zaterdag 6 maart 2004

Singapore: Regen en vochtigheid

Esplanade Bridge

Singapore (Shing Hotel (414), zaterdag 6 maart 2004

Het was iets te gezellig en ik had iets teveel gedronken op de vrijdagavond. De MRT, de metro van Singapore, bracht me naar “Farrer Park MRT station”. Een van de zaken die je vooraf moet weten over de metro in Singapore is dat die voor de werkende mensen van de maatschappij is gebouwd. ’s Avonds na, zeg ongeveer, half twaalf vertrekt de laatste trein en dat is het dan, de volgende ochtend rond vijf uur komt alles weer op gang. Er rijden nog wel nachtbussen maar die vertrektijden midden in de nacht zijn zo onaantrekkelijk dat haast iedereen voor een (gedeelde) taxi kiest.
Op het moment dat ik de gordijnen van mijn kamer open trek sta ik oog in oog met dikke, langzaam naar beneden kruipende, waterdruppels. Het regent! Dat is een van de nadelen van de tropen waar ook veel tropische regenwouden zijn te vinden. Buiten gaat het leven gewoon verder, net als op een zonnige dag in de tropen.
Ik kruip weer onder de dunne deken omdat de koelte van de airconditioning in mijn kamer haast onaangenaam is. Ik kan me niet herinneren dat ik een afstandbediening of een thermostaat aan de muur heb gezien. Waarschijnlijk wordt het klimaatsysteem in het oude gebouw centraal geregeld. En de leeftijd van het systeem heeft ook de kwaliteit en betrouwbaarheid aangetast. Het is voor mij in ieder geval te koud.
Met mijn hoofd op mijn handen en mijn blik op het plafond denk ik na. Over van alles en nog wat. Over Thailand en de twijfels over Thailand die ik nu toch wel heb. Het is niet allemaal rozengeur en maneschijn in het land van de lach. Na drie jaar ben ik nog steeds vrijgezel. En hoewel ik liever wat gezelschap om me heen heb lijkt het in dit geval beter voor me. In Pattaya luister ik elke avond naar de verhalen van de teleurgestelde mannen, over schoonmoeders, buffels, slechte seks, gouden kettingen en huizen in de Isaan. Het lijkt het hoofdonderwerp van alle gesprekken te zijn. Alleen zijn in Thailand is zo slecht nog niet.
Ondanks de oneindig neerdalende regen moet ik toch opstaan om voor elf uur mijn plaatsje in het Indiase restaurant voor mijn ontbijt in te nemen! Om tien voor elf storm ik binnen en het lijkt dat het personeel daar niet zo blij mee is. Eigenlijk ben ik zelf ook niet zo blij meer! Ik kijk eens goed om mij heen en het lijkt dat ik op deze regenachtige zaterdagochtend de eerste klant voor het ontbijt ben. Het eiwit van de gebakken eieren ziet er uit als een buitenaardse kunststof en de dooier als een gesmolten tennisbal. De tomatensaus van de kerrie is ingedikt tot een pasta en de koffie valt onder het chemisch afval. Het is voor mij geen goede start van deze zaterdag!
Ik sla de krant open en probeer me te concentreren op het wereldnieuws. Na enkele slokken is de koffie wel te pruimen. Een half dozijn pikzwarte ogen staart naar mijn met margarine besmeerde geroosterde boterham. Het duurt niet lang en de visuele boodschap lijkt aangekomen! Met een glimlach van oor tot oor onder een gitzwarte snor serveert een kok twee vers gebakken eieren. Daar kan ik wat mee! Om het nog beter te maken wordt er ook nog een pot verse koffie voor me gezet. En dat alleen maar omdat ik de enige klant ben op de regenachtige ochtend in Singapore.
De angst dat ze de laatste klant voor de dagelijkse ontbijt gaan verliezen lijkt diep te zitten. Uit beleefdheid eet ik beide eieren en drink een sloot koffie. Dat zal vandaag wel een paar keer toilet zitten worden! ???? Ik kijk door het enorme raam naar buiten naar de ineengedoken stoet mensen onder de paraplu’s op weg naar god weet waar.
Misschien moet ik ook maar een paraplu kopen? Regen is me Australië ook een keer overkomen. Nadat ik een paraplu had gekocht heb ik de hele reis geen druppel hemelwater meer gezien.
Terug op de kamer valt er niets anders te doen dan spelen op de Acer laptop en wat verhalen te schrijven en foto’s te bewerken. En laat ik dan ook nog eens geluk hebben! Bij de eerste speurtocht in het radio spectrum vind ik een open netwerk waar ook nog eens een internet verbinding open staat. Dat is erg ontspannend voor de rest van de middag, of in ieder geval totdat de regen is gestopt. Ik ben hier tenslotte niet om de hele dag op bed te liggen.
Aan het einde van de middag stopt de regen en wordt het tijd om de stad in te gaan. Na een snelle douche steek ik me in de kleren en ga op pad. Bij de receptie wordt ik geroepen door een vadsige chinees met dikke brillenglazen. Hij kijkt naar het kamernummer op mijn sleutelhanger waarna hij een blik werpt in het dikke boek voor hem. ‘Fifty five dollar?’, lispelt hij.
Geen probleem, betalen moet ik toch en wanneer ik per dag betaal kan ik mijn budget beter in de gaten houden! In dit hotel wordt sowieso elke dag betaald, en meestal per uur, dat is me meteen duidelijk wanneer een oudere man met een jongere vrouw recht voor me de lift uit stapt. Die gaan de massage op een hotelkamer afmaken!
Popiah Ik grijp een “Popiah” als snack om de ergste trek te stillen. Hoe eenvoudig deze verse loempia dan ook mag zijn, deze “Popiah” wordt niet gefrituurd, de explosie van smaken in je mond is er niet minder om. Het begint met een loempia vel, daar gaat een streek zoete zwarte saus overeen. Witte kool, taugé en wat andere groenten, naar wens uit wat uitgebakken vet spek, kaantjes, en nog meer saus en naar smaak chilisaus of sambal. Voor minder dan een euro is er al een bodem voor vanavond gelegd!
Singapore Merlion Deze keer blijf ik wat langer in de ondergrondse trein zitten en ik kies ervoor om uit te stappen op het “Raffles Place MRT station”. Zodra ik boven de grond kom ben ik alweer verdwaald. Elk metro station heeft drie of meer uitgangen. Het blijft dus een beetje zoeken en gokken waar je weer boven de grond komt. De plattegrond van het metrostation is duidelijk genoeg om me naar de oevers van de “Marina Bay” te brengen.
Na een korte wandeling realiseer je je hoeveel planning er in deze stad zit. Het ene gebouw is nog meer architectonisch doordacht dan het andere. Zeker op deze foto is het ronde dak van “de Durian”, “Esplanade - Theatres on the Bay”, heel bijzonder om te zien.
Singapore MerlionSingapore Merlion Maar ook “de Merlion”, de officiële mascotte van Singapore, een vis met een leeuwenhoofd is in zijn nieuwe verschijning heel bijzonder om te zien! Zeker met op de achtergrond de hoge gebouwen van het financiële district en het oude postkantoor, tegenwoordig het “Fullerton Hotel Singapore”, op de achtergrond.
Esplanade Bridge Het is verfrissend om te zien dat de regen veel van de weinige toeristen binnen heeft gehouden. Singapore is nog steeds een stad waar je overstapt op een vliegtuig op weg naar Australië en Nieuw Zeeland. De meeste reizigers zullen nooit weten wat ze hebben gemist! De “Esplane brug” over de Singapore rivier is ook vanaf de onderkant heel bijzonder.
Cricket op zaterdagmiddagSingapore Financial District Dat Singapore een oude Engelse kolonie is wordt meteen duidelijk wanneer je op zaterdag over het enorme groene grasveld midden in het centrum loopt. Het clubhuis van de “Singapore Cricket Club” is dan ook een architectonisch pareltje dat tot in de puntjes wordt onderhouden. Oude en jonge mannen gekleed in smetteloos wit spelen een partijtje Cricket.
Vanaf “het Padang”, zoals het grote grasveld officieel heet, heb je ook een schitterend zicht op de kantoor torens van het “Financial District”. Singapore is het economische wonder van zuid-oost Azië. Veertig jaar dezelfde politieke leider heeft het modderige eiland, zonder enige grondstoffen in de bodem, getransformeerd in een moderne sociale stadstaat met een bloeiende economie. Het is de perfecte mix van economisch inzicht, geloofsovertuigingen en sociale achtergronden. Conflicten op basis van die laatste twee worden niet getolereerd en streng bestraft. Persoonlijk zou ik hier wel kunnen wonen, helaas worden buitenlanders niet toegelaten en in slechts een enkel uitzonderlijk geval kan een persoon de Singaporese nationaliteit krijgen wanneer hij niet in òf uit Singaporese ouders is geboren.
Raffles Hotel Ik slenter langs de brede straten en boulevards. Op “Beach Rd.”, de naam zegt het al, passeer ik een ander icoon van Singapore. Het “Raffles Hotel” is een begrip over de hele wereld. Elke grote naam op welk terrein dan ook heeft tijdens zijn verblijf in Singapore hier geslapen. Voor de prijs per nacht in dit hotel ben ik zelf minimaal een week onder de pannen.
Toeristen, in de hoop een bekend persoon tegen het lijf te lopen, komen absoluut niet verder dan de bar waar ze steevast een “Singapore Sling”, een cocktail op basis van gin en ananassap die hier door Ngiam Tong Boon, een Hainanese barkeeper in de “Long Bar van het Raffles Hotel” rond 1914 is bedacht, bestellen.
Vreemde menukaartVreemde menukaart Gezien de prijzen in het “Raffles Hotel” sla ik voor deze keer de “Singapore Sling” maar over en ga op zoek naar een heerlijke Chinese maaltijd voor hetzelfde geld. Bij het eerste de beste overvolle Chinese eethuis bestudeer ik de twee menukaarten die op de gevel zijn aangebracht. Vooral de “levende dronken kikker in een kleipot” springt in het oog. Die sla ik voor deze keer maar over en ik kies voor de “Black Papper Chicken in Hot Plate”. Taalfouten zijn nog steeds heel gewoon en geven ook een beetje charme aan het bestelde gerecht.
Groene en zwarte thee wordt gratis geserveerd bij het eten, jasmijn thee kost weinig maar wordt wel op je rekening bijgeschreven, en ik geniet van het gerecht dat voor me staat. Een kippenpoot, inclusief de botten, is in stukken gehakt en met een combinatie van stukken verschillende kleuren paprika en ui gebakken. Het wordt geserveerd op een gloeiend hete gietijzeren ovale plaat overgoten met een zwarte pepersaus. Zoiets heb ik in Nederland nog nooit gezien! Mijn rijstkom en “hot plate” gaan helemaal leeg. Voldaan en een beetje vermoeid zit ik een beetje om me heen te kijken. Singapore! Singapore? Wordt er thuis dan door helemaal niemand gekookt?
Hoewel de duisternis al invalt besluit ik om eerst nog maar even terug te gaan naar mijn hotel. Het is nog te vroeg om nu al bier te gaan drinken. De wacht achter de receptie is gewisseld en de chinees die ik nu aantref is een handelaar van nature. Binnen zestig seconden krijg ik zoveel verschillende goederen aangeboden dat “de Wehkamp” er jaloers op zou worden. Zodra hij zich realiseert dat deze blonde Hollander geen interesse heeft verdiept hij zich weer in het magazine dat voor hem ligt. Chinese meisjes in bikini’s en badpakken met bovengemiddelde borstomvang.
Singapore by night En dan schrik ik plotseling wakker!
Vermoeidheid in combinatie met een goede maaltijd en ontspanning hebben me in slaap gesust. Nu is het wel de juiste tijd om op deze zaterdagavond in Singapore uit te gaan en een biertje te drinken. Hoewel de enorme lichtreclame van de ondergrondse lonkt kies ik ervoor om weer terug te lopen naar het centrum. Ik wandel nu eenmaal graag. Je ziet veel nieuwe dingen onderweg en in een moderne veilige stad als Singapore is het nu eenmaal heerlijk wandelen.
Deze keer laat ik Little India voor wat het is en kies voor een andere route via de Jalan Besar, de kleine straat, en Victoria/Hill street. Een heerlijke wandeling met mooie beelden in een verlichte stad.
Raffles Landing SiteBoat Quay Voordat ik me in het nachtleven stort maak ik nog een wandeling langs de “Singapore River”, het maakt niet uit hoe vaak je hier bent geweest, het blijft altijd fascinerend en mooi om langs het water te lopen en naar de weerspiegelingen van de lichtjes op het water te kijken. Aan de overkant van de rivier is het uitgaansleven!
The Penny Black Mijn voorkeur gaat uit naar “the Penny Black”, een heerlijke bar met het gevoel van een oude engelse pub. Alles is namaak maar de sfeer is goed, het bier is koud en de prijzen zijn acceptabel. Het is er niet goedkoop, het is geen Thailand! Maar toch, een verblijf in Singapore is niet compleet zonder een paar biertjes aan de Quay’s!

vrijdag 5 maart 2004

Singapore: Ondergrondse kunst

vr 5 mrt 2004 11:41:15

Singapore (Shing Hotel (414), vrijdag 5 maart 2004

Ik ben vroeger wakker dan ik had gehoopt. Het was ook niet erg donker in mijn kamer de afgelopen nacht en de duisternis heb ik toch wel nodig om goed te kunnen slapen. Onwennig kijk ik om me heen door de uitgeleefde hotelkamer. De romantiek en de kleur van de kamer zijn binnen vier en twintig uur verdwenen. Het is geen slechte kamer maar voor dit geld zit je in Thailand in een vier sterren hotel! Niet meer klagen, ik ben in Singapore, niet in Thailand!
Voor vandaag heb ik een waslijst met taken die ik vandaag ook het liefst helemaal zou willen afhandelen. Verschillende taken waarvan de ene belangrijker is dan de andere. Maar toch, ook de onbelangrijkere taken moeten nu eenmaal worden afgehandeld. Lange reizen blijken in de praktijk minder romantisch dan dat je ze voorstelt voor je vertrek. Vooral het gedoe met al die visa voor de verschillende landen is een hoofdpijn dossier. Ben je eindelijk ergens waar je het prima naar je zin hebt en dan moet je tien dagen later een twee daagse busreis gaan maken voor een nieuwe, meestal betaald, stempel in je paspoort. Of je bent een week kwijt in een onaardige stad in afwachting van een stempel voor het volgende land dat je wil bezoeken.
Het zal wel aan mij liggen maar handig is het niet! Soms krijg ik het idee dat deze tweede en derde wereld landen in Azië helemaal niet willen dat je hier op reis bent. Ze willen wel dat je op vakantie komt en twee weken op het strand enkele maandlonen uitgeeft. Het reizen op budget is niet erg gewenst. En dan denk ik weer aan die duizenden ambtenaren die elke avond rijst op tafel zetten omdat ze de hele dag visumaanvragen zitten te controleren en te stempelen.
Het prijspeil in Singapore ligt duidelijk hoger dan in de rest van de landen rond Thailand. Gisterenavond in de bar heb ik dus al besloten om mijn budget een beetje te verruimen maar tegelijkertijd ook een beetje te bezuinigen waar dat mogelijk is. Gisteren, op weg naar de stad, heb ik om de hoek van het hotel een Indiaas restaurant gezien dat een ontbijt buffet aanbied voor S$ 5.-, zeg maar drie euro, dat ontbijt wil ik op deze eerste ochtend in Singapore wel wel proberen.
Onderweg naar het restaurant spook de droom van de afgelopen nacht nog door mijn hoofd. Onneembare hellingen van los heet zand en enorme PVC waterkranen. Mijn hoofd is duidelijk op hol. Er gebeurt teveel of er is teveel gebeurt. Ook het alleen op reis zijn blijkt deze keer moeilijker dan bij andere gelegenheden. Ik heb erg onrustig geslapen. Ook wel een beetje te begrijpen na die halve middag op bed. De “Pattaya Jetlag”, wanneer je in de stad van de zonden de dag voor de nacht hebt verruild, speelt me parten. Te laat naar bed en tot het middaguur slapen in de airconditioning is geen levensstijl voor een gezonde jongeman!
Een half peloton in smetteloos wit geklede Indiase obers, waarschijnlijk op een visum met een werkvergunning, staat me net achter de tweede rij glazen schuifdeuren op te wachten in het lege restaurant. De gedachte achter het goedkope ontbijt is me al snel duidelijk: De huur is betaald, de Indiase werknemers zijn (onder)betaald dus alles wat er in de kassa ligt voordat de avond begint is meegenomen. Bollywood deuntjes vullen de lege ruimte.
Het ontbijt valt me niets tegen en met een verse krant op tafel en een kopje koffie bij de hand zit ik rustig en relaxed te genieten van de ochtend in Little India. De “Chola”, oftewel “Chana Masala”, een kerrie op basis van tomaten met hele kikkererwten gaat er in als zoete koek. Geen Indiaas brood voor mij maar gewoon wittebrood in de geroosterde versie. Gebakken eieren zoveel als ik wil! Maar het belangrijkste is de koffie, die is van een kwaliteit die elke toerist weet te waarderen.
Na het ontbijt neem ik uitgebreid afscheid van de obers en de koks en ik vind het best vervelend voor ze dat ik al die tijd de enige bezoeker voor een ontbijt in het restaurant was. Plechtig beloog ik dat ik morgen weer kom ontbijten. Ik hoop in ieder geval voor ze dat het vanavond een stuk drukker is in het restaurant.
Mijn ritje in de ondergrondse van Singapore is op zich al een hele belevenis. Het is de totale belevenis van het moderne Azië. De ene helft van de passagiers zit te slapen en de andere helft zit òf met zijn mobiele telefoon te spelen òf te bellen. De ondergrondse stations zijn overvol met mensen op weg naar hun werk. Het zijn nog net geen Japanse taferelen maar het is wel heel erg druk.
Efficiëntie is overal het doel in Singapore, efficiëntie bespaart kosten en het werkt. Efficiëntie maakt een ieders leven gemakkelijker. Als een leger marcherend in de maat van een stille trom lopen de bataljons passagiers van trein naar trein. Ik ben gefascineerd door dit geheel. Overstappen is geen probleem, overal staat duidelijk aangegeven waar de in wit tl-licht badende gallerijen heen leiden. Er lijkt geen enkele ruimte te zijn voor fouten. "Foutloos” is hier de gedachte, en er is heel goed over nagedacht!
Ondergrondse kunstOndergrondse kunst Elk ondergronds station in Singapore is een museum op zich. Beeldende kunst is overal. Beeldende kunst geeft rust. Beeldende kunst dwingt respect af. Beeldende kunst geeft geen ruimte voor vandalisme. Beeldende kunst houdt de publieke ruimtes schoon. Beeldende kunst is voor en van iedereen. Je wandelt er met plezier doorheen.
“Orchard Road” is gewoon een andere buurt in Singapore met enorme shopping centra en kantoren. "Orchard Road” is de P.C. Hooftstraat van Singapore. In deze winkelcentra zijn alle grote modemerken van de wereld vertegenwoordigd. Hier kan ik binnen een uur een modaal inkomen uitgeven en dan ook nog zelf alle tasjes dragen met wat ik gekocht heb!
De manier waarop deze dure grondstukken optimaal worden benut is ook simpel maar doeltreffend. Op de eerste drie of vier verdiepingen zijn er winkels. Dan volgen een aantal verdiepingen met kantoren met soms daarboven dure exclusieve appartementen.
Mosaic muur geschiedenis SingaporeMosaic muur geschiedenis SingaporeMosaic muur geschiedenis Singapore Eenmaal boven de grond kijk in met half dicht geknepen ogen of ik misschien een herkenningspunt zie. Nee dus.
Singapore is een stadstaat die voor je zorgt, die je verzorgt, maar dan moet je je wel aan de regels houden en ook voor je medeburgers in Singapore zorgen. Het is een zeer streng land wanneer het gaat om drugs en andere genotsmiddelen. Een pakje onbelaste sigaretten uit een ander land komt je zo maar op een boete te staan in de richting van een Europees maandsalaris. Aan de andere kant zijn er ook voldoende vrijheden die je leven heel plezierig maken.
Teer in je longen Ook het onderhoud van je lichaam en het daarbij behorende gedachte: “iedereen moet gezond leven want anders ben je later een last voor de maatschappij” gedachte wordt je hier vanaf de kleuterschool af aan ingeprent. Voor een voetgangers verkeerslicht zie ik deze boodschap op het asfalt voor het zebrapad staan.
Ik zie gelukkig wel een enorme reclame van een Apple Center. De witte appel, met de hap er uit, op de zwarte achtergrond is nadrukkelijk aanwezig op de gevel van het winkelcentrum. Een bezoek aan een Apple Center staat ook op mijn lijst met opdrachten. Snel naar binnen! Ontsnapt aan de relatief koele ochtendlucht kom ik in een nog koelere omgeving. De glazen schuifdeuren zijn een sluis naar een heel ander , kunstmatig, klimaat en naar een heel andere wereld.
Er is geen levende ziel in het hele gebouw te bekennen. Ik dwaal door lege gangen en over lege galerijen. Links en rechts achtervolgt door mijn spiegelbeeld. Glazen wanden van de vloer tot aan het plafond met daarachter de luxe koopwaar. De eenzaamheid benauwd me en ik voel me voor een moment in een apocalyptische science fiction film. Alle winkels zijn op dit vroege tijdstip nog gesloten, zo ook het Apple Center. Een schoonmaker in het Sushi restaurant tegenover het Apple Center kan mij melden dat de winkels in dit winkelcentrum om 11 uur openen. Ik heb dus nog tijd genoeg.
“Orchard Road” is ook de buurt waar zich veel ambassades bevinden. “Orchard Road” is een merknaam met een zeer exclusieve uitstraling. De Thaise ambassade is ook snel gevonden. In het aankondigingen kastje naar de gesloten poort hangt een duidelijke boodschap:

5 maart 2004
De ambassade is gesloten wegens
Makkha Buddha Day.

Dat was dus de tweede opdracht die ik al had vervuld. Vandaag geen extra informatie over mijn O-visum. Ik heb genoeg tijd te doden voordat het Apple center open gaat en ik heb best zin in een lekker bakkie koffie.
Als er één ding is waar de grote Aziatische wereldsteden zeker geen tekort aan hebben dan is dat fastfood restaurants. Koffie bij McDonalds! Nee, geen burgers, gewoon een dampende beker koffie. Even later zit ik aan een counter met uitzicht op de kruising van Orchard en Scotts/Paterson road. Een fascinerende stroom mensen en in mindere mate voertuigen trekt aan me voorbij. Ik blader wat door mijn Lonely Planet en moet wel lachen wanneer ik lees dat het de uitgave uit 1996 blijkt te zijn. Nee, ik doe mezelf hier geen plezier mee! Voordat ik naar het Apple Center ga bezoek ik eerst de boekenwinkel in “Wheelock Place” en doe mezelf de 2004 editie van Maleisië en Singapore cadeau. Zo, dat zal de rest van deze reis een stuk gemakkelijker maken.
In het Apple Centre koop ik enkele accessoires voor mijn I-pod en vraag om wat informatie over de belachelijk dure maar wel heel mooie Apple laptops. De winkelbedienden zijn meer dan vriendelijk. Dit lijkt de regel te zijn in de Apple wereld. Alles wordt me met veel geduld tot in de kleinste details uitgelegd. Helaas ben ik nog niet toe aan zo’n vlaggenschip van de draagbare computer wereld.
Nu nog de derde opdracht voor vandaag, inloggen met mijn laptop en controleren of er belangrijke faxen en/of e-mails zijn. Het nieuwe reizen bevalt me prima, telefoneren is bijna niet meer nodig. Haast alle informatie gaat geknipt in enen en nullen over het wereld wijde web. In de toekomst kan het alleen maar mooier en beter worden.
Ik heb recht tegenover de Thaise ambassade een internetcafé op de eerste verdieping een shopping mall gezien. Ik zoek een plaatsje in het donker tussen de computerspelletjes spelende jeugd van Singapore. Ik kijk mijn ogen uit! Koptelefoons, inclusief microfoons, verbinden de leden van de verschillende teams met elkaar. Internet gaat hier per uur, drie euro voor het eerste uur en een euro voor elk volgend uur! Daar kan ik niet wakker van liggen. Ik moet contact met thuis maken.
Inloggen is absoluut geen probleem. Wifi of kabel, het is maar wat je prefereert. Dat is ook meteen het bewijs dat het internet in Thailand nog maar in de kinderschoenen staat. Ik heb zelfs nog wat meer geluk. De eigenaar van het internetcafé lost het netwerk probleem op mijn computer voor me op. Ik worstel al weken met het probleem dat ik zeer moeilijk kan inloggen en dat er (enkele) tegenstrijdigheden in het netwerk protocol zitten, en tot nu toe heeft niemand in Thailand me kunnen helpen. Ik kijk mee over zijn schouder en probeer zijn dansende vingers op mijn toetsenbord bij te houden. Tevergeefs, kennis is macht en de kennis op dit gebied is onmisbaar in de toekomst. Het hele internet staat nog maar in de kinderschoenen en ik heb nu al moeite om het allemaal bij te houden. Ook hier begint mijn leeftijd te tellen! De email en faxen bevatten geen alarmerende berichten dus ik kan het weekend ontspannen beginnen.
Het is nog geen half één en ik ben klaar met alle taken die ik voor vandaag had gepland. Ik ga snel op weg naar mijn hotel om mijn laptop terug te brengen en mijzelf klaar te maken voor de eerste middag en avond in Singapore. De ochtend is in ieder geval een vruchtbare geweest. Onderweg in de MRT besluit ik om al bij het station “Little India” uit te stappen. Ik hou nu eenmaal van wandelen en de wereld boven de grond is ontelbare keren interessanter dan de wereld in de ondergrondse MRT.
Vreemde talen in Singapore
De kleuren van IndiaDe kleuren van India “Little India”, rond Serangoon Road, is een explosie van cultuur, kleuren en geuren brengen je naar een heel andere wereld!
Specerijen malen De geuren worden sterker, de rook van de wierook worstelt zich een weg naar buiten bij de “Sri Srinivasa Perumal Tempel” en voordat ik het zelf in de gaten heb sta ik naast een molen waar de verschillende specerijen voor de Indiase kerrie en andere gerechten worden gemalen. De twee mannen die de machines bedienen kijken me vreemd aan. Zij zijn namelijk geen toeristen attractie, nou, voor mij wel, dit is namelijk de cultuur waarna ik altijd op zoek ben.
Chinese ShophousesChinese Shophouses - modern en ouderwets Omhoog kijken kan op heel belonend zijn! Gelukkig heeft de regering van Singapore al jaren geleden beslist dat niet zo maar alles kan worden plat gewalst om plaats te maken voor betonnen blokkendozen. De gevels van de oude Chinese Shophouses zijn dan ook pareltjes om naar te kijken! Ook het contrast tussen nieuw en oud zet je aan het denken. Singapore is een mooie stad om te bezoeken, al is het maar een keer in je leven.
Body WorldsBody WorldsBody Worlds Nadat ik een eenvoudige Chinese maaltijd, bestaande uit rijst met groenten en een gerecht van varkensvlees in sojasaus, heb genuttigd in het restaurant onder mijn hotel ga ik op weg naar de EXPO, zeg maar de RAI van Singapore. Ik heb in de metro een reclame gezien over een expositie van ontlede mensen. Ja, ontlede mensen, èchte lichamen die op een of andere manier ontleed en met plastic geïmpregneerd zijn. Ik weet eigenlijk niet goed wat ik ervan moet denken maar mijn nieuwsgierigheid wint van mijn afschuw. Schoorvoetend ga ik de ontvangsthal binnen. Mijn eerste ontmoeting met foto's over te tentoonstelling blijkt niet eng. Ik besluit dan ook om naar binnen te gaan.
Eenmaal binnen ben ik enorm gefascineerd door wat ik allemaal zie. Ja, het zijn mensen, èchte mensen! Maar ook hele paarden en zelfs een koe staan tentoongesteld op een manier waarvan mijn oude biologie onderwijzers helemaal gek van blijdschap zouden worden. Gelukkig heb ik altijd goed opgelet in de klas, veel van de tentoongestelde onderdelen herken ik direct. Door de manier waarop de tentoonstelling is opgezet hebben ze ook wat van hun menselijkheid verloren. Het is heel moeilijk uit te leggen. Het is in ieder geval niet eng. www.bodyworlds.com mocht je geïnteresseerd zijn.
Later in de middag op de terugweg naar mijn hotel weet ik niet wat ik hoor in de metro. Het is een concert van beltonen. Alsof het NOKIA filharmonisch orkest in de trein optreed, een onafgebroken stroom van beltonen. Het kunnen er wel duizend verschillende zijn geweest. Een paar stations vroeger dan gepland ben ik maar weer eens uitgestapt om eens lekker door de stad te kunnen slenteren. In alle Aziatische steden is altijd wel wat nieuws te ontdekken. In “Bugis” weet ik ook weer waar ik me bevind en ik ben ècht blij. Singapore was een juiste goede keuze om een visa run te doen.
Boat Quay Na een korte rust op bed en een lichte Indiase maaltijd ga ik te voet richting de Singapore rivier. Het middelpunt waar de velen toeristen samen komen. Die vrijdagavond ga ik op pad door het zwoele Singapore. Ik slenter door Chinatown en drink een paar cider in een Engelse pub, de "Penny Black" genaamd. Onderweg nuttig ik de ene na de andere heerlijke snack. Eigenlijk doe ik gewoon niets, alleen wat rondhangen. Genieten van Singapore.

donderdag 4 maart 2004

Singapore: De aankomst

The Quay's

Singapore (Shing Hotel (414), donderdag 4 maart 2004

Het had gisterenavond geen nut meer om vroeg naar bed te gaan. Nadat ik klaar was met het pakken van mijn rugzak besluit ik dus om nog maar een paar biertjes te gaan drinken. Dat gezellig een paar biertjes drinken loopt in de “Diana Dragon” gemakkelijk uit de hand. Het is heel gezellig en al snel heb je een half dozijn flesjes bier in je kraag. Ik zat er na het gezellig samenzijn met mijn vrienden al helemaal doorheen toen ik om twee uur in de ochtend het huisje binnen stapte.
‘Taxi om drie!’, dacht ik nog.
Nog even snel onder de douche en een paar broodjes voor onderweg smeren. Ik moet wel wat te eten meenemen want aan boort van het vliegtuig van die prijsvechters, ook hier in Azië, wordt niets gratis geserveerd. Nog geen plastic bekertje water is gratis! Maar dat kan ook niet in het nieuwe verdien model.
De taxi staat om half drie precies voor de deur, er wordt niet getoeterd en de motor wordt afgezet. Het licht uit de woonkamer met een bewegend silhouet er achter is voldoende om de chauffeur gerust te stellen dat zijn klant klaar is voor het ritje naar de luchthaven in Bangkok. Beter te vroeg dan te laat! Zo denken de meeste taxichauffeurs gelukkig hier in Pattaya ook.
Ik loop nog rond in mijn blote kont wanneer de chauffeur aanbelt. Ik schiet snel in een zijden boxer en laat de aardige man binnen. Ik ben nu bijna klaar en na een laatste wandeling door het huis, ter controle dat alles uit is, zitten we samen in de ijskoude taxi. We rijden de stille donkere Thaise nacht in. Voordat we Sukhumvit Road hebben bereikt zie ik ook enkele voorbeelden van de duistere zijde van Pattaya. Twee meisjes ondersteunen een dronken toerist op weg naar zijn hotelkamer. Hij verwacht misschien een hete nacht maar voor hetzelfde geld wordt hij morgen eenzaam wakker met een lege portemonnee. En groepje kinderen van een jaar of veertien is op jacht naar eenzame mannen. Twee oudere animeermeisjes zitten te eten in het licht van een oude koplamp, hun dag zit er ook weer op. Een bewaker staat tegen de muur te slapen. Hij wordt alleen maar wakker wanneer de muur achter hem wordt weggehaald. Pattaya, je moet er ècht van houden, anders zal je het hier niet overleven.
Ik heb erg veel moeite om tijdens het schudden en wiegen van de taxi mijn ogen open te houden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ik een onafgebroken serie van hazenslaapjes in de taxi produceer. Ik ben blij wanneer we eindelijk op de luchthaven arriveren. Het inchecken gaat gelukkig op dit vroege tijdstip erg snel. Geen computers achter deze incheck balie maar het ouderwetse potlood en papier. Dat werkt ook wanneer de elektriciteit op de luchthaven weer eens uitvalt. We worden door een sacherijnige omroeper via de luidsprekers van de luchthaven drie keer naar een andere gate geleid voordat we in een bus kunnen stappen die ons naar het gereedstaande vliegtuig brengt.
Met vele andere passagiers beklim ik de oude trap die tegen het spiksplinternieuw vliegtuig is aangereden. Noem het vermoeidheid, noem het slaap, maar ik kan mijn stoelnummer niet vinden op de instapkaart! De oplossing voor dit raadsel heb ik snel gevonden! Geen vaste toegewezen stoelnummers op deze vlucht! Dus wie het eerst komt die het eerst maalt. Zoek zelf maar een plaatsje. Geen ruzie over een stoel aan het gangpad of aan het raam! Dit werkt ook zonder problemen. Zo gelijk de vlucht naar Singapore die ook probleemloos verloopt.
Ik maak maar direct van de mogelijkheid gebruik om weer een paar hazenslaapjes te doen. Maar die enkele tientallen minuten met mijn ogen dicht zijn niet genoeg. Ook zodra het vliegtuig het beton van de landingsbaan in Singapore raakt zit ik er nog steeds helemaal doorheen. De immigratie is maar een formaliteit met een Nederlands paspoort. Na een bezoek aan de ATM voor wat lokale Singapore dollars ga ik op zoek naar de bus die mij naar het centrum zal brengen.
De eerste persoon die ik vraag waar ik de bus naar de stad kan vinden kijkt me vol ongeloof aan en draait zich zonder een woord te zeggen om en loopt weg.
De tweede persoon beantwoord mijn vraag met een vraag! ‘De bus, waarom?’
‘Eh, nou, om in de stad te komen’.
‘Waarom neemt u de metro niet vanuit Terminal 2?’
‘Metro?’, vraag ik hem op mijn beurt met veel verbazing, mijn, waarschijnlijk verouderde, Lonely Planet reisgids spreekt niet over een metro.

Dus dan maar naar Terminal twee en met de extra lange roltrap naar beneden de metro in. Alles is hier in Singapore hypermodern en schoon. Daar kunnen ze in Nederland nog wat van leren. Al die sterke verhalen over gevangenisstraffen omdat je een wikkel van een snoepje op straat hebt gegooid kan ik maar moeilijk geloven. Het is hier mooi, het is hier veilig en het is hier schoon! De 35 minuten in een langzaam heen en weer wiegende metro zijn heel moeilijk. De overstap na tien minuten brengt me weer tot leven en het daglicht haalt me uit mijn trance. Ik voel me als een vampier. De vijfentwintig minuten daarna zijn moeilijker. Mijn ogen vallen constant dicht en ik val steeds bijna om. Ik wil eruit, ik wil bewegen en niet meer in slaap vallen!
Lange roltrap
Ik heb mijn huiswerk in Pattaya gedaan en een paar hotels van het internet af geplukt. Dat lijstje is mijn leidraad op zoek naar een slaapplaats, en naar die hotels zou ik eerst op zoek gaan. Eenmaal boven de grond in het felle zonlicht slaat de angst me om mijn hals. Ik kan geen touw vastknopen aan de omgeving en van een herkenning is helemaal geen sprake. Ik ben verloren en verdwaald midden in een betonnen jungle met miljoenen mensen. De winkelcentra gaan hier naadloos in elkaar over en een gewone straat kan ik niet vinden.
“Chinatown” dus, suf van de slaap loop ik rond in de winkelcentra en ik kan niet meer denken. Ik weet het gewoon niet meer. Eenmaal terug in koelte van de metro wordt mijn belevingswereld kleiner en weer overzichtelijker. De koelte en schemer van de ondergrondse schenkt me een innerlijke rust. Hier zou ik zo de nacht kunnen doorbrengen! Maar ik realiseer me ook dat dit niet de oplossing is. Mijn rugzakken worden met de minuut zwaarder en ik krijg het gevoel dat ik onder hun last ga bezwijken als ik niet snel met een oplossing kom. Weer omhoog, terug naar buiten en snel een taxi in. Binnen een paar minuten heb ik er een gevonden. Deze brengt mij in een flits naar het hotel dat ik voor ogen heb. Voor een paar euro lijk ik gered.
Het eerste hotel vraagt gewoon de dubbele prijs van wat ze adverteren! Ik ben geen stap verder gekomen dus moet ik weer op zoek naar een ander hotel. Mijn shirt kleeft ondertussen kletsnat op mijn uitgeputte lichaam. Ik loop richting het volgende hotel op mijn lijst wanneer ik pal naast het "New Park Hotel" een klein chinees hotel zie. Ik zal en moet het bekijken! En het was de moeite waard. Mooie, maar kleine, schone kamers. € 22,- p/n, een koopje in Singapore.
Aan de receptie van het hotel voel ik al welk gat in de markt hier wordt gevuld. Prostitutie mag dan officieel verboden zijn in Singapore maar een hotel boven twee massage salons, een Thaise en een Chinese, trekt mijn wenkbrauw omhoog. Maar óf het me wat kan schelen? Zolang ze ’s nachts niet schreeuwen vind ik alles goed. Ik sleur mezelf uit de lift naar kamer 414.
Ik lig uren op mijn bed en probeer de batterij weer op te laden voor vanavond. Gelukkig liggen er twee koude flesjes drinkwater in de kleine koelkast. De middag breng ik door half in slaap en half in trance. Ik slaap met mijn ogen open. Mijn vermoeidheid doet pijn, veel pijn. Maar het ergste is nog de twijfel, de onzekerheid. Die was nergens voor nodig! Ik moet opnieuw leren om ten aller tijden de rust te bewaren en niet in paniek te raken.
Indiase maaltijd bij Khansama Tandoori RestaurantIndiaase invloeden Eenmaal opgeladen slenter ik aan het einde van de middag de stad in. Het Chinese hotel ligt aan de rand van “Little India”, een naam die ik niet hoef uit te leggen. Ik ben uitgerust en geniet met volle teugen wat mijn netvliezen naar mijn hersenen sturen.Een mooi Indiaas maal met een paar blikjes frisdrank vullen mijn lege vermoeide lichaam. De batterijen zijn weer vol en ik heb zin in een avondwandeling door de zwoele avondlucht.
De geur van wierook vermengd met specerijen, de kruidnagel sigaretten en de overal aanwezige muziek van de Bollywood films. Klein India, een bijzondere wereld in een bijzondere stad.
De Skyline achter de "Singapore Padang" Ik loop en loop en herken steeds meer van mijn omgeving. De stad uit mijn eerdere bezoeken wordt weer zichtbaar en is herkenbaar.
The Arts HouseAsian Civilisations Museum
Raffles Landing Site
RijsthandelarenThe Quay's Ik slenter langs de rivier en drink een ijskoude cider in de “the Penny Black”, een lokale kroeg in het toeristengebied. Ik maak het niet te laat op deze zwoele avond. Ik ben nog steeds vermoeid en heb een goede nachtrust nodig. De taxichauffeur legt me netjes uit dat de tarieven om middernacht zullen veranderen, ze gaan wat omhoog. Dat is voor deze keer niet belangrijk. Voor nog geen tien euro sta ik weer voor mijn hotel. Morgen lekker vroeg op.
Copyright/Disclaimer