Foto's verhuizen en herschrijven

Enkele jaren geleden heeft Google de stekker uit Picasa getrokken en tot nu toe ondervind mijn blog daar nog steeds problemen van. Omdat ik voorlopig toch niet meer op reis ga ben ik de verhalen uit 1999 aan het herschrijven en de foto's aan het verhuizen naar Flickr. Veel leesplezier met mijn avonturen van alweer ruim 18 jaar geleden!

vrijdag 2 juli 2010

Nederland: Alweer over de helft

Zaltbommel

Ik kijk nu niet meer terug maar vooruit naar de komende jaarwisseling. Ik heb nog een paar lopen de projecten waar ik nu graag een einde aan wil breien. Het meest belangrijke is toch het boek waar ik aan werk. Regelmatig wordt me gevraagd hoe het er mee staat en wanneer het in de winkel ligt.
En dat is moeilijk!
Schrijven is niet als een muur schilderen maar meer als een schilderij schilderen. Je moet inspiratie hebben en je hoofd moet volledig leeg zijn om jezelf zo goed mogelijk in de personages van je boek te kunnen inleven. En zo voel ik me nu, gelukkig. Hierbij dus het eerste hoofdstuk zoals ik het bijna klaar heb. Voor serieuze aan en/of opmerkingen (met naam) hoor ik graag.

Die van mij is anders, eerste hoofdstuk.

Steef

Als je Steef in zijn geboortedorp of in de stad zou tegenkomen dan zou je niet naar hem op of omkijken. Mannen zoals Steef lopen er honderdduizenden rond in Nederland. Schoenen van de BATA, een donkerblauwe spijkerbroek, een wit T-shirt met daarover een licht gekleurd overhemd met lange mouwen. Hij werkte al meer dan twintig jaar in dezelfde fabriek en hij woonde nog bij zijn moeder thuis. Hij had er wel eens over nagedacht om op zichzelf te gaan wonen maar ze hadden het goed samen! Steef hielp zijn moeder met de zwaardere huishoudelijke werkzaamheden en zijn moeder kookte zijn eten en deed voor hem de was.
Steef was een zeer toegewijde arbeidskracht! Ziek was hij nooit, en de voorman wist dat hij altijd op Steef kon rekenen als er moest worden overgewerkt. Doordeweeks dronk hij bijna nooit en lag altijd voor twaalf uur op bed. Zelfs op zondag ging hij meteen na studio sport naar zijn kamer om nog wat te lezen. Maar toch kon Steef dat extraatje altijd goed gebruiken.
In de weekenden was Steef een drukke man. Hij was lid van de klaverjas en de visclub waar hij ‘s winters en zomers elke zaterdag mee bezig was. Doordeweeks was hij ook reservespeler bij de biljartclub van ‘het Witte Paard, zijn stamcafé. Steef had er wel een hekel aan als hij onverwacht werd opgeroepen om in te vallen. Het kwam nooit echt ongelegen maar hij ging voor zijn gevoel dan te laat naar bed. Zijn werk leed er ook niet onder maar Steef was een man van regelmaat!
‘Waarom stop je dan niet met die biljartclub?’, had zijn moeder hem al vaak gevraagd als hij weer boven zijn avondeten zat te mokken.
‘De feestavonden zijn altijd zo gezellig!’, had hij dan steevast geantwoord.
‘En daarom blijf jij lid van die vereniging?’, hoofdschudde zijn moeder dan afkeurend.
Eenzaam was hij nooit want hij was ook een goede bekende in het dorpscafé en hij stond ook altijd voor een ander klaar als er ergens geklust moest worden.
Maar zijn enige echte liefde was Feyenoord. Sinds zijn vader hem als kleine jongen mee naar “de Kuip” had genomen was zijn hart rood/wit/zwart geweest. Zijn Feyenoord was hem alles. Steef had al een seizoenkaart voor zijn ploeggie zo lang hij zich kon herinneren en hij sloeg geen thuis-wedstrijd over, inclusief de Europacup wedstrijden. Toen hij nog jong was had hij samen met een paar vrienden uit het dorp in een oude “Simca 1000” heel Europa doorkruist om ook de uitwedstrijden van Feyenoord in verre vreemde landen te bezoeken. En dat had hem klauwen vol met geld gekost. Maar als hij getrouwd was geweest dan had hij dat wel uit zijn hoofd laten.
Tijd voor een vriendin had hij toen nooit gehad. Hij was niet moeders mooiste maar er liepen zeker ook nog getrouwde mannen rond die lelijker dan Steef waren. Vroeger, ruim dertig jaar geleden had hij ook wel een paar keer verkering gehad. Op zaterdag en zondag trok hij er dan met een groep vrienden op hun brommers op uit. De meeste kroegen in de buurt van zijn geboortedorp hadden ze wel bezocht. Maar echt serieus was het nooit geworden. Het bleef meestal bij een beetje kussen en samen een frietje met kopen bij de cafétaria.
Maar één keer had hij wel echte serieuze verkering gehad! Helaas had toen had alles tegengezeten. Steef zat een paar maanden zonder werk en geld om te trouwen was er helemaal al niet. Steef was in zijn jonge jaren niet zo’n spaarder! De vader van zijn vriendin vond hem daarom dus maar een nietsnut.
‘Waarom zoek je geen werk?’
‘Hoe moet je mijn dochter onderhouden?’, en meer van die onzinnige vragen kreeg hij elke vrijdag en zaterdagavond tijdens het TV kijken bij zijn vriendin thuis naar zijn hoofd geslingerd.
Steef had echt van haar gehouden en later best met haar willen trouwen. Maar op een zondagavond toen hij terugkwam uit Rotterdam van een voetbalwedstrijd lag er op de keukentafel een witte envelop met zijn naam er op geschreven. Zijn moeder vertelde hem dat zijn meisje die brief vanmiddag voor hem had afgegeven. Ze had tranen in haar ogen gehad en ze kon bijna niet spreken. Steef had de enveloppe met trillende handen geopend en de brief wel tien keer gelezen.
‘Hun verkering was uit!’
Steef kon zijn ogen niet geloven en zijn hele wereld stortte in. Die ouwe van haar zat er zeker achter en dat was een strijd die je moeilijk kon winnen. Steef was strijdvaardiger dan ooit en was vastberaden zijn geliefde terug te winnen. Verder dan een paar keer langzaam langs haar huis rijden was hij nooit gekomen.
Hij had ook nog voor een moment de valse hoop gehad dat het allemaal goed zou komen als hij in de fabriek naast zijn vader kon gaan werken. Zijn vader had een goed woordje voor hem bij de voorman in de fabriek gedaan. Er zou binnenkort een plaats vrijkomen want er ging er één met pensioen.
‘Als je me maar niet voor gek zet jongen!’
‘Dit is een goede kans , pak die met twee handen aan!’, had zijn vader hem goed in de oren geknoopt.
Maar voor zijn verkering en de liefde kwam het allemaal net te laat. Hij had haar later nog wel eens gezien in een disco in een ander dorp. Ze had verkering met een andere jongen die al auto reed. Ze zwaaide altijd een beetje verontschuldigend als haar nieuwe vriendje naar het toilet was.
Een paar jaar later overleed zijn vader aan longkanker en Steef was daar zo van onder de indruk dat hij zelf ook twee maanden met roken was gestopt. Maar zijn moeder had het er veel moeilijker mee gehad. Dus Steef was maar thuis blijven wonen en had voor zijn moeder gezorgd. Ze hadden het altijd goed samen!
Het vaste ritme van oude gewoontes hield ze samen op de been. Woensdag gehaktdag, vrijdags Chinees halen en zaterdags stond er friet met kip op het menu. Zondags was het altijd biefstuk met champignons behalve als Steef naar het voetbal ging, dan was het een feest met Hachee en Rode kool. Vooral als het koud was vond Steef dit een feest. De geur van de hachee hing dan door het hele huis als hij de gezellige warmte van de keuken binnenstapte.Steef had het drie jaar geleden in Thailand, en om precies te zijn in Pattaya, helemaal gevonden. Hij was nu bijna vijftig jaar en had een grijzende beginnende terugtrekkende haarlijn. Zijn onafscheidelijke vriend, een donkerblauwe buidel van Nelle zware shag, was nooit ver te zoeken.
Steef dronk in het weekend graag een flesje Heineken of een beugelfles Grolsch maar op vakantie in Thailand was hij een Singha Beer man. Vroeger had hij wel eens Chang Beer en Leo Beer geprobeerd maar van de eerste kreeg hij de schijterij en van de andere het zuur, hij heeft er zelf nooit bij stilgestaan na hoeveel flessen dit gebeurde. Heineken was hem veel te duur in Thailand en een Thais biertje versterkte zijn vakantiegevoel alleen maar.
Nu Steef op zijn werk een kleine promotie had gemaakt én het hele zomerseizoen had doorgewerkt kon hij met de medewerking van zijn baas één van zijn grootste dromen laten uitkomen. Hij kon voor zes weken aaneengesloten op vakantie naar zijn vriendin in zijn geliefde Thailand.

Hij had daar vorig jaar tijdens zijn zomervakantie in Pattaya een meisje leren kennen die in zijn ogen anders dan de anderen was. De meeste van zijn vrienden waren het daar niet mee eens geweest! Maar zijn meisje, die Mai heette, was wel echt anders! Zij had hem namelijk tijdens zijn vakantie nooit om geld gevraagd en altijd voor hem klaar gestaan. Mai had bijna net zo goed voor hem gezorgd als zijn moeder.
Op de laatste avond van zijn vakantie had Steef, in een dronken bui, zijn meisje beloofd om haar elke maand tweehonderd Euro te sturen. Zo had zij een mooi inkomen en een extraatje voor haar twee kinderen en haar ouders. Ze hoefde dan ook niet in de “Sabai Sabai” massagesalon in Pattaya te blijven werken maar ze kon terug naar haar geboortedorp om voor haar ouders en haar twee kinderen te zorgen.
Het beloofde geld werd niet zo moeilijk met een overschrijving via de bank of met een “Western Union Money Transfer” verstuurd maar gewoon vier biljetten van vijftig Euro in een envelop. Die envelop werd naar een, voor Steef, onbekend adres in Buriram gestuurd.
Buriram is een arme provincie die in het noordoosten van Thailand ligt en waar veel masseuses vandaan komen. Het is een voornamelijk agrarisch gebied waar heel veel “Khao Niao” wordt verbouwd, dat gebied wordt ook wel de Isaan genoemd.
Zijn meisje had persoonlijk op vijfentwintig dikke witte enveloppen met de hand een adres in Thaise krulletjes geschreven, alleen de onderste regel had Steef kunnen lezen, Postcode 31040 Thailand.

Steef zijn moeder wist hier niets van en dat was maar goed ook want ze zou hem meteen voor gek laten verklaren.
‘Welk geestelijk gezond persoon zou er nu elke maand tweehonderd Euro sturen naar een meisje dat je maar één keer per jaar voor een paar weken zag?’, hoorde hij haar in zijn gedachten al zeggen.
Maar Steef mistte die tweehonderd Euro niet eens en het gezin van zijn meisje zou goed kunnen rondkomen van dat geld. Haar twee kinderen konden dan ook nog netjes aangekleed naar school. Er was zelfs nog wat geld over om een telefoonkaart te kopen zodat ze hem af en toe even kon bellen of een SMS kon sturen.
Helaas hoorde hij soms een paar weken niets van haar! Maar zijn meisje had hem verteld dat dat kwam omdat ze een zeer slechte ontvangst hadden met de mobiele telefoon op het platteland. Ze lopen daar namelijk nog een beetje achter vergeleken bij Bangkok en Pattaya.

Op zaterdagmiddag tijdens het klaverjassen in het dorpscafé lachten zijn vrienden hem wel eens uit dat hij zo ver weg aan de andere kant van de wereld verkering had. Maar dat kon Steef niets schelen!
‘Wat wisten zij nu van vrouwen en de liefde!’, dacht hij dan bij zichzelf terwijl hij zelf zijn kaken strak op elkaar hield.
De meeste van zijn vrienden uit de kroeg waren al jaren gescheiden of nog steeds vrijgezel. Grote Dirk had altijd het hoogste woord maar hij woonde zelf nog bij zijn vader en moeder en hij reed op een Zündapp van ruim dertig jaar oud.
Hun omgang met vrouwen was wel heel beperkt. Er was natuurlijk Nelleke, de kantinejuffrouw van de fabriek, en één keer per jaar gingen ze met de biljartclub van het dorpscafé in het paasweekend zeevissen op de wadden bij Den Oever. Aan het einde van de dag was er dan op de terugweg ook nog het traditionele uitwaaien op de wallen in Amsterdam.
Dat was de enige keer per jaar dat ze echt zelf met een vrouw in aanraking kwamen! Na het rondje langs de ramen met de schaars geklede vrouwen werd er dan nog wat bier gedronken bij Bert in “Café Pleinzicht”. Er kon bij elk rondje koud bier één glas minder dan het aantal deelnemers worden besteld omdat er weer een zeevisser op mysterieuze wijze was verdwenen. Op de terugweg van Amsterdam naar het dorp moest de chauffeur van het busje minimaal vijf keer stoppen omdat er weer één moest pissen of braken.
‘Nee, wat wisten die gasten nu van vrouwen en de liefde?’, ze waren gewoon jaloers op hem dat hij een vaste vriendin had.




Ik doe hard mijn best om het zo snel mogelijk af te krijgen, de deadline voor je uit blijven schuiven is ook geen oplossing!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Copyright/Disclaimer

Gratis eboek downloaden/lezen?