar”, de zeilboot op het droge is een indrukwekkend gezicht.
Ik moet tijdens de wandeling wel steeds in mijzelf lachen. Hier in Maleisië verplaatst zich bijna niemand te voet en voetpaden zijn schaars. Ik moet vaak op de (auto)weg lopen en over hindernissen klimmen.
Onontgonnen moddervlakte De Malacca rivier wordt in de toekomst afgedamd om het verschil van de getijden op de rivier de minimaliseren. Er komt een dam met een overstroom die de troebele, en de sterk vervuilde rivier, weer helder en schoon moet maken. De enorme moddervlakte aan de riviermond zal worden volgestort met zand en daar zal een hele nieuwe wijk worden gebouwd.
Eenmaal aan de andere kant van de brug aangekomen wordt het tijd voor een andere lunch dan ik onder normale omstandigheden in Malacca nuttig. Ik ga eten in het oude “Mahkota Parade” winkelcentrum. Burger King heeft een lamsvlees burger met een speciale saus, een zwarte pepersaus, in de aanbieding, en man, was die speciale hamburger lekker!
Na de heerlijke lunch volg ik de Malacca rivier op de zuidelijke oever stroomopwaarts. Ik passeer opnieuw de replica van het oude zeilschip. Enkele stappen verder kom ik op het “Hollandse Plein”, oftewel “Dutch Square” is omringt door gebouwen die allemaal door de Hollandse kolonialen zijn gebouwd voor het bestuur en de handelaren van de VOC. De gebouwen waren ik een ver verleden ongetwijfeld allemaal wit gekalkt. Tegenwoordig zijn ze steenrood. Een oude legende verteld over de boze, “betelnoot” kauwende, bevolking die hun rode speeksel tegen de witte gebouwen spuugden om zo hun afkeer tegen het Hollandse Bestuur te tonen.
Malacca riverMalacca riverMalacca river Nog niet eens zo ver van het toeristische centrum sta ik oog in oog met de andere kant van het tweede wereldland Maleisië. De glimmende metalen Petronas Towers zijn het nieuwe moderne Maleisië maar weg van de lichtjes van Kuala Lumpur is het niet allemaal goud dat blinkt. Houten huizen op palen met metalen golfplaten daken boven het stromende water steken armoedig af tegen de witte betonnen torens op de achtergrond. Gefascineerd kijk ik enkele minuten naar de enorme tegenstelling.
Na de de heerlijke lunch en de lange wandeling zijn de ogen en de benen wel een beetje zwaar geworden. Een korte rust op de koele kamer in mijn hotel zou mij zeker niet schaden. Ik geef na de terugkeer mijn hotel een tweede goede inspectie en ik moet eerlijk zeggen, het is een eenvoudig maar mooi en fijn familie hotel.
Meneer Au en zijn vrouw doen hun uiterste best om het de gasten naar de zin te maken. In het weekend zijn ze bijna altijd vol geboekt met veel gasten uit Singapore die naar Malacca komen voor de avondmarkt in “Jonkerstreet”. Die naam slaat niet op de Chinese “Jonken”, een zeilschip ontwikkeld in China, maar op de Nederlandse edelen “Jonker”, Jonker was een adellijk predicaat dat men tijdens de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden toekende aan ambtdragende edelen zonder een titel. Thans gebruikt men de titel nog wel om een jonkheer mee aan te duiden.
De avondmaaltijd was al beslist! Een stukje verderop in de straat heb ik een luxe restaurant gezien dat is gelegen aan de Malacca rivier. Mooie zitjes met een uitzicht op de rivier en “Dutch Square”. Ik vond dat ik mijzelf ook wel een keer kon kietelen en besluit om in het exclusievere restaurant te gaan eten.
Het verbouwde pakhuis ziet er van binnen ook magnifiek uit. Een korte blik in het menu brengt een brede glimlach op mijn gezicht. De prijzen zijn zeker niet wat ik had verwacht, ze zijn ongeveer een derde van mijn verwachtingen. Daar gaan we dan! Een “Fish Chowder” geserveerd in een grote broodbol als vooraf en de lamskoteletten met tijmsaus, warme groenten en een gepofte aardappel als hoofdgerecht. Het was heerlijk!
Na de maaltijd slenter ik voldaan langs de rivier naar het “Discovery Café”, ook een plaats in Malacca waar ik het goed naar mijn zin heb. Hetzelfde recept als bij meneer Au, meneer Teng doet ook heel erg zijn best om het een ieder naar zijn zin te maken. De inrichting van het café lijkt nog het meest op een curiosa winkel. “Stiefbeen en zoon” op zijn Maleisisch.
De Kung Fu Man van MalaccaDe Kung Fu Man van Malacca Elk dorp heeft er één, zo ook Malacca. Ik zit heerlijk te genieten van mijn bakkie koffie toen er een opvallende verschijning het Discovery Café binnenstapte. Een man in een geel pak, dat nog het meest op een pyjama leek, met een groot nummer 13 op zijn rug en de Maleisische vlag op zijn borst. Aan zijn vingers droeg hij metalen ringen met enorme edelstenen waarvan ik meteen vermoedde dat de edelstenen namaak moesten zijn. Hij spreekt met veel liefde over Jezus Christus en hij is dus een Maleisische Christen, geen Moslim of Boeddhist.
Elke dag gaat hij enkele malen naar de kerk schuin tegenover het café om te bidden en met Jezus te praten. Spottend vragen de lokale gasten over zijn gesprekken met Jezus of Jezus hem wel eens een antwoord geeft.
Met een grote overtuiging antwoordt hij: ‘Elke keer als ik in de kerk ben en een vraag stel!’.
Meneer Teng verteld mij dat hij de “Kungfu” man van Malacca is. Eenmaal het woord Kungfu uitgesproken en de man in het geel springt op en maakte allerlei gebaren met zijn armen en schopt zijn benen hoog in de lucht vergezeld door de bijbehorende kreten.
Bruce Lee is zijn grote voorbeeld en die is nu bij zijn vriend Jezus Christus. Er zal zeker een dag komen dat hij ook op bezoek gaat bij Jezus Christus en dan zal hij eindelijk Bruce Lee persoonlijk ontmoetten. Het is best wel een ontroerende kennismaking, een heel aardige bijzondere man die uiteindelijk niemand kwaad doet.
Mijn nieuwe vriendDe Kung Fu Man van Malacca De avond is snel omgevlogen en het is al na twaalven, het is de hoogste tijd om richting het hotel te gaan. Ik kijk nog een laatste keer over mijn schouder en de zoon van de kok zwaait naar mij alsof zijn leven ervan afhangt. Het jochie heeft een paar flessen tekort in het krat maar is ook een aardig lief persoon. De nummer dertien zit rustig aan tafel en is druk met de bijbel.
Bier reclame in een Islamitisch land Maleisië is een verwarrend land, het is bij de grondwet een Islamitisch maar overal zijn enorme reclames voor bier te vinden. Het is een gespleten samenleving met een hoge graad van respect voor andersdenkenden. Chinezen en Indiërs drinken nu eenmaal graag en de hoge belastingen op alcohol voeden de armere moslims. Zij krijgen een maandelijkse bijdrage van de staat in de vorm van meel en suiker.
Bij het hotel aangekomen heb ik een nieuw probleem! De glazen voordeur is op slot en achter het bureau in de lobby is niemand te zien. Wat nu? Aanbellen is de enige oplossing! Met zweet in mijn handen bel ik voorzichtig één keer en een paar minuten verschijnt een slaperige meneer Au in een slecht dichtgeknoopte pyjama, ik hoopte dat hij niet al te kwaad zou zijn. Integendeel, hij is vriendelijk en verontschuldigd zich. De sleutel van mijn kamer, die ik in mijn zak heb, ligt natuurlijk niet in de la. Daarom was meneer Au in de veronderstelling dat ik al in bed lag.
Ik verontschuldig mij opnieuw en vertel hem dat ik maar weinig vroeg naar bed ga en dat ik best een biertje lust. Zeker in het weekend. Hij lacht hard en nodigt mij uit om morgenavond een whisky met hem te drinken.
Welterusten, het is toch beter dan heb verwacht in Malacca.

woensdag 9 maart 2005

Maleisië, opnieuw kennis maken met Melaka

Melaka, 09/03/2005

Ik had heerlijk geslapen. Mijn kamer, 205, was dus een droom van een kamer. Houten louvre deuren en ramen van de vloer tot aan het plafond. Als ik ze opende keek ik op een kleine binnenplaats met eenvoudige zitjes. Het warme en sterke zonlicht scheen in overvloed naar binnen. Ik moest alleen opletten dat ik niet met mijn volle ochtendglorie zonder onderbroek de gordijnen en de louvre deuren zou openen. Een douche en een ontbijt. Waar? Nou, ik ga niet weer op zoek naar iets wat er waarschijnlijk toch niet is, dus meteen maar op weg naar het Café van gisteren. Een krantje tegenover gekocht en gewoon een ontbijt set besteld met koffie en een Diet Coke. En dat viel niet tegen, in tegendeel zelfs, het was verrukkelijk. Mijn poep pillen raakten uitgewerkt en nadat de maag was gevuld moesten de darmen worden geleegd. Het squat toilet van het Café was niet echt aantrekkelijk zodat even terug naar het hotel de enige optie was. Langzaam bewoog ik me richting het hotel, winden laten vermijdend, want de druk liep snel op.
De eerste dag zou ik zeker wel rustig aan doen, ik wilde kijken of ik mijn geheugen wat kon opfrissen. Nee dus! Alleen de toeristische attracties en een winkelcentrum kwamen mij bekend voor. Het iets met sterren hotel waar ik eerst had geslapen kon ik ook al niet meer vinden. Het zou wel op de fles zijn gegaan. De brug was ondertussen wel klaar en een stroom Protons begaf zich van de ene zijde naar de andere zijde. Het was warm en ik had dorst, ook internet moest er nu van komen. Dus het eerste bord internet trok mij aan en ik stapte de koele donkere ruimte binnen. Het lawaai verstomde en tientallen ogen staarden mij aan vanuit het donker. OK, ik was niet dat je zegt in het centrum maar ik kwam tenslotte ook niet van de Maan. Een schuchter meisje stapte op mij af en vroeg beleefd wat ik wilde. Mijn e-mail controleren. Nou dat was geen probleem en met een koele 100 plus begon ik aan mijn opdracht. Het lawaai zwelde weer aan en na 10 minuten was iedereen weer in zijn on-line game verdiept. On-line gamen is zo groot in Azië dat er nu zelfs professionals zijn die er een boterham mee verdienen. Aan de andere kant zijn er regeringen die er zo bang voor zijn dat ze het willen gaan verbieden. Ik rekende af en stapte weer de hete vochtige middag lucht binnen.
Ik maakte mijn middagwandeling af en schrok van een enorm tweede winkelcentrum dat nu werd gebouwd tegenover het oude "Makota Parade" op een groot sportveld. Dat veld maakte het hier aangenaam vertoeven met een prachtig uitzicht op de heuvel met de oude ruïne. Nu was het een grote bouwput. Ik at mijn broodjes en mandarijnen al kijkend naar wat er zo allemaal voorbij kwam.
In de middag zou ik eerst eens even rustig aan doen. Een heerlijke sessie verhalen schrijven op een klein terras aan de rivier. Slapende fietstaxibestuurders als gezelschap. Het werd nog spannend toen de serveerster mij twee euro wilde berekenen voor het internet. Internet? Ik heb helemaal geen internet gebruikt! Met een zachte toon probeerde ik haar uit te leggen dat ik alleen maar electriciteit uit de muur had gehaald en dat je voor internet zeker heel veel andere zaken moest regelen. Niets mee te maken! Een computer op het terras en de stekker in het stopkontakt betekend INTERNET! Punt uit. IK begreep dat hier geen eer te behalen wasd omdat de vrouw gewoonweg te dom was om te begrijpen wat er gebeurde. Één ding stond vast, ik zou hier niet meer gaan zitten.
Het avondeten was eenvoudig. Het "Discovery Cafe" had een redelijke keuken maar echt avontuurlijk was het niet. Gebakken rijst met een gebakken ei en wat gebakken groenten van de dag. Een champagnekoeler met een paar flesjes Tiger bier maakte het een geslaagde avond.

dinsdag 8 maart 2005

Maleisië, de rit naar Melaka

Melaka, 08/03/2005

Toen ik wakker werd voelde ik mij niet helemaal 100%. Ik bleef op mijn bed liggen met mijn ogen open. De tientallen gitzwarte kraaien buiten voor mijn raam deden pijn aan mijn ogen.
Lekker blijven liggen!
Ik heb zeker een uur zo gelegen voordat ik uiteindelijk besloot om toch maar verder te gaan. Ik wilde mijn verblijf niet met vijf dagen verlengen zoals vorig jaar. De douche maakte mij wakker en na een sandwich, uit de koelkast, voelde ik mij een stuk beter. Eenmaal aangekleed en gepakt ging ik op weg naar Maleisië. Melaka zou het worden. Zoals het jaar ervoor ging ik met de metro naar "Kranji" en met de gele bus de causeway over. Maar!
Bij het instappen vertelde de chauffeur mij, zonder zijn telefoongesprek te onderbreken, tachtig sen. Ik gooide in de sleuf en uit de automaat kwam een kaartje. Toen de chauffeur klaar was met bellen vertelde ik hem dat ik naar Melaka moest. Ik wilde een bus op het interlokale busstation nemen.
"Ja, maar dan had je één dollar dertig sen moeten betalen", antwoordde hij.
Ik dacht het simpel op te lossen door vijftig sen bij te betalen.
"Nee, je moet één dollar dertig betalen voor een nieuw kaartje", zei hij met een brede glimlach die zijn grote gele tanden liet zien.
"Maar U zei tegen mij tachtig sen", blufte ik terug.
"Ja, maar U zei", en ik onderbrak hem.
"Nee, ik heb niets gezegd".
"U zat te telefoneren en ik was zo beleefd dat ik wachtte dat U klaar was", ik verhief lichtjes mijn stem.
"Ik blijf hier zitten totdat u mij een ander kaartje geeft en anders wil ik wel eens even met uw meerdere spreken over het telefoneren van de buschauffeur tijdens het rijden", blufte ik.
Hij dacht even na, accepteerde mijn vijftig sen en een nieuw kaartje werd door de machine uitgespuugd. Hij moest er gelukkig zelf ook om lachen.
De immigratie procedures waren geen probleem en al snel was ik op weg naar de "Larkin" busterminal van Johor Bahru.
Het vreemde is dat ik mij vrij weinig kan herinneren van mijn vorig bezoek aan deze oude Hollandse enclave. Tijdens de bus rit had ik naar de muziek geluisterd op mijn iPod en van de het uitzicht geprobeerd te genieten. Eindeloze palmolie plantages omringt met mesjes prikkeldraad dat allang door de westerse militairen verboden is om de onmenselijke wonden die het kan veroorzaken.
Hoe was ik ook alweer de vorige keer in Melaka terecht gekomen? Ik weet het echt niet meer. Het moet wel met de bus zijn geweest vanuit Singapore! Soms is het wegstrepen van enkele mogelijkheden ook een manier om dichter bij het antwoord te komen. En ja hoor, mijn flinterdunne herinnering over een veel te klein busstation achter een flatgebouw naast een rivier klopte precies. Het werd bevestigd door een Hollandse jongen met een Taiwanese vriendin die mij even de weg wezen. Meer later.
Ik was dus weer op weg naar Melaka. Op het Larkin busstation in Johor Bahru had ik besloten dat het maar eens voorbij moest zijn met elke keer weer bekende, en dus veilige, plaatsen te bezoeken. Een halve waarheid want ik was hier ook al eens geweest. Het gaf mij wel een beangstigend gevoel dat ik mij bijna niets meer van Melaka kon herinneren. OK, ik wist nog van die rode kerk en het stadhuys. Een enorm winkelcentrum in het midden van het niets en de ontmoeting met drie Nederlandse jongens die ook op weg waren naar Kuala Lumpur om de Grand Prix te zien. Maar dat was het. Ik wist zeker dat ik mijn avonden had doorgebracht met een overdosis Tiger Beer en saté. Veel kon het me niet schelen, ik zou het een nieuwe kans geven.



Melaka.
Het was niks, het is niks en het wordt waarschijnlijk nooit iets.
Ik arriveerde op het spiksplinternieuwe interlokale busstation van Melaka. De regering en lokale overheden hadden zo te zien grootse plannen met de toeristische attractie. Een roedel taxi chauffeurs lieten mij links liggen, de rugzak werkt soms ook positief, en ik werd aangesproken door een kleine man die mij in goed Engels vroeg of ik op zoek was naar een Guesthouse. Helaas moest ik hem teleurstellen. Tegenwoordig verblijf ik liever in de goedkopere middenklasse hotels. Ik kan er slecht meer tegen omringd te zijn met groepen jongeren die zich te goed doen aan instant noedels en spaghetti. Ook het gespreksonderwerp over de prijs, "was het goedkoop?", heb ik ondertussen wel gehad.
Tijdens mijn trektocht naar het punt vanwaar de stadsbus vertrok kon ik mijn ogen niet geloven. Nee, de tijd had hier zeker niet stilgestaan. Nadat ik door een humeurige donkere hindoe buschauffeur was weggejaagd had ik eindelijk de juiste bus gevonden.
Een mede passagier begon meteen met mij te praten en toen bleek dat het een Hollander was die al drie jaar in Melaka woonde was mijn geluk compleet. Zijn hulp kwam uitstekend van pas en voordat ik het eigenlijk in de gaten had stond ik alweer op het plein voor de rode kerk. Ja, hij was nog precies zoals ik me herinnerde. De rest zag er toch wel onbekend uit. De tijd had hier zeker ook niet stilgestaan en de Aziatische bouw woede had ook hier toegeslagen. Met wat aanwijzingen voor een hotel in mijn geheugen nam ik afscheid van het leuke stel. Wat hij nu precies deed weet ik niet, maar zij liet mij een indrukwekkende portfolio van haar werk zien. Er zijn heel wat kunstenaars werkzaam in Melaka.
Het eerste hotel dat mij werd aangeraden voldeed aan al mijn wensen. Een nette schone kamer voor RM 78 (€ 16,-). Ik kon het hier wel vinden. Een lang smal gebouw. Gebouwd tussen het einde van 1700 en het einde van 1800. Het vertoonde sporen van vele aanpassingen maar de laatste die het in een hotel had omgetoverd mocht er zijn. De ruime lobby met de zeer vriendelijke eigenaar en zijn zijn vrouw zorgen ervoor dat het je aan niets ontbreekt. De kleine hofjes opgesierd met groen en zitjes nemen meteen het idee van het smalle lange gebouw weg.
Ik nam intrek in mijn kamer en maakte mij gereed om even de stad te verkennen en wat te eten.
Toen ik door de stad liep verraste de leegte en de stilte mij. Het was net een spook stad. Ik had verwacht om in een toeristische trekpleister aan te komen en wat ik vond was een leeg dorp. "Closed", "For Sale" of "For Rent". Dat is wat ik zag als ik om mij heen keek. Ik kon geen fatsoenlijk restaurant of café zien dat open was. Vreemd!
Een spook stad. Zoals het ongebruikelijk is in Azië. In Azië is alles open en het leven gaat 24/7 door. Hier dus niet. Ik besloot om rustig de stilte in te wandelen en gewoon op zoek te gaan naar leven en licht, daar zou ik zeker wel wat te eten kunnen vinden en zeker wel een koud biertje. De linksaf en rechtsaf volgden elkaar in een rap tempo op en de leegte bleef. Een verdwaalde auto passeerde mij zo nu en dan maar daar bleef het bij. Er was letterlijk geen hond op straat. Moslims hebben namelijk een hekel aan honden. Eenmaal opnieuw bij de rivier aangekomen hoorde ik gelach en hoorde zachte muziek. Daar was eindelijk leven! En ja hoor, het "Discovery Café" was een leuk ingericht restaurant/Café met een terras. Buiten of binnen waren beiden mogelijk, natuurlijk was het weer de raadsheer die bepaalde waar je zat. Ik plofte voldaan neer en zonder op de menukaart te kijken bestelde ik een grote koude Tijger Bier. En die smaakte! De menukaart was niet de meest uitgebreide maar wat er op stond zou voldoende zijn om de ergste honger te stillen. Gebakken groente met Nasi Goreng en nog een tweede bier waren een uitstekende maaltijd. Maleisië is zeker niet duur om te verblijven en te eten, drinken is een ander verhaal. Toch smaken die biertjes heerlijk na een zware dag reizen.
Copyright/Disclaimer